‘Het regende zo vreemd die dag waarop iemand Julia meenam.’ Zo opent De verdwenen dochter van Sara Lövestam, die hiermee terecht de Zweedse prijs voor het beste thrillerdebuut won. In eerste instantie lijkt het verhaal wankel, de personages ongrijpbaar. Moeder Pernilla die een op internet gevonden privédetective inhuurt om haar dochter Julia (6) op te sporen, vier dagen na de verdwijning. Kouplan, de jonge illegaal die zich als privédetective nuttig wil maken en al te veel begrip heeft voor de wanhopige moeder die er per se geen politie bij wil betrekken. Maar op slimme wijze vult Lövestam de karakters in door met nonchalante tussenzinnetjes cruciale zaken prijs te geven over de onhandige would-be detective en de onstabiele moeder. Pernilla heeft haar dochter nooit ingeschreven bij de gemeente, waardoor ze niet officieel bestaat. ‘Ik besta ook niet,’ zegt de afgewezen asielzoeker Kouplan, daar verandert zijn goede afkomst in Iran niets aan. Maar net als je begrip krijgt voor de curieuze gang van zaken en daarmee wanhoopt hoe dit ooit nog goed kan aflopen voor het verborgen kindje, kantelt het verhaal met een verrassende finale. Wat blijft is dat elke pagina ‘Geen mens is illegaal’ ademt. (Padu Boerstra)