
 {"id":93269,"date":"2009-06-27T11:24:00","date_gmt":"2009-06-27T09:24:00","guid":{"rendered":"http:\/\/beta.vn.nl\/ruw-marie-kessels\/"},"modified":"2009-06-27T11:24:00","modified_gmt":"2009-06-27T09:24:00","slug":"ruw-marie-kessels","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.vn.nl\/ruw-marie-kessels\/","title":{"rendered":"&#8216;Ruw&#8217; &#8211; Marie Kessels"},"content":{"rendered":"<div class=\"wpg-element lead-bold\">\n<p>Met Ruw levert Marie Kessels haar zevende en beste boek af. Maar ondanks het meeslepende begin blijft haar werk alleen geschikt voor fijnproevers: ze schrijft hoog-literair, verzorgd, erudiet proza dat geconcentreerd en traag lezen vereist. Vermoeiend, maar de moeite waard.<\/p>\n<\/p><\/div>\n<div class=\"wpg-element paragraph\">\n<h3>Vorm gevonden<\/h3>\n<p>Onverwacht direct en weinig zachtzinnig forceert Marie Kessels (Nederweert, 1954) met haar zevende boek Ruw toegang tot de belevingswereld van de lezer. We bevinden ons midden in een verhaal dat meteen aanknopingspunten biedt omdat we ons de benarde situatie van de hoofdpersoon feilloos kunnen voorstellen. Haar ik-verteller Gemma heeft namelijk kort geleden een zwaar ongeluk gehad: de deur van een op de stoep geparkeerde vrachtwagen is in haar gezicht geslagen, waardoor ze het zicht in beide ogen is verloren. \u2018Botsplinters van mijn voorhoofdsbeen hebben aan allebei de kanten de oogzenuw doorgesneden, niets meer aan te doen.\u2019 <\/p>\n<p>Onverwacht direct, zei ik. Want met Kessels\u2019 vorige twee complexe boeken, de verkenning van een innerlijk Het nietigste (2002) en de caleidoscopische verzameling fragmenten Niet vervloekt (2005), leek ze het (conventionele) verhaal als bindende factor vaarwel te hebben gezegd. Gelukkig besloot ze nu anders. Door dat begin van Ruw is de lezer bij de lurven gegrepen, nu is het zaak die aandacht vast te houden. <\/p>\n<p>Dat doet Kessels door haar blinde niet te laten zitten jammeren en wenen, maar bijna vrolijk op pad te sturen. Hier dient zich tenslotte ook een avontuur aan: \u2018Zo\u2019n superieure onthechting, ik moet erom lachen en het imponeert me.\u2019 Overleven is doorgaan met wie je bent \u00e9n je razend snel aanpassen aan de gewijzigde situatie, zegt ze verderop in het verhaal. Dat doet ze dan ook. Ze is nu eenmaal blind en alles wat daarv\u00f3\u00f3r vanzelfsprekend was, is het nu niet meer: de wereld moet door haar ontgonnen en herwonnen worden. Het verhaal lang verkent ze \u2019s nachts de stad op de tast met haar tikkende blindenstok.<\/p>\n<p><b>Nieuwe wereld<\/b><br \/>Ruw is zo bezien het relaas van Gemma\u2019s nachtenlange tocht \u2013 \u2019s nachts is de minder drukke stad veiliger voor een blinde. Tegelijkertijd is Kessels\u2019 roman een lichtvoetige queeste naar nieuwe zintuiglijke ervaringen. <\/p>\n<p>We volgen Gemma, regelmatig letterlijk, stap voor stap in haar nieuwe, zelf te scheppen wereld. We ervaren mee hoe het geluid dat zich aan haar opdringt haar hoofd met beelden vult. Ook haar reuk verscherpt zich. Door in de tekst te strooien met het woord \u2018ruw\u2019 (\u2018ruwe straatklinkers\u2019, \u2018de ruwe zin van het woord\u2019) benadrukt Kessels het zintuigelijke van Gemma\u2019s blindenwereld en het <br \/>gevaar dat op de loer ligt, door de plotselinge veranderingen of overgangen die zich kunnen voordoen. Zo verandert het wegdek van glad in ruw, zijn er opbrekingen, wegpiraten, stug doorrijdende fietsers. Ze leidt een bestaan van vallen, opstaan, tasten, schuifelen en nog eens vallen, maar haar zintuigen staan op scherp en wat maal je dan om een beetje bloed, een schavinkje, buil of blauwe plek?<\/p>\n<p>Knap is hoe Gemma die blindenwereld verweeft met de wereld van het lezen. Eerst doet ze dat door de almaar woorden proevende en die omkerende, stug voortredenerende Gemma vanuit haar nieuwverworven ervaring en inzichten in debat te laten gaan met schrijvers die het eerder over blindheid hadden. De ervaringsdeskundige John Hull (Touching the Rock), op latere leeftijd blind geworden, is zo iemand. Maar ook het Nobelprijswinnende gestaalde kader Jos\u00e9 Saramago, die ze zeer terecht kapittelt om diens amuzische \u2018gemeenplaatsen\u2019 in de roman Stad der blinden.<\/p>\n<p><b>Leuk onderonsje<\/b><br \/>Dat meer essayerende deel van Ruw is aan mij besteed, simpel vanwege het welbehagen om iemand scherp en welluidend te zien schrijven over dierbare, veelal Franse auteurs: van \u2018dingendichter\u2019 Francis Ponge tot Roger Caillois met zijn boek over stenen. Leuk onderonsje voor geletterde mensen. <\/p>\n<p>Minder vrijblijvend is de leesaanwijzing en oratio pro domo die Kessels in Ruw indirect verstrekt. Via Gemma die de makkelijke uitweg van de luisterboeken versmaadt en zich stort op het leren van braille, waardoor ze opnieuw leert lezen, toont Kessels een betoverende literaire wereld die zich slechts gaandeweg, traag, met grote inspanning laat veroveren \u2013 zoals Gemma dat op straat doet. De stad leest ze immers ook als een boek: \u2018Ik ontcijfer dit reusachtige boek, met een beetje hulp van de ervaringen die ik opdoe tijdens het lezen, hulp niet eens bij het vinden van mijn weg, want die staat me even scherp voor de geest als de onverstoorbare opeenvolging van de brailleregels, maar hulp bij het interpreteren van de verschillende signalen en ook bij het vasthouden aan een eenmaal gekozen tempo, met onwrikbare kalmte, niet te langzaam, niet te snel, zodat onverwachte obstakels, zelfs als ze heel groot zijn, en allerlei veranderingen in de omgeving geen schrik veroorzaken en me niet al te zeer van de wijs brengen.\u2019 <\/p>\n<p><b>Diep innerlijk boren<\/b><br \/>Geen detail blijft voortaan ongezien in die verscherpte vorm van lezen. Voor een criticus, beroepshalve gewend aan zulk soms wettisch, monolithisch lezen, is dat nu niet bepaald een joekel van een inzicht. Maar in het geval van Kessels\u2019 proza mogen we dit advies niet in de wind slaan.  <br \/>Ruw dient langzaam gelezen te worden: \u2018Vergelijk het maar met het braille lezen, waarbij je eigenlijk ieder woord afzonderlijk met groot geduld moet leren kennen als een karakteristiek patroon om in de ware zin van het woord te kunnen lezen.\u2019 Pas dan toont de werkelijkheid zich in een ander licht, als op de eerste dag. <\/p>\n<p>Helemaal uit de lucht valt deze leesaanwijzing niet voor de reeds geconditioneerde Kessels-lezer. Haar nogal zinnelijke proza eiste al vanaf haar debuut in 1991 een trage en geconcentreerde manier van lezen, ten gevolge van haar extreem doorgevoerde opvatting dat je niet zomaar iets klakkeloos aan kunt nemen, dat alles bevraagd moet worden en platitudes immer vermeden. Pas dan kan ze, of haar schrijvende ik, diep innerlijk boren en de relatie uitpluizen tussen zichzelf en de rest van de wereld \u2013 of het nu een worstenbroodje is of een ondoordringbaar manspersoon.<\/p>\n<p>Dat klinkt vermoeiend en dat is het ook, maar de vele aanschouwelijk gemaakte redeneringen vanuit zo\u2019n overbewust brein zijn origineel genoeg. En goddank beschikt Kessels over humor, die noodzakelijke reddingsboei bij zulk experimenteel proza. Want ja, al is het literaire tijdschrift Raster opgeheven, Kessels schrijft typisch Raster-proza: hoogliterair, verzorgd, erudiet en een tikje sektarisch.   <\/p>\n<p><b>Wereldvreemde vrouwen<\/b><br \/>Wie Kessels\u2019 oeuvre overziet, van de vroege romans over wereldvreemde vrouwelijke <br \/>personages die in hun nering als verkoopster van snoep en hartige lekkernijen in een stationskiosk continu onderzoekend om zich heen kijken, bij voorkeur naar de nietigste voorwerpen, tot de laatste twee, ongeremd solipsistische boeken die te particulier uitpakken om de lezer te boeien, beseft dat Kessels eindelijk haar vorm heeft gevonden met de essayistische roman Ruw. Alles valt hierin op zijn plaats: haar neiging het verhaaluniversum beeldend steen voor steen, woord voor woord op te bouwen. In Ruw gebeurt dat via de mobilisatie van andere zintuigen dan het zicht en door Gemma\u2019s verkenning van de stad, die in het verhaal steeds vastere contouren aanneemt, die aldus opgebouwd wordt naar idiosyncratisch ontwerp. En tegelijk gaat het grote kritische beschouwen en bevragen door: \u2018Zie ik mijn omgeving ooit anders dan \u201cgereconstrueerd\u201d?\u2019hoera! <\/p>\n<p>Ruw reikt verder dan haar eerdere werk: Marie Kessels combineert de schets van een monomaan vrouwelijk personage zoals die in met name haar eerste drie romans rondlopen, met het grote verinnerlijkte zoeken uit Het nietigste en Niet vervloekt, en voegt daar \u2013 hoera! \u2013 nu zowaar gul handeling, dialoog en verhaal aan toe. De zevende van Kessels is daarmee haar beste. <\/p>\n<p>Niet ongezegd mag blijven dat Ruw ongelooflijk goed geschreven is. Dat zit hem niet alleen in Gemma\u2019s opeens exotische perceptie van onze alledaagse wereld, waarin blinden van geboorte af tot \u2018de adel\u2019 behoren en een novice als Gemma \u2018een larve in het blindenuniversum\u2019 heet. Stilistisch genot valt ook te peuren uit een terloopse zin waarin Kessels vertelt dat ze boven de gebiedende wijs de onbepaalde wijs verkiest, \u2018het ijlste spoor, zoveel als een speekseldraadje achtergelaten door een schaduw\u2019.<\/p>\n<p>Na het begin waardoor ik direct in het verhaal werd meegezogen, bemerkte ik toch af en toe dat ik Kessels\u2019 roman als een Chinese ijssculptuur bezag. Zo\u2019n stervenskoud paleis waar je doorheen mag lopen, terwijl je onderwijl kreten van bewondering slaakt, tegelijkertijd alvast speurt naar de uitgang, om na afloop tevreden te constateren: dat is weer genoeg geweest voor een jaar. <\/p>\n<p>Maar dat laat onverlet dat Ruw aanmerkelijk meer biedt dan intrigerend divertissement. Zoals Gemma op verkenningstochten \u2018plukjes kennis\u2019 wil vergaren, om haar \u2018over de afgrond\u2019 te dragen, heeft haar vriendin Ingeborg haar \u2018eigen jarenlange depressie\u2019 er ook onder gekregen \u2018door nieuwsgierig als een kind om zich heen te blijven kijken\u2019. Dat zou weleens de onderhuidse motivatie kunnen zijn van dat zo bezielde kijken in Kessels\u2019 proza. Zoiets brengt ons uiteraard eerder op het buitenliteraire terrein van de pathologie\u00ebn, maar literair resulteert die intense blik op de omringende wereld in zeldzaam geladen proza.<\/p>\n<p><i>Marie Kessels, \u2018Ruw\u2019, De Bezige Bij, 207 pagina\u2019s, \u20ac 18,50<\/i><\/p>\n<\/p><\/div>\n<p>\u00a0<\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Met Ruw levert Marie Kessels haar zevende en beste boek af. Maar ondanks het meeslepende begin blijft haar werk alleen geschikt voor fijnproevers: ze schrijft hoog-literair, verzorgd, erudiet proza dat geconcentreerd en traag lezen vereist. Vermoeiend, maar de moeite waard.<\/p>\n","protected":false},"author":1023,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"content-type":"","footnotes":""},"categories":[95,97],"tags":[2073],"acf":[],"author_name":"Jeroen Vullings","_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/93269"}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/types\/post"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/comments?post=93269"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/93269\/revisions"}],"author":[{"embeddable":true,"name":"Jeroen Vullings","href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/users\/1023"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/media?parent=93269"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/categories?post=93269"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/tags?post=93269"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}