Waarom is Deon Meyer beslist een van de beste misdaadschrijvers van dit moment? Hij geeft zijn personages de diepgang van Indriðason, bouwt zijn ingenieuze plots op als Baldacci, heeft de niet te dik opgelegde humor van Hiaasen en speelt met politieke thema’s zoals Le Carré. Dat blijkt eens te meer in deze zesde Bennie Griessel-thriller. De Valken, zoals de eenheid Ernstige Delicten van de Suid Afrikaanse Polisiediens genoemd wordt, moeten onderzoeken wat er gebeurd is met een dode beveiligingsman, die uit de meest luxueuze trein ter wereld is gegooid of gevallen. Vanzelfsprekend levert dit weer een fraaie wisselwerking op tussen de graatmagere Griessel en zijn wat lijviger collega Vaughn Cupido, tegen de achtergrond van een volkomen corrupte en kleptocratische maatschappij. Ongewoon voor Meyer is dat er een tweede verhaallijn speelt, buiten Zuid-Afrika: een oud-agent in Bordeaux wordt gevraagd om nog één klus te doen. Aanvankelijk lijken de twee vertellingen weinig met elkaar te maken te hebben. Maar naarmate de verwikkelingen vorderen en meer vaart krijgen, wentelen de verhaalstrengen zich steeds dwingender en strakker ineen. En natuurlijk volgt er een stevig eindschot, dat past bij deze formidabel opgebouwde thriller. (EvE)

13 uur (13 uur, 2008)