
 {"id":95505,"date":"2009-04-25T00:00:00","date_gmt":"2009-04-24T22:00:00","guid":{"rendered":"http:\/\/beta.vn.nl\/geen-wereldliteratuur\/"},"modified":"2009-04-25T00:00:00","modified_gmt":"2009-04-24T22:00:00","slug":"geen-wereldliteratuur","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.vn.nl\/geen-wereldliteratuur\/","title":{"rendered":"Geen wereldliteratuur?"},"content":{"rendered":"<p>Oratie<\/p>\n<p>Ons land heeft er een literaire leerstoel bij. In Leiden is Olf Praamstra, specialist inzake Busken Huet en tijdgenoten, benoemd tot hoogleraar in &#8216;De Nederlandse letterkunde als wereldliteratuur&#8217;. Tenminste, dat is de naam die Praamstra aan zijn intreerede gaf; officieel heet het vak &#8216;De Nederlandse literatuur in contact met andere culturen&#8217;.<\/p>\n<p>In zijn oratie stelt Praamstra een beklemmend raadsel aan de orde dat de meeste van zijn collega&#8217;s liefst onder tafel vegen: hoe valt het te verklaren dat de Nederlandse literatuur op wereldniveau geen enkele rol speelt? En waarom genieten schrijvers als Pessoa (Portugal), Kenzaburo Oe (Japan), Mahfoez (Egypte) en Strindberg (Zweden), die ook in relatief kleine taalgebieden publiceren, niettemin universele faam? Zijn de sprookjes van Andersen en De Vliegeraar van Hosseini echt zoveel belangrijker dan de totale Couperus, Achterberg, Elsschot of Nescio? Er zitten pijnlijke kanten aan deze kwestie die door de nieuwe hoogleraar met een meedogenloze systematiek tegen het licht worden gehouden. Want ondanks alle inspanningen van het Literair Productie- en Vertalingenfonds en het verschijnen van steeds meer Nederlandse romans in tal van talen, figureren onze auteurs nog steeds niet op internationale bestsellerlijsten.<\/p>\n<p>Enige jaren geleden werd aan honderd schrijvers uit vierenvijftig landen de vraag voorgelegd welke boeken zij tot de toppers van de wereldliteratuur rekenden. Resultaat was een inventarisatie van &#8216;de 100 beste boeken ooit&#8217;; er zat niet \u00e9\u00e9n Nederlands boek tussen. In de Good Fiction Guide (Oxford 2001) komt \u00e9\u00e9n Nederlandstalige auteur voor: Hugo Claus. Dat we nooit een Nobelprijs in de wacht hebben gesleept, past in dit patroon. Onze letteren tellen niet mee op wereldniveau. Praamstra wil onderzoek doen naar de oorzaken daarvan, onder meer door de kritieken op vertaalde Nederlandse literatuur grondig te analyseren. Op dit punt neemt zijn betoog helaas een andere wending en ik betreur een beetje dat hij nog geen theorie ontwikkelt die ons ontbreken op de wereldhitlijsten kan verklaren.<\/p>\n<p>Zelf zou ik de typisch Nederlandse minachting voor een sterke plot suggereren. We zijn hier te calvinistisch om een stevige rode draad te vlechten. Dat vertellen van verzonnen verhaaltjes vinden we meer iets voor detective- en streekromans of tweederangs verhalenvertellers \u00e0 la De Hartog en Den Doolaard. Nooit gaan de grote literaire prijzen bij ons naar boeken met ijzersterke intriges als die van Tim Krabb\u00e9 of Leon de Winter (behalve toen die laatste modernistisch debuteerde). Steevast is het verwijt van buitenlandse studenten die Nederlandse letterkunde studeren dat onze grote schrijvers als Emants, Couperus of Vestdijk vrijwel nooit stelling nemen in de grote kwesties. Daarom is het illustratief dat Praamstra laat zien welke vier Nederlandse boeken het hoogst scoren als er een volstrekt objectief criterium wordt aangelegd: de titels die het vaakst voorkomen in het boekenbezit van 70.000 bibliotheken over de hele wereld: 1. Het Achterhuis van Anne Frank; 2. De Imitatio Christi van Thomas \u00e0 Kempis; 3. Lof der zotheid van Erasmus en 4. The hiding place, het levensverhaal van de Haarlemse verzetsstrijdster Corry ten Boom. Vier boeken die niet bij uitstek &#8216;literair&#8217; zijn, maar krachtig positie kiezen in universele conflicten met een moreel of historisch karakter.<\/p>\n<p>Hoe onderbouwt Praamstra dan toch zijn uitgangspunt dat de Nederlandse letteren tot &#8216;de wereldliteratuur&#8217; behoren? De troef die hij achter de hand heeft, is dat hij een heel andere definitie van het begrip &#8216;wereldliteratuur&#8217; invoert, namelijk een literatuur die invloeden uit de hele wereld heeft ondergaan. En ja: aan de bellettrie in onze taal is bijgedragen door schrijvers uit tal van landen in Afrika, Azi\u00eb en Amerika. We moeten dan denken aan romans als die van Bea Vianen, Albert Helman, Cola Debrot, Tip Marugg en Frank Martinus Arion uit de West, aan Madelon Sz\u00e9kely-Lulofs, Bep Vuyk, Maria Dermo\u00fbt of Raden Adjeng Kartini uit de Oost, maar ook aan tal van Nederlandse schrijvers die tijdens een verblijf in de voormalige koloni\u00ebn door hun contact met de exotische cultuur diepgaand be\u00efnvloed zijn; en dat geldt dan voor Couperus, Breton de Nijs en Hella Haasse, maar niet minder voor een zeventiende-eeuwse auteur als Willem G. van Focqenbroch die ons zijn ervaringen op de Westkust van Afrika heeft nagelaten.<\/p>\n<p>Deze voorbeelden komen niet uit Praamstra&#8217;s intreerede, maar horen tot het probleemveld dat hij verder wil exploreren. Bij voorbaat is duidelijk dat de aanraking met zo uiteenlopende uitheemse culturen onze letterkunde extra kleur en karakter heeft gegeven, die bijvoorbeeld in de Duitse en Scandinavische literaturen ontbreken. Of die wereldwijde be\u00efnvloeding ons ooit ook wereldwijde erkenning zal opleveren, lijkt vooralsnog twijfelachtig.<\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Oratie Ons land heeft er een literaire leerstoel bij. In Leiden is Olf Praamstra, specialist inzake Busken Huet en tijdgenoten, benoemd tot hoogleraar in &#8216;De Nederlandse letterkunde als wereldliteratuur&#8217;. Tenminste, dat is de naam die Praamstra aan zijn intreerede gaf; officieel heet het vak &#8216;De Nederlandse literatuur in contact met andere culturen&#8217;. In zijn oratie [&hellip;]<\/p>\n","protected":false},"author":1023,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"content-type":"","footnotes":""},"categories":[293,27],"tags":[],"acf":[],"author_name":"Hans van den Bergh","_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/95505"}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/types\/post"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/comments?post=95505"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/95505\/revisions"}],"author":[{"embeddable":true,"name":"Hans van den Bergh","href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/users\/1023"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/media?parent=95505"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/categories?post=95505"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/tags?post=95505"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}