Wie bij de Mossad werkt, zei een voormalig agent van deze Israëlische geheime dienst ooit in een documentaire, moet én een schurk én een fatsoenlijk mens zijn. Laat dat nu precies van toepassing zijn op Gabriel Allon, de Israëlische meesterspion annex kunstrestaurateur die alweer een tijdje meedraait in Daniel Silva’s heerlijke spionagethrillers. De Engelse spion opent met een lekker opwarmertje waardoor je er meteen goed in zit. Ditmaal een genadeloze aanslag op een plezierjacht in de Caraïbische wateren met aan boord niemand minder dan de voormalige echtgenote van de toekomstige koning van Engeland – ja, denk Lady Di. Natuurlijk moet Allon dit klusje klaren, hoewel zijn (nieuwe) vrouw hoogzwanger is van een tweeling. En hij eigenlijk nét wilde beginnen met de restauratie van een door hemzelf teruggevonden, gestolen meesterwerk van Caravaggio. Snel haalt hij zijn buddy Christopher Keller, voormalig SAS-commandant annex de beste huurmoordenaar ter wereld erbij, want die heeft nog een traumatisch Iers IRA-appeltje te schillen met de beoogde aanslagpleger. En ook Allon ontkomt niet aan spoken uit het verleden. Intussen worden we in een uitstekend tempo voorzien van spitsvondige dialogen en een fijne mix tussen actie en drama. Kortom: een prima Daniel Silva. (Padu Boerstra)