
 {"id":90815,"date":"2009-09-26T13:09:00","date_gmt":"2009-09-26T11:09:00","guid":{"rendered":"http:\/\/beta.vn.nl\/ecoloog-marten-scheffer-we-poken-het-beest-wakker\/"},"modified":"2009-09-26T13:09:00","modified_gmt":"2009-09-26T11:09:00","slug":"ecoloog-marten-scheffer-we-poken-het-beest-wakker","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.vn.nl\/ecoloog-marten-scheffer-we-poken-het-beest-wakker\/","title":{"rendered":"Ecoloog Marten Scheffer: &#8216;We poken het beest wakker&#8217;"},"content":{"rendered":"<div class=\"wpg-element paragraph\">\n<p>Het zijn feestelijke tijden voor ecoloog Marten Scheffer. Deze maand staat hij tweemaal in het wetenschappelijke topblad Nature. In november ontvangt hij uit handen van minister Plasterk de Spinozapremie, de chicste wetenschappelijke prijs die Nederland rijk is. <\/p>\n<\/p><\/div>\n<div class=\"wpg-element paragraph\">\n<p>Onlangs verscheen zijn boek Critical Transitions in Nature and Society, waarin hij zijn inzichten uit jarenlang onderzoek heeft samengebald en zich over een breed spectrum van grote omslagen buigt, van meren die plotseling troebel worden tot burgers die ineens collectief voor een populist vallen. Ook zag de cd Transitions het licht, waarop Scheffer met twee collega-musici door thema&#8217;s uit de wereldmuziek ge\u00efnspireerde composities speelt. Net als in de wetenschap laat Scheffer zich in de muziek door geen genregrens beperken. Hij nam het mandolineconcert van Vivaldi op, had een groep die Nederlandstalige folkmuziek maakte en toerde jaren met gitarist Harry Sacksioni.<\/p>\n<\/p><\/div>\n<div class=\"wpg-element paragraph\">\n<p><b>Wetenschappelijke nostradamus<\/b><br \/>Hoewel hij het gewend is voor het voetlicht te treden, vindt de bioloog de belangstelling die hem nu ten deel valt wel wat veel van het goede. &#8216;De Spinozapremie is leuk, maar je krijgt wel erg veel aandacht, overal vandaan. Van Philips dat graag wil dat je meedenkt over de lampenproductie op de wereld tot kunstenaars die in een container op de Tweede Maasvlakte zitten en graag met jou van gedachten willen wisselen. Op de dag dat Nature het artikel publiceert waarvan ik de hoofdauteur ben, mag ik ook samen met de andere twee Spinozaprijswinnaars op de lunch bij Willem-Alexander en M\u00e1xima.&#8217;<\/p>\n<p>In die Nature-publicatie laat Scheffer zien dat er voor grote omwentelingen in heel uiteenlopende systemen gelijkaardige waarschuwingssignalen zijn. Een wetenschappelijke Nostradamus die klimaatomslagen en beurscrises feilloos kan voorspellen, is hij daarmee nog niet: &#8216;De daadwerkelijke toepassing staat nog in de kinderschoenen, maar het is wel een fascinerende gedachte dat in de buurt van een kantelpunt universele wetten gelden. Of dat nu in een bootje is, in het klimaat of in de hersenen voor een epileptische aanval, er zijn bepaalde dingen die altijd gebeuren.&#8217;<\/p>\n<p>Welke rode lampjes kondigen dan precies de nabijheid van een omwenteling aan? De Wageningse wetenschapper ziet patronen die zich prachtig in wiskundige vergelijkingen laten vangen, maar iets moeilijker in alledaagse taal zijn uit te drukken. Een belangrijk waarschuwingssignaal is de zogeheten autocorrelatie. &#8216;Als een systeem een omslagpunt nadert, worden de veranderingen trager en gaat vandaag meer op gisteren lijken. Dat is autocorrelatie,&#8217; licht Scheffer eenvoudig toe. &#8216;Het heeft te maken met een soort besluiteloosheid. Als een systeem lekker in zijn vel zit, dan kan het goed met verstoringen om gaan. Geef je het een duwtje, dan vindt het snel weer zijn evenwicht. In de buurt van het omslagpunt duurt dat veel langer.&#8217;<\/p>\n<p>Een mooie vondst, maar hebben we hier nu ook iets aan, bijvoorbeeld om te weten of we aan de vooravond van een kanteling in het klimaat staan? Onderzoek naar scherpe omslagen uit het verleden, zoals het ontstaan van de Sahara en het plotselinge einde van de laatste ijstijd, laat in elk geval zien dat er in die gevallen steeds een langzame toename van de autocorrelatie was, zegt Scheffer. &#8216;Hoeveel tijd je nodig hebt om het signaal op te pakken, hangt af van de traagheid van het systeem. Als je kijkt naar epileptische aanvallen, heb je tijdseries van enkele minuten nodig, voor het klimaat zijn dat millennia.&#8217;<\/p>\n<p>Een grote klimaatomslag tot op het decennium voorzien, is dus te hoog gegrepen. Zeker als we ons er rekenschap van geven dat het verklaren van markante veranderingen uit het verleden al hoger giswerk is. In Critical Transitions in Nature and Society vertelt Scheffer wonderbaarlijke klimaatgeschiedenissen. Over hoe de aarde honderden miljoenen jaren geleden geheel bedekt was met sneeuw en ijs, maar in relatief korte tijd naar een heel hete toestand schoot. &#8216;Uitzoeken hoe klimaatverandering tot stand is gekomen, is detectivewerk,&#8217; zegt de wetenschapper. &#8216;De meeste theorie\u00ebn zijn geen lang leven beschoren. Maar zoals we er nu tegenaan kijken, is heel de aarde een sneeuwbal geweest door een positief terugkoppelingseffect: toen sneeuw en ijs eenmaal begonnen te groeien, werd de aarde almaar witter, zodat steeds meer zonlicht werd weerkaatst en steeds minder warmte vastgehouden. Terwijl heel de aarde bedekt raakte met ijs, stierf al het plantaardige leven uit. Maar de vulkanen bleven wel CO2 in de atmosfeer spuwen, dat door bomen en planten niet langer werd opgenomen. Op een gegeven moment was er zoveel CO2 dat het ijs door het broeikaseffect begon te smelten. En toen kreeg je een terugkoppeling de andere kant op. Naarmate er meer ijs smolt, begon de aarde meer warmte vast te houden en werd het steeds warmer, totdat de oceanen op een gegeven moment vijftig graden waren.&#8217;<\/p>\n<p><b>Pas op, blauwalgen<\/b><br \/>Het eerste puzzelstukje &#8211; de oorspronkelijke temperatuurdaling die de neerwaartse spiraal naar een sneeuwbal-aarde inluidde &#8211; werd gelegd door een &#8216;evolutionair toeval&#8217;, het ontstaan van de cyanobacteri\u00ebn, in de volksmond blauwalgen. &#8216;Die dingen waar we nog steeds op foeteren &#8211; pas op, blauwalgen, niet zwemmen in het Veluwemeer &#8211; lijken heel veel op de blauwalgen die gevonden zijn in de oudste fossielen op aarde. Zij zijn als eerste organisme met behulp van zonlicht CO2 gaan vastleggen en daar organische stof van gaan maken. En als je CO2 uit de atmosfeer haalt, daalt de temperatuur.&#8217;<\/p>\n<p>Door nu in hoog tempo het omgekeerde te doen &#8211; industrieel CO2 in de atmosfeer te lozen &#8211; lopen we gevaar. &#8216;We duwen het klimaatsysteem in vijftig jaar enorm uit het lood. Ik was op het wetenschappelijke congres ter voorbereiding van de politieke top in Kopenhagen. De algemene mening daar was dat we veel te voorzichtig zijn geweest in het inschatten van de mate van verandering. Iedereen was bang uitgemaakt te worden voor alarmist. Als je kijkt naar de metingen die nu binnenkomen van het afkalven van het poolijs en de stijging van temperatuur en zeespiegel, zie je dat veel tijdseries in het meest pessimistische scenario zitten uit de hele waaier van scenario&#8217;s die door het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC) is gemaakt. Ik denk dat de mate en snelheid van klimaatverandering onderschat zijn. Dat is wel iets om stil bij te staan als je bovendien uit de geschiedenis van het klimaat weet dat er allerlei punten zijn waarop verandering zichzelf kan gaan versterken.&#8217;<\/p>\n<p>De geschiedenissen die Scheffer vertelt, kunnen ook het gevoel geven dat het klimaat sowieso voortdurend verandert en dat het een illusie is te denken dat wij dat als mensen kunnen voorkomen. Het idee dat we iets als &#8216;klimaatbeleid&#8217; kunnen voeren, is een hoogmoedige misvatting, vindt bijvoorbeeld de Delftse geoloog Salomon Kroonenberg. Volgens Scheffer is het precies andersom. &#8216;We zitten in het Holoceen, een heel bijzondere periode. Tienduizend jaar is het klimaat ongelooflijk stabiel geweest vergeleken met wat we daarvoor hebben gezien. De heersende opinie is dat als wij nergens gaan trekken en duwen het Holoceen nog vele duizenden jaren standhoudt. Maar we zijn w\u00e9l aan het trekken en duwen. Het klimaat is een wild beest dat alle kanten op kan vliegen, maar tienduizend jaar heeft geslapen. En dat is wel precies de tijd waarin onze beschaving is ontstaan. Je kunt zeggen: ja, klimaat is altijd variabel geweest en mensen hebben daar altijd in geleefd. Maar dat is niet zo. De beschaving zoals we die kennen, is ontstaan in een bijzonder kalme periode. Het beest sliep. En nu zitten we erin te poken.&#8217;<\/p>\n<p><b>Nieuwe Club van Rome<\/b><br \/>Sinds de industri\u00eble revolutie leven we eigenlijk niet langer in het Holoceen, maar in het Antropoceen. Dat benadrukt Scheffer samen met zevenentwintig andere auteurs (onder wie de Nederlandse Nobelprijswinnaar Paul Crutzen) in zijn tweede Nature-publicatie van deze maand. De auteurs ontpoppen zich tot een nieuwe Club van Rome. Ze benoemen een tiental cruciale planetaire grenzen. Het zijn drempels waar we onder moeten blijven om te voorkomen dat plotselinge omslagen zich voordoen die tot schadelijke, zelfs catastrofale gevolgen kunnen leiden. Volgens de wetenschappers zijn we al door drie kritische barri\u00e8res heen gebroken: het tempo waarin soorten verdwijnen, ligt honderd tot duizend keer hoger dan wat natuurlijk is; de hoeveelheid stikstof die aan de atmosfeer wordt onttrokken en in het milieu gebracht, met als hoofdschuldige de landbouw, is bijna vier keer te hoog; en de concentratie broeikasgas in de atmosfeer, die nu al de kritische drempel van 350 deeltjes per miljoen heeft overschreden. Bestaande klimaatmodellen hebben de gevoeligheid van het klimaat voor kooldioxide onderschat, schrijven de bezorgde wetenschappers.<\/p>\n<p>&#8216;Een van de zaken die niet is meegenomen in het IPCC-rapport, is dat de aarde als het warmer wordt uit zichzelf meer broeikasgassen in de atmosfeer brengt,&#8217; licht Scheffer toe. &#8216;De schatting is dat voor elke ton CO2 die je in de atmosfeer brengt, de aarde je een halve ton cadeau geeft doordat het warmer wordt. Dat is een van de vele dingen die niet in de IPCC-berekeningen zitten. Alles wat we nog niet goed kunnen berekenen, hebben we tot nu toe grotendeels verwaarloosd. Er is nu een felle discussie over hoe je omgaat met elementen waarvan we vrij zeker weten dat ze bestaan, maar die we nog niet in een getal kunnen uitdrukken.&#8217;<\/p>\n<p><i>U schrijft dat terugdringing van de CO2-uitstoot eigenlijk onze enige optie is. Sommige wetenschappers pleiten voor geo-engineering, het grootschalig ingrijpen in het klimaat, bijvoorbeeld door kunstmatige wolken te maken die het zonlicht weerkaatsen.<\/i><\/p>\n<p>&#8216;Dat is natuurlijk heel spannend. Maar het probleem is dat wij het beest zo slecht kennen. Aan de ene kant zit je in hem te poken, en aan de andere kant geef je hem dan een slaappil. Maar wat is het voor een beest en hoe reageert hij op het stofje in die slaappil? Als je al die fantastische idee\u00ebn hoort, denk je: geweldig. Het probleem is alleen dat je iets gaat doen met de planeet als geheel waarvan je niet weet of het goed uitpakt. Een ander aspect is dat als je dit in het vooruitzicht stelt, je de drijfveer wegneemt om op een ander manier iets aan het klimaat te doen. En dat terwijl er meerdere redenen zijn om de fossiele brandstoffen er minder snel doorheen te jagen. Je kunt er bijvoorbeeld prachtige kunststoffen van maken.&#8217;<\/p>\n<p><i>U bent er wel voorstander van troebele meren weer helder te maken door tijdelijk een flink deel van de vis te verwijderen. Dat is toch ook geo-engineering?<\/i><\/p>\n<p>&#8216;Op heel kleine schaal. Biomanipulatie van een meer is omkeerbaar. Het is een manier om een systeem dat vroeger divers is geweest en dat door ons toedoen troebel is geworden, waar nog weinig soorten in leven en dat vol zit met giftige algen, weer terug te brengen in de oorspronkelijke toestand. Fijn voor ons en fijn voor hen, en het is kleinschalig. Als je het aan de organismen vraagt, zal de brasem niet blij zijn, want die wordt eruit gehaald. De snoek en de baars zijn weer wel heel blij, maar de blauwalg huilt. Je kunt zeggen: het is arrogant om zo aan de natuur te sleutelen, maar ik vind dat wel meevallen, want we zijn altijd in de natuur aan het ingrijpen. Iets groter wordt het als je ijzer aan de oceaan wilt toevoegen om daar CO2 vast te leggen. Nog groter wordt het als je op grote hoogte stoffen in de stratosfeer wilt brengen om het klimaat te veranderen. Het lijkt op het eerste gezicht niet zo gek. Maar je moet wel tot tien tellen voor je zoiets doet. Het is een beetje vergelijkbaar met het introduceren van nieuwe soorten om een plaag te bestrijden. Het klinkt logisch, maar meestal loopt het totaal anders dan je verwacht had.&#8217;<\/p>\n<p><i>U stelt dat de mens de neiging heeft om vast te houden aan levenswijzen die in het verleden succesvol zijn geweest. Weinig kans dat we snel afkomen van onze verslaving aan fossiele brandstoffen.<\/i><\/p>\n<p>&#8216;Het is voor mensen en groepen heel moeilijk om op een ander spoor te gaan. Maar ook technologisch en economisch zijn er omschakelproblemen. Heb je wel voldoende oplaadpunten voor elektrische auto&#8217;s? Maar als we omschakelen naar duurzame energie, beteugelen we het broeikaseffect en hebben we straks ook nog fossiele brandstoffen over voor andere zaken. Het klimaat heeft een enorme traagheid en de ingezette klimaatverandering gaat nog steeds een tijd door, maar je houdt het toch beter in de hand.&#8217;<\/p>\n<p><i>Brengt niet elke nieuwe technologie weer nieuwe problemen met zich mee? Als we massaal op zonne-energie omschakelen, is er een tekort aan zuiver silicium. Zullen we ook niet moeten consuminderen?<\/i><\/p>\n<p>&#8216;Vanzelfsprekend zullen we ook minder energie moeten gebruiken. Er zit zoveel gekte en verspilling in. Ik vraag me wel eens af hoe er over honderd jaar teruggekeken zal worden naar deze periode van verkwisting. Het lijkt normaal als je er binnenin zit, maar ik denk dat het over honderd jaar als gekte zal worden gezien.&#8217;<\/p>\n<p><i>Pas over honderd jaar, of zijn we nu al dicht bij een mentaliteitsverandering?<\/i><\/p>\n<p>&#8216;Nee, ik denk dat het heel langzaam gaat. Als je kijkt naar de CO2-uitstoot, neemt die nog steeds in rap tempo toe. Er is geen enkele aanwijzing dat er een afbuiging aankomt. Ik ben niet zo optimistisch over hoe snel dat gaat veranderen.&#8217;<\/p>\n<p><i>Van de grote klimaatconferentie in Kopenhagen mogen we niet veel verwachten?<\/i><\/p>\n<p>&#8216;Ik denk het nog niet. Het is ook heel moeilijk om het als wereldbevolking eens te worden. We hebben heel verschillende belangen. De ontwikkelingslanden zeggen: jullie zijn rijk geworden door een enorme CO2-uitstoot; wij zijn bezig met een enorme inhaalslag en wij zouden het nu niet mogen. De rijke landen moeten daarom veel steviger hun verantwoordelijkheid nemen. Maar het zal niet makkelijk zijn de neuzen \u00e9\u00e9n kant op te krijgen.&#8217;<\/p>\n<p><b>Ecologie voor bankiers<\/b><br \/>Op het stiftplankje van Scheffers whiteboard staat een boek over die andere grote crisis die het klimaat van de agenda dreigt te verdringen: de financi\u00eble crisis. Denkt de ecoloog echt dat zijn inzichten ook helpen om in de toekomst marktcrashes te voorspellen en voorkomen? &#8216;Als het gaat om beurzen, is voorspellen heel moeilijk, om de eenvoudige redenen dat een heel leger dikbetaalde mensen permanent aan het zoeken is naar manieren om beurzen te voorspellen. Zodra ze daar iets voor vinden, slaan ze daar een slaatje uit. En daarmee wordt dat soort voorspelbaarheid er ook meteen weer uitgeperst. Het is een systeem dat permanent bezig is zijn eigen voorspelbaarheid te verwijderen. Maar wat we nu hebben gezien &#8211; het instorten van de markt &#8211; daar zitten heel herkenbare kanten aan. Bijvoorbeeld het psychologische aspect dat mensen elkaars gedrag kopi\u00ebren. Z\u00edj verkopen hun aandelen, ze zullen dus wel iets weten dat ik niet weet, en daarom verkoop ik mijn aandelen ook. Zo krijg je een sneeuwbaleffect. Wat eronder zat, was een systeem dat steeds fragieler werd, zonder dat we dat goed in de gaten hadden. Op het moment dat het gaat schuiven en rommelen, kan dat opeens eye-openers opleveren.&#8217;<\/p>\n<p><i>Waarvoor gaan onze ogen dan open in het geval van de grote kredietcrisis?<\/i><\/p>\n<p>&#8216;Je mag natuurlijk hopen dat we een systeem gaan opbouwen dat veel veerkrachtiger is, minder van die instabiele units gaat bevatten die elkaar als in een dominospel omduwen. Anderhalf jaar geleden, voor de zaak echt ging schuiven, stond er een stuk in Nature met als titel &#8220;Ecology for bankers&#8221;. Daarin werd uit de doeken gedaan wat er in de ecologie bekend is over wat de stabiliteit en fragiliteit van systemen bepaalt en wat je daarvan zou kunnen leren voor de financi\u00eble wereld. Als je dat nu terugleest, denk je: ze hadden wel gelijk.&#8217;<\/p>\n<p>De basis voor zijn theorie van kritische omslagen legde Scheffer tijdens zijn jarenlange onderzoek naar meren. &#8216;Het zijn wereldjes op zich die zich heel goed lenen om over na te denken en er experimenten mee te doen,&#8217; verklaart de bioloog. &#8216;Het artikel dat wordt gezien als het begin van de ecologie als de wetenschap die denkt over de samenhang tussen organisme en het milieu, heet &#8220;The lake as a Microkosmos&#8221;. Dat is honderdtwintig jaar oud. De hele balans tussen het milieu en het leven onder water wordt er in beschreven. Aan het eind staat er een soort van bespiegeling. Het is net na Darwin. Als al die soorten die elkaar allemaal opeten en beconcurreren tot zo&#8217;n mooi evenwicht leiden, hoeveel beter kan het dan niet met de mensen, die niet alleen de strijd om het bestaan hebben, maar ook nog allemaal gedachten over samenwerking? Het is wel leuk om een dergelijke gedachte zo vroeg te lezen. Ik heb ook het gevoel dat een meer mooi als inspiratie kan dienen voor het begrijpen van complexe systemen zoals samenlevingen.&#8217;<\/p>\n<p><i>U schrijft dat ondiepe meren jarenlang uw favoriete ecosysteem zijn geweest. Heeft u intussen een andere liefde?<\/i><\/p>\n<p>&#8216;Nee, hoor. Wij onderzoeken hier in Wageningen het waterleven in sloten, meren, zee\u00ebn en oceanen. Wat we geleerd hebben uit poeltjes blijft toch de basis. Natuurlijk heb ik ook andere lievelingsecoystemen. Ik houd erg van de woestijn, bijvoorbeeld. Lekker simpel, kun je mooi over nadenken. Zoals iedereen houd ik ook erg van koraalrif en regenwoud. Dat is het andere uiterste. Heel ingewikkeld en overweldigend. Maar meren blijven mooi. Die zijn ingewikkeld, maar we kunnen het net aan. Wetenschappelijk is dat heel inspirerend, afgezien nog van het feit dat het prachtig is om over een helder meer te kano\u00ebn en het leven onder water te zien.&#8217;<\/p>\n<p><i>U was zo&#8217;n jongen die in slootjes tuurde?<\/i><\/p>\n<p>&#8216;Vanaf mijn zesde woon ik in de Betuwe. Daar heb ik ook in de slootjes gevist. De fascinatie voor de natuur is me met de paplepel ingegoten. Mijn overgrootvader schreef in de tijd van Jac. P. Thijsse een column over de natuur in de krant. Weer een ander overgrootvader was directeur van een botanische tuin. Van mijn grootvader, een chemicus die hier in Wageningen is gepromoveerd, heb ik de vogelsoorten en de planten van Nederland geleerd. De generatie van mijn ouders zit juist in de kunsten. Mijn ouders zijn musici. Een broer van mijn vader is beeldhouwer. Mijn moeders broer is violist, haar zus balletdanseres. Ik ben tussen de wal en het schip van de kunsten- en de wetenschapsgeneratie geraakt.&#8217;<\/p>\n<p><i>Komt u er als topwetenschapper nog steeds aan toe te musiceren?<\/i><\/p>\n<p>&#8216;We hebben onlangs nog een cd gemaakt, Transitions, maar aan de muziek trek ik nu wat minder hard als het gaat om concerten. Jarenlang gaven we twee concerten per week. Daar heb ik erg van genoten, maar dat combineert slecht. Voordat je weer thuis bent, is het heel laat. En de kindjes worden weer heel vroeg wakker. Zeker de periode dat de kinderen nog klein zijn, probeer ik wat meer thuis te zijn.&#8217;<\/p>\n<p><i>Is er verband tussen wat u in de wetenschap en in de muziek doet?<\/i><\/p>\n<p>&#8216;Het zijn twee werelden, maar er zijn ook dingen vergelijkbaar. Veel in de muziek is net als in de wetenschap noeste arbeid. Je moet dingen uitzoeken, oefeningen doen, je techniek kennen. Maar waar het eigenlijk om gaat, heeft veel meer te maken met iets intu\u00eftiefs, met inspiratie. De richting die je kiest, komt veelal voort uit heel associatief denken, met plotselinge invallen. Dat is nog geen wetenschap. Vervolgens komt het werk uit te zoeken welk idee werkelijk iets waard is. Zowel in de wetenschap als in de muziek heb je het bricolage-effect. Met allerlei elementen die al bestonden, maar nog niet bij elkaar waren gebracht, maak je iets nieuws.&#8217;<\/p>\n<p><i>U wil net als de grondlegger van de sociobiologie E.O. Wilson werelden en wetenschappelijke disciplines bij elkaar brengen.<\/i><\/p>\n<p>&#8216;Wij leven in \u00e9\u00e9n wereld, er is \u00e9\u00e9n werkelijkheid, en die wil je op \u00e9\u00e9n manier begrijpen. Je moet eigenlijk \u00e9\u00e9n wetenschap hebben. Maar je ziet dat er allemaal specialisaties zijn waarin het jargon en de methoden totaal anders zijn en zaken niet meer met elkaar in verband worden gebracht. We lopen er tegenaan dat we steeds meer weten van steeds kleinere stukjes van de werkelijkheid, terwijl we wel afhankelijk zijn van grote samenhangende dingen zoals samenlevingen, klimaat- en ecosystemen, de hersenen en het lichaam. Om die te begrijpen, is het wel nodig dat je de koppen bij elkaar steekt en dezelfde taal spreekt.&#8217;<\/p>\n<p><i>Bestaat er werkelijk \u00e9\u00e9n benadering waarmee je zowel atomen als schilderijen kunt benaderen?<\/i><\/p>\n<p>&#8216;Nee. Maar je kunt wel het standpunt verdedigen dat wij in een wereld leven die samenhangt en dat we graag een begrippenkader zouden hebben. Wat is wetenschap? Het zijn altijd theorie\u00ebn en modellen. Altijd versimpelingen, ze zijn altijd onvolledig. Een model dat alles verklaart, is een mythe. Theorie\u00ebn en modellen die van heel verschillende kanten komen, helpen je bepaalde aspecten beter te begrijpen.&#8217;<\/p>\n<p><i>Toch formuleert u in uw boek de ambitie het hele socio-eco-aardesysteem te begrijpen om de best mogelijke toekomst te kunnen kiezen. Bent u al zover?<\/i><\/p>\n<p>&#8216;Zeker niet. Het is waanzinnig ambitieus, maar het is wel goed om je af en toe voor ogen te houden wat voor soort wetenschap we ten dienste van de mensheid zouden willen hebben. De grote zaken waar we tegenaan lopen, vereisen dat je nadenkt over flinke delen van dat systeem. Wel moeilijk, maar een aantal dingen is best te doen. Dramatische omslagen zijn vaak te herleiden tot iets simpels. Neem de vraag hoe het komt dat de Sahara plotseling ontstond, terwijl het duizenden jaren een groen gebied was geweest met meren en nijlpaarden. Die verwoestijning is waarschijnlijk in gang gezet door een subtiele verandering in de aardbaan. Daardoor veranderde de zonne-instraling, wat zorgde voor een verzwakking van de luchtcirculatie die moessonregens veroorzaakte. Dat leidde tot minder vegetatie, wat weer nog minder regen tot gevolg had. Die neergaande spiraal is op zich heel simpel, in een paar wiskundige vergelijkingen kunnen we de essentie ervan neerzetten.&#8217;<\/p>\n<p><i>U stelt dat de waarschijnlijkheid van grootschalige, scherpe omslagen stijgt als de diversiteit in een systeem afneemt en de samenhang groeit. Is dit niet precies wat er in de wereld als geheel aan de hand is?<\/i><\/p>\n<p>&#8216;Ja. De kans op omslagen neemt misschien juist af, maar als het gebeurt, is het in het groot. Als je elkaar allemaal de handjes vasthoudt, ga je niet, of met zijn allen.&#8217;<\/p>\n<\/p><\/div>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Het zijn feestelijke tijden voor ecoloog Marten Scheffer. Deze maand staat hij tweemaal in het wetenschappelijke topblad Nature. In november ontvangt hij uit handen van minister Plasterk de Spinozapremie, de chicste wetenschappelijke prijs die Nederland rijk is.<\/p>\n","protected":false},"author":1023,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"content-type":"","footnotes":""},"categories":[47,459,1871,423,421,457],"tags":[],"acf":[],"author_name":"Tomas Vanheste","_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/90815"}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/types\/post"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/comments?post=90815"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/90815\/revisions"}],"author":[{"embeddable":true,"name":"Tomas Vanheste","href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/users\/1023"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/media?parent=90815"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/categories?post=90815"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/tags?post=90815"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}