reportage

Het ‘nieuws’ dat ik de Griekse minister van Financiën Yanis Varoufakis wilde interviewen, verspreidde zich als een bosbrand over het piepkleine eilandje Hydra, anderhalf uur met de draagvleugelboot van Athene. Bewoners die ik nog nooit had gesproken – ik kom er al dertig jaar, mijn kinderen zijn er geboren en erfden er hun vaders huis – blijken voor het overgrote deel fan van hún minister van Financiën en renden me achterna met persoonlijke boodschappen voor ‘hun’ mangkas (flinke kerel) of palikari (topknul): ‘vertel Yanis dat we van hem houden’, ‘zeg Yanis dat-ie niet moet buigen’, ‘we staan achter hem, zelfs als er een Grexit van komt’ en vooral ‘we willen dat hij ochi (nee) blijft zeggen’.

Griekse vrouwen, jong en oud, vallen collectief in katzwijm bij het horen van Zijn Naam.
De beide eilandkapsters wedijverden met elkaar om mijn haar te mogen doen ‘voor Yanis’ en toen ik in het kader van ‘interactieve journalistiek’ via Facebook vroeg wat Griekse of andere burgers zélf aan de minister Yanis Varoufakis zouden willen vragen in deze tijd waarin Griekenland aan een zijden draadje hangt, kreeg ik honderden privéberichten van vooral Griekse, maar ook Nederlandse en Engelse vrouwen die niets anders dan zijn mobiele nummer van hem wilden hebben.
Alleen deftige dames van de puissant rijke Griekse elite die weekendhuizen hebben op het pittoreske, autoloze Hydra zetten Varoufakis neer als Satan, Antichrist, Stalin, pornoster, tweedehandsautoverkoper of gorilla (Grieks voor nachtclubuitsmijter) en spreken met afschuw over zijn beeldschone echtgenote Danae Stratou – dochter van een textieltycoon – ‘die altijd te diepe decolletés heeft’.
‘Nee’ tegen Varoufakis, of ‘nee’ tegen de trojka (EU,ECB,IMF). De Griekse samenleving is momenteel bezwangerd van ochi. Het verwijst naar het heldhaftige antwoord op 28 oktober – ieder jaar vieren de Grieken op die datum nog steeds Ochi-dag – in 1940 van toenmalig premier Ioannis Metaxas aan Mussolini die de Grieken voor de keus had gesteld: of Athene opent haar grenzen voor de As-mogendheden of het wordt oorlog. Volgens de overlevering zou de premier kort en keihard ochi gezegd hebben. In werkelijkheid zei hij: ‘Allors, c’est la guerre’ (‘Dan is het oorlog’). Dat laatste is meer van toepassing op de sfeer tijdens de huidige onderhandelingen tussen Griekenland en de trojka over nieuwe leningen in ruil voor bezuinigingen en hervormingen. En veel Grieken zien toegeven aan de strenge eisen van de compromisloze trojka als acceptatie van een buitenlandse, om niet te zeggen Duitse bezetting.

ophef over de foto’s

Varoufakis is in de korte tijd dat hij minister is, uitgegroeid tot een legende. A rock star. From hero to zero, and back. En gevaarlijk. Want wanneer ‘Yanis’ zijn mond opendoet, raken beurzen in de war, keldert de koers van de yen en de dollar en ontploffen de toch al moeizame onderhandelingsprocessen in Brussel. Het blijkt dan ook schier onmogelijk juist deze minister die samen met zijn minister-president Alexis Tsipras de redding of de ondergang van Griekenland in handen heeft, te spreken te krijgen als je niet van The New York Times, Le Monde, Der Spiegel of de BBC bent. Alleen die media gebruikt hij voortdurend als spreekbuis. Zijn belangrijkste press officer Dimitris Yannopoulos karakteriseerde het interviewverzoek van dit weekblad dan ook als een ‘mission impossible’.
‘Maar zelfs Paris Match mocht hem spreken en fotograferen,’ roep ik door de telefoon. Yannopoulos zucht. Hoe vaak moet hij dit nog aanhoren. Inmiddels weet de hele wereld dat Varoufakis ‘erg spijt’ heeft van de beruchte fotosessie in het Franse boulevardblad, waarop hij iets te stralend met zijn vrouw dartelt en in hun appartement onder de Akropolis in de Plaka aan een maaltijd zit op hun balkonnetje. En dat in een land waar één op de vier Grieken (en de helft van alle bejaarden) onder de armoedegrens leeft na vijf jaar door de trojka opgelegde bezuinigingen. Drie van de elf miljoen Grieken heeft geen toegang meer tot de gezondheidszorg; meer dan een kwart van de bevolking is uitzichtloos werkloos; 400.000 huishoudens zitten zonder elektriciteit omdat ze die niet meer kunnen betalen; de kindersterfte is dramatisch toegenomen en het aantal zelfmoorden wegens schuldproblematiek is verviervoudigd.
Vlak na de ophef over de foto’s – ‘de tekst was prima,’ sputtert Yannopoulos – verkondigde Varoufakis behalve zijn spijt ook dat hij ‘gewoon echt niet wist wat Paris Match voor een blad wás’. Is dat waar? En dan nog, daar heeft iedere minister die in het centrum van de wereldaandacht staat, zelfs al zou hij van Bhutan zijn, toch een team van persmensen voor?
‘Ik verzeker je dat hij de waarheid sprak, hij kijkt ook nooit naar de tv,’ zegt Yannopoulos. ‘Sommige dingen gebeurden in het begin van zijn ministerschap buiten ons om. Wij wisten niets van Paris Match, dat had de Franse uitgever van zijn boek (in het Nederlands vertaald als De economie uitgelegd aan mijn dochter, uitgeverij De Geus, red.) direct met hem geregeld. Sindsdien pakken we het anders aan, dit zal hem én ons nooit meer overkomen.’
Voorlichter Yannopoulos beloofde zijn best voor me te doen.

kruiwagen

Vanaf begin april was er voorzichtig maar hoopvol persoonlijk e-mailcontact. Dankzij een ‘kruiwagen’, iemand die het privé e-mailadres van de bejubelde en verguisde minister wilde geven. Zonder kom je nergens in Athene. Een officieel verzoek volgens protocol via het ministerie van Informatie is kansloos. Sommige dingen zijn in Griekenland nu eenmaal nog steeds niet veranderd. Ondanks het aantreden van het nieuwe ‘frisse’ kabinet van Syriza, de kersverse Griekse politieke partij die in Noord-Europa getypeerd en gevreesd wordt als ‘radicaal links’, maar in werkelijkheid sociaal-democratisch is en ‘gewoon’ de Griekse verzorgingsmaatschappij overeind wil houden. Althans wat daar nog van over is. Want de afgelopen vijf jaar zijn alle ingrediënten die daarvoor nodig zijn onderuit gehaald: redelijke salarissen, recht op minimumloon, Cao’s, werkloosheidsuitkeringen, ontslagrecht, minimaal leefbare pensioenen. Het gemiddelde Griekse pensioen is nu zevenhonderd euro, 35 procent van de bejaarden moet het met driehonderdvijftig euro per maand doen.
Nu, na vijf jaar trojka en voor Griekenland economisch destructieve en sociaal ontwrichtende bezuinigingen zonder énig succes, is er in Griekenland ontegenzeggelijk sprake van een humanitaire catastrofe. Toen de Griekse crisis in 2010 begon, was de staatsschuld 120 procent van het BNP, inmiddels dreigt het 180 procent te worden, de export is niet gegroeid maar gekrompen, en alle voorspellingen van het IMF wat betreft een verbetering van de Griekse economie zijn stuk voor stuk niet uitgekomen. Bovendien zal een eventueel bankroet of Grexit straks op het bordje van de Noord-Europese burger en dus de belastingbetaler terechtkomen, in plaats van waar ze thuishoort: bij de banken.
Syriza beloofde een rigoureuze versoepeling van het ‘Merkelse bezuinigingsbeleid’, zelfs kwijtschelding van een deel van de schulden. Geen Griek geloofde dat de partij dat waar kon maken. Maar het uitgeknepen volk dat het kind van de trojka-rekening was, wilde zijn laatste geld inzetten op een groepering die dat in ieder geval wilde proberen. Eindelijk was er een partij die voor het eerst ochi zou durven zeggen tegen De Instituties.

vernederen, saboteren
Tijdens een van mijn vruchteloze bezoeken aan Athene à la recherche de Varoufakis – er kwam geen einde aan het heen en weer pendelen tussen Hydra en de Griekse hoofdstad – ontmoet ik een adviseur van de minister op het dakterras van het Fresh Hotel, gelegen aan de rand van een van de slechtste buurten in het centrum van de stad. Vanaf het terras kun je veel te jonge Nigeriaanse hoertjes en hun magere pooiers bekijken die beneden in het verkeer naar klanten lonken, in portieken spuiten arme sloebers openlijk heroïne, onder een dikke laag stof staan auto’s zonder nummerborden langs de stoep. Een Atheens straatbeeld dat tien jaar geleden ondenkbaar was.

De adviseur – hij wil anoniem blijven – is doodmoe: zwarte kringen onder zijn ogen, bleek, verkreukeld overhemd. De man werkt van ’s ochtends acht tot ’s avonds elf of twaalf, voor iets meer dan dertienhonderd euro per maand. Hij is somber maar ziet één lichtpuntje: ‘Zonder die afgelopen vijf horrorjaren hadden ND en Pasok nog tot Sintjuttemis doorgeregeerd. Syriza wil wél echt hervormen, korte metten maken met vriendjespolitiek en belangenverstrengeling tussen pers, industrie, politiek en justitie, voor het eerst fanatiek achter belastingontduikers aangaan en ons ambtenarenapparaat, de belastingen, gezondheidszorg en pensioenen grondig saneren. Je kan bijna zeggen: dankzij Merkel is de sclerose van ons traditionele politieke systeem eindelijk doorbroken, is er nu voor het eerst echt een kans op een Umwertung aller Werten, precies wat Noord-Europa zo graag wil. Je zou denken dat ze ons juist enorm zouden steunen, met ons zouden willen samenwerken. Het tegendeel is het geval. Onbegrijpelijk.’
De adviseur gaat nog verder: ‘Iedereen weet: het grootste gevaar voor neo-liberaal, fundamentalistisch kapitalistisch Noord-Europa is een succes van een “linkse” regering, zoals nu in Griekenland. Stel je voor. Dan kunnen of zullen niet alleen Spanje met Podemos, maar ook Portugal, Italië en zelfs Ierland volgen. Dijsselbloem en Merkel wilden al sinds de verkiezingen onze Syriza-regering vernederen, saboteren, kapotmaken. Tijdens een van de eerste bijeenkomsten met de trojka is Varoufakis létterlijk gezegd: “We zullen fiscale verstikking gebruiken om Griekenland te dwingen het programma te accepteren zoals het is.” Dat is chantage, onacceptabel. De trojka is niet democratisch verkozen. We hadden dat toen onmiddellijk naar buiten moeten brengen, de onderhandelingen moeten stoppen, ons tot het Europese parlement en de Europese raad moeten wenden en de trojka aan de schandpaal moeten nagelen wegens ondemocratisch wangedrag. We zijn veel te aardig geweest. Nu is het te laat.’
Een, wederom anonieme, Griekse ambassadeur in een belangrijk EU-land vertelt tijdens een lunch op Hydra, vlak voor mijn zoveelste vertrek naar een eventueel treffen met Varoufakis: ‘Als de EU het licht niet op tijd ziet, wordt Griekenland óf een soort Albanië, in de ban van een maffia, óf een soort Noord-Korea, onderworpen aan een militaire dictatuur. Beide scenario’s zijn mogelijk, en denk maar niet dat iemand ook maar enigszins begaan is met het lot van ons Grieken.’ Hij sluit af met een smeekbede: ‘Binnenkort heb ik geen werk meer, van mijn geslonken ambassadeurspensioen kunnen mijn gezin en ik niet leven, kan je Varoufakis vragen of hij een baantje voor mij heeft?’

blunders

Op het spectaculaire terras van het Fresh Hotel – met uitzicht op de Akropolis en abjecte betonnen Atheense flatgebouwen, de geschiedenis van Griekenland in één oogopslag – spreek ik tussen alle D-Days voor Griekenland door allerlei mensen. Ook dé Griekse dissidente journalist Kostas Vaxevanis komt langs. Hij heeft voor veel Griekse media gewerkt, zoals voor de Griekse publieke omroep (ERT), in de tijd dat de oude partijen de ERT schaamteloos als politiek doorgeefluik gebruikten en van onafhankelijke journalistiek geen sprake was. Hij is toen gillend weggelopen. Vaxevanis werd wereldberoemd toen hij in zijn zelf opgerichte blad HOT DOC de zogenaamde ‘Lagarde Lijst’ publiceerde: een lijst met tweeduizend namen van Grieken met dikke Zwitserse bankrekeningen. Lagarde, toen nog de Franse minister van Financiën, nu voorzitter van het IMF, had dergelijke lijsten ook aan Italië, Portugal en Spanje uitgedeeld die onmiddellijk biljoenen aan verduisterd belastinggeld binnenhaalden. In Athene verdween de lijst spoorloos gedurende twee jaar. Toen Vaxevanis hem kreeg toegespeeld en met levensgevaar in zijn blad openbaarde, bleken namen van familieleden van zittende ministers er opeens niet meer op te staan. De toenmalige regering heeft hem tot het hoogste gerechtshof vervolgd, hij is nog maar nét vrijgesproken. Vaxevanis – gedrongen, donker en knap – moppert dat zijn vriendschap met Varoufakis kennelijk voorbij is: ‘Ik heb de laatste tijd veel kritiek op hem geuit. Per sms. Hij moet veel meer op kantoor zitten, zijn werk doen, in plaats van voortdurend op de Griekse tv te verschijnen. Nu antwoordt hij me niet meer.’
Ongewild bevestigt hij daarmee wat als gerucht al enige tijd rondgaat: sinds een maand heeft ‘Yanis’ zich teruggetrokken uit zijn eigen inner circle, een nieuwe press officer aangesteld die niet eens Engels spreekt, en een incompetente pr-dame van wie iedereen gek wordt. Het is een publiek geheim: Tsipras en Varoufakis zijn niet opgewassen tegen het geweld van global en social media, speelballen in de handen van de genadeloze Brusselse anti-Griekse perscampagne, vooral van de Duitse spindokters. Ook al hebben ze nog zo gelijk, ze zijn voortdurend in de verdediging, verdoen hun tijd met het ontkrachten van grove leugens en negatieve stemmingmakerij. En ze begaan blunders.
In april in Riga, toen de wereldpers uit volle borst riep dat de EU-ministers Varoufakis een gokker, amateur en tijdverspiller hadden genoemd, besloot Varoufakis in stil protest die avond niet aan het Riga Diner deel te nemen. Tegen het advies van zijn team in. En ja hoor, het werd prompt geduid als ‘Varoufakis is totaal geïsoleerd’, hetgeen versterkt werd doordat Tsipras vlak daarna een andere onderhandelaar in de plaats van Varoufakis naar Brussel stuurde. Iedereen weet dat Varoufakis de touwtjes nog steeds stevig in handen heeft, Tsipras zal hem nooit laten vallen, zoals Merkel haar minister van financiën Schäuble nooit van zich zal verwijderen. Maar het kwaad was geschied. Toen Varoufakis uit verdediging tegen alle aantijgingen riep dat hij de besprekingen in Riga op zijn telefoon had opgenomen, draaide de Europese pers als een blad aan een boom: Varoufakis sprak de waarheid, zijn collega’s hadden die dingen inderdaad niet gezegd, maar wat een schande dat ‘Yanis’ geheime opnames had gemaakt, zoiets dóe je niet als minister. Zijn team hobbelde van de ene damage controll naar de andere media crisis.

Oorverdovende stilte

Een ernstige, duidelijk overbelaste dame uit de entourage van Varoufakis – doodsbang om met naam genoemd te worden – bevestigt wat ik van een Franse collega had gehoord: Varoufakis is helemaal in het begin van de onderhandelingen in februari door zijn Franse collega Moscovici glashard verraden. Varoufakis was net aangetreden, nog onervaren. Moscovici bood hem zijn eigen team aan om een ‘concepttekst van Griekenland’ te maken voor de werkgroep van de Eurogroep – die werkgroep is belangrijk, want zij bepaalt de agenda. Elkaar helpen is niet ongebruikelijk op dat niveau. Vlak voor de vergadering op 19 februari togen Varoufakis en Moscovici gebroederlijk naar Dijsselbloem om hem de tekst voor te leggen. Daar stond letterlijk in dat de onderhandelingen tot doel moesten hebben ‘to extend, complete and amend the existing program’. Dijsselbloem ontstak in woede en legde zijn eigen tekst op tafel zonder het woord ‘amend’. Met andere woorden: de Grieken moesten het snoeiharde bezuinigings- en hervormingsplan accepteren dat de vorige regering al was voorgelegd in oktober 2014. Varoufakis was geschokt. Moscovici keek naar het plafond, deed of zijn neus bloedde, alsof hij er niets mee te maken had. En dát is allesbehalve gebruikelijk in die kringen. Sindsdien vindt het team – lees Varoufakis – Dijsselbloem een ‘bastard’ en is zijn relatie met Moscovici bekoeld. Dagen van touwtrekken over de inhoud van de tekst volgden. Roddels over ‘Grieken die hun huiswerk niet deden’, en ‘Grieks broddelwerk’ vlogen de Europese burgers om de oren. Het mag als een Griekse overwinning gezien worden dat Varoufakis alsnog het woordje ‘amend’ in de tekst kreeg. Een loos woord. Dijsselbloem weigert sindsdien ieder concreet Grieks voorstel voor ‘verandering’.
Wat vindt Varoufakis ervan dat zijn collega-ministers hem typeren als ergerniswekkend, arrogant en onbetrouwbaar?
De adviseur antwoordt verdrietig: ‘Varoufakis dacht dat hij in de Eurogroep zijn collega’s met waterdichte argumenten zou kunnen overtuigen, dat er op hoog niveau gedebatteerd en gediscussieerd zou worden. Maar zo gaat het helemaal niet. De andere ministers tegenover hem zwijgen meestal. Oorverdovende stilte. Varoufakis praat dan. In zijn eentje. Niemand interrumpeert of reageert. Dan steken ze het zoveelste Griekse voorstel in hun tas. En de volgende keer leggen ze doodleuk hun eigen onveranderde voorstel weer op tafel.’ Het zou verklaren waarom voortdurend in de kranten staat dat Varoufakis ellenlange colleges houdt die het bloed onder de nagels van de andere aanwezigen vandaan haalt.

monsterlijk machtsorgaan

Vele ‘eindstrepen’ verder – Griekenland heeft ondertussen op het nippertje een betaling aan het IMF gedaan door op grond van bestaande regels een beroep te doen op een noodfonds van datzelfde IMF, en een daarop volgende betaling tot eind juni uitgesteld – ben ik weer eens standby voor een interview met Varoufakis in Athene.
Via internet zie ik dat Philippe Legrain, journalist en vier jaar lang adviseur van oud-commissievoorzitter Barosso, te gast is bij Buitenhof. Ik geloof mijn ogen niet. De autoriteit, schrijver van het net uitgekomen boek European Spring: Why Our Economies and Politics are in a Mess – and How to Put Them Right (onlangs ook geïnterviewd in VN, zie vn.nl) veegt de vloer aan met het EU-beleid en de trojka, en met de ‘vanaf het begin verkeerd geconstrueerde euro’. Hij vindt dat Tsipras én Varoufakis volstrekt gelijk hebben en hoopt van harte dat ze hun poot stijf zullen houden, niet zullen zwichten voor de inderdaad ‘absurde’ eisen van de schuldeisers. De presentatrice is een beetje van slag. Dit spoort niet met het anti-Griekse geluid dat de Nederlandse media doorgaans kleurt.
Is er een kentering gaande? Beginnen nieuwsconsumenten eindelijk in te zien dat ze massaal worden belazerd door de EU-leiders en hun eigen politici? In de weken die volgen lees ik steeds meer pro-Griekse artikelen. Jan Kuitenbrouwer verwijst in NRC uitgebreid naar Legrain, die de Brusselse aanpak volmondig ondemocratisch, imperialistisch en immoreel noemt en de trojka ‘een monsterlijk machtsorgaan dat niet in een democratie thuishoort: een knokploeg van een loanshark, die maar door mept in dat steegje, terwijl de schuldenaar al kermend op de grond ligt.’

held op de achtergrond

In arren moede surf ik maar weer eens naar de persoonlijke blog van Varoufakis, dichterbij kan ik toch niet komen. Zijn laatste post: een video van zijn verpletterende speech op 8 juni in Berlijn op uitnodiging van de Hans Böckler Stichting. Hij spreekt messcherp, in prachtig Engels, over het ontstaan van de crisis, de verkeerd ingerichte euro, de leugens van de trojka en de EU-leiders, over krekels en mieren die niet verdeeld zijn tussen Noord en Zuid maar zich in alle landen in heel Europa bevinden, en rekent minutieus voor hoezeer de eisen van de trojka voor ieder mens met gezond boerenverstand absoluut onacceptabel, onmenselijk en surrealistisch zijn. Maar ook vertelt hij eerlijk over alles wat Griekenland fout heeft gedaan. Hij is een meer dan charismatisch spreker, akelig aantrekkelijk, heeft humor, en jawel, lacht veel.
De volgende dag mag ik op de valreep onderminister van Economie, Dimitris Mardas interviewen – als troostprijs. Hij is een stille held op de achtergrond, de man die al het kunst- en vliegwerk bedenkt om op welke manier dan ook net wel of toch net niet aan de verplichte betalingen van Griekenland aan het IMF en de EU te voldoen. Begin deze maand was het zijn idee om alle gemeentes, provincies, ziekenhuizen en universiteiten te dwingen al hun ‘laatste cash’ bij de Griekse Centrale Bank te stallen. De burgemeester van Hydra is een van de velen die dat woedend weigerde, want iedereen is bang dat het geld nooit meer terugkomt.
Gaat die maatregel niet wat ver? En is het niet een teken van wanhoop, een allerlaatste mogelijkheid om centjes te verzamelen? En wat kan er hierna nog verzonnen worden?
Dimitris Mardas – relaxt, energiek, zelfverzekerd: ‘Nee hoor, het is een heel normale en geoorloofde maatregel waar Nederland zelf ook wel eens gebruik van maakt’. Nee, hij maakt zich geen zorgen, ook niet voor 30 juni wanneer Griekenland meer dan zeven miljard moet betalen, alles gaat volgens plan, het is nu eenmaal een kwestie van strategie, het zal goed komen. Telefoons rinkelen, de voorlichter begint hevig te gesticuleren en het gesprek wordt onmiddellijk beëindigd.

Dankzij Tsipras en Varoufakis

Wanneer ik de terugtocht onderneem naar Hydra om mijn koffer te pakken, meldt een opgewonden Griekse radioverslaggever in de taxi naar Piraeus dat de IMF-vertegenwoordiger van de onderhandelingstafel is weggelopen en stante pede naar New York vertrekt. Einde oefening. Dat moet precies op het moment zijn geweest dat minister Dimitris Mardas mij diep in de ogen kijkend vertelde ‘dat er niets aan de hand was’, en ‘alles volgens plan verliep’. Een vergeten herinnering doemt onwillekeurig op: de Iraakse minister van Informatie van Sadam Hussein die voor de camera van CNN vertelt dat de situatie in Bagdad volkomen onder controle is, terwijl achter hem, pontificaal in beeld, de Amerikaanse tanks zijn stad binnentrekken. Ik probeer eindeloos Mardas’ voorlichter te bellen voor broodnodige uitleg. Geen antwoord.
We rijden toevallig langs het gebouw van de ERT, de Griekse Publieke Omroep, die in juni 2013 van de ene op de andere dag door de toenmalige premier Antonis Samaras van de ND werd gesloten, met inzet van de politie die de zendmasten met geweld onklaar maakte waardoor de tv opeens op zwart ging, zonder debat in het parlement, want per presidentieel decreet. Meer dan 2500 journalisten, redacteuren en technici kwamen in één klap op straat te staan, evenals het prestigieuze muziekorkest. Een handige move om moeiteloos aan het door de trojka opgelegde ‘ambtenaren ontslagquotum’ van drieduizend overheidswerknemers in dat jaar te kunnen voldoen. Heel Griekenland kwam in opstand. Europese publieke omroepen, ook Hilversum, spraken van ‘een aanval op de onafhankelijke pers’, ‘een klap in het gezicht van de democratie’, ‘een beschamende actie die aan de tijd van de Griekse dictatuur deed denken’. Niets hielp. Na maanden bezetting van ERT-medewerkers die wanhopig doorgingen via een piratenzender, werden de panden ontruimd. Sindsdien stond alles leeg, behangen met steeds meer rafelende spandoeken, de tuin vol afbladderende borden met steeds minder leesbare slogans – een boulevard of broken dreams die niemand ooit zou opruimen. Weemoedig kijk ik door het raam. Maar tot mijn verbazing zijn de protestvodden verwijderd, oogt de gevel trots met nieuwe blauwe letters ‘ERT’ op het dak. In het opgeknapte ERT-plantsoen, op het tot voor kort vervallen podium, stemmen musici hun instrumenten. Droom ik?
Taxichauffeur en vriendin Stella lacht: ‘Weet je dat dan niet? Onze ERT gaat morgen weer open. Dankzij Tsipras en Varoufakis. Mag niet van de trojka, maar ze doen het lekker toch!’

Ingeborg Beugel
Ingeborg Beugel was 13 jaar correspondent in Griekenland. Ze werkte als verslaggever bij KRO-Netwerk en als documentairemaker bij de IKON. Nu is zij freelancer. Ze schrijft, maakt documentaires en is geregeld op tv als Griekenlanddeskundige.