Wat een ongelofelijk vrolijk, geestig, zomers boek heeft Nicolien Mizee geschreven. De titel geeft natuurlijk al aan dat er meer aan de hand is dan enkel bietjes kweken. Onder alle vrolijkheid schuilt een diepere, aanzienlijk somberder laag. Maar de openingszin doet daar nog niets van vermoeden: ‘De hele geschiedenis begon toen mijn zuster en zwager een pan soep kwamen brengen.’ Binnen de kortste keren belanden we via die pan soep op een curieus landgoed in de Achterhoek, met curieuze bewoners en nog curieuzere moestuinen, met nog weer curieuzere pachters. Hoofdpersoon is de schrijfster Judith, midden veertig en net getrouwd met Thijs die drie dagen na de bruiloft een hartaanval heeft gekregen en daarvan maar moeilijk herstelt. Het heeft geen zin hier meer van de inhoud te verklappen, want de onnavolgbaar humoristische wijze waarop Mizee alles op papier heeft gezet, vormt de hoofdattractie. Moord op de moestuin zet je lachspieren aan het werk, doet je hersens kraken en je vingers jeuken. En op de koop toe laat het je – à la Yvette van Boven – het water in de mond lopen. (BvIJ)