
 {"id":418779,"date":"2019-01-26T04:45:21","date_gmt":"2019-01-26T03:45:21","guid":{"rendered":"https:\/\/www.vn.nl\/?p=418779"},"modified":"2020-07-18T07:53:25","modified_gmt":"2020-07-18T05:53:25","slug":"de-bestuurders-van-lijn-16","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.vn.nl\/de-bestuurders-van-lijn-16\/","title":{"rendered":"Elma Verhey en Gerard van Westerloo: De bestuurders van lijn 16"},"content":{"rendered":"<div class=\"info-box\">\n<p>\u2018De bestuurders van lijn 16\u2019 van Elma Verhey <a href=\"https:\/\/www.vn.nl\/in-memoriam-elma-verhey-1951-2019\/\">(1951-2019)<\/a> en Gerard van Westerloo (1943-2012) stond op 29 september 1984 in de kleurenbijlage van <em>Vrij Nederland<\/em>. De foto\u2019s bij het verhaal werden gemaakt door Willem Diepraam. Diepraam was nadien ontevreden over het resultaat en heeft de foto\u2019s weggegooid. Bij deze herpublicatie staan daarom foto\u2019s uit het archief van Hollandse Hoogte.<\/p>\n<\/div>\n<h5>\u2018Een bestuurder die nog naar kaartjes vraagt, die heeft de zwarte band karate\u2019<\/h5>\n<p>\u2018Ik stond met een paar collega\u2019s voor het Cen\u00adtraal Station, dubbel hebben we gelegen. Piet, ook zo\u2019n moordgozer, had in zijn wagen een blindengeleidestok gevonden. Hij komt ermee naar ons toe en zegt: \u201cGeintje.\u201d<br \/>\nWij wachten een paar minuten, zijn tram loopt aardig vol.<br \/>\nHij zet een zonnebril op, we nemen hem met twee man tussen ons in, hij met die stok op de grond tikken en wij maar zeggen, pas op, hier is een stoep, voorzichtig, daar loopt iemand. We doen de deur open en hijsen hem de trap op. \u201cHier zitten de knoppies, voel maar. Kan je bij de pedalen? Voorzichtig rijden hoor.\u201d<br \/>\nPiet gaat op zijn stoel zitten en wij draaien ons om.<br \/>\nHele tram leeg.\u2019<\/p>\n<p>Want het vervoerbedrijf mag geleid worden door een verzameling ruisvoorns, de passagier in het algemeen mag een agressief chagrijn we\u00adzen en de stad in het bijzonder een dependance van <a href=\"https:\/\/nl.wikipedia.org\/wiki\/Provinciaal_ziekenhuis_(Noord-Holland)\">Meerenberg<\/a>, onderling, de vaste ploeg van lijn 16, nee echt, ze ve\u0301chten ervoor om erbij te mogen. \u2018Trouwens, het is de enige lijn waar op het dagje uit de vrouwen me\u0301e\u0301gaan.\u2019<\/p>\n<a data-ga-category=\"embedded-article\" data-ga-action=\"clicked\" data-ga-label=\"\" href=\"https:\/\/www.vn.nl\/in-memoriam-elma-verhey-1951-2019\/\" class=\"article-embed article-embed--left article-embed--new\"><span class=\"article-embed__image\" style=\"background-image:url(https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/fly-images\/417515\/img004_03-scaled-520x520-cc.jpg);\"><\/span><span class=\"article-embed__content\"><span class=\"article-embed__read-more\">In memoriam:<\/span><span class=\"article-embed__title\">Elma Verhey (1951-2019), strijder voor \u2018ons soort mensen\u2019<\/span><span class=\"article-embed__date\">14 januari 2019<\/span><\/span><\/a>\n<p>Als ze onderling zijn, zijn ze met achtentwintig man en nul vrouw. Een paar rijden tijdelijk niet, want zitten in de mutatie: op kantoor vanwege hun rug of in de remise vanwege een bedlegeri\u00adge vrouw thuis. Met vijfentwintig van hen heb\u00adben we gesproken, voor ons in werk-, voor hen in vrije tijd, altijd bij hen thuis, en meestal in het bijzijn van hun echtgenote. Het verhaal hieronder is hun verhaal.<\/p>\n<h5>Aandacht voor de passagier<\/h5>\n<p>\u2018Vroeger was ik artiest, zeg ik altijd, nou ja, assistent-toneelmeester en officieel ben ik bank\u00adwerker. Dat toneelgedoe is leuk voor als je vrije jongen bent, bij Mies bleef het rustig, met Kiss werd het een puinbak. Ga je ermee door, dan maak je je eigen kapot. Dus toen heb ik een bon voor de tram ingestuurd. En nu zit ik zes jaar hier, en al vier jaar vast op de 16. Lekker druk, op de 6 val ik in slaap. En ik rij gewone mensen, op de 24 krijg je dat uit de hoogte ge\u00addoe van, bestuurder heeft u een couponnetje voor me. Als ik klachten heb, komt het van de 24. Kan ik bij u een ticket kopen? Nee me\u00advrouw, dan moet u op het vliegveld wezen. Diep beledigd. Ik zeg, kusje, kusje, om het goed te maken. Gelijk een brief eroverheen en ik moet bij de chef komen. Ik mocht het no\u0301o\u0301it meer doen en zeker niet daar. Of mijn rol is stuk, er staat alleen 24 voorop en geen Centraal Station. Vraagt zo\u2019n streepjespak op de halte: welke kant gaat u uit? Ik zeg, als u me effe helpt, dan lopen we samen naar achteren, rij ik hem te\u00adrug. Hup, weer een brief. Ik ben ook maar een bestuurder, en ik zeg wel eens wat, op de 16 kan dat. Heb ik \u2019s ochtends mijn kacheltje aan, komt er een mevrouw binnen die zegt: \u201cWat stinkt het hier\u201d . Ik zeg: \u201cWat neemt u grote stappen.\u201d Schunnig natuurlijk, schiet zo mijn bek uit. Zij gelijk een grote bek terug. Ik zeg, gelijk heb je wijfie, opgelost. Dat kan op de 16.<br \/>\nIk kan nou eenmaal niet als een dooie diender zitten rijden, maar het wordt moeilijk om dolle\u00adtjes te maken. De mensen zijn zo agressief ge\u00adworden als de kolere. Zeg je nou, doe effe die si\u00adgaret uit dan kan je een stoot voor je kieuwen krijgen. En als passagier onderling zitten ze er voor halfdood bij. Ik rij met een volle bak, en ik hoor niks. Dan roep ik wel eens: he\u0301, rijd ik nou alleen of zijn jullie er ook nog? Je rijdt ze met zo\u0301\u2019n porem naar hun baas toe en \u2019s avonds heb\u00ad ben ze nog zo\u0301\u2019n porem. Vooral het bankwezen is daar sterk in.<br \/>\nJe staat bij het station, hoeveel trams gaan er nou niet door de Vijzelstraat, nee allemaal in je volle 16. Staan ze als haringen tegen elkaar aan te zwijgen, tot in mijn deur toe.<br \/>\nZeg ik tegen de buitenste, ken ik er nog bij? Nee, zegt hij, het is vol. Dus ik zeg, daar zitten de knoppies, je hebt het vast wel eens gezien, dus als jij hem nou rijdt, ga ik effe koffiedrinken. Geintje. Grote bek terug. Staan er vijf wa\u00adgens achter elkaar, bestuurder, welke gaat het eerste? De achterste, mevrouw. Loopt ze daar nog heen ook. Bestuurder, gaat u naar het Con\u00adcertgebouw? Nee mevrouw, ik moet vanavond werken. Gewoon een geintje. Maar je moet op\u00adpassen, want als je je omdraait heb je een klacht te pakken.<br \/>\nAls Amsterdammer zijnde kan ik niet begrijpen dat het allemaal zo scherp is geworden. Een bestuurder die nog naar kaartjes vraagt, die heeft de zwarte band karate. En iemand uit de tram zetten? Voor roken, patat en ijs zou het kunnen. Begin ik daaraan, dan houd ik niemand meer over. Of beschonken en lazarus in de tram, vrouwen lastig vallen. Denk ik: zal ik gaan? Vooruit dan maar, ik ga. He\u0301 fascist, want het was een Turk. Kan ik er wat aan doen dat het een Turk is, maar dan kom je gelijk op discrimi\u00adnatie. Daar gooien ze alles op en dat kan ik niet hebben. Het is een Turk, hij vreet knoflook en hij staat in mijn nek te wasemen. Ik zeg, ouwe, ga effe achterin zitten, je stinkt. Gelijk discrimi\u00adnatie. Flauwe kul. Had er een dronken kerel gestaan, had ik het ook gezegd. Alles wat jij glo\u00adbaal zegt vinden zij discriminatie. Je gaat naar achteren, je vraagt of iemand zijn sigaret wil uit\u00ad doen, vragen zij: heb je dat vo\u0301o\u0301rin ook ge\u00advraagd? Dus ik doe het niet meer. Het beste is gewoon blijven rijden, doorrijden, verstand op nul, schermpie voor, dan heb je het minste last. Maar leuk is anders, persoonlijk zeg ik graag ge\u00adlijk wat ik denk, kan me niet donderen wat.<br \/>\nDus nou zeg ik niks, ik doe niks, ik vraag nie\u00admand om zijn kaartje, ja opoe, die vraag ik al\u00adtijd, heb je je kaart bij je, want ik weet, die heeft een jaarkaart. En ondertussen rijd ik dus met een hoop spanning. Lees nou eens op wat voor leeftijd wij doodgaan. Dat is het enige waar ik in die bladen op let. Het kan zijn dat er eentje overschiet maar ik zie er alleen maar van zeven\u00adenvijftig, achtenvijftig en negenenvijftig jaar.<br \/>\nAls je nou vraagt, wat is er leuk aan dit vak, dan zeg ik: je kan nog eens knokken. Als ik \u2019s och\u00adtends om negen uur besluit dat ik zin heb om te vechten, kan ik om tien uur een pak slaag heb\u00adben. Geintje. Nee echt, ik zie me hier niet met pensioen gaan. Maar wat moet ik anders? Terug naar de fabriek zeker. Dat kan niet, want die is er niet meer. Komt er morgen een baas die wat anders voor me heeft voor dezelfde prijs, ben ik weg. Ik kan maar e\u0301e\u0301n ding doen, en daarmee krijg je dat ziekteverzuim omhoog. Als ik voel dat het niet gaat, blijf ik een paar dagen thuis. Van kantoor uit weten ze precies hoe het moet \u2014 die verzinnen toch allerhande acties? De actie <em>kallum-an<\/em>, want dat is beter voor mijn gestel. Op de 16 kan dat niet. Leg jij de mensen die de trein van vijf uur willen halen maar eens uit dat je bezig bent met de <em>kallum-an<\/em> actie. Voor mijn gestel is er maar e\u0301e\u0301n ding slecht: als ik om vijf over vijf aankom.<br \/>\nOf over de discriminatie, want daar beschuldi\u00adgen ze ons ook van. Moesten we voor naar een cursus, krijgen we een filmpje te zien. Komen vijf passagiers binnen, ik als bestuurder pak er een tussen uit en vraag hem naar zijn kaartje \u2014 laat het nou een Turk wezen. Mag ik dus niet meer doen. Ben ik nou gek, of zijn zij het? Ik vraag no\u0301o\u0301it iemand naar zijn kaartje en ze\u0301ker geen Turk, en zeker niet alle\u0301e\u0301n een Turk, want dan heb ik gelijk discriminatie aan mijn reet, en dat kost me mijn baantje, dus ik kijk wel uit. Maar zij van kantoor denken dat het we\u0301l zo gaat, en die vinden ons dus slecht. In het huisje roe\u00adpen wij black beauty tegen een Surinaamse col\u00adlega, of we zeggen, dag mijnheer De Bruin, en hij roept terug, ben je daar weer, De Wit of hal\u00adlo, bloedzuiger. Dus nou is er een actiegroep op\u00adgericht tegen de discriminatie in de huisjes, en wij moeten daarvoor naar een cursus, verplicht, want anders gaan we natuurlijk niet. En dan le\u00adren ze je dat je eerst tot tien moet tellen, en dan niks doen. Zo ben ik toevallig niet en bij een ge\u00adwone Amsterdammer hoef je daar ook niet mee aan te komen. Die heeft gelijk zijn woordje klaar, de meesten willen ook iets terug horen. Op de cursus willen ze horen dat je agressief bent, dus als zij vragen, wat doe je als je een net-niet ongeluk maakt en die kerel in die auto roept ook nog klootzak, dan zeg ik dus: hem door het raampje trekken. Dat doe ik niet, maar dat wil\u00adlen ze horen. Dus dan kunnen zij onderling over dat antwoord nog wat discussie\u0308ren en ondertus\u00adsen mag ik koffiedrinken. Of ze willen horen dat ik autoritair ben, en ze vragen hoe ik met mijn kinderen omga. Daarop heb ik gezegd: ik zal jul\u00adlie iets leren. Dat kind zijn wij en autoritair is het bedrijf waar we werken. Die lui, het zijn net Jehova\u2019s Getuigen. Ze willen je bekeren dat jij me\u0301e\u0301r in het belang van de passagier gaat wer\u00adken. Als een engel zit ik achter het stuur, begrip op te brengen voor de passagier, die achter mijn rug de tent afbreekt. Ik moet een harnas aan\u00ad trekken, ik moet denken, misschien heeft ie wel moeilijkheden thuis. Maar ik als bestuurder, ik kan niks hebben. Voor ons hoeft er geen een be\u00adgrip op te brengen, totdat er een van ons met de tafels begint te gooien.<br \/>\nEe\u0301n keer heb ik het gedaan ook, dat was lachen, echt aandacht voor de passagier. Er komt een vrouw de tram in, heel verhaal, ziekenhuis, moeilijk lopen, hoe kom ik nou in de volgende tram? Dus ik zeg, moedertje, help ik je toch ge\u00adwoon even in de volgende. Blijkt dat ze met de metro meemoet. Beloofd is beloofd, dus ik met haar al die trappen af. Ik kom terug. Negen trams achter me en de lijnchef boven aan de trap. Wat is dat, godverdomme, brult hij. Ik zeg, dat moet jij toch weten. Service aan de pas\u00adsagier.\u2019<\/p>\n<figure id=\"attachment_418889\" aria-describedby=\"caption-attachment-418889\" style=\"width: 477px\" class=\"wp-caption aligncenter\"><img decoding=\"async\" class=\"wp-image-418889\" src=\"https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2019\/01\/omslag-kleurenbijlage.jpg\" alt=\"\" width=\"477\" height=\"633\" srcset=\"https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2019\/01\/omslag-kleurenbijlage.jpg 1231w, https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2019\/01\/omslag-kleurenbijlage-600x797.jpg 600w, https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2019\/01\/omslag-kleurenbijlage-768x1020.jpg 768w, https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2019\/01\/omslag-kleurenbijlage-320x425.jpg 320w, https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2019\/01\/omslag-kleurenbijlage-640x850.jpg 640w\" sizes=\"(max-width: 477px) 100vw, 477px\" \/><figcaption id=\"caption-attachment-418889\" class=\"wp-caption-text\">De omslag van de kleurenbijlage van Vrij Nederland van 29 september 1984.<\/figcaption><\/figure>\n<h5>Van A naar B<\/h5>\n<p>Bestuurders van lijn 16 zeggen in het algemeen hun tram <em>\u2018nog slechts van A naar B te rijden, hoe heten die dingen ook alweer, passagiers\u2019<\/em> kunnen ermee van het Centraal Station naar het Olympisch Stadion (en terug).<br \/>\nMaterieelbreuk, ziekteverzuim en bevroren wis\u00adsels niet meegerekend verlaat de eerste wagen om 05.48 uur de remise, de laatste is daar tegen 01.21 uur terug. Volgens de jongste tellingen zijn er dan, in de tussenliggende uren, 19.758 reizigers in- en 19.739 reizigers uitgestapt; het verschil verklaart wellicht waarom de bestuur\u00adders van <em>een zwaar beroep<\/em> spreken.<br \/>\nDe verbinding wordt onderhouden door maxi\u00admaal (in de winterspits) elf en minimaal (op de zomeravond) vier wagens, die over de zes kilometer rail, al naar het uur van de dag, tweee\u0308ntwintig tot eenendertig minuten mogen doen. Volgens de dienstregeling mag u zich, als u er een net gemist hebt, in afwachting van de volgende nooit langer dan een kwartier en nooit korter dan zeven minuten op de halte laten natregenen.<\/p>\n<p>In de zomermaanden kun je beter dan van lijn zestien spreken van lijn sixteen; de voertaal ach\u00adter de cabine is dan Engels. Dat komt door de route, die het halve Amsterdamse hotelbestand aandoet en op het eindpunt de camping. In de winter trekt de zestien een geme\u0302leerd publiek, met een overmaat aan bankemploye\u0301s, die zich laten vervoeren van en naar hun werk in de Vij\u00adzelstraat, die ook wel de ABN-straat genoemd wordt.<\/p>\n<p>Vanaf het Centraal Station rijdt lijn 16 over het Damrak naar de Dam. De \u2018vrije trambaan\u2019 al\u00adhier, een lichtelijk verhoogd weggedeelte, wordt door vreemdelingen niet zelden voor een beschermd voetpad, door vrachtwagens voor losplaats en door automobilisten voor uitwijkhaven aangezien, zodat de bestuurders eerder van een permanente kermisattractie spreken dan van de rustige doorrijmogelijkheid waarvoor de baan bedoeld is. Het Rokin is doorgaans in ver\u00adbouwing en levert dus minder moeilijkheden op voor de trambestuurder dan voor de man achter de drilboor.<br \/>\nVia de Munt, die vanaf oktober aanstaande voor ruim een half jaar onder behandeling komt, voert de route door de Vijzelstraat naar het We\u00adteringcircuit, het centrum uit, de Pijp in. Op de hoek van de Ferdinand Bolstraat en de Albert Cuyp gaat de concurrentie van lijn 24 (\u2018een kou\u00adde kaklijn\u2019) en lijn 25 (\u2018telt niet mee, komt van de remise Lekstraat\u2019) rechtdoor. Als lijn 16 linksaf zou gaan, dan zou hij, wat ooit gebeurd is, ont\u00adsporen en de drukste straatmarkt van Nederland binnenrijden; om te beginnen de haringkar van de gezonde apotheker.<br \/>\nHij hoort rechtsaf te gaan, waar hij het leukste stuk (driehonderd meter) van de route bereikt: het verlengde van de Albert Cuypstraat. Op de hoek van de Frans Halsstraat onderhoudt meni\u00adge bestuurders een contact waarover we, hoe kuis ook, beloofd hebben geen nadere medede\u00adling te zullen doen in verband met huwelijksontwrichting. Doorgaans hebben ze er alle tijd voor. Met name de bezoekers van de vele Suri\u00adnaamse eethuisjes hier zien de trambaan aan voor het dooie lijntje Paramaribo-Onverwacht, dat ze toch ook als parkeerplaats gebruikten. Na de Albert Cuyp komt 16 in de betere buur\u00adten, waar om te beginnen de bezoekers van het Rijks, het Stedelijk en het Concertgebouw ge\u00adlost worden en verderop de hotelklanten. De De Lairessestraat en de Krusemanstraat zijn recht, breed en lang. Hier is het de kunst om op de stoplichten en gemiddeld vijftig te rijden. Bij het Haarlemmermeerstation rijdt 16 langs zijn thuishaven, die dan ook remise Havenstraat heet. Daarna linksaf over de Amstelveenseweg naar het stadion en het eindhuisje. Wie daar binnen twintig minuten aankomt, heeft te hard en wie er na een halfuur nog niet is heeft te lang\u00adzaam gereden. Het eindhuisje wordt gedeeld met de collega\u2019s van lijn 6, naar verluidt een dooienlijntje, waarop een bestuurder per etmaal \u0192 12,45 omzet.<br \/>\nTien minuten pauze. Daarna vice versa.<\/p>\n<h5>Post<\/h5>\n<p>Door zijn collega\u2019s wordt hij op handen gedra\u00adgen: altijd bereid om een dienst over te nemen. Hij is de meest ervaren bestuurder van lijn 16. Volgens de lijnchef is hij ook de beste. Nooit ziek, nooit te laat, nooit een klacht. Een rijstijl om een puntje aan te zuigen. Zelden een aanrij\u00adding.<br \/>\nThuis heeft hij een grote kast. Daarin ligt, keu\u00adrig geordend, een enorme stapel enveloppen en drukwerk. De afzender is steeds dezelfde: het Gemeente Vervoer Bedrijf Amsterdam.<br \/>\nAlle enveloppen zijn ongeopend. Om al het drukwerk zit het wikkel nog.<br \/>\nDe bestuurder is vast van plan zijn verzameling bij te houden totdat hij gepensioneerd wordt. Die dag zal hij alle enveloppen en alle druk\u00adwerk, stevig bijeengebonden, in dozen verpakt, naar het Gemeente Vervoer Bedrijf terugzen\u00adden. Daarna is het bewijs geleverd. Al die post was overbodig.<\/p>\n<h5>De vaste ploeg<\/h5>\n<p>Met achtentwintig man vormen de bestuurders die wij gesproken hebben de <em>vaste ploeg<\/em> \u2014 een enkeling onder hen rijdt al sinds mensenheuge\u00adnis op lijn 16. Men kan ze onderverdeeld zien in de ouderen (5) die nog als conducteur op de loopwagen zijn begonnen en de jongeren (de rest) die allemaal een ander beroep hebben uitgeoefend voordat ze bij de gemeente zekerheid en bij de tram vijfhonderd gulden me\u0301e\u0301r kregen. De laatste bestuurder is vier jaar terug in dienst gekomen \u2014 sindsdien moeten er bestuurders af, en is er niemand meer bijgekomen.<br \/>\nDe vroegere werkkring van de jongste lichting is tamelijk verscheiden. Grosso modo wordt lijn 16 dezer dagen gereden door een ex-timmerman, drie ex-metaalbewerkers, een voormalig employe\u0301 van de Amro Bank, een idem van KNSM, een ex-bandenmonteur, een ex-giroloper, een ex-banketbakker, een voormalig assistent-toneelmeester, een ex-vrachtchecker, een ex-confectioneur, een ex-meubeltransporteur, een ex-filiaalchef van De Gruyter, een ex-isoleerder, een ex-elektromonteur, een ex-autoverhuurder, twee ex-bouwvakkers, een ex-melkboer en een gewezen ober.<br \/>\nTwee bestuurders zijn ouder dan vijftig jaar. Drie zijn er jonger dan dertig. Met zijn allen hebben ze er, gemiddeld ruim negen jaar op de 16 op zitten.<\/p>\n<blockquote><p>De laatste bestuurder is vier jaar terug in dienst gekomen \u2014 sindsdien moeten er bestuurders af, en is er niemand meer bijgekomen.<\/p><\/blockquote>\n<p>Ze werken in wisseldienst en op, voor burgers, onmogelijke uren, wat door de meeste bestuur\u00adders zelf leuk (\u2018kerstochtend met een lege wagen door de lege stad, heerlijk\u2019) gevonden wordt en door hun echtgenotes minder \u2014 \u2018hij zal verdom\u00adme ook no\u0301o\u0301it eens thuis zijn met mijn verjaar\u00addag\u2019. De roosters worden, verdeeld over zomer en winterdienst, ze\u0301e\u0301r lang van tevoren bekend gemaakt, zodat bestuurder Klapmuts nu al weet dat hij op vrijdag 24 mei 1985 dienst 23 heeft, op welke dag hij dus om acht minuten vo\u0301o\u0301r half\u00ad zeven uit de remise Havenstraat weg moet rij\u00adden, en om zeventien o\u0301ver vijf de wagen bij het eindpunt stadion aan een ander over mag geven. Langenberg heeft volgend jaar vakantie van 10 tot en met 24 juni, met oud en nieuw is Palte vrij.<br \/>\nVoor de onregelmatige diensten worden, behal\u00adve toeslagen in geld, ook extra verlofdagen uit\u00adgekeerd, die deels in het rooster ingebouwd zijn en deels vrij mogen worden opgenomen \u2014 als de dienst het toelaat. Het zinsdeel achter het streep\u00adje zal in dit verhaal zo niet de hoofdrol, dan toch de eerste bijrol spelen.<br \/>\nOver de diensten zelf verschillen de ouderen en de jongeren van mening. Volgens de jongeren worden die steeds rotter \u2014 ze wijzen daarbij op een vrije zaterdag die ze recentelijk hebben moe\u00adten inleveren. Volgens de ouderen moeten ze niet zo uit hun nek lullen. Zij hebben het nog meegemaakt dat je, bij wijze van spreken, met opgaande zon uitreed en na cafe\u0301sluiting binnen\u00ad kwam. Toen stond de bestuurder nog achter zijn draaiwiel; na harde strijd hadden ze een paardenzadel op een stang gekregen. Hoewel de deur in die dagen openbleef, scheen er zelden ie\u00admand ziek te worden, en dat terwijl er in de Leidsestraat nog auto\u2019s reden, zodat er helemaal geen doorkomen aan was. Maar ja, dat is waar, je had het publiek mee. \u2018Wat doe je dame, ga je met mij mee of zoek je de restauratiewagen?\u2019<br \/>\nDat kon toen nog.<\/p>\n<p>Is een bestuurder ziek of anderszins verhinderd, dan neemt een lid van <em>de reserve<\/em> zijn dienst over. In vroeger jaren was de kantine van de Ha\u00advenstraat Amsterdams grootste klaverjasclub. Nu er van Den Haag bestuurders af moeten, wordt het er soms akelig stil: ook die omstandig\u00adheid speelt een rol in dit verhaal. De reserves wachten tot hun naam wordt afgeroepen. Er is de vaste reserve, die alleen op e\u0301e\u0301n bepaalde lijn komt, de rayon reserve, die alleen op de lijnen van e\u0301e\u0301n remise komt en de algemene reserve, die op elke tram kan worden ingezet. Elke reserve droomt ervan om ooit vaste bestuurder te wor\u00adden \u2014 nu er bijna niemand meer durft weg te gaan wordt die droom voor menigeen onder\u00adhand een nachtmerrie.<\/p>\n<p>Los van zijn toeslagen heeft de bestuurder een karig inkomen; met (onder andere) zijn onregelmatig-werktoeslag, zijn gebroken-dienst-toeslag, zijn rijdend-personeeltoeslag en zijn overwerktoeslag komt hij, netto, gehuwd, en met twee kinderen, op circa 2.350 gulden per maand uit, waarvan hij zelf een gedeelte van zijn ziektepremie moet betalen. Om auto, koophuis, schoolgaande kinderen en de bouvier Bianca te kunnen onderhouden moet een forensende be\u00adstuurder al wel over een meewerkende vrouw dan wel over bijklussen beschikken.<\/p>\n<p>Ook onder trambestuurders heeft de stadssane\u00adring toegeslagen. Van de vaste bestuurders van lijn 16 wonen er nog maar negen in Amsterdam tussen IJ en Amstel, zes zijn er naar de buiten\u00adwijken, vooral Noord, verdreven en dertien bui\u00adten Amsterdam: de verste naar Hoorn, de rest bij Aalsmeer of Purmerend.<\/p>\n<p>Over e\u0301e\u0301n ding zijn ouderen en jongeren het we\u0301l eens: de pest van de gebroken diensten. In de spits zijn er meer trams en dus bestuurders no\u00addig dan op de rustige momenten. Het komt dus voor dat een bestuurder van zeven tot elf uur moet rijden, daarna tot halftwee vrij heeft, en dan tot kwart over vijf weer aan de slag moet. Voor de meesten zit er niet veel anders op dan die vrije uren te verlummelen, waarna ze, dood\u00admoe daarvan, aan deel twee beginnen. Daarte\u00adgenover staat de <em>gouden week<\/em>, die eerst een vrij weekend, dan twee werkdagen en dan weer vier vrije dagen achtereen telt. Bijna elke bestuurder probeert op die twee tussendagen die hij we\u0301l moet werken verlof op te nemen. Het feit dat hem dat, sedert de bezuinigingen, als regel ge\u00adweigerd wordt, leidt rechtstreeks tot het wezens\u00adkenmerk van de Amsterdamse trambestuurder, die van lijn 16 incluis: hij zegt barst maar en blijft thuis.<\/p>\n<h5>Ontiegelijk hard<\/h5>\n<p>\u2018Wij kennen dat nog, dat in de bocht die tram opvangen. Vol eropaf, op tijd remmen en in de bocht schakelen, kijk dat noem ik rijen. Die jon\u00adge jongens kennen dat niet meer, die hebben meer dat langzame. Ik rij op tijd weg, ik rij do\u0301o\u0301r en ik kom vier minuten voor mijn tijd bij het station, lekker tijd voor mijn sigaretje. Ik rij we\u0301e\u0301r op tijd weg, kom ik mijn opvolger pas te\u00adgen bij de Prinsengracht! Maar ja, wij hebben het nog gele\u0301e\u0301rd. Negen weken opleiding en goeie instructeurs.<br \/>\nIk rij zelf ontiegelijk hard, maar zo dat je bij mij, als passagier zijnde, niet omvalt. Die macht heb\u00adben wij ouderen nog. En toch maar twintig aan\u00adrijdingen in tweee\u0308ntwintig jaar, en maar e\u0301e\u0301n keer eruit gelopen. Dertig december 1980, heb ik een foto van. Sta ik met de 757 dwars over het Weteringcircuit, met mijn neus in de rond\u00advaartboot naar Ouderkerk. Die bocht, dat ging goed, en ineens was die tram weg. Ik zeg dus: die tram was rot.<br \/>\nZeggen die jongeren dat wij te pittig rijen, want die willen klagen over de rijtijd. Ik zeg: er is rij\u00adtijd zat. Maar dan moet je wel kennen rijen. Ik heb De Lairessestraat altijd groen. Ik weet pre\u00adcies hoe laat die lichten opengaan, daar rij ik op. Moet ik een lichie pikken, dan ben ik kleuren\u00adblind. Ik weet precies waar de slechte passagiers zijn, daar rij ik do\u0301o\u0301r. Emmastraat, Obrechtstraat, dat schorem dat een halte meegaat om aan de noodrem te trekken. Hou ik allemaal re\u00adkening mee.<br \/>\nKijk nou eens hoe die jongere bestuurders bij de halte komen! Heeft het geregend, schieten ze door, moeten ze extra remmen, blokken trap\u00adpen. Kan ik geen rijen noemen. Maar ja, dat van ons, dat willen ze niet meer. Het moet langza\u00admer en dat ken ik nou net niet.<br \/>\nIk zeg dan op mijn beurt: ik rij niet alleen pittig, ik ben ook veel gauwer bij de halte weg, en daar ligt het aan. Is mij zo geleerd. Passagiers opne\u00admen en to\u0301ch op tijd wegkomen. Kan je dat niet, sta je een kwartier. Komen er Amerikanen bin\u00adnen, moet ik ze uitleggen waar het Rijksmu\u00adseum is. Heb ik mooi geen tijd voor, ik rij op de stoplichten. Dus ik doe gewoon de deur dicht en ik druk op het knoppie, weg. De nieuwste sport is nou dat je je hand moet opsteken om mij te la\u00adten stoppen bij de Keizersgracht. Doen ze dat niet, rij ik do\u0301o\u0301r. Heb ik tenminste die lui van de ABN niet. Mijn record is twaalf minuten van het stadion naar het station, maar dat was een weddenschap. Zo\u0301 rijen, dat ken Eddie nog en dat kan ik nog, als enigsten.<br \/>\nNou nog steeds, als ik bij de rayonchef kom, be\u00adgint die over het Weteringcircuit. Dat ik mijn passagiers heb omgekocht. Ze hebben allemaal gezegd: hij heeft rustig gereden. Maar gelooft zo\u2019n geitebreier dat? In dit bedrijf is het zo, de tram deugt altijd, de passagiers zijn engelen, alleen de bestuurder, die is verkeerd, vooral de oudere bestuurder.<br \/>\nIk kan toch niet no\u0301g langzamer rijden? Moet je dan het gekanker van de passagiers horen! Nou kan mij dat niet schelen, ik draai toch al die bin\u00adnenspiegel weg, dat ik die chagrijnige porems niet hoef te zien. Maar evenzogoed zit ik wel met een pilletje op de bok, valium maar dan zo dat je er niet suf van wordt. Heb ik sinds die zelfmoord op lijn 1. Ik rij vijftig, vrije trambaan op de Overtoom, het regent lekker, de lampen hangen naast de baan, ik zie een schim, ik gooi alles erop wat ik heb, en het was gebeurd. Oude vrouw, morsdood. Ik had natuurlijk gelijk moeten janken, schreeuwen, bieren. Maar de tram moest do\u0301o\u0301r, dat was het belangrijkste. Op de loopwagen heb ik er ook een hartstikke dood ge\u00adhad. Liep tussen twee wagens in. De dokter zegt: ga jij maar eens veertien dagen lekker vis\u00adsen. Ik kom terug, ligt die tekening met dat bloed no\u0301g op straat. Was ik gelijk we\u0301e\u0301r weg, weer veertien dagen.<br \/>\nDie twee waren de erge, de rest is blikschade. Zie ik een aanrijding aankomen, eentje met blik\u00adschade dan, ik ga er zo\u0301 in. Gooi je alles erop, dan heb je in de tram meer gewonden dan daar\u00ad buiten. Ik doe er niks meer tegen. Laatst nog, de dochter van mijn dokter. Duikt met haar auto een meter, twee meter voor me, hup, bij De Bijenkorf de baan op. Dan doe ik niks meer, ik zet \u2019m erin. Je hebt ge\u0301e\u0301n gewonden in de wagen, je hoeft niet te schrijven, zij is fout, dat is duide\u00adlijk. Ik ben niet zo\u2019n makkelijke.<br \/>\nIk zit nou al maanden thuis met een tennisarm, kan je nagaan dat ik in die tweee\u0308ntwintig jaar heb gereden. Ik heb mijn benen onder me en mijn voeten op het pedaal, ik zit zo hoog moge\u00adlijk en kaarsrecht. Kennen de jongeren niet meer. Er rijdt er een op 13 met zijn benen op het dashboard, kijk dat bedoel ik nou. Je hebt nog wel vaklui onder de bestuurders, maar het zijn er niet veel meer.<br \/>\nEn wat je meekrijgt, laat ik mijn mond maar houden. Ze komen binnen met zo\u0301\u2019n porem, en dan we\u0301l vragen of ze er bij mij uitmogen. Blijf ik mooi zo\u0301 zitten, ik kijk lijnrecht voor me uit. Van de week nam een mevrouw het voor mij op. \u201cU kan toch lezen, hier geen uitgang.\u201d Doet me dan weer goed, die mevrouw, ook een van de ouwere garde. Want de jongeren, ik zeg niks meer. Vriendelijkheid is er niet meer bij. Ze leggen een kaart voor je neer en ze zeggen geen stom woord. Of een tientje. Zeggen ze niks, stempel ik een dagkaart. Is dat een geintje? vragen ze. Nee, een gebbetje. Ik ben geen automaat waar je een gulden ingooit en uit zijn kont komt een kaartje. Gewoon een geintje, mag niet meer. Komt er een mevrouw op de wagen, bestuur\u00adder, kan u me effe prikken? Zeg ik: moet u om halfzes terugkomen, dame, want dan ben ik klaar met mijn werk. Zij dubbel van de lach, toevallig een leuk echtpaar. Zal ze een brief schrijven! Als bestuurder zijnde moeten wij van het bedrijf uit recht voor ons uit kijken, kaartjes verkopen en rijden. Ik heb wel gereden met een kerstboompje verlicht voor in de wagen. Mocht niet. Een bestuurder van lijn 1 is met een stip\u00adpeltjesoverall in die stippeltjestram gaan zitten. Mocht niet, werd er bij het Leidseplein afge\u00adhaald. Nee dan vroeger, met de bijwagen! We hebben er wel een loper in gehad en een pot\u00adkacheltje op het achterbalkon. We namen brom\u00adfietsen mee en hele bankstellen voor Piet zijn tuinhuis, gevonden bij het grofvuil. Toen kon je nog lachen. Maar je reed ook met drie man. Nu ben je alleen en de passagiers zijn tegen je. We hebben wel gehad dat er een thee mee had in een Grolschflesje. Ik bij het Centraal Station zwaaiend met die fles aan mijn mond de tram in. Kijk, dat kon toen nog. Willem Rietveld, ook zo\u2019n ouwe gabber. Heeft wel eens twee haltes naast zijn tram gelopen, zogenaamd dat ie hem duwde! Die heeft een hartaanval gehad en is dood.<br \/>\nWat heb ik aan die tweee\u0308ntwintig jaar overge\u00adhouden? Die tennisarm en dat ik agressief ben. In het ziekenhuis zeggen ze dat ik maar be\u0301ter een paar sigaretten kan roken, dan is het minder. Dat Damrak, daar wen ik nooit aan. Als dat e\u0301e\u0301n lange gele banaan is alleen maar door die rotbussen voor de rondvaartboten; en dan moet je nog maar zo\u2019n klein rotstukkie naar het sta\u00adtion. Ik kan het niet helpen, ik ben van de ouwe stempel: daar maak ik me iedere keer kwaad over.\u2019<\/p>\n<h5>Donkergrijs rijden<\/h5>\n<p>Voor zover dit verhaal o\u0301ns verhaal is, begint het op een warme zomerochtend in de portiersloge van de remise Havenstraat. De eerste trams zijn net de deur uit. Ee\u0301n voor e\u0301e\u0301n druppelen de bestuurders binnen.<br \/>\nEen vroege zit tegenover de portier koffie te drinken. Een pluk collega\u2019s tekent de presentie\u00adlijst.<br \/>\n\u2018Wie wil er lootjes kopen voor de kerstloterij?\u2019 roept hij.<br \/>\n\u2018Man, zeik me niet aan mijn kop.\u2019<br \/>\n\u2018Weet je wat de hoofdprijs is?\u2019<br \/>\n\u2018Wie heeft het nou over Kerstmis? De mussen vallen van het dak.\u2019<br \/>\n\u2018De hoofdprijs is een toegekende dag verlof.\u2019<br \/>\n\u2018Wat? Kom op! Tien lootjes.\u2019<\/p>\n<p>De dienstdoende lijnchef <em>Van Eekelen<\/em> mompelt iets over grijsrijden en wij begrijpen dat het weer mis is. Als er normaal gereden wordt gaat dat via het gele rooster. Voor de stillere dagen is er het witte rooster \u2014 elke lijn een wagen min\u00adder. Een grijs rooster bestaat niet. Als het to\u0301ch gereden wordt, is het hommeles.<br \/>\n<em>\u2018Donkergrijs,\u2019<\/em> zegt Ome Jan, de nachtportier. Zijn dienst zit erop en hij pakt zijn tas in.<br \/>\n<em>\u2018De Lekstraat hoef je ook niet meer te bellen,\u2019<\/em> zegt hij tegen zijn vervanger. <em>\u2018Die komen zelf mensen te kort.\u2019<\/em><\/p>\n<p>Als om kwart voor zeven de laatste wagen uit\u00ad rijdt kan de balans worden opgemaakt. Acht wa\u00adgens zijn binnen blijven staan, omdat er geen bestuurder voor is komen opdagen. Lijn 16 rijdt met twee trams minder dan normaal.<br \/>\n<em>\u2018Als je ze wilt spreken,\u2019<\/em> zegt de vervanger van Ome Jan cynisch, <em>dan moet je niet mar hun huis bellen. Je kan beter gelijk bij de camping langs\u00ad gaan.\u2019<\/em><\/p>\n<p>De zaak escaleert nog verder.<br \/>\nEen slimmerik van lijn 24 blijkt wagen 638 mee\u00ad genomen te hebben in plaats van wagen 683. En wagen 638 is kapot. Lijnchef Van Eekelen wil er onmiddellijk heenrijden, maar de dagportier houdt hem tegen.<br \/>\n<em>\u2018Ben je gek? Maakt toch niets meer uit.\u2019<\/em><br \/>\nHij pakt papieren en gaat daaruit cijfers overschrijven.<br \/>\n\u2018Wat doe je?\u2019 vraagt de lijnchef.<br \/>\n<em>\u2018Mijn verlofdagen tellen.\u2019<\/em><\/p>\n<p>Later op de dag draait de dienst weer tamelijk normaal: dan zijn de dagreserves ingedeeld.<br \/>\nMaar de ochtend herhaalt zich de volgende dag en de dag daarna. Acht wagens binnen betekent: vijftien bestuurders niet op komen dagen \u2014 ze\u00adven worden er tussen vijf uur en zeven uur toch al in reserve gehouden.<br \/>\nDe ochtend heeft zich de hele zomer van 1984 door herhaald: lichtbeelden bij het verschijnsel barst maar.<\/p>\n<p>Vroeger had Amsterdam ontzettend veel bestuurders in <em>reserve<\/em>: de klaverjasclub. Toen ging Den Haag zich ermee bemoeien. De over\u00adbodige reserve moest afvloeien. Den Haag en\u00a0Amsterdam kwamen overeen dat het vervoerbe\u00addrijf voldoende reserve mocht aanhouden om zestien procent ziekteverzuim op te kunnen van\u00adgen. Dat is e\u0301e\u0301n.<br \/>\nBestuurders hebben, ter compensatie van hun weekenddiensten, een aantal verlofdagen, die ze in principe mogen opnemen wanneer ze daar zin in hebben. Dat is twe\u0301e\u0301.<br \/>\nEe\u0301n en twe\u0301e\u0301 samen leveren geen problemen op zolang de reserve omvangrijk is (zoals vroeger) of zolang het ziekteverzuim onder de zestien procent blijft (zoals nu soms, op regenachtige dagen).<br \/>\nStijgt het ziekteverzuim daarbovenuit, dan is de reserve op.<br \/>\nGevolg: het verlof wordt geweigerd.<br \/>\nDat kan een paar keer gebeuren.<br \/>\nGebeurt het te vaak, dan is er voor een bestuur\u00adder persoonlijk maar e\u0301e\u0301n oplossing: hij vraagt geen verlof aan, maar hij meldt zich ziek.<br \/>\nGevolg: het ziekteverzuim stijgt.<br \/>\nGevolg: nog me\u0301e\u0301r verlofweigeringen.<br \/>\nGevolg: en zo ad infinitum.<\/p>\n<p>Het is niet alleen maar literair om op te merken dat trambestuurders horen bij degenen die het maatschappelijk systeem draaiende houden.<br \/>\nIn Amsterdam stokt het.<\/p>\n<figure id=\"attachment_418871\" aria-describedby=\"caption-attachment-418871\" style=\"width: 1280px\" class=\"wp-caption alignnone\"><img decoding=\"async\" class=\"wp-image-418871 size-image_1280\" src=\"https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2019\/01\/HH-3120435-1280x801.jpg\" srcset=\"https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2019\/01\/HH-3120435-320x200.jpg 320w, https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2019\/01\/HH-3120435-640x401.jpg 640w, https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2019\/01\/HH-3120435-1280x801.jpg 1280w, https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2019\/01\/HH-3120435-1920x1202.jpg 1920w\" alt=\"\" width=\"1280\" height=\"801\" \/><figcaption id=\"caption-attachment-418871\" class=\"wp-caption-text\">Foto: George Verberne\/HH<\/figcaption><\/figure>\n<h5>De fatsoenlijken<\/h5>\n<p>\u2018Op de camping had ik een buurman die tram\u00adbestuurder was, zo is het gekomen. Als ik begon was hij vrij, was ik vrij, dan was hij no\u0301g vrij. Dus toen heb ik dat formuliertje ingevuld, voor een geintje eigenlijk. Als beroep had het mij nooit geleken, nogal belachelijk, vond ik, op en neer rijden. Maar toen ik van de verdienste hoorde! Ik heb dat formuliertje ingestuurd, de sollicitatie liep en werd afgerond, verder heb ik er niet bij nagedacht. Ik had leuk werk, bij Van der Meer, altijd blije gezichten, ja wat wil je, ik kwam de meubels brengen. Ik ging om halfacht weg \u2019s morgens en als het meezat was ik om elf uur \u2019s avonds thuis. En toch ging ik er bij de\u00a0tram nog op vooruit!<br \/>\nIk rijd nu negen jaar op de tram, in het begin ging ik echt met plezier. Als ik grieperig was ging ik toch. Ik dacht, het is de tram, die moet rijden. De laatste twee jaar denk ik, laat ze alle\u00admaal de kolere krijgen. Ik ben gauwer ziek. Ik denk eerder: vandaag maar niet. Dat ben ik niet alleen. Dat is algemeen zo bij ons.<br \/>\nWaar het nou aan ligt, ik weet het niet. Niet aan de jongens onderling. Ik geef toe, er zijn er bij die rijden als beesten. Hoe minder mensen hoe\u00a0beter, denken die, zo snel mogelijk terug in het huisje. Met die bemoei ik me niet. In het huisje ga ik ergens anders zitten. Ik ben zelf helemaal niet zo\u2019n snelle jongen. Voor een oud vrouwtje dat meewil stop ik als het moet tussen de haltes. Dat vind ik nou leuk. En kinderen, die mogen bij mij gerust aan de knoppies komen. De meeste collega\u2019s zijn net als ik: rustig, en dat merk je ook aan hun rijden.<br \/>\nWaar ligt het dan wel aan? Ik merk sinds een paar jaar, ik kom thuis en ik ben doodmoe. Binnen vijf minuten lig ik plat. Wordt er voor thuis dus niet gezelliger op, heb ik vroeger nooit ge\u00adhad. De kinderen doen niets bijzonders, ik maak me kwaad omdat ze te hard praten of rommel maken. Ik zoek dus eigenlijk iets om ruzie te maken en om eens flink te kunnen schreeuwen. Ja, waarom? Ik denk dat ik op de tram gezellig zit op te kroppen. Je doet wel alsof het je niks kan schelen, maar dat is dus niet zo. Sta ik stil achter een vrachtwagen, kan ik begrijpen, als het moet help ik lossen. Sta ik stil achter een deuk die een broodje is halen, blijf ik rustig wachten. Tenminste dat denk ik. Kwaad maken heeft geen zin. Maar ik be\u0301n wel kwaad. En dan krop ik het leuk op voor later.<br \/>\nHet komt hierop aan, denk ik. Als \u00edk naast de pot pis krijg ik een schorsing. Maar aan wat je passagiers doen heeft het bedrijf maling. Zak\u00adkenrollers in de tram? Ik mag er niet eens meer voor waarschuwen. Vandalisten? Het bedrijf laat ze lopen. Vroeger de\u0301e\u0301d je nog wat. \u2018Dames en heren, ik waarschuw u, er zijn zakkenrollers\u00a0in de tram.\u2019 De mens is niet zo bijzonder, dat loopt nu eenmaal door de stad. Mag ik niet meer zeggen. En het publiek is alleen maar bang, een getuige krijg je niet. Als de dood dat ze later ge\u00adpakt worden. Laatst weer een oude vrouw ge\u00adrold. Iedereen ziet het, niemand zegt iets. Ik sta alleen en ik kan niks doen: pas als ik een getuige heb, mag ik de politie oproepen.<br \/>\nDat krop ik dus op, maar ik kan het niet goed verkroppen. Ik haal ze er zo uit. Meestal zijn ze bruin, ze hebben van die plastic tasjes bij zich en daarmee zwaaien ze naar ons. Ik kan het niet helpen. Die bruinen worden erop aangekeken, maar ze zijn het ook die het doen. Drugs\u00adverslaafden, denk ik. En ze spelen meer met messen, het gaat niet meer met blote handen.<br \/>\nIk weet ook wel: er wordt zoveel verteld. Ik kan niet instaan voor wat een ander vertelt. Maar\u00a0we\u0301l voor wat ik zelf meemaak. Ik ben met een mes bedreigd, door een Surinamer. Had in een andere tram iets gedaan, springt over in de mij\u00adne. Ik vraag hem om zijn kaartje, heeft hij niet. Ik zeg, vertrekken. Deed hij niet. Dus ik roep op dat ik moeilijkheden heb met een passagier. Komt hij met zo\u0301\u2019n mes op me af. Wat dacht je? Wegduiken, het enige wat je kan doen. Hij springt door de voordeur en ik meld dat ik be\u00addreigd ben. Ze komen niet eens kijken. Is toch niets gebeurd? Ondertussen zit ik te beven, bij elke halte verwacht je hem terug.<br \/>\nDat hangt me de keel uit. Pakken ze er een, mag hij even mee naar het bureau om een formulier in te vullen en dan weer naar buiten. Als ik me twee keer verslapen heb, moet ik bij de chef ko\u00admen. Ik kan niks en ik mag niks. Dus ik probeer er maar niet meer naar te kijken, minder op te letten. Het raakt ook zo gewoon. Ik meld zelf ook veel minder dan vroeger. Maar het vreet wel aan me.<br \/>\nEn nou kom je op een gedachte, vroeger wist je niet eens dat die gedachte besto\u0301nd. Waarom doe ik het nog? Eigenlijk ben je gek, dat je nog vroeg opstaat en naar je werk gaat. Met een uitkering en klussen verdien je me\u0301e\u0301r. Die dat doen bren\u00adgen wij met de tram trouwens weg. Daar erger ik mij aan. En aan die kraakacties, slopen de boel op kosten van die we\u0301l werken. Zelf blijven ze in hun bed liggen, alleen voor de demonstra\u00adtie staan ze op. Dus nou kom je op de gedachte: ik zou ook wel eens thuis willen blijven, \u2019s Och\u00adtends lekker naar de camping in plaats van naar de tram. Met de tram loop je toch maar vast in hun demonstratie, als er iemand niet kan poe\u00adpen wordt er een demonstratie gehouden. Al\u00adleen voor ons niet. Ik kan niks meer, ik kan mijn baas niet eens een grote bek geven, want dan ben ik mijn baantje kwijt. De maatschappij is niet zo best.<br \/>\nMisschien dat het daardoor komt. Vroeger ging ik stemmen, als ik niet kon, ging mijn vrouw voor mij. Zonde toch om je stem verloren te la\u00adten gaan. Nu ga ik niet meer, ik denk er niet meer aan. Zinloos.<br \/>\nVan je kennissen komen er ook steeds meer zon\u00adder werk. En je hoort ook steeds meer, wat zou ik nog proberen? Niks doen bevalt best en ik klus er wat bij. Het probleem is de fatsoenlij\u00adken. Die worden de dupe.\u2019<\/p>\n<h5>Het advies<\/h5>\n<p>De afgelopen zomer waren er dagen, waarop het ziekteverzuim onder Amsterdamse trambestuur\u00adders in de buurt van de <em>dertig procent<\/em> kwam. Of ziekteverzuim? Binnen het vervoerbedrijf spreekt men (directeur J.M. Ossewaarde) meer van arbeidsverzuim \u2014 daar gaan ze er ook van uit dat niet iedere\u0301e\u0301n met een verantwoorde kink\u00adhoest onder de wol ligt.<br \/>\nEr wordt nogal cynisch over gedaan \u2014 <em>\u2018er zijn er die bleek van hun vakantie terugkwamen, maar die tijdens hun ziekteperiode aardig zijn bijgebruind\u2019<\/em>; want als er een verschijnsel zo\u0301 groot en zo\u0301 beangstigend is, stort men zich graag op de enkeling aan wie men denkt te kunnen zien wat er aan de hand is.<br \/>\nDe vorige zomer was het minder, maar niet an\u00adders, en de zomer daarvoor en daarvoor&#8230; laten we ons bepalen tot <em>H.J.A.M. Divendal<\/em>, perso\u00adneelsfunctionaris, die zeven jaar geleden al een onderzoek publiceerde, waaruit bleek dat in\u00a01975 het ziekteverzuim onder bestuurders 23,1% was en in 1976 nog iets hoger: 23,4%, dit alles nog zonder de <em>tien procent<\/em> bestuurders die meetellen op medisch\/sociale gronden tijdelijk de bedrijfspost rondbracht in plaats van de wa\u00adgen te besturen.<br \/>\nHet verschil met nu is, dat er in die jaren aan het verschijnsel niets gedaan <em>hoefde<\/em> te worden: Amsterdam had, vooruitlopend op to\u0301e\u0301n nog ver\u00adwachte uitbreidingen van het net, erg veel reservebestuurders aangenomen. De dienst kan, bij wijze van spreken, met de reserve van de remise Havenstraat gewoon doordraaien, ook als in de remise Lekstraat de builenpest was uitgebroken. Een paar jaar later was dat anders. Het stadsver\u00advoer in Amsterdam kost per jaar (althans kostte in 1981) <em>527 miljoen gulden<\/em> en brengt per jaar (althans bracht in 1981) <em>81 miljoen<\/em> op, zodat het Rijk er <em>446 miljoen<\/em> op moest toeleggen, bijna driee\u0308ntachtig procent. Daar wilde het Rijk wel mee doorgaan \u2014 op voorwaarde dat het ziekte\u00adverzuim omlaag ging, en dat de reserve werd uitgedund.<br \/>\nDe reserve <em>is<\/em> uitgedund. Plotseling bleken de oudere bestuurders, vrijwel zonder uitzonde\u00adring, aan jicht, reuma, bijziendheid of een ver\u00adbogen ruggengraat te lijden, zodat ze en masse de WAO werden ingewerkt. In 1981 bereikten <em>drie<\/em> bestuurders hun pensioen en werden er <em>driee\u0308n\u00advijftig<\/em> afgekeurd. Sedertdien worden er ook geen nieuwe meer aangenomen. Tussen 1980 en 1984 verminderde het aantal Amsterdamse trambestuurders van 1.017 (m\/v) tot 921 (m\/v). De bedoeling is dat het aantal nog tot onder de 900 zal d\u00f3\u00f3rdalen.<\/p>\n<p>Degenen die iets aan het ziekteverzuim hadden moeten doen waren de heren <em>De Haan Onland &amp; Brokerhof, adviesgroep voor structuur en samenwer\u00adking in organisaties<\/em>, want die werden er, eind jaren zeventig, bijgehaald als het eigentijdse antwoord op een uit de hand gelopen verschijnsel. De heren maakten er, in nauwe samenwerking met de <em>me\u00addezeggenschapscommissie<\/em> en onder toezicht van de <em>\u2018Stuurgroep ziekteverzuim GVB\u2019<\/em>, ve\u0301e\u0301l werk van. Ze legden niet minder dan 1.057 perso\u00adneelsleden van het vervoerbedrijf niet minder dan 285 vragen per persoon voor, op grond waarvan ze tot een nauwkeurige weging konden komen van niet minder dan <em>vierennegentig<\/em> facto\u00adren, die huns inziens het ziekteverzuim konden verklaren. Aan het slot ervan stond vast dat de voornaamste factoren onder het <em>rijdend personeel tram<\/em> (zo heten trambestuurders in zulke onder\u00adzoeken) met name de factoren 89, 16, 67 en 36 waren. Trambestuurders werden ziek, omdat (factor 89) hun werk <em>geestelijk<\/em> nogal <em>inspannend<\/em> was, omdat (factor 16) ze niet goed wisten wat ze aan hun <em>chef<\/em> hadden (dat klopte, want die was als gevolg van de democratisering juist afge\u00adschaft), omdat ze (factor 67) te <em>moe<\/em> werden en te <em>weinig rustpauzes<\/em> kregen en omdat ze (factor 36) weinig invloed hadden op de <em>uitvoering<\/em> van hun werk, dat zich binnen <em>voorgeschreven procedures<\/em> voltrok (dat klopte ook, want de tram van 08.21 was, dient, sedert de oprichting van het vervoer\u00adbedrijf, inderdaad op het voorgeschreven uur van 08.21 te vertrekken. Ook, maar van minder belang waren de factoren 6 (<em>taakbreedte werk<\/em>) en 49 (<em>behoefte aan me\u0301e\u0301r overleg<\/em>).<br \/>\nOp grond van deze bevindingen kwam de ad\u00adviesgroep tot een serie vergaande reorganisatieaanbevelingen (chef terug, me\u0301e\u0301r overleg, me\u0301e\u0301r zelfstandigheid voor de bestuurder, opdeling van het vervoerbedrijf in kleinere eenheden) die ook uitgevoerd werden.<br \/>\nIntussen is dus alles veranderd.<br \/>\nOp e\u0301e\u0301n detail na.<br \/>\nHet ziekteverzuim, waar het om begonnen was, is niet gedaald maar nog verder gestegen.<\/p>\n<h5>De goeie aard niet<\/h5>\n<p>\u2018Dat \u00edk ruzie zou krijgen, ik ruzie, zeven jaar ge\u00adleden kon ik mij dat niet voorstellen. Ik heb er knap spijt van dat ik toen weggegaan ben bij de KLM, het gaat nou weer goed daar. Maar ja, dat is achteraf. Toen dacht ik: op tijd wegwe\u00adzen, als het kan naar de gemeente. Mijn vader is conducteur geweest dus ik ben naar het tramkantoor gestapt en ik ben aangenomen.<br \/>\nMisschien als ik onverschillig zou zijn, maar dat ben ik niet. Misschien heb ik niet de goeie aard voor trambestuurder. Ik heb altijd met mensen\u00a0willen\u00a0omgaan,\u00a0deed\u00a0ik\u00a0bij\u00a0de KLM ook.<br \/>\nVracht. Daar vroegen de mensen gewoon om hun spullen en ze maakten een praatje. Maar op de tram. Ik zou het mij niet aan moeten trekken, maar het is me vies tegengevallen.<br \/>\nEr staat een auto op de baan. Je rijdt nog, en ze willen er al uit. Je staat stil en ze worden wild. Slaan het ruitje stuk om de deur open te krijgen. Vandaag had ik er eentje, ik moet eruit. U moet niks, u mag misschien. Ik wil fatsoenlijk behan\u00addeld worden en niet agressief. Zeggen ze: die trambestuurder is zo agressief. Maar ze zijn het zelf. Ze komen binnen: stempel! Waarom zegt zo\u2019n man dat zo\u0301?<br \/>\nEn het ergste is: in de tram heb ik daar geen tijd voor, dus de pestbuien krijg ik thuis. Denk ik: zal ik er een paar weken tussenuit gaan? Kan ik toch ook weer niet waarmaken. Een paar dagen dan? Met mooi weer ga ik naar de camping, bij\u00adkomen.<br \/>\nHet is een zwaar beroep, vind ik, en er staat zo\u00a0weinig tegenover. Het geld natuurlijk, daar doe je het voor en dat wordt ook minder. En voor de rest, zo\u2019n groot bedrijf, ze doen niets om het voor ons bestuurders draaglijk te maken. Koffie tussen de ritten moet je zelf betalen. Als je lange pauze hebt en je wilt rusten zijn er in het huisjes geen stoelen genoeg. Even naar huis bellen kan niet als je buiten Amsterdam woont. Voor je uniform krijg je twee stoombonnen per jaar, lo\u00adgisch dat je er zo bij loopt. Je kaarten en je wis\u00adselgeld moet je onder je arm meenemen. Als het gestolen wordt ben jij verantwoordelijk en je bent niet verzekerd. In de kantine kan je een fri\u00adkadel krijgen, maar geen fatsoenlijke hap. Klei\u00adne dingen, maar je krijgt toch het gevoel, aan mij laat de baas zich weinig gelegen liggen. Ik moet we\u0301l verplicht van hem vier dagen over een film praten, waarin ik iedereen laat lopen en al\u00adleen die Turk naar zijn kaartje vraag. Dan snap ik het niet meer. Dan denk ik, wat zal ik mij aan de baas gelegen laten liggen?<br \/>\nEn toch, als ik om halfzes weg moet \u2019s ochtends,\u00a0dan ben ik om vijf uur al in de remise. Dat zit nou eenmaal in me. De wagen nalopen op het vangnet, de lijnfilms, het zand nakijken, de remblokken proberen, officieel heb je daar een paar minuten voor. Maar ik doe het graag goed en op mijn gemak.<br \/>\nRij ik dan uit, stille straat, niks aan de hand, voel ik me prettig. Maar dan komen je passa\u00adgiers, mijn eerste opstopping, ze willen dat je er dwars doorheen gaat. Zit er een vo\u0301o\u0301r me vast, zet ik mijn tram bumper tegen bumper voor de veiligheid. Klootzak, roepen ze, en ze klimmen eroverheen. Ik vraag me af, waarom? Mag het niet meer menselijk? In Zuid heb ik er een kind onder gehad. Ze stak zo\u0301 over, ik bel, ik rem, het was gebeurd, ik reed dat gele jasje in. Mijn hart zat h\u00ede\u0301r. Na een paar seconden zag ik het capuchonnetje weer omhoog komen. Het bedrijf vond het niet goed dat ik dat kind thuis op ging zoeken. Kon ik wel eens toegeven dat ik fout ge\u00adweest was. Ik ben toch gegaan.<br \/>\nNaar mij zijn ze ook niet komen kijken, zo\u0301\u2019n bedrijf, maar dat kon er niet af. Het kwam, ik vroeg of hij zijn sigaret wilde uitdoen. Hij geeft geen sjoege. Dus ik zeg, zou je het met plezier willen doen? Komt hij met dat mes. Ik ben ach\u00adteruit teruggelopen tot ik bij het wisselijzer kon. Ik steek je overhoop, roept hij. Ik denk, daar ga ik, maar voor het zover is krijgt hij een zwieper. Op dat moment springt hij de tram uit. Ik ben naar de remise gereden en naar huis gegaan, paar dagen thuis gebleven. Niemand gezien.<\/p>\n<blockquote><p>In Zuid heb ik er een kind onder gehad. Ze stak zo\u0301 over, ik bel, ik rem, het was gebeurd, ik reed dat gele jasje in. Mijn hart zat h\u00ede\u0301r.<\/p><\/blockquote>\n<p>Wat voor iemand viel u aan? vragen wij.<br \/>\n\u2018Ik vraag iedereen om zijn sigaret uit te doen,\u2019 zegt hij. \u2018Kijk mij er niet op aan.\u2019<br \/>\nWaarop?<br \/>\n\u2018Dat het een Surinamer was. Straks kost het me mijn baan als ik zeg dat het een Surinamer was.\u2019<br \/>\nDat meent u niet.<br \/>\n\u2018Je hoort het niet te zeggen.\u2019<br \/>\nVan wie niet?<br \/>\n\u2018Je bent bang om voor racist uitgemaakt te wor\u00adden. Er is nu een speciaal telefoonnummer, dat je kan klagen over bestuurders die discrimine\u00adren. We hebben er onderling in het huisje over gepraat. Wat we tegen jullie zeggen, komt in de krant. En wat gebeurt er dan met ons?\u2019<\/p>\n<p>\u2018Het is gebeurd op een zondagavond, een uur of acht. Zitplaatsen driekwart vol, zo\u2019n vijftig man. Niemand de\u0301e\u0301d iets. Iedereen bleef gewoon zit\u00adten. En het bedrijf zegt, laat maar gaan. Behalve als de tram in de fik staat. Dan zeggen ze: waarom heb je niks gedaan?<br \/>\nIk denk nu maar, het wordt betaald, daar doe ik het voor. Redelijk betaald nog, maar het staat stil. Alles hebben we aangeschaft toen mijn vrouw ook nog werkte, toen kon het. De cara\u00advan, de auto, de meubels. Vorig jaar hebben we de auto weggedaan, met de trein en de bus naar de camping. Zo\u2019n gesleep. Hebben we overwo\u00adgen om ook de caravan weg te doen. Maar wat krijg je er nog voor? En dan zitten we hier op vier hoog. Dus toch maar weer een auto. Alles precies uitgerekend, geen overbodige dingen, veel gehakt, niet naar de bioscoop, dan red je het allemaal net. Ik heb die caravan nodig. Een paar dagen op de camping geweest, gaat het wel weer. Maar hoe dichter we bij Amsterdam ko\u00admen als ik terugrijd, des te rotter ik me voel.\u2019<\/p>\n<h5>De open vraag<\/h5>\n<p>Blijkbaar waren de factoren 89, 16, 67, 36 en in mindere mate de factoren 6 en 19 statistisch gesproken dus uiterst relevant, maar leidde hun organisatorische verwijdering toch niet tot ver\u00admindering van het ziekteverzuim.<br \/>\nHet kan dus haast niet anders, of er moest no\u0301g een factor zijn, die de heren De Haan Onland &amp; Brokerhof over het hoofd hebben gezien.<br \/>\nDie was er inderdaad: factor 95a, het feit dat de tram <em>door Amsterdam<\/em> rijdt.<\/p>\n<p>Mogelijk uitgaande van de veronderstelling dat het gemeente vervoerbedrijf als zodanig daar weinig aan kon veranderen, beperkten De Haan Onland &amp; Brokerhof zich tot wat ze de <em>bedrijfs\u00adgebonden<\/em> ziekmakende factoren noemden \u2014 misstanden dus, die we\u0301l door het bedrijf uit de weg konden worden geruimd.<br \/>\nEn zo betroffen de 285 vragen die het <em>rijdend personeel tram<\/em>\u00a0voorgelegd kreeg uiteenlopende kwesties als de luchtverversing in de cabine, de\u00a0stand van de stoel, de toegankelijkheid van het bedrijfsmaatschappelijk werk en de bezwaren, verbonden aan een zittend beroep.<br \/>\nHet moet gezegd: de antwoorden op die vragen zouden het werk van een trambestuurder, bene\u00advens de ziekmakende factoren daarin, uitput\u00adtend hebben beschreven \u2014 als tenminste zijn tram niet in Amsterdam, maar door de weilan\u00adden reed, als er onderweg geen mens zou instap\u00adpen, als hij onder het rijden niet afgeleid werd door bijgedachten over een teruglopend inko\u00admen en hoe daarmee het gezin draaiende te hou\u00adden, dit alles in verhouding tot de buurman, die een uitkering heeft en bijklust, als, meer in het algemeen, de mens goed was, geen zakken rolde, niet in trambanken sneed en nimmer klootzak riep, het laatst wel tegen een bestuurder, dus als, kort en goed, de route van lijn 16 door El Paradiso voerde, in plaats van door de Albert Cuyp, waar die rotsurinamer die kleredeuk van hem weer eens op die zeikbaan heeft geflikkerd.<\/p>\n<p>De belangrijkste bijdrage van De Haan Onland &amp; Brokerhof tot begrip van het uit de hand gelo\u00adpen ziekteverzuim was dus niet hun eindrap\u00adport, maar het besef dat de resultaten daarvan er niets toe deden. Postuum voert de directeur van het vervoerbedrijf te hunner verdediging aan dat De Haan Onland &amp; Brokerhof o\u0301o\u0301k best be\u00adseften dat ze met hun aanpak van de <em>bedrijfsge\u00adbonden factoren<\/em> hooguit twee procent van het\u00a0ziekteverzuim konden afkrijgen en dat ze daar nooit een geheim van maakten \u2014 behalve dan toch in hun publicaties.<br \/>\nWij ondertussen mogen dus als vaststand aanne\u00admen dat het geen bedrijfsgebonden, organisato\u00adrisch te veranderen kwesties zijn die de tramcabine leeg en de ziekenboeg vol houden, maar maatschappelijke factoren, welker bei\u0308nvloeding we inderdaad minder in handen van de direc\u00adteur GVB als wel in die van de politiek hebben\u00a0gelegd.<\/p>\n<p>De Haan Onland &amp; Brokerhof hebben naar die bezwarende omstandigheden heel even geluisterd. Na vraag 285 hebben ze, alsnog een <em>open vraag<\/em> gesteld. De antwoorden op die vraag konden in de statistische verwerking niet worden meege\u00adnomen, zodat ze in het eindrapport, bij wijze van appendix, slechts terloops werden aan\u00adgestipt. En uit die antwoorden blijkt dat <em>\u2018gewei\u00adgerd verlof\u2019<\/em> ook nog wel eens wil leiden tot een ziekmelding, evenals de <em>gebroken dienst<\/em>, terwijl <em>vooral bij vertragingen<\/em> de bestuurder zich door reizigers <em>bedreigd<\/em> kan voelen, wat naar alle waar\u00adschijnlijkheid niet geheel zonder invloed is op zijn algemeen welbevinden, evenmin als de <em>pro\u00adblemen, verbonden aan het woon-werkverkeer<\/em>, des te klemmender nu steeds meer bestuurders bui\u00adten Amsterdam wonen.\u00a0<em>\u2018Het zou goed zijn als de\u00adze punten eens nader werden onderzocht,\u2019<\/em> schrij\u00adven meergenoemde heren na anderhalf jaar on\u00adderzoek.<br \/>\nZo hebben ze <em>alles<\/em> waar, maatschappelijk gespro\u00adken, het hart en de mond van <em>elke<\/em> bestuurder van overloopt, uiteindelijk in een niet bedrijfsgebon\u00adden voetnoot weggedrukt.<\/p>\n<h5>De voetbaltram<\/h5>\n<p>Op een warme augustusavond in het jaar 1984 spelen te Amsterdam vier voetbalelftallen, waaronder die van Ajax en Feyenoord, een\u00a0vriendschappelijk toernooi in het Olympisch Stadion.<br \/>\nDe tram heeft zich terdege voorbereid. De aan- en afvoer van de vele duizenden supporters is in handen gelegd van lijn 16, daartoe versterkt met negen extra wagens. Het heeft veel moeite ge\u00adkost om die bemand te krijgen; het is zomer, het is vakantie en overdag waren er al niet voldoen\u00adde bestuurders om de normale dienst te rijden. Maar het is gelukt: chefs staan met portofoons op de eindhalte en langs de route, vrijwilligers van lijn 2 hebben zich voor overwerk gemeld,\u00a0lijn 6 zal als het nodig is de route van lijn 16 volgen.<br \/>\nDe aanvoer verloopt vlekkeloos, ook al omdat de belangstelling voor het voetbal wat tegenvalt. Gelukkig is de Feyenoord-aanhang op station-Zuid gelost en vandaar te voet onder politie-escorte naar het stadion gebracht. Ze zullen de\u00adzelfde weg teruggaan \u2014 minus die ene jongen die door een verdwaalde Ajax-supporter werd neergestoken, maar dat is een ander verhaal.<br \/>\nTegen elven staat het einde van de laatste\u00a0wedstrijd en dus de afvoer gepland. Lijn 16 is uitgerust om binnen een kwartier enkele duizen\u00adden toeschouwers van het stadion de stad in te rijden. De extra wagens staan klaar in de vlakbij gelegen remise Havenstraat. De chefs staan weer met hun wagentjes en hun portofoons op de halte en langs de route. De bestuurders in het huisje hopen op een rustigstemmende overwin\u00adning voor Ajax, welke hoop, blijkens een aanrol\u00adlende geluidsgolf om kwart voor elf, op het laatste moment vervuld wordt.<br \/>\nDan is de wedstrijd afgelopen. In het schijnsel van de Stadionlampen zwelt een dichte stroom mensen door de stadionpoort naar buiten rich\u00adting tramhalte. De eerste wagen rijdt voor, neemt passagiers in en vertrekt. Een chef meldt dat alles rustig is. De afvoer komt op gang.<br \/>\nVlak daarop klinkt, vanuit de dichte stroom mensen, een krijgsgehuil op, tamelijk ver weg nog, maar snel naderbij komend. De tweede tram vertrekt, de bestuurder steekt zijn duim\u00a0op, niets aan de hand. Wachtenden verdringen zich op de halte, in de hoop een zitplaats te be\u00admachtigen in de wagen die nu oprijdt.<br \/>\nDan plotseling is het krijgsgehuil vlakbij. De wachtenden stuiven uiteen. Het krijgsgehuil neemt bezit van de halte en van de tram. On\u00admiddellijk gaat de binnenverlichting uit, buizen losgedraaid. <em>\u2018Ajax forever,\u2019<\/em>\u00a0brult een kluit jon\u00adgens en meisjes en ze proberen de tram uit de rail te hossen. De blauweuniformen snellen toe, springen de tram in en slaan de hossende kluit met de bullepees naar buiten. \u2018Vertrekken,\u2019 zegt\u00a0de politiecommandant tegen de bestuurder, die gehoorzaamt en leeg wegrijdt. De vierde wagen rijdt vo\u0301o\u0301r \u2014de uniformen zorgen dat Ajax for\u00adever niet in de buurt kan komen. De andere pas\u00adsagiers aarzelen in te stappen. De vierde wagen rijdt nauwelijks gevuld weg.<br \/>\nIn de zijstraat groeit ondertussen de stoelt extra wagens, die van de remise naar het stadion zijn gereden. Een nieuwe wagen komt op de halte, een moment van onoplettendheid en de kluit jongens en meisjes heeft er bezit van genomen. \u2018Ajax forever\u2019 \u2014 ze wachten tot de tram zich in beweging gezet heeft, draaien dan opnieuw de lampen los en hervatten het hossen. De bestuur\u00adder krijgt, nog maar tien meter van de halte ver\u00adwijderd, opdracht om te stoppen, hij kijkt recht\u00a0v\u00f3\u00f3r\u00a0zich uit, bangelijk en klein in zijn cabine. Een zijruit barst uit de sponning. Dit keer slaat de politie alleen de staande passagiers naar buiten. \u2018Doorrijden.\u2019 De bestuurder rijdt weg, in de drukte gaat het maar heel langzaam. Schreeu\u00adwende jongens klimmen ondertussen door de open ruit weer naar binnen. \u2018Ajax forever.\u2019 Een politiebusje dwingt de bestuurder tot stoppen, iedereen wordt nu de tram uitgeranseld. De bestuurder moet leeg door, en bij het Weteringcircuit draaien.<br \/>\nOp de halte bij het stadion ondertussen is geen mens meer te bekennen. Wie van plan geweest was om met 16 naar huis te rijden, heeft de ge\u00adbeurtenissen aangekeken, zijn schouders opge\u00adhaald, zich omgedraaid en is doorgelopen: de ene lege extra wagen na de andere rijdt vo\u0301o\u0301r, do\u0301o\u0301r en terug naar de remise.<br \/>\nDe chefs pakken hun portofoon in en vertrek\u00adken. Ze begrijpen dat het niet meer nodig is. De tram heeft die avond, ruw geschat, 270 mensen vervoerd.<\/p>\n<p>Een kwartier later zijn de stadionlichten ge\u00addoofd en is het plein even leeg als anders. Op de normale tijd vertrekt een normale lijn 16, als al\u00adtijd op dit uur van de avond met maar een paar plaatsen bezet.<br \/>\nOp hetzelfde moment arriveert in de remise de gemolesteerde tram, bestuurd door een overwerker van lijn 2. Hij levert zijn wagen af bij de nachtploeg, die al met een nieuwe ruit klaar staat. De bestuurder meldt zich af bij de nacht\u00adportier, hij zegt niets en gaat naar huis.<br \/>\nDe dienstdoende lijnchef meldt dat alles rustig is. Hij gaat achter zijn bureau zitten en neemt de ziekmeldingen voor de volgende dag door.<\/p>\n<h5>De bewoonde wereld<\/h5>\n<p>\u2018Het komt door die man in Almere, mijn laatste klant van toen ik nog cv-monteur was. We drin\u00adken een pilsje, ik vraag, wat doe je? Tram\u00adbestuurder. We komen op het inkomen, mijn ogen rollen uit de kassen. Dat was loon naar werken. Dus toen heb ik gesolliciteerd en tot mijn verbazing werd ik aangenomen.<br \/>\nVan me zelf ben ik geen Amsterdammer, ik ken\u00ad de die hele stad niet. De eerste dag van de oplei\u00adding kwam ik een uur te laat, ik kon het gebouw niet vinden.<br \/>\nToen mijn opleiding voorbij was wist ik niet veel me\u0301e\u0301r. Ja, waar de knoppen voor waren en dat er 263 soorten kaartjes zijn. Dat werd uitge\u00adlegd op een bord zo groot als deze wand hier. Maar daar krijg je dus niet mee te maken. Je krijgt te maken met vader en moeder die met twee kinderen naar Artis moeten en die op tilt staan omdat ze daarvoor \u0192 7,85 moeten betalen. Of met zeventien Chinezen die een kaartje moe\u00adten. Mijn Chinees is niet zo goed meer, dus hoe leg ik die nou uit dat ze bij de sigarenboer effe een groepskaart moeten halen?<br \/>\nEn van Amsterdam wist ik nog steeds niks, dus ik ging in het begin met een pakket boekies naar mijn werk, daar werd je stil van. Waar is het Wilhelminagasthuis? Waar is het Scheepvaart\u00admuseum? Vol vertrouwen stappen ze bij je bin\u00adnen, wil je toch niet met je mond vol tanden staan. In die tijd, als er een instapte die zei, ik moet naar mijn hotel toe, het ziet er ongeveer zo uit, dan stopte ik bij elk hotel om te vragen of dit het was.<br \/>\nDat is nou anders. Nou denk ik, over zes minu\u00adten komt er we\u0301e\u0301r een tram, vraag daar maar. Of ik zet ze af en ze bekijken het maar. Drie keer vragen of ze er nog niet zijn, de vierde keer zeg ik, ja hier is het, de groeten.<br \/>\nHet kwam zo maar: op een dag besloot ik, ik neem die boekies niet meer mee, ik lijk wel gek. Ja, waardoor?<br \/>\nIn het begin dacht ik: de passagiers zijn mijn klanten, onmondige kinderen die willen dat ik ze netjes aan het handje thuis aflever. Dus dat doe ik, dat is mijn werk, leuk. Als verwarmingsmonteur had ik dat toch ook? Je moet iets lassen, je kan er niet bij, werken met spiegeltjes, vakmanschap is meesterschap, de boel weer wa\u00adterdicht. Een moeilijke klus, toch weer gelukt: aan het einde van de dag kan je dan zo lekker tevreden zijn. Zo kwam ik ook op de tram, maar ik merkte, dat is niet de bedoeling. Ik kom als vreemde in Amsterdam, ik erger me mateloos aan de vernielingen, spul van de baas dat ze staan te slopen. Ik rij achter 12, ik zie dat ze ach\u00adterin bezig zijn. Ik roep die 12 op, ik zeg, die met die rooie petjes staan achter in je wagen de boel te vernielen. Als je nou effe wacht, pakken we ze samen. Dat hoort de centrale. Heren, ge\u00adwoon do\u0301o\u0301rrijden, u remt de productie. O, denk ik, gaat dat zo\u0301 hier. Kinderen onder de zestien mogen we vermanend toespreken, bij herhaling volgde een gesprek met de ouders. Snap je? Er gebeurt dus niks.<br \/>\nZwartrijden idem dito. In het begin dacht ik: klanten moeten betalen, anders jatten ze van de baas. Dus ik wilde ze aanhouden, een bon ge\u00adven, eruit zetten. Was ook de bedoeling niet. Zwartrijden schijnt heel gewoon te zijn, nie\u00admand die zich daar druk over maakt. Dus dan ga je denken: waarom ik we\u0301l?<br \/>\nEn dat gaat je steeds meer opvallen in die stad \u2014 ik kom van buiten, ik zie het verschil nog. Je passagiers stappen in, leggen geld neer en blij\u00adven gewoon wachten, geen woord. Ik vat dat niet. In een restaurant leg je toch ook geen geld neer en blijf je dan maar wachten tot ze je iets brengen? Of je staat vast, na een halve minuut beginnen ze al van kennen we er niet uit? Of precies andersom, je hebt een hele avond op de 6 gereden, dat is een dooie lijn, misschien 150 mensen op een avond, en die hebben allemaal als dooie vogeltjes achter je gezeten \u2014 je kan die tram gerust een halfuur stil zetten, vragen ze nog niet waarom, blijven ze doodstil zitten. Op het laatst ging ik met me zelf praten.<br \/>\nEn dan merk je hoe onbeschoft de mensen in Amsterdam zijn. Je hebt een bijna aanrijding, nog net op tijd krijg ik hem stil, daar kan ik me ma\u00adteloos aan ergeren, dat ze dan niet effe zeggen, he\u0301, bedankt of, stom van me.<\/p>\n<p>En zo verander je zelf. Echt een hekel eraan heb ik nog niet, de ene dag gaat beter als de andere. Kom ik nou \u2019s ochtends in mijn tram, de cabine in het kader van de bezuinigingen maar half schoongemaakt, de vuile vaat van de vorige dag nog in het huisje en een chef die begint met een partij gezeur, ja, als je dan als passagier begint te zeiken over een fout stempeltje, dan loop je kans op de wind van voren.<br \/>\nJa kijk, en dan komt er die zondagmorgen bij de Spiegelgracht. Het is halftien, ik heb rood, ik laat mijn tram langzaam uitlopen, groen, ik trek op, een BMW. scheurt door rood, rost met volle\u00a0vaart in mijn zijkant en drukt me de rails uit. Ik cross over het fietspad heen, ik zie die verkeerspaal op me afkomen. Tegen die paal sta ik stil. Ik tril op mijn benen, alles ligt door elkaar in de tram. Ik kijk naar die BMW, ik denk, minstens iemand met hoofdpijn. Ik druk op de noodknop, wat denk je? Geen contact. Achter me komt een 7, drukt ook op zijn noodknop, nog geen contact. Lijn 6 probeert het. Niks. On\u00addertussen zijn die lui van de BMW hem ge\u00adsmeerd op e\u0301e\u0301n na die een zware hersenschud\u00adding heeft. Blijken autohandelaren, die die nacht hun winst gevierd hadden, en die onver\u00adzekerd met die BMW rondscheurden. Gaat het niet om, die ravage, je had het moeten zien, het gaat erom het duwde een kwartier voor ik con\u00adtact kreeg met de centrale!<br \/>\nDaarna, dat moet ik erbij zeggen, ben ik goed opgevangen. De eerste keer dat daar we\u0301e\u0301r pas\u00adseerde, verse sporen nog, trillende handen, raar gevoel. Later zag ik dat de chef met zijn auto achter me aan had gereden en dat vond ik ont\u00adzettend aardig.<\/p>\n<blockquote><p>En dan komt, als klap op de vuurpijl, Ed van Thijn vertellen dat elke ambtenaar die discrimi\u00adneert ontslagen wordt. Dat kan ik niet zetten.<\/p><\/blockquote>\n<p>Ik werk er nu vier jaar en ik begin te denken, barst maar. Ik wil mijn werk goed doen, zo fat\u00adsoenlijk mogelijk mensen van het stadion naar het station brengen en omgekeerd, als het kan zonder brokken: ik ben iemand, ik rem nog voor duiven.<br \/>\nMaar ik heb gemerkt, dat is niet de bedoeling, en verder mogen ze zich allemaal met ons be\u00admoeien. Hoor ik op de radio de vakbond over het grote succes van de staking tegen de kernraketten: we mo\u0301e\u0301sten stilstaan, ons opgelegd door B. en W. Of je hoort dat de uitkeringstrekkers, die ochtend, ons uitrijden hebben voorkomen, want die waren solidair met ons. Ik heb geen uitkeringstrekker gezien, bonzen van de vak\u00adbond, die wel. En dan denk ik: waar ben ik in beland, rij ik daarvoor? Laten ze zich druk ma\u00adken over mijn ouwe lui. Die hebben AOW en die kunnen de camping niet meer betalen. Heeft-ie zijn hele leven voor gewerkt. Hij heeft toch de welvaart gemaakt, waarvan zij die het nu voor het zeggen hebben profiteren? Ik noem het landverraders.<br \/>\nEn dan komt, als klap op de vuurpijl, Ed van Thijn vertellen dat elke ambtenaar die discrimi\u00adneert ontslagen wordt. Dat kan ik niet zetten. Er is geen e\u0301e\u0301n trambestuurder, die zegt, he\u0301 nikker, jij komt er niet in. Ik heb vervoersplicht, ik rij iedereen, ik discrimineer niet. Hij doet alsof wij dat wel doen. Ik kan het toch niet helpen dat het vaak Surinamers zijn die overal schijt aan heb\u00adben? Die hun ouwe wrak op de trambaan zetten en al zou ik dat ding in mekaar rijden, het GVB betaalt dus het is hun worst? Van Thijn staat daar niet, ik sta daarachter, ik kan vervelende ziektes krijgen en mijn voorouders hebben ook niet gedeugd. Ik kan dat niet meer hebben, dat trappen in onze richting en de zielige buitenlan\u00adders de hand boven het hoofd houden. Sta je dan nog wel in de bewoonde wereld, vraag ik mij af. Ik geloof niet dat zo\u2019n man beseft wat hij aanricht met zulke woorden. Of wat het voor mij als trambestuurder betekent dat de zakken\u00adrollers die ik rondrij van Van Thijn straks hun dagelijkse portie heroi\u0308ne gratis mogen komen ophalen. Tegen die ouwe van mij zeggen ze: veertienhonderd gulden is best veel, in Bolivia hebben ze het no\u0301g slechter.<br \/>\nKom ik nou op de camping, vertellen die ande\u00adren die in hun oude vak zijn gebleven allemaal verhalen over wat ze gedaan en gemaakt hebben en tegen mij zeggen ze: jij moet niet lullen, wat doe jij nou, een beetje op en neer rijden. Heb ik vaak zitten zuchten, waar ben ik in godsnaam aan begonnen?\u2019<\/p>\n<h5>De man achter de boom<\/h5>\n<p>Er is een tijd geweest dat een trambestuurder wist waar hij aan toe was. In beschrijvingen van die dagen komt steevast een uit graniet gehou\u00adwen persoonlijkheid voor die <em>lijnchef<\/em> heette en met een stopwatch achter een boom verscholen stond om na te gaan of de tram van 12.42 ook inderdaad om 12.42 het Emmaplein passeerde; 12.43 kon hij nog door de vingers zien, 12.44 le\u00adverde onherroepelijk een berisping op.<br \/>\nDaarna kwamen de jaren zestig \u2014 aan het eind\u00a0ervan nam de tijdgeest ook bezit van de tram, sa\u00admen met de woordvoerders van toen, die in het algemeen op een sociale academie hadden leren praten. Van het ene moment op het andere (ach\u00adteraf) lezen en horen we niet anders dan dat het toen <em>\u2018slecht voorbereid\u2019<\/em> en <em>\u2018van boven af opgelegd\u2019<\/em> werd) bleek de tram gedemocratiseerd.<br \/>\nOok trambestuurder moest gezien worden als een zelfstandig wezen dat verantwoordelijkheid kon dragen voor zijn eigen tram en medeverant\u00adwoordelijkheid voor de gang van zaken binnen het vervoerbedrijf.<br \/>\nVoor de man achter de boom waren de dagen geteld.<br \/>\nDe sociale academie had hem als <em>autoritair<\/em> ont\u00admaskerd. Bovendien was hij de drager gebleken van twee tegenstrijdige belangen, en dat kon niet. Hij moest zijn ondergeschikten op tijd ach\u00adter het stuurrad jagen e\u0301n hij moest een open oor hebben voor hun noden en problemen, een combinatie waar ook Marx tegen gewaarschuwd\u00a0zou hebben, als die zich in zijn dagen had voor\u00adgedaan. Veel beter was het om die twee uit el\u00adkaar te halen en om met name de noden en pro\u00adblemen toe te vertrouwen aan een <em>sociaal academisch geschoold<\/em> oor, dat vrijelijk de trambestuur\u00adder ter zijde kon staan, zonder hem, en passant, aan de dienstregeling te herinneren. De productieve kant van de zaak kon in wezen aan hem zelf worden overgelaten, waarbij hij zich gesteund moest weten door een centrale dienst\u00adleiding.<br \/>\nDe kwintessens van de democratisering was dus dat de functie van <em>lijnchef<\/em> werd afgeschaft, even\u00ad als trouwens de lijnchef zelf.<br \/>\nProfessionele personeelswerkers, professionele maatschappelijk werkers en professionele cursusbegeleiders namen zijn sociale taak over, en de trambestuurder werd niet langer vanachter een boom in de gaten gehouden, maar vanuit een centraalpost begeleid op zijn moeilijke pad door het stadsverkeer.<br \/>\nDe medeverantwoordelijkheid voor het bedrijf ten slotte kwam tot uitdrukking in een <em>medezeggenschapscommissie<\/em>, waarin de zetels overigens door de vakbonden onderling verdeeld werden naar rato van hun ledental.<\/p>\n<p>Nu is het vijftien jaar later: vrij algemeen wordt er binnen het vervoerbedrijf maar e\u0301e\u0301n redmid\u00addel gezien om de brokken weer bij elkaar te krij\u00adgen: <em>de terugkeer van de lijnchef<\/em>. Voor zover hij al weer terug is, neemt hij \u2019s avonds in de remise de telefoon aan en rijdt hij overdag met een wa\u00adgentje door de stad, maar dat is de diepere be\u00addoeling niet. Uiteindelijk moet hij toch weer de sergeant-majoor worden van een vaste ploeg bestuurders.<\/p>\n<p>In de tussenliggende jaren is gebeurd wat een professioneel mens wellicht niet maar een nuch\u00adter mens wel had kunnen voorspellen: met de lijnchef verdween, voor de bestuurder, het enige alledaagse\u00a0contact dat hij had met het bedrijf waar hij werkt en vice versa, voor het bedrijf het enige alledaagse contact dat het had met de bestuurders.<br \/>\nVoor dat alledaagse contact zijn twee instanties in de plaats gekomen, die mogelijk niet zo be\u00addoeld zijn, maar die door de bestuurders wel als aan hen vijandig worden opgevat. De <em>centrale dienst leiding<\/em>, die de bestuurder per mobilofoon instructies kan geven en het <em>sociaal verantwoorde oor<\/em>, dat zich multidisciplinair per rayon in een sociaal team heeft verenigd, en dat weliswaar als e\u0301e\u0301n man achter de bestuurder staat, maar dan toch vooral om hem hun opvattingen, hun fat\u00adsoen en hun kijk op het etnisch zo rijk gescha\u00adkeerde Nederland van vandaag in zijn oor in te fluisteren.<\/p>\n<h5>Vaste passagier<\/h5>\n<p>\u2018Dat ik nog met plezier werk komt vanwege de jongens onderling, aangenaam, lijn 16, de gein\u00adlijn. Er staan elf man voor lijn 16 op de wacht\u00adlijst, dus dan kun je nagaan. Dat is nog als van\u00adouds. Ik ben begonnen als conducteur op de tweede bak. Je voetzolen smolten weg, de ijspe\u00adgels hingen aan je neus, een zootje wind, niet te geloven, maar een gezelligheid!<br \/>\nDe rest, mag ik wel zeggen, is een stuk minder geworden. Zo\u0301veel minder dat het een sleur wordt, gewoon. De eerste keer dat ik er iets van meemaakte, had je me moeten zien. Ik zag dat een zwarte van een vrouwtje jatte, ik vlo\u0301o\u0301g ach\u00adter hem aan. Hij was sneller. En nu, je hebt zo\u0301 veel gezien, het gaat langs je heen. Bestuurder, ik ben bestolen. O. Ik ben bestolen. Door wie? Weet ik niet, hij is naar buiten. Wilt u dat ik achter hem aanga? Maar u kunt het toch do\u0301o\u0301rge\u00adven. Jawel, maar doorgeven aan wie en aan wat?\u2019<br \/>\nAls zo vaak tijdens onze gesprekken met een bestuurder van lijn 16 zou ook dit keer een tussenopmerking van zijn meeluisterende vrouw voor een ommekeer zorgen. Tot dan toe moesten we vooral niet denken dat hij zich er\u00adgens wat van aantrok. Het was een zwaar beroep, je hart kreeg opdonder na opdonder, hoe vaak remde je niet plotseling per dag, al was het maar voor een hond? En ging het een keer fout, kreeg je nog een proces ook. Stond er zo\u2019n straatadvocaat te roepen dat je niet geremd had en dat je een moordenaar was, en die rechter on\u00addertussen maar schrijven! Wat had hij dan moe\u00adten doen? Die tram stilzetten, zodat ze met zijn honderdtwintigen in zijn cabine gelegen hadden? Er had zand op de baan gelegen, hoe had er zand op de baan kunnen liggen als hij niet ge\u00adremd had? Goed, dat had hij gewonnen, maar toch. Had hij toch mooi in het openbaar gestaan. Wat kon he\u0301m de rest dan nog schelen? De passagiers doen toch o\u0301o\u0301k niks? Er was ie\u00admand beroofd, en hij had ze moeten laten gaan, want niemand had iets gezien. Drie haltes ver\u00adder was er een vrouwtje naar hem toegekomen. Bestuurder, het is waar hoor, ik heb het gezien. Had u dat niet eerder kunnen zeggen? Jawel, maar ze stonden met zulke messen. Dus wat ver\u00adwachtten ze dan van hem? Irriteren deed het hem allang niet meer, hij was een rustig per\u00adsoon&#8230;<br \/>\n<em>\u2018Jij een rustig persoon?\u2019<\/em> had toen zijn vrouw ge\u00adzegd.\u00a0<em>\u2018Je hebt er een maagzweer van.\u2019<\/em><br \/>\nHij had het maar half gehoord en was doorge\u00adgaan. \u2018Ik denk, bekijk het maar, straks ga ik naar huis, lekker eten&#8230;\u2019<br \/>\n<em>\u2018Jij lekker eten? Man je he\u0301bt helemaal geen maag meer.\u2019<\/em><br \/>\nEn toen had hij gezegd: \u2018Ze heeft gelijk, ik trek het me ontzettend aan. Maar ik ben een binnen\u00advetter.\u2019<\/p>\n<p>We hadden gevraagd of die maag met het werk te maken had. \u2018De dokter zegt, half om half. Het zat er al. Maar het werk heeft het erger gemaakt. Je hart krijgt opdonders. Maar je maag ook. En ik ble\u0301e\u0301f doorrijden, ik ben geen thuiszitter. Dronk ik water met azijn vanwege de pijn.\u2019<br \/>\nHij vertelt dat hij twee jaar uit de roulatie geweest is en nu weer voor de halve tijd werkt. Zijn collega\u2019s waren hem patent blijven opzoe\u00adken, van de tram was er e\u0301e\u0301n keer iemand ge\u00adweest. Wanneer of hij dacht weer te kunnen be\u00adginnen.<\/p>\n<p>\u2018Ik kan er niet buiten,\u2019 zegt hij. \u2018Opa van zeven\u00adtig, mijn vaste passagier. Geeft me een sigaretje voor straks of een appeltje. Ik weet niet hoe hij heet, hij zegt bestuurder tegen mij en ik zeg u tegen hem. \u2019s Ochtends gaat hij mee heen en \u2019s avonds terug, ik weet tot welke halte. Hij ver\u00adtelt \u2019s ochtends iets en \u2019s avonds gaat hij verder waar hij gebleven is. Hij heeft nou weer een vriendin. Dat mannetje maakt mijn rit gezellig. Het laatste nieuws is dat ze niet met hem wil trouwen. En zelfs die oude invalide mevrouw. Ook een vaste, maakt de hele tram binnen geen tijd chagrijnig. Ze zal en ze moet op de invalideplaats zitten. Is die bezet, gaat ze op de stoel daarachter net zo lang zitten mokken tot diegene opstaat.\u2019<br \/>\nVoor zulke mensen reed je \u2014 als je die in de tram had dan was het weer als vroeger.<\/p>\n<p>Wij vragen wat hij nou eigenlijk binnenvet.<br \/>\n\u2018Als je het dan wil horen: alles. Zal ik het goed met je maken? Vijftig procent betaalt niet meer. Controle is er niet meer. In de spits is het te vol, \u2019s avonds is het te gevaarlijk. Wordt er een zak\u00adkenroller uit je tram gehaald, loopt hij een uur later weer zakken te rollen. Het verkeer is agres\u00adsief geworden. De tram staat niet meer in aan\u00adzien. De politie werkt niet meer mee dat je do\u0301o\u0301r kan. Het bedrijf zeurt mijn kop dol over de aan\u00addacht die ik moet geven aan de passagier. Zelf ben ik twee jaar knap ziek geweest, niemand ge\u00adzien. Ik heb een nummer en voor hun be\u0301n ik een nummer. Gisteren had ik er een in de wagen, die heeft gescholden van het stadionplein tot het station. Ik had drie strippies gestempeld. Hij vond twee voldoende, \u2019s Avonds liggen je ban\u00adken open, en dat is geen blotehandenwerk. En er is niemand die er iets aan do\u0301e\u0301t.\u2019<br \/>\nWie zou er iets aan moeten doen? vragen wij. \u2018Daar praten wij veel over in het huisje. Er is zo\u00ad veel onvrede, je gaat denken aan de Centrum\u00adpartij. De partijen die er nu zitten, zeggen toch alleen maar dat wij overdrijven. Het valt alle\u00admaal wel me\u0301e\u0301. En ze zeggen dat wij discrimine\u00adren. Ik discrimineer niet. Ik bedoel niet, die bui\u00adtenlanders die hier wonen en werken moeten er\u00ad uit. Maar die hier komen voor de bijslag of de kinderbijstand, misschien kunnen die toch beter terug naar Turkije. Ouwe mensen kunnen niet rondkomen, hebben een uitkering waar je schande van spreekt. Er hangt zo\u2019n hoop omheen dat niet deugt. En nu zijn er steeds meer die denken, dan de Centrumpartij maar. Mis\u00adschien dat die\u0301 iets kan veranderen als ze aan de macht komen. Misschien kan die iets doen aan de illegale buitenlanders. En aan de Nederlan\u00adders die bijklussen.\u2019<\/p>\n<p>Hij kijkt alsof hij wil vragen of wij daarvan schrikken. En dan zegt hij: \u2018Die allereerste keer, dat ik achter die zwarte aanvloog, misschien zat daar toch iets van discriminatie in. Die keer heb ik zo opgevreten, daar ben ik die binnenvetter van geworden. Misschien kon ik het gewoon niet hebben dat het een zwarte was.\u2019<\/p>\n<h5>Het achterste van de tong<\/h5>\n<p>Natuurlijk verhoogt de geregelde omgang met zakkenrollers, zwartrijders, scheldende automobilisten, messentrekkers en andere agressievelin\u00adgen het algemeen welbevinden van een tram\u00adbestuurder even weinig als de omstandigheid dat te Amsterdam blijkbaar het woordje <em>goede morgen<\/em> is vervangen door nors gezwijg en de af\u00adscheidsgroet <em>tot ziens<\/em> door <em>moet je een stoot voor je kanis?<\/em><\/p>\n<p>De klacht van de bestuurders van lijn 16 is dat <em>ze op kantoor<\/em>, een in laatdunkende termen be\u00adschreven mensensoort, daar geen oog voor heb\u00adben.<br \/>\nEn dus zoeken wij <em>ze op kantoor<\/em> op: redelijke mensen die als <em>chef vervoer<\/em>, <em>hoofd centrale dienst\u00ad leiding<\/em>, <em>chef kaartcontrole<\/em> of <em>hoofd personeelsza\u00adken<\/em> het dagelijks brood verdienen en die zich de tijd nog herinneren dat ze conducteur waren op de loopwagen of stuurman aan boord van een zeeschip. Gezamenlijk en in vereniging gaan ze ervan uit dat een trambestuurder weliswaar niet gek is, maar dat er op e\u0301e\u0301n en hetzelfde moment zo\u2019n tweehonderd van door Amsterdam rijden, zodat de behoefte aan enige coo\u0308rdinatie van hen uit wel voor de hand ligt. Zodra we het daarover eens zijn vertellen zij van hun werk wat wij van hun werk weten willen.<\/p>\n<blockquote><p>\u2018Dat had ik jullie nog willen vragen,\u2019 zegt hij.\u00a0\u2018Wat is eigenlijk een affiniteitstraining?\u2019<\/p><\/blockquote>\n<p>Daarna komen we in de meer sociale regionen van het vervoerbedrijf: het lijkt wel of we met een snijbrander in de hand en een kous over de kop bij de kassier aankloppen. De <em>vakbondsvertegenwoordiger<\/em> binnen de medezeggenschaps\u00adcommissie heeft er <em>\u2018de grootste moeite mee\u2019<\/em> dat we zo maar op de bestuurders van lijn 16 afgingen. Het <em>bedrijfsmaatschappelijk werk<\/em> wil over een mogelijk gesprek <em>\u2018eerst wel even een nachtje sla\u00adpen\u2019<\/em> en het stemt er uiteindelijk in toe, op voor\u00adwaarde dat er een bestuurder zelf bij het gesprek aanwezig zal zijn want alles gaat bij hun in alle openheid, en op voorwaarde dat het bedrijfs\u00admaatschappelijk werk niet letterlijk geciteerd wordt, welke voorwaarde naderhand nog eens schriftelijk wordt bevestigd. De <em>cursusbegeleiding<\/em> voelt al helemaal niets voor een onderhoud, als het gesprek to\u0301ch gevoerd wordt en op het thema racisme komt begrijpen wij dat zij begrijpen dat wij op <em>\u2018een primeur\u2019<\/em>\u00a0uit zijn, maar dat zij helaas hun toekomstplannen ter bestrijding van deze ondeugd <em>\u2018nog even onder zich willen houden\u2019<\/em>; ze onderkennen dat er hier van een <em>probleem<\/em>, wellicht\u00a0zelfs van een <em>heet hangijzer<\/em> sprake is, maar de handschoenen waarmee ze dat willen aanpak\u00adken moeten voorzichtig worden aangetrokken, nou goed een tipje van de sluier kunnen ze wel oplichten, het gaat meer in de richting van an\u00adtropologen. En ook de coo\u0308rdinatiegroep <em>onder\u00adzoek ziekteverzuim<\/em> kan helaas <em>\u2018het achterste van de tong niet laten zien\u2019<\/em>, er is, moeten we aanne\u00admen, <em>\u2018een plan in ontwikkeling\u2019<\/em>, en natuurlijk, ze begrijpen de belangstelling van de media voor deze publicitaire <em>topic<\/em>, maar, u begrijpt, verder kunnen we daar niets over zeggen.<\/p>\n<p>De vraag is hoe en wat de bestuurders met wie we te maken krijgen.<br \/>\nDaarvan maken we iets mee omdat er inderdaad (en gelukkig) een bestuurder aanwezig is bij ons onderhoud met het bedrijfsmaatschappelijk werk. We mogen er niet uit citeren, dus we moeten het parafraseren.<br \/>\nOp een gegeven moment komt het gesprek op het thema huisje.<br \/>\nEr zijn, zegt het bedrijfsmaatschappelijk werk, bestuurders die daar niet meer in komen vanwe\u00adge de onverholen racistische taal die er op het eindpunt door collega\u2019s wordt uitgeslagen. De bestuurder denkt dat dat wel meevalt, volgens hem wordt er in de huisjes meer over auto\u2019s gesproken. Nou ja goed, het geldt dan niet voor hem, maar voor anderen we\u0301l.<br \/>\nDe vraag is wat het bedrijfsmaatschappelijk werk in zo\u2019n geval <em>doet<\/em>.<br \/>\nHet blijkt dan dat het bedrijfsmaatschappelijk werk als zodanig in het algemeen gesproken slechts optreedt op verzoek van een bestuurder zelf, en dat er in de relatie tot hem een tweerichtingsverkeer dient te worden aangehouden et ce\u00adtera et cetera, veel koffie en mededelingen be\u00adtreffende het optillen van een individueel niveau naar een algemeen niveau later blijkt het be\u00addrijfsmaatschappelijk werk er, in het onderhavi\u00adge geval, toch wel sterk over na te denken om de bestuurder die het huisje niet meer in wil een <em>assertiviteitstraining<\/em> aan te bieden.<br \/>\nSuizebollend verlaten we de werkkamer van het bedrijfsmaatschappelijk werk.<br \/>\nLang daarna hebben we de getuige-bestuurder weer eens aan de telefoon.<br \/>\n<em>\u2018Dat had ik jullie nog willen vragen,\u2019<\/em> zegt hij.\u00a0<em>\u2018Wat is eigenlijk een affiniteitstraining?\u2019<\/em><\/p>\n<h5>Overmorgen, op kantoor<\/h5>\n<p>\u2018Ik zal het kort met je maken: als er in dit bedrijf iets moet gebeuren voor de bestuurder, dan is het o\u0301f in behandeling, o\u0301f ze zijn ermee bezig, o\u0301f er wordt over gepraat o\u0301f het is doorgegeven. Dat komt, volgens het bedrijf loopt er maar e\u0301e\u0301n soort heilige in Amsterdam rond, hoe noemen ze zo iets ook weer? Passagier. Tegen ons zeg\u00adgen ze: de tram is je schip en jij bent de kapitein. Ze bedoelen: zoek het verder zelf maar uit, klootzak.<br \/>\nOp kantoor schijnen wij niet zo\u2019n zwaar beroep te hebben, nou, ze mogen het zo\u0301 van mij overne\u00admen. De hele dag moet je ogen voor en achter hebben, we\u0301e\u0301r zo\u2019n slijmbal die voorlangs wil. Jij\u00a0maakt een noodstop, de passagiers klagen over je rijgedrag, en jij zit met je hart in je keel. Ik rij op de vrije trambaan, veertig kilometer, honderdtachtig man in de wagen. Duikt er een op, noodstop, honderdtachtig man in mijn nek. Vangen elkaar nog op. Nou is het avond en stil. Omaatje loopt alvast naar de deur, noodstop, daar ligt omaatje, kunstgebit ernaast, gebroken dijbeen. Gelijk een chef. Hoe kan dat? Die auto weet van niks, die is allang weg. Volgende keer kan die auto de klere krijgen. Ik douw door, ik zet \u2019m erin. Godverdomme bestuurder, had je niet kennen remmen?<br \/>\nVoor het bedrijf valt de bestuurder in het niet, daar draait het om. Had je die heisa op kantoor moeten horen toen ze daar een prikklok kregen! Als ik me een keer verslaap, krijg ik strafregels. Met Pasen was het zo\u0301 ontiegelijk druk, mijn kaarten waren op. Ik naar kantoor, kantoor was dicht, kas gesloten. Bestuurder, mag ik een\u00a0kaartje? Van mij wel, maar ik heb geen kaartjes meer, overmorgen kunt u ze op kantoor kopen. Ze geven ons we\u0301l cursussen, laat ik zeggen een hersenspoeling dat de passagier altijd gelijk heeft, en dat we dat niet moeten vergeten. We zien een film waarin alle passagiers goeiemorgen zeggen, hoor ik nooit. Trouwens, die cursuslei\u00adder was een ex-kapper.<br \/>\nIk ging er graag heen hoor, de eerste dag. Ik dacht, ik heb nou vier jaar ervaring met rijden, daar wil ik wel eens over praten. Elke avond schrijf ik op, die bank is stuk, daar hangt de deur uit zijn scharnieren, dat stuk zit onder de viltstift, is het nou wel goed dat een paar mon\u00adteurs de hele nacht bezig zijn om dat te repare\u00adren en verder niks? Maar daar ging het niet om. Het ging erom dat wij begrepen dat die gozer die die bank stukgesneden had waarschijnlijk die ochtend zijn grootmoeder had begraven.<br \/>\nDus ik dacht, laat maar zitten, zo\u0301\u2019n onwerkelijk\u00a0iets. Weet je wat, mijn tram is anderhalve meter lang en wat ze achter me uitspoken, zoek het zelf maar uit. Ga ik naar achteren en ik zeg, je mag niet roken, dat is ruzie zoeken. Vraag ik ie\u00admand naar zijn kaartje, kan ik beter gelijk ziek thuisblijven. Op de nachtbus kunnen ze geen eens een kaartje meer kopen, want de bestuur\u00ad der rijdt zonder wisselgeld. Te gevaarlijk. Wij zien dat de mentaliteit van de mensen steeds moeilijker wordt, maar dat zien ze op kantoor niet. Die denken dat Amsterdam vol engelen loopt en dat alleen de bestuurder een grote bek heeft en dwarsligt. Die kunnen dus ook niet be\u00adgrijpen wat voor waanzin een gebroken dienst is. Je draait de ochtendspits, je bent fris dus dat gaat nog. Dan krijg je tweee\u0308neenhalf uur schaft, waar je niks aan hebt. Je gaat je auto wassen, koffiedrinken, boodschappen doen en als je weer begint ben je doodmoe van het rondhangen. Middagspits. Dat kan niet, dat breng je niet op, tenminste in Amsterdam niet. Dus nou heb je een hoop verlofdagen over en dan denk je: vraag ik toch verlof voor het tweede stuk van die dienst? Kan niet. Er moet ingekrompen wor\u00adden, mensen te kort. Na de vierde keer denk ik, barst maar. Ik rij, zoek het zelf uit verder, ik zorg dat ik heelhuids thuiskom.<br \/>\nIk ben een arbeider en ik werk voor mijn geld; er zijn er een hoop die dat niet kunnen zeggen. Ik stem PvdA en ik ben lid van de bond. Nooit anders geweest, zo was het bij mij thuis en zo was het bij mijn vrouw thuis ook. Ik ben te\u0301 so\u00adcialistisch om de bond te laten vallen. Maar ik heb wel op het punt gestaan. De staking vorig jaar, reken maar dat ik heb meegedaan. Het re\u00adsultaat is dat de bond ons verkocht heeft. Ze hebben zoveel branie geschopt, we zijn socia\u00adlistisch, we gaan do\u0301o\u0301r tot we droog brood vre\u00adten, veel bieren, en toen het eropaan kwam heb\u00adben ze niet doorgezet. Gevolg, we zijn nou niet e\u0301e\u0301n volk meer, er heerst verdeeldheid, mooier kan Den Haag het niet hebben. Die bond is net hetzelfde als het bedrijf: hebben ons nodig, maar naar ons luisteren, ho maar. Wij wilden gratis rijden, langzaamaan doen, weet ik wat, in ieder geval, je passagiers ontzien en Den Haag tref\u00adfen. Mocht niet van de bond. En ondertussen speelden zij in Den Haag handjeklap. Maar nou heb ik een brand-inboedelverzekering via de bond, is een paar tientjes goedkoper, ja even\u00ad goed, het lijkt goddorie wel Wehkamp, en dus ben ik gebleven.<br \/>\nIk rij door die stad, ik weet wat voor lui er in Amsterdam rondlopen. Zeg je iets, in het gunstigste geval doet ie het. Is het een agressie\u00adve, dan leg jij met een mes in je rug en ondertus\u00adsen gaat een ander er met je wisselgeld vandoor. Als ze dat niet willen zien, voor mij hoeft het niet meer. Ik hoef ook niet meer naar de rooster-cursus die ze voor bestuurders willen geven. Die is er toch alleen maar dat wij nou eindelijk eens begrijpen wat zij allemaal voor ons bedacht hebben.\u2019<\/p>\n<h5>Het Duitse consulaat<\/h5>\n<p>In het begin brachten we de kwestie bij <em>ze op kantoor<\/em> grappigerwijze ter sprake: het Duitse consulaat. Elke bestuurder van lijn 16 was er vroeger of later over begonnen. Het Duitse con\u00adsulaat is een <em>probleem<\/em>.<\/p>\n<p>Dat zit zo. Turken die in Nederland wonen moeten, als ze met de auto door Duitsland heen naar huis willen rijden, een doorreisvisum heb\u00adben, af te halen op het Duitse consulaat in Amsterdam. In de pre-vakantieperiode komen er dus van over heel Nederland Turken naar de hoofdstad. Ze arriveren op het CS, kennen heg noch stek en worden verwezen naar lijn 16. Ze kopen bij de bestuurder een strippenkaart en ze zouden hem daarbij vriendelijk gevraagd heb\u00adben of hij even wil waarschuwen als ze bij het Duitse consulaat zijn, wanneer ze daar ten\u00adminste de taal voor gehad hebben. Bij gebreke daarvan zeggen ze iets dat ongeveer als <em>\u2018Dutsje ko\u0308nsju\u0308l\u00e2t\u2019<\/em> klinkt en nogal gebiedend overkomt. Geen probleem. De bestuurder zegt dat hij de hal\u00adte af zal roepen en vertrekt. Op de Dam staat de be\u00adzorgde Turk weer achter hem: <em>\u2018Dutsje ko\u0308nsju\u0308l\u00e2t?\u2019<\/em>. Op de Munt: <em>\u2018Dutsje ko\u0308nsju\u0308l\u00e2t?\u2019<\/em>. Op het Wete\u00adringcircuit:<em>\u2018Dutsje ko\u0308nsju\u0308l\u00e2t?\u2019<\/em>. Ter hoogte van de Albert Cuyp is de bestuurder stapelgek \u2014 wat nog niets is vergeleken bij de toestand waarin hij zich na drie ritten<em>\u2018Dutsje ko\u0308nsju\u0308l\u00e2t\u2019<\/em> bevindt. Zelfs de meest verstokte anti-racist heeft ons toevertrouwd tijdens de vierde rit bij wijze van spreken rechtstreeks naar het partijbu\u00adreau van Janmaat do\u0301o\u0301r te willen rijden.<\/p>\n<p>Die ervaring vertelden we door binnen de socia\u00adle regionen, met de bedoeling om daaraan een vraag te verbinden in de trant van, zou het niet mogelijk zijn een bordje in het Turks op te han\u00adgen met een routebeschrijving tot aan het Duts\u00adje ko\u0308nsj\u00fbl\u00e4t, of zo iets.<br \/>\nDie kans kregen we niet.<br \/>\nLang vo\u0301o\u0301r we bij de vraag waren, suisde het ant\u00adwoord ons om de oren.<\/p>\n<p>En daaruit bleek, we parafraseren andermaal, dat we ervan uit moesten gaan dat Nederland hard op weg was om een multi-culturele natie te worden, Amsterdam wel in de eerste plaats, en dat dit proces, mits aandachtig begeleid, wel\u00adlicht niet schokvrij maar toch ook zonder exces\u00adsen kon verlopen, en dat binnen de afdeling de mening uitgekristalliseerd was&#8230;<br \/>\n<em>\u2018Ja, maar het Duitse consulaat. Kan er niet&#8230;?\u2019<\/em><br \/>\nDat probleem als zodanig was nog niet aan de afdeling voorgelegd, maar het ging erom dat, in een geval als dit, allereerst de vraag gesteld werd, waarom zit die man ermee, in deze dagen stond zelfredzaamheid voorop&#8230;<br \/>\n<em>\u2018&#8230;een bordje&#8230;?\u2019<\/em><br \/>\nDe vraag in zo\u2019n geval was, onderkennen bestuurders dat het een algemeen probleem is, of zien ze het meer als individueel, zodat het van hun uit naar een algemeen niveau kon worden opgetild, waarbij&#8230;<br \/>\n<em>\u2018&#8230;opgehangen worden in het Turks&#8230;?\u2019<\/em><br \/>\nWellicht zou kunnen blijken dat een betere voorlichting naar de bestuurder toe al voldoen\u00adde was om de zaken bespreekbaar te krijgen. De ervaring leerde dat een vormingsweek, die de achtergrond van de allochtonen onder de aan\u00addacht bracht, vaak verruimend kon werken op de tolerantiedrempel&#8230;<\/p>\n<p>Daarna zijn we erop gaan letten \u2014 niet meer in detail, maar in de wezenlijke zaken die de bestuurders kwetsen: hun overtuiging dat een derde van de passagiers meerijdt zonder te beta\u00adlen, hun ervaring dat zakkenrollen in de tram de specialiteit is van een Surinaams terreurgroepje, hun afkeer van het feit dat de tram ongestraft kan worden gemold, en, voor alles, hun ver\u00adbijstering over de omstandigheid dat te Amster\u00addam agressie beloond en braafheid gestraft wordt.<\/p>\n<p>Indertijd werden de zaken, waarvan hart en mond van elke bestuurder overloopt, door De Haan Onland &amp; Brokerhof in een voetnoot weg\u00ad gedrukt. En nog steeds worden ze, sociaal ver\u00adantwoord, verborgen onder de quasi-meelevendheid van het geschoolde middenklasse-fatsoen.<\/p>\n<h5>Onvergetelijke dagen<\/h5>\n<p>\u2018Wat dacht je, als ik voor mijn eigen op pad moet? Dacht je dat ik dan met de tram ging? Ik ken het toch veel te goed. Ik heb een broer bij de tram, mijn vader heeft erbij gereden, mijn schoonvader, een zwager, ik rij zelf toch gauw achttien jaar \u2014mij krijg je niet in die rijdende container. Ik heb zo goed als vrij reizen, maar ik waag er mijn familie niet aan.<br \/>\nVroeger moest ik ook vroeg opstaan, weet ik. Maar je was ook op tijd klaar. En nou? Er zijn dagen bij dat je drie uur schaft hebt. Wat heb ik aan drie uur schaft? Heb ik mijn brood op, kan ik aan mijn neus beginnen. Wie dat allemaal be\u00addacht heeft, volgens mij gaat die zelf vrijdag vo\u0301o\u0301r driee\u0308n naar huis.<br \/>\nEn wat krijg je mee op de wagen? Het gaat mij erom dat ze hun bek eens opentrekken. Van halfzes \u2019s ochtends tot kwart voor zes \u2019s avonds, geen tetter kan eraf, laat staan goeiemorgen. Die banklui! Allemaal rotzakken. Er zijn erbij die hebben diploma\u2019s dat je denkt, dat die niet voor hun eigen beginnen. Mooi geen woord, alleen zo\u2019n porem. Als ze vragen wat ik doe, zeg ik on\u00adderhand niet meer trambestuurder maar veerijder.<br \/>\nMaar ja, dat zeg ik, je mag blij zijn dat je een baan hebt. Van mij mogen ze de halve tram af\u00adbreken, ze gaan hun gang maar, als het maar achter me gebeurt. Had je dat vroeger, nou viel er aan die ouwe trammen ook niet veel te slo\u00adpen, waar. Maar wat heb je nu? Ik heb wel een wagen vers uit de Tollensstraat meegenomen, na twee ritten kon hij weer terug van de spuit- verf en de troep. De stoelen zitten vast met vleu\u00adgelmoeren, ik weet niet op welke sportschool ze zitten, maar ze krijgen ze los. Er was een chauffeur van de Enhabo, die verkocht gummiknup\u00adpels, Heb ik ook nog meegereden. Maar ja, wat wil je? Raken doe je ze toch niet. Tegenwoordig hangen ze aan de deuren, rijden ze mee op het buitenbalkon. Ee\u0301n keer heb ik ze erafgeschopt, acht weken met mijn poot omhoog gezeten. Ik raakte hun niet, ik raakte de stang.<br \/>\nDus wat wil je? Betalen doen ze ook niet meer. Van sommigen ken ik dat nog begrijpen, het is pittig en een enkeltje kan je niet meer kopen. Maar ik kan toch niet blijven zeggen, je rijdt wel met mij mee, maar de strippenkaart komt van boven? En neem nou de controle. Zit er een bang vrouwtje, die kan zesentwintig gulden be\u00adtalen. Maar zeg je, he\u0301 broer, moet je een stoot voor je kanis, dan mag je een kaartje gaan trek\u00adken.<br \/>\nNee, dat zeg ik. Ik rij van A naar B en van B naar A, pittig, ik mag wel zeggen ze\u0301e\u0301r pittig. Je bent onderhand een half VVV-kantoor als je voorop zit. Die pakketten met voorlichting die ze in de tram hangen, ik zeg, hang ze in de plee,\u00a0hebben ze nog nut. Het komt toch op ons neer. \u2018Voordelige stempeltjes bij de bestuurder\u2019. We\u00adten ze ook al.<br \/>\nJa, ik ga niet de he\u0301le dag aan die stempel zitten draaien, dus die zet ik vo\u0301o\u0301r. Kan je een verzame\u00adling aanleggen van de rotsmoezen die ze hebben om bij mij een stempeltje te halen in plaats van in de automaat.<br \/>\nEn dan heb ik het nog over de goeien! Dat grut, die buitenlandse gozertjes, goed Nederlands spreken kennen ze niet, maar de ziektes, die kennen ze allemaal. Op bepaalde haltes kan je eruitspringen als je zo nodig moet, maar ik rij do\u0301o\u0301r. Nee, de tram, het is alleen maar rotter ge\u00adworden en dat is het hele eieren eten. Nou wil\u00adlen ze ons heropvoeden, dat we beter met het publiek omgaan. Ik ben van vo\u0301o\u0301r \u201979, dus ik hoef niet. Maar ik zeg van mijn kant: als je nou eens begon met het publiek op te voeden? Ik ben niet meer om te turnen. Door wie? Door die chefs? Je moet bij de tram me\u0301e\u0301praten, anders stijg je niet. Die chefs zijn n\u00e1 mij bij de tram ge\u00adkomen. Moet ik dan dank je wel en alsjeblieft zeggen tegen die geitenbreiers?<br \/>\nOf neem nou die vakbond. Die staking was toch een giller. Een aanfluiting. Ten eerste heeft het het bedrijf een hoop geld gekost, ten tweede de vakbond, ten derde de mensen en ten vierde heeft het niks opgeleverd. Die bond kan voor mij door de stront. Hebben ze iets voor mij ge\u00addaan toen mijn depot was gestolen? Zeker te druk met de staking.<br \/>\nNee hoor, als ik vrij heb ga ik vissen aan de Sloterplas, en dat is het. Maar dat zeg ik, die lui van 16, het is een leuke ploeg. Tweemaal in het jaar bowlen bij de Zoete Inval, een keer een dag uit met de bus en de vrouwen mee, want anders loopt het uit de hand. Want als we er met zijn\u00a0allen uit zijn, dat zijn onvergetelijke dagen.\u2019<\/p>\n<blockquote><p>\u2018Wij hebben hier mensen die al dertig, veertig keer een auto hebben opengebroken en die al die ke\u00adren door de officier zijn geseponeerd.\u2019<\/p><\/blockquote>\n<h5>Jan Jansen uit de Jan Jansenstraat<\/h5>\n<p>De meer of minder gedeelde ervaringen van de bestuurders van lijn 16 mogen onder de be\u00adschermende deken van het sociaal fatsoen worden weggeborgen, de vraag is: kloppen ze?<br \/>\nDe woordvoerder van de Amsterdamse politie zet uiteen dat assistentie aan een trambestuurder bij de politie dezelfde prioriteit heeft als assistentie-collega. Assistentie-tram wordt ge\u00admiddeld twee keer per dag verleend, daarbij meegerekend de kaartcontrole. De vraag is inderdaad, wat doet de politie dan? In principe wordt de kwestie bij verbaal geweld ter plaatse opgelost. Bij lichamelijk geweld of diefstal moet de verdachte mee naar het bureau. <em>\u2018Daar verho\u00adren we hem, we maken proces-verbaal op en dan moeten wij hem laten gaan.\u2019<\/em> Dat is voor de politie zelf vaak frustrerend, begrijpelijk dat de tram\u00adbestuurder het ook niet zo\u0301 leuk vindt. De regel is nu eenmaal: alleen voor zaken waar een straf op staat van vier jaar of langer mogen we ie\u00admand me\u0301e\u0301r dan de tijd die nodig is voor ver\u00adhoor, meer dan zes uur, binnenhouden. <em>\u2018Dus het klopt als de bestuurder zegt, die zakkenroller of die\u00a0<\/em><em>kerel die mij bedreigd heeft of die die passagier ge\u00admolesteerd heeft, die zie ik twee uur later weer rondlopen.\u2019<\/em> De straf daarna is een zaak voor de officier van justitie en <em>\u2018die voert, dat is een pu\u00adbliek geheim, een toenemend seponeringsbeleid, dus, laat maar gaan, de rechter kan het ook niet meer aan. Wij hebben hier mensen die al dertig, veertig keer een auto hebben opengebroken en die al die ke\u00adren door de officier zijn geseponeerd.\u2019<\/em><br \/>\n<em>Als bestuurders tegen u zeggen dat de buitenlanders erop worden aangekeken, maar dat het, in geval van moeilijkheden, \u2018ook vaak die bruinen zijn die het, doen,\u2019 dan is hei moeilijk om daarop een antwoord te geven. We moeten voorzichtig zijn met be\u00adpaalde cijfers, het is niet onze bedoeling om voedsel te geven aan Centrumpartijachtige figuren. Laat ik het zo zeggen, ik denk dat de bestuurders wel wat gelijk hebben. Sommige cijfers zijn voor bepaalde\u00a0<\/em><em>groepen niet zo\u0301 leuk.\u2019<\/em><br \/>\nHet hoofd kaartcontrole wil zijn antwoord op onze vraag of een zwartrijdende bedeesde bijstandsmoeder, die betrapt wordt en een rood hoofd krijgt e\u0301e\u0301rder beboet wordt dan een agres\u00adsieveling die amok wil plegen (eigenlijk wel, ja) graag plaatsen binnen het beleid van zijn kwets\u00adbare afdeling. \u2018Wij vinden dat we de zaak con\u00adtroletechnisch zo ruim mogelijk onder de knie moeten krijgen, dus als, wat vroeger veel ge\u00adbeurde, vijf man kaartcontrole met e\u0301e\u0301n zwartrij\u00adder onder de arm naar het politiebureau stapte, dan reden er ondertussen honderd trams en bussen langs die helemaal niet gecontroleerd wer\u00adden. Dus wij hebben nu gezegd, het mag nog steeds, maar doe het liever zo min mogelijk. Als je iemand naar zijn naam vraagt en hij geeft op Jan Jansen in de Jan Jansenstraat, dan kun je in\u00adderdaad op het idee komen dat hij de kluit bela\u00adzert, maar accepteer het toch maar. In de prak\u00adtijk blijkt dat er van de honderd bonnen maar\u00a0vijftien onbestelbaar terugkomen. Dus hebben we gezegd, verspil daar je tijd niet aan. Als bestuurders zeggen, bij moeilijkheden zijn het vaak buitenlanders, dan klopt dat wel met het plaatje van de kaartcontrole. In het algemeen schat ik zwartrijders op de helft Nederlanders de helft buitenlanders, niet zo gek als je bedenkt dat de kaartcontrole vooral in het centrum ope\u00adreert. Bij aanhoudingen en moeilijkheden ligt dat hoger, dan zijn het vaker Turken, Marokka\u00adnen en Surinamers met wie we problemen heb\u00adben. Ik heb nu een controleur in het ziekenhuis liggen die een trap in zijn kruis gehad heeft. Ik heb gezegd, voor jullie eigen veiligheid, ga geen Indiaantje spelen. Als ze dwars door je heen wil\u00adlen, kijk dan of je de politie kunt oproepen. Een enkele keer trekt er iemand een mes, dat kan va\u00adrie\u0308ren van een aardappelschilmesje tot zo\u2019n lan\u00adge. Wij zeggen dan, trek je maar terug, ga in godsnaam niet de held uithangen.\u2019<\/p>\n<p>En hoe zit het dan met de gemolde stoelen en aanverwante?<br \/>\nDe waarnemende chef van de Technische Dienst laat een overzicht zien waaruit blijkt dat er in 1983 een bedrag van \u0192 3.837.258,- aan kosten op de rekening stond die aan vandalisme moeten worden toegeschreven. Aan viltstiften alleen al gaf hij elfduizend gulden per maand uit, er waren twee man constant bezig met het viltstiftenprogramma. Het klopte wel, bij hun bestond dat idee van, niks zeggen en repareren, dat ding moest schoon en rijden. Ze hadden\u00a0elektronica-vakmensen, all-round, maar als het nodig was stonden die evengoed te poetsen of een bank te repareren.<\/p>\n<p>En wat ten slotte de agressie van de passagier betreft die niet meteen op de vuist gaat: die valt uiteraard niet in cijfers uit te drukken. Daarover dus, bij wijze van wraak, maar een authentiek bestuurdersverhaal.<\/p>\n<p>Hij reed op het Rokin, in de tijd dat dat openge\u00adbroken lag, e\u0301e\u0301n grote moddertroep. De mannen met de drilboor konden niet zo gauw uit de weg, dus hij moest voor ze stoppen. Meteen stond er eentje achter hem, \u2018ik moet eruit, ik moet eruit!\u2019 De bestuurder had gezegd dat hij er niet uit mocht tussen de haltes, was die man gaan razen en tieren en op de deur bonken dat hij eruit moest. \u2018Goed,\u2019 had de bestuurder gezegd, \u2018ga je gang maar.\u2019 Hij had de deur opengedaan, de man was vloekend en tierend uitgestapt, en on\u00admiddellijk daarop tot aan zijn nek in de modder van het Rokin weggezakt. Ze hadden hem er uiteindelijk met behulp van een autoband weer uit\u00ad gekregen.<\/p>\n<h5>Tweee\u0308nzeventig kilometer<\/h5>\n<p>\u2018Qua wonen vind ik Hoorn uit de kunst. Steeds meer collega\u2019s komen deze kant op. Wat had ik nou in Amsterdam? Mijn kinderen lagen op sta\u00adpelbedden, wilde ik groter, dan moest ik naar de Bijlmer. Zagen we niet zo zitten, zijn we in Hoorn gekomen. Prima, eindeloos.<br \/>\nBij de tram heb ik gemerkt, die te laat komen zijn niet de forenzen. Ik wil het zelf kalm aan doen, dus als ik om negen uur moet beginnen ga ik om halfacht de deur uit. In de nacht, als ik do\u0301o\u0301r kan, is het veertig minuten, \u2019s Ochtends moet ik rekenen met de Coentunnel, meestal be\u00adgint de file tussen de afslag Zaandam en het Essostation. Als het bij het Essostation begint, be\u00adtekent dat vijfentwintig minuten, \u2019s Avonds gaat het sneller, dan reken ik voor de file een kwar\u00adtier. Ik kan ook met de bus gaan. Ben ik in uni\u00adform, heb ik vrij vervoer. Lijn 114 gaat niet door de Coentunnel maar over Edam. In de spits rijdt die vijfenzeventig minuten, \u2019s avonds vijfenzestig minuten. Dan ben ik bij de Nicolaaskerk. Zeg vijf minuten wachten op de tram.<\/p>\n<p>De rijtijd naar de remise is tweee\u0308ntwintig minu\u00adten. Zeg dus maar e\u0301e\u0301n uur en veertig minuten, \u2019s Nachts rijdt die bus niet, dan moet ik met de auto. \u2019s Winters moet ik rekening houden met slecht weer, voor me zelf vind ik twee uur maxi\u00admaal. Kom ik te laat door de sneeuw, dan wordt dat gepardonneerd. Heb ik een lange dienst, en zou ik met de bus gaan, dan ben ik dertien uur van huis. Ga ik met de auto, is het elf uur. Dus ik ga met de auto.<br \/>\nIk rij samen met een ploegmaat die in de vaste reserve zit; we moeten wel allebei een auto heb\u00adben, want het komt niet altijd overeen. Aan ver\u00adgoeding krijg ik zevenentachtig gulden per maand, ik weet niet hoe dat vastgesteld is, dat doet het Rijk en het Rijk is de baas. Juffrouw Neelie zal zelf wel in een auto met chauffeur rij\u00adden. Ik denk, alles wat je krijgt is meegenomen. Benzine kost 250 gulden in de maand, ik ben nu omgebouwd op gas, 170 gulden. Verzekering is 600 gulden per jaar, aanschaf 2.000 gulden, iedere drie maanden een beurt, 250 gulden. Dat komt me op 470 per maand.<br \/>\nHij is ons beschreven als de man die trouw zijn diensten heeft gereden, tot hij voor de tweede keer zijn bril brak tegen de cabinespiegel, waar hij al zo vaak over geklaagd had. Op dat mo\u00adment hadden ze hem met z\u2019n driee\u0308n niet vast kunnen houden, en dat moest, want hij wilde ie\u00addereen, inclusief zijn passagiers, uitmoorden.<\/p>\n<p>\u2018Mijn vrouw merkt het \u2019t eerst. Die zegt, word je weer agressief? Ik zeg, nee hoor, niks aan de hand, maar dan be\u0301n ik het al. Er hoeft maar een kopje verkeerd te staan, en ik zet het hele huis op stelten. Je gaat schreeuwen, overspannen, zelf denk je nog dat het normaal is. De volgende dag rij je weer zes ritten met de 16, tweee\u0308nze\u00adventig kilometer door het verkeer, overal alert op, fietsers, voetgangers, auto\u2019s, dan gebeurt er een he\u0301e\u0301l klein dingetje, en plop, springt er een stop in je koppie. Het bedrijf stuurt je naar huis en zegt: \u201cBeterschap\u201d. En ik zit hier, de laatste jaren zit ik toch wel twee maanden thuis op de vijftien maanden, nou tweee\u0308neenhalve maand.\u2019<br \/>\nHij is ons ook beschreven als de man op wie de collega\u2019s ontzettend gesteld zijn.<\/p>\n<p>\u2018Ik vind het leuk werk, elke dag wat anders. En lijn 16 is een eindeploeg. De enige lijn waarvan op het dagje uit de vrouwen meegaan. En ik he\u0301b er veel plezier aan. Neem nou het bankperso\u00adneel, ik zeg altijd, je hebt de eerste lichting en de tweede lichting. De eerste lichting gaat tussen halfacht en acht uur van het station, dat zijn de lageren. Die zien je als gelijke, dus die praten. Er zijn er van wie het me opvalt als ze een keer later zijn: \u201cZeker een pan van je dak gewaaid vannacht?\u201d De tweede lichting komt na kwart over acht. Hogeren, zeggen geen boe of ba. Dan vind ik het dus leuk als ik achter een vrachtwa\u00adgen kom stil te staan.\u2019<\/p>\n<p>Dus wat is het?<br \/>\n\u2018Ik heb een eindeloos huis, goed het is een koop\u00adhuis, dure aangelegenheid in feite. Mijn vrouw werkt niet, nou ja, een beetje. We kunnen niet\u00a0maar aan doen. Vroeger gingen we nog wel met de tent naar de Ardennen. We zijn ook wel eens in Sporthuis Centrum geweest. Kostte duizend gulden, had je nog maar e\u0301e\u0301n week. Er zijn belangrijkere dingen. Kijk eens wat kinderen kosten als die op de middelbare school zitten? We gaan dus niet meer op vakantie. Je loon wordt niet meer maar minder, het kan allemaal nog ne\u0301t.<br \/>\nJa god, als ik dan \u2019s ochtends om vijf uur in de auto zit, dan denk ik, zit ik weer, zoveel kunnen er blijven slapen. Moet ik weer, eerst in de file voor de Coentunnel, dan in de file op het Dam\u00adrak. Het is werk, het is geen vrije wil. Kom ik op een kruispunt stil te staan, zou ik van alle ziektes er e\u0301e\u0301n krijgen, ik zou gelijk doodblijven. Denk ik, waarom doe ik dat? Heb ik geen stui\u00adver terug, roept mijn klant gelijk: dief. Het kan tien keer gebeuren, de elfde keer plof ik. \u201cIk ben geen dief, en nou eruit jij!\u201d<br \/>\nEn dan denk ik: doe ik het daarvoor? Al dat werk, net aan rondkomen en de waarschijnlijkheid dat ik mijn vijfenvijftigste niet haal zonder een hartinfarct?\u2019<\/p>\n<p>\u2018Ik heb wel een mening, maar ik ben huiverig om die te vertellen. Het komt in de krant. Dat is gevaarlijk voor me, zeker bij een sollicitatie. Wat ik vind, kan in het verkeerde keelgat schie\u00adten. Laat ik het zo formuleren: af en toe denk je, de Centrumpartij, ik stem erop. Maar het is ge\u00advaarlijk. Vandaag zijn het de buitenlanders, morgen de joodjes en dan de zieke mensen. Ik ben zelf joods, van vroeger dan. Maar je denkt toch, waarom niet? Klanten die niet werken, buitenlanders, h\u00fap, d\u2019ruit. Ik weet, het zijn de Marokkanen die de tram schoonmaken, over die heb ik het niet. Ik redeneer zo: als ze aan je hachje komen, dan moeten ze er maar uit.<br \/>\nIk moet voorzichtig zijn. We krijgen Surinamers mee, altijd wel potige jongens, vrij lenig en ze maken veel rotzooi in de tram. Het gebeurt\u00a0achter me, ik rij do\u0301o\u0301r, en wat ik opvreet dat is mijn gevoel van machteloosheid.\u2019<\/p>\n<h5>Nieuwe tijdgeest<\/h5>\n<p>De feiten die de bestuurders van lijn 16, rond\u00adcirkelend in Amsterdam, door hun vooruit menen waar te nemen en de gebeurtenissen die zich volgens hen achter hun cabine afspelen, zijn dus niet alle\u0301e\u0301n het overspannen verzinsel van in hun loon beknotte galspuwers: hun me\u00addedelingen dienaangaande kloppen tot op grote hoogte met de meer objectieve gegevens. Het probleem daarna is, dat het <em>not done<\/em>, en zelfs <em>ge\u00advaarlijk<\/em> in om over die ervaringen publiekelijk te spreken. Ze passen niet in de ideologie die hun sociale steunpilaren ze voorhouden, en die ze van hun politieke broodheren moeten aan\u00adhangen.<\/p>\n<p>Tegen ons praten ze dus met huiver en onder el\u00adkaar, in het huisje op het eindpunt, praten ze vrijuit over \u2018wat ik nu weer meegemaakt heb\u2019: een halfondergrondse uitwisseling van ervarin\u00adgen die, publiekelijk uitgesproken, tot een telefoonklacht wegens racisme en vervolgens tot op z\u2019n minst een reprimande van de chef zou kun\u00adnen leiden.<br \/>\nHet voor de hand liggende gevolg is een groeiend wantrouwen van alles dat de ideo\u00adlogie aanhangt, waarbinnen voor hun ervarin\u00adgen geen plaats is: de gevestigde politiek, eer\u00adtijds hun eigen PvdA in het bijzonder, de ge\u00advestigde vakbonden, de Abva\/Kabo die de sta\u00adking heeft laten mislukken voorop, en de ge\u00advestigde partijen in hun eigen medezeggen\u00adschapsraad, met name als die aan de Abva\/Kabo gelieerd zijn.<br \/>\nBij de jongste verkiezingen voor die raad bracht e\u0301e\u0301n derde van de Amsterdamse bestuurders zijn stem uit. En van de bestuurders die wij spraken waren er acht op het denkbeeld gekomen om bij de eerstkomende kamerverkiezingen de Cen\u00adtrumpartij maar eens een kans te geven.<\/p>\n<p>Nu <em>\u2018ze bovendien nog aan je loon komen ook\u2019<\/em> wast het wantrouwen tot afkeer. De nog maar pas geleden voorgespiegelde, gestage inkomensverbe\u00adtering, op grond waarvan een fiks aantal bestuurders voor de stadssanering gezwicht is en een duur koophuis in Hoorn dan wel een bovenmodaal huurhuis in Purmerend heeft be\u00adtrokken, blijkt op het loonstrookje niet en vol\u00adgens de tv nooit meer plaats te vinden.<br \/>\nDan komt de dag waarop je verlof wilt nemen, want daar heb je recht op.<br \/>\n\u2018Jawel,\u2019 zeggen <em>ze van kantoor<\/em>, \u2018maar vandaag kan het niet.\u2019<br \/>\nEen bestuurder die zich ziek meldt moet dezelf\u00adde dag nog een formuliertje sturen naar de GGD in Amsterdam, waarop hij globaal om\u00adschrijft wat hij heeft en hoe lang hij denkt dat zijn ongesteldheid zal duren. Controle is er verder niet. Winstpunt uit de tijd van democratisering. Als hij dat wil, kan een bestuurder gemak\u00adkelijk niet ziek zijn en toch een paar dagen ziek thuisblijven.<br \/>\nDan wordt hem voor de tweede keer een dag verlof door <em>ze van kantoor<\/em> geweigerd. Het is een tijd van bezuiniging (\u2018O ja? En die heroi\u0308ne dan, die die klanten gratis mogen komen ophalen?\u2019) en er zijn niet voldoende reservebestuurders.<br \/>\nDe derde keer komt de bestuurder nog wel op\u00addagen.<br \/>\nEn de vierde keer zegt hij: sterf, rij zelf, bekijk het.<br \/>\nTwee dagen later is er post van de GGD-arts.<\/p>\n<p>En nu het ziekteverzuim, het arbeidsverzuim dus, uit de hand is gelopen en er dus iets moet gebeuren meldt zich, onontkoombaar, de nieu\u00adwe tijdgeest.<br \/>\nDe lijnchef, die terugkeert, is er de voorbode van.<br \/>\nEn het slagwoord luidt: <em>controle<\/em>.<\/p>\n<h5>In m\u2019n eentje<\/h5>\n<p>\u2018Ik herinner me nog de rookcoupe\u0301s. Nu mag je niet meer roken. Ze doen het toch. Ik zeg er niks van, want ik wil geen heibel. Ze willen ook weer de harde banken terug. Veel stoelen gaan kapot. Als ik mijn tram inlever, zie ik het wel. \u2019s Nachts wordt het weer gerepareerd, \u2019s Ochtends is-ie heel en ga je weer gewoon rijden. Als ik rij zie ik niks. Ik zou iets zien als ik in de spie\u00adgel keek. Maar ik kijk niet in de spiegel.<br \/>\nDat schrijven gebeurt bij de scholen. Het begon in de tram, toen het op straat ook begon. In het speelkwartier gaan ze een halte mee of ze gaan met een kluit achterop hangen. Ik zeg niks, als het kan sla ik die halte over.<br \/>\nDe tram is niets bijzonders. Is je fiets gestolen en je doet aangifte, dan lachen ze je uit. Pas de eerste keer? Mijnheer, waar maakt u zich druk over? Wordt de tram vernield, is-ie morgen weer gerepareerd. Het glijdt langs mij af. Ik ben zelf anders. Ik moest in de bibliotheek mijn tas afgeven, wegens stelen. Ik was zo\u0301 diep beledigd, ik kom daar nooit meer. Maar ik bemoei me niet met wat anderen vinden.<br \/>\nIk kwam bij de tram, ik had geen rijervaring, geen verkeersinzicht, zelfs geen rijbewijs, nu trouwens nog niet. Na anderhalve maand zat ik in mijn eentje op lijn 1. Het verschil is, ik zit nu in mijn eentje op lijn 16. De KNSM, waar ik werkte, ging hard achteruit. Ik zag een adver\u00adtentie. Als het voor straatveger geweest was, had ik \u2019m ook ingestuurd.<br \/>\nIk ben wel tevreden. Naar het gebral van het bondskader luister ik niet. Wij eisen zus, wij ei\u00adsen zo, ik eis dat helemaal niet. Het bedrijf geeft mij een tram en betaalt me mijn loon. En de pas\u00adsagiers, er is een nachtzuster en die geeft me al\u00adtijd een snoepje. En met de portier van het Hilton maak ik, als die meerijdt, een praatje.<br \/>\nIk ben wel gehecht aan mijn eigen weg. Ik weet precies wanneer de verkeerslichten verspringen. De straatnummers weet ik op tien meter nauw\u00adkeurig. De Lairessestraat 120? Dat is halte Emmastraat.<br \/>\nDe Vijzelstraat en het Rokin vind ik leuk om te rijden. En wat ik het allermooiste vind is de Ferdinand Bol, de kunstetalages van Heineken. Daar rij ik altijd heel langzaam, zodat ik die op mijn gemak kan bekijken.<br \/>\nOp de vrije trambaan raak je afgestompt, denk ik. Je hoeft niet meer op te letten. Ze zeggen dat je ook minder stilstaat, maar dat interesseert mij niet. Als er een vleeswagen staat te lossen denk ik, natuurlijk, die man moet zijn vlees kwijt. Wat de passagiers zeggen ho\u0301o\u0301r ik niet.<br \/>\nEn voor de rest, op kantoor ben ik e\u0301e\u0301n keer ge\u00adweest. Ze houden daar bij hoeveel uren wij ge\u00admaakt hebben en hoeveel verlof we hebben op\u00adgenomen. En wat me ook nog opvalt: elk jaar la\u00adten ze lijn 1 en lijn 2 op Koninginnedag rustig door de Leidsestraat gaan. Elk jaar komen ze er\u00ad achter dat dat niet kan. En elk jaar worden lijn 1 en lijn 2 dan omgeleid over de Rozengracht, waar 13, 14, 17, 21 en 67 ook al rijden.<br \/>\nVan klachten heb ik nog nooit iets gehoord. Aanrijdingen wel. Heb ik vaart en moet ik rem\u00admen, heb ik achttien meter nodig. Is het glad, dan meer. Gaat het verkeerd, dan is het ijzer op ijzer, en jij gaat eraan.\u2019<\/p>\n<blockquote><p>Het was al heel gauw gebleken dat de boel in de soep liep, in \u201975-\u201976 was dat al duide\u00adlijk, maar het was toen nog de tijd van over\u00advloed.<\/p><\/blockquote>\n<h5>Van bestuurder naar chef<\/h5>\n<p>Onder <em>ze op kantoor<\/em>, die zich met trams, rails en rijtijden bezighouden, belichaamt de pas be\u00adnoemde chef vervoer de nieuwe tijdgeest. Hij heeft al jaren verkondigd dat het fout liep en nu mag hij, op zijn manier, bewijzen dat het anders kan. Zijn eerste probleem is de communicatie met de bestuurder, want als gezegd vindt die of\u00adwel per mobilofoon ofwel in gewatteerde be\u00adwoordingen plaats.<br \/>\nHij is zijn loopbaan begonnen als stuurman op\u00a0de grote vaart. Ruim eenentwintig jaar geleden is hij bij de tram gekomen in de functie van lijn\u00adchef. Hij vertelt dat hij in de remise nog wel eens bekenden uit die tijd tegenkomt. \u2018He\u0301, De Boer!\u2019 roepen ze dan. <em>\u2018Hoe gaat het met jou, ke\u00adrel? Wat doe je tegenwoordig?\u2019<\/em> Hij zegt dan dat hij <em>chef vervoer<\/em> is. <em>\u2018Verrek, ben j\u00edj dan die De Boer die die geeltjes rondstuurt?\u2019<\/em><br \/>\nWe mochten het van hem zeggen als wij wat be\u00adters wisten. Hij zat er nu eenmaal mee dat hij 2.100 man personeel onder zich had, die je nooit bij elkaar kon halen, omdat ze gedurende bijna vierentwintig uur van de dag over de hele stad verspreid aan het rondrijden waren. En dus moest van hem uit de communicatie wel via pa\u00adpier verlopen. Het laatste halfjaar alleen al had hij zeker 280 <em>geeltjes<\/em> laten uitgaan, kennisgevin\u00adgen vervoer, die in alle huisjes opgehangen wer\u00adden naast de <em>witjes<\/em> van de directie. De commu\u00adnicatie stond of viel dus met de willigheid van\u00a0de bestuurder om het allemaal te le\u0301zen. Hij kon zich voorstellen, er kwam zo\u0301veel binnen, dat die alles oversloeg, behalve waar een guldenteken bijstond.<br \/>\nPersoonlijk had hij zijn hoop inderdaad gesteld op de terugkeer van de lijnchef, daar werd nou een begin mee gemaakt. Het bedrijf had een pe\u00adriode van verloedering doorgemaakt, hij vertel\u00adde het maar hoe hij het zag. Er was die algemene sfeer geweest dat alles op de ouwe-jongens-krentenbrood-toer moest, en daar had het be\u00addrijf aan meegedaan. Leidinggevenden waren niet meer nodig geweest, geen betutteling, de bestuurder kon het alleen wel af \u2014 dat vond de bestuurder niet, zijn clou was, dat hele ongenoe\u00adgen, dat had zo\u2019n opgang gemaakt vanuit de so\u00adciologen. Het was al heel gauw gebleken dat de boel in de soep liep, in \u201975-\u201976 was dat al duide\u00adlijk, maar het was toen nog de tijd van over\u00advloed. Als iets misliep <em>hoefde<\/em> daar niets aan ge\u00addaan te worden. Er werd gewoon iets tegenaan gezet of bovenop gebouwd zodat het toch nog\u00a0functioneerde. En bovendien, hij vergeleek het maar met zijn oude vak, zo\u2019n bedrijf was net een mammoettanker, als die eenmaal vaart, is-ie moeilijk te stoppen. En toen het echt niet anders meer gekund had, toen de behoefte aan leiding, aan iemand die van dingen wist, aan een herkenbare figuur die beslissingen nam en die jij kon vertrouwen en de bestuurders ook, toen die behoefte schreeuwend werd, toen waren ze net on\u00adder Den Haag geplaatst. En Den Haag had ge\u00adzegd, nou, dat bekijken we dan nog wel. En dus had het veel te lang geduurd. Hij bekeek het zo, had je achtentwintig bestuurders, dan waren er daarvan vier apathisch, twintig deden gewoon normaal en goed hun werk, vier waren schreeu\u00adwers, die het verkeerde beroep hadden gekozen. De jongens en meisjes van de sociologie hadden al die jaren almaar naar die vier schreeuwers ge\u00adluisterd, en zij hadden almaar naar die jongens en meisjes moeten luisteren. Hij vond, daar moesten ze nu eens mee ophouden. Ze moesten nu maar eens een tijdje met die twintig goeden\u00a0gaan praten. Die vier schreeuwers mochten, wat hen betreft samen met die jongens en meisjes de deur uit.<br \/>\nDat praten kon niet via papier, daar had je een lijnchef voor nodig. Maar wat was het nou? De know-how was er niet meer, zijn ouwe jongens zaten in de Vut of waren afgekeurd, en wat er nog over was, was helemaal gedemotiveerd om\u00addat ze al die jaren juist geen leiding hadden mo\u00adgen geven. Dus nou moest het allemaal van voren af aan beginnen. Hij had nou weer jongens in de opleiding voor chef, maar het probleem was, ze moesten het uiteindelijk toch van een ander leren. En wat er nu rondliep, dat was alle\u00admaal in de tijd van de verloedering gekozen, de goeien, die het in hun vingers hadden, niet te na gesproken. Het had tijd nodig, hem kostte het twee jaar om van een bestuurder een chef te ma\u00adken.<\/p>\n<h5>Een avond lijnchef<\/h5>\n<p>Die avond heeft de lijnchef van lijn 16 remisedienst. We gaan bij hem zitten in de portierslo\u00adge van de Havenstraat. Het is een rustige avond. Afgezien van een kortsluiting in lijn 13 gebeurt er niets bijzonders. Het is ook een warme avond. Op die ene Surinaamse bestuurder na die onder e\u0301lke weersomstandigheid met zijn jas\u00adje dicht, zijn pet op en een das om door de stad rijdt heeft iedereen die binnenkomt in zijn zomertenue zitten zweten.<br \/>\nTegen tienen meldt een andere Surinaamse bestuurder zich, die een probleem heeft met zijn tram.<br \/>\nWe hebben net een diepgravende discussie ach\u00adter de rug met een aantal bestuurders van lijn 17, die uitleggen waarom volgens h\u00fan het experiment op hun lijn mislukt is. Ze hadden met zijn allen samen de dienst min of meer zelf mo\u00adgen regelen, en dat was niet goed gegaan. Vol\u00adgens h\u00fan omdat er te weinig reserve aan ze toe\u00adgekend was. Volgens anderen omdat Piet het niet langer gepikt had dat Jan we\u0301e\u0301r vrij vroeg om naar zijn derde wijf te gaan.<br \/>\nEen paar staan er nog wat na te praten. Met zijn zacht Limburgse accent zegt de ex-mijnwerker, die de lijnchef van lijn 16 is, tegen de Surinaam\u00adse bestuurder: <em>\u2018Wat zou jij er nou van zeggen als ik jou zonder iets te zeggen weer zou laten vertrek\u00adken?\u2019<\/em><br \/>\nDe bestuurder begrijpt het niet meteen, net zo min als de omstanders. Dus vraagt de lijnchef het no\u0301g eens en no\u0301g eens.<br \/>\n\u2018O, je bedoelt dat ik mijn hemd \u00edn mijn broek moet doen?\u2019<br \/>\n<em>\u2018Nee,\u2019<\/em> zegt de lijnchef,\u00a0<em>\u2018ik bedoel: wat zou jij er\u00ad van vinden als ik er niks van zou zeggen?\u2019<\/em><br \/>\n\u2018Dus je vindt dat ik mijn hemd \u00edn mijn broek moet doen?\u2019<br \/>\nDe lijnchef zegt nogmaals wat hij in feite be\u00addoelt.<br \/>\n\u2018Ik ga dit niet pikken hoor,\u2019 zegt de bestuurder. \u2018Ik ga dit e\u0301cht niet pikken. Als j\u00edj vindt dat ik mijn hemd in mijn broek moet doen, dan moet je tegen mij zeggen dat ik mijn hemd in mijn broek moet doen.\u2019<br \/>\nHij verheft zijn stem en eist een rechtstreeks be\u00advel daartoe.<br \/>\n\u2018Jij bent toch chef? Geef mij dan een opdracht! Als jij mij geen opdracht geeft, hoef ik mijn hemd\u00a0niet in mijn broek te doen. Jij moet geen flauwe kul maken. Jij moet niet gaan zitten draaien, dat pik ik echt niet hoor. Als jij wil dat ik mijn hemd in mijn broek doe, dan geef jij mij gewoon een opdracht.\u2019<br \/>\nDe lijnchef zegt nogmaals wat hij in feite be\u00addoeld had te vragen. De bestuurder staat nu met een strak geheven arm en met het schuim op zijn mond richting tram te wijzen. \u2018Ik ga daar niet inzitten met mijn hemd in mijn broek. Ik heb een T-shirt onder mijn overhemd, voor het zweet, wil je voelen hoe ik zweet? Ik ga daar niet in zitten met mijn hemd in mijn broek. Je moet mij een opdracht geven! Ik wil dat jij mij nu een opdracht geeft.\u2019<br \/>\nDe lijnchef haalt zijn schouders op en loopt naar het koffieapparaat.<br \/>\nDe bestuurder houdt vol, windt zich meer en meer op.<br \/>\nDe lijnchef maakt er een einde aan. Hij draait zich om en zegt:<br \/>\n\u2018Bekijk het.\u2019<br \/>\nDe bestuurder beklimt, met het hemd uit de broek, de gerepareerde wagen.<br \/>\nLater op de avond rijdt een wagen van lijn 13 binnen waarvan de bestuurder een met rode en blauwe banen afgezet T-shirt draagt.<br \/>\nDit keer neemt de lijnchef hem apart.<br \/>\nHij blijft tien minuten weg, waarna de bestuur\u00adder, met een rode kop en woedende ogen, de portiersloge binnenstormt. Hij brengt met zijn tong tegen zijn tanden het geluid van een scheet voort en geeft zich daarbij een klap op het ach\u00adterwerk. \u2018Dat kan je me, klootzak. Ik rij toeval\u00adlig zoals ik wil. En als het je godverdomme niet aanstaat, dan roep je me maar op rapport. Wat denk je wel, godverdomme, om hier een beetje cheffie te kunnen spelen?\u2019<br \/>\nDe lijnchef is aan tafel een boterham gaan zitten eten. <em>\u2018Jij rijdt morgen niet in dat T-shirt op de tram. Dat heb ik je fatsoenlijk gezegd.\u2019<\/em><br \/>\n\u2018Wedden dat ik morgen we\u0301l in dit shirt op de tram rij? Je bent met me aan het praten kloot\u00adzak, tamelijk onbeschoft dat je d\u2019r bij zit te eten. Wat verwed je? Je slingert me maar op rapport, ziek thuis kan altijd nog. Hoor ik nog iets? Wat wed je?\u2019<br \/>\n<em>\u2018Jij rijdt morgen niet in dat T-shirt op de tram.\u2019<\/em><br \/>\n\u2018Wedden? Wedden? Ik heb morgen niet eens dienst, dus daar heb je mooi niets over te vertel\u00adlen, mijnheer de chef.\u2019<br \/>\nDe bestuurder maakt een spuuggebaar, pakt zijn tas en loopt de poort uit naar huis toe.<br \/>\n<em>\u2018Ik had hem een opdracht gegeven,\u2019<\/em> zegt de lijn\u00adchef hulpeloos.<\/p>\n<h5>Mijn lijn<\/h5>\n<p>\u2018Ik ben zeventien jaar geleden begonnen als conducteur op de loopwagen. Je verkocht kaartjes en als iedereen binnen was, floot je voor vertrek. Ik ben opgeklommen tot bestuurder, drie keer ben ik voor de bus gevraagd want dat is nog ho\u00adger. Ik heb het niet gedaan en ik doe het niet: lijn 16 is mijn lijn, met elkaar hebben we lol en ik vind het nog steeds heerlijk.<br \/>\nIk heb het altijd gewild, trambestuurder of op een trein. Heerlijk vrij, een mooi zeker baantje en ik rij graag. Mijn vader was blij dat ik bij de gemeente kwam.<br \/>\nIk vind het leuk om te beginnen \u2019s morgens, vroeg in de remise, prachtig, elke rit is anders en ik blijf mooi in het gootje. Vergeleken met vroe\u00adger is de passagier meer van je mot me meene\u00admen, maar dat kan mij niet schelen.<br \/>\nEen tramfanaat ben ik niet. Als je me nou vraagt, welke kleur heeft lijn 16, elke lijn heeft toch een eigen kleur, dan zeg ik, ik rij er pas ze\u00adventien jaar op, dat weet ik niet. Maar ik weet wel veel van de tram zelf, in het gebruik dan. Morgen heb ik de 808, het rijden is prima, die kan zo\u0301 hard, maar de deuren, niet dicht te krij\u00adgen, dus dat wordt vertraging. De 815, de blok\u00adkendoos, die remt niet. De schijfremmen glijen\u00a0door, net of-ie loslaat, je hoort het ook, maakt niet dat tjutjutju geluid. Nou remt elke tram wel op zijn manier, normaal heb je dat na twee hal\u00adtes door. Deze remt elke keer anders, of je gaat vijf meter voorbij de halte, of je staat er vijf me\u00adter vo\u0301o\u0301r stil. Met de meeste wagens kan je volop door de bocht gaan, maar \u2019m niet volop erin gooien. Je hoort het, dan gaat-ie piepen. Ligt er dan een bout, ga je rechtdoor. Op de Lelylaan met de 808, dat is het mooiste. Die kan ik dan op tachtig krijgen. Het loopt schuin naar bene\u00adden, ik gooi hem volop erin, en dan meteen te\u00adrug naar de nulstand, loopt-ie harder dan op zijn\u00a0eigen motor. Vlak voordat de baan omhooggaat gooi ik hem dan weer volop. De Huizingalaan heeft maar e\u0301e\u0301n nadeel: lijn 1 rijdt erover. Ik wil niet op lijn 1. Ik wil op lijn 16. Ik sta achter een vleeswagen, die moet uitladen. Geen probleem, ik sta stil, is die vent klaar, ga ik verder. Van\u00addaag nog, in de Ferdinand Bol. Halfuur gestaan. Vent effe naar de markt, auto op de rails. Komt die man na een halfuur terug, weet je wat-ie vraagt? Of-ie soms in de weg staat. Wij allemaal erachter, 24, 25, nog een 16, weer een, drie chefs erbij, drie politieauto\u2019s, geen kraanwagen natuurlijk, want die is er niet, een hele optocht, vraagt die man of-ie in de weg staat. Maar ja, je\u00a0passagiers beginnen te schelden.<br \/>\nDe Albert Cuyp, dat is echt mijn stukkie. Hoe drukker, hoe beter. Voorbij de Weteringschans naar het station, dat is niks meer. De Lairessestraat is dood. Maar de Albert Cuyp! Tien mi\u00adnuten achter zo\u2019n auto, iedereen bemoeit zich ermee, hoor je nog eens wat. Met die winkel van\u00a0Jaspers heb je nooit last, staat die dubbel, dan rijdt-ie even om. De slager ook niet. Sta je vast bij McDonalds, komen ze vragen of je trek hebt in koffie. Als het warm is een milkshake. Vraag je me nou, hoeveel mensen gaan er in een tram, dan weet ik het niet. Ik weet wel dat er meer sta als zit is. En ik vind ook dat we nu harder moe\u00adten rijden om de tijd te halen. Vroeger gingen we bij het Victoriahotel gelijk rechtdoor naar het station. Nu moeten we om het koffiehuis heen. Die tijd hebben we er nooit bijgekregen. En vroeger kon je op de Munt met dat dubbele spoor gauw effe voor de 25 duiken. Dat kan nu ook niet meer. Er is ook minder spel bij. Vroe\u00adger deden wij met de 25 wie het eerste bij de Al\u00adbert Cuyp was, daar komen we samen. Hij moest eerder weg, lukte het, dan stond hij toch tegen jou aan. Ik wil niet zeggen, vroeger was ideaal, integendeel. Ik vind dat de conducteur moet terug op de tram, en zo gauw mogelijk, al was het maar vanwege het vernielen en het zwartrij\u00adden. Maar dan niet als vroeger. Vroeger had je drie rangen: de onderste was conducteur, daar\u00adna de trambestuurder en dan als hoogste de bus\u00adchauffeur. Ging je als conducteur bij een bestuurder aan tafel zitten, werd je weggetrapt. Er waren er bij, die praatten niet eens tegen je,\u00a0zoveel minder was je als conducteur. Voor die was je bang, kan je nagaan wat je voor een chef was. Stond die in de buurt, dan re\u0301e\u0301d je wel \u2014 meestal bibberend. Dat hoeft van mij niet terug. Maar zoals nu: dat uniform dat ze soms aan heb\u00adben, je schaamt je dood. En die taal, je hebt er\u00ad bij die hebben het over de kudde vee die ze mee\u00ad nemen. Ik vind, had dan ander werk gekozen. Ik zelf, ik blijf beleefd tegen wie beleefd is en de rest: ga je gang maar. Ik ga daar niet op letten. Als je gaat letten op alles wat gebeurt en wat niet mag, dan rij je niet meer. En ik rij graag. Zou je e\u0301lke passagier die met een ijsje of sigaret\u00a0binnenkomt vriendelijk verzoeken om&#8230; op tijd zou je zeker niet komen.<br \/>\nAutorijden vind ik niks aan, maar die tram! Het is jammer dat het nou niet veel meer uitmaakt hoe hard of je werkt. Vroeger was het zo: hoe harder jij werkte, des te meer fooi. Dat is over. Fooi krijg je niet meer. Ik vond het altijd heer\u00adlijk, fooi. Had je tussen de ritten door gratis kof\u00adfie.\u2019<\/p>\n<blockquote><p>Het is met <em>controle<\/em> als met gezag: daar kan niet genoeg van zijn, voor de buurman.<\/p><\/blockquote>\n<h5>De roep om controle<\/h5>\n<p>In hun huisje aan het eindpunt doen de bestuurders van lijn 16 er niet moeilijk over.\u00a0Het wordt hoog tijd dat ze die klootzakken die ziek op de camping in de zon liggen op gaan halen, in een lege tram zetten en zo gauw als het kan de WW in rijden. Zij lekker languit, zodat wij geen verlof kunnen opnemen? Aanpakken die hap.<\/p>\n<p>Want het is met <em>controle<\/em> als met gezag: daar kan niet genoeg van zijn, voor de buurman.<br \/>\nOp lijn 16 had je dat niet, dat zo maar ziek thuisblijven. Op andere lijnen? Breek me de bek niet open. De lijnchef zit erbij en denkt er net zo over; toevallig heeft hij een <em>gouden ploeg<\/em> onder zich.<br \/>\nWij zeggen pesterig dat het ziekteverzuim op lijn 16 niet speciaal lager is dan op andere lijnen.<br \/>\nNee, dat is zo.<br \/>\nMaar zo maar thuis blijven, dat was er op 16 niet bij.<\/p>\n<p>De hemel zij onze, en de interviews met de\u00a0bestuurders uw getuige: dat vinden wij ook. Maar zou het op andere lijnen echt anders zijn? Of zouden de uren die je ze\u0301lf wederrechtelijk op de camping doorbrengt vanwege opgestapelde spanning, opgekropte woede en opgezouten onvrede te excuseren zijn, terwijl een ander daar alleen maar rondhangt omdat hij godverdomme te lui is om e\u0301e\u0301n poot voor een andere te zetten?<\/p>\n<p>In die context vindt de aankondiging van de nieuwe tijdgeest, de roep om controle, een vruchtbare voedingsbodem, ook onder bestuurders. Het is de erkenning van het feit dat er aan de oorzaken niets meer te doen valt, en dat de gevolgen nog slechts met repressie binnen de perken zijn te houden.<br \/>\nAlom klinkt de roep om controle, het negatief van de verloederde tijdgeest van toen waarvan\u00a0dus een positieve werking verwacht wordt voor de komende dagen.<br \/>\nDe Amsterdamse politiewoordvoerder spreekt ervan, misschien niet zo\u0301 verwonderlijk: <em>\u2018De gedachte,\u2019<\/em> zegt hij, <em>\u2018dat er geen controle meer nodig was heeft toch een totaal verkeerd beeld van mensen gehad. Wat heeft het niet allemaal opgeleverd? Zwartrijders, vernielingen, passagiers die lastig worden gevallen, bestuurders die bedreigd worden, zakkenrollers. Hel zijn beste brave mensen die bedacht hebben dat het zonder controle ook wel goed zou gaan. Maar ze kwamen op dat idee vanuit een kantoor, en niet vanuit de praktijk.\u2019<\/em> Het hoofd van de kaartcontrole, ook niet zo\u0301 gek, valt hem bij: <em>\u2018Aan de controle is jarenlang te weinig aandacht besteed en dat kwam vanuit de\u00a0<\/em><em>politiek. We horen het nu nog wel: jullie eigen wethouder wilde toch dat het openbaar vervoer gratis werd?\u2019<\/em> Minder voor de hand liggend, de chef vervoer: <em>\u2018Hadden we maar een bedrijfsarts, dan konden we hem nog iets vertellen.\u2019<\/em> En een van zijn plaatsvervangers: <em>\u2018Als je geen stok hebt om te\u00a0<\/em><em>slaan, dan kan je dit verwachten. De Emielhoek in dit bedrijf bestond toen ik kwam uit mevrouw Verstoep, ik denk dat ze nu met meer dan honderd man zijn. Aardige lieve mensen, die regels bedenken en geen controle willen, omdat ze zich niet kunnen v\u00f3\u00f3rstellen dat anderen zich aan die regels niet houden. De vraag om de stok komt nu ook van de bestuurders zelf, die maakt het te bont, doe er wat aan, pak die boosdoeners.\u2019<\/em><\/p>\n<p>Er zijn nog tegenstemmen. Die van het hoofd personeelszaken, bij voorbeeld: <em>\u2018Hardere controle? In Utrecht hebben ze het gedaan bij het vervoerbedrijf. Zakte het ziekteverzuim met de helft. En ondertussen zette het zoveel kwaad bloed, dat het daarna nog hoger is geworden. Het bete\u00adkent, je vertrouwt je mensen niet. Op e\u0301e\u0301n procent na zijn die we\u0301l te vertrouwen. Dus je zet kwaad bloed bij negenennegentig procent om die ene pro\u00adcent profiteurs te kunnen pakken, wat niet lukt omdat die e\u0301e\u0301n procent zich het best bewapend heeft.\u2019<\/em><\/p>\n<p>Maar de tegenstemmen zullen het niet redden. We krijgen een stuk d.d. 6 september 1984, opgesteld door de coo\u0308rdinatiegroep onderzoek ziekteverzuim, en we begrijpen waarom zij \u2018het achterste van hun tong\u2019 niet konden laten zien. Het hemeltergend mensvriendelijke zeepsop dat ze tegenover ons produceerden, is daarin vervangen door de nieuwe tijdgeest \u2014 tijdig op het volgende paard gewed. Over de oorzaken van het ziekteverzuim reppen de onderzoekers niet meer. Ze stellen kortweg voor om de ziekmelder te verplichten<em> \u2018voor aanvang dienst contact op te nemen met de arts\u2019<\/em> en zich <em>\u2018uiterlijk de derde dag lijfelijk te melden op het spreekuur van de arts\u2019<\/em>, en hem in te prenten dat <em>\u2018overtredingen direct worden bestraft\u2019<\/em>.<\/p>\n<h5>Baas op de baan<\/h5>\n<p>\u2018Jullie krant is links, nietwaar? Ik steeds minder. Misschien hadden jullie niet naar mij toe moe\u00adten komen. Ik zeg geen dingen die jullie willen horen. Ik ben anders dan mijn collega\u2019s. Van mijn passagiers heb ik geen last, want ze raken me niet meer. Van het bedrijf trek ik me niets aan. En met de kortingen heb ik niet veel moeite \u2014 ik kan wel inzien dat het nodig is.<br \/>\nDus wat willen jullie nog meer weten? Nee, ik heb er niet altijd zo over gedacht. Ik werk er nu twaalf jaar, na zes jaar kwam ik een keer thuis, vraagt mijn vrouw, wat is er aan de hand? Ik zeg, niks. Ik zie je nooit meer lachen, zegt ze. Ach mens, doe niet zo moeilijk, er is niks. En een uur later dacht ik, ze heeft gelijk. Sterf maar, nou is het over. Sindsdien gaat het veel beter, prima. Als ze beleefd zijn, ben ik beleefd terug. Schelden ze, denk ik, bekijk het. Zeggen ze niks, dan zeggen ze niks. Ik heb het daarvoor wel gehad dat iemand tegen mij zei, goedemid\u00addag bestuurder. En dat ik zei, alstublieft mijn\u00adheer, wilt u dat no\u0301o\u0301it meer doen. Zomaar het woord tot mij richten. Ik schrik me rot.\u2019<br \/>\nKlopt. Veel toekomstmogelijkheid is er niet. Nou vind ik, dat chef-gedoe lijkt aardig, maar zonder onze toeslagen verdienen zij niet veel me\u0301e\u0301r. Zal ik me zelf even op de borst kloppen. Ik zit toevallig wel met mulo en middenstand op dat ding. En mijn Engels, heb ik geen proble\u00admen mee, gaat uit de kunst.<br \/>\nIk ben wel opgegaan voor chef. Vijf jaar gele\u00adden, Voor techniek en administratie had ik een\u00a09 1\/2 en een 10. Moest ik nog getest worden. Ik\u00a0had gelijk een aversie tegen die vent, zo\u2019n baard\u00a0en zulk lang haar. Ik denk, moet d\u00ede\u0301 mij beoor\u00addelen? Dus ik was verlegen en ik kon niet om\u00adgaan met mensen. Teleurgesteld kun je niet zeg\u00adgen, het hoort erbij. Zulke lui hebben het voor het zeggen.<br \/>\nD\u00e1t zit me we\u0301l hoog, klopt. Ik ben eigenlijk ie\u00admand voor law and order. Dat wil links toch niet en die hele handel die het in de stad voor het zeggen heeft? Ik voor mij, ik draag de stad niet meer in mijn hart, niet meer als vroeger. Wat mij betreft, als die stad in brand vliegt, ik red mijn vrouw en mijn kinderen, maar ik zal er verder geen hand naar uitsteken. Toen ik bij mijn vorige baas wegging had ik een lijstje. Ee\u0301n politie. Twee brandweer. Drie tram. In die volgorde. Het is tram geworden. Politie moest je een jaar intern. Brandweer vond mijn vrouw niet goed. Mijn idee was niet zozeer overheids\u00addienst. Mijn idee was de orde te handhaven of zo. Ik heb het minste van de drie gekozen, niet alleen wat vooruitkomen betreft, maar ook: je kan niks do\u0301e\u0301n. Ik erger me groen en geel als ik\u00a0door de stad rij. Kom ik langs de kop van de Zeedijk, heb ik zin om een punt 50 op het dak van mijn tram te zetten. Kom ik in de buurt waar ik geboren ben, denk ik, goh, heb ik daar gewoond? Bekijk je nu de volksbuurten, ik weet, ik kom op gevaarlijk terrein, je zal weinig Ma\u00adrokkanen zien die hun straat schoonhouden, trouwens ramenlappen is er ook niet meer bij. Een collega van me zei, ik neem een jaar vrij. Bouw ik een boot, breng ik alle Surinamers te\u00adrug. Nu zeggen wij, bouw er een, maar niet zo\u2019n beste, je ho\u0301e\u0301ft niet aan te komen. Ik kan het niet verkroppen. Links vindt toch dat wij ons moe\u00adten aanpassen? Zij nooit, daar hoor je nooit wat van. Ik vind, het moslimfanatisme is gevaarlij\u00adker dan de atoombom, de aartsvijand van het\u00a0christendom. Mohammed is geen vreedzame godsdienst, we hebben het paard van Troje binnengehaald. Er is al een wig gedreven tussen de Nederlanders en de joden, ik heb ook rondgere\u00adden met een sticker, wij staan achter Israe\u0308l. Is al\u00ad lang niet meer zo, ik nog wel, ik ben ze\u0301e\u0301r pro-joods, maar wij niet meer. Ja god, ik weet het niet meer. Het is allemaal zo onduidelijk, ik weet het niet meer. Ik heb ook wel VVD gestemd. De Partij van de Arbeid, persoonlijk noem ik het de Partij van de Onarbeid. Ik ben helemaal niet voor radicaal, ik houd niet van ra\u00addicaal, in Zuid-Amerika heb je radicaal-rechts, daar moet dan wel radicaal-links tegenover staan. Maar bij ons? Waarom? En toch, als ik\u00a0Janmaat op de tv hoor, dan zegt die een hoop dingen die mij aanspreken. Je krijgt het niet voor elkaar, niet meer denk ik, om een sfeer te scheppen waarin de mensen zeggen, oke\u0301, ze zijn hier nu eenmaal, prima. Ik persoonlijk vind, maar dat mag ik ook weer niet zeggen, buiten\u00adlanders met een strafblad, eruit. Opgeruimd staat netjes. Die nu links zijn en het voor het zeggen hebben in de stad, die zijn in weelde grootgebracht, en buiten de werkelijkheid opge\u00advoed. Die weten toch niet meer wat er bij de ge\u00adwone man leeft! Die hebben het toch zo ge\u00admaakt als het nu is: een antwoord is alleen nog\u00a0goed als het positief is. En anders steken we een tram in de fik! Ik heb er toch bijgestaan op het Museumplein! Het liefst wil ik dan de mitrail\u00adleur erop hoor.<\/p>\n<blockquote><p>Ik vind, het moslimfanatisme is gevaarlij\u00adker dan de atoombom, de aartsvijand van het christendom.<\/p><\/blockquote>\n<p>Wat er zou moeten gebeuren? Optreden! Ik heb ze gezien met die kniven, achter in de tram, twintig grote kerels erbij en niemand die iets doet. Voor mijn part stampen ze ze door de bo\u00addem van de tram, maar doe iets!<br \/>\nMaar goed, ik heb me er nu bij neergelegd, ten\u00ad minste in de tram. Nu denk ik: zolang ze maar niet in mijn cabine komen. Als ze vragen hoe lang mijn tram is zeg ik, een meter ongeveer, hooguit anderhalf. Mij hoeven jullie verder niks meer te vragen. Ik zit op de tram, ik rij in een gootje, ik kan niet links en niet rechts. Het is een bak van dertig ton, daarmee door de stad denderen of laat ik zeggen rijden, geeft mij min of meer dat machtsgevoel. Groot woord mis\u00adschien, maar toch, de baas op die baan, dat ben ik dan.\u2019<\/p>\n<h5>Een zucht van verlichting<\/h5>\n<p><em>\u2018Controle,\u2019<\/em> zegt de PvdA-wethouder Michael van der Vlis, politiek verantwoordelijk voor het vervoerbedrijf, <em>\u2018is voor mij geen vies woord. We gaan daar nu meer nadruk op leggen.\u2019<\/em><br \/>\nWe hadden hem gevraagd of het juist was dat <em>Den Haag<\/em> gee\u0308ist had dat het aantal bestuurders moest verminderen, en dat <em>hij<\/em> gee\u0308ist had dat er desondanks niet minder trams en bussen op straat zouden rijden. Hij had gezegd dat dat klopte, en dat zijn eis in feite de wens was van de klant wiens spreekbuis hij was. Het ko\u0301n ook, het was niet onuitvoerbaar gebleken. Het kon door de efficiency te vergroten en door h\u00e1rder te werken, dus minder ziekteverzuim.<br \/>\nEn zo waren we bij het verschijnsel <em>controle<\/em> te\u00adrecht gekomen.<br \/>\nWij: jarenlang is er tegen bestuurders gezegd: u heeft een zwaar beroep, dat brengt een hoog ziekteverzuim met zich mee, daar gaat iets aan gedaan worden. De roosters gaan verbeterd worden. En nu zegt u: vergeet het maar, accep\u00adteer een roosterverslechtering, u moet harder en efficie\u0308nter werken en u moet minder makkelijk ziek thuis blijven.<br \/>\nVan der Vlis:\u00a0<em>\u2018Of mensen dat accepteren hangt af van de vraag of ze willen begrijpen wat er finan\u00adcieel aan de hand is. Blijkbaar doen ze dat want ze he\u0301bben een roosterverslechtering geaccepteerd, een vrije zaterdag minder. Daartegenover heb ik geac\u00adcepteerd dat er op zaterdag dan maar we\u0301l minder openbaar vervoer is.\u2019<\/em><br \/>\nEn het ziekteverzuim, hoe wilt u dat aanpakken? Van der Vlis:\u00a0<em>\u2018Ik moet eerlijk zeggen, toen wij in de pers kwamen met nogal veel bombarie rond het ziekteverzuim, toen zei iedereen die ik tegenkwam, uit de regionen van de werkvloer dan, kaderleden van de vakbond vooral, dat moet ik erbij zeggen, die zeiden allemaal: meer controle, voor ons is het een zucht van verlichting. Wij willen gewoon leuk ons werk doen. Wij willen niet dat een groepje ons het werken tegenmaakt, zodat wij moeten opdraai\u00aden voor het feit dat zij thuis zitten.\u2019<\/em><br \/>\nWordt het ziekteverzuim dan veroorzaakt door een groep oplichters?<br \/>\n<em>\u2018Het is nu tijd om die kant o\u0301o\u0301k te benadrukken. Er wordt o\u0301o\u0301k misbruik gemaakt van de ziekteregeling. Er is ongetwijfeld een groep die de zaak verstiert. En daar b\u00e1\u00e1lt iedereen van.\u2019<\/em><br \/>\nNog niet zo heel lang geleden stuurde u een or\u00adganisatiebureau af op de bestuurders: ze moch\u00adten vertellen waarom en waarvan ze ziek wer\u00adden, want dan werd daar iets aan ged\u00e1\u00e1n.<br \/>\n<em>\u2018We\u00a0doen er ook iets aan. Dingen die belangrijk zijn voor het klimaat. Schaalverkleining, me\u0301e\u0301r lijnchefs&#8230;\u2019<\/em><br \/>\nEn me\u0301e\u0301r controle?<br \/>\n<em>\u2018Dat komt erbij.\u2019<\/em><br \/>\nOok nog niet zo he\u0301e\u0301l lang geleden vond, bij voorbeeld de politieke stroming die u vertegen\u00adwoordigt, dat controle niet meer nodig was. De trambestuurder kon best zelfstandig functione\u00adren. Een toekijkende chef was overbodig. En of hij al dan niet ziek was, dat kon de bestuurder ze\u0301lf wel uitmaken.<br \/>\n<em>\u2018Mijn gedachten op dat punt zijn verschoven, en ik moet toegeven, dat zit mij niet lekker. Van het feit dat ze niet gecontroleerd worden maken me\u0301e\u0301r men\u00adsen misbruik, dan wij indertijd hebben willen aannemen. En ik geef ook toe: voor ons is het lang een taboe geweest om er zo\u0301 tegenaan te kijken.\u2019<\/em><br \/>\nWij denken eerder: \u2018nu het geld op is, moeten de mensen weer achter de vodden worden geze\u00adten.\u2019<br \/>\n<em>\u2018Wij moeten de trambestuurders duidelijk maken\u00a0waar het ons om begonnen is. Het gaat erom dat hij niet ook, net als zijn buurman, werkloos thuis komt te zitten.\u2019<\/em><br \/>\nEen ander taboe: volgens de trambestuurders is zakkenrollen op de tram de specialiteit van een Surinaams terreurgroepje.<br \/>\n<em>\u2018Praat je inderdaad weer over zo\u2019n taboe. Onge\u00adtwijfeld zit er een vertekening in het beeld van de bestuurder, maar ik geloof best dat hij gelijk heeft.\u2019<\/em><br \/>\nZelf denkt hij: als ik dat hardop zeg verlies ik mijn baan.<br \/>\n<em>\u2018Het kwaad van discriminatie zit niet in het feit dat je iets constateert, maar in de stap daarna; dat je het geconstateerde feit van toepassing verklaart op een hele bevolkingsgroep. Het is een tamelijk ingewikkeld verhaal, ik denk dat een trambestuurder er zeer terecht vanuit gaat dat een groep buitenlanders op zijn zak rijdt. Als je dat zegt, heb je het dan over discriminatie of over de dingen bij hun naam noemen?\u2019<\/em><br \/>\nNu doet u precies wat de bestuurders zo irri\u00adteert. Ze willen klagen over een incidenteel\u00a0groepje Surinaamse zakkenrollers, en het ant\u00adwoord is een algemeen verhaal over discrimina\u00adtie, aan het eind waarvan de zakkenrollers waar het over begon vergeten zijn, maar nog steeds zakkenrollers.<br \/>\n<em>\u2018Goed, de bestuurder heeft gelijk: zakkenrollers in de tram zijn Surinamers. Wat kan je dan met zo \u2019n gegeven ten opzichte van je product openbaar ver\u00advoer? Moet je dan vervolgens alle Surinamers weigeren? Een keurige, nietsvermoedende, betalende Surinamer is een trampassagier, en die mag niet de dupe worden. Met dat gegeven kan het openbaar vervoer dus niets doen, daar moet de politiek zich mee bezighouden. En die moet beseffen dat de bestuurder het met dat gegeven best moeilijk kan hebben.\u2019<\/em><br \/>\nDan zijn we hier op de goede plaats. Wat doet de politiek met zo\u2019n gegeven?<br \/>\n<em>\u2018Zeven jaar geleden heb ik een lezing gehouden voor de Coornhertliga, en toen heb ik al gezegd: als heroi\u0308ne niet wordt vrijgegeven gaan we onbeheersbare ordeproblemen krijgen, die tot fascistisering leiden. In mijn optiek heeft het met het heroi\u0308neprobleem te maken. Daaruit vloeit die kleine criminaliteit voort, waar een steeds groter bestanddeel van de sa\u00admenleving mee maken krijgt.\u2019<\/em><br \/>\nEn die, omdat er niets aan ged\u00e1\u00e1n wordt, een steeds groter bestanddeel van de samenleving richting Centrumpartij drijft.<br \/>\n<em>\u2018Ja, en de overheid is tot nu toe niet in staat geble\u00adken om daar een adequaat antwoord op te geven.\u2019<\/em> Omdat de overheid niet reageert, kun je een reactie verwachten in de trant van, de politiek is slap gedoe, er moet orde op zaken gesteld wor\u00adden.<br \/>\n<em>\u2018Lang geleden zei de VVD\u2019er Jacobse in de raad al: de maatschappij zal een reactie afdwingen. Wij vonden dat toen indianenverhalen. Hij had gelijk: als wij geen antwoord geven, komt er een rechts antwoord. Het hoorde bij ons in de taboesfeer thuis, en eigenlijk is dat nog zo.\u2019<\/em><br \/>\nWat \u00eds uw antwoord, behalve dat de heroi\u0308ne gra\u00adtis moet?<br \/>\n<em>\u2018Ik zeg, vanuit e\u0301e\u0301n hoek in de samenleving komt die uitbreiding van de criminaliteit.\u2019<\/em><br \/>\nDe hoek van de Zeedijk?<br \/>\n<em>\u2018Ik denk altijd: heroi\u0308ne, misschien simplistisch, die verzieking leidt tot onbeheersbare processen. Dat is de spil van het hele gebeuren.\u2019<\/em><br \/>\nDenkt u dat het feit dat de overheid geen ant\u00adwoord heeft ertoe bijdraagt dat bestuurders eer\u00adder ziek thuis blijven?<br \/>\n<em>\u2018Ik weet het niet, het eerlijkste antwoord luidt, nee dat denk ik niet. Het heeft meer te maken met de vraag of je zinvol bezig bent in je werk, of je het ge\u00advoel hebt dat je een goed product levert. En dat heeft natuurlijk weer we\u0301l relatie met de vraag of er achter je rug een zakkenroller bezig is of de tram wordt gesloopt.\u2019<\/em><br \/>\nDus toch?<br \/>\n<em>\u2018Die maatschappelijke factoren, wat kan ik er mee? Als wethouder vervoer kan ik de criminaliteit niet oplossen.\u2019<\/em><\/p>\n<h5>Dertig ton staal<\/h5>\n<p>\u2018Ik ben nog net met de laatsten erbij gekomen, vijf jaar geleden. Ik had altijd al het idee, ik moet een vaste baan, niet zo een van het werk is op, sorry jongen. Ik kende er een die bij de tram was, liep bij mij het zweet over mijn rug, zag ik die snuiter zitten. Dus ik dacht, daar dan maar. Ik begon net in die rotperiode, natte herfst, strenge winter. Dus ik wist gelijk dat jij het wel kan willen, maar dat die tram het dan nog niet doet. En ik was gelijk het idee kwijt van benen over elkaar. Dit is werk, iets afmaken doe je niet. Je rijdt heen en weer en klaar ben je nooit. Iets maken of een oplossing bedenken, zoals een timmerman, iets waar je \u2019s nachts wakker van kan liggen, dat is er niet bij. Ik lig wel wakker \u2019s nachts, maar dan van de spanning.\u2019<br \/>\n<em>Wat deed u voor werk?<\/em><br \/>\n\u2018Ik w\u00e1s timmerman.\u2019<br \/>\n<em>Ging u me\u0301e\u0301r verdienen bij de tram?<\/em><br \/>\n\u2018Minder juist. De burgermaatschappij is nou eenmaal zo. Je verdient een hoop zwart. Ik had vijfhonderd schoon in de week, maar je staat voor het minimum op de lijst. Dus word je ziek of krijg je een ongeluk, of word je ontslagen, dan krijg je het minimum als uitkering. Daarom ben ik veranderd. En nu is er geen weg terug meer. Kijk je mij in mijn hart, kijk je iedereen in zijn hart, de meesten zouden graag terug willen.\u2019<br \/>\n<em>Waarom?<\/em><br \/>\n\u2018Omdat je er niet gezond bij blijft. Toen ik pas in dat huisje kwam, als je dan hoorde hoe ze praatten over het bedrijf, over de passagiers, niks deugde ervan. Ik dacht, het rijdt toch. Alles is geregeld. Elke maand poen. Bij mijn vorige baas moest ik knokken voor elke stuiver. Nu werk ik er vijf jaar, en nu hoor ik wat ik ze\u0301lf zeg. Gadverdamme, ik ben o\u0301o\u0301k zo geworden.\u2019<br \/>\n<em>Hoe dan?<\/em><br \/>\n\u2018Negatief en op van de spanning. Die bouw je op tot een punt, en dan kan je twee dingen doen. Je kan denken, ik stap af, bekijk het maar, ik blijf thuis, weer een zieke erbij die niet ziek is. En je kan het afreageren, thuis of op de tram.\u2019<br \/>\n<em>Wat doet u als u het afreageert op de tram?<\/em><br \/>\n\u2018Een normale bestuurder rijdt van nature defen\u00adsief. Je weet hoe laag je remvermogen is en je kan geen kant op. Wil je afreageren, dan ben je niet normaal, en dan word je agressief. Weer die\u00a0auto\u2019s op jouw baan. Dus dan rem je nog wel, maar niet zo gauw. Een keer gaat het goed, de tweede keer ook nog, de derde keer rem je echt te laat. Jammer, auto een deuk, mij kost het geen cent. In het verkeer is de tram nooit fout, mijn verhaaltje is klaar. He\u0300 he\u0300, dat lucht op.\u2019<br \/>\n<em>Had u die dag beter thuis kunnen blijven.<\/em><br \/>\n\u2018Om d\u00e1\u00e1r voor het minste of geringste op te vlie\u00adgen?\u2019<br \/>\n<em>Misschien toch beter dan expres niet remmen.<\/em><br \/>\n\u2018Zo bewust gaat het niet. Je remt wel. Maar je remt te laat. En dat weet je. Je had op tijd kun\u00adnen remmen. Had hij maar niet op mijn baan moeten komen. Ik bedoel niet dat je \u2019m er be\u00adwust vol ingooit. Van die kleine aanrijdinkies. Achteraf heb je spijt. Op 16 verkoop je je \u2019s zo\u00admers suf aan kaarten. Dus wat krijg je? Vertra\u00adging. Je gaat rijden. Je komt bij een zebrapad. Het licht springt op wit, dat is groen voor ons. Zo\u2019n twintig mensen steken nog over. Het is im\u00adbeciel, maar je douwt zo\u0301 die knuppel naar voren. Lopen ze door, ben ik te laat met remmen. Het gaat goed, er gebeurt niks. En toch denk je, wat doe ik? En daarna denk je, wat kan mij het schelen. Dat stomme zootje. Voor hetzelfde geld rij ik er een plat.\u2019<br \/>\n<em>Wat doet u als u dat denkt?<\/em><br \/>\n\u2018Ga ik no\u0301g langzamer rijden. Krijg ik van mijn collega\u2019s een zetje.\u2019<br \/>\n<em>Een gevaar op de weg.<\/em><br \/>\n\u2018Ja, want je bent overspannen. Maar zelfs als ik we\u0301e\u0301t dat ik het ben, zeg ik nog, flauwekul, stel je niet aan. Net als met vermoeidheid. Je we\u0301e\u0301t dat je eigenlijk niet meer kan. Gebroken dienst ge\u00adhad, \u2019s morgens de spits, overdag de drukte, \u2019s avonds de spits, dat komt voor, maak je zestig uur in vijf dagen. Je ogen worden moe, je wordt slaperig. Raampje open, krijgt opa het koud, raampje weer dicht. In feite ben je rijp voor Meerenberg. Ondertussen rij je met dertig ton door de stad. Rijden is het probleem niet. Rem\u00admen is moeilijk. Je remt, mooi mis, gebeurt niks, hij gaat gewoon do\u0301o\u0301r. Zit je te wachten op de klap. Moeten ze dan je hartslag meten.\u2019<br \/>\n<em>En de onze, als we daar in de buurt zijn.<\/em><br \/>\n\u2018Het is allemaal zo waanzinnig. Dertig ton staal! Door de stad! Gaan automobilisten je pesten. Tien meter vo\u0301o\u0301r je effe op de rem trappen. Om\u00addat ik hem aanbel. Hij weet niet eens waarom ik bel, want er is nooit iemand die hem op het ge\u00advaar van de tram attent maakt. Die imbeciel, ik bel omdat de baan gl\u00e1d is. En omdat ik, als ik veertig rij, ook met mijn blokken niet zo\u0301 veel meer uithaal.\u2019<br \/>\n<em>Wat doet u na een aanrijding?<\/em><br \/>\n\u2018Als het aan het publiek ligt: niks. \u201cGaat het nog lang duren?\u201d Al ligt er iemand onder, vragen ze nog of het lang gaat duren. Maar voor me zelf, een aanrijding met personen, dat is schudden in je voegen. Ik zie hem nog. Hij had een lammycoat aan. Hij komt achter een andere tram langs, stuitert zo een meter of tien weg. En hij stond o\u0301p. Zo\u0301\u2019n kop had ie, maar hij stond op. Ik wil een ziekenwagen bellen, ik draai me om en hij is weg. Het was een buitenlander, ik denk dat hij illegaal was. Zal wel om de hoek in mekaar ge\u00adzakt zijn. Wat moet ik dan doen? Geen mens in de tram die boe of ba zegt. Ik rijd dus do\u0301o\u0301r. \u2019s Nachts word ik wild van het zweet wakker.\u2019<\/p>\n<h5>Branieschoppers en Brallers<\/h5>\n<p>Vorig najaar heeft de Amsterdamse tram\u00a0gestaakt. De regering wilde de ambtenarensala\u00adrissen met driee\u0308nhalf procent korten, het werd afgemaakt op drie procent en toen was de sta\u00adking voorbij. <em>Jaap van der Scheur<\/em> van de <em>Abva\/Kabo<\/em> vond het een overwinning. De bestuurders van lijn 16 wisten daarna zeker dat hij gek was.<br \/>\nEen staking bij de tram gaat zo: \u2019s avonds of \u2019s nachts is er een vergadering van de bond, die het voorstel om te staken in stemming brengt. Wie daar niet bij is, stemt uiteraard niet mee. Wordt het voorstel aangenomen, dan plaatst het vakbondskader, in alle vroegte, enige voertuigen op het uitrijspoor van de remise. Geen tram kan naar buiten en de staking is een feit.<br \/>\nDaarna komen de bestuurders. Zijn ze lid van de bond, dan hebben ze twee mogelijkheden. Ze kunnen in de remise linksaf gaan en voor werk\u00adwillige tekenen. Dan krijgen ze gewoon uitbe\u00adtaald. Ze kunnen ook rechtsaf gaan en voor sta\u00adker tekenen. Dan krijgen ze van de bond een vergoeding ad \u019275,- per dag.<br \/>\nVan de bestuurders van lijn 16 was een enkeling aanwezig bij de stemming. De meerderheid heeft voor werkwillige getekend.<\/p>\n<blockquote><p>Als het aan he\u0301n gelegen had, hadden ze tot de dag van vandaag langzaam aan gereden, geen kaarten verkocht, stiptheid betracht, god mag weten wat, maar in ieder geval do\u0301o\u0301rgevochten.<\/p><\/blockquote>\n<p>Die voor staker getekend hebben zijn het bit\u00adterst. <em>\u2018De bond heeft ons verraden\u2019<\/em>, zegt de een,\u00a0<em>\u2018de bond heeft ons laten zakken\u2019<\/em>, de ander. Een derde heeft zijn lidmaatschap opgezegd, en een vierde\u00a0<em>\u2018vergeet dat altijd te doen\u2019<\/em>. Een vijfde zegt niet dat hij lid is, maar dat hij <em>nog<\/em> lid is, en een zes\u00adde, dit keer een lid van de christelijke vakbond, <em>\u2018gooit dat boekje, kijk, hup, in de prullenmand.\u2019<\/em> Die voor werkwillige getekend hebben, hebben dat niet gedaan omdat ze het met de acties van toen niet e\u0301e\u0301ns waren. Dat waren ze bijna alle\u00admaal we\u0301l, en hoe. Ze verwijten de bond niet dat die actie gevoerd heeft. Ze verwijten de bond dat die zo\u2019n waardeloze rotactie gevoerd heeft. Passagiers gedupeerd, Den Haag niet geraakt en het vervoerbedrijf uit de rode cijfers geholpen.<br \/>\nAls het aan he\u0301n gelegen had, hadden ze tot de dag van vandaag langzaam aan gereden, geen kaarten verkocht, stiptheid betracht, god mag weten wat, maar in ieder geval do\u0301o\u0301rgevochten zonder de passagiers de stuipen op het lijf te ja\u00adgen. Maar dat mocht niet van de bond, want dan kregen ze moeilijkheden met de rechter. Me\u00adnigeen vroeg zich af of het strijdmiddel tegen\u00adwoordig vanwege de rechter werd vastgesteld, in plaats van door de stakers ze\u0301lf.<br \/>\nDe slotsom is dat ook het meest fervente bondslid moeite heeft om een term te vinden, voldoende krachtig om zijn afkeer van de bond uit te drukken. In dit verband noteerden we, achtereenvolgens: \u2018Verraders. Slappelingen. Vrijgestelde profiteurs. Zie je nooit. Maken dat je aan de Centrumpartij gaat denken. Branie\u00adschoppers. Net de Wehkamp. Allang opgezegd. Kost alleen maar geld. Geen interesse. Handje\u00adklap. Brallers. We moeten eigenlijk een bond oprichten tegen de bond. Zakkenwassers. Lou\u00adter intimidatie.\u2019 De e\u0301rge scheldwoorden hebben\u00a0we uit deze opsomming weggelaten.<br \/>\nBinnen het vervoerbedrijf zijn de woorden vak\u00adbond en medezeggenschapscommissie vrijwel identiek. Zowel in de sectorale medezeggen\u00adschapscommissie (van de afdeling vervoer) als in de centrale medezeggenschapscommissie (van het he\u0301le bedrijf) neemt de Abva\/Kabo-fractie een meerderheidspositie in.<br \/>\nVan sommige personeelsvertegenwoordigers, sinds jaar en dag voor hun vakbonds- annex me- dezeggenschapswerk vrijgesteld, valt het moei\u00adlijk meer uit te maken of ze nu wagenbestuurder dan wel bedrijfsbestuurder zijn: door het mid\u00addenkader worden ze \u2018schaduw-directie\u2019 ge\u00adnoemd. In de remise komen ze zelden, op de tram vrijwel no\u0301o\u0301it. Misschien is dat maar goed ook. Want als de trambestuurders zouden weten wat hun vertegenwoordigers, bij gelegenheid, na\u00admens hen voorstaan, dan zouden ze, naar mag worden aangenomen, bij zulke gelegenheid in nog hele andere bewoordingen worden toe\u00adgesproken dan branieschoppers en brallers.<\/p>\n<h5>Een andere baas<\/h5>\n<p>\u2018Voor het station,<em>\u2019<\/em> zegt de een, \u2018is een informatiehuisje. Als je niet weet waar je heen wil, zeg\u00adgen ze daar: dan moet u met lijn 16. Die komt overal langs.\u2019<br \/>\n\u2018De leukste lijn dus,\u2019 zegt de ander. \u2018Links van u ziet u het Nationaal Monument, rechts het Ko\u00adninklijk Paleis, als u na de volgende brug voor u uitkijkt ziet u het Rijksmuseum.\u2019<br \/>\n\u2018Amerikanen zijn vaak heel rustig.\u2019<br \/>\n\u2018Als je niks zegt, zitten ze op het eindpunt no\u0301g in de tram.\u2019<br \/>\n\u2018Rij je ze gewoon weer terug, Rijksmuseum, hier uitstappen.\u2019<\/p>\n<p>Ze zijn allebei van origine Amsterdammer, van\u00adwege herhuisvesting en hun salarisstrookje naar de vrije sector en dus naar een woning buiten Amsterdam verwezen.<br \/>\n\u2018Dit huis in Amsterdam? Morgen nog terug. Vanavond nog.\u2019<br \/>\n\u2018Liet ik mijn spullen achter.\u2019<br \/>\nIn de buurt waar ze vroeger woonden zaten de schoolverlaters \u2019s nachts op een trommel te slaan, dus wilde je om vijf uur fris op, dan moest je iets anders gaan zoeken.<\/p>\n<p>Ze zijn elkaars buurman en elkaars ploegmaat. Ze hebben bijna dezelfde diensten. Kunnen ze samen op en neer rijden.<br \/>\n\u2018Op papier dan.\u2019<br \/>\n\u2018Soms ben ik om twee uur klaar en hij om vijf uur.\u2019<br \/>\n\u2018Dat komt, het roosterbureau heeft het he\u0301e\u0301l druk.\u2019<br \/>\n\u2018Die moeten het rooster aan de wethouder voor\u00adleggen en aan Den Haag en aan de Vakbond en aan de Arbeidsinspectie. En dan vragen ze aan ons, heb je het goed gehoord? Die vinden het al\u00adlemaal goed, we kunnen er niets meer aan veran\u00adderen, wat vinden jullie ervan?\u2019<\/p>\n<p>\u2018Ik ben bij de tram gekomen om het salaris,\u2019 zegt de een.<br \/>\n\u2018En ik om de grap.\u2019<br \/>\nDe een kon zevenhonderd gulden me\u0301e\u0301r verdie\u00adnen dan in de garage, de ander \u2018stond in de ho\u00adreca, geintje met de andere obers, ik wou inte\u00adressant doen, formulier ingevuld voor de tram, en nu zit ik er ook nog.\u2019<br \/>\n\u2018Met dit salaris en een andere baas was ik gauw weg.\u2019<br \/>\n\u2018De meesten denk ik. Ik ook.\u2019<br \/>\nWij vragen: \u2018Waarom?\u2019<\/p>\n<p>\u2018Eigenlijk is het leuk werk.\u2019<br \/>\n\u2018Elke rit is anders en vervelen doe je je niet.\u2019 \u2018Die ABN-ritten zijn een stelletje chagrijnen.\u2019 \u2018Behalve op vrijdagmiddag. Ze kunnen lachen. Nou ja, glimlachen.\u2019<br \/>\n\u2018Er lopen zoveel mooie vrouwen door de stad.\u2019<br \/>\n\u2018En je krijgt je vaste gekken mee.\u2019<br \/>\n\u2018Frans, altijd dronken. Moet er op het Valeriusplein uit, dus ik let effe op. Vergeet-ie het, loop ik naar achteren. Frans wakker worden, uitstappen.\u2019<br \/>\n\u2018Sinds het station dicht is, rijen ze met ons mee. Soort landlopers. Vooral in de winter, lekker warm.\u2019<br \/>\n\u2018Ze zitten tot en met de laatste rit. Haal ik ze er\u00ad uit, zet ik ze op de nachtbus, slapen ze daar ver\u00adder.\u2019<br \/>\nDe twee bestuurders zijn het met elkaar eens: er zijn geen trams in Amsterdam die deugen, be\u00adhalve die van 16.<br \/>\n\u2018Neem nou 6. Zit nooit iemand in.\u2019<br \/>\n\u2018Heb je ook nooit gewonden.\u2019<br \/>\n\u2018Of 24. Daar zijn ze vrij schrijverig. Twee mi\u00adnuten te laat, noteren ze je nummer.\u2019<br \/>\n\u2018Vraag ik: wil u een envelop en een postzegel? Maakt het er niet beter op.\u2019<br \/>\n\u2018Wij en 24 rijden bijna dezelfde route. De arme mensen gaan met ons mee.\u2019<br \/>\n\u2018Natuurlijk. Die weten dat wij e\u0301e\u0301n zone minder stempelen.\u2019<\/p>\n<p>Dus daarom willen jullie naar een andere baas, zeggen wij. \u2018Ja. Nee serieus. Het komt door de dingen eromheen. Als het bedrijf en de politie maar wilden meewerken.\u2019<br \/>\n\u2018Vergeet de vakbond niet!\u2019<br \/>\n\u2018Die ben ik al vergeten, want die heb ik opge\u00adzegd.\u2019<br \/>\n\u2018Ik ben nog wel lid. Voor mij had die staking ook niet gehoeven.\u2019<br \/>\n\u2018Ik meld me aan de poort in mijn uniform om te rijden. Is het hek dicht, staat er een kraanwagen voor en is de stroom eraf. Lees ik later in de krant dat ik gestaakt heb.\u2019<br \/>\n\u2018Voor mij had het niet op die manier gehoeven.\u2019 \u2018De bond is er toch voor ons en niet om een re\u00adgering af te zetten? Ze zeggen wel, we zitten daar voor jullie, maar ze zitten er vooral voor hun eigen plezier.\u2019<br \/>\n\u2018Het is waar dat een klein groepje kaderleden de zaak heeft doorgedrukt.\u2019<br \/>\n\u2018Het leuke is, de jongens die gestaakt hebben, die hebben minder uitbetaald gekregen. Maar de kaderleden die de staking geleid hebben, die zijn vrijgesteld. Die zijn gewoon do\u0301o\u0301rbetaald.\u2019 Wij zeggen: \u2018jullie willen geen andere baas. Jul\u00adlie willen een andere vakbond.\u2019<br \/>\n\u2018Met het bedrijf is het precies hetzelfde. Ze doen met ons, zonder ons, tegen onze zin en ze zeggen dat het in ons belang is.\u2019<br \/>\n\u2018Hun interesseert maar e\u0301e\u0301n ding: dat de tram rijdt.\u2019<br \/>\n\u2018Interesseert mij ook.\u2019<br \/>\n\u2018Neem bij voorbeeld die nieuwe tram. Grandio\u00adze wagen. Alleen, de deuren gaan niet dicht. Nog een passagier, weer vijf minuten deuren open.\u2019<br \/>\n\u2018Die is goed voor een dorp.\u2019<br \/>\n\u2018Waait er een papiertje binnen, gaat ie heen en weer.\u2019<br \/>\n\u2018\u2019s Winters sta je met een haarfo\u0308hn die dingen warm te maken, want dan gaan ze weer niet open.\u2019<br \/>\n\u2018Of neem de vrije trambaan.\u2019<br \/>\n\u2018Waar die nodig is, is ie niet. En waar hij is, is hij niet nodig. In de Vijzelstraat zou het moeten. Op de Slotermeerlaan is het w\u00e1\u00e1nzin, daar kom je toch wel vooruit.\u2019<br \/>\n\u2018Als je vraag waarom, zeggen ze, daar past het in de infrastructuur van de buurt.\u2019<br \/>\n\u2018In het centrum is het ideaal. Op het Damrak? Buitenlanders denken dat het een voetpad is. Vandaar af kan je de geveltje zo mooi fotografe\u00ad ren.\u2019<br \/>\n\u2018Alleen die gele dingen op de Overtoom. Die zijn goedkoop en die werken prima.\u2019<br \/>\n\u2018Als je daaroverheen gaat, ben je tenminste je uitlaat kwijt.\u2019<br \/>\n\u2018In de Albert Cuyp zou het wel van pas komen.\u2019<br \/>\n\u2018Bij die eethuisjes staat er soms een file op de baan geparkeerd. Jij geeft het door aan de cen\u00adtrale en zij zetten het antwoordapparaat aan.\u2019<br \/>\n\u2018Heb je geluk, is er binnen een kwartier een lijn\u00ad chef. Komt-ie met ons me\u0301e\u0301kijken.\u2019<br \/>\n\u2018De politie heeft net etenstijd, dus die rijen do\u0301o\u0301r.\u2019<br \/>\n\u2018Eindelijk komt moeder terug. Is effe op de markt vis wezen halen voor de kat. \u201cGut, kon u er niet do\u0301o\u0301r?\u201d\u2019<\/p>\n<p>Ze zeggen dat ze medezeggenschap hebben \u2014 een keer in het halfjaar. \u2018Voor de rest word je als kleuters behandeld.\u2019<br \/>\n\u2018Technisch kan er volgens hun niks mis zijn, dus de bestuurder heeft altijd schuld. Moet je ontsporen. Als een crimineel word je behan\u00addeld. Chef erbij, o, ik zie het al, rijverbod.\u2019<br \/>\n\u2018We hebben nog wel eens een remweigering,\u00a0maar dat kan volgens hun niet. Dus nu spreken wij maar van het verrassingseffect. Je remt en hup, de halte is weg. Als bestuurder krijg je dan een beoordelingsfout.\u2019<br \/>\n\u2018Ik vind een portemonnaie met een ring erin en papieren. Ik geef die af. Schrijft die vent een brief: waar is mijn geld? Tweehonderd gulden. Moet ik bij de chef komen! Ik ontken. Wat houdt hij over? Dat ik het gedaan heb.\u2019<br \/>\n\u2018We mogen ons e\u0301e\u0301n keer verslapen. De tweede keer moet je nablijven. De derde keer moet je voor een commissie. Het overkomt mij. Ik rij een avonddienst. Komen ze me met twee man in een wagentje van de tram halen.\u2019<br \/>\n\u2018Ze bouwen een tram, is-ie klaar, denken ze: he\u0301, iets vergeten. O ja, moet ook nog een bestuurder in.\u2019<br \/>\n\u2018Die nieuwe met die schuine ruit. Leuk gezicht, echt waar. Beweeg ik me, zit ik met mijn knie te\u00adgen de noodknop.\u2019<br \/>\n\u2019Ee\u0301n verkeerde beweging en je stort in het trap\u00adgat.\u2019<br \/>\n\u2018Verlof kan ik niet krijgen. Mensen tekort. Hoor ik later dat er twintig van de reserve bedrijfsnieuwsen hebben zitten invouwen.\u2019<br \/>\n\u2018De wissels zijn nu automatisch. Prima. Die bij het Haarlemmermeerstation is drie maanden stuk geweest. Er moest een onderdeel uit Duits\u00adland komen.\u2019<br \/>\n\u2018Tinie, een bestuurster, moest daar wachten op een mannelijke collega. Ze kreeg dat ding niet om. Voor ons was het ook krachtsport.\u2019<br \/>\n\u2018Ik ben niet voor zwartrijden. Maar die tarieven vind ik e\u0301cht jatten. Op en neer met je gezin naar Artis vanaf het station: zestien gulden.\u2019<br \/>\n\u2018Die stoel van ons. Elke keer dat je hem verstelt heb je een vinger minder.\u2019<br \/>\n\u2018Tram kost twee miljoen. Bestuurdersstoel vier\u00adhonderd gulden.\u2019<br \/>\n\u2018Hoeveel halen er hun pensioen? Ee\u0301n procent geloof ik.\u2019<br \/>\n\u2018De rest ligt in het ziekenhuis of zit in de WAO. Als ze tenminste niet aan een hartaanval zijn overleden.\u2019<br \/>\n\u2018Ik ben een vrijwilliger voor de Vut. Als ze hem verlagen tot vijftig haal ik hem misschien.\u2019<br \/>\n\u2018Laten we zeggen: vijfenveertig.\u2019<\/p>\n<p>Is er een andere baas?, vragen wij. \u2018Nee. Maar als jullie willen, zet dan namens ons een adver\u00adtentie.\u2019<\/p>\n<h5>Betaald verlof<\/h5>\n<p>Over e\u0301e\u0301n ding zijn alle bestuurders het eens: de pest van de gebroken diensten. Je werkt van ze\u00adven tot elf. Daarna tot twee uur vrij. En je werkt weer van twee tot vijf. De drie tussenliggende uren hebben weinig nut, zeker niet als je in Purmerend of Hoorn woont.<br \/>\nKan dat niet anders?<br \/>\nZonder probleem, antwoordt de directie en ant\u00adwoordt de roosterindeling. Maar het mag niet. Van wie niet?<br \/>\nVan de vakbond.<\/p>\n<p>Er zijn nu bestuurders wier verlof zo\u0301 vaak is geweigerd dat ze met een enorme hoeveelheid (tot veertig aan toe!) verlofdagen zitten. Aan het eind van het jaar vervalt een aantal niet genoten verlofdagen. Die mensen moeten dus als een gek verlof gaan opnemen, waardoor ze de kans lo\u00adpen dat het we\u0301e\u0301r geweigerd wordt.<br \/>\nKunnen die verlofdagen niet uitbetaald wor\u00adden?<br \/>\nWel een probleem, antwoordt de directie, maar overkomelijk. Het mag eigenlijk niet, maar we weten er wel een weg voor. Alle\u0301e\u0301n, we krijgen er geen medewerking voor, het is ons verboden.<br \/>\nDoor wie?<br \/>\nDoor de medezeggenschapscommissie.<\/p>\n<p>De vakbonden hebben het moeilijk, binnen een bedrijf als het GVB. Over het loon valt nauwe\u00adlijks te onderhandelen: dat wordt centraal in Den Haag vastgesteld. In de marge valt er nog wel iets te bevechten: een toeslagje hier en een toeslagje daar voor speciale ongerieven, verbon\u00adden aan het rooster. Een van die toeslagen is de gebroken-dienst-toeslag: op e\u0301e\u0301n cent na vijftig gul\u00adden per man per maand. De vakbond heeft dus gee\u0308ist dat er zoveel procent gebroken diensten in het rooster worden opgenomen, want anders vervalt die toeslag.<br \/>\nIn de medezeggenschapscommissie is de Abva\/Kabo-fractie de meerderheidspartij. De Abva\/Kabo heeft na harde onderhandelingen in Den Haag bereikt dat bestuurders een aantal verlofdagen e\u0301xtra gekregen hebben, in ruil voor minder loon, en in de hoop op me\u0301e\u0301r arbeids\u00adplaatsen.<\/p>\n<p>En dus draaien bestuurders ziekmakende gebro\u00adken diensten en krijgen ze aan het einde van het jaar geen maand extra loon uitgekeerd.<\/p>\n<p>Maar als het zo makkelijk is om de gebroken diensten uit het rooster te halen, dan kunt u, zeggen wij tegen de directie, de bestuurders toch ook zelf de keuze laten: we\u0301l gebroken diensten, en dus vijftig gulden toeslag, of geen gebroken diensten en dan vijftig gulden minder loon.<br \/>\nPrecies wat wij willen, antwoordt de directie. Maar de vakbond en de medezeggenschapscom\u00admissie hebben gezegd: dat is individualisering van de arbeidsvoorwaarden en als jullie daar nog e\u0301e\u0301n keer over beginnen, gooien wij de boel plat.<\/p>\n<p>We leggen dezelfde kwesties voor aan B. Vrins, kaderlid namens de Abva\/Kabo en voorzitter van de medezeggenschapscommissie vervoer.<br \/>\n<em>\u2018Gebroken diensten weg?\u2019<\/em> zegt hij.\u00a0<em>\u2018Graag zelfs. Voor het bedrijf, voor hel personeel, voor iedereen veel beter. Maar het kan niet, want het kost geld. Moet ik dan naar de mensen toegaan en zeggen: kijk eens, prachtig rooster, geld inleveren, en nu gaan we beter en gezonder leven? Onze mensen kunnen zich dat niet permitteren, die zitten finan\u00adcieel al tot hun strot.\u2019<\/em><br \/>\nU kunt ze, vragen wij, toch zelf die keuze laten?<br \/>\n<em>\u2018En dan mensen met een veertigurige werkweek de dupe laten worden? Die lopen dan gevaar. Het bedrijf wil gr\u00e1\u00e1g deeltijdbanen, liefst zo veel mogelijk, want dan hoeven ze minder toeslagen te betalen. Wij hebben gezegd: het mag niet meer zijn dan een x-percentage. De avonddiensten van de veertigurigen mogen geen gevaar lopen. Voor die mensen ko\u00admen wij op.\u2019<\/em><br \/>\nEn waarom mag het verlof niet worden uitbe\u00adtaald?<br \/>\n<em>\u2018Wij hebben als vakbond de prijscompensatie inge\u00adleverd voor me\u0301e\u0301r arbeidsplaatsen. Daar hebben we extra verlofdagen voor gekregen. Die blijken niet gegeven te kunnen worden wanneer de mensen dat willen. Dan zeg ik, waar ben ik als vakbond nou mee bezig als we dat gaan uitbetalen? Dat is dan toch gewoon, de prijscompensatie we\u0301l uitbetalen, en het verlof teruggeven?\u2019<\/em><br \/>\nDat is toch niet de zorg van de bestuurders die u in de medezeggenschapscommissie vertegen\u00adwoordigt?<br \/>\n<em>\u2018Ik ben niet van plan om als voorzitter van de me\u00addezeggenschapscommissie zaken te bepleiten, die te\u00adgen het beleid indruisen van de bondsraad van de Abva\/Kabo.\u2019<\/em><br \/>\nIn de medezeggenschapscommissie heeft uw Abva\/Kabo-fractie de absolute meerderheid. Zijn al uw fractieleden gebonden aan het vakbondsbeleid?<br \/>\n<em>\u2018In principe wel. Bij schriftelijke stemmingen kan ik het niet nagaan.\u2019<\/em><br \/>\nDus als de medezeggenschapscommissie voor de keuze gesteld wordt tussen iets dat voordelig is voor de bestuurders die u vertegenwoordigt en iets dat in het algemeen door de Abva\/Kabo wordt voorgestaan, dan kiest u voor het laatste?<br \/>\n<em>\u2018Ik heb me te houden aan het standpunt van de\u00a0Abva\/Kabo. Als ik in de moeilijkheden kom, bij voorbeeld met de kwestie van het uitbetalen van dat verlof, dan bel ik Ad Regeer op van het bonds- bestuur. In dit geval zei hij: \u2018Maak je niet druk het college van B. en W. doet dat niet, dat ge\u0301e\u0301ft nooit toestemming.\u2019<\/em><\/p>\n<p>Binnen die cirkel voltrekt zich dus de belangen\u00adbehartiging van de Amsterdamse trambestuur\u00adder. Ook als hij, persoonlijk, wel van die gehate tussendienst af zou willen a raison van vijftig gulden minder loon, en ook als hij, persoonlijk, zijn opgespaarde verlof wel zou willen omzetten in klinkende munt, bij voorbeeld omdat hij fi\u00adnancieel tot aan zijn strot zit, dan mag zijn di\u00adrecteur zeggen, vooruit maar jongen, akkoord, en dan gebeurt het to\u0301ch niet. Want dan belt zijn vertegenwoordiger Vrins de Abva\/Kabo op en dan belt bondsbestuurder Regeer een geestver\u00adwante wethouder op, ze zijn het erover eens dat de bondsraad van de Abva\/Kabo iets anders voorstaat, en het is van de baan.<\/p>\n<p>Natuurlijk ligt de kracht van een vakbond in centrale onderhandelingen over een uniform loonbeleid.<br \/>\nEn even natuurlijk is het, wanneer een individu\u00adele trambestuurder zich daar niet bij thuis voelt.<\/p>\n<blockquote><p>Je moest de regels gebruiken, daar ging het om. Je moest je niet kwaad maken. Je moest de regels toepassen.<\/p><\/blockquote>\n<h5>Het gebruik van de regel<\/h5>\n<p>Hij droomde ervan om bij dit bedrijf zijn pen\u00adsioen te halen, en zijn vrouw droomde ervan om daarna eindelijk weer terug naar Friesland te gaan. Zelf was hij van Amsterdam gaan houden, nogal wat voor een ex-melkboer uit Friesland. De kwestie was, je moest ervan uitgaan, zo\u2019n be\u00addrijf is achterlijk. Dus je won het altijd, onoffi\u00adcieel als het moest, meestal hoefde dat niet en dan won je het ook officieel. Als die jonge bestuurders dat nou maar eens van hem aan wil\u00adden nemen. Dan hoefden ze niet vo\u0301o\u0301r de tijd een hartaanval te krijgen, en dan hadden ze kans\u00a0om, net als hij, hun pensioen we\u0301l te halen. Je moest de regels gebruiken, daar ging het om. Je moest je niet kwaad maken. Je moest de regels toepassen.<br \/>\nBij voorbeeld, er komt een kennisgeving: bij het verlaten van de tram moeten de deuren door de bestuurder van de binnenkant worden gesloten. Dan moest je niet denken, wat nou weer? Hij had de centraalpost opgebeld en gezegd: ik kan er niet uit. Was er een chef komen kijken, wat is er aan de hand? Had hij gezegd: \u2018Ik heb volgens kennisgeving de deuren aan de binnenkant gesloten.\u2019<br \/>\nOf je had dienst op de wachtwagen, stond je bij het station te wachten of ze je opriepen, dat je ergens in moest vallen. Was er een kennisge\u00adving: tijdens het wachten mag de sleutel niet meer op stand e\u0301e\u0301n. Was er ooit een achteruit gegleden. Hij had dus de sleutel op stand nul ge\u00adzet, en hij was boekjes gaan lezen. Collega\u2019s wa\u00adren langs hem gereden en hadden geprobeerd zijn aandacht te trekken. Chefs waren er uitein\u00addelijk bijgekomen. Godverdomme, wat doe je, waarom heb je je mobilofoon niet aan? Had hij gezegd: voorschrift: Sleutel op nul, kennisge\u00adving van gekomen. Hadden ze er niet aan ge\u00addacht dat op stand nul ook de mobilofoon is uit\u00adgeschakeld.<br \/>\nWeer een nieuwe kennisgeving: bestuurders mogen niets in de wagen achterlaten. Had hij al\u00adles wat los zat in de tram meegenomen het huis\u00ad je in, tot en met de routeborden aan toe. Had hij een schep gehad, had hij het remzand ook nog in zakken geschept.<br \/>\nKijk, als je zo\u0301 met dat bedrijf omging, dan redde je het wel. Er waren er niet veel die het deden. Een van lijn 6 was er, die deed het ook. Kwam er een kennisgeving dat de centraalpost gei\u0308nfor\u00admeerd wenste te worden. Had die vent de hele dag rondgereden: \u2018Aan de cen-tra-le meld-post. Dan heb ik een be-lang-rij-ke me-de-de-ling voor u. Ter hoog-te van het pand num-mer twee-hon-derd-twin-tig aan het Ro-kin ligt een put-dek-sel scheef.\u2019<br \/>\nOfficieel schrijven van B.&amp;W.: de wissels zijn geautomatiseerd, de bestuurder hoeft niet meer op de wissel te letten, maar hij moet naar de lichten kijken. Kon je lang wachten of kort, ooit kwam het moment dat de wissel verkeerd lag en de lichtjes goed stonden. Was hij natuurlijk doorgereden, had hij de meldpost gebeld: \u2018Ik sta in de Paleisstraat.\u2019 Hoe kan dat? \u2018Wissel ver\u00adkeerd.\u2019 Kan je dat godverdomme niet zien? \u2018Nee, want ik let op de lichtjes.\u2019<br \/>\nReed je zoals hij, dan kreeg je er lol aan. En dan hoefde je van je medeweggebruikers ook geen last te hebben. Kwestie van niet bellen, als bestuurder moet je no\u0301o\u0301it bellen. Je moest er ge\u00adwoon met een rotvaart op afrijden, moest je eens zien hoe snel ze weg waren. En van je passagiers ook niet. Nou mocht je niet meer waarschuwen tegen zakkenrollers. Riep hij dus door de micro\u00adfoon: \u2018Dames en heren, wilt u uw tassen alstu\u00adblieft open houden, want zakkenrollers moeten ook leven.\u2019<br \/>\nWelnee, daar moest je je niet druk om maken. Als ze nou zo stom waren, dat ze met vijfhon\u00adderd gulden bloot in de zak van het grenswissel\u00adkantoor in de tram stapten? Dan vroegen ze er toch om? Hij had het allemaal goed bekeken. Eentje hield er de wacht bij het grenswisselkan\u00adtoor, die keek wie er geld opnam, liefst ve\u0301e\u0301l. Die\u00a0gaf dan een seintje aan de halte, die gozer daar lette op als hij zijn kaartje pakte, wist ie meteen waar zijn portemonnaie zat. Nou, dan rolden ze hem gelijk, of pas in de tram, en h\u00fap die portemonnaie naar buiten. Reed er een maatje achter de tram aan op zijn fiets. Makkelijk zat, gauw verdiend, de wereld is slecht en mensen verdie\u00adnen niet beter zo nai\u0308ef als die waren. Nee hoor, als ze hem morgen zouden ontslaan, hahaha, overmorgen was hij zakkenroller.<\/p>\n<h5>De macht van de socialen<\/h5>\n<p>Het was ontzettend makkelijk om ze aan te wij\u00ad zen, je had meteen in de gaten of het er een was of niet. Maar het was moeilijk om ze allemaal sa\u00admen een naam te geven. <em>Geiteharensokken<\/em>, had hij een tijdlang gedacht. Maar dat klopte niet. Die liepen graag in de natuur, en hij was zelf ook ontzettend op het milieu. Ze zaten overal. Als een olievlek hadden ze zich over Nederland verspreid. <em>Droomkoninkjes<\/em> was veel te aardig. De PvdA was er een broeinest van, maar ze za\u00adten evengoed in de VVD. Zelfs de CPN dreigde er nu mee besmet te raken. <em>Wereldvreemden<\/em> was ook geen goed woord, want zo gek waren ze niet of ze regelden voor zich zelf de betere baantjes. Tien tegen een dat je er een tegenover je had als je getest werd, en dat het er een was die jou de cursus omgang met de passagier gaf. De ge\u00admeenteraad zat er vo\u0301l mee, wethouder waren ze geworden. <em>Politieken<\/em> dan? Ook niet, ze zaten net zo goed op kantoor jouw rooster te verbeteren. Op de tv voerden ze het hoogste woord en de kranten schreven ze vol. Ze wisten alles precies, dus ze hoefden niet meer te luisteren, hooguit nog naar elkaar. Er moest een naam voor ze zijn. De beste die hij kon bedenken was toch: <em>Socia\u00adlen<\/em>.<\/p>\n<p>De socialen hadden het in Nederland heel erg en in Amsterdam helemaal voor het zeggen. Zij waren er de schuld van dat mensen als hij, tram\u00adbestuurders, arbeiders, gewone mensen, als vreemdeling rondliepen in de buurt waar ze woonden, als verdwaald in het bedrijf waar ze werkten. Ze konden praten, dat moest je ze na\u00ad geven. Daar leefden ze van. Jij kon lullen wat je wilde, ze wisten het to\u0301ch beter. Ze wisten pre\u00adcies hoe verdraagzaam jij moest zijn. Wilde je iets terugzeggen, dan was je aan heropvoeding toe, als je tenminste geen onverbeterlijke fascist was.<\/p>\n<p>Hij haatte ze, de socialen en hij zag dwars door ze heen. Hypocriet waren ze tot op het merg. Ze hadden hun mond vol over de buitenlanders en dat je begrip voor die mensen moest opbrengen, maar zelf woonden ze in een buurt waar ze nog nooit een Turk gezien hadden. Zelfzuchtig wa\u00adren ze ook. Op hun banen hoefde nooit bezui\u00adnigd te worden. Ze streken salarissen op waar\u00ad van je twee bestuurders en een gelede tram in le\u00adven kon houden. En ze waren vo\u0301o\u0301r alles gek. Als jij bij ze kwam om te vertellen dat je tram door een bende zakkenrollers onveilig gemaakt werd, dan stuurden zij een antropoloog op je af, die je ging vertellen over het ontstaan van Paramari\u00adbo.<\/p>\n<p>Hij was geen fascist en geen racist en gevoel voor rechtvaardigheid had hij ook. Hij wilde graag betalen voor de kneus of voor die het was geworden. Maar niet voor de profiteurs. De so\u00adcialen hielden die\u0301 juist de hand boven het hoofd. Ze waren daar zo\u0301 druk mee bezig en ze kregen daar zo\u0301\u2019n mooi gevoel van, dat ze niet eens meer zagen dat ze door diezelfde profiteurs werden uitgelachen. De gewone mensen hadden ze suf gebeukt. Het was een wo\u0301nder dat die het nog namen.<\/p>\n<p>Drie jaar geleden had hij de <em>Vrije Lijst<\/em> opge\u00adricht. Precies als de Centrumpartij, een thermo\u00admeter in de bak van de onvrede. De thermome\u00adter was ho\u0301o\u0301g opgelopen. Bij de eerste de beste verkiezing onder de bestuurders had hij vijf ze\u00adtels gehaald.<\/p>\n<p>Tot dan toe hadden de vakbonden de zetels in de medezeggenschapscommissie onderling mo\u00adgen verdelen. Als ze gekozen waren zag je ze op een paar na, nooit meer terug. Die verdwenen van tram of bus, sommigen werden helemaal vrijgesteld en anderen grotendeels; bestuurders kon je ze na verloop van jaren niet meer noe\u00admen.<br \/>\nOp de Vrije Lijst hadden ze gereageerd zoals de politiek nu reageert op de Centrumpartij. Nu ineens we\u0301l je gezicht laten zien in de oude stads\u00adwijken, te laat. Ineens waren de vrijgestelden van de vakbond weer in de remise gekomen, dat had averechts gewerkt. Nu we moeten stem\u00admen, nu komen jullie, hadden de bestuurders gezegd. Het waren tegenhouprobeersels, dat had iedereen wel gezien.<br \/>\nZij hadden toen ze met vijf man in de medezeggenschapscommissie gekomen waren wel uitge\u00adkeken. Zelf was hij zoveel mogelijk zijn normale diensten op lijn 16 blijven rijden. Zij waren op de hoogte gebleven van wat er onder de bestuur\u00adders leefde. En ze waren voorstander geweest van een veel harder optreden tegen de directie, niet van die wandelgangpraktijken, waar even iets geregeld werd, maar waarmee je nooit een poot kreeg om op te staan.<br \/>\nHij had het meegemaakt dat vakbondskaderleden zeiden: die bestuurders die er niet van rond kunnen komen, eigen schuld, steken wij geen poot voor uit, gebrek aan goed huisvaderschap. Die wisten toch gewoon niet meer wat er de af\u00adgelopen tien jaar was gebeurd! Hoe al die bestuurders die in goedkope huizen in de stad woonden, gedwongen waren om te verhuizen. Links was een Surinamer komen wonen die \u2019s nachts ging trommelen en rechts een Turk waarvan de kinderen om e\u0301e\u0301n uur nog rondlie\u00adpen; zij moesten om vijf uur op, aan het werk. En wat hadden ze kunnen krijgen? Purmerend, zevenhonderd gulden voor een huurhuis, hij zag de plakkaten nog hangen in de remise, want het GVB hielp je daarbij.<br \/>\nAls ze voor d\u00ede\u0301 mensen geen poot wilden uitste\u00adken, waar praatte je dan nog over? Dan was je zelf regelaar geworden, een directie tweede klas\u00adse. Het was voorgekomen dat de directie een\u00a0rooster voorgesteld had en dat de bestuurders dat niet wilden accepteren. Was de vakbond zelf een ander rooster gaan maken. Ze waren er heel trots op geweest, maar de bestuurders hadden dat rooster ook niet gewild. Die waren naar de directie gegaan \u2014 natuurlijk had de directie ge\u00adzegd: moet je niet bij ons wezen, moet je bij de vakbond zijn.<\/p>\n<blockquote><p>Zij verzonnen dat die tram\u00adbestuurder met dat oorbelletje niet mocht, moest je eens zien hoe ze er in de gemeenteraad bij liepen, met z\u00falke oorbellen.<\/p><\/blockquote>\n<p>We moesten er maar over ophouden. Die lui hoorden allang bij die enorme tegengroep tegen de werkers, bij de socialen die het bedrijf bin\u00adnengedrongen waren en die overal hun kop had\u00adden opgestoken. Uit de arbeidersklasse kwamen ze niet, indertijd bij de bouwvakrellen hadden ze voorop gestaan, maar nu waren ze gevestigd. Hun groep was het die de Centrumpartij in de kaart speelde. Zij verzonnen dat die tram\u00adbestuurder met dat oorbelletje niet mocht, moest je eens zien hoe ze er in de gemeenteraad bij liepen, met z\u00falke oorbellen. Als tram\u00adbestuurder mocht je niet met rode sokken of met je veters los de tram besturen, zij mochten desnoods met hun hemd los, hun gulp open de stad besturen.<br \/>\nAl hing hun broek op hun kniee\u0308n, dan nog boog de directie voor ze als ze binnenkwamen. Hun eigen wethouder had zich wel eens beklaagd dat een tram \u2019s avonds was doorgereden, terwijl hij op de halte stond. Mijnheer wenste niet te on\u00adderkennen dat hij, met zo\u2019n kop met haar, met die kleren aan, voor hun \u2019s avonds laat stond\u00a0voor een groep waar je problemen mee kon krij\u00adgen. De leiding van hun bedrijf was doodsbe\u00adnauwd van de politiek en van die socialen, dus die n\u00e1m zo iets van de wethouder, in plaats dat ze de bestuurders verdedigde.<br \/>\nEn dan kwam er zo\u2019n gek die bedacht dat zij die horde voetbalidioten gelijkwaardig moesten be\u00adhandelen en in de nieuwste wagens vervoeren. Had het bedrijf nu maar eens de moed om dan te zeggen: die is gek. Wat ons betreft, veewa\u00adgens en de banken eruit. Zou je de politiek moe\u00adten horen, schande dat wij die mensen zo\u0301 ver\u00advoeren. Maar het bedrijf zei en deed niets, het knikte, ja mijnheer de sociale, amen.<br \/>\nAl die dingen maakten zo\u2019n onvrede. De tram\u00adbestuurder kwam gee\u0308rgerd en gefrustreerd thuis, zonk weg bij de tv en dan hoorden ze Jan\u00admaat met zijn radde tong en dan dachten ze, hij heeft gelijk.<br \/>\nMoest hij dan PvdA stemmen? Die koos niet voor de arbeiders, dat waren socialen die de asocialen de hand boven het hoofd hielden. Hij had wel gedacht, VVD, maar dat was een bazenclub en hij was geen baas maar knecht, daar hoorde hij niet thuis. Christelijk zeker niet met die kruisraketten. Wat bleef er over? Communis\u00adtisch, maar daar had je die infiltratie van de soci\u00adalen ook al, de echte communisten vlogen eruit. Dus hij wist het niet, hij wist het bij God niet, hij mocht barsten als hij het wist. Hij was ge\u00adneigd om te zeggen, dan maar Centrumpartij.<\/p>\n<h5>Enige tegenspraak<\/h5>\n<p>Als het met de 28 vaste bestuurders van lijn 16 gaat, zoals het gemiddeld gaat met de Amster\u00addamse trambestuurder, dan bereiken er <em>drie<\/em> de pensioengerechtigde leeftijd en zijn er <em>veertien<\/em> afgekeurd en in de WAO beland, vo\u0301o\u0301rdat ze 47 jaar zijn.<\/p>\n<p>Zelf hebben ze u verteld waarom, en de samen\u00adhang waarin ze werken verklaart de rest.<br \/>\nZe worden vertegenwoordigd door een vak\u00adbond, die alleen maar door rooster<em>verslechte\u00adring<\/em> te bevechten een loons<em>verbetering<\/em> kan berei\u00adken.<br \/>\nVanuit Den Haag komt de dagorder dat er op hun aantal bezuinigd moet worden. Vanuit het stadhuis komt de aanvullende order dat ze niet minder mogen rijden. Waar die twee elkaar snij\u00adden wordt hen verlof geweigerd.<br \/>\nDoor de bedrijfsleiding wordt ze verteld dat ze kallum-an moeten doen. De passagier achter hem wil de trein van 17.02 halen.<br \/>\nZelf moet hij zich, op straffe van een berisping, onberispelijk in het uniform steken; verslaapt hij zich twee keer, dan moet hij op het matje komen. Daarna stapt hij weer op zijn tram en rijdt hij de stad in waar je dertig, veertig keer een au\u00adto open kan breken zonder dat dat bestraft wordt.<br \/>\nTot voor kort was hij ook een zelfstandig mens die best zonder lijnchef kon en niet gecontro\u00adleerd hoefde te worden. Hetzelfde goedbetaalde warhoofd, dat hem dat onlangs nog breedspra\u00adkig uitlegde, ziet hem nu meer als een vuige ziektewetontduiker, die zich binnen drie dagen op het spreekuur van de arts moet melden, mis\u00adbruik wordt gestraft.<br \/>\nEn de wethouder heeft we\u0301l een antwoord op zijn wangedrag (meer controle) maar geen antwoord op het wangedrag dat de bestuurder in dienst\u00adtijd door zijn voorruit waarneemt.<br \/>\nOver <em>\u2018wat ik nu weer heb meegemaakt\u2019<\/em> mogen ze, op straffe van een klacht wegens discriminatie, niet publiekelijk spreken zodra de messentrekker in kwestie een andere huidskleur heeft. En dus hebben ze het daar slechts onder elkaar over \u2014 in de vaste ploeg.<br \/>\nDie van lijn 16, onderling, nee echt, ze vechten om erbij te mogen komen. Trouwens, het is de enige lijn waar op het dagje uit de vrouwen me\u0301e\u0301 gaan.<\/p>\n<h5>Het dagje uit<\/h5>\n<p>Maandag 17 september is het zover: het jaarlijk\u00adse dagje uit van lijn 16. Niet alleen de vrouwen zijn mee, maar ook lijn 6 plus aanhang, want die zitten nou eenmaal in hetzelfde huisje. De ziel van het evenement, <em>Eddie uit den Boogaard<\/em>, ver\u00adtelt dat de traditie eigenlijk gegroeid is uit het ziekenpotje, want daar was geen beginnen meer aan.<br \/>\nTegen halfnegen verzamelt het gezelschap zich voor de remise Havenstraat. De ziel kan, als eerste heuglijke feit, meedelen dat die geitebreier van de ontspanningsvereniging dit jaar vanuit het bedrijf niet meegaat.<br \/>\n<em>\u2018Die moest opletten dat het niet uit de hand liep,\u2019<\/em> licht iemand van lijn 6 toe.<br \/>\n<em>\u2018En hij sleepte je van tentoonstelling naar ten\u00ad toonstelling, is toch niks voor die jongens,\u2019<\/em> zegt de vrouw van Eddie.<br \/>\n<em>\u2018Vertelde elk jaar dezelfde moppen,\u2019<\/em> zegt de oudste bestuurder van 16, <em>\u2018zo\u2019n flauwe zeikerd voorin, als het tegenzat ging-ie nog zingen ook.\u2019<\/em><br \/>\nOm negen uur zoeken we allemaal een plaatsje in de bus, de evenals de chauffeur <em>Sjon<\/em>, door het bedrijf belangeloos ter beschikking gesteld is.<br \/>\nDe assistent-rayonchef komt uitzwaaien en sist\u00a0ondertussen dat hij godverdomme zes wagens buiten dienst heeft.<br \/>\nTe Alkmaar completeert het rayon <em>Noord-Holland Noord<\/em> het gezelschap: de jongens uit\u00a0Hoorn, Purmerend en aanverwanten. Met smaak wordt ze voorgehouden hoe die ochtend\u00a0het integrale reservepersoneel gelijk naar 6 en 16 kon doorlopen, godverdomme, en jullie mooi een dagje uit. Daarna kan niets ons meer tegen\u00adhouden en reppen we ons richting reisdoel, het\u00a0Friese dorpje Joure, dat erg mooi moet zijn.<\/p>\n<p>Op de Afsluitdijk komt het gesprek op het the\u00adma tram, en de ondertoon is zorgelijk. Zondag\u00adavond hadden er maar twe\u0301e\u0301 wagens gereden op de 6, drie kwartier wachten op de halte. Zater\u00addagavond was het met 16 ook zo geweest. Hoe lang zou Den Haag nog vijf wagens willen beta\u00adlen, terwijl er maar twee reden?<br \/>\nTe Joure ligt het <em>m.s. Simmerwille<\/em> op ons te wachten, een op vereniging, familiedag of brui\u00adloft gebouwd vaartuig, al varende kunt u genie\u00adten van een Friese koffietafel terwijl aan de bar een keur van dranken wordt geserveerd.<br \/>\nDaarvan hebben we er e\u0301e\u0301n nodig voordat we van het ziekteverzuim, de tram en de zorgelijke ondertoon af zijn en we ons, we zijn een dagje uit jongens, gaan vermaken.<br \/>\n<em>\u2018Links van u ziet u de Douwe Egberts fabrieken.\u2019<\/em><br \/>\n<em>\u2018Gaan we mooi niet heen.\u2019<\/em><br \/>\nWe varen langs de riante boerderij van de direc\u00adteur, zwembad onderin.<br \/>\n<em>\u2018Zeker zijn punten ingeleverd.\u2019<\/em><br \/>\nTe Grouw maken we een korte wandeling. Iedereen vindt het een eindedorp, en gezamen\u00adlijk besluiten de bestuurders van 6 en 16 om hun route hierheen te verleggen.<br \/>\nDe middag brengen we door met bingo, croquetten en frisdrank, want wat er vandaag ook uit de hand mag lopen, het drankgebruik wel in de laatste plaats. De prijzen varie\u0308ren van een kruidenrekje tot een bierglas, leuk voor de cam\u00adping, komt altijd wel van pas.<\/p>\n<p>En tegen de tijd van het avondeten realiseren wij ons dat, als heel Nederland zo\u0301 was, er voor geen opstand of revolutie gevreesd hoefde te worden. Dat zoveel van onze reisgenoten deson\u00addanks van afkeer en wantrouwen gesproken hebben, laat zien dat de maatschappelijke on\u00advrede het hart bereikt heeft van de betrouwbare burgerij.<br \/>\nHet diner wordt geserveerd in Grietman, goh, wat chic.<br \/>\nEn er wordt ontzettend gelachen, ondanks het gemis van <em>Piet Kuyper<\/em>, die vorig jaar zo\u0301\u2019n tas met vermommingen bij zich gehad had en die de halve dag als orang-oetan had rondgelopen.<br \/>\n<em>\u2018Heb je al gehoord wal Piet met die blinde gehad heeft?\u2019<\/em> Lijn 16 heeft een vaste blinde passagier.<br \/>\n<em>\u2018Zijn tram zal vol, niemand stond op. Heeft-ie hem zijn stoel aangeboden.\u2019<\/em><br \/>\n<em>\u2018Niks erg hoor,\u2019<\/em> fluistert onze buurman die al sinds mensenheugenis op 16 rijdt, <em>\u2018maar ik heb al die moppen vierentwintig jaar geleden o\u0301o\u0301k al ge\u00adhoord.\u2019<\/em><br \/>\n<em>\u2018Van de week,\u2019<\/em> zegt een van de kleintjes uit Purmerend, <em>\u2018komt er een meisje bij me binnen. Ze vraagt: \u201cWelke lijn rijdt u?\u201d Ik zeg: \u201cDat weet ik niet, ik ben van het uitzendbureau.\u201d Stapt ze uit, gaat ze voor op de rol kijken.\u201cLijn 16,\u201d zegt ze.\u201cGek dat u dat niet weet.\u201d\u2019<\/em><br \/>\n<em>\u2018Die van lijn 10,\u2019<\/em> zegt een ander.\u00a0<em>\u2018Onwijze gozer. Heeft een speelgoedhondje. Had hij vastgebonden achter in de tram. Meldt hij dat er een hond bij hem in de wagen vastzit. Binnen geen tijd zes chefs erbij, de dierenambulance en de politie. \u201cDus voor een hond hebben jullie we\u0301l tijd?\u201d zegt hij.\u2019<\/em><br \/>\nDe verhalen wisselen elkaar in razend tempo op, wat het gemis van\u00a0<em>\u2018die geitenbreier van kantoor met zijn mop over Bobo\u2019<\/em> ruimschoots compenseert. <em>\u2018Bij mij,\u2019<\/em> zegt de andere kleine uit Purmerend,\u00a0<em>\u2018komt er een aanlopen, bij die opbraak. Ik tikken tegen de ruit, maar ze geeft geen sjoege. Ik roep nog, maar niks. Eerst met haar ene voet en toen met de andere in het natte beton.\u201cMag ik toch met u mee?\u201d vraagt ze.\u2019<\/em><br \/>\nAls de tafel uitgelachen is neemt de lijnchef het woord. Hij wordt overgeplaatst naar lijn 1, plechtig en ontroerd spreekt hij een dankwoord.\u00a0<em>\u2018Het is wel eens nodig geweest dat ik wat zei, maar echt, en dat me\u0301e\u0301n ik, jongens, jullie zijn zo\u0301\u2019n groep, dus ik zou zeggen, blijf dat.\u2019<\/em><\/p>\n<p><strong>ELMA VERHEIJ<\/strong><br \/>\n<strong>GERARD VAN WESTERLOO<\/strong><\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>\u2018De bestuurders van lijn 16\u2019 van Elma Verhey (1951-2019) en Gerard van Westerloo (1943-2012) stond op 29 september 1984 in de kleurenbijlage van Vrij Nederland. De foto\u2019s bij het verhaal werden gemaakt door Willem Diepraam. Diepraam was nadien ontevreden over het resultaat en heeft de foto\u2019s weggegooid. Bij deze herpublicatie staan daarom foto\u2019s uit het [&hellip;]<\/p>\n","protected":false},"author":1258,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"closed","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"content-type":"","ep_exclude_from_search":false,"footnotes":""},"tags":[],"class_list":["post-418779","post","type-post","status-publish","format-standard","hentry","dossier-leven","article_type-vn-80"],"acf":[],"author_name":"Elma Verhey, Gerard van Westerloo","_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/418779","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/types\/post"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/comments?post=418779"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/418779\/revisions"}],"author":[{"embeddable":true,"name":"Elma Verhey, Gerard van Westerloo","href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/users\/1258"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/media?parent=418779"}],"wp:term":[{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/tags?post=418779"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}