De scepsis over elektronisch lezen is 
onterecht: het e-book is niet eng, 
en de literatuur kan er door opleven. Zeven redenen om deze zomer nog een e-reader aan te schaffen.

Het Boekenweekgeschenk werd dit jaar voor de derde keer ook als e-book verspreid.

Tijdens een optreden in De Wereld Draait Door bleek auteur Kees van Kooten daar gemengde gevoelens over te hebben.

‘Ik lees een boek met een linker- en rechterbladzijde. En ik lees altijd met een potloodje, dan kan ik iets makkelijk terugvinden. Het vinden! Moet je eens terugbladeren op een tablet.’ E-books tasten volgens Van Kooten ook het sociale contact aan. ‘Als je vroeger met een jongen of een meisje mee naar huis mocht, kwam je binnen en keek je stiekem: wat hebben ze staan? Als ik in de trein zit en ik zie iemand tegenover mij zitten met Euforie van Christiaan Weijts of Bonita Avenue, dan zeg ik: ja, lekker boek. Moet je kijken op pagina vijftig, die Sigerius gaat daar fantastisch. O ja, mijnheer? Ja mevrouw. Dat is er niet meer. Ik ben ervoor dat de tablet tweezijdig wordt zodat je de cover van wat de man of vrouw tegenover je leest kunt zien.’

Tot zover Koot. Feit is dat het e-book bestaat. Is het wat voor u?

1. De draagbare bibliotheek

Even een misverstand uit de weg ruimen: Van Kooten spreekt van tablets, maar een e-book is primair bedoeld om te lezen op een e-reader. Dat is een klein tabletachtig apparaat met een zwart-witscherm, speciaal ontworpen om lange teksten te lezen. De prijs ligt tussen de 75 en 150 euro. Veel e-lezers kopen er een luxe omslagje bij, dat openslaat als een harde kaft. Een e-reader lijkt zo op een echt boekje.

Maar in werkelijkheid is zo’n in plastic of leder gestoken e-reader een draagbare bibliotheek. De Kobo Glo die ik een half jaar geleden kocht, heeft genoeg geheugen voor zestienduizend e-books. Dat is, op basis van historische bronnen, 320 gram voor circa een kwart van de Bibliotheek van Alexandrië.

2. Jan heeft zijn boeken terug

Laat ik u voorstellen aan Jan. Toen Jan de gezegende leeftijd van 65 jaar bereikte en daarmee het recht op AOW, zegde hij zijn sociale huurwoning in een Nederlandse provinciestad op. Op twee dozen na deed hij zijn hele inboedel weg, waaronder vele honderden boeken. Op een Hema-fiets reed hij naar Griekenland, waar hij een goedkope huurwoning betrok. Dit alles verliep voorspoedig, totdat de avonden begonnen te lengen: Jan miste zijn boeken.

Of hij geen e-reader overwoog, vroeg ik hem. Hij moest er niet aan denken. Een e-reader is een apparaat, en om apparaten hangt altijd een wolk van problemen. De bediening is raadselachtig, er doen zich plotselinge gebreken voor, ze vallen stuk. Hij had liever dat ik Het vierde beest van Tom Holland voor hem meenam, als ik eens langs zou komen. Maar toen dat moment enkele maanden daarna naderde, was hij van gedachten veranderd. Misschien vond ik alsnog de tijd om zo’n e-reader voor hem aan te schaffen aangezien hij ze in Griekenland niet kon vinden. Aldus kocht ik op Schiphol een witte Sony PRS-T2, met een zilverkleurige omslag waarbinnen zich een guitig leeslampje bevindt (het scherm van een e-reader geeft immers zelf geen licht, zie kader) voor bij elkaar 170 euro.

Reeds in de oudheid bestonden er tablets – van klei, wel te verstaan

‘Ik heb mijn boeken terug!’ zegt Jan nu. Op internet staan duizenden auteurs, van Plato tot Plutarchus, van Dante tot Defoe en van Cats tot Couperus, te trappelen van ongeduld om opnieuw gelezen te worden – gratis en voor niets. Recentere werken, waar nog wel auteursrecht op rust, werden hem al snel ter beschikking gesteld door een e-readerbezittend familielid. Dat klinkt dubieus maar is het niet. E-books opsturen aan mensen die je kent, geldt als uitlenen.

In het voorjaar, wanneer het nog niet te warm is, maakt Jan lange wandelingen door de wildernis. Zijn kleine rugzak bevat een ultralicht tentje, een waterfles en de Sony e-reader, waarin Jan de wereldliteratuur meetorst.

3. Het vierde lezen

Veel lezers zullen deze zomer afreizen naar de Middellandse Zee, dus daarom enig historisch perspectief. Reeds in de Oudheid bestonden er tablets – van klei, wel te verstaan. Ook in de avonturen van Asterix wordt informatie verspreid op stenen platen, maar dat is fantasie. Immers vele eeuwen voor de geboorte van Asterix werd op het gebied van informatiedragers een grootse uitvinding gedaan: de boekrol. Deze bestond uit aan elkaar gelijmde vellen van papyrus of perkament. Vanwege het risico op scheuren was de lengte van zo’n boekrol beperkt. (Dat verklaart waarom klassieke werken uit ‘boeken’ bestaan in plaats van hoofdstukken. Eén boek besloeg één rol.)

Aan de Romeinen wordt de uitvinding toegeschreven van de codex: een verzameling ingenaaide vellen, oftewel het boek dat wij sinds jaar en dag kennen. De uitvinding van de boekdrukkunst geldt als revolutionair, maar de manier waarop boeken gelezen werden veranderde er niet wezenlijk door. Het grote belang ervan was dat boeken veel goedkoper en massaler konden worden geproduceerd, waardoor kennis werd gedemocratiseerd.

E-books zijn de vierde manier van boeken publiceren en lezen. Wat de gevolgen zijn, weet nog niemand. Losgezongen van een materiële drager zullen teksten zich misschien ongebreideld en onbetaald verspreiden. Dat klinkt als een ernstige bedreiging van het schrijfambacht, totdat je beseft dat schrijvers al sinds jaar en dag door hun uitgevers worden afgescheept met een aalmoes, in het beste geval aangevuld vanuit een of ander subsidiepotje. Een auteur ontvangt slechts een gering percentage van de verkoopprijs omdat, zo zal de uitgever niet nalaten te benadrukken, drukker, distributeur, boekhandel en publiciteit ook bekostigd moeten worden. Van de beloofde pr komt echter vaak weinig terecht, en de andere drie bloedzuigers worden gaandeweg overbodig. Wie weet zorgt het e-book wel voor een grote literaire opleving.

Genoeg geheugen voor 16000 e-books. Foto: Eddo Hartmann
Genoeg geheugen voor 16000 e-books. Foto: Eddo Hartmann

4. Het boek als ding

Boeken zullen altijd blijven bestaan. Hoewel ik een e-reader bezit, kocht ik Het vierde beest onlangs als gebonden codex, in de voortreffelijke Nederlandse vertaling van Boukje Verheij. Ik stal de vier historische meesterwerken van Tom Holland namelijk graag uit in mijn boekenkast. Maar ik zou Hollands dure boek over het einde van de Oudheid niet graag meenemen naar het strand: het idee van zandkorrels tussen en koffievlekken op de pagina’s maakt mij zeer nerveus. Had ik Het vierde beest op vakantie willen lezen, dan zou ik waarschijnlijk het e-book erbij hebben gekocht.

Dit geeft wel aan wat waarschijnlijk de lotsbestemming van de codex is: een fraai ingenaaid luxeproduct voor decoratieve doeleinden. Dan Brown en Saskia Noort zullen uiteindelijk geheel elektronisch gaan.

5. Het e-book als onding

Ik ben beslist geen digibeet, maar mij ontsnapte menig krachtterm toen ik mijn Kobo Glo-reader voor de eerste keer aan de praat trachtte te krijgen. Het ding weigerde hardnekkig draadloos verbinding te leggen met de router. Via het bijgeleverde kabeltje slaagde ik er wel in om er via de pc een e-book op te zetten, maar het apparaat gaf daarna geen enkele clue hoe ik dat boek zou moeten openen.

Hoe handig: e-books kun je uitlenen zonder ze uit te lenen

Uiteindelijk bleek dat het ding niets voor zijn eigenaar wil doen voordat hij contact heeft gehad met boekhandel Kobobooks. Dat is een uiterst onsympathieke manier om een product uit te leveren. Mijn reader heeft één keer kortstondig contact gelegd met het internet (hij kán het dus wel!), maar weigert dat sindsdien halsstarrig. Ik zet mijn boeken erop via het kabeltje waarmee ook de accu wordt opgeladen. Wat leesgenot betreft is het echter een kek readertje met een prettig scherm en haarscherp gestoken letters, zeer geschikt voor het uitlezen van de dikste pillen. Erg handig is de ingebouwde leeslamp. In zijn gewatteerde leren kaft van het merk Gecko kan hij bovendien tegen een stootje.

6. Het e-book als sociaal medium

Met vrienden over boeken discussiëren kan heel aangenaam zijn. Tegelijkertijd is het uitlenen van boeken aan vrienden problematisch. Van sommigen krijg je ze nooit meer terug, van anderen vol vlekken en vouwen. Bovendien wonen vrienden steeds vaker in een ver elders. Hoe handig: e-books kun je uitlenen zonder ze uit te lenen.

Zorgelijk is wel dat een andere belangrijke sociale functie van het boek op de tocht staat. Omdat iedereen alles al heeft, vormen boeken geliefde cadeau-objecten. De marketingdeskundigen hebben nog geen bevredigende manier gevonden om e-books om te toveren in een aantrekkelijk presentje. Verder dan plastic boekenbonnen in een doosje met strik reikt hun fantasie niet. Ik zal ze even helpen: zet het e-book op een goedkoop usb-stickje en verpak dat in een glanzende cassette met het boekomslag erop. Stal deze uit in AKO en Bruna en, waarom niet, kwaliteitsboekhandel. Dit is heel simpel, en het voordeel is dat mensen dan nog steeds boeken voor hun verjaardag blijven krijgen die ze niet lezen – een traditie die de uitgevers nooit windeieren heeft gelegd.

7. Het e-book als de toekomst

Omdat ik veel over techniek schrijf, voel ik aan mijn water dat het onderscheid tussen boek en e-book te rigide wordt opgevat. Elektronisch papier wordt zo goedkoop dat e-reader en e-book zullen versmelten. In een Italiaanse kiosk koopt u dan een boek in de vorm van een dubbele kaart, met aan de buitenkant cover en flaptekst, en aan de binnenkant twee bladzijden. Voor een euro extra biedt het ding de mogelijkheid er nog wat boeken bij op te zetten. Dus in een koffiebar zet u naast de Italiaanse flutroman het laatste boek van Peter Buwalda erop. Klaar, naar het strand en lezen maar!

Vraagt u zich stiekem nog af wat een e-book eigenlijk is? Het antwoord op uw vraag leest u hier.

Sander Pleij is minder enthousiast over de e-reader. Zijn column over het verschil tussen digitaal lezen en papier lezen, vindt u hier.