De man van Charlie van Amerongen reed zich dood na een ruzie over ‘zijn vreemdgangerspraktijken’, en nu gaat ze verhuizen naar de Koningslaan in Huissen. Een zongebruinde meubelmaker in een verwassen spijkerbroek, aantrekkelijk maar ook ongemanierd en bot, gaat nieuwe meubels voor haar maken, en het duurt niet lang voordat hij Charlie over het randje van zijn werkbank trekt ‘en zichzelf in me helpt’. Hij blijkt ‘een ervaringsdeskundige’, ‘hoe hij al mijn gevoelige plekjes weet te vinden is me een raadsel’. Maar hij blijkt ook getrouwd, en na meer dan tweehonderd pagina’s ontpopt hij zich ook nog eens als insluiper. ‘Dat is wel heel erg eng trouwens, heel stalkerig of zo, en strafbaar,’ aldus de beste vriendin van Charlie (tevens de ex van de botte meubelmaker). Of is zij het zelf die ’s nachts binnensluipt op de Koningslaan? ‘Het was het vreemdste verhaal ooit in Huissen,’ concludeert een GGZ-verpleegkundige in het laatste hoofdstuk. (Marleen Slob)