Wie een vriend of kennis van Peter Vos (1935-2010) was, kon zich gelukkig prijzen: die kreeg van tijd tot tijd een envelop met daarin een handgeschreven brief die bovendien geïllustreerd was. Meer dan honderdvijftig van zulke brieven zijn nu uitgegeven in een adembenemend boek.
Toen de latere uitgever van De Arbeiderspers Theo Sontrop eind jaren vijftig nog brieven sorteerde op het postkantoor van Amsterdam, herkende hij op een dag een met vogels versierde envelop als afkomstig van Peter Vos, net als hij nog niet zo lang geleden leerling van het St Bonifacius Lyceum in Utrecht. Sontrop zat in de redactie van het studentenweekblad Propria Cures, Peter Vos studeerde aan de Rijksacademie. Sontrop vond dat het blad wel een vaardig en geestig tekenaar als Peter Vos kon gebruiken. In die redactie zat ook Rinus Ferdinandusse, die niet lang daarna redacteur van Vrij Nederland werd. Ferdinandusse vond dat het weekblad wel een extra vrolijke noot kon gebruiken en vroeg Peters getekende medewerking aan de satirische rubriek ‘Vrij Blijvend’. Peter illustreerde niet alleen de bijdragen van Rinus en medewerkers als Hugo Brandt Corstius, hij tekende ook zelfstandige cartoons.

Een tekenende ornitholoog
Aan de vogels die Sontrop bekend voorkwamen, kon je later het werk van Peter Vos herkennen. Hij ontwikkelde zich tot een tekenende ornitholoog die van elke vogel de Latijnse naam wist en kon aanvullen met ‘ornitholullekoek’. Als het even kon, tekende hij vogels die menselijke dingen aan het doen waren. Zoals vogels die brieven schrijven met in een vleugel een eigen veer als pen.
Er lopen paarden door een brief, er ligt een dode mol aan het begin en een aan het eind. Reigers pikken letters uit het handschrift. Een specht staat met zijn snavel te hakken op de letter A.
Brieven schrijven was voor Vos vaak een alibi om vrij te kunnen tekenen, even zonder opdracht. Dat wordt snel duidelijk bij het zien van de meer dan honderdvijftig wonderbaarlijk met tekeningen versierde brieven die Eddy de Jongh en Jan Piet Filedt Kok onder de titel Getekende brieven hebben geselecteerd uit meer dan duizend brieven, getekend en geschreven tussen 1952 en 2005. Er bestaan wel boeken met geïllustreerde brieven van kunstenaars, maar een boek als dit bestaat niet: elke pagina die je opslaat is een verrassing. Vos maakte van zijn brieven visuele kunstwerkjes. Elke brief is anders: hier een mus die midden op zijn zorgvuldige handschrift zit, daar een figuur uit de commedia dell’arte, hier een kleurig landschap gezien vanuit de trein. En dan een brief waarin wel tien vogels door het handschrift vliegen. Een brief met een zwerm spreeuwen in een boom. Brieven die je vier keer vijfenveertig graden moet draaien om verder te kunnen lezen. Brieven geschreven in de vorm van de vleugels van een vogel. Een brief heeft de vorm van een man van wie de kruin het begin van de brief is: ‘Kijk het zit min of meer zó. Mijn geld raakt opper en opper.’ Er lopen paarden door een brief, er ligt een dode mol aan het begin en een aan het eind. Reigers pikken letters uit het handschrift. Een specht staat met zijn snavel te hakken op de letter A. Twee konijnen staan zomaar tussen de regels te zoenen. Een mens met een vissenhoofd steekt wanhopig zijn armen in de lucht. Een brief aan Rinus Ferdinandusse waarin de letter V tot illuster briefhoofd is gepromoveerd maar de letter in de brief zelf ontbreekt. Menige brief begint met een versierde letter. Steeds hetzelfde is alleen het einde van iedere brief: Vos’ handtekening in de vorm van een getekende pulcinel, een figuur uit de commedia dell’arte.


Getekende brieven
Peter Vos heeft zijn drang tot tekenen eens vergeleken met het nagelbijten van anderen. Een dwanghandeling, maar verricht met kalme concentratie en met een fantasierijke uitkomst.
In de jaren vijftig beleeft hij ‘een van hiaten voorziene romance’ met een meisje dat niet erg schrijverig is. Zijn aansporing toch eens te schrijven besluit hij met ‘Ik zal tekeningen terugschrijven’. Vandaar ‘getekende brieven’. Maar dat wil niet zeggen dat het geschrevene zelf bijzaak is. Net als tekenen kon Vos schrijven als de beste. Hij schreef rustig pagina’s vol in zijn zorgvuldige handschrift. Hij kon in de brieven aan die niet erg meegaande geliefde aardig vileine zinnen schrijven: ‘Voor twee die voor elkaar bestemd zijn, gedragen we ons over het algemeen wel iets te ontwijkend.’ Of: ‘Hoe lang zullen we elkaar nog mislopen?’ En: ‘Tot weet iemand wel wanneer?’
Verliefdheden
De geselecteerde brieven lijken gericht aan een aardige doorsnee van de mensen die er toe hebben gedaan in Vos’ leven. Verliefdheden of geliefden als Jes van Vonderen, Florrie Hillenius, Fritzi Harmsen van Beek, Ninon le Grand, Anneke Bakkum en, de duurzaamste, Saïda Lokhorst. Schoolgenoten als Louis Andriessen, Willem den Ouden en Theo Sontrop. Vrienden onder uitgevers en tijdschriftredacteuren als Geert van Oorschot, Jaco Groot, Rinus Ferdinandusse en Bert Poll (van het Hollands Maandblad). Er zijn schitterende brieven aan Renate Rubinstein (‘een soort zusje’), bij wie hij terecht kon toen zijn huwelijk op de klippen liep en in wiens buitenhuisje in België hij regelmatig kon werken. Aan het begin van een brief aan Renate tekent hij twee mussen die op een biljart met een biljartkeu tussen hun pootjes een gesprek voeren. En de brieven aan zijn zoon Sander, met wie hij lange tijd elke zondag ging tekenen in Artis.
Onbegrijpelijke vogels
Het is niet goed voor te stellen, maar Vos twijfelde regelmatig aan zijn tekentalent. Hij is al zeventig wanneer hij schrijft dat hij nog eens echt goed wil leren tekenen.
Aan dat talent werd door anderen al vroeg niet getwijfeld. Omdat hem door Openbaar Kunstbezit gevraagd is om over twee tekeningen van Peter Vos een radiopraatje te houden, vraagt Eddy de Jongh hem in 1963 wat biografische gegevens. Peter antwoordt hem met een brief van dertien kantjes. Onbekommerd vertelt hij over zijn katholieke opvoeding, zijn vader (‘in het begin van deze brief nog in leven’), waarom hij tekent (‘Dus teken ik dingen, die ik wil bezitten’), dat er altijd wel ‘iets litterairs’ in zijn tekeningen zit en dat hij niet erg op originaliteit staat. Hij tekent graag iets dat vliegt en is zich ervan bewust dat hij daarmee in het vaarwater van Freud terecht komt. Hij tekent ook graag ‘onbegrijpelijke vogels’.

Tekenpoëtica
In de brief aan Eddy de Jongh zit al veel van Vos’ latere tekenpoëtica. In de vaak warrige en onzekere brieven aan stroeve geliefden blijft zijn liefdespoëtica vaak onduidelijk. Maar in brieven aan Saïda Lokhorst (soms ondertekent met ‘Lokvos’) ontpopt, die zich onmiskenbaar wanneer hij schrijft: ‘Hoeveel eigenschappen zou een mens hebben? Wel meer dan honderd, denk je niet? Die vormen een kartelrand aan zijn geest, en als hij zich bij een ander mens wil neerleggen, moeten die randen in elkaar passen alsof een in tweeën gescheurd papiertje weer heel wordt. Vandaar, dat ’t zo weinig voorkomt en vandaar, dat we onze handen dicht moeten knijpen (ook die passen goed in elkaar). Dat realiseer ik me dagelijks en schrijf ’t op, nu je voor de vijfde keer jarig bent.’


Na een kroegentocht
Tot Vos’ tekenpoëtica behoorde zijn overtuiging dat hij het beste tekende wanneer hij twee ‘bedwelmingen’ in zijn borst had. Wanneer hij dubbel enthousiast was. De ene bedwelming ontleende hij aan een uitspraak van Cyril Connolly in The Unquiet Grave: ‘The reward of art is not fame or success but intoxication.’ De andere bedwelming was verliefdheid. Lange tijd was drank een derde mogelijke bedwelming, maar daar was niet mee te werken: ‘Je moet telkens wachten na een kroegentocht tot je hand weer rustig genoeg is om je koele lijnen te zetten.’ En dat was waar het om ging: geen dag zonder getekend te hebben. Nulla dies sine linea, ook niet in brieven.
Getekende brieven door Peter Vos, ingeleid en geannoteerd door Jan Piet Filedt Kok, Eddy de Jongh met medewerking van Saïda Vos, is uitgegeven door Rubinstein.
In Gemeente Museum Den Haag is van 11 februari tot 21 mei de tentoonstelling De jonge virtuoos Peter Vos. Grafiek, tekeningen en getekende brieven 1952-1970.
Je reactie wordt geplaatst zodra deze is goedgekeurd. Je reactie is geplaatst.