
 {"id":127053,"date":"1999-01-02T10:09:00","date_gmt":"1999-01-02T08:09:00","guid":{"rendered":"http:\/\/beta.vn.nl\/nederlandse-hulp-voor-vreemde-doelen\/"},"modified":"1999-01-02T10:09:00","modified_gmt":"1999-01-02T08:09:00","slug":"nederlandse-hulp-voor-vreemde-doelen","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.vn.nl\/nederlandse-hulp-voor-vreemde-doelen\/","title":{"rendered":"Nederlandse hulp voor vreemde doelen"},"content":{"rendered":"<div class=\"wpg-element paragraph\">\n<h3>Het strafdossier Bouterse<\/h3>\n<p>Een mooie manier van ontwikkelingshulp bedrijven, is subsidie geven. De Centrale Inspectie bedrijven Suriname (CIS) hoefde begin jaren negentig alleen op te treden als doorgeefluik voor levensmiddelen die ge\u00efmporteerd werden uit Nederland. De Nederlandse overheid vergoedde een deel van de uitgaven, waardoor de goederen goedkoper aan de lokale bevolking konden worden doorverkocht. Zo kwam de ontwikkelingshulp rechtstreeks ten goede aan de gewone burger.<\/p>\n<p>Het was een populair middel. De Centrale Bank van Suriname gaf in 1991 een importgarantie voor zevenenvijftig miljoen gulden aan CIS, zo meldde de Surinaamse Rekenkamer. Daarmee konden importen gekocht worden voor bijna honderdvijftig gulden per inwoner van Suriname. CIS selecteerde de importeurs. Het werden Insulaire Handelsvereniging (IH), Wagenaar Begro (WB) en Tropex, alle drie gevestigd in Nederland.<\/p>\n<p>Een werknemer van Tropex verklaarde in een proces-verbaal dat zich bevindt in het strafdossier van Bouterse: &#8216;Er bestaat een duidelijke relatie tussen het verstrekken van ontwikkelingshulp van Nederland aan Suriname en de bestellingen door Suriname bij Tropex.&#8217;<\/p>\n<p>Het verband was dat de factuur voor die importen veel te hoog opgesteld was. Door deze &#8216;overfacturering&#8217; kwam de Nederlandse subsidie in ieder geval voor een deel terecht bij de Nederlandse importeurs. En uit stukken uit het strafdossier van Bouterse blijkt dat de Nederlandse zakenlieden uit deze extra inkomsten smeergeld betaalden aan overheidsdienaren van Suriname. Die kregen hun geld via contactpersonen in Nederland. Zo werd door Insulaire Handelsvereniging en Wagenaar Begro in 1991 en 1992 in totaal 9,2 miljoen gulden aan smeergeld betaald.<\/p>\n<p>Het dossier-Bouterse bevat ook getuigenverklaringen waarin namen genoemd worden van de betrokkenen bij deze smeergeldaffaire, die plaatsvond tijdens de regeerperiode van president Kraag en zijn plaatsvervanger Wijdenbosch. Via Surinam Commercial Services zou er geld gegaan zijn naar de president van de Centrale Bank van Suriname, Henk Goedschalk en naar de politici Dilip Sardjoe en Motalil Mungra.<\/p>\n<p>Via Surinam Commercial Services ging er bijvoorbeeld ruim driekwart miljoen naar de vrouw van Henk Goedschalk. Ook Kitty Wijdenbosch ontving via dat bedrijf in de periode van 1991 tot en met 1993 in totaal vijfenzeventigduizend gulden. In een verklaring tegenover de politie zegt zij Surinam Commercial Services niet te kennen. Het geld is volgens haar afkomstig van haar vader, Jules Wijdenbosch, de huidige president van Suriname.<\/p>\n<p>Vele jaren later volgde nog een politieke echo van de smeergeldconnectie. Mungra en Sardjoe verlieten in 1996 de oppositiepartij VHP en richtten de Basispartij voor Vernieuwing en Democratie (BVD) op. Met steun van de BVD haalde de NDP van Bouterse en Wijdenbosch net een parlementaire meerderheid om een regering te vormen. Mungra was tot vorig jaar augustus minister van Financi\u00ebn in het kabinet-Wijdenbosch.<\/p>\n<p>Mungra onderhield, zo blijkt uit het strafdossier, niet alleen politieke, maar ook zakelijke contacten met Bouterse. Een belangrijke getuige tegen hoofdverdachte Desi Bouterse maakte indertijd deel uit van zijn elitecorps. Tegenover de Nederlandse rechter-commissaris verklaarde hij dat hij aanwezig was geweest bij een aantal gesprekken van Bouterse over coca\u00efnehandel. In februari 1989 ging hij in opdracht van de Surinaamse legerleiding mee als persoonlijke lijfwacht van Marcel Zeeuw (een van de medecoupplegers van Bouterse) die met M. Mungra een coca\u00efnetransactie besprak. Het ging over duizend kilo coke die verstopt zou worden in rijst en verscheept naar Nederland. Mungra gaf tijdens deze ontmoeting een koffer aan Zeeuw met daarin stapels Amerikaanse bankbiljetten. De getuige kon niet vertellen of de verscheping werkelijk plaatsvond, maar de financiering van de transactie was volgens hem rond.<\/p>\n<p>Alle bedrijven uit de smeergeldaffaire met Nederlands ontwikkelingsgeld zijn op de een of andere manier aan elkaar gelieerd. Insulaire Handelsvereniging en Surinam Commercial Services waren gevestigd op hetzelfde adres in Amsterdam. Daar zat ook de Bataafse Overzee Export Maatschappij (BOEM). BOEM was tevens het moederbedrijf van Insulaire Handelsvereniging en Wagenaar Begro. Ook Tropex werkte als participant voor BOEM. Vooral BOEM wordt in het drugsdossier over Bouterse vaak genoemd in verband met witwaspraktijken.<\/p>\n<p>Het netwerk krijgt steeds meer vertakkingen, naarmate Bouterse meer in zicht komt. Bankdirecteur Henk Goedschalk was degene die volgens een anonieme getuige het geld, &#8216;de potjes&#8217;, beheerde van Bouterse. Goedschalk sluisde een deel van het smeergeld door naar zakenman Stanley Zaalman die in Breda woont en naar diens Antilliaanse bedrijf Trading Partners Consultancy AVV. En uit afgeluisterde telefoongesprekken bleek dat Zaalman nauwe contacten onderhield met bevelhebber Bouterse.<\/p>\n<p>Het drugsonderzoekteam van de politie Haaglanden en Hollands Midden &#8211; het CoPa-team &#8211; onderzocht ook de verdenking dat Zaalman en Bouterse samen in zaken zitten via het Antilliaanse bedrijf Recife 23 AVV, dat in naam geleid werd door de voormalige lijfwacht van Bouterse, M. Klaverweide.<\/p>\n<p>Recife wordt beschouwd als een van de belangrijkste vehikels voor (illegale) financi\u00eble transacties van Bouterse. Als postadres had Recife het Surinaamse consulaat in Miami, waar ook de vice-consul Steve Dendoe woonde. Dendoe was een van de zestien militairen die onder leiding van Bouterse in 1980 een staatsgreep in Suriname pleegden. Vice-consul Dendoe ontving van 1987 tot 1989 bijna drie miljoen dollar op zijn bankrekening en maakte enige tijd later via de South East Bank Miami geld over naar priv\u00e9rekeningen van Surinaamse militairen.<\/p>\n<p>Recife dook ook op als aandeelhouder van Surinam Rice Industries BV (SRI), dat in 1992 een failliete rijstpelmolen kocht in het Gelderse dorp Beuningen (VN, 30-8-1997). Surinam Rice Industries was volgens het CoPa-team een dekmantelbedrijf in een omvangrijk internationaal witwasnetwerk.<\/p>\n<p>Suriname was een belangrijk exporteur van rijst. Die positie had het land te danken aan doorvoer via de Nederlandse Antillen, dat in 1991 als overzees gebiedsdeel van Nederland vrijgesteld werd van invoerheffingen op rijst en rietsuiker in de Europese Unie. Aan deze importen is door de Europese Commissie vanaf 1997 paal en perk gesteld.<\/p>\n<p>Een van de welvarendste rijstbaronnen van Suriname is George Pahlad. Pahlad oefende via zijn eigen bedrijven Prosar en Soepar en indirect als belangenbehartiger van Recife al jaren feitelijke zeggenschap uit over de activiteiten van Surinam Rice Industries.<\/p>\n<p>Pahlad is ook terug te vinden op het politieke toneel, want hij gaf samen met Sardjoe en Mungra leiding aan de BVD.<\/p>\n<p>Pahlad zag zijn belangen geschaad door het ingrijpen van de Europese Commissie. Maar hij had nog meer pijlen op zijn boog, want er was nog altijd zoiets als Nederlandse ontwikkelingshulp. Pahlad had nog het bedrijf Bombay Rijst NV en dat slaagde erin om twee miljoen dollar aan Nederlandse hulp binnen te slepen. Het geld was grotendeels uitbetaald, volgens informatie van de bemiddelende Surinaamse Ontwikkelingsbank.<\/p>\n<p>Hulp aan Suriname vindt plaats op basis van het Meerjaren Ontwikkelingsprogramma (MOP), dat tegelijk met de onafhankelijkheid van Suriname in 1975 gesloten werd. Het MOP is nooit ter goedkeuring voorgelegd aan de parlementen van Nederland en Suriname. Het programma stelt de Surinaamse overheid in staat zelf de projecten uit te kiezen, terwijl controle achteraf op de uitvoering van de hulp vrijwel ontbreekt.<\/p>\n<p>Het ministerie van Ontwikkelingssamenwerking stelde nooit een diepgaand onderzoek in naar Surinaamse hulp. Ook de ministeri\u00eble inspectiedienst IOB zag daarvan af. In het begin van 1998 kondigde de toenmalige minister Pronk de publicatie aan van een overzichtsstudie. Die kreeg de werktitel De witkwast en de regenboog mee. Daaruit blijkt dat het ministerie in ieder geval van enkele misstanden op de hoogte is. Woordvoerder Bram van Ojik van het ministerie bevestigt dat.<\/p>\n<p>De studie is uiteindelijk in augustus gepubliceerd. Niet alleen de titel is geneutraliseerd, maar ook de inhoud. De twee\u00ebnnegentig pagina&#8217;s tellende publicatie grossiert in algemeenheden. E\u00e9n keer is er sprake van verduistering, maar dat valt toe te schrijven aan de afkalving van &#8216;het traditionele gezag in veel binnenlandse dorpen&#8217;.<\/p>\n<p>Nederland zegde in 1975 aan het onafhankelijke Suriname 3,5 miljard aan hulp toe. Tussen 1982 en 1988 werd de hulp tijdelijk stilgelegd in verband met de decembermoorden. Eind 1997 ontbrandde er een nieuw conflict toen president Wijdenbosch weigerde minister Pronk te ontvangen. Nederland bevroor in reactie hierop nieuwe hulpprojecten, maar oude projecten liepen gewoon door. In 1997 kreeg Suriname nog honderdtwintig miljoen aan hulp en in 1998 ruim zestig miljoen. Het land heeft nog zeker een half miljard te goed. &#8216;Wij zijn te allen tijden bereid om het beleidsoverleg met Suriname te hervatten,&#8217; zegt Van Ojik, &#8216;zodra Suriname weer met onze minister praat.&#8217;<\/p>\n<p>De nieuwe minister Herfkens wil het aantal ontwikkelingslanden sterk terugdringen. Een kleiner aantal zou beter toezicht mogelijk maken, zodat misbruik en corruptie vermeden kunnen worden. &#8216;Het resterende half miljard is aan Suriname toegezegd en zal besteed moeten worden,&#8217; zegt Van Ojik, &#8216;ongeacht de nieuwe criteria waar het ministerie aan werkt.&#8217;<\/p>\n<p>Een Nederlands parlementair onderzoek naar de besteding van de Surinaamse ontwikkelingshulp zou op zijn plaats zijn, zegt de voormalige voorzitter van de rekenkamer in Paramaribo, Hans Prade, tegen VN. &#8216;Het wordt tijd voor een strakke financi\u00eble relatie tussen beide landen. Nederland moet Suriname niet langer als een kind beschouwen, ook al heeft dat onprettige gevolgen. Als het fout gaat in Suriname, is dat de schuld van Wijdenbosch en van niemand anders. Misschien gaan er dan wel mensen dood, maar er gaan in de wereld wel meer mensen dood.&#8217;<\/p>\n<p>Prade werd eind 1996 opgevolgd door Ulrich Aron, een politiek vertrouweling van Bouterse. Aron wil liever &#8216;enige voorzichtigheid betrachten&#8217; in zijn commentaar op corruptie met Nederlands ontwikkelingsgeld. &#8216;Het is in het algemeen niet goed als er iets aan de strijkstok blijft hangen, maar ik heb geen mening over de heer Pahlad of over wie ook. Prade zocht de publiciteit. Wij nemen die stijl niet over.&#8217;<\/p>\n<p>Surinamers betalen graag te veel voor hun gas EEN WITWASSERETTE?<\/p>\n<p>Bouterse deed zaken met grond- en gasverkoop en streek daarbij commissiegelden op &#8211; dat zegt de zakenman Calor in een verklaring in het strafdossier tegen Desi Bouterse. Henk Calor kent Bouterse nog uit de tijd van de coup in 1980, ontvluchtte Paramaribo, belandde in Miami en woont tegenwoordig op Cura\u00e7ao.<\/p>\n<p>Het is al opmerkelijk genoeg dat hij heeft willen praten. Het CoPa-team, dat jarenlang onderzoek deed naar de mogelijke betrokkenheid van Bouterse bij coca\u00efnehandel, verdacht ook Calor ervan dat hij de oud-bevelhebber had geholpen bij voorbereiding daarvan. Ook zou hij hebben geholpen bij het witwassen van drugsgeld.<\/p>\n<p>Er is nog een reden waarom de verklaring van Calor interessant is. Justitie nam aan dat er een zakelijke band was tussen Calor en Bouterse via het bedrijf Rebout NV. Als dit vermoeden juist is, is Calor als insider op de hoogte van opmerkelijke handelstransacties. Uit andere stukken in het dossier blijkt dat namelijk Rebout het drievoudige voor gas betaalde dat vervolgens tegen de normale prijs werd geleverd aan de staat Suriname.<\/p>\n<p>Vanaf 1 augustus 1986 kocht het Surinaamse staatsenergiebedrijf niet meer rechtstreeks gas op de wereldmarkt. De transacties liepen via Rebout en Sachs Import\/Export Finance Ltd. Het ministerie betaalde 137 dollar per metrieke ton gas aan Rebout en voor dezelfde hoeveelheid lpg maakte Rebout via de Centrale Bank van Suriname 397 dollar over naar Sachs.<\/p>\n<p>Tweehonderdzestig dollar te veel dus! De Surinaamse rekenkamer plaatste al kritische kanttekeningen bij dit extra betaalde bedrag, want het gaat om wel honderdduizend dollar per maand.<\/p>\n<p>Opmerkelijk is ook dat in verband met deze transacties van Rebout en Sachs door de Centrale Bank van Suriname een standby letter of credit werd aangevraagd bij de Amsterdamse bank Van Haften Labouch\u00e8re, die onlangs in opspraak kwam tijdens de onthullingen over de beursfraude. Deze kredietovereenkomst werd ondertekend door &#8211; opnieuw een goede vriend van Bouterse &#8211; Henk Goedschalk (zie ook het hoofdverhaal).<\/p>\n<p>Uit weer andere processen-verbaal en stukken uit het strafdossier blijkt dat Bouterse in dezelfde tijd nauwe banden had met de minister van natuurlijke hulpbronnen en energie, Tjong Kie Sim. En voor goede vrienden werd gezorgd. Tijdens de periode dat Bouterse bevelhebber was van het Surinaamse leger werd onder meer veertigduizend dollar overgemaakt naar het consulaat-generaal in Amsterdam, waar weer een andere vriend van de Surinaamse bevelhebber, Milton Kolader, de scepter zwaaide. Kolader, die van 1985 tot 1993 als vice-consul in Amsterdam zat, zou de rechterhand zijn geweest van Bouterse en voor de bevelhebber een rekening hebben beheerd bij de ABN Amro Bank in Amsterdam. (*Zie update onderaan de pagina) Van het geld dat op die rekening binnenkwam, werden twee Mercedessen gekocht die naar Paramaribo werden verscheept. Ze waren bedoeld voor de toenmalige president Wim Udenhout en voor Tjong Kie Sim. <\/p>\n<p>Een minister die Bouterse blijkbaar niet alleen regelmatig in Paramaribo tegenkwam. Volgens een verklaring van een van de anonieme getuigen (hij behoorde ooit tot het elitekorps van Bouterse) zou Tjong Kie Sim, samen met de huidige president Jules Wijdenbosch en &#8216;een vlieger Joe&#8217;, een bezoek hebben gebracht aan een van de coke-laboratoria van Bouterse. Ook de verdenkingen van justitie tegen de minister van natuurlijke hulpbronnen en energie zijn niet mis. Tjong Kie Sim wordt ervan beschuldigd dat hij de zaken regelde met het Medellin-kartel.<\/p>\n<p>Het waarschijnlijk zwarte geld van Rebout ging via de Centrale Bank van Suriname naar Van Haften, alwaar het overgemaakt werd naar Sachs, dat een rekening had bij Barclays Bank in het belastingparadijs Jersey. Sachs is niet meer dan een brievenbusmaatschappij. Alles bij elkaar een ingenieuze constructie waardoor mogelijk criminele winsten van de onderwereld naar de bovenwereld kunnen worden gesluisd. Op dit moment, zo blijkt uit het strafdossier, gaat het al om zeker zo&#8217;n tien miljoen dollars die zo in het reguliere handelsverkeer terecht zijn gekomen.<\/p>\n<\/p><\/div>\n<div class=\"wpg-element paragraph\">\n<h3>Update<\/h3>\n<p>04-11-2008<\/p>\n<p>De verdenking van justitie tegen de Surinaamse consul Kolader bleek niet terecht. De Haagse rechtbank besloot hem in december 1995 niet te vervolgen. (Lees hier <a href=\"https:\/\/www.vn.nl\/extra\/pdf\/Vonnis.pdf\" onclick=\"this.target='_blank';\" class=\"normal\" title=\"https:\/\/www.vn.nl\/extra\/pdf\/Vonnis.pdf\">het vonnis<\/a>) <\/p>\n<\/p><\/div>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Een mooie manier van ontwikkelingshulp bedrijven, is subsidie geven. De Centrale Inspectie bedrijven Suriname (CIS) hoefde begin jaren negentig alleen op te treden als doorgeefluik voor levensmiddelen die ge\u00efmporteerd werden uit Nederland.<\/p>\n","protected":false},"author":1023,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"content-type":"","footnotes":""},"categories":[47,71,193,69,1807,1145],"tags":[783],"acf":[],"author_name":"Marian Husken, Reinout van der heijden","_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/127053"}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/types\/post"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/comments?post=127053"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/127053\/revisions"}],"author":[{"embeddable":true,"name":"Marian Husken, Reinout van der heijden","href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/users\/1023"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/media?parent=127053"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/categories?post=127053"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/tags?post=127053"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}