Indriðason is een begenadigd verteller, een bedenker van sterke plotlijnen die elkaar elegant kruisen en een historicus met een passie voor IJsland in de Tweede Wereldoorlog. Dat telt allemaal fijn bij elkaar op in deze nieuwe samenwerking van de Canadese militair-politieagent Thorson en de IJslandse rechercheur Flóvent. Een verdwenen soldatenhoertje, een vermoorde jongeman in militair uniform en een verdronken IJslander uit een familie met nazi-sympathieën brengen de bevriende speurders in de arme wijk naast de Canadees-Britse basis van militairen die het neutrale IJsland hebben ‘bezet’. Maar ook op het spoor van twee verpleegsters die elkaar nauwelijks kennen en toch onderdeel zijn van dezelfde pijnlijke liefdesgeschiedenis. Via persoonlijke drama’s van karaktervolle bijfiguren komt het oorlogsverleden tot leven. De opeenvolging van lezers-onthullingen en speurders-ontdekkingen is soms wat schools. Maar in het doseren van verhelderende en versluierende informatie – een centrale figuur in de plot blijft bijvoorbeeld lang naamloos – is Indriðason een meester. (Marijn van der Jagt)

Erfschuld (Skuggasund, 2013), Doodskap (Svörtuloft, 2009), Onderstroom (Myrká, 2008), Koudegolf (Kleifarvatn, 2004), Moordkuil (Grafarþögn, 2001)