
 {"id":86643,"date":"2010-01-28T09:36:00","date_gmt":"2010-01-28T07:36:00","guid":{"rendered":"http:\/\/beta.vn.nl\/help-arme-sloebers\/"},"modified":"2010-01-28T09:36:00","modified_gmt":"2010-01-28T07:36:00","slug":"help-arme-sloebers","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.vn.nl\/help-arme-sloebers\/","title":{"rendered":"Help, arme sloebers!"},"content":{"rendered":"<div class=\"wpg-element paragraph-quote\">\n<blockquote>\n<p>Waarom durfden hulpverleners grote delen van Port-au-Prince niet in? Omdat ze bang waren voor berooide zwarten. <\/p>\n<\/blockquote>\n<\/div>\n<div class=\"wpg-element paragraph\">\n<p>Zeker, er was een verkeersinfarct op de landingsbaan van Port-au-Prince en er lag puin op de weg van het vliegveld naar de stad. Maar dat verklaart niet volledig waarom de eerste twee weken na de aardbeving op Ha\u00efti de hulp de meeste slachtoffers niet, en andere in veel te kleine hoeveelheden bereikte. Het slakkentempo waarmee hulpgoederen werden uitgedeeld, had ook alles te maken met een deken van angst die de hulpoperatie verstikte. <\/p>\n<\/p><\/div>\n<div class=\"wpg-element paragraph\">\n<p>Bijna twee weken lang gingen koppen op televisie en in kranten over &#8216;de veiligheidssituatie&#8217; in Port-au-Prince en maakten internationale hulpverleners van hun eigen bescherming prioriteit. In Afghanistan en Irak waren nog bloedige aanslagen op VN-organisaties en ngo&#8217;s nodig om hulpinstanties zo bang te maken dat ze nauwelijks de straat nog op durfden, in Ha\u00efti bleven ze al binnen zonder dat er zelfs maar \u00e9\u00e9n bedreiging aan hun adres was geuit. De honger van de Ha\u00eftianen boezemde zelfs de grote en ervaren hulporganisaties &#8211; en journalisten &#8211; zoveel angst in, dat ze grote delen van de stad slechts onder bewaking van mannen met geweren durfden te betreden.<\/p>\n<p><b>Groene Zone<\/b><br \/>Een ramp zonder wapperende vlaggen met de logo&#8217;s van hulporganisaties, zonder witte Landcruisers met hulpverleners aan het stuur, zonder reportages vanuit vluchtelingenkampen en zonder persconferenties over de hulpsuccessen: de hulpverleners hadden weinig of niets om aan pers en publiek te laten zien. Hulpgoederen stapelden zich steeds hoger op naast de landingsbaan op het vliegveld van Port-au-Prince; uitdelingen waren schaars en verliepen paniekerig. De luchthaven werd tot Groene Zone uitgeroepen, een enclave voor buitenlanders zoals Bagdad die ook heeft, met prikkeldraad en machinegeweren eromheen die een &#8216;vijand&#8217; op afstand moesten houden. Grote delen van de stad werden Rode Zones, arme wijken waar buitenlanders alleen dachten heen te kunnen als ze gewapende VN-soldaten mee konden krijgen. Als de blauwhelmen het te druk hadden, gingen ze niet. Andere, de armste wijken, waren zelfs voor VN-soldaten in pantserwagens no go-areas. De zelf opgelegde grenzen aan het operatiegebied van de hulpverleners lagen daarmee wel erg krap: in Port-au-Prince, een van &#8216;s werelds armste steden, woont tachtig procent van de bevolking in onafzienbare sloppenwijken.<\/p>\n<p>Wat een weliswaar groot en dramatisch, maar verder &#8216;gewoon&#8217; humanitair rampgebied is, werd betreden alsof het er oorlog was en slachtoffers werden benaderd als rondschuimende war lords. Dat niet bijvoorbeeld Unicef, maar het Pentagon de scepter zwaaide over de Groene Zone, en dat zestienduizend Amerikaanse soldaten door ons beeld marcheerden, bevestigde ieders indruk van hoe gevaarlijk het er was.<\/p>\n<p><b>Niet gecheckt<\/b><br \/>Ook de internationale media deden tot nu toe weinig of niets om de sfeer te ontspannen en de hulpverleners over te halen aan het werk te gaan. CNN was er het eerst en zette krachtig de toon. In de grootste CNN-operatie sinds de tsunami van 2004, zette het tv-station uren na de beving al vijftig man aan de grond. Het Amerikaanse CBS volgde, ook met vijftig man. De New York Times en de Washington Post vlogen elk tien man binnen en dan waren er ook de Miami Herald, de Los Angeles Times, Reuters en AP, radio en televisie uit Latijns-Amerikaanse landen, BBC-radio en -tv en Duitse, Franse, Italiaanse en Spaanse media. Nederlandse media pakten uit alsof Ha\u00efti een zaak van nationaal belang was. Het NOS Journaal, Netwerk, Nova, Een Vandaag, de radio, alle stuurden eigen correspondenten.<\/p>\n<\/p><\/div>\n<div class=\"wpg-element paragraph-quote\">\n<blockquote>\n<p>&#8211; NRC trok in gewapend konvooi door het rampgebied met het Nederlandse search and rescue-team, en noemde de stad &#8216;levensgevaarlijk&#8217;<\/p>\n<\/blockquote>\n<\/div>\n<div class=\"wpg-element paragraph\">\n<p>Verspreidde de mediamenigte zich na de tsunami nog over een kustlijn van enige duizenden kilometers lengte, in Ha\u00efti propten ze zich met zijn allen in en om \u00e9\u00e9n Groene Zone in \u00e9\u00e9n enkele stad. Bij zoveel vraag is het aanbod aan nieuws al snel veel te klein. Verhalen over chaos en plunderingen werden heet opgediend, incidenten werden gebracht als staande praktijk, en omdat het zich allemaal zou afspelen in de gevaarlijke Rode Zones, werden geruchten niet of nauwelijks gecheckt.<\/p>\n<p>De aardbeving was nog geen vierentwintig uur oud, of een CNN-verslaggever wees op een troepje Ha\u00eftianen die elkaar achterna zaten met lege kartonnen biscuitdozen. &#8216;Een explosie van geweld!&#8217; zei de verslaggever opgewonden. Uren later moest hij het verhaal rectificeren. Het was juist een &#8216;explosie van vreugde&#8217; geweest. Ha\u00eftianen vielen elkaar niet aan met de dozen, maar hielden met elkaar een &#8216;soort kussengevecht&#8217;. De correctie op het verhaal kwam te laat. Het perspectief van de internationale media was al bepaald. &#8216;De veiligheidssituatie&#8217; zou twee weken lang de meest gebruikte invalshoek voor de verhalen over de aardbeving blijven.<\/p>\n<p>&#8216;Grootschalige plunderingen&#8217;, waarbij tientallen mensen doodgeschoten zouden zijn, &#8216;aanvallen op hulpkonvooien&#8217;, &#8216;anarchie&#8217; en &#8216;lynchpartijen&#8217; &#8211; met verhalen over levensgevaarlijke Ha\u00eftianen, dol van honger en dorst, werden we dagenlang om de oren geslagen. Maar ze werden ondersteund door beelden die op zijn minst de vraag opriepen of we wel zagen wat ze zeiden: &#8216;vechtpartijen&#8217; bleken duwpartijen om flessen water en eten &#8211; niet onbegrijpelijk na dagen honger en dorst; bij &#8216;gewapende bendes die zich meester maken van de straten&#8217; zagen we een handvol mannen met machetes, die net zo goed op weg konden zijn naar een ingestort huis om iemand te helpen uitgraven; en de &#8216;golven van plunderingen&#8217; konden ook worden ge\u00efnterpreteerd als overleven met voedsel dat er was, maar dat de mensen niet kregen.<\/p>\n<p><b>&#8216;Zo zijn de mensen hier niet&#8217;<\/b><br \/>Hulporganisaties gingen mee in de verhalen en gebruikten ze als medeverklaring voor hun inertie. De organisatie World Vision maakte zich na zes dagen nog steeds &#8216;zeer bezorgd&#8217; en kon niet werken zonder beveiliging en het World Food Program (WFP) zei vanwege &#8216;geweld en plunderingen&#8217; pas 250.000 rantsoenen te hebben kunnen uitdelen, terwijl drie miljoen hongerigen op eten wachtten.<\/p>\n<p>Tegengeluiden waren er ook, maar de meeste werden gesmoord. Waar de correspondente van NRC &#8216;complete anarchie&#8217; meldde, Nova speculeerde over een mogelijke staatsgreep die het allemaal nog erger zou maken en de Volkskrant de &#8216;grimmige sfeer&#8217; beschreef, zagen BBC-verslaggevers, die wel alleen en te voet door de Rode Zones durfden, Ha\u00eftianen die straten aanveegden en in hun netste kleren al weer naar de kerk gingen. Aan de eigenaresse van een supermarktje dat nog overeind stond, vroeg een BBC-reporter of ze niet bang was voor plunderaars. &#8216;Nee. Zo zijn de mensen hier niet,&#8217; zei ze.<\/p>\n<p>Twitteraars in de Rode Zones die met hun laatste restjes benzine hun generatoren en mobieltjes aan de praat wisten te houden, vertelden over mensen die water- en voedselvoorraadjes deelden. De directeur van een weeshuis in Port-au-Prince vertelde op zijn website dat ook hij water uitdeelde, en dat hij mensen daarvoor twee eurocent per twintig liter in rekening bracht om zo getrek en geduw te voorkomen. Lokale ziekenhuizen in de omgeving van de stad deden dagenlang oproepen via internet: stuur pati\u00ebnten! We functioneren, maar onze bedden staan leeg. Zeven dagen na de ramp verklaarde zelfs luitenant-generaal Ken Keen, deputy commander van het Amerikaanse leger in Port-au-Prince, dat &#8216;het geweldsniveau lager is dan v\u00f3\u00f3r de aardbeving&#8217;. <\/p>\n<p>Maar die dag trok NRC nog in gewapend konvooi door het rampgebied met het Nederlandse search and rescue-team, dat de stad &#8216;levensgevaarlijk&#8217; noemde. Op dag acht was volgens CNN &#8216;niets of niemand in Port-au-Prince veilig&#8217;, volgens Nova nam de agressie tegen buitenlanders toe en in de Telegraph waarschuwde het Internationale Rode Kruis voor &#8216;toename van geweld en plunderingen&#8217;.<\/p>\n<p><b>Voodoo<\/b><br \/>Het oordeel van veel media over de Ha\u00eftianen, die al die dagen alleen naar hulp mochten k\u00edjken, maar er weinig of niets van kregen, was meedogenloos. Het hoofdredactioneel commentaar in NRC op de zesde dag van de ramp (18 januari): &#8216;Terwijl onder het puin nog overal mensen liggen te sterven, terwijl boven de grond reddingswerkers er het beste van proberen te maken, nemen medemensen hun toevlucht tot geweld om aan levensmiddelen te komen of verlagen zich soms zelfs tot regelrechte plunderingen.&#8217; Geen journalist vergat de &#8216;corrupte, falende Ha\u00eftiaanse regering&#8217; te noemen als medeschuldige aan de trage hulpverlening, maar tegelijkertijd zagen journalisten er geen been in om zich door de veiligheidsdienst van diezelfde corrupte kliek te laten beveiligen tegen &#8216;plunderaars en criminelen&#8217;: de Ha\u00eftiaanse politie reed mee in de VN-konvooien.<\/p>\n<p>Sommige Amerikaanse commentatoren herkenden de meedogenloosheid waarmee hulpverleners en journalisten de slachtoffers beschreven. Ze zagen ze eerder hetzelfde doen na orkaan Katrina. Ook daar kwamen, mede doordat de verslaggeving vooral ging over anarchie, plunderingen en geweld, gewapende beveiligers eerder dan hulp. Het gros van alle berichten over de gewelddadigheid van de inwoners van New Orleans moet nog bewezen worden.<\/p>\n<p>De afstand tussen New Orleans en Ha\u00efti is niet groot. Parijs ligt voor Amsterdammers ongeveer net zo ver. De imago&#8217;s van de twee gebieden liggen ook niet ver uiteen. E\u00e9n, misschien zelfs wel twee miljoen Ha\u00eftianen wonen al in Amerika, al dan niet legaal, en steeds meer proberen er te komen. <\/p>\n<p>Op de toeristenstranden van Miami spoelen bijna wekelijks dode Ha\u00eftiaanse bootvluchtelingen aan. Amerikaanse belastingbetalers ergeren zich verder groen en geel aan het zwarte gat waarin de honderden miljoenen Amerikaanse hulpdollars voor Ha\u00efti in de afgelopen decennia verdwenen. Op het moment van de aardbeving liepen er Amerikaanse onderzoeken naar verdampte miljoenen die waren gedoneerd voor slachtoffers van de laatste orkanen. Een gruwel voor Amerikanen, het gros zeer godvruchtig, is ook dat voodoo in Ha\u00efti een offici\u00eble religie is. Bovenal zijn Ha\u00eftianen arm en zwart. In Amerikaanse &#8211; en veel andere westerse &#8211; steden telt die combinatie in de perceptie op tot: gewelddadige gangs.<\/p>\n<p><b>&#8216;Back! Back!&#8217;<\/b><br \/>De reacties van de buitenlanders in Ha\u00efti nu, doen me denken aan die van de Amerikaanse soldaten die in 1994 Ha\u00efti binnenvielen om de staatsgreep tegen president Jean-Bertrand Aristide ongedaan te maken. Ik was erbij als radiojournalist. De invasiemacht was twintigduizend man sterk en tot de oorlellen beschermd met de laatste Pentagon-snufjes, en toch waren de manschappen uiterst bezorgd over wat de (ongewapende en door een langdurig economisch embargo ondervoede) Ha\u00eftianen als tegenzet bedacht zouden kunnen hebben. In de praktijk was er alleen een welkomscomit\u00e9. Een optocht van sloppenbewoners perste zich uit de stegen de boulevard naar de haven op, waar de Amerikaanse soldaten zojuist aan land waren gekomen. Ik stond naast een soldaat uit Alabama, een pukkelige tiener. Zonder zijn ogen van de in deerniswekkende lompen gestoken mensenmassa af te wenden, tastte hij naar het wapen aan een riem op zijn met staalplaten beveiligde buik.<\/p>\n<p>&#8216;Merci! Beel Clieng Dong!&#8217; riepen de mensen toenmalige president Bill Clinton aan.<\/p>\n<p>&#8216;Wat zijn dat voor mensen?&#8217; hijgde de soldaat.<\/p>\n<p>&#8216;Sloppenbewoners,&#8217; probeerde ik hem gerust te stellen, maar zijn vingers spanden zich vaster om de trekker. Hij ontspande ze pas weer een beetje toen een kleine stoet BMW&#8217;s en Mitsubishi&#8217;s in de achterhoede voorbij rolde. In Amerika zijn mensen die zich auto&#8217;s in die prijsklasse kunnen veroorloven, meestal respectabele burgers. In Ha\u00efti behoren ze toe aan de elite, de klasse die toegang heeft tot wapens, drugsgeld en de verdwenen Amerikaanse hulpdollars. De good guys in Ha\u00efti zijn juist de weerloze sloppenbewoners. Voor westerse stedelingen is dit de omgekeerde wereld. Dat beeld zet je niet zomaar even recht.<\/p>\n<p>&#8216;Back! Back!&#8217; schreeuwden de Amerikaanse soldaten tegen het welkomscomit\u00e9 terwijl ze hun geweren aanlegden.<\/p>\n<p><b>Kalmte<\/b><br \/>In de daily briefing van VN-missie Minustah van 22 januari, dag tien van de aardbeving, lezen we dat banken en supermarkten die nog overeind staan, de deuren weer hebben geopend. De voorzitter van de Ha\u00eftiaanse Kamer van Koophandel liet weten dat de frisdrankenfabriek in Port-au-Prince al weer voor vijftig procent draait en dat dat over een week honderd procent zal zijn. Maar op dag twaalf van de aardbevingsramp waren de VN, het Amerikaanse leger, de Ha\u00eftiaanse regering en de internationale ngo&#8217;s nog steeds niet in staat gebleken om naar Cit\u00e9 Soleil te gaan, de grootste, armste, en v\u00f3\u00f3r de aardbeving ook al ellendigste wijk.<\/p>\n<p>Een met de dag onbegrijpelijker wordende kalmte bleef in de stad overheersen. Zelfs CNN kon er niet meer omheen. Op dag elf van de ramp vertelde Christiane Amanpour op CNN wat ze &#8216;the real story&#8217; noemde: &#8216;In Haiti right now you notice how patient, considerate, gentle, even noble people are, all things considered. We&#8217;ve seen very little looting. Very little violence and anger from the people.&#8217; Straatmarkten waren gewoon in bedrijf; kramen lagen vol &#8211; dure &#8211; groente en fruit. Ze werden niet bestormd.<\/p>\n<\/p><\/div>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Waarom durfden hulpverleners grote delen van Port-au-Prince niet in? Omdat ze bang waren voor berooide zwarten.<\/p>\n","protected":false},"author":1023,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"content-type":"","footnotes":""},"categories":[47,71,69,193,1789],"tags":[],"acf":[],"author_name":"Linda Polman","_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/86643"}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/types\/post"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/comments?post=86643"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/86643\/revisions"}],"author":[{"embeddable":true,"name":"Linda Polman","href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/users\/1023"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/media?parent=86643"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/categories?post=86643"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/tags?post=86643"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}