In Europa doen ze zo vrouwelijk, en vrouwelijk, dat wil de Britse man hoe dan ook niet zijn.

Mijn vriend Joe werkt als barman in Peterborough, een slaapstadje van Londen in het zuidoosten van Engeland. Peterborough heeft een redelijk diverse bevolking, er wonen bijvoorbeeld relatief veel Oost-Europeanen, die er werk vinden in voorraadmagazijnen van internetwinkels of op de nabijgelegen akkers. Het is ook een stadje waar journalisten graag heen gaan als ze een ongenuanceerde mening van een passerende boze witte Brit nodig hebben. Eénenzestig procent stemde er voor Brexit.

Zoals bijna iedereen die in de horeca werkt, klaagt Joe graag over de eigenaardigheden van zijn clientèle. Zo bestelde een gast een Peroni (Italiaans bier), maar deinsde hij terug toen hij zag dat het in een bol glas op een voetje kwam. ‘Kun je het niet overgieten in een wat mannelijker glas?’, vroeg hij. Een andere gast vroeg om een gin-tonic, wat voor zijn bierdrinkende vrienden een reden was hem de rest van de avond aan te spreken als the lovely lady. ‘Stel je voor dat je mannelijkheid je zo in de weg zit dat je niet eens van een drankje kan genieten’, zei Joe.

Nu vind je in ieder land andere regels voor wat mannelijk is, en wat niet. Hoe een echte man zich hoort te gedragen, wat hij eet en drinkt, hoeveel fysiek contact hij mag maken met andere mannen. In Frankrijk drinken bouwvakkers rustig een elegant glaasje kir aan de bar, zonder dat iemand ze daarom madame zal noemen. In Nederland heerst in veel kringen nog een vrij strikte bier-wijn tweedeling (al dan niet in stand gehouden door het onnavolgbare gerucht dat het gist in bier je een stinkende vagina kan bezorgen), maar het vaasjesformaat waarin Nederlandse mannen bier drinken geldt in het Verenigd Koningkrijk weer als een drankje voor doetjes.

De keuze voor Brexit was een keuze voor een bepaalde opvatting van wat mannelijkheid is.

Vroeggeboren seksisme

De Engelse mannelijkheid kenmerkt zich door een wantrouwen jegens alles wat van het Europese vasteland komt. Of het nou een Italiaans bierglas op een pootje of een Frans kaasplankje is, voor een Engelsman is het vrouwelijk en verdacht, ‘la-dee-da’, onnodige luxe voor weekhartige schuimpjes. Dit is geen nieuw verschijnsel: in het boek Fashioning Masculinity: National Identity and Language in the Eighteenth Century (1998) beschrijft Michèle Cohen hoe met name Frankrijk het moet ontgelden als verwijfde ‘ander’ waartegen de Engelse man zich diende af te zetten. Het Frans was de taal van diplomatie en politiek, een taal die gesproken werd om toehoorders te vermaken en te verleiden, en tegen het eind van de 18e eeuw werd dat in Engeland als een triviale, vrouwelijke kunst gezien. Een goeie Engelsman hield zich niet bezig met mooie praatjes, die peinsde zwijgend over de echt belangrijke zaken van de wereld. Vanaf die tijd werd Frans dan ook voornamelijk aan meisjes onderwezen; Engelse jongetjes mochten hun superieure intellectuele vermogens botvieren op Latijnse naamvallen.

Dat anti-Europese seksisme onder Britse mannen lijkt zich te vertalen in hun keuze voor Brexit (een overwegend mannelijk woord overigens, behalve in… het Italiaans). De mannen stemden over het algemeen leave, terwijl de Britse vrouwen met een kleine meerderheid remain stemden (bron: Ipsos). En het is niet voor niets dat de Brexitonderhandelingen geplaagd worden door het tentoonspreiden van hypermannelijk gedrag, waarbij borstklopperij en verbeten afstevenen op een doemscenario wenselijker worden gevonden dan een werkzaam compromis. Immers, welke zichzelf respecterende man schaart zich achter iets dat soft Brexit heet?

Giftige mannelijkheid, zoals de verwarde stuiptrekkingen van een genderrol die niet langer bij de wereld past ook wel wordt genoemd, is een term die vaak klinkt als het gaat over et succes van Donald Trump, galspuwende internettrollen, de gruwels van IS en marcherende neo-nazi’s.

Allemaal terecht – maar het begint bij een man die zich de hele avond opgelaten voelt omdat hij zijn bier in een glas met een voetje kreeg.