
 {"id":92163,"date":"2009-08-15T00:00:00","date_gmt":"2009-08-14T22:00:00","guid":{"rendered":"http:\/\/beta.vn.nl\/le-trou-du-trou-du-trou\/"},"modified":"2009-08-15T00:00:00","modified_gmt":"2009-08-14T22:00:00","slug":"le-trou-du-trou-du-trou","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.vn.nl\/le-trou-du-trou-du-trou\/","title":{"rendered":"Le trou du trou du trou"},"content":{"rendered":"<p>Kort verhaal \/ Mijn ergste vakantie<\/p>\n<p>Waarom ging iemand uit vrije wil in het meest verlaten gebied van Frankrijk wonen, een plek die hij zelf beschreef als le trou du trou du trou? Dat was mijn eerste gedachte toen ik met mijn drie  kinderen uit de auto van Max stapte en een blik op zijn opgeknapte hoeve wierp.<\/p>\n<p>Al tijdens de lange rit over een hevig slingerende weg langs bossen en eindeloze graslanden waar geen levende ziel te zien was, kreeg ik een zinkend gevoel. Druppel voor druppel werden al mijn stadse pleziertjes uit het landschap geperst. Niets herinnerde me aan de dingen waaraan ik zo gehecht was: het bakkertje op de hoek, de haringkraam op de brug, de boekwinkel waar de eigenares precies wist wat ik graag las.<\/p>\n<p>Het was mijn eigen schuld. Ik had me laten ompraten. Ik had al zo vaak nee gezegd, dat ik door alle mogelijke excuses heen was. En wat was er ook eigenlijk mis met het Franse platteland? Wat zeurde ik toch, zeker nu ik een week alleen met de kinderen was?<\/p>\n<p>Ik was Max in de stad tegengekomen. Zomerweer in juli, drukkend warm, onweer in de lucht. Hij genoot op een terrasje. Ik kwam met drie kinderen op de bakfiets langs zwoegen. Met zijn armen maakte hij een weids gebaar.<\/p>\n<p>&#8216;Stel je eens voor,&#8217; bezwoer hij me, &#8216;absolute stilte, de geur van rozemarijn en tijm, eerlijk eten en het rustgevend groen van gras en bomen. Binnen de kortste keren ken je de kinderen niet meer terug. Die belanden van het ene in het andere avontuur. En &#8216;s avonds rollen ze uitgeput hun bed in.&#8217;<\/p>\n<p>Hij nam een slok van zijn witte wijn, die ongetwijfeld de perfecte temperatuur had.<\/p>\n<p>&#8216;Je ziet er afgemat uit,&#8217; zei hij, terwijl hij me uitvoerig monsterde. &#8216;Het wordt tijd voor een goed glas bordeaux in plaats van al die slappe Hollandse thee. Weet je wat, morgen ga ik retour naar Frankrijk. Ellen zal verrukt zijn je te zien. Je pakt wat kleren en om vijf uur rij ik voor. Je hoeft alleen maar in te stappen en &#8216;s middags zijn we al in het paradijs!&#8217;<\/p>\n<p>Mijn dochter kwam huilend naar me toe. Ze was in de kroondop van een flesje bier gevallen. &#8216;Need I say more?&#8217; zei Max. &#8216;Morgenochtend. Vijf uur sharp.&#8217;<\/p>\n<p>Met z&#8217;n vieren gaapten we naar de plek waar hij onderweg zo uitvoerig over verteld had. Het huis was als een plaatje uit een toeristenfolder: het rieten dak, de ronde raampjes, de met klimop begroeide muren. Een gietijzeren zitje completeerde het romantische geheel. Het lag op een enorm terrein waar een wild stromende beek doorheen kronkelde. Nog wat stijf zetten we onze eerste stappen op het platteland. Het miezerde en het gras was drassig. Max gaf me de sleutel van mijn g\u00eete, een omgebouwde paardenstal waar ik de komende dagen zou bijkomen van alle stadse ontberingen.<\/p>\n<p>&#8216;Voil\u00e0,&#8217; zei hij, met de blik van de eigenaar. &#8216;Niet slecht, h\u00e8? Ik ga tot het eten buiten werken. Bomen kappen, wat snoeien. Er moet hier altijd van alles gedaan worden. Ellen komt eind van de middag thuis met de boodschappen.&#8217; Hij gaf me een tikje op mijn wang. &#8216;Jij kent jezelf na een week niet meer terug, I promise.&#8217;<\/p>\n<p>&#8216;Zijn dat ratten?&#8217; vroeg mijn dochtertje, wijzend naar de tientallen harige beesten die in het meer zwommen. Ik probeerde haar gerust te stellen. Dit waren waterratten, niet de soort die aan de tenen van baby&#8217;s knaagden.<\/p>\n<p>&#8216;Slapen die &#8216;s nachts ook in het water?&#8217; vroeg mijn oudste benauwd.<\/p>\n<p>&#8216;Natuurlijk niet,&#8217; zei ik ferm. Zijn vaste nachtmerrie ging over ratten die door het riool zwommen.<\/p>\n<p>We gaan wandelen, besloot ik. Ik had niet voor niets op het laatste moment nog drie paar stoere wandelschoenen in puppymaatjes voor ze gekocht. Het begon nu echt te gieten. Aan regenlaarzen had ik midden in de zomer niet gedacht.<\/p>\n<p>Het gezellige dorpje waarover Max zo lyrisch had verhaald, bleek te bestaan uit een aantal vervallen boerderijen langs een weg. Het was bijna compleet verlaten, althans door iedereen onder de zeventig. Een oud vrouwtje gehuld in een bloemenschort kwam naar buiten lopen met een blaffende herdershond in haar kielzog. Ze keek me vijandig aan. Blijkbaar verstoorde ik haar rust. De \u00e9picerie die ik aantrof &#8211; ik had mijn hongerige kinderen verzekerd dat er in elk Frans dorp minstens \u00e9\u00e9n te vinden was &#8211; verkocht op dit uur geen croissants meer. Wel sigaretten en drank. En de chips waren ook op. Ruige types dronken staand aan de bar een glas Ricard. Niemand van hen week een centimeter om ons langs te laten. Ik greep mijn kinderen stevig in hun kraagjes.<\/p>\n<p>Op een boom langs de weg was een bordje getimmerd. Nathalie, je ne t&#8217;oublie jamais &#8211; Jean. Eronder lagen plastic lelies. Arme Nathalie, vast doodgereden door een leeftijdgenoot die brallend naar huis reed na een feest in het volgende dorp, te dronken om het door te hebben. Ik duwde mijn kinderen voort. Er moest in dit godvergeten gat toch ergens een zakje chips te scoren zijn.<\/p>\n<p>Voorbij het kerkhof hield de wereld op. Geen huizen meer, geen kroegen, geen winkels. We tuurden over het prikkeldraad dat langs de weg was gespannen. De regen kwam inmiddels met bakken uit de lucht. Nog steeds hongerig en uit ons doen liepen we terug naar onze g\u00eete. In de verte zagen we bewegende lichtjes. Waren dat Ellen en Max die daar met brandende fakkels rondzwaaiden?<\/p>\n<p>&#8216;Pak ook een fakkel,&#8217; zei Ellen, met een verhit gezicht.<\/p>\n<p>&#8216;Het leek me niet verstandig het je van te voren te vertellen,&#8217; zei Max schaapachtig, &#8216;maar we hebben hier een zwijnenplaag. Dit is het enige wat helpt. Behalve afschieten natuurlijk, maar dat laat ik graag aan de experts over.&#8217;<\/p>\n<p>Mijn kinderen keken benauwd. Zwijnenplagen, daar hadden ze op hun Amsterdamse stadsschooltje niets over geleerd. Het was al heel wat dat ze in hun schooltuintje een zelfgepote aardappel hadden uitgegraven.<\/p>\n<p>&#8216;Doe de deur vooral goed dicht, anders staan ze &#8216;s nachts opeens naast je bed,&#8217; zei Ellen, alsof ze me vertelde dat de lakens op de bovenste plank lagen. Was dit dezelfde Ellen die ik vroeger vaak in de PC Hooftstraat zag lunchen? Die er zelfs na een middag shoppen charmant uitzag op haar elegante pumps?<\/p>\n<p>We aten die avond grote plakken foie gras, wat mijn kinderen resoluut weigerden te eten. Wie had ze in hemelsnaam verteld hoe ze die ganzen vetmesten?<\/p>\n<p>De volgende dag wist ik Ellen zover te krijgen mijn boodschappenlijstje mee te nemen waarop eerste levensbehoeften stonden als chips, chocopasta en bolognesesaus uit een glazen pot. Het kuipje leverworst ging haar te ver &#8211; welke moeder voert haar kinderen nu fabrieksafvalvlees!<\/p>\n<p>Max en Ellen vertrokken luid toeterend naar de grote stad en zouden pas laat terugkeren. Terwijl we die dag binnen wachtten tot de regen eindelijk zou ophouden, werd er aan de deur geklopt. Een tandeloze man met een alpinopet vroeg naar monsieur Max.<\/p>\n<p>&#8216;Monsieur Max n&#8217;est pas ici,&#8217; zei ik. Ik had onmiddellijk spijt van mijn openhartigheid.<\/p>\n<p>De man spuugde naast mijn voeten.<\/p>\n<p>Monsieur Max had er vast geen bezwaar tegen dat hij op zijn landgoed een zwijntje zou afschieten, n&#8217;est ce pas, ging hij verder. Hij vuurde een denkbeeldig geweer af. &#8216;Paf paf. La tradition, madame. La tradition.&#8217;<\/p>\n<p>De duisternis viel en de wind deed de ramen in hun sponningen klapperen.<\/p>\n<p>&#8216;Mama, hoor jij ook voetstappen?&#8217; vroeg de jongste.<\/p>\n<p>&#8216;Nee, het zijn geweerschoten,&#8217; zei de middelste. &#8216;Paf paf.&#8217; Hij spuugde op de grond.<\/p>\n<p>&#8216;Doe niet zo raar,&#8217; zei de oudste. &#8216;Dat zijn natuurlijk de zwijnen.&#8217;<\/p>\n<p>Zwijnen leken me opeens nog het minste probleem. Wat als een stelletje van die brute kerels uit de kroeg\u2026 Ik draaide de sleutel drie keer om, stuurde de kinderen naar boven en ging beneden in het donker op de uitkijk zitten. Ik was in Strawdogs beland. The sequel.<\/p>\n<p>Wat was ik opgelucht toen enkele uren later felle koplampen het erf opdraaiden. Max en Ellen kwamen terug. Ik was weer veilig. Snel haalde ik de deur van het slot en rende hen tegemoet.<\/p>\n<p>Toen gebeurde het. Ik stapte vanuit het drassige grasveld plotseling in een zwart gat. Even leek ik te zweven. Daarna klapte ik op de stenen in het ijskoude water van de beek. Zeker drie meter was ik omlaag gevallen. Mijn arm was uit de kom, als het niet erger was, mijn hoofd duizelde en ik proefde bloed. Schreeuwend probeerde ik in het pikdonker vergeefs houvast te vinden. Dat ik van alle plaatsen in de wereld uitgerekend in dit gat aan mijn einde moest komen.<\/p>\n<p>Op dat openblik scheen Ellen met een felle zaklamp in mijn ogen.<\/p>\n<p>&#8216;Goddank,&#8217; riep ze. &#8216;Jij bent het. Ik was bang dat het een van de kinderen was.&#8217;<\/p>\n<p>Als een verzopen kat zat ik enige tijd later in de authentieke boerenkeuken, met zijn lavendelblauwe kastjes met gefiguurzaagde hartjes. De enorme bel armagnac, een lokale specialiteit, verdoofde de pijn maar ten dele.<\/p>\n<p>Ik was niet vaak zeker geweest van mijn zaak, maar nu wel. De volgende dag zou ik vertrekken, hoe dan ook. Het boerenlandleven had vast zijn charme, maar aan mij waren al die muggen, zwijnen en tandeloze engerds niet besteed. Laat mij maar zwoegend met een bakfiets vol kinderen de Amsterdamse bruggen op klimmen. La tradition, madame!<\/p>\n<p>Mijn ergste vakantie<\/p>\n<p>Hoe beleven schrijvers de zomervakantie? Saskia de Coster, Pia de Jong, Maria Barnas en Karin Amatmoekrim schreven op verzoek van Vrij Nederland een kort verhaal over hun allervreselijkste vakantie-ervaring. Deze week: deel 2.<\/p>\n<p>\u2018Lange dagen\u2019 (Prometheus, 2008), het debuut van Pia de Jong, werd genomineerd voor De Gouden Uil.<\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Het leek ideaal: met de kinderen uitrusten op het idyllische Franse platteland. Maar voor Pia de Jong bleek Amsterdam toch minder enerverend. \u2018Ik was in Strawdogs beland. The sequel.\u2019<\/p>\n","protected":false},"author":1023,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"content-type":"","footnotes":""},"categories":[293,27],"tags":[],"acf":[],"author_name":"pia de jong","_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/92163"}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/types\/post"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/comments?post=92163"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/92163\/revisions"}],"author":[{"embeddable":true,"name":"pia de jong","href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/users\/1023"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/media?parent=92163"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/categories?post=92163"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/tags?post=92163"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}