
 {"id":98731,"date":"2009-01-31T00:00:00","date_gmt":"2009-01-30T22:00:00","guid":{"rendered":"http:\/\/beta.vn.nl\/de-bevochten-lichtheid\/"},"modified":"2009-01-31T00:00:00","modified_gmt":"2009-01-30T22:00:00","slug":"de-bevochten-lichtheid","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.vn.nl\/de-bevochten-lichtheid\/","title":{"rendered":"De bevochten lichtheid"},"content":{"rendered":"<p>Die meimorgen 1940<\/p>\n<p>De eerste Duitsers die ik in mijn leven gezien heb, kwamen uit de hemel. Die daarop volgden, kwamen uit het water, in de ordeloosheid die bij de dood hoort. Pas daarna kwamen die over land, in lange, grijze rijen. Ik was zes jaar oud en stond naast mijn vader, hand in hand, zoals ik naast hem gezeten had op ons balkon in de vroege meimorgen van 1940, toen de parachutisten uit de hemel neerdaalden. Mijn vader, die later in diezelfde oorlog bij een Engels bombardement zou omkomen, had een fauteuil op het balkon gezet om over de weilanden achter ons huis uit te kijken.<\/p>\n<p>Vertel ik dat om nogmaals over de oorlog te beginnen? To rub it in, zoals de Engelsen zeggen? Nee. Ik vertel het, omdat het in mijn verhaal onontkoombaar is, omdat verhalen nu eenmaal een begin moeten hebben, en omdat mijn leeftijd mij niet toestaat om het begin te vergeten. Ik heb niet geleden, ik maak geen aanspraak op leed, ik weet niet eens of ik gelijk heb als ik zeg dat mijn schrijven misschien op die dag begonnen is, want als dat zo zou zijn, was iedereen op die dag wel schrijver geworden. Nee, de enige legitimatie om dit verhaal nogmaals te vertellen, is omdat ik denk dat mijn leven als schrijver door het idee van herinnering bepaald is, door die speciale vorm van herinnering die we verleden, of nog liever geschiedenis noemen, geschiedenis die voor mij geen abstractie is, maar een vorm van bestaan, een verhaal waaraan door de wereld geschreven wordt en dat we tegelijkertijd zelf schrijven, wat vaak genoeg betekent dat we onze eigen geschiedenis verzinnen tussen de onuitwijkbare gebeurtenissen die ons door de wereld worden aangereikt. De oorlog had ik niet bedacht, mijn herinneringen eraan, en de manier waarop ik ze vertel, herhaal, formuleer, verzin of misschien wel lieg, zijn van mij, een verhaal dat, terwijl je van leeftijd in leeftijd verandert, steeds andere woorden nodig heeft.<\/p>\n<p>Zielsverhuizing vindt niet na, maar tijdens het leven plaats, heb ik ooit in Zelfportet van een Ander opgeschreven, in een van die misschien wel helderziende ogenblikken dat je al iets weet voor je het weet, een van de onvervreemdbare privileges van de po\u00ebzie. Wat voor iemand zou ik geweest zijn als ik me die eerste dag niet herinnerd had? De Stuka&#8217;s en Heinkels, het onvoorstelbare lawaai dat voor mijn gevoel alles wat er aan die dag voorafging uit mijn geheugen verjaagd heeft, en mij daardoor beroofde van het grondmateriaal waar anderen, zoals Proust en Nabokov, mee gewoekerd hebben, zodat ik geen herinneringen aan die eerste jaren heb waaruit ik zou kunnen putten &#8211; alsof ik pas op die dag, maar meteen al zes jaar oud, geboren zou zijn, een onmogelijkheid en dus een wonder, maar het gevoel dat bij dat wonder hoort, raak ik niet kwijt. Ik kijk met verbijstering naar de foto&#8217;s die bewijzen dat ik ook al als driejarige bestaan heb, en dat ik wel degelijk mijn eerste heilige communie gedaan heb, maar het innerlijke archief weigert de werkelijkheid &#8211; want dat moet het toch geweest zijn &#8211; te bevestigen. En het is dat gevoel dat mij in de verleiding brengt te denken dat ik mijn leven misschien wel verzonnen heb, compleet met de echte verzinsels die bij dat leven horen en die we romans en verhalen noemen, een dubbele laag van fictie die onontwarbaar met mijn re\u00eble persoon van Nederlands staatsburger verbonden is die nu voor u staat omdat hij een eredoctoraat krijgt. Wil die staatsburger iets met de oorlog? Nee. Ik was geen slachtoffer, geen dader, ik was een kind. Maar het geschiedkundige feit van die oorlog wilde iets met mij.<\/p>\n<p>De geschiedenis draait zich om<\/p>\n<p>De soldaten die uit de hemel kwamen, waren parachutisten. Die uit het water waren met auto en al in het water gereden en werden later opgedregd, een eerste aanblik van de dood. Water druipend uit lange grijze leren uniformjassen, de zesjarige zal het niet vergeten, evenmin als het apocalyptische geluid waarmee later in de oorlog vlak bij ons huis de V2&#8217;s werden afgeschoten op weg naar Engeland, een eerste voorbode van de ruimtevaart.<\/p>\n<p>Rijm is een begrip uit de po\u00ebzie, maar het heeft, waarschijnlijk per analogie, voor mij ook nog een andere betekenis: gebeurtenissen die zich in andere gebeurtenissen spiegelen, soms ook vormen van historische rechtvaardigheid, bevestigingen van een voorspellend vermoeden, een bijna metafysische opluchting dat de geschiedenis niet alleen een wending neemt, maar zich radicaal omdraait en haar tegendeel zoekt en daarmee de tussenliggende tijd &#8211; geschiedenis wordt gemaakt met tijd en met mensen &#8211; niet opheft &#8211; want dat kan niet &#8211; maar apocrief maakt. In 1956 stond ik in een smeulend Boedapest en zag Russische tanks, en in 1989 stond ik in Berlijn en zag hoe de Muur viel. Dat bedoel ik met rijm, als de geschiedenis zich weer bij zichzelf aansluit, zonder dat de tussenliggende periode van misdaad en vernietiging, die ook geschiedenis is, zelf vernietigd wordt.<\/p>\n<p>Drie oude mannen in Jalta die Europa in twee\u00ebn splijten met een boosaardige toverspreuk en het ogenblik dat deze toverspreuk door een andere toverspreuk weer ongeldig wordt gemaakt, en de gevolgen die beide spreuken voor Duitsland en Europa gehad hebben. Ook dat is rijm. De Engelse taal heeft daar een uitdrukking voor: full circle. Als je lang genoeg leeft om dat mee te maken, geeft dat een voldoening die daaruit bestaat dat je weet dat het kwaad dikwijls wint, maar niet altijd. In 1957 zat ik in een bus van Miami naar New York. We reden door de zuidelijke staten, blanken voorin, zwarten achterin, gescheiden wc&#8217;s en restaurants langs de route. Ik herinner me een diep gevoel van schaamte. Op het ogenblik dat ik dit schrijf, lijkt het mogelijk dat een man, die toen achterin had moeten zitten, president van Amerika wordt, en ook dat is rijm.<\/p>\n<p>Geschiedenis, een amalgaam van noodlot en toeval, het verhaal van alles wat het geval was.<\/p>\n<p>Paradox van mijn schrijverschap<\/p>\n<p>Oorlog is chaos die er later bedriegelijk als orde uitziet. Mijn jeugd was chaos die naar die duidelijkheid zocht die voor mij alleen via het schrijven te vinden was. Het duurt lang eer je dat weet. Chaos maakt buitenstaanders. Buitenstaanders moeten een eigen wereld verzinnen om zich staande te houden, de chaos van het ik tussen de geordende wereld van de anderen. De bedoeling is hier niet een psychologisch portret, de bedoeling is om aan te duiden hoe het werk dat u hier vandaag heeft willen bekronen tot stand gekomen is. De verzonnen wereld van mijn eerste roman en mijn eerste po\u00ebzie was een niet bestaande wereld van romantisch verlangen, een ontsnapping. Niemand heeft dat beter gezien dan R\u00fcdiger Safranski. Het is een zegen om mensen te ontmoeten die in wat je geschreven hebt, herkennen wat je zelf niet gezien hebt op het ogenblik dat je het schreef. Je had het al geschreven, maar je wist het nog niet. Die paradox is wat mij betreft de paradox van mijn schrijverschap. Twee keer is mij dat overkomen, beide keren in Duitsland. En daarmee kom ik op het volgende rijm. Er loopt een lijn, hoe dan ook, tussen het ogenblik dat die mannen uit de hemel vielen en het ogenblik dat ik hier sta. Ook dat is misschien een paradox. Die lijn loopt via vrienden, eerst vrienden uit mijn eigen land die onder dit land hier geleden hadden, maar mij deel wilden maken van hun verhouding met dat verleden, en mij hier mee naar toe namen, het begin van een fascinatie, waar later weer andere vrienden bij hoorden, mensen die ik hier ontmoette en die tot op de dag van vandaag mijn vrienden gebleven zijn.<\/p>\n<p>Alleen nog maar in gedichten<\/p>\n<p>Duitsland was na de oorlog niet mijn land. Het was vernietigd, en somber, zoals mijn eigen land. Wie wil weten hoe Nederland er na de oorlog bij lag, moet de twee grote romans van mijn landgenoot Willem Frederik Hermans lezen, De tranen der acacia&#8217;s en De donkere kamer van Damokles, zwarte meesterwerken, grandioze literatuur, mijlenver verwijderd van mijn po\u00ebtisch debuut dat niet de echte en bittere wereld van de naoorlogse samenleving beschreef, maar de ontsnapping van een dromer naar een verzonnen paradijs waarin het licht van het Zuiden scheen, een gedroomde wereld die niet houdbaar was, maar die ik nooit zal verloochenen.<\/p>\n<p>Sinds die tijd leef ik voortdurend in twee werelden, die van het Noorden en het Zuiden, en die van de zichtbare werkelijkheid van mijn reizen en die andere, daar doorheen geweven, van de fantasie. En alweer, het duurt lang eer je dat door hebt. Je wilt je droom niet laten afnemen, maar de discrepanties tussen de fantasie en de wereld om je heen zijn te sterk, en je weigert de uitweg van cynisme, sarcasme, of andere vormen van zelfbedrog. Je enige uitweg is je naar de wereld van de chaos toe te wenden met je fantasie als enige wapen. Dan neem je dienst op een schip en vaart naar de tropen, die andere vorm van licht, waar het elke dag op hetzelfde uur donker wordt, het duister waarin een wrede chaos toe kan slaan. Je probeert aan de dilemma&#8217;s van schrijven of niet schrijven te ontsnappen door een boek te schrijven waarin een schrijver aan dat dilemma ten onder gaat . En alsof je het zelf geweest bent die in dat boek, De ridder is gestorven, zelfmoord gepleegd heeft, laat je de fictie voor wat ze is, en trekt onophoudelijk door de epifanie van de wereld.<\/p>\n<p>Wat zich in de verborgen lagen van je wezen afspeelt, kan alleen nog maar in gedichten gezegd worden, gedichten, die zoals Anselm Kiefer deze week in zijn dankrede bij de Friedenspreis zei, boeien zijn, boeien waar hij heen zwemt, van de ene naar de andere, omdat hij anders verloren is, een gevoel dat ik herken. Gedichten dus. Voor verhalen ontbreekt je nog, en je weet het, kennis van de wereld, want ook fantasie wil een bodem en schuwt het bloedeloze luchtledige. Je moet wachten, en weet niet of dat wachten een luie leugen is of de herkenning van een bestemming. Die onzekerheid beheerst lange tijd je leven, je hebt haar bij je in Amerika en in Australi\u00eb, bij de islam en bij de boeddhisten, als je probeert de dingen te beschrijven die je waarneemt tot het ogenblik zal komen dat je de wereld van de verschijningen los kun laten en schrijft over alles wat ze in je heeft achtergelaten en zo een verhaal maakt naar je eigen wetten, een vertelling die nergens anders zichtbaar was dan in je eigen fantasie.<\/p>\n<p>Later zal men zeggen dat die wereld licht is, en dat als een verwijt of een compliment bedoelen, en alleen jij zult weten dat die lichtheid bevochten is op een zwaartekracht die uit het duister van de chaos stamt waar je vanaf het begin in verkeerd hebt, de dionysische chaos die onder de dunne huid van de beschaving ligt en met een nooit aflatend verlangen op ons wacht.<\/p>\n<p>Op een tractor<\/p>\n<p>Dan komt, nogmaals, het ogenblik van het rijm. Het boek waarop je zo lang gewacht hebt, wordt in het Duits vertaald, en verschijnt bij Volk und Welt in Berlijn. Met twee vrienden die in Natzweiler en Buchenwald gezeten hebben, reis je naar die stad die meer dan enige andere weet heeft van de geschiedenis van de twintigste eeuw, en die leeft op de scherpe scheidslijn van twee elkaar vijandige systemen. Je andere, niet fictionele zelf, zal een congres verslaan van de Sozialistische Einheitspartei Deutschlands, waar Chroesjtsjov zal spreken. De vrienden die je meegenomen hebben naar het land van hun vroegere noodlot brengen je naar het Duitste van alle restaurants in een orgie van exorcistische nostalgie. En ze vertellen. Je schrijft je eerste Berlijnse notities die je aan een van hen zult opdragen, notities die, zonder dat je het weet, schetsen zijn voor de roman die zich al ergens diep in je roert zonder jou dat te vertellen, en waarin zij een rol zullen spelen. Een jaar later woon je in Berlijn. Het zijn de jaren vlak voor 1989. Je wordt uitgenodigd door de Deutscher Akademischer Austausch Dienst en het verandert je leven. Je ontmoet anderen die vrienden worden, een schilder, een filosoof, een dichter, die meegeweven zullen worden in jouw web van schijn en wezen zonder dat zij of jij het weten.<\/p>\n<p>Je reist door hun land, leest hun geschiedenis, bent erbij als er weer een keer een bronzen bladzij wordt omgeslagen omdat er een muur omvalt met een klap die over de hele wereld nadreunt. Dat was gisteren. De cirkel is rond, of het lijkt zo. In T\u00fcbingen ontmoet je een oude man met wit haar die ooit uit Oostenrijk heeft moeten vluchten waar hij filosofie en germanistiek gestudeerd had, en die op een tractor in Nieuw-Zeeland de Duitse po\u00ebzie uit het hoofd geleerd heeft. In de toren van H\u00f6lderlin verzamelt hij jonge mensen om zich heen om gedichten met ze te lezen. Op een van die legendarische dagen nodigt hij me uit. Als hij een paar jaar later sterft schrijf ik het gedicht dat ik nu tot slot voor wil lezen. Het heet &#8216;de dichter van het lezen&#8217;, een titel die zijn weduwe in zijn geliefde Latijn op zijn grafzuil heeft laten graveren, Poeta Legendi.Hij heette Paul Hoffmann. Het was een lange weg van die vroege meidag naar dit ogenblik. Ik dank de vrienden die ik onderweg ben tegengekomen, de doden en die anderen die vanavond hier kunnen zijn, ik dank Helga van Beuningen die mijn proza vertaalt en Ard Posthuma die mijn gedichten vertaalt, en ik dank de Vrije Universiteit die vanaf haar oprichting, en vanaf de eerste magnifieke redes uit 1948, uitgesproken door  de eerste Rektor en Gesch\u00e4ftf\u00fchrenden Rektor Friedrich Meinecke en Edwin Redslob, het ideaal van de vrijheid verdedigd heeft tegenover de pas zoveel later definitief ontmaskerde leugen die zo dichtbij bestond, en nog meer dan veertig jaar zou standhouden.<\/p>\n<p>De dichter van het lezen<\/p>\n<p>voor Paul Hoffmann<\/p>\n<p>Kwam mij tegemoet<\/p>\n<p>in mijn verduisterde onschuld<\/p>\n<p>een lichtspoor,<\/p>\n<p>in een toren<\/p>\n<p>van heilige waanzin,<\/p>\n<p>deze ene,<\/p>\n<p>hoorde wat ik zei<\/p>\n<p>toen ik het niet hoorde,<\/p>\n<p>hoorde mijn ander,<\/p>\n<p>stemde mij,<\/p>\n<p>met het fijnste oor voor verhulde gezangen<\/p>\n<p>stemde mij toe,<\/p>\n<p>in verbanning had hij,<\/p>\n<p>in een leeg land van anderen,<\/p>\n<p>woorden herhaald en geslepen<\/p>\n<p>tot ze zich werden.<\/p>\n<p>Gewapend kwam hij terug<\/p>\n<p>Naar hun eerdere schande,<\/p>\n<p>hun van leugens<\/p>\n<p>geluidloos geworden,<\/p>\n<p>hun bedorven taal<\/p>\n<p>die hij opneemt en koestert,<\/p>\n<p>geneest met gedichten,<\/p>\n<p>teruggeeft aan zichzelf.<\/p>\n<p>Licht groeit uit zijn ziel<\/p>\n<p>sneeuwlaurier om zijn hoofd.<\/p>\n<p>Schitterend ben jij het, de leraar,<\/p>\n<p>De dichter van het lezen.<\/p>\n<p>Cees Nooteboom, Berlijn, 28 oktober 2008<\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Cees Nooteboom ontving eind vorig jaar een eredoctoraat van de Freie Universit\u00e4t Berlin. In zijn dankrede vertelde hij over het onontkoombare verhaal van zijn leven, dat begon toen de Duitsers Nederland binnenvielen.<\/p>\n","protected":false},"author":1023,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"content-type":"","footnotes":""},"categories":[293,27],"tags":[],"acf":[],"author_name":"Cees Nooteboom","_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/98731"}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/types\/post"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/comments?post=98731"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/98731\/revisions"}],"author":[{"embeddable":true,"name":"Cees Nooteboom","href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/users\/1023"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/media?parent=98731"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/categories?post=98731"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/tags?post=98731"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}