
 {"id":87761,"date":"2009-12-19T00:00:00","date_gmt":"2009-12-18T22:00:00","guid":{"rendered":"http:\/\/beta.vn.nl\/de-kilte-van-fyresdal\/"},"modified":"2009-12-19T00:00:00","modified_gmt":"2009-12-18T22:00:00","slug":"de-kilte-van-fyresdal","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.vn.nl\/de-kilte-van-fyresdal\/","title":{"rendered":"De kilte van Fyresdal"},"content":{"rendered":"<p>Reportage \/ Nederlanders in Noorwegen<\/p>\n<p>&#8216;Mazzel.&#8217; Een reus van een Noor hangt met zijn volle gewicht tegen de counter van het Bryggekafeen en vouwt zelfgenoegzaam zijn armen over elkaar. Gereedschap bungelt aan de riem onder zijn pens.<\/p>\n<p>Marcel Rappoldt kijkt strak voor zich uit en legt aan voor de volgende bal. De pooltafel in zijn cafetaria annex restaurant wordt niet vaak meer gebruikt. De ballen liggen meestal achter de balie, en zijn goede keu houdt hij weg van de Noren &#8211; anders vind je hem toch maar in stukken terug. Respect voor spullen hebben ze niet, zegt hij. Als ze tijdens een feest losgaan, staan ze naast je te kotsen op de dansvloer, en naderhand kun je je tent herbouwen.<\/p>\n<p>Een tweede timmerman arriveert. Houthakkershemd, honkbalpetje, baard van staalwol. Er ontspint zich een verhitte discussie. De timmermannen willen nieuwe plakletters op hun pick-up &#8211; een klusje voor echtgenote Nancy, die bijverdient met dtp-werkzaamheden. De Haagse loopt met de timmerlieden naar buiten. Marcel schudt zijn hoofd. &#8216;Ze hebben de hele dag om het te laten doen, maar nee, ze moeten weer komen rond etenstijd. Als het al te donker is en we elk moment gasten kunnen krijgen.&#8217;<\/p>\n<p>Bij toeval is de familie Rappoldt in Noorwegen beland. Oorspronkelijk hadden ze Oostenrijk of Zuid-Duitsland op het oog &#8211; schone lucht en bergen. Een krantenartikel bracht ze op het spoor van Fyresdal. Ze hadden beiden een goede baan in Nederland. Nancy bij een grote subsidieverstrekker, Marcel als technisch manager. &#8216;Ik maakte weken van zeventig uur, stond uren in de file. En dan woonden we ook nog tussen de A4 en de A12. Als astmapati\u00ebnt pufte ik me een ongeluk. Hier is de lucht kakelvers. De medicijnen konden zo de vuilnisbak in. In Nederland moest ik stoppen met roken, nu steek ik de ene weer met de andere aan!&#8217; Buiten voegt hij de daad bij het woord. Intussen houdt hij de weg in de gaten, wachtend op een klant.<\/p>\n<p>Nancy komt er bij staan. Ze herinnert zich hun eerste bezoek aan Fyresdal, in 2003. Aan het meer stond een oude busremise te verpieteren. &#8216;Ik wist meteen: dit is het. Die locatie, dat uitzicht. Onbetaalbaar. Al was het een nachtmerrie om te verbouwen.&#8217; Het bleek lastig de Noren in beweging te krijgen. Het land is rijk dankzij de olie, maar die rijkdom heeft een desastreus effect op de arbeidsmoraal, vinden de Rappoldts. Iedereen lijkt een eigen bv&#8217;tje te hebben. Nancy: &#8216;Ze betalen zichzelf een dik salaris uit, voeren geen steek uit en gaan lachend failliet. Zonder schaamte, zonder gevolg.&#8217;<\/p>\n<p>&#8216;En alles is in handen van monopolisten. Vlees, melk, noem maar op. Ze willen geen invloed van buitenaf. Er zijn hoge importheffingen, dus probeer vooral geen frikadel in te voeren.&#8217;<\/p>\n<p>&#8216;Weet je nog dat de Lidl is weggepest?&#8217;<\/p>\n<p>&#8216;Te veel buitenlandse producten, voor te weinig geld.&#8217;<\/p>\n<p>&#8216;Europa is hier een vies woord. Ze kijken eerst naar zichzelf en dan naar Amerika.&#8217;<\/p>\n<p>Meermalen omschrijft Marcel zichzelf als &#8216;de Turk van Noorwegen&#8217;. Veel warmte en gastvrijheid heeft hij niet gevoeld &#8211; maar voor hem hoeft dat ook niet. Hij redt zichzelf wel. Erger is het dat zoon Michael op school werd gepest. Het is niet de eerste keer dat ik dit hoor &#8211; veel immigrantenkinderen overkwam het. Dan weet je wel hoe de Noren in eigen huis over de Nederlanders praten &#8211; al lijken andersom de teksten niet veel vriendelijker. Marcel: &#8216;Als we tegen Michael hadden gezegd: we verkassen morgen naar Spanje, had hij binnen een kwartier zijn spullen gepakt.&#8217;<\/p>\n<p>Ge\u00efmporteerde bewoners<\/p>\n<p>De ochtend is onheilspellend stil. Een wolkensluier kruipt over de bergen en langs de weg liggen grauwe restjes sneeuw. Het dorp lijkt uitgestorven &#8211; in afwachting van de kerst, het hoogtepunt van het jaar, speelt het Noorse leven zich binnen af. In het meer verdwijnt een  weg naar nergens. Het is moeilijk er niet de klanken van Twin Peaks bij te horen.<\/p>\n<p>De gemeente Fyresdal meet vijftig bij honderd kilometer. Het is een uitgestrekt tableau van middengebergte, dalen en onpeilbare meren. In het hele gebied wonen een kleine veertienhonderd mensen. Wie naar een ziekenhuis moet, zit zo&#8217;n twee uur in de auto. Wie geen auto heeft &#8211; zoals de Nederlandse kerkorganist &#8211; is aangewezen op de bus.<\/p>\n<p>West-Telemark, de regio waartoe Fyresdal behoort, wordt door Noren gezien als het land van boeren, botteriken en kleingeestigen. Toch hebben zich in de gemeente zo&#8217;n zestig Nederlanders gevestigd. Ze komen uit de grote stad en van het platteland &#8211; omdat ze altijd al van het ruige Noorse landschap hielden, of omdat ze snelkookpan Nederland wilden ontvluchten. Sommigen geven de asociale omgangsvormen als reden van vertrek, maar begin niet over Wilders of het integratieprobleem. Dan volgen direct protesten. Alleen Nancy Rappoldt weet nog dat ze een unheimisch gevoel kreeg van de sfeer na de moord op Fortuyn. Vrijwel zonder uitzondering wonen hier Nederlandse gezinnen met opgroeiende kinderen. Velen zijn in Fyresdal voor zichzelf begonnen. Een bakkerij. Een herberg. Een paardenmelkerij. Een hotel.<\/p>\n<p>In zekere zin is het de schuld van Gert Rietman. De Nederlander werkte voor het Noorse arbeidsbureau en zag een gat in de markt. Bevolkingsafname op het platteland ondermijnde essenti\u00eble voorzieningen. Voor een afgelegen dorp als Fyresdal is ontvolking levensbedreigend. Ge\u00efmporteerde bewoners zouden bedrijfjes van vertrekkende of failliet gegane Noren kunnen overnemen, of nieuwe bedrijvigheid kunnen introduceren. Dankzij hun kinderen zouden scholen open kunnen blijven en winkels meer klandizie krijgen. Ook niet onbelangrijk: de rammeoverf\u00f8ring, een inwonersafhankelijke overheidsbijdrage die gemeentes jaarlijks toucheren, zou stijgen.<\/p>\n<p>Rietman richtte wervingsbureau Placement Utvikling op en Fyresdal was in 2002 de eerste gemeente die toehapte. Het leidde tot media-aandacht in de Noorse en Nederlandse pers &#8211; het woord &#8216;paradijs&#8217; was niet van de lucht.<\/p>\n<p>De werkelijkheid blijkt weerbarstiger.<\/p>\n<p>Voorgetrokken<\/p>\n<p>&#8216;Die Rietman is een slavenhandelaar.&#8217; Ron Petrych is stellig: Rietman en diens Placement-collega Rob Saly, die in Fyresdal kantoor houdt, lokken mensen met mooie praatjes naar gebieden waar je nauwelijks het hoofd boven water kunt houden, en Petrych is niet de enige die het zegt. Zelf is hij niet eens Placement in Fyresdal beland. Met echtgenote Joke kwam de Utrechter op eigen gelegenheid naar een dorp veertig kilometer verderop. Totdat bleek dat de vrouw van wie ze een huis huurden financi\u00eble problemen had en het op hun fondsen had voorzien. &#8216;Daar zijn de Noren goed in: Hollanders een poot uitdraaien.&#8217;<\/p>\n<p>Na een slepende rechtszaak begon de familie Petrych opnieuw in Fyresdal. Ze namen het Vertshus over, een klassieke dorpsherberg, en bieden logies en maaltijden aan. Ondanks het faillissement van de enige concurrent, het ook door Nederlanders gerunde Airparc-hotel, is het geen vetpot. Inmiddels heeft Petrych een bijbaan genomen als drukker. Helemaal in Birkeland, twee uur rijden van Fyresdal.<\/p>\n<p>Joke en Ron houden van Noorwegen, en dan vooral van de natuur. Maar emigreren is niet makkelijk geweest. Ron: &#8216;Er zijn te veel partijen die belang hebben bij het verkopen van het emigratieverhaal. Emigreren wordt te makkelijk gemaakt. Mensen verwarren vakantie met het echte leven.&#8217; De autochtonen bleken ontoegankelijker dan Joke op basis van vakantie-ervaringen had gedacht. &#8216;En ze verdragen slecht kritiek. Je moet oppassen met hoe je je uitlaat. Iedereen is familie van elkaar. Heb je ruzie met de een, dan ook met de ander.&#8217; Je ziet het op school, zegt ze. &#8216;Ze kalefateren het gebouw op om mensen te lokken, maar je hebt nog steeds dezelfde leraren, die vaak familie zijn van de Noorse leerlingen. Die dus geheid worden voorgetrokken.&#8217; Niettemin heeft Joke geen seconde spijt gehad van de verhuizing. Ze roemt de voorzieningen: de bibliotheek, de verenigingen, de zorg. &#8216;Maar Noorse zal ik nooit worden.&#8217;<\/p>\n<p>Fyresdal maakte immigranten warm met grote plannen voor de toeristensector. Er werd 2,3 miljoen kronen voor uitgetrokken. Zonder resultaat. Een Noor die een bedrijf voor adventure sports begon, hield er al snel mee op. En het Airparc-hotel &#8211; dat via het lokale vliegveld sportvliegers naar Fyresdal wilde lokken &#8211; ging ondanks een groeiende toestroom Cessna&#8217;s failliet. Iedereen in het dorp heeft een mening over wat er mis ging. Schulden. Tegenwerking van de Noren, die in het hotel niet langer hun drankgelagen konden houden. Het probleem, zegt Joke, is de spagaat waarin de Fyresdaler zich bevindt. De import is nodig, dat snappen ze wel, het gebied moet ontwikkeld worden. &#8216;Maar ze willen niets van hun eigenheid opgeven. Hun dialect niet, hun gewoonten niet.&#8217;<\/p>\n<p>De geur van houtkachels<\/p>\n<p>Het Airparc Fyresdal Hotell &#038; Apartments is een bakbeest van een gebouw, met een tennisbaan die iets wegheeft van een luchtplaats. Een deel van de inventaris werd geplunderd toen de gemeente het hotel overnam om te voorkomen dat het een asielzoekerscentrum zou worden. Maar in het restaurant staan de tafeltjes nog altijd te wachten, en beddengoed ligt gevouwen op de sponden. Op een strandje: volgeregende waterfietsen.<\/p>\n<p>Voor een dunbevolkte regio met nauwelijks doorgaand verkeer zijn er opmerkelijk veel bedrijfjes in het dorp. Kleding- en interieurwinkels, een sportshop, supermarktjes. Veel ervan is hobbyisme, bekostigd met familiekapitaal &#8211; geld wordt verdiend in de Brusfabriek, waar bronwater wordt gewonnen voor Coca-Cola. De witte houten kerk wordt omringd door graven, waarvan er een net buiten de omheining ligt omdat de overledene zijn hele gezin heeft uitgemoord. Verspreid door het dorp liggen grafheuvels uit mistiger tijden. De heuvels vormen een openluchtmuseum met bezoekersaantal nul. Het enige teken van leven is de geur van houtkachels.<\/p>\n<p>Wat doen die Nederlanders hier?<\/p>\n<p>Emigratie is &#8216;de spiegel van Hollands ongenoegen,&#8217; aldus het CBS. &#8216;Tussen 2002 en 2006 verdubbelde de emigratie uit Nederland naar 130.000 personen, een record. Sindsdien is dat hoge niveau gebleven, zodat Nederland als enige Europese land meer emigranten dan immigranten kent. Politieke redenen lijken voor de hand te liggen. Maar hoewel emigranten aanmerkelijk negatiever staan tegenover de multiculturele samenleving dan thuisblijvers, zijn hun opinies over de Nederlandse bevolkingsdichtheid, mentaliteit, lawaaiigheid, vervuiling en klimaat n\u00f3g vernietigender. Evenmin deugen het sociaal stelsel, de gezondheidszorg en het rechtssysteem. De emigranten voelen zich van Nederland vervreemd. Ze komen er nauwelijks, en als ze er komen, kennen ze het niet terug. Het klagende volk &#8211; maar wie in Fyresdal rondloopt, ontdekt dat mensen hun onvrede vaak meenemen.<\/p>\n<p>&#8216;Opvekst&#8217;-milieu<\/p>\n<p>Op 14 augustus 2003 kopte het Dagblad van het Noorden: &#8216;Zuidhorner brillenman ziet toekomst in Noorwegen.&#8217; Inmiddels is Rob Saly geen verkoper van brillen meer. Als medewerker van Placement bestiert hij vanuit Fyresdal projecten in heel Noorwegen. In zijn vrije tijd jaagt hij op elanden in de bergen.<\/p>\n<p>De meeste emigranten, zegt Saly, zijn dertigers met kinderen. Die zoeken een goed opvekst-milieu. &#8216;Het toekomstperspectief voor mijn kinderen leek me in Nederland beperkt. Wat wil je ook: we zijn in razend tempo van twaalf naar zeventien miljoen inwoners gegaan.&#8217; Breekpunt waren de omgangsvormen in de publieke ruimte. Het korte lontje. Het doordouwen op de snelweg. &#8216;En noem me ouderwets, maar ik wil niet dat een meisje in de winkel me uitlaat met een familiair &#8220;Doei!&#8221;&#8216;<\/p>\n<p>We zitten in zijn kantoor bij het meer. Fyresdal was als pilotproject geslaagd, vertelt Saly, maar er is veel bijgeleerd. Kritiek op de aanpak van Placement werpt hij verre van zich. De cijfers spreken wat hem betreft boekdelen. Van alle emigranten uit Nederland komt de helft terug, maar van de mensen die Placement plaatst, niet meer dan tien procent. &#8216;Al geef ik toe dat bij die vijftig procent ook veel expats zitten, die sowieso op termijn terug zouden gaan.&#8217; De redenen om terug te keren, staan los van begeleiding. Heimwee. Een tekort aan financi\u00eble reserves. Relatieproblemen.<\/p>\n<p>De emigrant moet zich bewust zijn van de mogelijkheden \u00e9n de moeilijkheden, zegt hij. Veel mensen gaan iets anders doen dan ze in Nederland deden. Dat geeft opstartproblemen. Economisch ga je er primair op achteruit. &#8216;Maar daar staat tegenover dat je hier voor 140.000 euro een vrijstaand huis hebt. In Amsterdam koop je voor dat geld een parkeerplaats.&#8217; Integreren moet van jezelf komen, weet hij. De Noor komt je niet tegemoet. Niettemin zou het woord kanskje (&#8216;misschien&#8217;) wel uit het Noorse woordenboek geschrapt moeten worden. Altijd de lieve vrede bewaren &#8211; een Nederlander wil gewoon nee horen als het nee is.<\/p>\n<p>Er is veel kritiek op Placement, vooral onder de emigranten van het eerste uur. En ook de Nederlandse ambassade in Oslo zegt Placement &#8216;op de radar&#8217; te hebben. Niet dat de Nederlandse overheid een opinie heeft over de wens van onderdanen te emigreren. Probleem is wel dat Rietman cum suis voor hun inkomen afhankelijk zijn van de emigratiestroom. Het maakt het lastiger de zuiverheid te bewaren.<\/p>\n<p>Over het meer<\/p>\n<p>Bart Drenth draagt zijn tevredenheid als een wapenschild. Twintig jaar lang overwoog hij met vrouw en kinderen naar Noorwegen te verhuizen, en nu is hij er. Al woonde de familie op het rustige Tholen, Nederland was hun te druk. Het gekanker van werkgevers die twee uur werk in een uur wilden proppen, al die mensen die dictatortje speelden op hun eigen eiland &#8211; Drenth had het er helemaal mee gehad. &#8216;Nederland woekert,&#8217; zegt hij aan de eettafel van zijn huis. Op aandringen van echtgenote Saskia stuurde de autospuiter zijn cv naar Placement. Op het Noorse platteland zaten ze om mensen te springen. Nu werkt hij bij schadeherstelbedrijf Momrak, dat verderop aan het Fyresvatn ligt. Als ze er de deuren opengooien, kijkt hij uit over het meer, niet over een industrieterrein.<\/p>\n<p>Drenth heeft vier dochters, van wie de oudste, Annika, een verstandelijke beperking heeft. &#8216;Dat hield ons lang in Nederland. Tot we w\u00e9\u00e9r de ambtelijke en medische molen in moesten. Hoe vaak wil je zo&#8217;n kind dat aandoen? In Noorwegen ontdekten we dat de zorg en sociale controle veel beter geregeld waren voor iemand zoals zij. Zelfs al is ze geen Noorse.&#8217; Annika krijgt een volledige uitkering; ze heeft haar eigen huisje in het dorp, krijgt zorg en er is voor een zinvolle dagbesteding gezorgd. Zoals meer Nederlanders werkt ze in het bejaardenhuis. &#8216;Ze draait hier gewoon mee in het leven. Dat was in Nederland ondenkbaar geweest.&#8217;<\/p>\n<p>Later die week tref ik Drenth in de garage. Hij drinkt rustig zijn koffie en praat met zijn baas, die hij als een vriend beschouwt.<\/p>\n<p>Dit jaar was Drenth de hoogstgenoteerde Nederlander in de openbare lijst van plaatselijke inkomens. Hij heeft een stabiel leven, een prettige plek om te werken en niet de onzekerheid van ondernemen in crisistijd. &#8216;Vooral het toerisme heeft te lijden. Een slechte zomer, een sterke kroon. Dan weet je het wel.&#8217; Misschien dat er daarom met een mengeling van jaloezie en d\u00e9dain over Drenth wordt gesproken. O, je hebt goede verhalen over Fyresdal gehoord? Dan heb je vast met Bart Drenth gesproken. Die zou zijn naam nog in Momrak veranderen als het kon. En zijn Noors is ook al niet best. Drenth lijkt het niet te raken. De tevreden uitdrukking op zijn gezicht is onwrikbaar als de bergen.<\/p>\n<p>Gezond denken<\/p>\n<p>Oud-burgemeester Saalmund Gjersund was de drijvende kracht achter de jacht op Nederlanders. Ik tref hem op de Steinerskole. Van burgemeester tot schoolbestuurder tot leraar: Gjersund is met zijn pensioen in zicht rustig aan het afbouwen. Hij is een man van weinig woorden, maar wel van daden. Na een verloren verkiezing zette hij dit centrum op voor agrarisch onderwijs met een biologisch-dynamische inslag. De spirituele mens lijkt de nieuwe panacee &#8211; het Airparc-hotel zal mogelijk een resort worden voor &#8216;gezond denken&#8217;. Gjersund leidt me rond over het terrein, dat meer heeft van een boerenlandgoed dan van een onderwijsinstituut. Recent is het bewind overgedaan aan een Nederlands echtpaar, dat in Fyresdal hun vijf kinderen wil afschermen van &#8216;de verlokkingen van de consumptiemaatschappij&#8217;. Ook de Steinerskole kent de gevaren van een laag leerlingenaantal &#8211; vorig jaar nog zat de school met dertien studenten diep in de gevarenzone. Inmiddels is dat aantal dankzij actief werven opgekrikt naar twee\u00ebntwintig. De doelstelling is zestig.<\/p>\n<p>Van werven lijkt Gjersund zijn specialiteit te hebben gemaakt. Als burgemeester sloot hij een contract met Placement, nadat hij van Gert Rietman een brief had gekregen die &#8216;zo krankzinnig was, dat het weer interessant werd&#8217;. De afspraak: minimaal vijfentwintig nieuwe bewoners. &#8216;Wij kenden het gemeentelijke huishoudboekje. Het was onvermijdelijk. Veel mensen begrepen dat, al waren sommige Fyresdalers boos. Maar er zijn geen banen weggekaapt. De Nederlanders hebben iets toegevoegd en essenti\u00eble posities vervuld, die door de Noren verlaten waren. Simpel toch?&#8217;<\/p>\n<p>Nederlanders weten van aanpakken, willen iets opbouwen en integreren gemakkelijk, vindt Gjersund. Natuurlijk waren er moeilijkheden, zoals de plotse toevloed van Nederlandse kinderen naar de lagere en middelbare school, waar taal een probleem werd. &#8216;Maar uiteindelijk betekenen die kinderen: toekomstperspectief en een betere demografische opbouw.&#8217;<\/p>\n<p>Er is 250.000 kronen per jaar betaald aan Placement, zegt Gjersund. Twee jaar, dat maakt een half miljoen. Of dat kon? Hij lacht ondeugend. &#8216;Dikke winst. De rammeoverf\u00f8ring was een veelvoud.&#8217; Emigranten zijn lekker gemaakt met ambitieuze plannen voor de toeristische industrie, suggereer ik. Wat is er met die plannen gebeurd? Gjersund, betrekkend: &#8216;Wat er gebeurd is? Er is niets gebeurd, dat is het probleem. De plannen bleken luchtkastelen.&#8217; Het is niet een onderwerp waar de oud-burgemeester graag op wordt aangesproken.<\/p>\n<p>Lach niet om ons<\/p>\n<p>Janteloven. De wet van Jante. Ik hoorde het woord voor het eerst van Titia Kok, de bakkersvrouw. Het is onmogelijk, zei ze, het Noorse platteland te begrijpen zonder dit woord te kennen. &#8216;Google het maar, dan weet je waarom niemand elkaar het licht in de ogen gunt.&#8217;<\/p>\n<p>In 1933 formuleerde de Deense schrijver Aksel Sandemose het concept in een roman over de beklemming van de Scandinavische plattelandsgemeenschap. De wet kent vele, nauwelijks van elkaar te onderscheiden gedaantes. Denk niet dat je speciaal bent. Denk niet dat je hetzelfde aanzien geniet als wij. Denk niet dat je slimmer bent, of beter. Dat je meer weet of belangrijker bent. Denk niet dat je ergens goed in bent. Lach niet om ons. En denk niet dat het ons een bal kan schelen hoe het met je gaat.<\/p>\n<p>Het is de kilte van Fyresdal in een notendop. De Nederlanders willen zich verzetten, maar de wet van Jante zal hen langzaam oppeuzelen. Ze kunnen weggaan of eindigen als Noren &#8211; een andere keuze is er niet.<\/p>\n<p>De laatste avond eet ik bij Marcel en Nancy Rappoldt. Het is hun vrije dag, het cafetaria is gesloten. &#8216;Ik vind het wel eens fijn om gasten aan tafel te hebben,&#8217; zegt Nancy, &#8216;er komt hier nooit iemand boven. De gezelligheid mis ik.&#8217; Vrienden hebben ze nauwelijks, niet onder de Nederlanders en niet onder de Noren. &#8216;De Noor ziet je komen en denkt: die is toch binnen anderhalf jaar weer weg. Het duurt lang voor ze zich een beetje openstellen.&#8217; Marcel, lachend: &#8216;Waar dacht je dat het woord &#8220;nors&#8221; vandaan kwam?&#8217;<\/p>\n<p>Het woonhuis boven het cafetaria is het enige deel van het pand dat nog verbouwd moet worden. We wonen hier niet, zeggen ze, we kamperen. Maar juist omdat het behelpen is, heerst er een knusse chaos in het huis. De kinderen jagen achter elkaar aan terwijl Marcel beneden de restaurantmaaltijden bereidt in de hightech keuken van het Bryggekafeen. De uit Nederland meegenomen wijn komt op tafel.<\/p>\n<p>Wanneer ik terugloop naar het hotel, is de lucht eindelijk opengebroken. De sterrenhemel is overweldigend. Duizenden puntjes fonkelen in de nacht, met overdwars het bleke spoor van de melkweg. Tweemaal trekt een vallende ster een streep door de avondlucht.<\/p>\n<p>De volgende ochtend baadt het dal in licht. Kou en licht hebben de delen van de omgeving &#8211; eerst nog samengelopen waterverf &#8211; scherp van elkaar gescheiden. Het is alsof ik Fyresdal voor het eerst zie, en verdomd: het mag er wezen.<\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Het Noorse dorpje Fyresdal ligt volgens de Noren in een gebied van boeren, botteriken en kleingeestigen. Toch hebben zich er zo\u2019n zestig Nederlanders gevestigd.<\/p>\n","protected":false},"author":1023,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"content-type":"","footnotes":""},"categories":[193,27],"tags":[],"acf":[],"author_name":"Auke Hulst","_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/87761"}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/types\/post"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/comments?post=87761"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/87761\/revisions"}],"author":[{"embeddable":true,"name":"Auke Hulst","href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/users\/1023"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/media?parent=87761"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/categories?post=87761"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/tags?post=87761"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}