Het laatste deel van de IJsseltrilogie van Hartman is losjes gebaseerd op de Nederlandse Bonnie en Clyde die in 2014 een spoor van geweld door ons land trokken. Met het gezin dat centraal staat in Het kwaad in ons lijkt op het eerste gezicht weinig aan de hand. Moeder Simone heeft een eigen patisserie waar ze vlijtig voor bakt en vader Richard is leraar en in zijn vrije tijd druk met het aanleggen van een slotgracht rond het fraaie familiehuis waarin ze wonen. De twee oudste kinderen zijn geadopteerd uit Brazilië, de jongste is van henzelf. Niks mis met haar puberende zoon en dochters, constateert Simone tevreden, tot klanten ziek worden van haar cupcakes omdat er cocaïne in zit. Het is de aanzet van een drama dat zich onverbiddelijk ontrolt. Hartman, zelf een adoptiekind, geeft haar verhaal tempo, spanning en geloofwaardigheid. Het enige bezwaar is dat de vader zo schijnbaar onverschillig voor het lot van zijn grut almaar geobsedeerd bezig blijft met zijn slotgracht. Tot een laatste plotwending ook dat bezwaar abrupt van tafel veegt. (Ranne Hovius)