#YEEZYxJOEP. Ook Kanye West is fan van het werk van Joep van Lieshout, hij vloog ervoor naar Nederland afgelopen week. Kleis Jager sprak de kunstenaar in 2013. ‘Vrijheid is “ontzettend belangrijk” voor Van Lieshout. En eten en seks.’

De linke kant van Marseille, een havenstad net als zijn woonplaats Rotterdam, daar wilde hij graag meer van weten.

Een Duitse vriendin die er al jaren woont nam Joep van Lieshout kortgeleden mee voor een tocht door de beruchte noordelijke buitenwijken. Halverwege de asfaltsafari, het was al laat, zagen ze een enorm vuur. Van Lieshout wilde er meteen op af. Ze kwamen bij een container van zeker tien meter lang waar waanzinnig hoge vlammen uitsloegen. Politie was in geen velden of wegen te bekennen.

Er stonden alleen een paar mannen bij te kijken. Echt heel ongure gasten. Nergens jongens die, viel hem op, juichend allerlei troep in het vuur gooien. Alsof daar iets gebeurde waar je maar beter niet bij kan zijn.

In Marseille gaat het verhaal dat er meer doden vallen bij de drugsoorlog in deze buurten dan bekend wordt gemaakt. Sommige geliquideerde dealers zouden de officiële cijfers niet halen omdat ze, in jargon, ‘op de barbecue gaan’, om elk spoor uit te wissen. Het zou goed kunnen dat het gerucht klopt, dacht hij.

De macabere praktijken van de penoze van Marseille verwerkt hij misschien nog eens in een echte Van Lieshout. Want hij probeert, op zijn manier, een spiegel te zijn van wat er om hem heen gebeurt.

Ecologisch concentratiekamp

Atelier Van Lieshout (AVL), een onderneming met zo’n vijftien werknemers, produceert ‘parallelle werelden’ zoals Van Lieshout (Ravenstein, 1963) het uitdrukt. Voor zijn expositie in Marseille maakte hij de Blastfurnace. De hoogoven is een sculptuur van meer dan achtduizend kilo staal, gemaakt in de AVL-loods in Rotterdam. Het werd in drie vrachtwagens naar Frankrijk gebracht en heeft een zithoek, een slaaphok, een spit om een varken aan te roosteren en, zo’n vijf meter boven de grond, een wc waarvan de afvoer in het niets eindigt. We mogen zelf bedenken waar de excrementen voor worden gebruikt. Voor een composthoop, biogas of – wie weet, grijnst hij – poepseks.

In september volgt nog meer huiselijkheid: dan zal Van Lieshout, enthousiast amateurkok, twee voor hem geslachte koeien verwerken tot een maaltijd voor een groot gezelschap.

Foto: Jeanchristophe Lett
Foto: Jeanchristophe Lett

New Tribal Labyrinth heeft Van Lieshout zijn expositie in de ruwe omlijsting van een voormalige tabaksfabriek genoemd. Het idee is dat de leden van deze utopische gemeenschap één worden met de machine. De afstand tussen consumenten en wat zij consumeren is volgens Van Lieshout in onze tijd ‘niet normaal’. Advocaten, marketeers, mediamensen, allemaal zouden ze echt aan de slag moeten. De hoogoven wordt aangedreven door spierkracht, via tredmolens, omdat staal dat zo wordt gemaakt meer waarde heeft en arbeid meer voldoening geeft.

Meent hij dit nou allemaal? Ja. Of in elk geval, het is iets waar hij ons over na wil laten denken. De industrie moet gered worden van de diensteneconomie, want alleen daar redden we het niet mee, daar is hij van overtuigd.

In het complex is ook ouder werk te zien, Slave City. Maquettes, plattegronden en een collectieve douche op ware grootte vormen een visioen van een technocratische stad die zo veel mogelijk geld verdienen als enig doel heeft. De slaven zijn tewerkgesteld in een callcenter en kunnen bij voldoende productiviteit rekenen op gunstige arbeidsvoorwaarden zoals hoger onderwijs en gratis bordeelbezoek. Wie niet presteert, wacht onvrijwillige orgaandonatie of eindigt op het bord van medeslaven. Als de organen niet geschikt zijn en de slaaf is om wat voor reden dan ook ongeschikt voor consumptie, volgt verwerking tot biogas, want niets gaat verloren in dit ecologische concentratiekamp.

‘Het heeft verschillende betekenislagen,’ legt de kunstenaar – rode broek, paars overhemd, wandelschoenen en een zandkleurig jasje – uit tijdens een rondleiding voor de media voorafgaand aan de vernissage. ‘Niet alles in Slave City is slecht. Er is ook groene energie, er wordt alleen maar biologisch gegeten. Het gaat mij erom dat je denkt dat het echt is. Dat het misschien wel onvermijdelijk is gezien de overbevolking.’

Kereltje

Vrijheid is ‘ontzettend belangrijk’ voor Van Lieshout. En eten en seks. Seks komt ruimschoots aan bod in zijn oeuvre. Hij maakte gigantische beelden van geslachtsdelen, een Bais-ô-Drôme (zeg maar neukmobiel), een kamer in het Lloyd Hotel in Amsterdam voorzag hij van een orgy-size bed, een hotelkamer in Tokio werd uitgerust met vergrotingen van oerbeeldjes van een man- en een vrouwfiguur met enorme geslachtsdelen.

‘Als hij komt, hou ik mijn vrouw binnen, haha’

En steeds duiken er, bij wijze van handtekening bijna, beelden van zaadcellen op. Kleintjes, maar ook hele grote spermatozoïden waarin je zou kunnen wonen: in 2008 lag aan de Seine in Parijs een tijdje een paars exemplaar van die categorie.

Seks is nou eenmaal een heel belangrijk aspect van het bestaan, stelt hij vast tijdens een lunch te zijner ere in aanwezigheid van Ed Kronenburg, de Nederlandse ambassadeur in Frankrijk. Het is zoals met de jachten in de oude haven van Marseille vlakbij, wijst hij: met de lengte van die boten willen de bezitters toch vooral duidelijk maken dat zij succesvolle mannetjes zijn en goede genen hebben.

Françaises zijn moeilijk te versieren, heeft 
hij gemerkt. Moet je bijna geweld bij gebruiken. Echt heel wat anders dan Duitse wijven, dat is zo gepiept. Even later verkent hij het terrein bij de correspondente van De Telegraaf. Belangstellend informeert hij of zij thuis in Parijs soms een ‘kereltje heeft zitten’.

Een vriend en een groot kunstenaar, zegt de Franse sterarchitect Rudy Ricciotti over hem. ‘Er zijn hier heel wat mannen die hem moeten hebben. Persoonlijk heb ik dat probleem niet, als hij komt, hou ik mijn vrouw binnen, haha.’

Foto: Jeanchristophe Lett
Foto: Jeanchristophe Lett

Susanne Strassmann, de Duitse vriendin die hem rondleidde door gevaarlijk Marseille, denkt dat Joep niet zonder kan. ‘Hij wil weten of het hem nog lukt, hij heeft het nodig om zich goed te voelen. Maar van autonome vrouwen moet hij niet veel hebben.’

Zelf zegt hij dat hij ‘geen specifiek idee’ heeft over hoe dat moet, samenleven met een vrouw (de Spaanse kunstenares Lara Almarcegui) en de voortdurende behoefte heeft andere exemplaren te veroveren. Overdrijf het rock-’n-rollgehalte van Van Lieshout niet, waarschuwt Natalie Kovacs, een Amerikaanse curator en groot fan. ‘Hij wordt vaak verkeerd begrepen. Hij loopt halve marathons, heeft altijd gedisciplineerd geleefd voor zijn werk. Seks is voor hem een kwestie van vrijheid, ook voor vrouwen. De bordelen in zijn werk zijn altijd uniseks.’

Facebook

Kernfysicus wilde hij worden, fundamentele dingen ontdekken, grenzen verleggen. Zijn leraar natuurkunde – een man die hij later nog wel eens googelde maar nooit terugvond – raadde het Van Lieshout af zijn heil in de wetenschap te zoeken. Een creatieve wetenschapper worden, dat is heel erg moeilijk. Maar een creatieve kunstenaar, dat ligt binnen de mogelijkheden want dat lukt ook de mindere goden.

Nu denkt hij dat hij waarschijnlijk ook succesvol was geweest in de wetenschap. Waarschijnlijk had hij ‘zoiets als Facebook’ kunnen bedenken. Dat klinkt arrogant maar dat is het niet, vindt hij. Van Lieshout denkt nu eenmaal constant na over iets wat er nog niet is. Over iets wat niet wordt gewenst of niet kan. Beperkingen accepteert hij niet.

Van Lieshout is zijn tijd ver vooruit, zegt Kovacs op de cocktail dînatoire met dj na de vernissage. De containerarchitectuur is ondenkbaar zonder zijn Mini Capsule Hotel uit de jaren negentig dat werd gekocht door Brad Pitt. ‘De laatste vijf jaar heb ik een enorme ontwikkeling gezien, super impressive. Ook al draait het bij hem vaak om ecologie en duurzaamheid, hij beperkt zich niet tot een methode of een bepaald materiaal en vindt altijd nieuwe wegen.’

‘Hij werd heel bewust een merk’

Wie je ook spreekt over Van Lieshout, iedereen begint over zijn ‘enorme drive’, zijn obsessieve werkdrift. ‘Joep heeft last van een soort jeuk,’ volgens zakelijk directeur van AVL, Harm Ver hagen. ‘Hij is altijd alleen maar met kunst bezig, met nieuwe dingen bedenken. Voor hem is er eigenlijk niets anders.’

Van Lieshout is een van de weinige kunstenaars in Nederland met een echt professionele praktijk. Roeping, scheppingsdrang, dat is allemaal mooi, maar alleen met hard werken en een zakelijke aanpak wordt het echt iets. Fantastisch, vindt Leontine Coelewij, conservator van het Stedelijk Museum in Amsterdam Atelier Van Lieshout. ‘Hij werd heel bewust een brand, een merk, toen hij besloot voortaan AVL te heten in plaats van Joep van Lieshout. Zijn werk gaat over productie en efficiency en dat is ook precies wat hij zelf doet. Dat maakt hem uniek in Nederland.’

Van AVL kunnen ongeveer vijftien mensen leven, het is een kleine multinational die exporteert over de hele wereld. Natuurlijk wil hij niet te weinig verdienen, maar hij wil afwegingen kunnen blijven maken: kan ik dit doen, wat kost om het te maken en wat levert het op?

Buiten Nederland werken veel meer kunstenaars op een AVL-achtige manier. Maar bij iemand als Damien Hirst zijn de verhoudingen door de waanzinnige bedragen zoek, denkt Van Lieshout. Hirst laat medewerkers stippen op zijn schilderijen zetten omdat hij daar zelf geen zin in heeft. Van Lieshout denkt dat je uiteindelijk alles zelf moet kunnen of willen doen. Anders wordt het steriel, afstandelijk.

Kovacs schat Van Lieshout ondanks het ontbreken van een budget à la Hirst of McCarthy ‘hands down’ in op een plaats bij de 25 belangrijkste moderne beeldend kunstenaars in de wereld. ‘En zijn succes is hem niet naar het hoofd gestegen. Hij is de nederigheid zelve, ook al is hij als kunstenaar monsterlijk ambitieus.’