‘Je gaat het pas zien als je het doorhebt,’ luidt één van de bekendste aforismen van wijlen Johan Cruyff. Zo is het ook met Zwarte Piet. Zelf vond ik aanvankelijk, zoals zovelen, dat de klachten van zwarte activisten over het racistisch karakter van Piet wat overdreven waren: het was toch een onschuldig kinderfeest. Maar het kwartje viel toen ik 2014 een groot verhaal maakte over de gesprekken die in Amsterdam in het diepst geheim waren gevoerd om met voor- en tegenstanders een aanvaardbaar alternatief te bedenken voor de pikzwart geschminkte Piet.
Toen ontdekte ik dat op Schiphol al járen geen Zwarte Pieten meer te zien waren, omdat personeel van de luchthaven in Sinterklaastijd keer op keer was aangesproken door geschokte reizigers uit Amerika, Frankrijk of Afrika. Dat plaatste het argument dat met Zwarte Piet niks mis was omdat z’n uiterlijk niet racistisch is bedoeld opeens in een ander licht: wat nu als de rest van de wereld dat kennelijk heel anders ervaart? Waren we dan niet met z’n allen aan het navelstaren?

In de loop van de weken kon ik de geheime gesprekken in de ambtswoning van de burgemeester reconstrueren. Vanaf 2012 was er met enige regelmaat overleg geweest met vertegenwoordigers van het Amsterdamse Intochtcomité – doopsgezind dominee Henk Leegte, ondernemer Raymond Borsboom, acteur Jeroen Krabbé (wiens stem verdacht veel lijkt op die van de Amsterdamse Sint) – en activisten van Zwarte Piet is Racisme, onder wie Quinsy Gario, Jerry Affriyie en Miguel Heilbron. Ook NTR-directeur Paul Römer, zoon van de vroegere Hoofdpiet Piet Römer en verantwoordelijk voor de registratie van de landelijke intocht op TV, schoof later als toehoorder aan. Toenmalig minister van Sociale Zaken Lodewijk Asscher, voormalig PvdA-wethouder in Amsterdam, was op de achtergrond bij de gesprekken betrokken.
De boot afhouden
Terwijl het maatschappelijk debat steeds heviger oplaaide, compleet met doodsbedreigingen over en weer, ontstond aan tafel bij de burgemeester meer begrip voor elkaars standpunten. Uiteindelijk kwam het Intochtcomité met het plan om het uiterlijk van Piet geleidelijk aan te passen: eerst zou een deel van de Pieten als roetpiet worden geschminkt – Piet komt per slot van rekening door de schoorsteen – waarna in de loop van een paar jaar alle Pieten roetpiet zouden zijn.
Nu ook het invloedrijke Sinterklaasjournaal alleen nog roetpieten laat zien, is het een kwestie van tijd tot de rest van Nederland volgt.
Paul Römer van de NTR, die aanvankelijk de boot afhield omdat hij niet vooruit wilde lopen op de maatschappelijk discussie, deed uiteindelijk ook mee, zij het in een wat trager tempo. In Amsterdam waren er in 2017 bij de intocht alleen nog roetpieten te zien. In het Sinterklaasjournaal en bij de landelijke intocht is dat komende november het geval, zoals de omroep deze week bekendmaakte.
Zo zorgde een klein groepje Amsterdamse notabelen ervoor dat het uiterlijk van Piet aan de tijd werd aangepast, niet alleen in de hoofdstad maar ook bij de landelijke intocht. De cirkel is rond, want het was ook een clubje olijke Amsterdamse heren dat in 1934 de allereerste intocht van Sinterklaas verzon. Dat is op zichzelf al een interessant inzicht: de intocht met Zwarte Piet die nu volgens de PVV en tal van boze burgers als heilige traditie van het Nederlandse volk in marmer gehouwen moet worden, is zo’n tachtig jaar geleden in een opwelling bedacht door een paar deftige patriciers is Amsterdam.
Nu ook het invloedrijke Sinterklaasjournaal verandert en alle gradaties zwart laat zien, is het een kwestie van tijd tot de rest van Nederland volgt, al is er nog steeds grote weerstand. Het programma met Dieuwertje Blok wordt door vele honderdduizenden kindjes bekeken. Voor hen is dat de échte Sinterklaas met de échte Pieten.
Het traditionele poldermodel mag dan al talloze keren dood zijn verklaard in deze gepolariseerde tijden, bij de inpoldering van Zwarte Piet heeft het voortreffelijk gewerkt. De Amsterdamse notabelen kijken tevreden toe: de tijd doet de rest.
Je reactie wordt geplaatst zodra deze is goedgekeurd. Je reactie is geplaatst.