Lucia de B., de Haagse verpleegkundige die juni 2004 is veroordeeld voor zeven moorden en drie pogingen tot moord, is erg teleurgesteld over de uitspraak in haar cassatieberoep op dinsdag 14 maart.
De Hoge Raad heeft die ochtend klachten over de bewijsvoering in haar zaak verworpen. Dat betekent dat noch het schakelbewijs, noch het selectieve gebruik van informatie uit de verhoren en van de getuigen-deskundigen, voor de Hoge Raad ter discussie staan.
Wel oordeelde de Raad dat het niet mogelijk is De B. tegelijkertijd levenslang én tbs met dwangverpleging op te leggen, zoals het hof heeft gedaan Het Amsterdamse gerechtshof moet daarom een nieuwe straf uitspreken. Daarbij tekent de Raad aan dat het hof opnieuw onderzoek zal moeten doen naar de toerekeningsvatbaarheid van De B..
Lucia de B. houdt tot op de dag van vandaag vol dat zij onschuldig is. Volgens eerder onderzoek van het Pieter Baan Centrum (PBC) is zij volledig toerekeningsvatbaar, heeft zij geen psychopathische trekken, en een normale gewetensfunctie. De kans dat De B. zich nog een keer laat observeren door de onderzoekers van het PBC, is buitengewoon klein. Ze zal bovendien niet bekennen dat ze terecht schuldig is verklaard.
Aangezien een tbs-behandeling alleen mogelijk is als iemand erkent dat hij schuldig is aan wat hem ten laste wordt gelegd, lijkt tbs voor De B. niet aan de orde.
Buiten dat is de kans nihil dat De B. zich ontoerekeningsvatbaar laat verklaren. Ze heeft er vanaf dag één van haar proces geen onduidelijkheid over laten bestaan dat zij zichzelf onschuldig acht, en helemaal niet gek. De feiten die inmiddels in haar zaak zijn verzameld en naar buiten gebracht, geven meer steun aan háár opvatting dan aan die van de rechters die haar veroordeelden.
Conclusie: terwijl buiten de rechtszaal de twijfels over haar veroordeling met de dag groeien, mag het hof de bewijsvraag niet opnieuw onderzoeken en is de kans groot dat Lucia de B. (1961) straks een levenslange gevangenisstraf krijgt opgelegd. En levenslang is in Nederland écht je leven lang. De B. moet nu wachten op een novum, een nieuw feit, in haar zaak. Pas dan kan die heropend worden. Waarom de Hoge Raad niet zelf het besluit heeft genomen om de strafmaat te veranderen, is onduidelijk. De verwijzing naar het hof van Amsterdam met de expliciete toevoeging dat niet gekeken mag worden naar de bewijsvoering, maakt een verdere procesgang buitengewoon gecompliceerd.
Je reactie wordt geplaatst zodra deze is goedgekeurd. Je reactie is geplaatst.