Als geboren Terneuzenaar is kleinkunstenaar Frank van Pamelen opgegroeid met de beroemde legende van het duivelse spookschip dat eeuwig ronddoolt in de buurt van Kaap de Goede Hoop. In zijn tweede thriller is de Leidse professor Olivier Huizinga (literatuurwetenschappen) terug en komt net aan in de Zeeuwse havenplaats voor een werkweekend met een Vlaamse collega. Maar dat gaat niet door, want die blijkt juist overleden te zijn. ‘Gestoken met een scherp voorwerp,’ zegt de politie-inspecteur. Naast het lichaam is een brief gevonden in een antiek handschrift. De schrijver zweert dat hij ondanks alle stormen zal blijven varen tot de dag des oordeels. Zou die brief van de dekselse kapitein Willem van der Decken himself zijn? De Vliegende Hollander heeft de toon van een spannend jongensboek – ‘Plotseling wordt er op de deur geklopt’ – gecombineerd met een vleugje Dan Brown (bibliotheken, codes, anagrammen en andere taalspielerei). Vooral vermakelijk, vanwege het decor, voor Terneuzenaren. (Anne Versloot)