
 {"id":342025,"date":"2016-10-31T09:00:20","date_gmt":"2016-10-31T08:00:20","guid":{"rendered":"https:\/\/www.vn.nl\/?p=342025"},"modified":"2016-10-31T12:52:57","modified_gmt":"2016-10-31T11:52:57","slug":"karin-sitalsing-boeroes","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.vn.nl\/karin-sitalsing-boeroes\/","title":{"rendered":"Dit is het verhaal van de witte Surinamers"},"content":{"rendered":"<div class=\"lead\"><span class=\"03_Intro_Kapitaal\">Surinamers en Nederlanders: eigenlijk zijn ze beiden een beetje in verwarring als het hokje niet klopt. Witte huid, donkerblond haar, blauwe ogen<\/span><span class=\"03_Intro_Kapitaal\">, \u00e9n die zangerige intonatie: mijn moeder is een Boeroe. Een witte Surinamer.<\/span><\/div>\n<p class=\"p_1\">Twee zwarte vriendinnen ploffen neer in de tram, bomvolle boodschappentassen op de ene stoel, zijzelf op de andere. Heerlijk roddelen ze in het Sranantongo, terwijl het Amsterdamse binnenstadsverkeer voorbijraast en de tram zich er dwars doorheen tingeltangelt. Ze wisselen tips uit om geld te besparen. De ene laat haar strippenkaart zien. Weet je wat ik altijd doe, zegt ze. \u2018<span class=\"Cursief\">Te mi mus<\/span>\u2019 <span class=\"Cursief\">stempel feifi, dan m<\/span>\u2019<span class=\"Cursief\">e fow a san<\/span>\u2019 <span class=\"Cursief\">so, na a stempel fo<\/span>\u2019 \u2013 als ik er vijf moet stempelen, vouw ik het ding zo dat hij er vier afstempelt. \u2018<span class=\"Cursief\">Na ala leisi mi win wan strip<\/span>\u2019 \u2013 zo win ik elke keer \u00e9\u00e9n strip. De vriendin lacht.<\/p>\n<p class=\"p_1\">Ze hebben voor de zekerheid even om zich heen gekeken, maar de kust is veilig. De tram is leeg, op een witte vrouw met een bril na, die in de lach schiet als ze hen hoort praten.\u00a0De Surinaamse kijkt om naar de witte vrouw met de bril en maakt een <span class=\"Cursief\">tyuri<\/span>, dat afkeurende slurpgeluid dat Surinamers maken.\u00a0\u2018<span class=\"Cursief\">Luk<\/span>\u2019 <span class=\"Cursief\">a wit uma drape<\/span>,\u2019 zegt ze tegen haar vriendin, moet je die witte vrouw daar zien. \u2018<span class=\"Cursief\">A e lafu lek<\/span>\u2019 <span class=\"Cursief\">a sab san w<\/span>\u2019<span class=\"Cursief\">e taki. Ma a no fersta wan moer.<\/span>\u2019 Ze zit dom te lachen, alsof ze weet wat we zeggen. Maar ze verstaat er geen moer van.\u00a0De witte vrouw moet nu nog harder lachen. Achteraf zegt ze: ik had ze lik op stuk moeten geven in hun eigen taal, in \u00f3nze eigen taal. D\u00e1n had je die gezichten moeten zien.<\/p>\n<p>Die witte vrouw is mijn moeder.<\/p>\n<p>Mijn moeder is een Boeroe. Haar huidskleur past niet bij haar tongval: die \u2018oewee\u2019 en die zangerige intonatie, die zinnen die eindigen met <span class=\"Cursief\">toch<\/span>, <span class=\"Cursief\">no <\/span>of <span class=\"Cursief\">hoor<\/span>.\u00a0Surinamers en Nederlanders: eigenlijk zijn ze beiden een beetje in verwarring als het hokje niet klopt. Mijn Hindostaanse vader wordt soms nog wel herkend als Surinamer, maar mijn moeder ziet er Nederlands uit: witte huid, blond haar, blauwe ogen \u2013 Hollands glorie, kortom. Maar als je haar vraagt wat ze is, zegt ze zonder enige aarzeling: Surinamer. Mensen snappen dat niet. Omdat ze niet in \u00e9\u00e9n hokje past \u00e9n omdat de geschiedenis zo onbekend is.<\/p>\n<p>Als het in Suriname rustig was gebleven, zoals het in haar jeugd was, als de onafhankelijkheid niet zo rommelig was verlopen, als ze geen kinderen had gekregen.<\/p>\n<p>Als als als.<\/p>\n<p>Dan was ze vermoedelijk nooit naar Nederland gekomen, want, zoals alle Surinamers zeggen, zegt ook mijn moeder: <span class=\"Cursief\">Mi kumbattei beri drape<\/span>, mijn navelstreng is daar begraven.<\/p>\n<figure id=\"post-342241 media-342241\" class=\"align-center\"><img decoding=\"async\" src=\"https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2016\/10\/BOEROES-8_preview.jpg\" srcset=\"https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2016\/10\/BOEROES-8_preview-320x205.jpg 320w, https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2016\/10\/BOEROES-8_preview-640x410.jpg 640w, https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2016\/10\/BOEROES-8_preview-1280x821.jpg 1280w\" alt=\"\" \/><figcaption>Ilse, Andr\u00e9, Mientje, Anne (Karins moeder) en Henk, 1956.<\/figcaption><\/figure>\n<h5>Levensveranderende keuzes<\/h5>\n<p class=\"tekst\">Mijn moeder is een nakomeling van Nederlanders die in de negentiende eeuw naar Suriname kwamen. Ze bleven, zoals dat gaat met migranten. Ze bleven in hun nieuwe land, dat in de loop der generaties onder hun witte huid kroop en in hun bloed ging zitten, tot hun oude land vreemd was geworden en het nieuwe land vertrouwd. Tot ze geen Nederlanders meer waren, maar Surinamers.<\/p>\n<p>W\u00edtte Surinamers.<\/p>\n<p>Anno 2016 zijn ze er ge\u00efntegreerd, is hun Boeroebloed verdund, verwaterd, hun kleur veranderd. Na lang homogeen te zijn gebleven, mengen ze zich sinds een jaar of vijftig met andere bevolkingsgroepen. Over drie generaties zijn de volkomen witte Boeroes als etnische groep vermoedelijk uitgestorven, opgegaan in andere bevolkingsgroepen.<br \/>\nOnder de Surinamers die in 1975 naar Nederland kwamen omdat het in Suriname onrustig was rond de onafhankelijkheid en de toekomst onzeker, waren ook veel Boeroes. Ze kwamen naar het land waar hun voorouders werden geboren, waar ze wortels hebben en waar ze misschien iets van herkenning zouden moeten voelen.<br \/>\nMaar waarom vinden ze het er dan zo koud, en de mensen zo direct en afstandelijk? Waarom blijft er dan toch, ook na veertig jaar, ook na kinderen, kleinkinderen, en ondanks inburgeren, ondanks de draad oppakken en vrienden maken \u2013 waarom blijft er dan toch dat schrijnende verlangen naar Suriname, of preciezer: naar het Suriname van vroeger?<\/p>\n<p><q class=\"pull-left\">Waarom blijft er dan toch dat schrijnende verlangen naar Suriname, of preciezer: naar het Suriname van vroeger?<\/q><\/p>\n<p>D\u00e1t fascineert me. Hoe ver uiteindelijk thuis wordt en thuis ver, en hoe de migrant blijft verlangen naar een andere plek, ook al bestaat die allang niet meer, ook al heeft die misschien wel nooit ergens anders echt bestaan dan in zijn hoofd.\u00a0Dit verhaal gaat over gewone mensen die levensveranderende keuzes maakten, zoals gewone mensen dat doen, op elk moment, op elke plek ter wereld.\u00a0Tijdens de gesprekken met mijn familie drongen de vragen over de generaties v\u00f3\u00f3r hen zich onvermijdelijk op. Mijn broers pasten zich soepel aan toen ze als jongens van zeven en tien van Suriname naar Nederland kwamen, ze gleden naadloos van de ene wereld in de andere \u2013 zou het mijn betovergrootvader Jacob en zijn broer Bertus, die even oud waren toen ze in 1848 de omgekeerde enkele reis maakten, ook zo zijn vergaan?<\/p>\n<p>Het viel mijn broers op dat Nederlanders direct zijn, dat ze niet met twee woorden spreken en elkaar voorbijlopen op straat zonder te groeten. Wat zou Jacob en Bertus zijn opgevallen in 1848, in h\u00fan nieuwe land, Suriname?\u00a0Sommige van mijn ooms en tantes kwamen naar Nederland en bleven altijd verlangen naar Suriname, ze missen hun broers en zussen die daar bleven. Anderen bleven in Suriname en missen de familie die voor \u2018Holland\u2019 koos. Beide groepen wogen voor- en nadelen af en lieten de weegschaal doorslaan naar de ene of de andere kant.\u00a0Dit verhaal is groter dan alleen dat van mijn familie. Het is groter dan Suriname en Nederland, groter dan alleen de negentiende, twintigste en eenentwintigste eeuw. Migratie, heimwee, grote beslissingen, mensen die niet zijn waar ze w\u00edllen zijn, mensen op drift \u2013 het is iets van alle plaatsen en alle tijden.<\/p>\n<figure id=\"post-342243 media-342243\" class=\"align-center\"><img decoding=\"async\" src=\"https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2016\/10\/Boeroes-Sitalsing_preview.jpg\" srcset=\"https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2016\/10\/Boeroes-Sitalsing_preview-320x305.jpg 320w, https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2016\/10\/Boeroes-Sitalsing_preview-640x610.jpg 640w, https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2016\/10\/Boeroes-Sitalsing_preview-1280x1219.jpg 1280w\" alt=\"\" \/><figcaption>Karins oma met een kleinkind op de arm.<\/figcaption><\/figure>\n<h5>\u2018Het is je l\u00e1nd\u2019<\/h5>\n<p class=\"tekst\">Op zijn eerste ochtend in Nederland durfde mijn broer Albert de kamer niet uit.<br \/>\nHij was als eerste wakker, zijn twee jaar jongere broertje Glenn lag nog te slapen. Het was oktober 1975, Albert was net een paar dagen eerder tien geworden; de jongens kwamen vers uit de tropen. Flats kenden ze alleen uit verhalen, mijn ouders hadden hun er wel eens over verteld, en nu woonden ze zelf in een flat die ingeklemd stond tussen twee andere, in het Brabantse Veghel.<\/p>\n<p class=\"tekst\">\u2018Ik keek uit het raam en zag allemaal hokjes, en ik wist dat wij zelf ook in zo\u2019n hokje woonden,\u2019 vertelt Albert ruim veertig jaar later. \u2018Pa had verteld dat in een flat heel veel mensen woonden, en ik durfde de kamer niet uit. Stel dat ik op de gang mensen zou tegenkomen die ik niet kende?\u2019\u00a0Ik spreek mijn\u00a0broers op de achtentachtigste verjaardag van mijn vader. Het feestje is bij Glenn thuis, die nog geen driehonderd meter bij mijn ouders vandaan woont \u2013 zijn woonkamer is ruimer dan die van hen, dus bood hij die aan om het bezoek te ontvangen. Zo dadelijk zal Alberts zoon van vijftien opa en oma gaan halen. Ze lopen niet meer zo snel, zeker niet met al die potten en pannen vol nasi en <span class=\"Cursief\">toespijs <\/span>die ze, naar goed Surinaams gebruik, met zich meesjouwen.<\/p>\n<p class=\"tekst\">\u2018Zullen we naar Holland gaan?\u2019 vroeg mijn vader op een dag.\u00a0De jongens kenden Holland uit verhalen. Mijn ouders waren allebei, los van elkaar, in 1961 vanuit Suriname naar Nederland gekomen, zoals zoveel Surinamers dat toen deden. Mijn vader kwam om te studeren, mijn moeder vooral omdat ze haar broer en zussen miste die toen in Nederland woonden. Mijn ouders kenden elkaar uit Suriname, maar toen ze elkaar in Amsterdam tegenkwamen, sprong de vonk over. Ze trouwden in 1963, en in 1967 gingen ze terug naar Suriname. Waarom? Mijn moeder is er duidelijk over. \u2018Het is je l\u00e1nd.\u2019<br \/>\nMijn ouders vertelden mijn broers vaak over die jaren in Nederland. Dat Albert daar geboren was, dat mijn moeder met hem wandelde over het Haarlemmerplein, dat mensen in de wagen keken en in zijn wangetjes knepen. Ze vertelden dat ze daar een heel strenge winter hadden meegemaakt. Dat het soms sneeuwde.<\/p>\n<p class=\"tekst\">Met hun verhalen hadden mijn ouders voor mijn broers het onbekende bekend gemaakt. Al snel herkenden de jongens dingen uit die verhalen. Hoe de huizen eruitzagen. Dat het leven zich vooral binnen afspeelde.<\/p>\n<p class=\"tekst\">\u2018We vonden het spannend,\u2019 zegt Glenn. \u2018We waren totaal niet bezig met heimwee, of dat we in Holland niet meer buiten zouden kunnen spelen, of dat het er koud was. We vonden het een avontuur. We dachten niet aan wat we niet meer hadden. We moesten dealen met wat we w\u00e9l hadden, en dat deden we.\u2019\u00a0Een week na hun aankomst zagen ze hun eerste sneeuw.\u00a0Ze vonden snel hun draai, maakten vriendjes. In het Veghel van 1975 woonden weinig getinte kinderen, en op Alberts eerste schooldag stapten zijn twee gekleurde klasgenootjes Ruben en Duncan op hem af. \u2018Het schiep toch een band: kijk, ik ben niet de enige. Duncan zei: \u2018\u2018Als de andere kinderen je vragen of je in Suriname in een boom woonde, moet je ja zeggen, hoor.\u2019\u2019 Hij had net een spreekbeurt gehouden waarin hij ze dat had wijsgemaakt. Die twee waren donderstenen. En natuurlijk speelde ik mee.\u2019<\/p>\n<p class=\"tekst\">Kinderen en migratie.\u00a0Volwassenen wegen eindeloos de voor- en nadelen tegen elkaar af. Mijn broers trokken een jas aan, bonden de rolschaatsen onder en vlogen uit, weg, de straten door, hup, hun nieuwe land ontdekken. Want zo was het: Nederland was nu hun land.<\/p>\n<p class=\"tekst\">Eigenlijk, zeggen ze, gingen ze gewoon door waar ze gebleven waren. Albert was in Suriname altijd aan het vissen en voor dieren aan het zorgen. Hij trok de weilanden in op zoek naar vogels. In Nederland deed hij hetzelfde: hij nam gewonde merels en stervende spreeuwen mee het huis in en verzorgde ze, en van dode vogels kookte hij de schedels uit, tot grote gruwel van mijn moeder. En in plaats van met oom Henk ging hij nu vissen met vriendje Rik \u2013 maar hij moest van mijn ouders w\u00e9l eerst zijn zwemdiploma halen. \u2018Of je nu een <span class=\"Cursief\">scriba <\/span>vangt of een stekelbaarsje, dat maakt niet uit. Het landschap was anders dan we gewend waren, maar w\u00edj niet. Wij deden gewoon hetzelfde als daar.\u2019<br \/>\n\u2018We waren jong genoeg.\u2019<\/p>\n<figure id=\"post-342244 media-342244\" class=\"align-center\"><img decoding=\"async\" src=\"https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2016\/10\/BOEROES-14_preview.jpg\" srcset=\"https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2016\/10\/BOEROES-14_preview-320x215.jpg 320w, https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2016\/10\/BOEROES-14_preview-640x429.jpg 640w, https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2016\/10\/BOEROES-14_preview-1280x858.jpg 1280w\" alt=\"\" \/><figcaption>Vanaf het balkon van Annes broer Andr\u00e9. Het huis rechts is van broer Henk.<\/figcaption><\/figure>\n<h5>Asfaltkind<\/h5>\n<p class=\"tekst\">Meestal realiseer je je niet dat je ouders ook al een leven hadden voordat ze je ouders werden. Als nakomertje heb ik dat feitelijk ook met mijn broers: die hadden al een flink stuk jeugd in Suriname achter de rug toen ik werd geboren. Mijn hele jeugd trok ik met ze op. Ze leerden me lezen en schrijven en een basketbal ronddraaien op mijn wijsvinger.<br \/>\nMaar \u00edk ken mijn broers alleen uit Nederland, uit Veghel. Wie ze hoort praten, hoort geen accent, ook geen Brabantse tongval, alleen perfect ABN. Dat dat niet altijd zo was, realiseerde ik me pas toen ik een cassettebandje hoorde waarop ze met piepstemmetjes en vrolijke Surinaamse accentjes verhalen vertellen en kinderliedjes zingen. Wie zijn die Surinaamse jongetjes, dacht ik.<\/p>\n<p class=\"tekst\">Ik herinner me nog precies de eerste keer dat ik voelde dat ik er n\u00e9t niet helemaal bij hoorde. Het was januari 2001, mijn moeder was jarig, en ik was net de maand daarvoor in Suriname geweest. Ik had een foto gemaakt van het oude huis van mijn ouders, en die foto had ik voor mijn moeders verjaardag laten uitvergroten en inlijsten.<br \/>\nMijn moeder pakte haar cadeau uit, en haar ogen lichtten op. Mijn vader kwam ook kijken. Op de eettafel had ze de plaat voor zich liggen, de lamp erop om hem beter te kunnen zien, en mijn broers waren er. En ineens hingen zij met zijn vieren om die foto heen, en ging het van: gut ja, weet je nog, hier was jouw kamer, en kijk, hier stond het hondenhok.<\/p>\n<p class=\"tekst\">Ik denk niet dat ik het woord toen al bedacht, maar op dat moment voelde ik me voor het eerst een asfaltkind.<\/p>\n<p class=\"tekst\">Henderijkus Tammenga nam twee zoons mee van Nederland naar Suriname, maar na de verhuizing kreeg hij ook nog kinderen. Zouden zij, de \u2018tropenkinderen\u2019 Jan en Cornelia, soms ook die mix van nieuwsgierigheid en jaloezie hebben gevoeld als ze hun oudere broers hoorden praten over vroeger in Groningen?\u00a0Jan en Cornelia Tammenga en ik, alle drie zijn we kinderen van na de migratie, van het nieuwe tijdperk.<\/p>\n<figure id=\"post-342237 media-342237\" class=\"align-center\"><img decoding=\"async\" src=\"https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2016\/10\/Broers-Karin_preview.jpg\" srcset=\"https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2016\/10\/Broers-Karin_preview-320x428.jpg 320w, https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2016\/10\/Broers-Karin_preview-640x857.jpg 640w\" alt=\"\" \/><figcaption>Karin en haar broers, Glenn (links) en Albert (rechts), begin jaren tachtig. <\/figcaption><\/figure>\n<h5>Wij bruintjes<\/h5>\n<p class=\"tekst\">Toen ik klein was, was ik me niet zo bewust van mijn kleur. Ik groeide op in een wijk met veel nationaliteiten en speelde veel met vooral Turkse en Marokkaanse kinderen. Als er iets multicultureels te doen was op school, maakte mijn moeder Surinaamse hapjes voor de hele klas. Toen een Surinaamse jongen en ik als enigen nul fouten in ons dictee hadden, zei meester Harry tegen de klas: \u2018Zo zie je maar, jongens: als je Nederlands wilt leren, moet je naar Suriname.\u2019<\/p>\n<p class=\"tekst\">Dertig jaar later haalt mijn moeder de anekdote n\u00f3g aan. Niet omdat ze trots op mij is, maar omdat het een compliment is voor haar land. En wie iets aardigs zegt over Suriname, scoort punten bij mijn ouders.\u00a0Op de middelbare school werd ik me dan toch bewust van mijn afkomst. Dat ging vanzelf, want daar waren de leerlingen beduidend witter dan ik gewend was. Ineens viel ik op.\u00a0Een paar jaar geleden kwam ik een oud-schoolgenootje tegen: Pimari, half Nederlands, half Papoea-Nieuw-Guinees. Zij en ik zijn ongeveer even bruin, of even wit, en hebben allebei zwarte ogen, maar zij heeft kleine krulletjes en mijn lokken zijn glad.\u00a0Net als zij kon ook ik alle allochtone schoolgenoten nog zo opnoemen. Er was dat Indische meisje, die Vietnamese jongen. En dat Surinaamse kind dat twee jaar onder me zat.\u00a0\u2018We groetten elkaar altijd als we elkaar tegenkwamen op de gang of in de kantine,\u2019 zei Pimari. \u2018Alsof we iets deelden. Nou ja, alsof&#8230; we deelden natuurlijk ook iets. Want wij zagen er anders uit dan de rest. Wij vielen op.\u2019<\/p>\n<p class=\"tekst\"><q class=\"pull-left\">Als het dan w\u00e9l een keer gebeurt dat Surinamers me als \u00e9\u00e9n van hen herkennen, dan ben ik altijd trots.<\/q><\/p>\n<p class=\"tekst\">Verrek, dacht ik. Inderdaad, wij bruintjes groetten elkaar. Nooit over nagedacht.<br \/>\nIn gezelschap van Surinamers vertel ik al snel dat mijn ouders ook uit Suriname komen. Mezelf een Surinamer noemen gaat dan weer te ver; dat voelt op een gekke manier niet eerlijk. Alsof ik minder recht van spreken heb omdat ik niet in Suriname getogen, laat staan geboren ben. Of omdat ik zo licht van kleur ben.<\/p>\n<p class=\"tekst\">Bij Surinamers voel ik me soms een beetje Surinaams. Misschien ben ik onbewust bang dat de \u2018echte\u2019 Surinamers, wie dat dan ook maar mogen zijn, heel hard zullen roepen dat ik een verrader ben. Een bedrieger. Omdat ik in Nederland geboren ben. Omdat ik zo wit ben en dus geen echte Surinamer kan zijn. Een soort wij-zijgevoel, dat misschien wel alleen maar in mijn hoofd zit.\u00a0Als het dan w\u00e9l een keer gebeurt dat Surinamers me als \u00e9\u00e9n van hen herkennen, dan ben ik altijd trots. Zoals die ene keer toen ik een broodje bakkeljauw bestelde. De broodjesbelegger keek me taxerend aan, met een opgetrokken wenkbrauw, en het was geen vraag, maar een veronderstelling, hij keek me aan en zei: \u2018Peper en zuur <span class=\"Cursief\">no<\/span>?\u2019<\/p>\n<h5 class=\"tekst\">Gemengd water<\/h5>\n<p class=\"tekst\">Glenn grapt over zijn Surinaamse afkomst met zijn collega\u2019s wanneer hij zoals altijd keurig op tijd is, of voor de zoveelste keer een avond overwerkt \u2013 \u2018en ik ben nog wel in Suriname geboren,\u2019 zegt hij dan. Albert maakt roti waar onze Hindostaanse oma trots op zou zijn, en natuurlijk eet hij die met zijn handen, in tegenstelling tot mijn vader, de enige volbloed Hindostaan van ons gezin, die met mes en vork de masalakip op zijn roti legt, als een <span class=\"Cursief\">bakra<\/span>, als een afvallige. \u2018Je moet je schamen,\u2019 wijst mijn moeder hem dan altijd terecht, terwijl ze zelf routineus het ene na het andere hapje kousenband in haar pannenkoek vouwt \u2013 met rechts, altijd met rechts. Alberts zoon Mikah, de blonde, blauwogige Sitalsingstamhouder, at al op zijn tiende pepers waar menig bakra buikpijn van zou krijgen. \u2018Omdat ik een Surinamer ben,\u2019 zegt hij stoer. Ook z\u00edjn rechterhand weet raad met roti. \u2018Wat goed, je eet met je handen,\u2019 zei ik een keer tegen hem. Hij keek me aan met zo\u2019n puberblik van: <span class=\"Cursief\">seriously?<br \/>\n<\/span><\/p>\n<p class=\"tekst\">Mikah is best nieuwsgierig naar Suriname, maar zijn twee jaar jongere zusje Indy heeft er niets mee. Als ik haar vraag of ze er niet eens heen zou willen, trekt ze haar neus op. \u2018Ieuw, nee. Daar zijn spinnen.\u2019\u00a0De mijne is de eerste Boeroegeneratie die niet meer raszuiver is. Mijn neefje en nichtje zijn half Nederlands, kwart Boeroe, kwart Hindostaans. <span class=\"Cursief\">Moksiwatra <\/span>noemen ze dat in het Sranantongo: \u2018gemengd water\u2019.<br \/>\nOver twee, hooguit drie generaties is mijn familie Nederlands. Tenzij natuurlijk weer eens iemand het in zijn hoofd krijgt op een boot te stappen. Misschien is mijn familie over drie generaties wel Turks. Of Australisch. Of Oezbeeks. Met \u00e9\u00e9n beslissing kan alles zomaar anders worden. Over vijf generaties is Suriname voor mijn familie iets van heel lang geleden, van heel ver weg, misschien wel vergeten. Zoals Nederland dat nu is voor de Boeroes. Want Suriname is hun land.<\/p>\n<h5>Overal een rariteit<\/h5>\n<p class=\"tekst\">Mijn broers waren nooit op de Boeroe Kon Makandra, de jaarlijkse re\u00fcnie van Boeroes in Soest die sinds 2005 wordt gehouden. Niet bewust, het kwam er gewoon nooit van. Voor mij ook niet, trouwens. Maar in 2015 ga ik er voor het eerst naartoe, want dit Boeroefeest kan natuurlijk niet ontbreken bij mijn familieonderzoek.\u00a0Er is muziek, eten en veel <span class=\"Cursief\">dyugudyugu<\/span> \u2013 reuring. \u2018M\u00edjn gunst! Mijn schatje, hoe \u00eds het met je?\u2019, klinkt het. \u2018<span class=\"Cursief\">Ai baya, je weet toch, ai go, safri safri.<\/span>\u2019 Hard gelach, geklop op schouders. Stevige <span class=\"Cursief\">brasas<\/span>.<br \/>\nAls je altijd en overal een rariteit bent, omdat je kleur afwijkt (in Suriname) of je accent (in Nederland), is het best fijn om dat af en toe even n\u00ed\u00e9t te zijn. De beslotenheid van de Boeroe Kon Makandra is een soort <span class=\"Cursief\">comfort zone<\/span>.<\/p>\n<figure id=\"post-342248 media-342248\" class=\"align-center\"><img decoding=\"async\" src=\"https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2016\/10\/Boeroes-image1_preview.jpg\" srcset=\"https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2016\/10\/Boeroes-image1_preview-320x227.jpg 320w, https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2016\/10\/Boeroes-image1_preview-640x453.jpg 640w, https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2016\/10\/Boeroes-image1_preview-1280x906.jpg 1280w\" alt=\"\" \/><figcaption>Oma Mientje en haar zussen.<\/figcaption><\/figure>\n<p class=\"tekst\">De Surinaamse vlaggetjes wapperen, het waait stevig, de zon speelt kiekeboe met de wolken. Gasten krioelen om elkaar heen, om de lange tafels met boeken over Suriname. Ze buigen voorover om de foto\u2019s aan de muren beter te kunnen bekijken en de namen op de stambomen te lezen. Ze scannen de naamstickers die iedereen bij binnenkomst heeft gekregen, speuren gezichten af op zoek naar familietrekken, alsof ze een plattegrond bestuderen. Op zoek naar iets van zichzelf in de ander.\u00a0In Suriname zou zo\u2019n re\u00fcnie vermoedelijk weinig belangstelling trekken. De Boeroes wonen er dichter bij elkaar in de buurt en komen elkaar tegen in de stad of in de <span class=\"Cursief\">malls<\/span>, maken een praatje en gaan verder, het dagelijks leven weer in. In Suriname zijn ze meer Surinamers onder de Surinamers. In Nederland zijn ze buitenlanders, in Suriname niet.<\/p>\n<p class=\"tekst\">Bijzonder dat het voor hun voorouders net andersom moet zijn geweest, en dat veel oudere Boeroes nog \u2018zuiver\u2019 zijn, en alleen wit, Nederlands bloed in zich hebben.<br \/>\nMijn moeder zegt trots dat ze een Surinamer is in hart en nieren. Maar genetisch gezien pompt dat Surinaamse hart van haar alleen maar Hollands bloed rond.Op de Boeroere\u00fcnie dartelt mijn moeder de zaal door, mensen links en rechts zoenend. Ze is duidelijk in haar element, het lijkt wel of ze iedereen kent, en eigenlijk is dat ook zo. Niemand is hier meer dan twee <span class=\"Cursief\">handshakes <\/span>van elkaar verwijderd, want pas sinds een jaar of vijftig trouwen de Boeroes buiten hun eigen bevolkingsgroep.<br \/>\nIedereen is familie, eigenlijk, uiteindelijk.<\/p>\n<div class=\"info-box\">\n<p>Dit is een bewerkte voorpublicatie uit het boek <em><a href=\"https:\/\/www.vn.nl.kpnis.nl\/Winkel\/Webwinkel\/Web-winkel-Product\/Boeroes.-een-familiegeschiedenis-van-witte-Surinamers-Karin-Sitalsing.htm\" target=\"_blank\">Boeroes. Een familiegeschiedenis van witte Surinamers<\/a>\u00a0<\/em>van Karin Sitalsing, dat deze week is verschenen\u00a0bij Atlas Contact, \u20ac 21,99.<\/p>\n<\/div>\n<div class=\"info-box\">\n<h5 class=\"kader\">Mijn voorouders, de Boeroes<\/h5>\n<p class=\"kader\">In juni 1845 kwamen zo\u2019n 50 arme Nederlandse gezinnen aan in Suriname. Vruchtbare grond, ruimte, woningen, vee: alles zouden deze kolonisten krijgen. Onder leiding van drie dominees waren ze Nederland ontvlucht. De plantagecultuur, waar de Surinaamse economie zwaar op leunde, was in verval. De afschaffing van de slavernij was aanstaande, wie zou daarna nog zwaar lichamelijk werk willen doen? Een nieuwe, hardwerkende middenklasse, redeneerden de dominees. De Nederlandse overheid zag ook wel wat in een kunstmatige nederzetting van Nederlands hervormde boeren. De 400 kolonisten zouden pioniers zijn. Als zij de paden ge\u00ebffend hadden, zouden er meer kolonisten volgen. Suriname moest een twaalfde provincie worden, een overloop van Nederland in de tropen.<\/p>\n<p class=\"kader\">Toen ze aankwamen op de verlaten plantage Voorzorg aan de rivier de Saramacca, was er niets dan moeras, muggen en verzengende hitte. De beloofde ruime woningen bleken armoedige hutjes waar de ratten naar binnen kropen, de grond ongeschikt voor landbouw. Er brak een epidemie uit. Binnen een halfjaar was de helft van de immigranten overleden. In de jaren daarna trokken de overlevenden naar Paramaribo en omgeving, naar een gebied dat Uitvlugt wordt genoemd. In 1853, acht jaar nadat ze begonnen was, kwam er een eind aan de volksplanting aan de Saramacca. Bij Paramaribo begonnen ze opnieuw. Ze gingen kleinschalige landbouw en veeteelt bedrijven op Uitvlugt, waar ze een hechte groep vormden. \u2018Boeroes\u2019 werden ze genoemd, het Sranantongo woord voor \u2018boeren\u2019.<\/p>\n<p class=\"kader\">Bij die kolonisten zat ook mijn betbetovergrootvader en zijn gezin. Hij, Henderijkus Tammenga, was bakker in het Groningse Vierhuizen. In 1848 zette hij de bakkerij te koop en stapte op de boot naar \u2018het verre Westen\u2019. Met zijn vrouw Grietje en zoons Jacob (10) en Bertus (7) vertrok hij om in Suriname als godsdienstleraar aan het werk te gaan.<br \/>\nDe Boeroes kregen kinderen, die ook weer kinderen kregen. Zo\u2019n honderd jaar leefden ze tamelijk ge\u00efsoleerd op Uitvlugt. Tot, zeg, de jaren 50 van de vorige eeuw. Tot de stad groeide en de boerenerven werden verbannen naar de buitengebieden. Tot er wegen kwamen, en opleidingen en mogelijkheden, en vliegtuigen naar Nederland. Tot de wereld groter en tegelijk kleiner werd. In mijn boek Boeroes reconstrueer ik hun verhaal, van 1845 tot nu.<\/p>\n<p class=\"kader\">In 2016 zijn de meeste nakomelingen allang geen boer meer, maar de naam \u2018Boeroes\u2019 is er nog. Die staat nu voor de bevolkingsgroep die ontstond uit die kolonisten: een witte minderheid in Suriname. Een weinig bekende bevolkingsgroep, die er noch in Nederland, noch in Suriname echt helemaal bij hoort. Die zich overal weet aan te passen, maar daardoor misschien wel nergens helemaal thuis is.\u00a0Mijn voorouders.<\/p>\n<\/div>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Surinamers en Nederlanders: eigenlijk zijn ze beiden een beetje in verwarring als het hokje niet klopt. Witte huid, donkerblond haar, blauwe ogen, \u00e9n een &#8216;oewee&#8217;: mijn moeder is een Boeroe.<\/p>\n","protected":false},"author":1023,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"content-type":"","ep_exclude_from_search":false,"footnotes":""},"tags":[],"class_list":["post-342025","post","type-post","status-publish","format-standard","hentry"],"acf":[],"author_name":"Karin Sitalsing","_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/342025","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/types\/post"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/comments?post=342025"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/342025\/revisions"}],"author":[{"embeddable":true,"name":"Karin Sitalsing","href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/users\/1023"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/media?parent=342025"}],"wp:term":[{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/tags?post=342025"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}