
 {"id":92747,"date":"2009-07-25T00:00:00","date_gmt":"2009-07-24T22:00:00","guid":{"rendered":"http:\/\/beta.vn.nl\/oorlogsbuit-een-baby\/"},"modified":"2009-07-25T00:00:00","modified_gmt":"2009-07-24T22:00:00","slug":"oorlogsbuit-een-baby","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.vn.nl\/oorlogsbuit-een-baby\/","title":{"rendered":"Oorlogsbuit: een baby"},"content":{"rendered":"<p>Reportage \/ Kinderroof in Argentini\u00eb<\/p>\n<p>Macarena Gelman Garc\u00eda baant zich met grote doortastendheid een weg door de mensenmassa die op de Rambla van de Uruguayaanse hoofdstad Montevideo is samengestroomd om naar het jaarlijkse vuurwerk te kijken. Ik haast me achter haar aan, bang haar kwijt te raken.<\/p>\n<p>Ik ben niet de enige die bang is haar kwijt te raken. Haar moeder zit zich thuis ook zorgen te maken. Zij is niet de echte moeder van Macarena, maar de adoptiemoeder. Macarena&#8217;s echte moeder werd op 24 augustus 1976 samen met haar vader in Buenos Aires ontvoerd. Ze waren negentien en twintig jaar; z\u00edj was zeven maanden zwanger. De vader &#8211; Marcelo Gelman, zoon van de gelauwerde dichter Juan Gelman &#8211; kreeg na twee maanden gevangenschap en marteling een nekschot, de moeder &#8211; Claudia Garc\u00eda &#8211; werd in het kader van het Plan C\u00f3ndor door de samenwerkende inlichtingendiensten naar de geheime plek in Uruguay gevlogen waar Macarena werd geboren. Een paar maanden later werd de baby cadeau gedaan aan een kinderloos echtpaar waarvan de man bij de politie werkte. Van moeder Claudia ontbreekt sindsdien elk spoor. Ze werd vermoord, dat was gebruikelijk in de jaren van de Argentijnse en Uruguayaanse dictaturen, maar niets van haar is teruggevonden. Niets behalve haar gestolen kind, de vrouw van drie\u00ebndertig die me door de menigte naar een strandtent buiten het vuurwerkgebied loodst en twee milkshakes bestelt.<\/p>\n<p>Bezegeling van liefde<\/p>\n<p>&#8216;Ik heb nooit geweten dat ik een adoptiekind was,&#8217; vertelt ze. &#8216;Niets wees daarop. Ik heb me ook nooit met politiek beziggehouden en was zo goed als niet op de hoogte van wat er dertig jaar geleden in Argentini\u00eb en Uruguay gebeurde. Hoewel er door mijn biologische grootouders een internationale campagne was georganiseerd om mij te vinden en er zelfs op de universiteit waar ik studeerde affiches aan de muur hingen met een opsporingsverzoek, had ik geen idee dat het om mij ging. Ik had immers een andere naam.<\/p>\n<p>In februari 2000 hebben ze me gevonden. Ik kwam thuis, mijn moeder zat te huilen. Ik vroeg wat er was. Ze zei dat het te maken had met ons drie\u00ebn, met mijn vader, met haar en met mij. Intu\u00eftief vroeg ik of ik soms hun kind niet was. Ze bleef huilen en zei dat bisschop Galimberti met haar was komen praten op verzoek van mijn grootvader. Toen is de sneeuwbal gaan rollen, harder en harder. De DNA-test wees uit dat ik inderdaad de gestolen dochter was van Marcelo Gelman en Claudia Garc\u00eda.<\/p>\n<p>Ik was niet langer wie ik was. Ik moest mijn identiteit resetten en dat gaat niet van de ene dag op de andere, het is meer dan wennen aan een nieuwe naam. Tot dan toe was ik enig kind van katholieke Uruguayaanse ouders. Van de ene dag op de andere kreeg ik er een Argentijnse familie met een heel andere levensopvatting bij. Al chattend hebben we elkaar leren kennen en nu reis ik al jaren heen en weer tussen Montevideo, Buenos Aires, Mexico-Stad en Barcelona.<\/p>\n<p>Ik werd geconfronteerd met de ideologie van mijn vermoorde ouders: ze waren activisten, bestreden onrecht te vuur en te zwaard hoewel ze nog heel jong waren. Wat ik daarvan vind? Hun militancia is niet los te zien van de tijdgeest en de politieke situatie van die jaren. Ze waren bevlogen. Ik houd van mensen die zich vol passie ergens in storten en niet berekenend zijn, die er alles, zelfs hun leven, voor over hebben om hun ideaal te bereiken. En ja, er waren veel vrouwen zwanger, want ook de liefdesrelaties waren gepassioneerd. Dat hebben de vrienden van mijn ouders me verteld. Er werd van dag tot dag en van nacht tot nacht geleefd, zwangerschappen hoorden daarbij, als bezegeling van liefde. Veel kinderen van ontvoerde activisten verwijten hun verdwenen ouders dat ze de politieke strijd boven opvoeding en veiligheid van hun kinderen stelden. Ik niet. Z\u00edj hebben die keus gemaakt, het was h\u00fan ideaal. Welk recht heb ik ze daarop aan te vallen?&#8217;<\/p>\n<p>Speurtocht<\/p>\n<p>In de jaren van de Argentijnse dictatuur (1976-1983) verdwenen dertigduizend mannen en vrouwen, van wie meer dan vijftienduizend voorgoed. In geheime gevangenissen en martelcentra &#8211; in Buenos Aires vooral in de Escuela de Mec\u00e1nica de la Armada ESMA (de opleidingskazerne van de marine) &#8211; werden kinderen geboren. De folteraars waren almachtig: ze beslisten letterlijk over leven en dood. In de kelder van de ESMA bevond de kraamkamer zich naast de martelruimte. De arts die adviseerde bij de martelingen hielp de kinderen ter wereld komen. In de meeste gevallen werd na korte tijd de moeder vermoord, bijvoorbeeld, zoals door een medeplichtige voor de rechtbank is toegegeven, boven de oceaan verdoofd uit een vliegtuig gegooid.<\/p>\n<p>De baby&#8217;s kregen een vals geboortebewijs en werden te vondeling gelegd of weggegeven, meestal aan families die op de een of andere manier betrokken waren bij de repressie. Er is in de ESMA een lijst gevonden van kinderloze militairen die wachtten op hun deel van de oorlogsbuit.<\/p>\n<p>De regering van de in 1983 gekozen president Ra\u00fal Alfons\u00edn vaardigde een aantal wetten uit waardoor de militairen-met-vuile-handen niet veroordeeld konden worden. Het waren de grootmoeders van de gestolen kinderen die zich met de hulp van juristen, artsen en genetici door de mazen van die wetten wisten te wringen en een grootscheepse zoekactie begonnen naar hun verdwenen kleinkinderen. Geleid door concrete aanwijzingen of vage vermoedens en ondersteund door nationale en internationale opsporingsberichten in de media trokken ze van hot naar her. Terwijl de zoekende moeders, de Madres de Plaza de Mayo, de hoop moesten opgeven hun zoon of dochter ooit levend terug te zien, namen de oma&#8217;s, de Abuelas de Plaza de Mayo, de fakkel over in de speurtocht naar overlevenden. Er waren ook chicos (zo worden de kleinkinderen genoemd, onderling noemen ze zich hermanos, broers en zusjes) die, op grond van wat ze te weten kwamen over het verleden, twijfelden aan hun afkomst en zichzelf bij Justitie of bij de Abuelas meldden. Van de vierhonderdvijftig gestolen baby&#8217;s zijn er inmiddels vijfennegentig teruggevonden.<\/p>\n<p>Trouw aan de opvoeders<\/p>\n<p>Niet alle opgespoorden zijn gelukkig met de campagnes van Justitie, de Abuelas en de mensenrechtenorganisaties.<\/p>\n<p>De tweeling Mat\u00edas en Gonz\u00e1lo Reggiardo Tolosa groeide op in het gezin van een politiecommissaris die in 2005 door een tribunaal werd beschuldigd van 158 misdaden tegen de menselijkheid; de wetten van onschendbaarheid waren nietig verklaard. Hun biologische ouders studeerden bouwkunde toen ze werden ontvoerd, de moeder was zwanger. In de gevangenis van Olmos baarde ze op 27 april 1977 de tweeling die na een paar weken cadeau werd gedaan aan het politiegezin. Nu, meer dan dertig jaar later, durft Mat\u00edas zich af te vragen \u00f3f en h\u00f3\u00e9 zijn moeder werd gemarteld toen hij en zijn broertje in haar buik zaten, wat ze op die dagen voelde, wat ze dacht, hoe ze leed. Hij vraagt zich veel meer af. Want vanaf het moment dat zijn gealarmeerde adoptieouders met hen naar buurland Paraguay vluchtten, is de verwarring over hun afkomst groot geweest.<\/p>\n<p>Er was namelijk in 1977 nog een andere tweeling in de gevangenis van Olmos geboren. De vader van die twee kinderen reisde naar Paraguay in de veronderstelling dat Mat\u00edas en Gonz\u00e1lo zijn zoons waren.<\/p>\n<p>Er ontstond paniek in het politiegezin. In 1989 meldde Interpol zich bij hun woning. De hele familie werd uitgewezen en op het vliegtuig naar Buenos Aires gezet. Onder het meegereisde gezelschap bevonden zich een psychologe en een maatschappelijk werkster die de bruuske scheiding van de tweeling met hun adoptieouders moesten begeleiden: de vader ging naar de gevangenis van Caseros, de moeder naar de vrouwengevangenis van Ezeiza.<\/p>\n<p>Uiteindelijk bleek na DNA-onderzoek &#8211; de tweeling was inmiddels twaalf &#8211; wie de werkelijke ouders waren. De jongens werden ondergebracht in het gezin van een biologische oom en onderworpen aan de ene psychologische test na de andere, waarna ze geconfronteerd werden met interpretaties die ze verwierpen. Zo tekenden ze hun &#8216;ouderlijk huis&#8217; in Paraguay met spijlen voor de ramen, dat zou een gevangenis zijn, maar \u00e1lle huizen in het broeierige Paraguay hebben geen ramen, maar spijlen. Ze gingen zich verzetten tegen psychologische bijstand. En als rechtgeaarde pubers verzetten ze zich tegen opgedrongen meningen en opgedrongen pleegouders. Ze bleven trouw aan de ouders die hen hadden opgevoed. Ondanks alles hielden ze van hen.<\/p>\n<p>Pas toen Mat\u00edas en Gonzalo na acht jaar juridisch touwtrekken in een televisieprogramma uitlegden waarom ze liever bij hun adoptieouders woonden dan bij wildvreemde familieleden, draaide de publieke verontwaardiging over hun gedrag bij. De betrokken instanties verplichtten zich in het vervolg geen dwang op opgespoorde chicos uit te oefenen, een alternatief genetisch onderzoek toe te staan en hun tempo van losmaking van de adoptieouders en gewenning aan de nieuwe familieomstandigheden te respecteren.<\/p>\n<p>Even strijdbaar<\/p>\n<p>Juan Cabandi\u00e9 viel de scheiding gemakkelijker. Hij werd geboren in de ESMA, in het vertrek naast de ruimte waarin marteltuig aan de muur hing en een bed van goedgeleidend metaal stond. Zijn biologische ouders waren actief in de sloppenwijken van Buenos Aires. De man die zich hem &#8216;toe-eigende&#8217;, was bevriend met de adoptieouders van Mat\u00edas en Gonz\u00e1lo. Maar deze politieman kon ook in zijn vrije tijd zijn handen niet thuishouden. Wat hij in het groot deed met de gevangenen, deed hij in het klein met Juan: hij brulde en sloeg. Bovendien hield hij de jongen zoveel mogelijk binnenshuis uit angst dat er op straat iets aan hem zou worden gevraagd of verteld. Van jongs af aan voelde Juan dat er iets niet deugde, maar wat? Hij werd opstandig en zonder het te weten even strijdbaar als zijn biologische ouders. Tot hij op de televisie een opsporingsbericht met foto&#8217;s zag van de tweeling met wie hij opgroeide en in het politiepretpark speelde. De argwaan over zijn eigen afkomst schoot wortel. Zes maanden nadat hij contact had opgenomen met de Abuelas kreeg hij te horen wie hij was en hoe hij heette. Op 25 januari 2004 gooide hij zijn spullen in een koffer en vertrok uit het huis waar hij zich nooit thuis had gevoeld. V\u00f3\u00f3r hij de deur achter zich dicht trok, rinkelde de telefoon. Hij liep terug en nam op. Het was de pleegtante van zijn vroegere speelkameraadjes. Hij vroeg haar: &#8216;Wist jij dat ik de zoon van twee ontvoerden was?&#8217; waarop ze antwoordde: &#8216;Weet jij wel dat je moedertje nu door jouw toedoen de gevangenis in draait?&#8217;<\/p>\n<p>Kinderloze vrouw<\/p>\n<p>Het loslaten van de adoptiemoeder is volgens Anal\u00eda Argento, schrijfster van het boek De vuelta a casa (Terug naar huis), voor de meeste teruggevonden chicos moeilijker dan een breuk met de vader. Met h\u00e1\u00e1r hebben ze meestal medelijden. Zij heeft hen van kind af aan verzorgd en beschermd. Hoewel ze van de terreurdaden moet hebben geweten, was ze er niet direct bij betrokken. In de meeste gevallen was ze een kinderloze vrouw die zich gelukkig voelde met het vondelingenmandje dat op haar stoep stond of het warme bundeltje dat in haar lege armen werd gedrukt; het was de medeplichtige v\u00e1der die iets te verwijten viel. Daarom proberen ze de DNA-test uit te stellen tot na de dood van de moeder. Om in elk geval niet h\u00e1\u00e1r op beschuldiging van kinderroof achter de tralies te zien verdwijnen. Op mijn vraag wat na de bloedafname het meest conflictueuze moment voor de chicos is, roept An\u00e1lia: &#8216;De huwelijksdag! Welke familie moeten ze uitnodigen? Allebei? Aan wiens arm wil de bruid naar het altaar worden geleid?&#8217;<\/p>\n<p>Adoptieouders voor de rechter<\/p>\n<p>Evelin heet eigenlijk Laura. Eind 1977 werd ze geboren in de ESMA. Haar beide ouders behoren tot de vermisten. Een marineman die voor de inlichtingendienst werkte, nam haar mee naar huis en zorgde voor een vals geboortebewijs. In 1998 kwamen de Abuelas Evelin op het spoor dankzij een anonieme tip. De oma van Evelin, die al die jaren naar haar kleinkind Laura had gezocht, werd gewaarschuwd. Met grote omzichtigheid benaderde zij haar kleindochter. Maar Evelin weigerde elk contact met haar biologische familie. Ze klampte zich vast aan haar valse naam en geboortebewijs. Ze weigerde de DNA-test. Het werd een publiek schandaal waar zij en haar oma onder moeten hebben geleden, maar ze beet zich vast in haar gelijk. Omdat ze zich bleef verzetten tegen een gedwongen bloedafname werd in februari 2008 door rechercheurs een huiszoeking verricht waarbij gedragen lingerie, een tandenborstel en een haarkam werden meegenomen. Uit het genetisch materiaal bleek dat ze Laura was, Laura Bauer Pegoraro. Niet Evelin V\u00e1squez Ferr\u00e1.<\/p>\n<p>Terwijl haar ware familie machteloos moest toezien, vielen de Argentijnse media en ook mensenrechtenorganisaties over haar heen. Ze verweerde zich: &#8216;Ik kan het leed van die mensen niet verzachten. Iedereen heeft het over h\u00fan verdriet. Het is inderdaad verschrikkelijk wat er is gebeurd, maar dat is mijn schuld niet. Ik ben op een verkeerd moment op de verkeerde plek geboren. Nu ben ik wie ik ben, punt uit. Ik ben slachtoffer van de politieke situatie van toen. Ik werd gestolen. Daar was de staat schuldig aan, en nu zit diezelfde staat me op de hielen.&#8217;<\/p>\n<p>Na een ingewikkeld juridisch proces werd tegen Evelins adoptieouders negen jaar gevangenisstraf ge\u00ebist (ook de moeder werkte bij de marine), tegen de vroedvrouw van het martelcentrum zes jaar. Hun advocaat had de onbeschaamdheid ter verdediging aan te voeren: &#8216;Het is niet bewezen dat Evel\u00edn bij haar geboorte uit de armen van haar biologische ouders is weggehaald zonder hun toestemming.&#8217;<\/p>\n<p>Het geval van een andere gestolen baby &#8211; Mar\u00eda Eugenia Sampallo &#8211; steekt schril af tegen dat van Evelin. Ook zij kwam ter wereld in een martelcentrum, ook h\u00e1\u00e1r moeder werd na de geboorte vermoord en ook h\u00e1\u00e1r adoptievader was actief bij het verhoren en uit de weg ruimen van ontvoerden. Maar zij wist niet beter of haar echte ouders waren omgekomen bij een verkeersongeluk, later werd haar verteld dat ze een onwettig kind was van haar vader en een stewardess. Omdat ze aan dat verhaal twijfelde, nam ze contact op met de Abuelas. Uit de genetische gegevens van de databank bleek wie haar werkelijke ouders waren. Als eerste gestolen baby heeft zij haar adoptieouders zelf &#8211; en met succes &#8211; voor de rechter gesleept.<\/p>\n<p>Omgaan met de waarheid<\/p>\n<p>&#8216;Iedere mens,&#8217; zegt psychoanalytica Elena Lenhardtson, die in Buenos Aires om de hoek woont van m\u00edjn straat in die jaren, &#8216;heeft zijn eigen manier om met een trauma om te gaan. Dat geldt ook voor de teruggevonden chicos en voor de kinderen die hun ouders voor hun ogen hebben zien wegsleuren, mishandelen, vermoorden. Bijna iedereen die met extreem geweld te maken heeft gehad en hulp komt vragen, lijdt aan een posttraumatische stressstoornis: kwellende angsten, fobie\u00ebn, nachtmerries. Ik heb in mijn praktijk een gezin waarvan de drie kinderen aanwezig waren bij de moord op hun moeder en de vlucht van hun vader. Het driejarige jongetje verloor zijn spraakvermogen. Het meisje van vijf leek er minder onder geleden te hebben, maar kreeg jaren later hevige depressies. De oudste jongen bleef zwijgen over het gebeurde, hij verdrong alles wat ermee te maken had &#8211; tot hij tenslotte doorsloeg: hij had zich verantwoordelijk gevoeld voor wat was gebeurd, hij dacht dat hij zijn moeder en de kleintjes niet goed had beschermd, dat hij tekort was geschoten. Pas toen het gezin herenigd was en ze als volwassenen elkaar konden vertellen hoe ze het drama hadden beleefd, kwam het genezingsproces op gang.<\/p>\n<p>De teruggevonden kinderen van vermiste ouders hebben een heel eigen problematiek. Ze moeten hun adoptieouders verraden. Hun jeugd komt in een ander daglicht te staan. Ze moeten leren leven met een waarheid die vaak schrijnend en bijna niet te bevatten is. In het ene milieu is de strijd tegen onrecht een deugd, in het andere een vergrijp. Vrijwel alle chicos hebben een fase waarin ze boos zijn op hun biologische ouders, omdat ze zich door hen verwaarloosd voelen. Meestal trekken ze bij, vooral als ze ervan overtuigd raken dat hun ouders vochten voor een betere wereld, voor zichzelf, maar vooral voor hun kinderen. Dan kan het gebeuren dat ze de strijd van hun verdwenen ouders willen voortzetten. Dat vinden ze hun plicht, een eer.<\/p>\n<p>Om met de waarheid te kunnen leven, moeten de chicos hun vermiste biologische vader en\/of moeder vermoorden. Ze moeten in hun hoofd de overlijdensakte tekenen. Want anders blijven ze denken: daar loopt mijn vader of mijn moeder, ik lijk op die of die vrouw, straks kom ik hem of haar in het buitenland tegen. Een vermiste doodverklaren, geeft schuldgevoel. Dat is moeilijk te verwerken. De draagkracht en het kunnen omgaan met de waarheid hangen in de eerste plaats af van de persoonlijkheid. Wat voor het ene slachtoffer een almaar oplaaiend trauma blijft, wordt door het andere geleidelijk tot doven gebracht en bijgezet in de geschiedenis van zijn of haar leven.<\/p>\n<p>Het belangrijkste element in het genezingsproces is het praten. Maar niet iedereen praat even gemakkelijk. Een man heeft meer moeite dan een vrouw om zijn verdriet te vertellen, hij zal eerder met fysieke klachten komen. Hij vertegenwoordigt immers el poder, de macht, en dan, opeens, is hij weerloos. Vrouwen hebben die weerloosheid eerder meegemaakt en zijn vaker op hulp aangewezen geweest. Er is ook een groot verschil tussen iemand van het platteland en iemand uit Buenos Aires. De stedeling heeft over het algemeen minder schroom, beschikt over preciezere woorden en krijgt meer kans om lotgenoten te treffen. Maar nogmaals, voor de verwerking is de persoonlijkheidsstructuur bepalend. Als de hulpverlener daar niet diep genoeg in doordringt, kan hij niet blijvend helpen. Als hij alleen luistert naar wat wordt gezegd en geen oor heeft voor het verzwegene, faalt de therapie.&#8217;<\/p>\n<p>Zwarte humor<\/p>\n<p>Macarena Gelman is verbaal begaafd. Dat zeg ik tegen haar tussen het knallen van de vuurpijlen door, aan het eind van ons gesprek op de Rambla van Montevideo. Ze knikt: &#8216;Dat zit in mijn genen. Mijn opa is dichter. Maar ook mijn vader schreef gedichten, al toen hij vijftien was. Die zijn eigenlijk mooier dan die van mijn opa. Het zijn voorspellende gedichten, hij kondigde er zijn dood in aan. Van mijn overleden adoptievader heb ik het bazige gedrag overgenomen. Het zijn heus niet alleen de genen die je karakter vormen, ook het aangeleerde.&#8217; Ze lacht, we lachen allebei. Dan zegt ze: &#8216;De chicos vertellen elkaar de meest gruwelijke grappen, een buitenstaander zou zich dood schrikken. We blinken uit in zwarte humor. En in wantrouwen. Ik verifieer alles. Pas als iets bewezen is, begin ik erin te geloven. Daarom heb ik meer op met scheikunde dan met psychologie. Ik moet er niet aan denken wildvreemden om hulp te vragen. Daar heb ik mijn vrienden voor. Maar weet je, uiteindelijk red ik mezelf.&#8217;<\/p>\n<p>Fleur Bourgonje is schrijfster. Eind augustus verschijnen bij de Arbeiderspers haar roman \u2018Verdwijnpunt\u2019 en haar dichtbundel \u2018Hartenbeest\u2019 in \u00e9\u00e9n uitgave.<\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Tijdens de Argentijnse dictatuur (1976-1983) werden in geheime gevangenissen en martelcentra kinderen geboren, wier ouders vermoord werden. De baby\u2019s werden weggegeven. Later werden sommige nakomelingen teruggevonden. Een schokkende ervaring.<\/p>\n","protected":false},"author":1023,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"content-type":"","footnotes":""},"categories":[193,27],"tags":[],"acf":[],"author_name":"fleur bourgonje","_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/92747"}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/types\/post"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/comments?post=92747"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/92747\/revisions"}],"author":[{"embeddable":true,"name":"fleur bourgonje","href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/users\/1023"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/media?parent=92747"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/categories?post=92747"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/tags?post=92747"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}