Stephen King heeft twee schrijvende kinderen: Joe Hill (een pseudoniem) schrijft zoals zijn vader vroeger deed, lekker ranzig puttend uit pulp en horror, terwijl Owen King serieuze fictie schrijft – met beduidend minder weerklank dan het werk van zijn vader en broer. Schone slaapsters, geschreven door Stephen en Owen King, is het opkontje van de vader aan zijn minder succesvolle zoon. Veel in deze allegorie herinnert aan Stephen Kings eerdere werk. Denk aan een verschrikkelijke pandemie (The Stand) en de gemeenschap die als in een hogedrukpan onder spanning komt te staan in een geïsoleerd klein plaatsje in small time America (Under the Dome). Vertrouwd is ook de enorme, griezelige rol voor het onderbewuste. Spanning komt van de vraag wie aan de touwtjes trekt in deze boordevolle, geestdriftige roman. Is het ‘de zwarte engel’ Evie? Op haar zet ik mijn tarotkaarten. (Jeroen Vullings)