Het is fijn om in een grote stad te wonen, want meestal groeit de economie daar het snelst.
Maar het is ook niet zo fijn om daar te wonen, want het zijn vaak de onveiligste plaatsen op aarde.

Dat lijkt op een keuzeprobleem tussen veilig+arm, of onveilig+rijk. Zo kort door de bocht is het natuurlijk ook niet, maar het is verleidelijk om de grote trends nog even de vrije loop te laten. We denken nog altijd vooral in landen, de officiële legostenen van deze wereld. Maar de belangrijkste publieke goederen van de mensheid, veiligheid en welvaart, trekken zich niet zo veel meer van landsgrenzen aan. Zou je veilige en welvarende gebieden apart inkleuren, dan zou de wereldkaart er heel anders uitzien.
Een paar maanden geleden publiceerde de Amerikaanse denktank Brookings de Global MetroMonitor 2014. Die concludeerde dat de helft van de wereldproductie in de driehonderd grootste metro-economieën van de wereld wordt gemaakt. Door ‘maar’ eenvijfde van de wereldbevolking, dus kun je met recht zeggen dat die driehonderd ‘randsteden’ voor welvaart de places to be zijn. Veel megasteden produceren ver boven hun landelijke gemiddelde. Wil je daarbovenop nog eens extra profiteren van snel groeiende welvaart, dan moet je vooral in Oost- en Centraal-Azië en Oost-Europese metropolen zijn, want driekwart van de snelste groeiers liggen daar. Macao, Istanboel, Dubai, u kent ze wel. De langzame groeiers zijn, ook daar raken we aan gewend, in West-Europa, Noord-Amerika en Japan. Er zijn wel westerse uitzonderingen – Londen en Houston doen het goed – maar de Randstad en Montreal zijn verhoudingsgewijs sukkelaars. De Randstad Holland hoort wel in de wereldtop-30 qua output, maar haalt qua groei en nieuwe banen maar net de top-300. Waar overigens ook de stadsregio’s Eindhoven-Den Bosch en Arnhem-Nijmegen toe behoren. De conclusie van het Brookingsrapport is dat de wereldeconomie in feite een metro-economie is.
Over 25 jaar zullen 3 miljard aardbewoners in de slumsteden aan zee zich onveilg voelen.
Leg nu ook het boek Out of the Mountains: The Coming Age of the Urban Guerrilla van de Australische veiligheidsexpert David Kilcullen er eens naast. Hij schetst hoe het veiligheidsprobleem zich wereldwijd van de Afghaanse en Jemenitische bergen en woestijnlandschappen zal verplaatsen naar een nieuw eenentwintigste-eeuws toneel. En wel: het toneel der megasteden. Volgens Kilcullen zal in het jaar 2050 tweederde van de wereldbevolking in megasteden wonen en zal deze razendsnelle urbanisatie met name plaatshebben in mega-kuststeden in armere landen. Nu al woont 80 procent van de bevolking daar in kuststroken: dat wil zeggen minder dan 90 kilometer verwijderd van zee, en van de 25 grootste steden in de wereld zijn er 21 al werkelijk ‘zeestad’. Denk aan Dhaka, Karachi, Jakarta, Mumbai, Lima en Lagos. Over 25 jaar zullen 3 miljard aardbewoners in slumsteden aan zee zich onveilig voelen. Megapolissen aan zee worden volgens Kilcullen nauwelijks beheersbare broeinesten van opstand. De zee verbindt dergelijke steden vrij gemakkelijk en maakt ze tot uitvalbases van maritiem terrorisme, internationale criminaliteit tiert er welig langs overzeese transportlijnen en in havens. Denk aan de aanslagen in 2008 in Mumbai, die vanuit Karachi waren geëxporteerd, denk aan de aanslagen op Keniase steden door strijders die vanuit Mogadishu werden aangevoerd. De zee is groot en het bewaken van kuststeden tegen dreigingen vanuit zee zal steeds urgenter worden. De conclusie van Kilcullen is dat de wereldveiligheid kapseist naar metro-onveiligheid. Ziedaar het dilemma van de metropolen – de kansen op welvaart zijn er het grootst, ze zuigen miljoenen mensen aan, maar worden misschien wel daarom ook juist hogedrukketels van conflict en misdaad.
Je mag twee studies die weinig met elkaar te maken hebben natuurlijk niet zomaar op elkaar leggen. Maar megaprikkelend is het wel.
Je reactie wordt geplaatst zodra deze is goedgekeurd. Je reactie is geplaatst.