
 {"id":34007,"date":"2013-08-12T16:35:00","date_gmt":"2013-08-12T14:35:00","guid":{"rendered":"http:\/\/beta.vn.nl\/de-intieme-afstand-van-jan-mankes\/"},"modified":"2013-08-12T16:35:00","modified_gmt":"2013-08-12T14:35:00","slug":"de-intieme-afstand-van-jan-mankes","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.vn.nl\/de-intieme-afstand-van-jan-mankes\/","title":{"rendered":"De intieme afstand van Jan Mankes"},"content":{"rendered":"<div class=\"lead\">Een boek van meer dan 750 pagina\u2019s met brieven van de Friese schilder Jan Mankes geeft een nieuwe kijk op deze \u2018meester van de verstilling\u2019<\/div>\n<div class=\"wpg-element paragraph\">\n<p>Tot de artistieke familie van de Friese schilder Jan Mankes (1889-1920) behoort de zeventiende eeuwse stillevenschilder Adriaan Coorte, de achttiende eeuwse Franse schilder van stillevens en intieme huiselijke taferelen Chardin en de negentiende eeuwse landschapschilder J.H. Weissenbruch.<\/p>\n<\/p><\/div>\n<div class=\"wpg-element paragraph\">\n<p> Heel verschillende schilders uit minstens zulke verschillende tijden, maar verwant vanwege hun verstilde aandacht. Ze lichtten \u00e9\u00e9n ding uit hun omgeving en zetten het in het centrum van hun aandacht. Ze maakten het representatief  voor wat het is: de kip is bij Mankes ook de Kip. De asperges worden bij Coorte de Asperges. De brioche van Chardin wordt de Brioche. Het landschap van Weissenbruch staat even voor alle landschappen omdat hij alleen de kern van een Landschap heeft geschilderd. Een molen op een landschap van Weissenbruch is de minst toeristische molen ooit geschilderd. Het is bijna een onderdeel van de natuur. De monomane zelfportretten van de Finse schilderes Helene Schjerfbeck zijn verwant aan die van Mankes en werden in dezelfde tijd, rond 1912, geschilderd: ze hebben dezelfde gipsachtige textuur.<\/p>\n<p>Men heeft het in het geval van Mankes wel \u2018symbolistisch realisme\u2019 genoemd, maar dat is weer net iets te veel symbolisme, aangezien Mankes door zijn sterke abstraheringen zowel wegdrijft van het symbolisme als van het realisme.  Daardoor wordt Mankes onverwisselbaar  Mankes. In zijn brieven zegt hij wel eens dat hij \u2018geducht\u2019 aan het schilderen is. \u2018Geducht\u2019 is een woord dat op het eerste gezicht helemaal niet op zijn werk van toepassing is. Daar lijkt het werk te zachtzinnig voor. Maar het is niet zachtzinnig, althans: niet alleen. Mankes\u2019 werk is zowel zacht als keihard. Omdat hij in alle bescheidenheid wist wat hij wilde kon hij het ook opschrijven, in die combinatie van bedachtzame en solide bewoordingen: \u2018Ik wil zolang een doekje koesterend bewerken en me er in denken, dat het een stukje \u201cziel\u201d wordt, het moet echter tevens een gebouw op zich zelf zijn, onwrikbaar vast moet alles op zijn plaats staan, wat alleen mogelijk is bij iets dat echt doorleefd is.\u2019<\/p>\n<\/p><\/div>\n<figure id=\"post-34007 media-34007\" class=\"align-none\"><img decoding=\"async\" src=\"https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2013\/08\/33575129-8ef2-48e5-acec-f164d3882a8d_Helene-Uil.jpg\" alt=\"Links een zelfportret van Jan Mankes, rechts van Helene Schjerfbeck.\" \/><figcaption>Links een zelfportret van Jan Mankes, rechts van Helene Schjerfbeck.<\/figcaption><\/figure>\n<div class=\"wpg-element paragraph\">\n<p>Dat zachtzinnige en harde zit ook in zijn manier van schilderen: er is geen streek van een kwast te zien, die heeft hij weggepoetst. Ook al werkt hij met olieverf, al zijn kleuren hebben iets doorzichtigs. Dat is goed te zien wanneer hij met wit werkt: al die soorten wit hebben parelmoertonen, zoals iemand het eens omschreef, iets dat vaag glanst met de suggestie doorzichtig te zijn. In zijn zelfportretten valt dat meteen op, reden waarom men vond dat Mankes er daardoor ietwat ziekig uitzag (hij zou aan tuberculose overlijden). Vanwege dat doorzichtige denk je soms dat hij niet met olieverf werkt, maar aan het aquarelleren is. Maar het doorzichtige zorgt ook voor het harde, alsof alles een marmeren textuur krijgt. Bovendien denkt Mankes in vlakken en vlakjes, waardoor alles zijn \u2018onwrikbare\u2019 plaats in een compositie heeft. Daardoor ontstaat ook dat abstraherende. Hij deed het bewust niet, maar als hij in het Zelfportret uit 1913 een stap verder was gegaan, dan was het kubistisch geweest.<\/p>\n<p>Om Jan Mankes heeft altijd het aura van de ge\u00efsoleerde kunstenaar gehangen, een man die niet uit zijn provincie kwam en de grote wereld ver van zich hield. Dat beeld is allang en breed weersproken, maar is toch hardnekkig. Het definitieve boek met al Mankes\u2019 brieven dat nu is verschenen zal er misschien een eind aan maken, want daaruit blijkt nog eens hoe Mankes ook in dit opzicht op een creatieve manier dubbel was: hij wilde alles weten, was geabonneerd op de NRC en de Groene Amsterdammer, kreeg van verschillende kanten tijdschriften, catalogi en krantenknipsel toegestuurd. Hij ging geregeld op reis vanuit De Knijpe in Friesland, woonde een paar jaar in Den Haag en later voor zijn gezondheid in het Gelderse Eerbeek. Maar hij wilde ook afstand houden  om de duurzame concentratie te laten ontstaan die hij voor zijn manier van werken nodig vond. Hij hield intieme afstand, zo blijkt uit Jan Mankes, een kunstenaarsleven in brieven 1910-1920, bezorgd door Jan de Lange, uitgegeven door de Rijksdienst voor Kunsthistorische Documentatie (RKD) en Waanders.<\/p>\n<\/p><\/div>\n<figure id=\"post-34007 media-34007\" class=\"align-none\"><img decoding=\"async\" src=\"https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2013\/08\/39bb9606-f0a0-4599-aae8-a09bf3db2f48_Mankes-Vader.jpg\" alt=\"Jan Mankes, portret van zijn vader (1914)\" \/><figcaption>Jan Mankes, portret van zijn vader (1914)<\/figcaption><\/figure>\n<div class=\"wpg-element paragraph\">\n<p>Het is een prachtig uitgegeven boek, onvermoeibaar en minutieus geannoteerd door Jan de Lange. Hij laat bijna een biografie in de vorm van noten ontstaan. Toch hebben we hier met een curieuze collectie brieven te doen. Meer dan driekwart van de brieven van Jan Mankes is gericht aan iemand die in 1909 door zijn werk werd gegrepen en besloot deze kunstenaar, Mankes, met raad, geld en hand en spandiensten bij te staan: dat was de Haagse tabakshandelaar en verzamelaar van kunst en antiek A.A.M. Pauwels (1875-1952). Hij was Mankes\u2019 betrokken mecenas. De brieven van Pauwels zijn niet bewaard gebleven. Die van Mankes beslaan in de tien jaar dat hij ze schreef zo\u2019n zevenhonderd pagina\u2019s, inclusief de uitvoerige annotaties. <\/p>\n<p>Dat het hier gaat om een door het RKD ge\u00efnitieerde uitgave van de brieven betekent dat men ze een definitief onderkomen in een boek wilde geven. Zou het om een uitgave gaan die niet bovenal een historisch en documentair karakter moest krijgen, dan had een selectie uit de brieven meer voor de hand gelegen. Hoe waardevol ook om alles nu bij elkaar te hebben, het is vaak saaie lectuur. Dat komt ook omdat Pauwels geen artistieke correspondent is. Uit Mankes\u2019 antwoorden krijg je niet de indruk dat Pauwels veel boeiends te melden had, al moet hij toch iets speciaal hebben gehad, want Mankes kon onbekommerd aan hem schrijven, zoals over andere kunstenaars, en vooral over alles wat met de natuur en dieren te maken had. En alles over de kunsthandels die Mankes\u2019 werk gingen verkopen. <\/p>\n<\/p><\/div>\n<div class=\"figure--left\">\n<figure id=\"post-34007 media-34007\" class=\"align-none\"><img decoding=\"async\" src=\"https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2013\/08\/bdef9af9-4181-4cdb-8f5d-869da63f6426_uil-van-mankes.jpg\" alt=\"Jan Mankes. Grote uil op scherm (1913)\" \/><figcaption>Jan Mankes. Grote uil op scherm (1913)<\/figcaption><\/figure>\n<\/div>\n<div class=\"wpg-element paragraph\">\n<p>Daar bemoeide Pauwels zich ook mee. Veel brieven zijn uitvoerige bedankjes voor het zenden schilder-en tekenmateriaal: schilderslinnen, alle soorten papier, kwasten, messen en gutsen, hout voor lijsten, hout om houtsneden te maken. En voorwerpen die hij Mankes stuurde om te schilderen: Keulse potten, flessen, gemberpotten, schedels van dieren en Chinese schaaltjes. En levende beesten: witte muizen, kippen, egels, kraaien, uilen, die ook allemaal door Mankes werden geschilderd en getekend. <\/p>\n<p>Pauwels\u2019 gulheid zorgde natuurlijk bij een bescheiden maar trots man als Mankes voor spanningen. Herhaaldelijk weet hij niet hoe hij Pauwels moet bedanken. Hij vindt het te veel en, al zegt hij dat niet, opdringerig. Maar er komt een moment dat het te gek wordt. Dan wil Mankes dat Pauwels een soort contract tekent waarin hij zich verplicht de rekeningen van alles wat hij stuurt aan Mankes te zenden, zodat die het zelf kan betalen. Pauwels houdt zich daar maar halfhartig aan.<\/p>\n<p>Toch zijn er genoeg brieven waarin Mankes het niet houdt bij nieuwtjes, verzoeken en huiselijke verhalen over zijn doen en laten. Zoals de brief van 9 juli 1913 waarin hij het opneemt voor Vincent van Gogh tegen de kunstkenner H.P. Bremmer (iemand van wie hij graag had gehoord wat hij van zijn eigen werk vond, maar die daar niet mee voor de draad kwam). Met Van Gogh voelt Mankes zich duidelijk verwant wanneer hij schrijft dat Van Gogh geen kunstenaar was die op bestelling werkte: \u2018hij wilde slechts geven wat de innerlijke waarde van een schilderij uitmaakt\u2019. Hij noemt zichzelf \u2018een Van Gogh man\u2019 tegen wie je niet moet zeggen dat Vincent zich niet om de vorm bekommerde: \u2018Zijn hele streven was een worstelen naar vorm, een krampachtig tasten en benaderen, hoe zou hij ook anders zoveel getekend hebben\u2019. <\/p>\n<\/p><\/div>\n<figure id=\"post-34007 media-34007\" class=\"align-none\"><img decoding=\"async\" src=\"https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2013\/08\/656951b9-d589-4b9a-b220-dcc4eb362fb5_Geit.jpg\" alt=\"Jan Mankes. Jonge witte geit (1914)\" \/><figcaption>Jan Mankes. Jonge witte geit (1914)<\/figcaption><\/figure>\n<div class=\"wpg-element paragraph\">\n<p>Hoe ongedwongen en vertrouwd Mankes ook aan Pauwels kon schrijven, ze hadden allebei een heel andere kijk op de wereld. Pauwels was een orthodoxe katholiek, Mankes was een breed vrijzinnige protestant die God in alles situeerde en die de \u2018starre fnuikende pedante gereformeerden\u2019 haatte. Ze trokken alles wat jong en fris was \u2018de zwarte doodsbiddersjas aan\u2019. Pauwels had als orthodoxe katholiek duidelijk missionaris neigingen ten aanzien van Mankes. Die was veel te vrijzinnig. Dat kwam in oktober 1913 boven en leidde tot een epistolaire radiostilte tussen december 1913 en april 1914. Daar was een lange brief van Mankes van 26 november aan vooraf gegaan waarin hij Pauwels op een zelfverzekerde toon (\u2018We dienen de te behandelen zaken flink klaar en logisch te houden\u2019) schrijft hoe hij denkt over  de wereld, God en Pauwels waarheid. In Pauwels\u2019 ogen was Mankes \u2018een met onrust bezaaide die in verwaten grootheid steeds verder doolde.\u2019 Pauwels dacht de waarheid in pacht te hebben, maar er bestaat voor mensen geen absolute waarheid, schrijft Mankes, alleen een menselijke waarheid en die blijkt al gauw helemaal niet zo waar en, inderdaad, menselijk: \u2018mens en waarheid, dat k\u00e0n niet samen\u2019. Iedereen moet in zijn eigen waarheid groeien. Dat noemde Mankes \u2018opleiding\u2019. Het moet onder meer Mankes\u2019 solide vrijzinnigheid zijn geweest die Annie Zernike moet hebben aangesproken, de eerste vrouwelijke gepromoveerde dominee met wie Mankes in 1915 trouwde. De brieven die daaraan vooraf gingen staan ook dit boek.  <\/p>\n<p>Mankes wilde zo lang aan een schilderij werken dat het \u2018een ziel\u2019 werd. Vandaar dat hij schreef dat \u2018schilderen nooit een afbeelding geven is van stoffelijke zaken, maar een psychische functie, een uiten hoe zijn geest reageert ten opzichte der dingen.\u2019 Hij reageerde met verstilde aandacht.<\/p>\n<\/p><\/div>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Een boek van meer dan 750 pagina\u2019s met brieven van de Friese schilder Jan Mankes geeft een nieuwe kijk op deze \u2018meester van de verstilling\u2019<\/p>\n","protected":false},"author":1023,"featured_media":248572,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"content-type":"","ep_exclude_from_search":false,"footnotes":""},"tags":[],"class_list":["post-34007","post","type-post","status-publish","format-standard","has-post-thumbnail","hentry"],"acf":[],"author_name":"Carel Peeters","_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/34007","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/types\/post"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/comments?post=34007"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/34007\/revisions"}],"author":[{"embeddable":true,"name":"Carel Peeters","href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/users\/1023"}],"wp:featuredmedia":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/media\/248572"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/media?parent=34007"}],"wp:term":[{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/tags?post=34007"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}