Schipper Brownlee, die de reputatie heeft het ongeluk aan zijn kont te hebben hangen, moet zich op zijn eerstvolgende afvaart met de walvisvaarder Volunteer zien te redden met een moeizaam opgetrommelde bemanning die het gemiddelde van deze toch al weinig fijnbesnaarde beroepsgroep verder naar beneden trekt. De lezer ontdekt vrij snel dat zelfs het verleden van wellicht de meest geciviliseerde opvarende, scheepsarts en hoofdpersonage Patrick Sumner, niet brandschoon is. Zoals je op een met nietsontziende kinkels volgestouwde walvisvaarder kunt verwachten, krijgen de heren het wel eens met elkaar aan de stok, maar McGuire werkt dit potentieel explosieve element teleurstellend schamel uit. Het misdrijf dat de kern van de vertelling vormt, is nauwelijks geworteld in het omvattende geheel: het komt uit de lucht vallen en is ook voor het verdere verloop van het boek niet belangrijk. Pas als Sumner weer voet op vaste wal heeft gezet, komt het verhaal tot leven en ontpopt hij zich tot een aimabel personage met opmerkelijk menselijke trekjes. (Erik de Vries)