Terreurgroepering IS heeft een gelikt media-apparaat met een eigen glossy, talloze websites, Twitter-accounts en filmpjes. Hoe stoppen we deze propagandamachine?

Vorige week berichtte de New York Times over de Nederlandse IS-strijder Israfil Yilmaz, die via Tumblr vragen beantwoordde over het leven in het kalifaat. De Nederlandse oud-militair kon kennelijk gewoon zijn gang gaan bij het online rekruteren van nieuwe jihadisten.

Het risico van online beïnvloeding moeten we niet onderschatten, zegt hoogleraar evolutionaire psychologie Mark van Vugt. Hij verplaatst zich in een jonge moslim die overweegt zich bij IS aan te sluiten. ‘Het is een risicoafweging. Welke kans op arrestatie of overlijden accepteer je om daadwerkelijk naar Syrië te vertrekken?’ Hierbij speelt een opmerkelijk psychologisch fenomeen dat groepspolarisatie heet: mensen willen grotere risico’s nemen nadat ze hun dilemma hebben besproken met eensgezinden. ‘Als de meerderheid van de mensen met wie je communiceert bereid is een risico te nemen, dan wil je hen overtreffen. Zo word je na elk gesprek een beetje extremer.’ Het is daarom van essentieel belang dat potentiele jihadisten ook tegengeluiden horen. ‘Geef een podium aan jonge moslims die goede redenen hebben om zich niet aan te sluiten bij IS. Of nog beter: waarom horen we niet vaker van voormalige Syriëgangers die teleurgesteld zijn geraakt?’

Hoogleraar Big Data Sander Klous vindt dat we voorzichtig moeten zijn met het verbieden van propaganda. ‘Wie bepaalt wat propaganda is, en waar ligt de grens?’ Volgens Klous leven we in het Westen in een zogenaamde filter bubble: we denken dat we vrijelijk en gevarieerde informatie krijgen, maar in feite worden we net zo goed gemanipuleerd. Dat gebeurt door allerlei filters waarover we geen controle hebben: ons Google-profiel, Facebook-algoritmes en websites zoals Nu.nl. Klous: ‘Als we IS-propaganda uitschakelen, versterken we daarmee onze eigen propagandamachine. Dat is niet wenselijk. We hebben kritiek op de Chinese internetcensuur, maar in feite doen we dan hetzelfde.’

Ook volgens criminoloog Fiore Geelhoed kan het blokkeren van IS-propaganda contraproductief zijn. ‘Dat is een vorm van olie op het vuur gooien. Het is precies wat IS wil. Het voedt hun discours en werkt polarisatie van de samenleving in de hand.’ Volgens haar moeten we juist het tegenovergestelde doen. ‘We zouden moeten erkennen dat wij soms met twee maten meten, hypocriet overkomen en moslims discrimineren, en bespreekbaar maken waarom we dat doen.’ De afgelopen tijd vroegen verschillende Nederlandse kranten en tv-programma’s zich hardop af waarom ze meer aandacht besteedden aan de aanslagen in Parijs dan aan die in Libanon, eerder die week. ‘Zo’n hand in eigen boezem is talloze malen sterker dan de oorlogsretoriek van Hollande en de bommen die Frankrijk nu op Syrië gooit.’

‘De effectiviteit van gewelddadige propaganda is veel kleiner dan mensen denken,’ zegt politicologe Saskia Baas. Uit haar onderzoek blijkt dat propaganda voornamelijk effect heeft door de positieve elementen. IS wint vooral zieltjes met filmpjes waarin Raqqa wordt afgebeeld als een gezellige stad waar je prima kan wonen. ‘Die hoopvolle boodschap van het kalifaat als het beloofde land voor moslims, is veel aantrekkelijker dan een onthoofding.’ Volgens haar weten we nog te weinig over de precieze effecten van propaganda en de vraag waarom de ene jongere daar wel en de ander niet gevoelig voor is. Baas: ‘We moeten meer onderzoek doen, te beginnen met een experiment waarin we jongeren naar IS-propaganda laten kijken en ze vragen wat ze zien en wat ze voelen.’

Hoogleraar Computational Science Peter Sloot pleit voor Manhattan Project 2.0, vernoemd naar het beroemde onderzoeksproject waarin topwetenschappers in de jaren veertig de atoombom ontwikkelden. Volgens Sloot voert IS op een radicaal nieuwe manier oorlog door via het internet te radicaliseren en te rekruteren. ‘Ze creëren zo een eindeloze stroom aan potentiële aanhangers.’ Westerse landen reageren volgens hem ‘verrassend traag en half serieus’ met een ‘primitieve strategie van platgooien en afslachten’. Hij pleit voor een aanpak waarin de wetenschap het voortouw neemt. Manhattan 2.0 moet grote denkers, innovators uit de ICT en complexe systemen samenbrengen met sociologen en psychologen die een ‘intelligentiefusiebom’ ontwikkelen tegen gedragsbeïnvloeding via het internet. Volgens Sloot heeft die digitale oorlogsvoering meer zin dan de miljarden die nu in wapens gaan zitten. Zelf wil hij graag bijdragen door in kaart te brengen hoe negatieve ideeën zich als een virus over het internet kunnen verspreiden.

Hoogleraar Herbert Bos en onderzoeker Victor van der Veen houden zich bezig met systeem- en netwerkbeveiliging. Momenteel worden sociale media-accounts van IS aangevallen door hackerscollectief Anonymous, dat ook IS-websites vervangt door Prozac-advertenties. ‘Niet erg indrukwekkend,’ vindt Bos. Bovendien is er veel collateral damage: onlangs waarschuwde GhostSec, de Anonymous-groep die de cyberaanvallen coördineert, dat enthousiaste hackers moeten oppassen niet elk Arabisch bericht als propaganda te bestempelen. En voor elk verwijderd Twitteraccount komen er zo twee nieuwe in de lucht. ‘Indammen van informatie is ingewikkeld, vraag dat maar aan de muziekindustrie.’ Bos en Van der Veen denken dat het meer oplevert om de websites intact te laten en te gebruiken om IS-aanhangers in de gaten te houden. ‘Alles wat je aan internet hangt kan gehackt worden. Dus ook laptops en telefoons van IS-aanhangers.’ Van der Veen: ‘Je kunt via een backdoor een stukje malware op de server plaatsen dat alle bezoekers traceert en zelfs probeert hun mobiele apparaten over te nemen. Ook het PDF-bestand van het IS-magazine Dabiq kan mogelijk zo worden geïnfecteerd. Zo kan je controle krijgen over telefoons en computers van IS en mogelijk veel meer schade aanrichten.’ De wetenschappers waarschuwen dat het wel gaat om draconische maatregelen met het gevaar dat onschuldige bezoekers getroffen worden. Wellicht werken geheime diensten nu al op deze manier. Volgens Bos en Van der Veen zou dat betekenen dat de acties van Anonymous contraproductief zijn. ‘Zorgvuldig overgenomen servers worden dan offline gehaald door een brute actie van Anonymous.’