Wie aan ballonnen denkt, denkt aan feest. Aan een kamer vol slingers, gekleurde ballonnen en kinderen die gulzig taart eten. Of aan een kasteel waar een huwelijkspaar net na het moment suprême tientallen witte ballonnen de lucht in laat gaan. Of aan de McDonalds, waar een volgegeten kleuter vrolijk naar buiten loopt met een ballon op een plastic stokje.

Maar die ballonnen leiden wel tot ellende. Over de hele wereld komen er miljoenen in zee terecht: alleen in de Noordzee zijn het er al 230.000 per jaar. Ze kunnen eindigen in de magen van zeevogels. Op het internet staan dramatische filmpjes waarin uit de maag van een noordse stormvogel een stukje witte ballon tevoorschijn komt en een buizerd aan een rode ballon knabbelt. En dus wil Brussel de ballon aan banden leggen.

Of liever gezegd: de Europese Commissie wil het plastic stokje waarop de ballon vastzit verbieden. Ook moeten ballonproducenten gaan meebetalen aan het opruimen van de plasticsoep in de oceanen en wordt een etiketteringsverplichting ingevoerd. Op de verpakking moet staan aangegeven hoe de consument ballonnen moet opruimen en wat de negatieve effecten op het milieu zijn als dat niet gebeurt.

Ontmoedigingsbeleid

De ballon, dat moge duidelijk zijn, is net als het wegwerpbestek, het wattenstaafje en het plastic bekertje uit de gratie in Brussel. Doel van de in mei van dit jaar aangekondigde maatregelen is om de tien producten die het vaakst als plastic zwerfafval in zee worden aangetroffen, sterk terug te dringen. Ballonnen en ballonstokjes staan in die top tien op de negende plaats, aldus de Commissie.

Op 10 oktober stemt de milieucommissie van het Europees Parlement over de voorstellen, waarna twee weken later het Europees Parlement zijn stem uitbrengt. Wanneer het vervolgens in de Europese Raad van Ministers wordt behandeld is onduidelijk; dat zou wel eens het einde van het jaar kunnen worden.

Bij strandafvalmetingen van Rijkswaterstaat staan ballonnen en sierlinten steevast in de topvijf.

De doorbraak in Brussel komt na een jarenlange lobby tegen single use products als wegwerpplastic en ballonnen. Milieuorganisaties benadrukken de grote hoeveelheid gekleurde latex die door ballonnen in de natuur belandt. Zo is in Nederland Stichting De Noordzee actief om het aantal ballonnen dat tussen het zeeleven in het water belandt terug te dringen. Bij strandafvalmetingen van Rijkswaterstaat staan ballonnen en sierlinten steevast in de topvijf.

‘Ballonnen horen niet thuis in de natuur,’ zegt Marijke Boonstra van Stichting De Noordzee, die al jaren ijvert voor het verbieden van het oplaten van grote hoeveelheden ballonnen bij evenementen. Met succes, want de Tweede Kamer nam in 2014 een motie van de Partij voor de Dieren aan waarin gemeenten werden opgeroepen dit soort activiteiten actief te ontmoedigen. En die oproep vindt steeds meer gehoor. Zo stelden de afgelopen maanden meerdere Waddeneilanden een verbod in. In totaal is inmiddels in een kwart van de gemeenten een verbod gekomen of een ontmoedigingsbeleid ingevoerd.

Beeld van een tros ballonnen
Foto: Sem Presser/Maria Austria Instituut/HH

Op Koningsdag bijvoorbeeld. Tot een paar jaar geleden werden door Oranjeverenigingen overal in het land op het hoogtepunt van de dag ballonnen opgelaten. Ook dat moet maar eens afgelopen zijn, vinden milieuactivisten. Dat het er bij die strijd niet altijd zachtzinnig aan toe gaat, blijkt wel uit de melding van een niet nader genoemd lid van een niet nader genoemde Oranjevereniging die zich zo bedreigd voelde door anti-ballonactivisten dat de vereniging extra beveiliging had ingehuurd.

Half september maakte de Koninklijke Bond van Oranjeverenigingen bekend het oplaten van ballonnen ‘niet meer passend’ te vinden.

Vlak voor Koningsdag van dit jaar zat Stichting De Noordzee samen met branchevereniging De Groene Ballon – zo heten ze echt – om de tafel met de Koninklijke Bond van Oranjeverenigingen (KBOV). Vooraf gaf de voorzitter zich in het NOS Radio 1 Journaal niet meteen gewonnen. ‘Het oplaten van ballonnen doen we al sinds mensenheugenis. Daar gaan we het over hebben.’

Uit het overleg kwamen geen concrete plannen, maar er zit nu toch schot in de zaak. Half september maakte de KBOV bekend dat ze na overleg met de achterban tot de conclusie was gekomen het oplaten van ballonnen ‘niet meer passend’ te vinden. Een belangrijke doorbraak voor de anti-ballonlobby in Nederland.

Opgeblazen rood hart

Ook bij het winkelend publiek is de minder feestelijke kant van de ballon doorgedrongen, zo blijkt uit een volstrekt niet representatieve steekproef bij ballonnenwinkel Party Balloon – bij de entree vanzelfsprekend een boog met roze, witte en lila ballonnen – op de Rozengracht in Amsterdam. Amsterdam was de eerste stad waar het oplaten van ballonnen werd verboden.

‘Maar echt, we gaan ervoor zorgen dat die ballon niet in de natuur terechtkomt.’

Studente Laura (26) heeft in het weekend een surpriseparty in haar tuin, vertelt ze als ze met lege handen naar buiten komt. Even heeft ze geaarzeld over de glimmende metallic ballonnen en de met helium gevulde unicorns. Maar: ‘Het leek me toch niet zo’n goed idee, want er blijven altijd resten liggen.’

Ook Philip (43) is zich bewust van de milieubelasting van de ballon, vertelt hij. Ja, hij heeft een opgeblazen rood hart met de tekst ‘I love you’ in zijn tas. Gekocht voor zijn vriendin, die hij de dag erna ophaalt van Schiphol. ‘Maar echt, we gaan ervoor zorgen dat die ballon niet in de natuur terechtkomt.’

Kop van Jut

Europa, de Tweede Kamer, gemeenten, consumenten, en zelfs de manager van Party Balloon snappen dat het anders moet. De verliezers zijn vooralsnog de producenten. Maar de oorlog om de ballon is nog niet voorbij.

Geloof niet alles wat je leest, staat te lezen op de website balloonfacts.com, die doorverwijst naar partysafe.eu, een actiewebsite van de branchevereniging European Balloon & Party Council (EBPC). Ballonnen en stokjes zijn volgens de website níét een van de tien meest gevonden soorten zwerfafval in zee. De ballon is volgens de site ‘a fun loving product’ dat ‘endless joy’ brengt aan miljoenen mensen rond de wereld.

In een persbericht dat eerder dit jaar werd verspreid, stelt de organisatie dat als ballonnen en plastic stokjes worden opgenomen op de lijst van verboden single use plastics, dit leidt tot vergaande consequenties voor de vijftienduizend mensen die in de ballonindustrie werken. ‘Het zou verwoestend zijn voor de industrie en zijn werknemers zonder dat er sprake is van enige meetbare milieuwinst.’

‘Een ballon is gemaakt van rubber, een natuurlijk product, niet van plastic zoals veel mensen denken. Waarom is het dan toch een speerpunt bij het aanpakken van zwerfafval?’

‘We zijn al jaren de kop van Jut,’ zegt Alex Adrichem, voorzitter van de EBPC. Adrichem heeft het niet over vijftienduizend werknemers, maar over 6500, en weer later over 21 duizend – het lijkt er dus op dat de branche niet precies weet hoeveel mensen er werkzaam zijn. Van achter het raam van de vergaderzaal kijkt hij uit over de enorme loods waarin stapels pallets met dozen staan, sommige verpakt in plastic folie. Het is het distributiecentrum van zijn bedrijf Folat, waarmee Adrichem allerlei feestartikelen ontwerpt, produceert en verkoopt in 37 landen.

Waarom, zo beklaagt de voorzitter zich, liggen hij en zijn collega’s zo onder vuur en is de kwestie zelfs op de voorpagina’s van de kranten beland? Waarom wil nu ook de Europese Commissie de ballon aan banden leggen? ‘De ballon is biologisch afbreekbaar,’ zegt Adrichem. ‘Een ballon is gemaakt van rubber, een natuurlijk product, niet van plastic zoals veel mensen denken. Waarom is het dan toch een speerpunt bij het aanpakken van zwerfafval?’

Daarop pakt de EBPC-voorzitter uit zijn map een aantal papieren en legt ze in een waaier op de lange beige tafel. Het is een eerder onderzoek van het onderzoeksbureau van de Europese Commissie, waarin ballonnen en plastic stokjes op plek 21 van gevonden zwerfafval op stranden in heel Europa staan. ‘Data worden uit hun verband getrokken, terwijl er veel grotere oorzaken voor de plasticsoep. Dat voelt wrang.’

Overigens staan de ballonnen in het onderzoek dat Adrichem aanhaalt wel in de top tien als het alleen om de Noordzee gaat. In een reactie laat een woordvoerder van de Europese Commissie weten dat het voorstel is gebaseerd op twee studies die verschillende categorieën gebruiken. ‘Daardoor duiken ballonnen wel op in de top tien van de ene studie, en niet in die van de andere.’

Schildpadden

Adrichem windt zich ook op over de manipulatie van de cijfers door Stichting De Noordzee. Deze zomer organiseerde de stichting een opruimtour langs de Nederlandse kust. Op sociale media werd de opbrengst enthousiast gedeeld: maar liefst elfduizend kilo zwerfafval werd opgeruimd, waarvan 4896 ballonresten. Volgens Adrichem laat dit voorbeeld zien hoe milieuorganisaties de cijfers naar hun hand zetten.

Een baby in een kinderwagen kijkt naar een tros ballonnen
Foto: Kees Scherer/Maria Austria Instituut/HH

‘Die ballonresten staan gelijk aan zo’n vijftien kilo,’ zegt hij. ‘Dat is ongeveer 0,0001 procent van het gevonden zwerfafval! En ja, het ís zielig als dieren doodgaan door het opeten van ballonnen of als ze verstrikt raken in het lint van een ballon. Dat willen wij ook niet. Maar voor de duidelijkheid, dat komt bijna nooit voor. Uit onderzoek dat teruggaat tot 1885 zijn maar zes gevallen bekend waarbij een ballon de doodsoorzaak was.’

Of er daadwerkelijk veel dieren doodgaan door ballonnen blijft door de verschillende uitkomsten van verschillende studies onduidelijk.

Maar hier manipuleert Adrichem zelf de cijfers. Nadere lezing van het in 2015 verschenen ‘risk assessment’ van de EBPC waarop Adrichem zijn uitspraken baseert, leert dat er geen enkele wetenschappelijke waarde aan kan worden toegekend. En Adrichem haalt ook hier getallen door elkaar. Onder punt 5.1.3 van het rapport staat te lezen dat uit door de EBPC geraadpleegde autopsierapporten (onbekend is uit welk land) blijkt dat in de organen van 138 van 408 schildpadden plastic is aangetroffen. En dat dit bij twaalf schildpadden tot de dood zou hebben geleid. Die cijfers zouden de periode tussen 1885 en 2007 omvatten –  daar komt dus dat jaartal 1885 vandaan.

Of er daadwerkelijk veel dieren doodgaan door ballonnen blijft door de verschillende uitkomsten van verschillende studies onduidelijk. Adrichem schermt met onderzoek uitgevoerd in opdracht van de Britse overheid waarin staat dat ballonnen weinig impact hebben op het zeeleven, maar aantallen ontbreken. Boonstra van Stichting De Noordzee komt op haar beurt met een wetenschappelijk onderzoek waarin ballonnen juist wél als groot gevaar voor zeevogels, schildpadden en zeezoogdieren worden genoemd.

Prik ’m lek

Overigens vindt ook Adrichem dat ballonnen niet in de natuur thuishoren. Maar hé, daar zijn ze bij de EBPC volop mee bezig, zo benadrukt hij. Daar hoeft helemaal geen regelgeving voor te komen, want dat kan de sector toch zelf oplossen? Vorig jaar, zo vertelt Adrichem, is door de branchevereniging de Don’t let go-actie opgezet. De organisatie heeft onder producenten en winkeliers symbolen verspreid van een hand die een ballon loslaat met een rode streep erdoor. ‘Veel leden hebben al belangstelling voor het symbool,’ zo valt op de website partyworldwide.net te lezen.

Voor de acties is aandacht gevraagd via het Twitteraccount van de European Balloon & Party Council. Het account heeft 126 volgers.

Verder is er op de website partysafe.eu, in eigendom van de European Balloon & Party Council, een stappenplan gepubliceerd hoe de ballon veilig en verantwoord te gebruiken. ‘Stap 6: laat de ballon niet gaan, prik ’m lek en gooi ’m weg. Wees een milieuheld!’ Voor de acties is aandacht gevraagd via het Twitteraccount van de EBPC. Jammer genoeg hebben maar weinig consumenten ervan gehoord: het account heeft 126 volgers.

De lobbyisten van de EBPC hebben een interne ‘Engagement Toolkit’ online gezet met tips en tricks voor de leden. ‘Vraag om een-op-een-ontmoetingen,’ staat er te lezen. ‘Ga zo snel mogelijk aan de slag en als je eenmaal contact hebt, probeer dan een vervolg te geven door een mail te sturen of te vragen om een volgende afspraak.’ Het doel is duidelijk: ballonnen en de stokjes horen niet thuis in de top tien van in zee gevonden zwerfafval, daarvoor is geen bewijs, en dus moeten ze van de lijst af!

Maar of ze veel indruk zullen maken bij de ambtenaren in Brussel, de vertegenwoordigers van de 27 lidstaten en de Europarlementariërs, is zeer de vraag. Bij Bas Eickhout, politicus van GroenLinks en namens de Europese Groenen lid van de milieucommissie, zijn ze in elk geval aan het verkeerde adres. ‘Wij willen het bereik van de richtlijn juist verder uitbreiden, en pleiten bijvoorbeeld voor een verbod op het cellofaan om sigarettenpakjes,’ laat hij weten.

Over de auteur

Jari Goedegebuure (1994) is stagiair bij Vrij Nederland. Hij studeert aan de School voor Journalistiek en schrijft vooral over de gevolgen van het moderne leven. Eerder schreef hij voor Het Parool en VICE.