
 {"id":126311,"date":"2004-05-15T15:19:00","date_gmt":"2004-05-15T13:19:00","guid":{"rendered":"http:\/\/beta.vn.nl\/rondgang-duoschrijvers-over-hun-vruchtbare-samenwerking\/"},"modified":"2004-05-15T15:19:00","modified_gmt":"2004-05-15T13:19:00","slug":"rondgang-duoschrijvers-over-hun-vruchtbare-samenwerking","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.vn.nl\/rondgang-duoschrijvers-over-hun-vruchtbare-samenwerking\/","title":{"rendered":"Rondgang Duoschrijvers over hun vruchtbare samenwerking"},"content":{"rendered":"<div class=\"wpg-element paragraph\">\n<p>15-05-2004 <br \/>Door Marleen Slob<\/p>\n<p>Samen schrijven, hoe doe je dat? En levert het andere boeken op? \u2018Als je met zijn twee\u00ebn schrijft, dan ben je een fabriek, een productieproces.\u2019<\/p>\n<p>Jacques Hendrikx (1953) is nu bezig met po\u00ebzie, vertelt hij Hans M\u00fcnstermann (1947). Jarenlang schreven ze samen onder de naam Jan Tetteroo, maar nu ze geen duo meer vormen, lijken ze dit interview nodig te hebben om bij te praten. Ze hebben het lang volgehouden met zijn twee\u00ebn: tien jaar, en als je hun toneelteksten meerekent nog langer, van 1986 tot 2001. Zes romans schreven ze samen, en daarnaast publiceerden ze ook elk afzonderlijk.<\/p>\n<p>De boeken van Jan Tetteroo worden gekenmerkt door een uitdagende toon (\u2018Bent u moedig? Waaruit valt dat af te leiden?\u2019) en onderwerpen waarin straatrumoer doorklinkt: voetbal, een vermist meisje, nationalisme, overspel in Amsterdam-Zuid, de roddelpers en een burgerwacht die vindt dat het allemaal maar eens afgelopen moet zijn.<\/p>\n<p>De Tetteroo-thema\u2019s liggen nog steeds voor het oprapen. En misschien is hij ook nog niet dood, Jan Tetteroo, de \u2018ridder\u2019 die zich zo kwaad kon maken over de alomtegenwoordige onverschilligheid, onder wie M\u00fcnstermann en Hendrikx dienden en onder wiens naam ze schreven. Op de achterflap van hun eerste roman, No flash (1992), kreeg Tetteroo een korte biografie mee. \u2018De roman is het debuut van Jan Tetteroo (1961)\u2019, stond er. \u2018Jarenlang heeft hij door Afrika gereisd, nu woont hij in Amsterdam.\u2019 Pas na een paar jaar werd bekend dat Tetteroo niet een, maar twee schrijvers was. \u2018Als we ons niet hadden verscholen,\u2019 denkt Hendrikx, \u2018was het heel goed mogelijk geweest dat Jan Tetteroo door de critici \u2013 en door de vragen die op ons afkwamen \u2013 letterlijk was verscheurd. We dachten: laat nou eerst die boeken hun werk doen, laat Tetteroo nog maar wat groeien, zodat hij straks meer aan kan.\u2019<\/p>\n<p>\u2018We wisten vanaf het begin: wij moeten het met zijn twee\u00ebn doen,\u2019 zegt M\u00fcnstermann. \u2018Er was een geboeidheid over en weer. We m\u00f3\u00e9sten iets maken. We begonnen met toneel, en de werkwijze die we daarbij hanteerden, is bij de romans min of meer dezelfde gebleven.\u2019<\/p>\n<p>Hendrikx: \u2018Hans was in eerste instantie meer de schrijver, ik meer de researcher. En ik deed de analyse van wat hij schreef.\u2019<\/p>\n<p>M\u00fcnstermann: \u2018Ik zie het nog voor me, mijn hele huis lag bedekt met papieren en knipsels. Hij nam die mee naar huis en ik kreeg dan iets terug waarmee ik verder kon. Heel constructief.\u2019<\/p>\n<p>Onenigheid leverde het samenwerken nauwelijks op. \u2018We hebben altijd het gevoel gehad dat er iets was dat boven ons stond,\u2019 verklaart Hendrikx. \u2018We zaten achter dat masker,\u2019 licht M\u00fcnstermann toe, \u2018en om geen rumor in casa te krijgen, hadden we bedacht dat er daarboven een hoger belang was, iets dat ons verbond en waarin al het persoonlijke gekloot onmiddellijk oploste. Een soort rechtvaardige vorst die we Jan Tetteroo noemden. Er zit iets heel dictatoriaals en na\u00efefs in de opvattingen van Tetteroo over hoe de samenleving moet worden geordend. Al zijn boeken zijn daar als het ware richtlijnen voor. Rudy Kousbroek stelde zich laatst in een interview de vraag: vind ik eigenlijk niet dat Napoleon had moeten winnen? Tetteroo zegt: hij had moeten winnen. Misschien is Tetteroo ook wel te beschouwen als een voorafschaduwing van Pim Fortuyn.\u2019<\/p>\n<p>Hendrikx: \u2018De tijdgeest zit echt in de boeken van Tetteroo.\u2019<\/p>\n<p>M\u00fcnstermann: \u2018Daarom beschouw ik het ook als een oeuvre dat af is. Tetteroo is nu aan de macht. Zo\u2019n burgemeester Leers in Maastricht, dat is echt een kloon van Tetteroo. Wij schreven in het pre-Pimtijdperk. Toen waren die dingen nog min of meer taboe. Nu kan iedereen er veilig over schrijven, dus de prikkel is voor ons veel minder.\u2019<\/p>\n<p>Hendrikx: \u2018Maar er zou ooit iets kunnen gebeuren waardoor Tetteroo toch weer terugkomt.\u2019<\/p>\n<p>Als ze het boek zien waarmee het schrijversduo Agur Sevink en Hans van Wetering vorig jaar debuteerde, worden ze overvallen door nostalgie. De omslagfoto, waarop Sevink en Van Wetering dik ingepakt tegenover elkaar in een bouwvallig boerderijtje achter hun laptops zitten, doet ze denken aan hun eerste boek. \u2018Dat hebben we ook in de kou geschreven. We zaten toen een maand in het Amsterdamse instituut voor Theaterwetenschappen, waar we allebei gestudeerd hebben, en daar deed de verwarming het niet.\u2019<\/p>\n<p>De leverancier heet het boek dat Van Wetering en Sevink samen schreven. Een pil van meer dan vierhonderd pagina\u2019s waarin de verhalen en commentaren (\u2018Hoogmoedig, mijn beste medeschrijver. Maar wat staat er eigenlijk\u2019) om elkaar heen draaien en de personages in elkaar overlopen. \u2018Het is een soort encyclopedie zonder inhoudsopgave,\u2019 legt Van Wetering uit, \u2018als het geen parodie is op Harry Mulisch, stond in een recensie op internet, dan is het een door een computervirus herschreven wereldencyclopedie.\u2019<\/p>\n<p>Van Wetering (1964), historicus en wetenschapsfilosoof, werkzaam als onderzoeker bij een stedenbouwkundig bureau, en Sevink (1968), een wiskundige die verzeild raakte op de scheikundefaculteit van de Universiteit Leiden, ontmoetten elkaar via hun kinderen (\u2018Die zaten allebei op babymassage\u2019). Sevink: \u2018Hij liet elke keer het eten verpieteren als ik kwam, want dan stonden we eindeloos te kletsen. En toen dachten we, misschien kunnen we het beter opschrijven.\u2019<\/p>\n<p>Van Wetering: \u2018Wat ons bindt, is de interesse in rare weetjes, en in hoe je een verhaal kunt vertellen.\u2019<\/p>\n<p>Ze vatten het idee op voor een boek \u2013 \u2018samen te schrijven, anders werd het helemaal zo\u2019n monnikenwerk\u2019, heet het in De leverancier \u2013 en ze besloten dat net zo te doen als op hun werk: met deadlines. Van Wetering: \u2018Om en om schreven we vier bladzijden, tot we een verhaal hadden. Na veel revisies is dat uiteindelijk het hoofdverhaal van De leverancier geworden. Het openingsverhaal Testa hebben we echt samen geschreven, toen we een weekend doorbrachten in een onverwarmd boerderijtje in de Achterhoek. Daarnaast zijn we ieder apart verhalen gaan schrijven, ook omdat we steeds op elkaar moesten wachten.\u2019<\/p>\n<p>Samen schrijven. Eigenlijk hoort het niet, zo klinkt door in de kritiek. \u2018Het Haarhuis-gevoel\u2019 noemde Max Pam het in een recensie: \u2018Goed genoeg om in het dubbelspel uit te blinken, maar net niet goed genoeg om in het enkel Wimbledon of Roland Garros te winnen.\u2019<\/p>\n<p>Pam ziet het als een morele verplichting om een roman in je eentje te schrijven. Van Wetering en Sevink vinden dat \u2018romantisch gezwatel\u2019. \u2018Wetenschappelijke artikelen schrijf ik ook met anderen,\u2019 zegt Sevink, \u2018ik zou niet weten waarom dat in de literatuur niet kan.\u2019<\/p>\n<p>Van Wetering: \u2018De schrijver wordt gezien als het genie dat in een soort heilige zoektocht zichzelf aan de wereld openbaart en zich in het boek verwerkelijkt. Nou, dat kan natuurlijk niet met zijn twee\u00ebn; als je met zijn twee\u00ebn schrijft, dan ben je een fabriek, een productieproces in plaats van de ge\u00efsoleerde kunstenaar. Tenminste, dat is het idee. En dat is gewoon geraaskal, want juist in dat samenwerken kun je tot heel interessante resultaten komen. Maar critici willen altijd weten wie nu het genie is en wie de koffie haalt. De literatuur kan zich niet aan die poppetjesgerichtheid onttrekken.\u2019<\/p>\n<p>Er is zelfs gedacht dat er helemaal geen sprake was van een duo. Van Wetering: \u2018Een hoogleraar van mij zei: ja Hans, ik weet wel dat je van spelletjes houdt, en Agur Sevink, dat is natuurlijk net zoiets als Ole Meerkoet, die bestaat helemaal niet.\u2019<\/p>\n<p>Gek genoeg, merkt Van Wetering op, is er over hun persoonlijke relatie nooit gespeculeerd. \u2018We zouden toch minnaars kunnen zijn? Die detectiveschrijvers, Sj\u00f6wall en Wahl\u00f6\u00f6, Nicci French, die slapen toch ook in \u00e9\u00e9n bed? En Bril en Van Weelden hadden toch ook iets met elkaar? Hahaha.\u2019<\/p>\n<p>M\u00fcnstermann en Hendrikx kunnen zich wel iets voorstellen bij het Haarhuis-gevoel. M\u00fcnstermann: \u2018Het prijzengeld bij dubbelspel is beduidend lager dan bij enkelspel. En er kijken minder mensen naar. Wat dat betreft, is die vergelijking wel aardig.\u2019<\/p>\n<p>Hendrikx: \u2018We werden goed besproken, het werd intrigerend gevonden, maar niemand las het. En onze uitgever zei: jullie winnen met z\u2019n twee\u00ebn nooit een prijs, dat kan niet.\u2019<\/p>\n<p>M\u00fcnstermann: \u2018Een schrijver moet een smoel hebben, kan geen veelkoppig monster zijn. En als ik het werk van Tetteroo nu overzie, dan denk ik, het is toch wel een conceptueel oeuvre; er zitten allerlei strategische doelen achter. Dat kun je niet los zien van het gegeven dat we met zijn twee\u00ebn waren. We waren eigenlijk pamflettenschrijvers, schoolmeesters die de zaak eens wilden tuchtigen. Tetteroo was voor mij geen uitlaatklep voor iets strikt persoonlijks. Het was de plek waar je kon deelnemen aan het collectief. Het was geen expressie van de allerindividueelste gevoelens, we wilden het over ons allemaal hebben, op het dorpsplein. Nee, ik hoefde door dat Tetteroo-masker niet met mijn billen bloot, dat heb ik me wel gerealiseerd. Dan dacht ik: als de kritieken slecht zijn, dan komt dat natuurlijk door Jacques.\u2019<\/p>\n<p>Hoe is dat nu ze solo schrijven?<\/p>\n<p>Hendrikx: \u2018Ik vind het verschil niet erg groot. Die verantwoordelijkheid, die voel je wel iets meer, maar dat heeft ook te maken met het feit dat je uit een andere bron put als je alleen schrijft.\u2019<\/p>\n<p>M\u00fcnstermann: \u2018Ik beschouw de periode-Tetteroo als een periode van rijping. Wij waren elkaars leermeesters. Hij wees me op dingen die ik had moeten weten, maar niet wist, dingen die ik had moeten zien, maar niet zag. Toen ik alleen begon te schrijven, was er nog steeds die bron die ik met hem had gedeeld. Allerlei techniekjes die we hadden ontwikkeld met elkaar nam ik gewoon mee.\u2019<\/p>\n<p>Een soloschrijver schrijft volgens M\u00fcnstermann altijd aan zijn autobiografie. \u2018En als ik het idee zou hebben dat een auteur echt alles verzint, zou ik niet ge\u00efnteresseerd zijn.\u2019 Dat verklaart wellicht ook waarom de lezers niet zo in Jan Tetteroo ge\u00efnteresseerd waren. \u2018Maar wat,\u2019 vraagt Hendrikx zich retorisch af, \u2018zou er zijn gebeurd als we nooit voor het voetlicht waren getreden met zijn twee\u00ebn. Als Jan Tetteroo zich conseqent had verscholen achter zijn boeken?\u2019<\/p>\n<p>Ook bij Sevink en Van Wetering heeft het samen schrijven invloed gehad op de inhoud van hun boek. \u2018De manier waarop we het geschreven hebben,\u2019 zegt Van Wetering, \u2018laat minder ruimte voor langzame karakterontwikkeling. Agur duwde een personage in de put en ik ging weer op een ander spoor verder.\u2019<\/p>\n<p>Sevink: \u2018Om karakters uit te diepen, heb je toch meer nodig dan de vier pagina\u2019s die we per keer schreven. Maar uiteindelijk ontwikkelde het verhaal zich zo dat die platte karakters juist een wezenlijk onderdeel werden van de plot.\u2019<\/p>\n<p>In recensies werd ook het speelse van De leverancier \u2013 en de meligheid waaraan de auteurs niet helemaal hebben weten te ontkomen \u2013 gezien als een gevolg van de manier waarop het boek tot stand kwam. Van Wetering: \u2018Ze zijn met zijn twee\u00ebn, ze zitten daar een beetje te pingpongen, allemaal hartstikke leuk en aardig, maar (verheft zijn stem), daar mist natuurlijk de zw\u00e1\u00e1rte van de ene ziel die zijn stempel etst in dat boek. Typisch Nederlands om die zwaarte te associ\u00ebren met diepzinnigheid en lichtvoetigheid weg te zetten als iets dat niets waard is.\u2019<\/p>\n<p>Sevink: \u2018Het moet over God gaan, of over de oorlog.\u2019<\/p>\n<p>Van Wetering: \u2018Leuk is suspect.\u2019<\/p>\n<p>Maar met zijn twee\u00ebn een boek schrijven is soms best raar, geeft Van Wetering toe. \u2018Het eist nogal wat van je sociale uithoudingsvermogen. Hoe zeg je dingen nog vriendelijk naarmate je verder komt? In het begin waren we poeslief voor elkaar, maar het is toch een potenti\u00eble bron van ellende, alsof er voortdurend een vlieg op je arm zit. Je wordt zo op elkaar geplakt. Eerst ben je vrienden, en op een gegeven moment word je echt collega\u2019s. Je zit nog wel in de kroeg, maar je hebt alleen nog maar werkbesprekingen. Samen schrijven heeft ons een mooi boek opgeleverd, het was een leuke manier om te spelen met verhaalvormen. Maar op dit moment schrijven we apart.\u2019<\/p>\n<p>Sevink: \u2018Als je alleen schrijft, hoef je geen concessies te doen. Dat wil niet zeggen dat samen schrijven minderwaardig is&#8230;\u2019<\/p>\n<p>Van Wetering: \u2018&#8230;maar om het nou een tweede keer te doen, dat is een beetje een overbodige exercitie. Als je tien jaar met zijn twee\u00ebn schrijft, zou dat suggereren dat je in die tien jaar \u00f3f niet verandert, ofwel dat je allebei dezelfde kant opgaat. En dat is een absurditeit.\u2019<\/p>\n<p>Sevink: \u2018We gaan nu iets heel anders doen. Ik zou niet willen dat het een concept wordt.\u2019<\/p>\n<p>Van Wetering: \u2018Onze uitgever wil geloof ik wel graag dat we samen blijven schrijven. Dat duoschrijverschap is nou eenmaal een unique selling point. Maar we hebben nu allebei afzonderlijk een contract voor een boek. Misschien laten we elkaar op een gegeven moment wel stukken lezen, maar veel vrijblijvender dan voorheen. Ik hoef niet meer op zijn opmerkingen te reageren, ik kan gewoon zeggen: donder op, ik vind het goed zo.\u2019 <\/p>\n<\/p><\/div>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Samen schrijven, hoe doe je dat? En levert het andere boeken op? \u2018Als je met zijn twee\u00ebn schrijft, dan ben je een fabriek, een productieproces.\u2019<\/p>\n","protected":false},"author":139,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"content-type":"","footnotes":""},"categories":[97,269],"tags":[783],"acf":[],"author_name":"Marleen Slob","_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/126311"}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/types\/post"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/comments?post=126311"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/126311\/revisions"}],"author":[{"embeddable":true,"name":"Marleen Slob","href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/users\/139"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/media?parent=126311"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/categories?post=126311"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/tags?post=126311"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}