De tienjarige Ruby Trick heeft heimwee naar de tijd dat haar ouders nog verliefd waren en niet elke dag ruzieden. In de schoolbus wordt ze gepest met haar molligheid en het armoedige huis waar ze woont. Maar er zijn ook fijne dingen, zoals het ponytijdschrift dat ze wekelijks koopt en haar stoere vader met wie ze soms mee mag als hij met zijn maten gaat jagen op de moordenaar die de regio onveilig maakt. Vaderskind is Belinda Bauer op haar best. Als geen ander is zij in staat om het leven door de ogen van een naïef kind weer te geven. Bauer hanteert een humoristisch observerende verteltrant waarmee de gruwelijke wreedheid van de moordenaar in schril contrast staat. Door dit alles heen ontroert Ruby die tegen haar wil de puberteit in rolt. (ER)