
 {"id":418567,"date":"2019-01-22T14:28:41","date_gmt":"2019-01-22T13:28:41","guid":{"rendered":"https:\/\/www.vn.nl\/?p=418567"},"modified":"2020-01-10T09:46:14","modified_gmt":"2020-01-10T08:46:14","slug":"literaire-kroniek-richard-sennett","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.vn.nl\/literaire-kroniek-richard-sennett\/","title":{"rendered":"Literaire Kroniek: Wolkenkrabbers? Fallische competitie, zegt deze stadssocioloog"},"content":{"rendered":"<p>De veertien woontorens uit de middeleeuwen in de Italiaanse stad San Gimignano maken een exotische indruk in de door het Toscaanse heuvellandschap beheerste omgeving. Ze zijn van verre te zien. Ze behoorden aan de gerenommeerde families van een stad die lange tijd in trek was omdat de pelgrimsroute naar Rome er tot de vijftiende eeuw doorheen liep. Op het hoogtepunt van de vetes tussen de families die het in de stad voor het zeggen wilden hebben, waren er 72 torens. Ze drukten welstand en ambities uit en daarvoor werden kleine stadsoorlogen gevoerd. De steile, niet al te brede torens kun je niet verdenken van elegantie. Het zijn gestapelde stenen die een bepaalde hoogte moesten bereiken om de gewenste indruk te maken. Hier werden in de middeleeuwen de eerste fallische competities uitgevochten.<\/p>\n<h5>Fallische competitie<\/h5>\n<p>Die competities hebben nu in moderne steden plaats door de liefhebbers van moderne hoogbouw, woonnaalden en wolkenkrabbers. Het begrip \u2018fallische competitie<em>\u2019<\/em> voor het onverzadigbare hoge bouwen in steden als Chicago, Shanghai of Abu Dhabi is gemunt door Richard Sennett, de Amerikaanse socioloog die het in zijn nieuwe boek <em><a href=\"http:\/\/www.meulenhoff.nl\/nl\/p4c36fcf32b2f4\/15563\/stadsleven.html\" target=\"_blank\" rel=\"noopener\">Stadsleven<\/a>\u00a0<\/em>gebruikt om er de investeerdersbouw mee te omschrijven: het voor prestige opzetten van onpersoonlijk hoge gevaarten met raampjes die nooit open kunnen. Eerder had Sennett met <a href=\"http:\/\/www.meulenhoff.nl\/nl\/p4c36fcf32b2f4\/11096\/de-ambachtsman.html\" target=\"_blank\" rel=\"noopener\"><em>De ambachtsman<\/em><\/a> het edele hand- en hoofdwerk terug in de gratie gebracht. De \u2018ambachtsman<em>\u2019<\/em> is bij Sennett synoniem voor zorgvuldigheid, liefde, kennis van zaken, kwaliteit en competentie. Het is het eerste deel van de trilogie over de <em>homo faber<\/em>, de makende mens, waarvan <a href=\"http:\/\/www.meulenhoff.nl\/nl\/p4c36fcf32b2f4\/14661\/samen.html\" target=\"_blank\" rel=\"noopener\"><em>Samen<\/em><\/a> het tweede en <em>Stadsleven<\/em> het derde is.<\/p>\n<p>Het is niet zo dat <em>Stadsleven<\/em> alleen maar vol staat met verhalen over hoe op een dagelijks niveau in diverse steden geleefd wordt. Sennett heeft het wel over het karakter van de\u00a0Kantstra\u00dfe in Berlijn, over de eertijdse bohemiens van Greenwich Village en over meneer Sudhir op een armoedig plein in New Delhi, maar het boek gaat vooral over zijn essayistische filosofie over bouwen en wonen. Zinnige idee\u00ebn hebben over hoe het beste gebouwd kan worden, getuig van enige moed. Die idee\u00ebn moeten het meestal opnemen tegen het grote geld, tegen architecten met weinig allure, tegen rechtlijnigheid, tegen grove bouwprincipes, tegen al te veel efficiency en tegen een gebrekkig gevoel voor wat wonen is bij investeerders. Wonen doet een gezin liever niet op twintig hoog.<\/p>\n<blockquote><p>Kant wil zeggen dat mensen onvolledige wezen zijn die nooit genoeg weten, altijd tekort schieten, nooit af zijn.<br \/>\nMensen zijn werk in uitvoering.<\/p><\/blockquote>\n<p>Sennett is een stedenbouwkundige essayist die associatief denkt, steeds op zoek is naar de meest adequate omschrijving voor wat hij bedoelt. Daar komt vaak literatuur bij kijken. Hij heeft als uitgangspunt de uitspraak van de filosoof Immanuel Kant, dat uit het kromme hout waarvan de mens is gemaakt niets rechts getimmerd kan worden. Waarmee hij wil zeggen dat mensen onvolledige wezens zijn die nooit genoeg weten, altijd tekort schieten, nooit af zijn. Mensen zijn werk in uitvoering. Maar hoe onvolledig ook, Sennett stemt in met renaissancist Pico de Mirandola die een invloedrijk traktaat schreef over menselijke waardigheid: dat de mens zijn eigen schepper is, dat alles uit zijn eigen handen komt en (ook al houdt Sennett van het toeval) niet uit de hemel.<\/p>\n<p>Die instelling betekent dat hij de voorkeur geeft aan architecten die daar ook zo over denken en sympathie hebben voor complexiteit. Daar hoort Le Corbusier niet bij. Diens van ervaring gespeende overtuiging was dat mensen hun leven in \u2018woonmachines<em>\u2019<\/em> moesten doorbrengen. Oude maar nog heel goed te renoveren wijken moesten verdwijnen om voor een \u2018breuk<em>\u2019<\/em> met het verleden te zorgen: \u2018Zijn idee van de breuk met het verleden was het uitwissen ervan door het plat te gooien en overheen te bouwen, zodat de stadsbewoners iedere notie van wat er was geweest zou verliezen.<em>\u2019<\/em> Bij Le Corbusier was het nu een boosaardige vijand van toen. De vroege overtuiging van Le Corbusier dienden, tot Sennetts spijt, \u2018de hele twintigste eeuw als gidsdocument voor de stedenbouw<em>\u2019<\/em>.<\/p>\n<h5>Functie volgt vorm<\/h5>\n<p>Bij Sennett moet alles bij voorkeur van onderop beginnen, zodat er contact blijft met de essenti\u00eble menselijke wensen:<em> bottom-up<\/em>. Zo had Chicago ook zijn voordeel kunnen doen met bochtige straatjes tegen de ijzige wind van Lake Michigan. Die zegen komt doorgaans niet van <em>top-down<\/em>, al is dat soms onvermijdelijk als er knopen doorgehakt moeten worden. Sennett heeft liever dat de knopen ontward worden (of blijven zitten, omdat hij ook voor \u2018gedoseerde verwarring<em>\u2019<\/em>\u00a0is). Daar passen architecten bij als Robert Venturi, de architect van de Sainsbury Wing van de National Gallery in Londen en bekend van zijn uitspraak\u00a0<em>Less is bore\u00a0<\/em>als antwoord op Mies van der Rohe&#8217;s <em>Less is more<\/em>. Wanneer het in <em>Stadsleven<\/em> gaat over \u2018complexiteit<em>\u2019<\/em> en \u2018contradictie<em>\u2019<\/em>, wat nogal eens voorkomt aangezien Sennett tegen \u2018verschrikkelijke versimpelaars<em>\u2019<\/em> is, dan is Venturi niet ver weg.<\/p>\n\n<div class=\"newsletter-teaser bg-gray\">\n    <div class=\"teaser__content__container\">\n                    <div class=\"teaser__header\">Blijf vrij van geest. Lees onze nieuwsbrief.<\/div>\n        \n                    <div class=\"teaser__text\">Ontvang de beste verhalen van Vrij Nederland twee keer per week in je mail. In elke nieuwsbrief ontvang je \u00e9\u00e9n artikel helemaal gratis.<\/div>\n            <\/div>\n\n    <div class=\"teaser__btn__container\">\n                    <div class=\"teaser__btn\">\n                <a class=\"btn btn--rounded btn--white-bg\" \n                    href=\"\/service\/nieuwsbrieven\"\n                    data-ga-category=\"banner-newsletter-button\" \n                    data-ga-label=\"Blijf vrij van geest. Lees onze nieuwsbrief.\" \n                    data-ga-action=\"clicked\">Ja, dit wil ik ><\/a>\n            <\/div>\n            <\/div>\n<\/div>\n<p>Bij het kromme hout waarvan de mens is gemaakt hoort een mentaliteit, ook als het om bouwen gaat. In <em>Stadsleven<\/em> gaat het Sennett erom dat de gebouwde omgeving (<em>ville<\/em> genoemd) en het levensgevoel (<em>cit\u00e9\u00a0<\/em>genoemd) op elkaar aansluiten. Vandaar dat Sennett met graagte vertelt over toevallig ontstane situaties en verbeteringen in de stad. Zoals de gladde bestrating rond de pleinen in Bloomsbury. Daardoor werden de paardenvijgen niet langer aanvaardbaar. De uitvinding van de pissoir in Parijs rond 1850 bevorderde de volksgezondheid drastisch. Toen er geen poep en urine meer in de straten lagen werd de straat een sociale ruimte en ontstond het geschenk aan de stedelijke beschaving: het grote terras aan de boulevard. Sennett is een liefhebber van per ongeluk gedane ontdekkingen: serendipiteit. Het bevalt Sennett ook dat de Franse stedenbouwer Pierre Patte in de achttiende eeuw gebruik maakte van het werk van William Harvey, die in 1628 de werking van aders en slagaders beschreef. Dat diende als voorbeeld voor de verkeersregulatie, zoals het eenrichtingsverkeer.<\/p>\n<blockquote><p>Complexiteit, ambigu\u00efteit, paradox, contradictie:<br \/>\ndaar draait het om bij Sennett.<\/p><\/blockquote>\n<p>Sennett is als kenner van de stedenbouw een zelfverklaard pragmatist. Aan de discussies die hij in <em>Stadsleven<\/em> voert met collega<em>\u2019<\/em>s als Jane Jacobs en Lewis Mumford is te zien dat hij bij het bouwen voor een \u2018open stad<em>\u2019<\/em> de collage als voorbeeld neemt: verschillende soorten bebouwingen, aangepast aan wat nodig is. <em>Functie volgt vorm<\/em> bij Sennett, zodat er altijd veranderd en aangepast kan worden. Ook al had Sennett veel sympathie voor Jane Jacobs, de voorvechtster van het \u2018kleine buurtje<em>\u2019<\/em>, de \u2018trage groei<em>\u2019<\/em> en de <em>bottom-up<\/em> politiek, was hij het met Lewis Mumford eens dat daarmee niet voldaan kon worden aan de grote vraag naar woonhuizen, alleen al vanwege de aantallen. Maar Mumford vond het op zijn beurt \u2018absolute waanzin<em>\u2019<\/em> dat er gebouwd zou worden tegen de prijs van de vernietiging van de sociale structuur en het leven van de gemeenschap, wat nog wel eens gebeurde door ontwikkelaars als Victor Gruen, Edmund Bacon en David L. Lawrence. Daar tegenover stelt Sennett Aldo van Eyck, die in de jaren veertig \u2018een prachtige reeks parken ontwierp in Amsterdam waarbij hij rekening hield met de context en het lokale karakter<em>\u2019<\/em>.<\/p>\n<p>Complexiteit, ambigu\u00efteit, paradox, contradictie: daar draait het om bij Sennett. Dat vloeit voort uit zijn \u2018contextuele manier van stadsplanning<em>\u2019<\/em>, waarbij met bestaande gebouwen en situaties rekening gehouden moet worden. De verschillende eisen en belangen die daarbij tevoorschijn komen zorgen voor de \u2018gedoseerde verwarring<em>\u2019<\/em> die hij wenselijk vindt. Sennett denkt op verschillende niveau<em>\u2019<\/em>s: hij volgt niet alleen zijn persoonlijke voorkeur, maar denkt ook in algemene termen, wat men het \u2018denken in de publieke ruimte noemt<em>\u2019\u00a0<\/em>in de geest van Hannah Arendt. Dat kan tegenstrijdigheden opleveren. Daar schrikt Sennett niet voor terug: een van zijn adagia&#8217;s luidt: \u2018continu\u00efteit door verandering<em>\u2019<\/em>.<\/p>\n<p>Dat is voor mij als schrijver van <a href=\"http:\/\/www.deharmonie.nl\/titel\/de-cultuur-van-de-paradox\/\" target=\"_blank\" rel=\"noopener\"><em>De cultuur van de paradox<\/em><\/a> natuurlijk vertrouwd terrein. Evenals de creatieve tegenstrijdigheid die Sennett bij Kant aantreft: Kant heeft het over de menselijke neiging zich \u2018tot een gemeenschap aaneen te sluiten<em>\u2019<\/em>, en tegelijk \u2018zijn neiging zich te isoleren<em>\u2019<\/em>. Deze spanning noemt Kant \u2018onmaatschappelijke maatschappelijkheid<em>\u2019<\/em>. Dit is een onderdeel van menselijke \u2018kromheid<em>\u2019<\/em> waarvan eerder sprake was: de gemeenschap dreigt steeds meer uiteen te vallen omdat ze te maken heeft met de weerstand van de eenling die het isolement zoekt: \u2018mensen moeten met elkaar in contact treden, maar vrezen dat contact ook.<em>\u2019<\/em> Voor Sennett zijn deze contradicties alleen maar \u2018rijkdom<em>\u2019<\/em>. Daar is een \u2018open stad<em>\u2019<\/em> voor.<\/p>\n<div class=\"info-box\">\n<p><em><a href=\"http:\/\/www.meulenhoff.nl\/nl\/p4c36fcf32b2f4\/15563\/stadsleven.html\" target=\"_blank\" rel=\"noopener\">Stadsleven. Een visie op de metropool van de toekomst<\/a>\u00a0<\/em>door Richard Sennett is vertaald door Maarten van der Werf en uitgegeven door Meulenhoff. Paperback,\u00a0\u20ac 24.99.<\/p>\n<\/div>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>De veertien woontorens uit de middeleeuwen in de Italiaanse stad San Gimignano maken een exotische indruk in de door het Toscaanse heuvellandschap beheerste omgeving. Ze zijn van verre te zien. Ze behoorden aan de gerenommeerde families van een stad die lange tijd in trek was omdat de pelgrimsroute naar Rome er tot de vijftiende eeuw [&hellip;]<\/p>\n","protected":false},"author":2850,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"closed","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"content-type":"","ep_exclude_from_search":false,"footnotes":""},"tags":[],"class_list":["post-418567","post","type-post","status-publish","format-standard","hentry","dossier-cultuur"],"acf":[],"author_name":"Carel Peeters","_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/418567","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/types\/post"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/comments?post=418567"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/418567\/revisions"}],"author":[{"embeddable":true,"name":"Carel Peeters","href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/users\/2850"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/media?parent=418567"}],"wp:term":[{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/tags?post=418567"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}