
 {"id":87325,"date":"2010-01-09T00:00:00","date_gmt":"2010-01-08T22:00:00","guid":{"rendered":"http:\/\/beta.vn.nl\/ga-je-mank-door-het-leven-of-op-een-been\/"},"modified":"2010-01-09T00:00:00","modified_gmt":"2010-01-08T22:00:00","slug":"ga-je-mank-door-het-leven-of-op-een-been","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.vn.nl\/ga-je-mank-door-het-leven-of-op-een-been\/","title":{"rendered":"\u2018Ga je mank door het leven of op \u00e9\u00e9n been?\u2019"},"content":{"rendered":"<p>Interview Nico Frijda<\/p>\n<p>Aan de keukentafel zijn in een half uur tijd de Egyptische koning Psammenitus, een ode aan de roos en het primatenonderzoek naar agressie langsgekomen. Met smaak heeft Nico Frijda anekdotes en wetenswaardigheden opgedist, en dan &#8211; ineens &#8211; wordt zijn blik waakzaam.<\/p>\n<p>&#8216;Zeg, voor wie is dit interview ook weer,&#8217; vraagt hij op zijn hoede. &#8216;Voor Vrij Nederland? Dan moet ik oppassen. Ik heb een grief tegen VN. Er stond in 1971 een interview in van Joop van Tijn met Eli Cohen, kamparts in Auschwitz. En deze Cohen vertelde hoe hij mijn vader in 1944 cyaankali had geweigerd te geven, vlak voordat hij naar de gaskamer moest. Daar had mijn vader kennelijk om gevraagd. Ik vond het niet chic dat uit de krant te moeten vernemen.&#8217;<\/p>\n<p>Stilte. Waarom zou hij eigenlijk in een interview over zijn leven vertellen? Dat heeft hij nooit gedaan. Nico Frijda, de schrijver van De emoties, een standaardwerk binnen de psychologie, zweeg lange tijd over wat hem zelf het diepst beroerd heeft: de dood van zijn broer en vader in de oorlog. Niet alleen tegenover belangstellende journalisten, ook tegenover zijn dierbaren. Zijn verleden was tot voor kort nog ontoegankelijk voor hemz\u00e9lf. Emoties brachten hem zijn levenswerk als wetenschapper, maar bemoeilijkten zijn persoonlijk leven zeer. De gevolgen van het zwijgen beschrijft hij pijnlijk precies in het hoofdstuk &#8216;Herdenken&#8217;, dat hij vorig jaar als laatste aan zijn magnum opus toevoegde.<\/p>\n<p>Ineens staat Frijda op. &#8216;Kom over twee weken maar weer terug,&#8217; zegt hij monter. &#8216;Ik ga nu wandelen met filosoof Avishai Margalit, die vanuit Isra\u00ebl even is neergestreken. Volgende week komt mijn oudste zoon uit Japan op bezoek. We hebben nauwelijks contact gehad de afgelopen vijftien jaar en ik hoop dat we wat zaken kunnen herstellen. Verheugend, maar ook heel spannend. Daarna ben je welkom, any time.&#8217; Hij helpt me mijn jas in en leidt me door een donkere gang met gesloten deuren naar buiten. Zo sta ik na een half uur weer op straat.<\/p>\n<p>De wetten van het gevoel<\/p>\n<p>Nico Frijda (82) verwierf in de jaren tachtig internationaal faam als wetenschapper met zijn baanbrekende boek De emoties. Destijds lag de nadruk binnen de psychologie op het gedrag van mensen, emoties werden als bijverschijnsel beschouwd. Frijda stelde juist dat emoties aanjager zijn van gedrag. Ze sturen gedrag in de richting van bepaalde belangen en dat doen zij volgens een hi\u00ebrarchie van doelstellingen, de wetten van het gevoel. Emoties geven aan dat iets moet gebeuren en laten het weten als het doel is bereikt. Het zijn dus geen lastige aanvechtingen die iemands redelijke voornemens doorkruisen, het verstand is hooguit de dienstknecht van emoties.<\/p>\n<p>In De wetten der emotie, het vorig jaar in Nederland verschenen vervolg op zijn eerdere werk, gaat Frijda verder in op onderbelichte onderwerpen, zoals de aard van impulsief gedrag, het verloop van emoties in de tijd en de behoefte van mensen om het verleden te herdenken. Analyseren en conceptualiseren zijn volgens vakbroeders zijn sterkste kant. Al vijftig jaar formuleert hij theorie\u00ebn en idee\u00ebn waar anderen zich vervolgens in vastbijten.<\/p>\n<p>Het wetenschappelijke pad dat Frijda bewandelde, werd reeds in zijn kindertijd geplaveid. Hij groeide op in een intellectueel joods gezin in Amsterdam-Zuid. Zijn vader, Herman Frijda, was hoogleraar economie en voorzitter van het academisch steunfonds, een vluchtelingencomit\u00e9 voor joodse wetenschappers uit Duitsland. Er kwamen veel prominente wetenschappers over de vloer. Nico herinnert zich Otto Selz, grondlegger van de denkpsychologie, en Kurt Goldstein, pionier in de neuropsychologie, bij zijn ouders op de koffie. Herman Frijda discussieerde graag met gelijkgestemden, waarheidszoekers zoals hij. Hij zou later op principi\u00eble gronden weigeren toe te treden tot de Joodse Raad; hij maakte zich geen illusies. &#8216;Hij was een moeilijke man,&#8217; zegt Nico Frijda. &#8216;Hij maakte veel ruzie met mijn moeder, en ik koos vanzelfsprekend haar kant; ik was haar oogappeltje. Met mijn vader had ik nauwelijks contact. Die zat altijd in zijn studeerkamer. En als hij op zondag met mijn broer en zus een wandeling door de binnenstad maakte, mocht ik niet mee; ik was te klein.&#8217; Maar groot genoeg voor een lesje dat hij zich nog lang zou heugen. Toen hij zes was, wilde Nico vliegen als een vogel. Hij knipte twee vleugels uit karton en bond ze met touwtjes om zijn armen. Wil je vliegen, vroeg zijn vader. Ga dan maar op mijn schouders zitten en vlieg er vanaf. Dat deed Nico, en hij d\u00f3nderde toch hard op de grond. &#8216;Ik voelde me op een vreselijke manier in de steek gelaten en heb hem die harde levensles nog lang kwalijk genomen.&#8217;<\/p>\n<p>Het nut van wraak<\/p>\n<p>De oorlog overleefde Nico Frijda door zich voor te doen als Hans de Groot. Hij was een tijd ondergedoken, maar belandde alsnog in het Huis van Bewaring in Leeuwarden. Daar werd hij tijdens een verhoor door de Polizei-commandant met een gummiknuppel geslagen, net zo lang tot hij er een eind aan wist te maken door een hartaanval te veinzen. Een week voor de bevrijding kwam hij &#8211; zeventien jaar &#8211; vrij. Hij logeerde bij de advocate bij wie zijn vader ondergedoken had gezeten en verwonderde zich over vele emoties. Zijn enthousiaste opwinding toen een joelende menigte zich op &#8216;een moffenhoer&#8217; stortte. De woede van de advocate die vond dat je niemand, ook in zo&#8217;n situatie, zo mag vernederen. Zijn eigen wraakgevoelens toen hij in de Friese gevangenis moest getuigen tegen de commandant die hem mishandeld had. &#8216;Ik zat aan dezelfde tafel als toen, maar nu aan de andere kant. Tegenover de man die verantwoordelijk was voor de dood van mijn vader. Ondanks de zenuwen voelde ik me toch triomfantelijk. Het is een blijvend plezierige herinnering.&#8217;<\/p>\n<p>Dergelijke ervaringen droegen bij aan zijn theorie over wraak. &#8216;Het is heel terecht dat persoonlijke wraak wordt uitgebannen, maar ik vind de erkenning van wraakzucht als legitiem gevoel en het nut van wraak als herstel van bepaalde ongelijkheden belangrijk. Het geeft aan: ik neem mijn bestaan en dat van de mijnen serieus.&#8217;<\/p>\n<p>Na de oorlog ging Nico Frijda psychologie studeren in Amsterdam. Hij had zich ontwikkeld tot een schrandere en nieuwsgierige jongen, hartstochtelijk ook. Tijdens zijn studie psychologie raakte hij gefascineerd door het beweeglijke gezicht van een medestudente op wie hij verliefd was. Een paar jaar later promoveerde hij op Het begrijpen van gelaatsexpressies, de zichtbare manifestaties van emoties. In 1959 trouwde hij met Nelly Wiegel, bekend als de actrice Nelly Frijda, met wie hij twee zoons en een dochter kreeg.<\/p>\n<p>Betonnen deksel<\/p>\n<p>Na twee weken sta ik weer voor Frijda&#8217;s deur. Hoe het gesprek met zijn oudste zoon is verlopen, wil ik weten. &#8216;Daarover komen we later te spreken,&#8217; zegt hij en neemt galant mijn jas aan. Hij leidt me opnieuw door de donkere gang met gesloten deuren naar de keuken waar allerlei zoetigheden staan uitgestald. Zijn zestienjarige zoon uit zijn tweede huwelijk is naar school. Zijn vrouw, eveneens psychologe en docente bij een opleiding voor vroedvrouwen, is aan het werk. Frijda biedt van alles aan, maar neemt zelf alleen koffie. Hij wil wat kilo&#8217;s kwijt. Hoe minder gewicht hij de trappen naar zijn studeerkamer torst, hoe beter. Vanochtend heeft hij er zitten schrijven aan een polemiek met een psychologe. &#8216;Zij legt in haar artikel naar mijn idee te veel nadruk op de woorden om emoties mee uit te drukken,&#8217; zegt hij met schalkse blik. &#8216;En dus heb ik gereageerd met een citaat van Petrarca: degene die het vuur waarin hij verkeert, kan beschrijven, zit niet in zo&#8217;n heet vuur.&#8217;<\/p>\n<p>Tijdens het gesprek zal Frijda veel citeren en grappen. Zijn geheugen blijkt een fabuleus archief van literatuur en wetenschap. Maar \u00e9\u00e9n deel was tot voor kort ontoegankelijk: zijn eigen verleden. Volgens Frijda zit er bij rampen als oorlog weinig anders op dan emoties te onderdrukken. &#8216;Ga je mank door het leven of met \u00e9\u00e9n been? Dat is de keuze die je hebt. Besluit je emoties te verdringen, dan geeft dat betrekkelijke emotionele rust en veiligheid, maar het roept tegelijkertijd onvervuldheid op, eenzaamheid, spanning tegenover je naasten. Dan loop je als een geamputeerde door het bestaan, met maar \u00e9\u00e9n been. Kijk je de emoties in het gezicht, dan wankel je als een tweebenige zieke verder. Ik had besloten een betonnen deksel op mijn verleden te leggen. Dat doe je omdat je bang bent dat anderen het niet aankunnen als je erover praat en omdat je bang bent zelf gek te worden als je het doet. Tot voor kort l\u00e1s ik zelfs niet over de oorlog.&#8217;<\/p>\n<p>Met &#8216;tot voor kort&#8217; doelt Frijda op 1995, toen hij gevraagd werd te komen spreken op de vijftigjarige herdenking van de Tweede Wereldoorlog. Het was &#8216;geen onverdeeld genoegen&#8217;, maar maakte de weg vrij naar denken over zijn verleden. Eindelijk kwam hij toe aan vragen die hij zich al zijn hele leven had gesteld en die hij in zijn hoofdstuk over herdenken verwerkte. Waarom zette zijn moeder na de oorlog op gezette tijden een foto van zijn omgekomen broer op de naaimachine om erbij te gaan huilen? &#8216;Dat vond ik raar. Ik dacht: gelukkig hoeven we niet te huilen, en mijn moeder cre\u00eberde de omstandigheden om dat juist wel te doen. Waarom herdenken mensen en gaan zij naar een graf of voorouderaltaar? Totdat ik besefte dat ik het volstrekt vanzelfsprekend vond om in moeilijke situaties in gedachten bij mijn vader te rade te gaan. Bijvoorbeeld toen ik in de knoop zat tijdens mijn promotieonderzoek. Wat zou hij hebben gedaan, vroeg ik me af. En dan hielp het dat hij ooit tegen mijn moeder schijnt te hebben gezegd: Nico komt er wel, die is zo assidu. Die dingen gaan door je heen als je aan een overledene denkt. Op dat moment is er naast het verdriet weer even contact. Ben ik weer even de zoon, hij de vader. Het gaat erom de gevoelsrelatie nieuw leven in te blazen. Als ik bloemen neerleg bij het graf van mijn broer Leo is dat een soort knipoog naar hem: h\u00e9, broertje! Dan is hij er weer even.&#8217;<\/p>\n<p>Helpt herdenken je om te leven met het verleden?<\/p>\n<p>Ge\u00ebrgerd: &#8216;Dat is nu het thema van mank of geamputeerd verder moeten: niks helpt! Maar ik neem het je niet kwalijk dat je dit vraagt. Er werd en wordt te veel gedacht dat elk probleem oplosbaar moet zijn, dat aan elke moeilijkheid iets gedaan moet kunnen worden. Psychiatrie heeft verdriet omgevormd tot de ziekte depressie. Treur je langer dan drie maanden, dan ben je ziek en moet er iets gebeuren. Maar daarmee vermijd je de problematiek die ten grondslag ligt aan de machteloosheid en ontkracht je de emotie totaal. Door te herdenken, wordt het verdriet niet kleiner, hooguit groter. Maar het wordt er zinvoller van.&#8217;<\/p>\n<p>Het is dus een illusie te denken dat er iets van de pijn verdwijnt?<\/p>\n<p>&#8216;Ik weet dat echt verdriet niet overgaat. Papier dat gekreukeld is, wordt nooit meer glad. Ik beschrijf het in de wet van behoud van emotioneel momentum: de impact van ingrijpende emotionele gebeurtenissen neemt in de loop der tijd niet af. Het is een mythe dat je over sommige dingen heen kan komen. Sommige confrontaties zijn gewoon niet te verwerken, de gevolgen kunnen niet ongedaan worden gemaakt. De confrontatie met oorlog heeft slopende verwachtingen geschapen dat het gebeurde opnieuw kan gebeuren. Het ene moment zijn jij en zij daar, en het volgende moment zijn zij verdwenen, weggeveegd, als stof.&#8217;<\/p>\n<p>Stilte. &#8216;Daar kun je niet bij. Bij zulke ervaringen zijn alle emoties triviaal. Of ik boos was op de Duitsers, wilde Ischa Meijer eens weten. Boos, op wie? Op een rijk van veertig miljoen schoften? Woede trivialiseert, net als tranen. Sommig verdriet is te groot voor tranen.&#8217; Hij neemt snel een slok koffie. &#8216;Nou ja, dit zijn een aantal wijsheden binnen de emotiepsychologie en die moet je opschrijven als je ze tegenkomt.&#8217;<\/p>\n<p>Heeft de wetenschappelijke benadering van uw emoties u gespaard?<\/p>\n<p>&#8216;Waarschijnlijk, het is een handige methode geweest om er hanteerbaar aan toe te komen. Volgens de psycholoog James Pennebaker helpt schrijven bij het aanvaardbaar maken en opheffen van trauma&#8217;s. Vast, heb ik hem eens toegeworpen, behalve dat menigeen die uitgebreid over zijn ervaringen van opsluiting en vervolging heeft geschreven, jaren later zelfmoord pleegde. Bruno Bettelheim, Jean Am\u00e9ry&#8230; Ik kan me die keuze &#8211; tot het einde gaan &#8211; voorstellen. Tegenover zulke gebeurtenissen is zelfmoord een van de weinige mogelijke reacties: in dit bestaan wens ik niet meer te horen.&#8217;<\/p>\n<p>Buitengesloten<\/p>\n<p>Een jongetje woont met zijn vader in een groot bos. Op een dag zegt hij tegen zijn vader: ik wil een hert. Een paar dagen later legt zijn vader een geschoten hert bloedend in de keuken neer. Het jongetje kan niet goed praten omdat zijn vader ook nooit wat zegt en merkt alleen op: niet zo&#8217;n soort hert. Er ontsnapt een gierende lach aan Nico Frijda als hij over de roman van zijn tweede zoon vertelt. Ritselingen verscheen in 2005. Voor de goede orde: Frijda vindt het een prachtig boek, lachen om wat hem raakt is &#8216;een goede gewoonte&#8217;. En met zijn tweede zoon valt er nog meer te lachen. &#8216;We kunnen overal grapjes over maken, ongeacht het onderwerp. Bijvoorbeeld: Sam loopt door de woestijn en daar ziet hij Moos aan een dadelpalm gebonden, met een mes in zijn borst. Sam vraagt: heb je pijn? Alleen als ik lach, antwoordt Moos.&#8217; Weer die gierende lach. &#8216;Dat zijn verhelderende grappen. Daarmee maak je juist duidelijk dat je het aux s\u00e9rieux neemt en cre\u00eber je een zekere distantie om met de gebeurtenis om te gaan.&#8217;<\/p>\n<p>Uw keus is geweest te zwijgen over het verleden en uw emoties. Kun je dat straffeloos doen?<\/p>\n<p>&#8216;Je kunt je emoties straffeloos onderdrukken in zoverre dat je niet in een gesticht belandt. Maar kijk ik naar de relatie met mijn ex-vrouw en kinderen, dan niet. De eerste twintig jaar van hun leven heb ik er niet over gesproken, dat deed niemand uit de oorlog. Hoe het was om jood te zijn in de Tweede Wereldoorlog, wilden mijn kinderen weten. Nou, ik weet leukere dingen, zei ik dan. Ze voelden aan dat ze niet moesten doorvragen. Ik ben vast niet de enige geweest die jarenlang over de oorlog heeft gepraat in grapjes en anekdotes. En gelachen dat we hebben.&#8217;<\/p>\n<p>Hij tuurt voor zich uit, de handen om zijn kop koffie geklemd. &#8216;Mijn kinderen hebben zich altijd buitengesloten gevoeld,&#8217; zegt hij na een lange stilte. &#8216;Ze hadden het idee dat hun narigheid niet telde omdat die in het niet zou vallen bij de onze. Nou, dat is niet best voor een ouder-kindrelatie. Mijn emotionele leven is altijd een gesloten boek gebleven en ze ervaren het als een pijnlijk gemis dat ze niet dichterbij kunnen komen. Je herinneringen isoleren je van anderen, en dat draagt ook bij aan hun eenzaamheid. Het is voor kinderen belangrijk te weten hoe hun ouders door gevoelens zijn gevormd. Het is ook h\u00fan verleden, h\u00fan identiteit. Ook h\u00fan leven is van de dood afgesnoept. Maar het is een deel van het verleden waar zij buiten staan, buiten gehouden worden. Ook nu nog blijft het delen van die emoties moeilijk.&#8217;<\/p>\n<p>Heeft u zich er schuldig over gevoeld?<\/p>\n<p>&#8216;Toen ik dit allemaal inzag, heb ik me schuldig gevoeld, ja. Of ik het mezelf k\u00e1n verwijten, is een tweede. De scheiding van hun ouders na vijftien jaar huwelijk heeft mijn kinderen ook niet geholpen. Toen mijn toenmalige vrouw erachter kwam dat ik haar al heel lang ontrouw was, was ze tot in de bodem gekwetst. Het is nooit meer goed gekomen. Emoties wonnen het van het verstand, zowel bij haar als bij mij.<\/p>\n<p>Vooral de relatie met mijn oudste zoon is lastig geweest. Ik heb een zwaar stuk puberteit met hem uitgevochten, heb hem om allerlei redenen die er niet toe doen ernstig teleurgesteld. Hij ging in dienst van de Amerikaanse luchtmacht en werd uitgezonden naar Okinawa in Japan. Hij woont er nog, met vrouw en kinderen. Ik heb hem de afgelopen vijftien jaar niet vaak gezien. Alleen toen ik tachtig werd, was hij er, met zijn gezin.<\/p>\n<p>Ik vond het vaderschap niet makkelijk. Ik had steeds het gevoel mijn ouderlijk gezag te moeten handhaven. Mijn eigenwaarde was constant in het geding. De oorlog heeft er in zoverre mee te maken dat ik zelf geen vader had in mijn puberteit. Ik wist niet hoe je je als zoon moest gedragen, laat staan als vader.&#8217;<\/p>\n<p>Het enige echt persoonlijke contact met zijn vader heeft Frijda naar eigen zeggen gehad tijdens de onderduik. Nico bezocht hem op zijn onderduikadres. &#8216;Het was curieus om hem in die situatie te zien,&#8217; zegt hij peinzend. &#8216;We hadden elkaar twee jaar niet gezien en ik was ineens een stuk langer dan hij. We wisten dat mijn broer, die in het verzet zat, in de duinen van Overveen was gefusilleerd. We deelden het verdriet. Het was een buitengewoon waardevol moment.&#8217;<\/p>\n<p>In die periode schreven vader en zoon vanuit hun onderduikadressen brieven naar elkaar. &#8216;Ik las me suf en schreef hem trots dat ik over de geschiedenis van de economie had gelezen. Daar was mijn vader verrukt over. Maar hij was zo stom om een brief van mij te bewaren, met mijn adres. Na zijn arrestatie &#8211; hij werd verraden &#8211; volgde al snel de mijne. We zagen elkaar kort daarna in de gevangenis. En ik moest doen alsof ik hem niet kende, want ik was nu Hans de Groot. Ik heb hem nooit meer gesproken. Dankzij dat zit ik hier nu, ik heb het leven van de dood afgesnoept. Mijn vader is kort daarna &#8211; met de familie Frank &#8211; met het laatste transport naar Auschwitz gegaan.&#8217;<\/p>\n<p>Na de oorlog ging Frijda op zoek naar zijn familie. Zijn zus vond hij snel. Zijn moeder bleek al in 1942 met haar minnaar naar Zwitserland te zijn gevlucht. &#8216;De rest van het gezin was weg,&#8217; zegt hij ge\u00ebmotioneerd. &#8216;Mijn broer was weg. Mijn vader was weg. Ja.&#8217;<\/p>\n<p>Herdenkingsrituelen<\/p>\n<p>&#8216;De kloof die ouders met een oorlogsverleden met hun kinderen hebben, kan niet overbrugd worden.&#8217; Frijda veert verontwaardigd op wanneer ik hem confronteer met zijn eigen citaat uit het laatste hoofdstuk over herdenken. &#8216;Schrijf ik dat? Nou, dat vind ik dan een gemakzuchtige opmerking van mezelf! We zijn er te beroerd voor geweest, we hebben onze verantwoordelijkheid niet gezien, al was het ook wel een kwestie van niet kunnen. De kloof kan w\u00e9l overbrugd worden, hoe moeilijk het ook is. Dat bewijst het contact tussen mijn tweede zoon en mij. Vijftien jaar geleden zijn we samen naar het Yad Vashem-monument in Isra\u00ebl geweest. Daar ben ik, zonder dat het mijn bedoeling was, gaan huilen. Dat gebeurt. Mijn zoon zei niks, maar legde zijn hand op mijn arm. Vanaf dat moment dateert ons contact en hebben wij een warme band. In mailtjes noemt hij mij nu &#8220;vader&#8221;. Kennelijk was het voor hem belangrijk om mijn emoties te zien. Het opende een deurtje naar mijn gevoelsleven. Zo zie je dat herdenkingsrituelen kunnen bijdragen aan het leren omgaan met onverwerkte, emotionele gebeurtenissen. Ze kunnen ouders en kinderen bij elkaar brengen in gecre\u00eberde, veilige omstandigheden. Daarna ben ik ook nog eens met mijn dochter naar Auschwitz gegaan. Ze wilde mee om voor me te zorgen op die verre reis. Over de oorlogstijd praat ik nog steeds niet zoveel met mijn kinderen, dat gaat niet zomaar. Maar je kunt je emoties wel overdragen in de gesteriliseerde vorm van een ritueel of bezoek aan een rampenplek. Tegenover mijn zus ligt dat anders. We raken het vaker aan. We kunnen op elkaar rekenen. We hebben per slot hetzelfde meegemaakt.&#8217;<\/p>\n<p>Dan begint Frijda te glunderen. Niks is onmogelijk! Afgelopen week had hij al zijn kinderen over de vloer: zijn oudste zoon uit Japan, zijn middelste uit Thailand, zijn dochter en zijn zestienjarige zoon. &#8216;Dat was zo leuk en belangrijk.&#8217; In die drukte hebben zijn oudste zoon en hij de tijd gevonden om te praten. Niet over de oorlog, wel over h\u00fan verleden. &#8216;Er was een sterke emotionele lading aan het bezoek,&#8217; zegt de wetenschapper. En dan: &#8216;We hebben zonder bitterheid gesproken over alles wat is misgegaan. Dat is de vrucht van het ouder worden. We zijn weer vertrouwd geraakt, er is weer een opening gekomen.&#8217;<\/p>\n<p>Volgend jaar wil Frijda naar Japan vliegen om de vijftigste verjaardag van zijn zoon te vieren. Toevallig dezelfde dag dat zijn jongste zoon zeventien wordt. Maar met hem dient niet zoveel hersteld te worden. Zijn opvoeding is volgens Frijda een stuk soepeler verlopen. &#8216;Ik ben wijzer. Hij is een enig jong, en erg ongehoorzaam. Als hij mij uitscheldt, lach ik erom. Ik heb niks meer te bewijzen.&#8217;<\/p>\n<p>En zo lijkt het erop dat Nico Frijda aan het einde van zijn leven ook als mens grip heeft gekregen op de emoties en expressies die hem altijd intrigeerden. Op \u00e9\u00e9n vraag heeft hij nog steeds geen antwoord: waarom houdt een emotie als verdriet zo lang aan, wat is daarvan de functie? &#8216;Dat begrijp ik nog steeds niet goed,&#8217; zegt Frijda. &#8216;Is het een foutje van de natuur, zoals de fantoompijn die je voelt na amputatie? Toont het maar weer eens aan hoe onhandig onze maker is geweest? Echt verdriet gaat immers niet over. Maar misschien is dat vooral goed. Het is een morele verplichting om niet te vergeten. Een mens kan niet in het reine komen met de oorlog. Dat zou ontrouw zijn aan wie ons lief waren, en een schande jegens de verschrikkingen van oorlog en vervolging.&#8217; Frijda heeft zijn eigen emoties niet weten te beteugelen, integendeel. Maar het betonnen deksel is er wel blijvend af. &#8216;Dan leef je met je pijnlijkste herinneringen en strompel je verder. Maar wel met meer integriteit dan voorheen.&#8217; <\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Emoties brachten Nico Frijda zijn levenswerk als wetenschapper, maar bemoeilijkten zijn persoonlijk leven. \u2018Door te herdenken wordt het verdriet niet kleiner, wel zinvoller.\u2019<\/p>\n","protected":false},"author":1023,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"content-type":"","footnotes":""},"categories":[27,405],"tags":[],"acf":[],"author_name":"Carolina Lo Galbo","_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/87325"}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/types\/post"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/comments?post=87325"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/87325\/revisions"}],"author":[{"embeddable":true,"name":"Carolina Lo Galbo","href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/users\/1023"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/media?parent=87325"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/categories?post=87325"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/tags?post=87325"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}