
 {"id":437597,"date":"2019-06-18T10:00:38","date_gmt":"2019-06-18T08:00:38","guid":{"rendered":"https:\/\/www.vn.nl\/?p=437597"},"modified":"2020-01-14T10:50:28","modified_gmt":"2020-01-14T09:50:28","slug":"poeziepodcast-36-een-viering-van-poezie-in-al-haar-verschijningsvormen","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.vn.nl\/poeziepodcast-36-een-viering-van-poezie-in-al-haar-verschijningsvormen\/","title":{"rendered":"Po\u00ebziepodcast 36: Een viering van po\u00ebzie in al haar verschijningsvormen"},"content":{"rendered":"<p><iframe src=\"https:\/\/w.soundcloud.com\/player\/?url=https%3A\/\/api.soundcloud.com\/tracks\/637989783&amp;color=%23c84845&amp;auto_play=false&amp;hide_related=false&amp;show_comments=true&amp;show_user=true&amp;show_reposts=false&amp;show_teaser=true\" width=\"100%\" height=\"166\" frameborder=\"no\" scrolling=\"no\"><\/iframe><\/p>\n<p><a href=\"https:\/\/www.vn.nl\/poeziepodcast-24\/\">Net als vorig jaar<\/a> was ik aanwezig op Poetry International, waar net als vorig jaar een bonte stoet dichters van over de hele wereld aanwezig was. Net als vorig jaar sprak ik een aantal dichters voor de podcast, en net als vorig jaar doe ik dat in het Engels. Niet schrikken dus!<\/p>\n<p>Anders dan vorig jaar is de sfeer van de podcast, viel me op. De gesprekken die ik een jaar geleden had gingen vaak over het schrijven van po\u00ebzie onder moeilijke politieke omstandigheden. Zehar Lynn vertelde over de po\u00ebziecultuur onder het censuurbureau van de overheid in Myanmar, Maria Stepanova over dichten in het Rusland van Poetin en Danez Smith over activistische po\u00ebzie in de LGBTQ-gemeenschap in de VS.<\/p>\n<blockquote><p>Natuurlijk komt er zo nu en dan toch wat politiek om de hoek kijken, en dat is maar goed ook.<\/p><\/blockquote>\n<p>Misschien had ik dit jaar dichters die een ander soort po\u00ebzie maken, maar de aflevering is veel vrolijker geworden. Waarmee ik geen waardeoordeel uit wil drukken: de hierboven genoemde dichters en de anderen die ik in die aflevering sprak vertellen indrukwekkende verhalen over een literatuurklimaat waar we ons in het veilige Nederland gelukkig weinig bij voor kunnen stellen, en ik vond het aangrijpend en boeiend om die perspectieven te leren kennen.<\/p>\n<p>Maar het is \u00f3\u00f3k mooi om, zoals in deze aflevering, de po\u00ebzie te vieren in al haar verschijningsvormen. En natuurlijk komt er zo nu en dan toch wat politiek om de hoek kijken, en dat is maar goed ook.<\/p>\n<h5>Frank B\u00e1ez<\/h5>\n<p>Mijn eerste gast is Frank B\u00e1ez, een dichter uit de Dominicaanse Republiek die behalve voor Poetry International ook voor een residency in Amsterdam naar Nederland is gekomen. Het sprak mij als dichter-dj natuurlijk erg aan dat hij een gedicht had meegenomen waarin hij zich afvraagt met welke van die twee beroepen hij beter af is.<\/p>\n<div class=\"info-box\">\n<p><strong>GISTEREN DROOMDE IK DAT IK EEN DJ WAS<\/strong><\/p>\n<p>Ik bel Miguel en vraag hem<br \/>\nof hij denkt dat ik meer succes zou hebben als dj of als dichter<br \/>\nen Miguel antwoordt dat ik maar beter gewoon dichter kan blijven.<br \/>\nOok mijn vriendin zegt als dichter.<br \/>\nDe broer van mijn vriendin zegt als dichter<br \/>\nen een meisje dat in de rij stond voor de bioscoop<br \/>\nen dat ik net had ontmoet zegt als dj.<\/p>\n<p>Jongeren zien me eerder als dj;<br \/>\nvrouwen die in de supermarkt boodschappen doen<br \/>\nraden me aan door te gaan met mijn gedichten.<\/p>\n<p>Mijn moeder zegt als dichter.<br \/>\nDe loodgieter zegt als dichter.<br \/>\nDe vijf dichters die ik persoonlijk ken zeiden me<br \/>\ndat ik meer succes zou hebben als dj.<br \/>\nMijn zus hield haar mening liever voor zich.<\/p>\n<p>Ik ging naar een concert van DJ Ti\u00ebsto.<br \/>\nen een gringa nam mijn handen vast<br \/>\nen legde uit dat dj\u2019s Gods wezens zijn.<br \/>\nZe zijn engelen, zei ze, en terwijl ze praatte<br \/>\nzag ik voor me hoe de dj\u2019s<br \/>\nmet hun draaitafels rond God vlogen<br \/>\nalsof ze muggen waren en God ze met een hand<br \/>\nvan zich af sloeg.<\/p>\n<p>Maar goed, de vraag is of dichters en dj\u2019s<br \/>\nelkaar zouden kunnen vinden.<br \/>\nOf ze \u00e9\u00e9n zouden kunnen worden<br \/>\nof het mogelijk is met de ene hand gedichten te schrijven<br \/>\nen met de andere plaatjes te draaien,<br \/>\nof het mogelijk is half dichter, half dj te zijn,<br \/>\ndat ik van mijn navel naar boven dichter ben<br \/>\nen van mijn navel naar onderen dj<br \/>\nof omgekeerd<br \/>\nof dat een dichter<br \/>\nbij volle maan dj zou kunnen worden<br \/>\nmaar misschien overdrijf ik<br \/>\nen wil elke dj diep van binnen dichter zijn<br \/>\nen elke dichter dj.<\/p>\n<p>Er bestaat een fabel waarin een dj en een dichter<br \/>\nin een put vallen.<br \/>\nZe roepen en roepen om hulp tot<br \/>\ner aan de rand van de put een man verschijnt die hun een touw<br \/>\ntoewerpt om ze beetje bij beetje omhoog te trekken.<br \/>\nDe dj klimt er als eerste uit en wanneer ze het touw<br \/>\nweer laten zakken schreeuwt de dichter dat ze hem daar beneden moeten laten<br \/>\nen de man en de dj doen wat hun gevraagd wordt, ze<br \/>\nkijken het eventjes in stilte aan en lopen niet veel later weg.<\/p>\n<p>Frank B\u00e1ez, vertaling Luc de Rooy.<br \/>\nAlle gedichten in dit artikel zijn overgenomen van Poetry International.<\/p>\n<\/div>\n<p>Toen ik de naam DJ Ti\u00ebsto zag staan in het gedicht dacht ik aanvankelijk dat vertaler Luc de Rooy er zelf voor had gekozen om van Ti\u00ebsto de archetypische platvloerse succes-dj te maken, als vervanging van een in Nederland minder bekende Dominicaanse Ti\u00ebsto, maar die keuze was toch echt van Frank zelf. Als een volleerde Amsterdammer klaagt hij vervolgens nog even over het toerisme, en dan is het alweer tijd om de volgende dichter te ontvangen.<\/p>\n<h5>Lea schneider<\/h5>\n<p>Dat is de Duitse Lea Schneider, die behalve dichter ook vertaler van moderne Chinese po\u00ebzie is. Ze leest een deel uit haar enorm lange prozagedicht (10 pagina\u2019s!) over de stad N\u00e1nj\u012bng.<\/p>\n<div class=\"info-box\">\n<p><strong>HERFST IN N\u00c1NJ\u012aNG (fragment)<\/strong><\/p>\n<p>dit is de hoofdstad in het zuiden, de hoofdstad die dat niet meer is. het presidenti\u00eble paleis daar is niet europees. het presidenti\u00eble paleis daar is zo europees als een koloniale villa. het regeringspaleis daar kan voor 40\u00a5 bezichtigd worden, en dan blijf je de hele dag. de regering bleef tot de winter van 1937. toen ze wegging, werden de stadspoorten afgesloten. in de zes weken daarna doodde het japanse leger 400.000 burgers. in de vier weken erna verkrachtte het japanse leger 20.000 vrouwen. de stadsmuur staat er nog, hij kan voor 20\u00a5 bezichtigd worden, en dan blijf je de hele dag. het is de enige compleet bewaarde stadsmuur in china. ik wist dat niet.<\/p>\n<p>in het w\u016bl\u00f3ngt\u01cen-park plakt de hitte. alles kan evengoed heel nieuw als heel oud zijn, het verschil dringt zich niet op. ik schrijf brieven aan t., die naast me in de schaduw ligt. ik schrijf brieven aan c., die ze in een europees stadje leest, dat wil zeggen: ik schrijf brieven naar het verleden. het verleden, zegt l., is daar waar niet alles gelijktijdig gebeurt; waar het heden geen gelijktijdigheid is die met een snelheid van 350 km\/u voortraast.<\/p>\n<p>en dat is nou net het probleem, zegt b., en pakt haar glas bier: we hebben geen tijd om na te denken. mijn studenten hebben 30 jaar nodig om door te krijgen wat ze eigenlijk willen, en dan hebben ze al gedaan wat alle anderen doen. wat we dringend nodig hebben, zegt b., is individualisme. ze bedoelt er iets anders mee dan ik.<\/p>\n<p>x. zegt dat het individualisme komen zal, maar dat dat nog eventjes duurt.<br \/>\nh. zegt dat hij de laatste tijd steeds aan de jaren 70 moet denken, het lijkt erop dat de jaren 70 terugkomen, en ik vraag me af wat ik niet allemaal vanzelfsprekend zou vinden als ik tot de generatie van mijn ouders behoorde, of tot de generatie daarvoor, waar zou ik harder voor vechten, waar zou ik banger voor zijn. in de jaren 70 was er geen pers, alleen regeringskranten, zegt h., die drie maanden geleden zijn baan als hoofdredacteur heeft opgezegd en een reclamebureau is gestart.<\/p>\n<p>dit is niet de stad van de zwaluwen. het is de stad die vergeten werd. vergeten: w\u00e0ngj\u00ec, letterlijk: vergeten om je iets in te prenten. natuurlijk kun je dat ook anders zeggen. dit is geen gedicht over de niet geheel doorziene samenhang van taal en denken. in het beste geval is het: een gat in het papier dat groot genoeg is om er doorheen te willen. groot genoeg om de vissen erachter te zien zwemmen. de pok\u00e9mon.<\/p>\n<p>Lea Schneider, vertaling Ton Naaijkens.<\/p>\n<\/div>\n<p>Ik probeer voorzichtig aan te stippen dat Lea een vorm heeft gekozen die wel erg ver van de klassieke vorm van een gedicht af staat. Voorzichtig, omdat zo\u2019n vraag makkelijk kan worden verward met de vraag of het hier eigenlijk nog wel om po\u00ebzie gaat, en dat vind ik een onzinnige vraag waar je als ge\u00efnterviewde dichter terecht boos om mag worden.<\/p>\n<p>Gelukkig springt Lea precies in de smalle kloof van subtiliteit en gaan we een interessant gesprek aan over de grenzen van po\u00ebzie, zowel op papier als in de voordracht, en hoe je meer stemmen dan alleen die van jezelf in een gedicht kan verwerken.<\/p>\n<h5>Patricia lockwood<\/h5>\n<p>En dan valt eigenlijk de complete structuur van deze podcast donderend ineen. Patricia Lockwood komt de zaal binnen met een enorme beker bubble tea, een zuiveldrank (denk ik?) waar kleverige balletjes tapioca in liggen. Patricia staat erop dat ik ten overstaan van het podcastpubliek voor het eerst kennis maak met deze curieuze drank, en hoewel ik haar daarna wel nog zo ver krijg om een gedicht voor te dragen, loopt het verder hopeloos uit de hand. Het scheelt dat haar gedicht een van de mooiste is die ik op het hele festival gehoord heb:<\/p>\n<div class=\"info-box\">\n<p><strong>JUWELENDIEFFILM<\/strong><\/p>\n<p>Ik was zo blij in de juwelenruimte.<br \/>\nDe zon was koning, ik was net<br \/>\nopgegraven, de losgebroken hel was gekrompen<br \/>\ntot een zwavelkristal. Iets danste<br \/>\nop het uiteinde; dat moet ik wel zijn geweest.<br \/>\nHet had honderd gezichten, en een daarvan<br \/>\ntoonde het plafond in een perfect stukje \u2013<br \/>\nals een twaalfjarige heilige<br \/>\nergens op het platteland waar ze alleen<br \/>\nOpenbaringen lezen. Ik had nog<br \/>\neen greintje gezond verstand, voor een keer, ik was die geest<br \/>\ndie het licht begreep . . .<\/p>\n<p>Regen beregende mijn aquamarijn.<br \/>\nDe knokkels van de wereld omklemden het bed.<br \/>\nIk voelde de springladingen in mij in Missouri ontvlammen,<br \/>\nwaar de openlucht mijn snoepwinkel was,<br \/>\nwaar kleur haar daagse wezen leegzoog<br \/>\nen nooit minder zoet werd, minder<br \/>\nnieuw. \u201cIk wil het in mijn mond stoppen,\u2019<br \/>\nzei iemand, \u201cik wil het bijna opeten . . .\u201d<\/p>\n<p>Ik had tientallen gebruiksmogelijkheden, maar was vooral<br \/>\nronduit mooi. Bezoekers snakten naar adem<br \/>\nin de matzwarte kamer waar ik vrijelijk<br \/>\nfluoresceerde. Ze zagen me uitgestald op een woordenboek<br \/>\nzodat mijn doorzichtigheid werd ge\u00efllustreerd,<br \/>\ndie totaal was; ze konden het woord<br \/>\nalles door me heen lezen.<\/p>\n<p>Mijn naam betekende bloed, betekende zeewater,<br \/>\nbetekende citroen. Het oog in mijn agaat<br \/>\nknipperde nooit. Men geloofde dat ik van<br \/>\nbevroren maanlicht was gemaakt. Ik was zodanig gepolijst<br \/>\ndat een ster in me reflecteerde. Uit het zuiverste, meest ongerepte<br \/>\nbrok van me werd een paard gesneden.<br \/>\nToen ik tot het purper was gesplitst en op de een of andere<br \/>\nmanier nog stond, noemden ze me een kathedraal.<br \/>\nMaar net links daarvan<br \/>\nstroomde ik over het fluweel.<br \/>\nHet fluweel deed \u2019t em \u2013<\/p>\n<p>Ik wilde gesmokkeld worden.<br \/>\nWilde langs alle alarmen rijden<br \/>\nnet voor die zweepdruppel<br \/>\nop de grond viel. Wilde in god weet<br \/>\nwiens handen terechtkomen, een overval.<br \/>\n\u201cObsceen,\u201d zei een man achter me,<br \/>\n\u201cZomaar in hopen . . . obsceen.\u201d<br \/>\nToen liet ik, lachend, nog een karaat vallen.<br \/>\nIn Missouri kon je me zo<\/p>\n<p>van de grond rapen. Gomballen,<br \/>\ntoverballen, dropjes. Ik dacht:<br \/>\nprobeer me maar op te zuigen,<br \/>\nen zie, miljoenen jaren zijn je<br \/>\ntegenstander. Zomaar in hopen.<br \/>\nOpen en bloot. In ieders zicht. Obsceen.<br \/>\nDe benen van het echte ding<br \/>\nopenden zich, flits en flits en flits.<br \/>\nIk zei: toe dan, breek het glas.<br \/>\nGeef me een caleidoscopische overval.<br \/>\nIemand zal van mij druipen<br \/>\nzodra ik hieruit ontsnap.<\/p>\n<p>Patricia Lockwood, vertaling Evi Hoste.<\/p>\n<\/div>\n<p>Even bespreken we ook nog daadwerkelijk het gedicht, hoe het als een gang is waarin Patricia zo nu en dan een deurtje of een raampje opent, waar dan een complete dimensie achter blijkt te zitten. Raampje dicht en we wandelen weer verder aan de hand van deze even innemende als intense dichter.<\/p>\n<p>Via een gesprek over stenen verzamelen (we deden het allebei als kind) komen we al gauw op mijn DJ-collega\u2019s Joost Oomen en Dennis Gaens, die de avond voor ons gesprek tot in de vroege uurtjes met Patricia in een caf\u00e9 hebben gezeten, en haar hadden opgestookt om allerlei ongein uit te halen in mijn podcast. Thanks guys. Dat ze me verleidt tot een Tom Waits-imitatie is eigenlijk nog maar het begin van een achtbaan die langs de vroege jaren van Lauren Bacall en tandpasta etende hockeymeisjes voert, maar in ieder geval niet meer in de buurt komt van een gesprek over po\u00ebzie. Het hindert ook niet, want aan het eind leest ze nog \u00e9\u00e9n keer haar prachtige gedicht voor.<\/p>\n<h5>p\u00e9ter Z\u00e1vada<\/h5>\n<p>De laatste dichter die ik spreek is de Hongaar P\u00e9ter Z\u00e1vada, met een filosofisch gedicht waarin de tijd wordt voorgesteld als een ruimte, en P\u00e9ter de vorm van de toekomst verkent.<\/p>\n<div class=\"info-box\">\n<p><strong>PLAATS VOOR DE TIJD<\/strong><\/p>\n<p>(1)<br \/>\nEr bestaat een kust waar het nu<br \/>\neen paar minuten later is. Daar weet ik al<br \/>\nwaar deze straat uitkomt, waarvan ik hier<br \/>\nhet eind nog niet kan zien.<br \/>\nHij leidt naar een steeg loodrecht op de zee<br \/>\nwaar regelmatig verwarde meeuwen<br \/>\nin vliegen om het water<br \/>\nnooit meer terug te vinden.<br \/>\nOp die kust staan huizen die als zonnebloemen<br \/>\nongemerkt meedraaien met het licht,<br \/>\nde duisternis valt er zonder overgang<br \/>\nen hernoemt elke avond de pleinen.<br \/>\nDaar weet ik al dat de uren in mij<br \/>\nbelichaamd worden terwijl er niet genoeg<br \/>\nplaats is voor de zich opstapelende tijd. Het komende<br \/>\nverdringt het voorbije.<\/p>\n<p>(2)<br \/>\nIk sta altijd tussen twee gebeurtenissen.<br \/>\nIk stut ze, laat ze niet neerstorten<br \/>\nen over elkaar heen vallen.<br \/>\nMijn hand drukt zich tegen de muur van de toekomst.<br \/>\nGrijpt nietsvermoedend de koele klink vast<br \/>\nvan de deur die ik zo ga openen.<br \/>\nDie hand weet misschien toch iets<br \/>\nwat ik nog niet eens vermoed.<br \/>\nZij reikt naar waar ze reiken moet, in plaats van mij<br \/>\npoeiert zij de dood af, elke dag.<\/p>\n<p>(3)<br \/>\nIk eindig niet bij mijn huid.<br \/>\nIk stap over mijn grenzen heen<br \/>\nals over de benen van een trapezium, ik overstroom<br \/>\nmijn kenbare oevers.<br \/>\nDe buitenwereld raakt mijn lichaam aan<br \/>\nen sijpelt door de pori\u00ebn naar binnen. Ik kijk naar jou<br \/>\nterwijl je borstkas onrustig<br \/>\nop en neer gaat, zoals de woelige zee<br \/>\naangetrokken door de massa van de maan.<br \/>\nDaarna alleen de eenduidige hemel,<br \/>\nde eenzaamheid van een mast zonder zeil,<br \/>\nde struiken die de baai<br \/>\nin bezit nemen.<br \/>\nDe woorden zouden ons willen uitbrengen,<br \/>\nmaar we blijven steken in hun keel,<br \/>\nlopen vast in de vernauwde dwarsdoorsnede<br \/>\nvan het spreken.<\/p>\n<p>P\u00e9ter Z\u00e1vada, vertaling Mari Alf\u00f6ldy.<\/p>\n<\/div>\n<p>Met P\u00e9ter heb ik dan toch nog een gesprek over po\u00ebzie en politiek, maar hoe kan dat ook anders met een dichter uit het land dat nog altijd wordt geteisterd door de boevenbende van Victor Orb\u00e1n. P\u00e9ter vertelt dat hij het lastig vindt om politieke po\u00ebzie te schrijven, vooral omdat de mensen in kwestie eigenlijk helemaal geen po\u00ebzie verdienen.<\/p>\n<p>In <a href=\"https:\/\/www.poetryinternational.org\/pi\/poem\/29706\/auto\/0\/0\/Peter-Zavada\/REQUIEM-FOR-STEVE-IRWINREQUIEM-VOOR-STEVE-IRWIN\/en\/list\" target=\"_blank\" rel=\"noopener\">een ander gedicht<\/a> dat ik op het festival hoorde laat hij een geweldige mengeling zien van sprekende natuurpo\u00ebzie en een aanklacht tegen de antropocene vernietiging van diezelfde natuur, maar soms is het heerlijke van po\u00ebzie juist dat je alle ellende van de wereld om je heen achter je laat, en op reis gaat naar een kuststadje dat precies de vorm heeft van de toekomst.<\/p>\n<p>Volgende maand blijven we nog even in Rotterdam. Als er dan toch een keur aan internationale dichters naar Rotterdam komt, moet je het er als podcastmaker van nemen. Ik sprak voor een lekker lange \u2018gewone\u2019 aflevering met de grande dame van de Zuid-Afrikaanse po\u00ebzie: Antjie Krog. Oefen maar vast op jullie Afrikaans, als ik het prima kan volgen dan jullie ook.<\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Net als vorig jaar was ik aanwezig op Poetry International, waar net als vorig jaar een bonte stoet dichters van over de hele wereld aanwezig was. Net als vorig jaar sprak ik een aantal dichters voor de podcast, en net als vorig jaar doe ik dat in het Engels. Niet schrikken dus! Anders dan vorig [&hellip;]<\/p>\n","protected":false},"author":1248,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"closed","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"content-type":"","ep_exclude_from_search":false,"footnotes":""},"tags":[],"class_list":["post-437597","post","type-post","status-publish","format-standard","hentry","dossier-cultuur"],"acf":[],"author_name":"Daan Doesborgh","_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/437597","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/types\/post"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/comments?post=437597"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/437597\/revisions"}],"author":[{"embeddable":true,"name":"Daan Doesborgh","href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/users\/1248"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/media?parent=437597"}],"wp:term":[{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/tags?post=437597"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}