
 {"id":126291,"date":"2022-07-04T04:00:00","date_gmt":"2022-07-04T02:00:00","guid":{"rendered":"http:\/\/beta.vn.nl\/remco-campert-een-jongen-van-vijfenzeventig\/"},"modified":"2022-07-04T13:16:12","modified_gmt":"2022-07-04T11:16:12","slug":"remco-campert-1929-2022","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.vn.nl\/remco-campert-1929-2022\/","title":{"rendered":"Remco Campert (1929-2022): een jongen van in de negentig"},"content":{"rendered":"<div class=\"wpg-element paragraph\">\n<p>1925Hij is zelf ongeveer de laatste aan wie een groots verjaardagsfeest besteed is. Vijfenzeventig worden is niet het soort mijlpaal waar Remco Campert graag bij stilstaat. Hij wenst het leven niet op te delen in jaartallen. \u2018De ene dag sluipt gewoon de andere in,\u2019 zei Campert in 1999 in <em>Humo<\/em>. \u2018Voor mij zijn er maar twee data: je geboorte- en je sterfdag.\u2019<\/p>\n<p><em>Ik houd niet van zestig of veertig of vijftig<\/em><br \/>\n<em>Of dertig of twintig of<\/em><br \/>\n<em>Pijprokend honderd<\/em><br \/>\n<em>Ik houd niet van jubilea<\/em><br \/>\n<em>Het is dan net of het allemaal niet waar was<\/em><br \/>\n<em>Terwijl je wel beter weet<\/em><br \/>\n(fragment uit: \u2018Voor Bert Schierbeek\u2019)<\/p>\n<p>Ja, toen hij v\u00e9\u00e9rtig werd, d\u00e1t vond hij wel een dramatisch moment. Hij bracht die verjaardag in Noord-Frankrijk door. Het miezerde, en Campert raakte vervuld van sombere gedachten. Hij bezocht die dag het Rimbaud-museum, waar hij ook al niet vrolijker van werd. \u2018Ik heb toen heel pathetisch mijn zelfmoord aan mijn vrouw aangekondigd. Maar ik heb er verder niets aan gedaan.\u2019 En nu dus toch vijfenzeventig. \u2018Remco is de jongen die wij allemaal geweest zijn,\u2019 typeert Kees van Kooten hem. \u2018Alleen is Remco die jongen echt gebleven. Een jongen van vijfenzeventig.\u2019<\/p>\n<p>Zijn oeuvre is van een grote veelzijdigheid. Campert bestrijkt het gehele literaire genre; van po\u00ebzie en romans, tot essays, scenario\u2019s, kinderboeken en columns. Hij is vooral de Meester van het Kleine, met een altijd scherp oog voor onverwachte details. \u2018De meest onderschatte schrijver van Nederland\u2019, noemde Jan Wolkers hem ooit. \u2018Het is wellicht allemaal een beetje te herkenbaar om het ooit groots te noemen, wat Remco Campert schrijft,\u2019 merkte Herman de Coninck op in Humo. Campert zelf zal het daar vermoedelijk mee eens zijn. \u2018In wat ik schrijf kun je niet verzinken, op zijn best kun je erop drijven.\u2019<\/p>\n<blockquote><p>&#8216;Remco heeft nooit iets voor zichzelf geclaimd. Hij mist de karaktereigenschappen om voor te dringen.&#8217;<\/p><\/blockquote>\n<p>\u2018Het mirakel van Remco,\u2019 zegt collega-columnist Jan Blokker, \u2018is dat het net lijkt of hij er altijd al geweest is. Al sinds Jacob van Maerlant. Zonder dat hij een soort dominantie had. Lucebert was gezichtsbepalend, Harry Mulisch en W.F. Hermans ook. Die dwongen hun positie af in de pikorde. Maar Remco heeft nooit iets voor zichzelf geclaimd. Hij mist de karaktereigenschappen om voor te dringen. Maar door zijn voortdurende stroom aan stukjes was hij altijd aanwezig.\u2019<\/p>\n\n<div class=\"newsletter-teaser bg-gray\">\n    <div class=\"teaser__content__container\">\n                    <div class=\"teaser__header\">Blijf vrij van geest. Lees onze nieuwsbrief.<\/div>\n        \n                    <div class=\"teaser__text\">Ontvang de beste verhalen van Vrij Nederland twee keer per week in je mail. In elke nieuwsbrief ontvang je \u00e9\u00e9n artikel helemaal gratis.<\/div>\n            <\/div>\n\n    <div class=\"teaser__btn__container\">\n                    <div class=\"teaser__btn\">\n                <a class=\"btn btn--rounded btn--white-bg\" \n                    href=\"\/service\/nieuwsbrieven\"\n                    data-ga-category=\"banner-newsletter-button\" \n                    data-ga-label=\"Blijf vrij van geest. Lees onze nieuwsbrief.\" \n                    data-ga-action=\"clicked\">Ja, dit wil ik ><\/a>\n            <\/div>\n            <\/div>\n<\/div>\n<h5>Een goede voedingsbodem<\/h5>\n<p>Remco Wouter Campert werd in 1929 geboren aan de Hooikade in Den Haag, als enig kind van dichter Jan Campert en actrice Joekie Broedelet. Hij was drie toen zijn ouders scheidden en zijn vader elders ging wonen. Nadien zag hij zijn vader amper nog. De rest van zijn leven zou hij het met een handvol herinneringen moeten doen. \u2018Hij was een vader die door anderen aan het bestaan van zijn zoon herinnerd moest worden,\u2019 zei Campert in 1999 in <em>VN<\/em>. \u2018Hij ging met me naar de Cineac maar combineerde dat wel meteen met een bezoek aan een vriendinnetje.\u2019<\/p>\n<p>Remco Campert was een rustige, verlegen jongen. \u2018Ik ben ontzettend na\u00efef geweest als kind, heel opgesloten in mezelf. Ik bestond liever niet eigenlijk.\u2019 Omdat zijn moeder als actrice dikwijls afwezig was, was hij vaak alleen. Dat moet wel bepalend zijn geweest voor wie hij later is geworden, vermoedt dichter Simon Vinkenoog. \u2018Je moet eens kijken hoeveel dichters enig kind waren. Zoiets dwingt je om te leven in een heel eigen binnenwereld. Dat is voor dichterschap een goede voedingsbodem.\u2019<\/p>\n<p>Campert was een jaar of acht toen de dichter J.C. Bloem hem aan de overkant van de straat bij de tramhalte zag staan. Bloem observeerde de jongen minutenlang, zonder dat Campert het merkte. \u2018Ik heb naar je zoon staan kijken,\u2019 zei Bloem later tegen Joekie Broedelet. \u2018Maak je over hem maar geen zorgen. Deze jongen heeft niemand nodig. Niemand en niets. Hij is een dromer in zijn eigen wereld.\u2019<\/p>\n<p>Campert was tien toen de oorlog uitbrak. Zijn moeder had hem van tevoren gewaarschuwd voor de bombardementen die mogelijk zouden komen. Toen het eenmaal zover was, stond hij \u2019s nachts naast haar bed: \u2018Mam, ik vind er niks an.\u2019<\/p>\n<figure id=\"attachment_441175\" aria-describedby=\"caption-attachment-441175\" style=\"width: 1280px\" class=\"wp-caption alignnone\"><img decoding=\"async\" class=\"size-image_1280 wp-image-441175\" src=\"https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2004\/07\/30Campert-oud-portret-1280x1386.jpg\" srcset=\"https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2004\/07\/30Campert-oud-portret-320x347.jpg 320w, https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2004\/07\/30Campert-oud-portret-640x693.jpg 640w, https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2004\/07\/30Campert-oud-portret-1280x1386.jpg 1280w\" alt=\"campert\" width=\"1280\" height=\"1386\" \/><figcaption id=\"caption-attachment-441175\" class=\"wp-caption-text\">Remco Campert in 1964. De dichter J.C. Bloem over de jonge Campert: \u2018Deze jongen heeft niemand nodig. Hij is een dromer in zijn eigen wereld.\u2019 Foto: Nico Naeff \/ Nederlands Fotomuseum<\/figcaption><\/figure>\n<p>In 1941 verhuisden moeder en zoon naar Amsterdam. Een jaar later werd hij ondergebracht bij de familie Moody in Epe. Daar, op de Veluwe, drukte de oorlog nauwelijks op zijn bestaan. Hij speelde buiten, bouwde hutten, bokste partijtjes tegen andere kinderen uit het onderduikgezin. En hij l\u00e1s er veel; <em>Kees de Jongen<\/em> en vooroorlogse nummers van <em>Life<\/em> en <em>De Lach<\/em>. In diezelfde periode werd zijn vader Jan Campert gearresteerd wegens verzetswerk en afgevoerd naar concentratiekamp Neuengamme. Daar stierf hij, in januari 1943. Vanaf dat moment was Remco zoon van een held.<\/p>\n<p>Na de oorlog werd <em>De achttien dooden<\/em> van Jan Campert bij talloze herdenkingen voorgelezen. En elke keer weer werd Remco gevraagd of hij niet tr\u00f3ts op zijn vader was. \u2018Andere mensen dwongen mij te erkennen dat het mijn vader was,\u2019 zei Campert daar in 1999 in <em>VN<\/em> over. \u2018Maar ik heb nooit geweten hoe zoons zich tegenover hun vader v\u00f3\u00e9len. Voor mij was het een vreemde die toevallig \u00f3\u00f3k de naam Campert droeg.\u2019 Het waren niet de minsten die hem met zijn vader confronteerden. \u2018Zo, dus u gaat in de voetsporen van uw vader treden?\u2019 informeerde koningin Wilhelmina welwillend, toen de jonge Campert net zijn eerste gedichten had gepubliceerd. \u2018Ik hoop het niet, mevrouw.\u2019<\/p>\n<blockquote><p>Vooral de donderdag was een goede dag om caf\u00e9s te bezoeken. \u2018Dan hadden onze vrienden de schilders net betaald gekregen.\u2019<\/p><\/blockquote>\n<p>In september 1945 keerde Campert van de Veluwe terug naar Amsterdam. Kort daarna maakte hij zijn schrijversdebuut in het schoolblad Halo. Hij kreeg een eigen rubriek, \u2018De Lyceumkroeg\u2019 en de strip \u2018Snuf Snuffel\u2019. Het waren de dagen van de nieuwe jazz, van Stan Kenton, Charlie Parker en Dizzy Gillespie. Na schooltijd draaide hij met vrienden middagen, avonden lang jazzplaten. Toen spijbelen echt een dagtaak werd \u2013 zijn moeder speelde nog steeds veel in de provincie \u2013 begon eind jaren veertig Camperts \u2018caf\u00e9-tijd\u2019. In Eijlders en Reynders aan het Leidseplein ontmoette hij geestverwanten als Bert Schierbeek, Rudy Kousbroek, Lucebert, Gerrit Kouwenaar, Karel Appel en Corneille. Vooral de donderdag was een goede dag om de etablissementen te bezoeken. \u2018Dan hadden onze vrienden de schilders net betaald gekregen.\u2019<\/p>\n<h5>Een Amerik\u00e1\u00e1n!<\/h5>\n<p>In 1949 begon Campert samen met Rudy Kousbroek het tijdschrift <em>Braak<\/em>. Het jaar daarop vertrok hij naar Parijs. Amsterdam was te benauwd, te bedompt geworden. \u2018We waren Amsterdam allemaal ontvlucht,\u2019 zegt Simon Vinkenoog. \u2018De bevrijding na de oorlog w\u00e1s namelijk geen bevrijding. Hier gebeurde gewoon niks. Je wees elkaar een buitenlander aan: &#8216;Weet je wat ik gisteren zag? Een Amerik\u00e1\u00e1n!&#8221; Vinkenoog was al in 1948 in Parijs gaan wonen. Hij had er een baan bij Unesco en kon vrienden uit Holland in zijn huis laten logeren.<\/p>\n<a data-ga-category=\"embedded-article\" data-ga-action=\"clicked\" data-ga-label=\"\" href=\"https:\/\/www.vn.nl\/literaire-kroniek-784-remco-campert\/\" class=\"article-embed article-embed--left article-embed--new\"><span class=\"article-embed__image\" style=\"background-image:url(https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/fly-images\/403699\/Campert_5.4-520x520-cc.jpg);\"><\/span><span class=\"article-embed__content\"><span class=\"article-embed__read-more\">Lees ook<\/span><span class=\"article-embed__title\">Voor Remco Campert valt er niet te leven zonder te schrijven<\/span><span class=\"article-embed__date\">11 september 2018<\/span><\/span><\/a>\n<p>Er vormde zich de Hollandse kolonie, met experimentele schrijvers en dichters als Gerrit Kouwenaar, Jan Elburg, Hugo Claus, Rudy Kousbroek en Hans Andreus, en schilders als Karel Appel, Constant en Corneille. \u2018Alles waar ik naar verlangde, was daar ruim aanwezig,\u2019 zei Campert in 2001 in De Morgen. \u2018Er werd getekend, geschilderd, geschreven en ik hoopte er op het grote leven, of wat ik me daarbij voorstelde.\u2019<\/p>\n<blockquote><p>&#8216;De films waren nieuw, de chansons, het theater, het existentialisme\u2026 alles was nieuw. Er geb\u00e9\u00farde iets.\u2019<\/p><\/blockquote>\n<p>Het was niet per se een vriendenkring, volgens Simon Vinkenoog. \u2018We werkten allemaal voor onszelf. Maar we hadden gemeenschappelijke dromen.\u2019 Campert en hij behoorden met hun achttien, negentien jaar tot de jongsten. Vinkenoog: \u2018Elburg, Kousbroek, Kouwenaar en Andreus waren ouder, die hadden echt iets meegemaakt in de oorlog. Rudy had in een kamp gezeten en Kouwenaar in het verzet. Wij hadden die persoonlijke ervaringen niet.\u2019 Toch werd er nauwelijks over het verleden gepraat. \u2018We waren met het heden bezig. De films waren nieuw, de chansons, het theater, het existentialisme\u2026 alles was nieuw. Er geb\u00e9\u00farde iets.\u2019<\/p>\n<figure id=\"attachment_441171\" aria-describedby=\"caption-attachment-441171\" style=\"width: 1280px\" class=\"wp-caption alignnone\"><img decoding=\"async\" class=\"size-image_1280 wp-image-441171\" src=\"https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2004\/07\/30Campert-Vijftigers-1280x1281.jpg\" srcset=\"https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2004\/07\/30Campert-Vijftigers-320x320.jpg 320w, https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2004\/07\/30Campert-Vijftigers-640x640.jpg 640w, https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2004\/07\/30Campert-Vijftigers-1280x1281.jpg 1280w\" alt=\"campert\" width=\"1280\" height=\"1281\" \/><figcaption id=\"caption-attachment-441171\" class=\"wp-caption-text\">Vijf vijftigers in 1954. Van links naar rechts Remco Campert, Gerrit Kouwenaar, Bert Schierbeek, Jan Elburg en Lucebert. Foto: Paul Huf \/ MAI<\/figcaption><\/figure>\n<p>\u2018Remco was in de begintijd in onze ogen toch een jonkie,\u2019 herinnert Gerrit Kouwenaar zich. \u2018Ik had al gepubliceerd, hij niet. Maar we vonden hem wel buitengewoon begaafd.\u2019 Dat Campert de zoon van een beroemde dichter was, speelde geen enkele rol. Kouwenaar: \u2018Jan Campert was wel een interessante figuur, maar hij was voor mijn generatie geen voorbeeld. In onze ogen was hij toch een ouderwetse dichter. Remco vond dat ook, denk ik. Wij wilden het heel anders doen. Wij waren vooral heel erg verbaasd dat die oorlog zo werd ontkend. In mei 1945 werden er weer precies dezelfde sonnetjes geschreven als voor de oorlog. Alsof het hele leven niet op zijn kop had gestaan\u2026 Onze generatie wilde daar een antwoord op geven, in woorden. Door vreselijk goeie po\u00ebzie te schrijven.\u2019<\/p>\n<p>Nadat Simon Vinkenoog in 1952 de bloemlezing <em>Atonaal<\/em> samenstelde, met gedichten van onder meer Campert, Claus, Elburg, Hanlo, Kouwenaar en Vinkenoog zelf, was de Beweging van Vijftig officieel een feit. Het werk van de Vijftigers leidde tot heftige polemieken. Criticus Bertus Aafjes schreef in <em>Elseviers Weekblad<\/em> messcherpe recensies met koppen als \u2018De God van Kloos is dood; SS de po\u00ebzie binnengemarcheerd\u2019. Maar het gewicht van de Vijftigers moet zeker niet overschat worden, vindt Kouwenaar. \u2018Ach, die Vijftigers, dat is een jeugdfasetje geweest. We waren niet meer dan een bij elkaar geharkt groepje. De kwaliteit van de meesten van ons werd pas later waargemaakt.\u2019<\/p>\n<h5>Onmiddelijk een eigen toon<\/h5>\n<p>Campert debuteerde in 1951 met de dichtbundel <em>Vogels vliegen toch<\/em>, waarvoor hij in datzelfde jaar de Reina Prinsen\u00a0 Geerligsprijs kreeg.<\/p>\n<p><em>Ik geloof in een rivier<\/em><br \/>\n<em>Die stroomt van zee naar de bergen<\/em><br \/>\n<em>Ik vraag van po\u00ebzie niet meer<\/em><br \/>\n<em>Dan die rivier in kaart te brengen<\/em><br \/>\n(Uit \u2018Credo\u2019, uit de bundel <em>Vogels vliegen toch<\/em>)<\/p>\n<p>Campert had als dichter onmiddellijk een eigen toon, stelt Gerrit Kouwenaar terugblikkend vast. \u2018Die geraffineerde eenvoud is vanaf het begin kenmerkend geweest. Die eenvoud zit in zijn woordgebruik, in de manier waarop hij naar de wereld kijkt. Het is buitengewoon knap gedaan, terwijl het er bedrieglijk makkelijk uitziet. Hij mijdt grote woorden, het gaat nooit over grote dingen.<\/p>\n<p>Daardoor is het buitengewoon direct. Remco haalt het van de straat. Hij schrijft over zijn ouwe jas. Maar in die ouwe jas zit wel de hele werkelijkheid.\u2019<\/p>\n<blockquote><p>&#8216;Het m\u00f3\u00e9t er zo staan, dat k\u00e1n niet anders. Ik ken geen gedicht van hem waarvan ik denk: hier heeft hij zich overschreeuwd.&#8217;<\/p><\/blockquote>\n<p>\u2018Het werk van Campert heeft iets heel bijzonders,\u2019 zegt Jan Wolkers dromerig. Wolkers was een jaar of vijfentwintig toen hij <em>Vogels vliegen toch<\/em> onder ogen kreeg. Dat was niet minder dan een openbaring. \u2018Je kende de po\u00ebzie van Boutens en dat soort lieden. Maar dit was nieuw. Ik werd getroffen door de eenvoud, door de zuiverheid. Het is bij zijn po\u00ebzie net of je op een regendag naar buiten gaat met een jas die al nat is. Alsof die jas al buiten is geweest. Dat gevoel van vertrouwdheid heb ik bij Remco heel sterk. Zijn werk heeft de oerkracht van de eenvoudige waarneming.\u2019<\/p>\n<p>Hij houdt van veel dichters, beklemtoont Wolkers, terwijl hij met beide armen naar de welgevulde boekenkasten in zijn woonkamer wijst. \u2018Dichters omringen je je hele leven.\u2019 Maar Campert heeft iets unieks, zegt hij, met oudtestamentische nadruk. \u2018Ik vind Kouwenaar ook erg mooi, maar Campert is vanzelfsprekender. Letterlijk. Het spreekt vanzelf. Het m\u00f3\u00e9t er zo staan, dat k\u00e1n niet anders. Ik ken geen gedicht van hem waarvan ik denk: hier heeft hij zich overschreeuwd. Wat ik bij Lucebert soms toch wel heb.\u2019<\/p>\n<figure id=\"attachment_441179\" aria-describedby=\"caption-attachment-441179\" style=\"width: 1280px\" class=\"wp-caption alignnone\"><img decoding=\"async\" class=\"size-image_1280 wp-image-441179\" src=\"https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2004\/07\/30Campert-jagtlust-1280x1236.jpg\" srcset=\"https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2004\/07\/30Campert-jagtlust-320x309.jpg 320w, https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2004\/07\/30Campert-jagtlust-640x618.jpg 640w, https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2004\/07\/30Campert-jagtlust-1280x1236.jpg 1280w\" alt=\"campert\" width=\"1280\" height=\"1236\" \/><figcaption id=\"caption-attachment-441179\" class=\"wp-caption-text\">Campert op buitenhuis Jagtlust met zijn tweede vrouw Fritzi ten Harmsen van der Beek (midden). Foto: Leo Klatser.<\/figcaption><\/figure>\n<p>Het bleek aanvankelijk niet makkelijk voor Campert om van zijn po\u00ebzie te kunnen leven. Hij solliciteerde noodgedwongen bij <em>Het Vrije Volk<\/em>, als journalist. Op het sollicitatieformulier vulde hij in: \u2018Tegenwoordige functie: dichter. Loopbaan: beter van niet.\u2019 Hij werd wel uitgenodigd voor een gesprek en er werd, curieus genoeg, zelfs een bloedproef afgenomen. Daarna hoorde hij niets meer. \u2018Ik heb me nog vaak afgevraagd of dat iets met mijn bloed te maken had.\u2019<\/p>\n<p>De jaren vijftig zouden de meest onstuimige periode uit zijn leven worden. Op het Boekenbal van 1954 ontmoette hij de flamboyante dichteres Fritzi ten Harmsen van der Beek, en ging bij haar op Jagtlust wonen. Het fameuze buitenhuis aan de Eemnesserweg in Laren groeide in die jaren uit tot een dependance van het Leidseplein. Het waren woeste in alcohol gedrenkte jaren, waarin wilde feesten zich aaneenregen. In 1958 verruilde Campert Jagtlust weer voor Amsterdam. Uit lijfsbehoud. \u2018Ik heb nooit in mijn leven zoveel gedronken als daar en ik wist: als ik nog wat wilde met mijn leven moest ik weg. Ik wilde schrijven, dat was mijn toekomst. Schrijven en nog eens schrijven.\u2019<\/p>\n\n<div class=\"newsletter-teaser bg-gray\">\n    <div class=\"teaser__content__container\">\n                    <div class=\"teaser__header\">Messcherp en bloedstollend<\/div>\n        \n                    <div class=\"teaser__text\">Ontvang het hele jaar door onze nieuwsbrief over spannende detectives en de akeligste thrillers.<\/div>\n            <\/div>\n\n    <div class=\"teaser__btn__container\">\n                    <div class=\"teaser__btn\">\n                <a class=\"btn btn--rounded btn--white-bg\" \n                    href=\"\/nieuwsbrieven\"\n                    data-ga-category=\"banner-newsletter-button\" \n                    data-ga-label=\"Messcherp en bloedstollend\" \n                    data-ga-action=\"clicked\">Schrijf je in ><\/a>\n            <\/div>\n            <\/div>\n<\/div>\n<h5>Een onontwarbare kluwen<\/h5>\n<p>In 1961 verscheen zijn prozadebuut <em>Het leven is vurrukkulluk<\/em>, een onverbiddelijke klassieker waarvan uiteindelijk vierentwintig drukken zouden uitkomen. Terwijl de ontstaansgeschiedenis tamelijk proza\u00efsch was, vertelde Campert in 1979 aan de <em>Haagse Post<\/em>.<\/p>\n<p>\u2018Op een avond zat ik achter mijn bureau, en toen schreef ik: &#8216;Het leven is vurrukkulluk&#8217;. Dat vond ik een grappige zin. Iemand moet die woorden zeggen, dacht ik. Toen heb ik ervan gemaakt: &#8216;Het leven is vurrukkulluk, zei Panda.&#8217; Op die zin moest iemand reageren. Ik schreef: &#8216;Jaaah, beademde Mees met een zucht.&#8217; Zo ben ik doorgegaan. Een schema had ik niet, ik wist niet hoe het verhaal verder zou lopen. Na de ene zin kwam de andere zin. Zes weken later was het boek af.\u2019<\/p>\n<p><em>\u2018Ach, op een oude fiets moet je het leren,\u2019 v\u00e9lozoveerde de juffrouw, terwijl ze Panda een knipoog gaf. (&#8230;) \u2018God weet dat het leven zwaar genoeg is,\u2019 theologiseerde ze.<\/em><br \/>\n<em>\u2018Tja\u2026\u2019 abstraheerde Panda.<\/em><br \/>\n<em>\u2018Mijn man zaliger zei altijd: achter de wolken dreigt de sneeuw,\u2019 meteorologiseerde de juffrouw vervolgens. En met een berustend uitgesproken: \u2018Het leven is een onontwarbare kluwen,\u2019 konkluwedeerde ze.<\/em><br \/>\n(Uit: <em>Het leven is vurrukkulluk<\/em>)<\/p>\n<blockquote><p>&#8216;Het feit dat iemand een kikker banaan noemde, dat was in onze ogen een revol\u00fatie.\u2019<\/p><\/blockquote>\n<p>\u2018In de verhalen van Remco zag je voor het eerst dat het \u00e1nders kon,\u2019 zegt Kees van Kooten. Lyrisch: \u2018Die boeken waren gebeurtenissen. De toon van Remco heeft ongetwijfeld later ook de toon van Wim en mij bepaald. Remco cre\u00eberde een eigen wereld. Het feit dat iemand een kikker banaan noemde, dat was in onze ogen een revol\u00fatie.\u2019 Juist dat vreemde gevoel voor humor maakte <em>Het leven is vurrukkulluk<\/em> tot zo\u2019n bijzonder boek, beaamt ook Jan Blokker. \u2018Het is tijdloze Laurel &amp; Hardy-achtige humor. Het knappe aan <i>Het leven is vurrukkulluk<\/i> is dat het heel erg jaren zestig is, maar dat het daar tegelijk ook over gaat. Die afstand zit er ook in.\u2019 Eigenlijk wilde hij met het boek vooral \u2018een geluksgevoel\u2019 beschrijven, zei Campert in 1979 in de Haagse Post. \u2018Nog later begreep ik dat dat geluksgevoel het schrijven zelf was.\u2019<\/p>\n<h5>Swingend over straat<\/h5>\n<p>Remco Campert trouwde vier maal. Drie keer kort achter elkaar in de jaren vijftig, de laatste keer in 1996, met de van oorsprong Amerikaanse Deborah Wolf, met wie hij vroeger al vijftien jaar had samengewoond. Wolf ontmoette Campert begin jaren zestig, maar was aanvankelijk niet erg van de po\u00ebet onder de indruk. Totdat ze hem bij de opening van een tentoonstelling een paar van zijn gedichten hoorde voordragen. \u2018Hij las een gedicht voor over een vrouw die onder een blauwe deken lag. In een flits dacht ik: ik wil die vrouw zijn. Sindsdien heb ik elke nacht onder een blauwe deken geslapen.\u2019<\/p>\n<a data-ga-category=\"embedded-article\" data-ga-action=\"clicked\" data-ga-label=\"\" href=\"https:\/\/www.vn.nl\/scrabble-is-belangrijker-dan-seks\/\" class=\"article-embed article-embed--left article-embed--new\"><span class=\"article-embed__image\" style=\"background-image:url(https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/fly-images\/245888\/ca1cef70-7bd7-4324-a33b-b14f82939aa7_campertgroot2-520x520-cc.jpg);\"><\/span><span class=\"article-embed__content\"><span class=\"article-embed__read-more\">Lees ook<\/span><span class=\"article-embed__title\">Remco Campert en Deborah Wolf: \u2018Scrabble is belangrijker dan seks\u2019<\/span><span class=\"article-embed__date\">4 juli 2021<\/span><\/span><\/a>\n<p>Het allerleukste aan Campert is, zegt zijn vrouw, dat hij onder alle omstandigheden zichzelf is. \u2018Hij zal nooit moeite doen om bij iemand in de gratie te komen. Hij is redelijk gelijkmatig; nooit heel erg verdrietig en nooit heel erg gelukkig.\u2019 De verlegenheid van vroeger is er nog steeds. \u2018Behalve als hij drinkt. Dan komt ie los, gaat ie praten. Bij hem heeft dat drinken echt een functie.\u2019<\/p>\n<figure id=\"attachment_441183\" aria-describedby=\"caption-attachment-441183\" style=\"width: 1280px\" class=\"wp-caption alignnone\"><img decoding=\"async\" class=\"size-image_1280 wp-image-441183\" src=\"https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2004\/07\/30Campert-gezin-1280x1288.jpg\" srcset=\"https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2004\/07\/30Campert-gezin-320x322.jpg 320w, https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2004\/07\/30Campert-gezin-640x644.jpg 640w, https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2004\/07\/30Campert-gezin-1280x1288.jpg 1280w\" alt=\"campert\" width=\"1280\" height=\"1288\" \/><figcaption id=\"caption-attachment-441183\" class=\"wp-caption-text\">Remco en Deborah Campert. \u2018Er zit een enorm verschil tussen de man die ik lees en de man met wie ik leef.\u2019 Foto: Bert Nienhuis<\/figcaption><\/figure>\n<p>Nee, Campert is niet iemand die van nature swingend over straat gaat, heeft ook Kees van Kooten kunnen constateren. \u2018Remco loopt eerder wat besmuikt door de Kalverstraat. Nog liever loopt hij een straatje om. En toch weet hij altijd de kern uit het leven te halen.\u2019 Die verlegenheid is ook een vorm van beleefdheid, taxeert Van Kooten. \u2018Het is een rechtstreeks gevolg van innerlijke beschaving; het beter weten, maar de ander daar niet onzeker mee willen maken.\u2019 Die schuwheid is volgens Jan Wolkers juist Camperts kracht. \u2018In de stad word je honderden keren per dag door grof volk bejegend. Alsof je een mede-aap bent. Die schuchterheid is een prachtig pantser. Die transparantie die hij op straat heeft, zit ook in zijn gedichten.\u2019<\/p>\n<p>\u2018Remco roept bij mij altijd een lichte bezorgdheid op,\u2019 zegt beeldend kunstenaar Jeroen Henneman. \u2018Of hij wel gezond is, en of hij veilig thuis is gekomen.\u2019 Een jaar of wat geleden fietste Henneman \u2019s nachts door Amsterdam. Het moet rond een uur of vier geweest zijn, toen hij in de Van Baerlestraat plotseling Remco Campert zag lopen. \u2018Hij liep zo\u2019n honderd meter voor mij. Wankelend, steun zoekend tegen gevels. Zonder dat hij het merkte, ben ik hem op de fiets gevolgd. Net zolang totdat hij zijn eigen voordeur binnenging. Ik wilde zeker weten dat hij veilig thuisgekomen was.\u2019<\/p>\n<blockquote><p>Kees van Kooten: &#8216;Hij heeft prachtige gespierde benen. En hij kan nog aardig voetballen ook.\u2019<\/p><\/blockquote>\n<p>Campert mag dan een kwetsbare indruk maken, toch beschikt hij over onverwachte fysieke kwaliteiten. Kees van Kooten mag graag vertellen over het voetbaltoernooitje dat hij ooit met Campert speelde. \u2018Ik zag hem daar in korte broek&#8230; ronduit indrukwekkend. Hij heeft prachtige gespierde benen. En hij kan nog aardig voetballen ook.\u2019<\/p>\n<p>De dichter blijkt in priv\u00e9kring ook vermaard om zijn sjoelkwaliteiten. \u2018Hij wint zelfs van Jan Mulder,\u2019 zegt Deborah Campert. En Campert is goed in scrabble. Wanneer hij met zijn vrouw de zomer doorbrengt in hun huis in Frankrijk, komt na de maaltijd steevast het scrabblespel op tafel. \u2018Dan roken we soms eerst samen een jointje. Dat maakt het nog extra grappig. En dan scrabbelen we uren achter elkaar.\u2019<\/p>\n<p>Maar Campert kan ook bokkig zijn, en vervelend, zeggen zijn vrienden. Kees van Kooten: \u2018Soms solliciteert Remco naar een rotklap. Hij kan erg mopperig zijn, onredelijk, een keer te veel overdreven zitten zuchten.\u2019 Jeroen Henneman kreeg jaren geleden bezoek van Campert, net op het moment dat hij schaker Jan Timman over de vloer had. \u2018Timman vertelde over een partij die hij verloren had. Er volgde een lange uiteenzetting over zetten die hij wel of juist niet had moeten doen. Opeens werd Remco driftig. &#8216;Man, waar maak je je druk om? Wat een gelul, zeg, over zo\u2019n dom spelletje. Timman was natuurlijk tot in zijn ziel gekrenkt en werd woedend. Het werd echt slaande ruzie. Remco kan heel pertinent met anderen van mening verschillen.\u2019<\/p>\n<p>Zo\u2019n verhaal komt ook Jan Wolkers niet onbekend voor. \u2018Hij was een keer hier op Texel, samen met Geert Lubberhuizen. Ik leidde ze rond door de tuin en vertelde uitvoerig over alle planten en dieren. Opeens zag ik Remco\u2019s blik verstrakken. Ik dacht, laat ik me nu verder maar inhouden en niet meer elk plantje benoemen. Straks roept ie: &#8216;En nou verdomme opgesodemieterd met je kloteplantjes!\u2019<\/p>\n<h5>Vadertje Campert<\/h5>\n<p>Hoe persoonlijk het werk van Campert ook is, het lukte hem heel lang niet om zijn eigen vader in woorden te vangen. \u2018Terwijl hij wel een heel grote rol speelt in Remco\u2019s leven,\u2019 weet Jeroen Henneman. Gedragen vertelt Henneman over een ontmoeting met Campert, ergens begin jaren tachtig. Ze kwamen elkaar \u2019s middags tegen op straat en besloten een kop koffie te gaan drinken in caf\u00e9 De Pels. \u2018We kregen een heel persoonlijk gesprek, over onze beide vaders. Remco vertelde hoezeer het hem dwars zat dat hij nooit een gedicht over zijn vader had kunnen maken. Opeens ging achter de bar de telefoon. &#8220;Jeroen, het is voor jou&#8221;, zei de barman. Ik dacht, dat kan nooit. Niemand weet dat ik hier ben. Het was mijn zus. Ze had de hele stad afgebeld om me te vinden. Mijn vader was gestorven. Ik liep verdoofd terug naar Remco, vertelde hem wat ik net gehoord had. Hij was bijna net zo verbijsterd als ik.\u2019<\/p>\n<p>Henneman vertrok vervolgens naar Itali\u00eb, waar zijn vader woonde, om de begrafenis te regelen. \u2018En toen ik na een week terugkwam,\u2019 vervolgt hij, zichtbaar aangedaan, \u2018lag er een envelop op de deurmat. Daarin zat dat prachtige gedicht van Remco, over zijn vader. Dat\u2026 dat was iets ongelofelijks.\u2019<\/p>\n<p><em>Op die landweg moeder<\/em><br \/>\n<em>Hield je me minuten vast<\/em><\/p>\n<p><em>Je ogen waren rood<\/em><br \/>\n<em>Je jas die rook naar stad<\/em><\/p>\n<p><em>De Duitser had per kaart gemeld<\/em><br \/>\n<em>Mijn vader hij was dood<\/em><\/p>\n<p><em>In Neuengamme bitter oord<\/em><br \/>\n<em>Daar hadden ze hem vermoord<\/em><br \/>\n(Fragment uit: \u2018Januari 1943\u2019)<\/p>\n<figure id=\"attachment_441177\" aria-describedby=\"caption-attachment-441177\" style=\"width: 1280px\" class=\"wp-caption alignnone\"><img decoding=\"async\" class=\"size-image_1280 wp-image-441177\" src=\"https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2004\/07\/30Campert-raam-1280x1847.jpg\" srcset=\"https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2004\/07\/30Campert-raam-320x462.jpg 320w, https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2004\/07\/30Campert-raam-640x924.jpg 640w, https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2004\/07\/30Campert-raam-1280x1847.jpg 1280w\" alt=\"campert\" width=\"1280\" height=\"1847\" \/><figcaption id=\"caption-attachment-441177\" class=\"wp-caption-text\">Foto: Bert Nienhuis<\/figcaption><\/figure>\n<p>In 1999 zou Campert voor het boekenweekgeschenk <em>Familie-album<\/em> eindelijk uitvoerig over zijn vader schrijven. Het werd een adembenemend verhaal over een zoon die zijn vader een gezicht probeert te geven. \u2018Het was voor Remco heel belangrijk om dat verhaal te maken,\u2019 denkt Jan Mulder, die de andere helft van Familie-album schreef. \u2018Vorig jaar werd in de hal van De Bezige Bij een plaquette van <i>De achttien dooden<\/i> onthuld. Hij las het daar voor. Dat was onvergetelijk. Ontr\u00f3\u00e9rend. Daar stond gewoon een jongetje dat aan zijn vader dacht.\u2019<\/p>\n<h5>Een combinatie van rust en onrust<\/h5>\n<p>Jan Mulder leerde Campert halverwege de jaren zeventig kennen op een verjaardag bij Kees van Kooten. Campert, toen redacteur bij De Bezige Bij, was degene die Mulder aanspoorde om te gaan schrijven. \u2018Remco had een zin van mij gelezen die hij wel aardig vond. Ik vroeg: &#8220;Zal ik eens wat verhalen proberen te schrijven?&#8221; Dat achtervolgt mij tot op de dag van vandaag.\u2019<\/p>\n<p>Mulder trok een paar seizoenen met Campert door het land, om in het theater \u2018literaire avonden\u2019 te verzorgen. Hij bewaart bij uitstek goede herinneringen aan de eindeloze autoritten die ze samen maakten. \u2018Ik vond het altijd heerlijk als Remco naast me zat. Hij is een combinatie van rust en onrust. Er broeit iets in hem \u2013 onzekerheid over het bestaan \u2013 en tegelijkertijd is hij de rust zelve.\u2019<\/p>\n<blockquote><p>\u2018We horen allebei erg graag ambtenaren praten over salmonella. En we deden niets liever dan teksten lezen die op vrachtwagens stonden.&#8217;<\/p><\/blockquote>\n<p>Ze praatten niet eens veel, zo samen in de auto. Ze luisterden vooral veel naar de radio. \u2018We horen allebei erg graag ambtenaren praten over salmonella. En we deden niets liever dan teksten lezen die op vrachtwagens stonden. Zagen we een vrachtwagen van de firma Snoep, dan konden we kilometers lang filosoferen over het vrachtwagenimperium van de familie Snoep.\u2019 Plechtig: \u2018Ach man, vrachtwagens zijn b\u00f3\u00e9ken. Of wat dacht je van viaducten? We passeerden een keer een viaduct met de tekst: Vlees is leed.\u2019 Ineenkrimpend: \u2018We zaten werkelijk verst\u00edjfd in de auto.\u2019 Op zulke momenten kwam af en toe even Camperts notitieblokje te voorschijn. Ze verdeelden hun wegervaringen eerlijk hoor, benadrukt Mulder. \u2018Maar <i>vlees is leed<\/i> was voor Remco.\u2019<\/p>\n<p>Die gezamenlijke theateroptredens van Campert en Mulder brachten de hoofdredactie van <em>de<\/em> <em>Volkskrant<\/em> op het idee voor CaMu, de column die sinds 1996 dagelijks de voorpagina siert. Jan Blokker voelde aanvankelijk enige aarzeling. De tweewekelijkse column die Campert voordien in <em>de Volkskrant<\/em> schreef, werd geregeld ondermijnd door disciplineproblemen van de schrijver. \u2018Het kwam voor dat er gewoon geen column was. Hij had daar de aandoenlijkste smoezen voor. De beste was: &#8220;Ik was weg.&#8221; Uiteindelijk hebben we het huwelijk moeten ontbinden. Daarom is bij CaMu dat verband met Mulder ook zo goed. Hij kan zijn maatje toch moeilijk in de steek laten.\u2019<\/p>\n<figure id=\"attachment_441185\" aria-describedby=\"caption-attachment-441185\" style=\"width: 1280px\" class=\"wp-caption alignnone\"><img decoding=\"async\" class=\"size-image_1280 wp-image-441185\" src=\"https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2004\/07\/30Campert-kleur-1280x1280.jpg\" srcset=\"https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2004\/07\/30Campert-kleur-320x320.jpg 320w, https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2004\/07\/30Campert-kleur-640x640.jpg 640w, https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2004\/07\/30Campert-kleur-1280x1280.jpg 1280w\" alt=\"campert\" width=\"1280\" height=\"1280\" \/><figcaption id=\"caption-attachment-441185\" class=\"wp-caption-text\">Campert in de jaren negentig. Foto: Bert Nienhuis<\/figcaption><\/figure>\n<p>Blokker is wel uitgesproken in zijn voorkeur voor Ca boven Mu. \u2018Dat is geen vergelijking. Remco heeft een volstrekt autonome manier van naar de wereld kijken. Campert fietst, Mulder zit op de bagagedrager.\u2019 Blokker is zelf zo\u2019n beetje de laatste journalistieke columnist, nu hij er zo over nadenkt. \u2018Van de andere columnisten zou ik negenennegentig procent door de wc willen spoelen. Remco torent daar mijlenver bovenuit. Het blijft altijd heel klein, maar het is jaloersmakend mooi geschreven.\u2019<\/p>\n<p>\u2018Ik ben altijd weer stomverbaasd als ik die column lees,\u2019 beweert Deborah Campert. \u2018Ik denk vaak: hoe is het mogelijk? Ik heb dikwijls het idee dat Remco niks ziet, weinig meemaakt, nergens echt in ge\u00efnteresseerd is. En toch zet hij in driehonderd woorden even een fantastisch inzicht neer. Dat brein is onnavolgbaar. Wat dat betreft, zit er een enorm verschil tussen de man die ik lees en de man met wie ik leef. Als hij niet zou schrijven, zou ik Remco een hele saaie man vinden.\u2019 Schaterend: \u2018Er schuilt een kant in hem die mij altijd weer verbaast: hoe kan een saaie man zo\u2019n levendige geest hebben? Dat blijft mij intrigeren.\u2019<\/p>\n<blockquote><p>&#8216;Vergeet niet: Remco is opgegroeid in de hongerwinter, ik kom uit de patserige voetbalwereld. Da\u2019s wel een verschil, meneer!\u2019<\/p><\/blockquote>\n<p>Pieter Broertjes, hoofdredacteur van <em>de Volkskrant<\/em>, is nog altijd \u2018zielsgelukkig\u2019 met CaMu. \u2018Zolang ik er zit, zal ik ze daar proberen te houden. Ze zijn nu even met vakantie. Dat merk je direct. Die hele voorpagina mist zijn anker.\u2019<\/p>\n<p>Camperts stukjes zijn \u2018prachtige zedenschetsen\u2019, oordeelt de hoofdredacteur. \u2018Het gaat over het ware leven. Hij schrijft over zijn poes, over zijn luiheid en zijn angsten. Iedereen kent dat gevoel dat je soms gewoon geen zin hebt om op te staan. Maar Campert kan dat zo meesterlijk opschrijven, dat je er zelf onmiddellijk weer energie van krijgt.\u2019 De zakelijke onderhandelingen met het duo verlopen altijd via Jan Mulder. \u2018Remco is daar veel te bescheiden voor.\u2019<\/p>\n<p>\u2018Ja, zeg,\u2019 reageert Mulder, gespeeld geschokt, \u2018 stel je v\u00f3\u00f3r! Als Remco voor ons zou onderhandelen, dan zaten we nu op een kartonnen doos voor het Centraal Station. Vergeet niet: Remco is opgegroeid in de hongerwinter, ik kom uit de patserige voetbalwereld. Da\u2019s wel een verschil, meneer!\u2019<\/p>\n<h5>Te banaal<\/h5>\n<p>Campert laat zijn column nooit van tevoren aan iemand lezen. Ook niet aan zijn vrouw. \u2018Hij heeft me nog nooit gevraagd: &#8220;Wat vond je ervan?&#8221; Hij weet ook wel dat ik ze meestal fantastisch vind.\u2019 Hoewel ze haar man bij zijn laatste roman <em>Een liefde in Parijs<\/em> graag had willen behoeden voor een paar mindere momenten. \u2018De hoofdpersoon is de zoon van een acteur, die zich nooit veel van zijn kind heeft aangetrokken. Op een dag vraagt die vader: &#8220;Mag ik eens iets van je lezen?&#8221; Die zoon zegt: &#8220;Ik heb er nog niet zoveel. Misschien nog maar achttien gedichten.&#8221; Ik zei: Remco, dat k\u00e1n niet. Je k\u00fant als zoon van Jan Campert, van <i>De achttien dooden<\/i>, niet achttien gedichten hebben. Dat is te banaal. Hij was zich nergens van bewust geweest. In een latere druk is dat gecorrigeerd.\u2019<\/p>\n<p>Inmiddels is Campert weer bezig aan een nieuwe roman. Als ze goed luistert, hoort ze hem boven tikken, op een van zijn drie schrijfmachines. Dat schrijven is alles voor hem, weet Deborah Campert. \u2018Het is belangrijker dan al het andere in zijn bestaan, ook belangrijker dan de vrouw met wie hij leeft. Ik weet dat hij veel van me houdt. Maar ik denk ook dat het voor hem niet het einde zou betekenen wanneer ik zou wegvallen. Terwijl hij zonder zijn werk niet zou kunnen leven. J.C. Bloem had dat heel goed gezien: Remco heeft uiteindelijk genoeg aan zichzelf.\u2019<\/p>\n<\/div>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Remco Campert lijkt er altijd al te zijn geweest. Toch wordt de \u2018meester van het kleine\u2019 op 28 juli pas vijfenzeventig. Wat maakt Campert \u2013 columnist, romanschrijver en vooral dichter \u2013 tot een bijzonder mens en een groot schrijver? Een portret van Campert in de woorden van collega\u2019s als Kouwenaar, Van Kooten, Blokker en Wolkers.\u2018Die schuchterheid van Remco is een prachtig pantser\u2019<\/p>\n","protected":false},"author":1023,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"content-type":"","ep_exclude_from_search":false,"footnotes":""},"tags":[783],"class_list":["post-126291","post","type-post","status-publish","format-standard","hentry","tag-verhalen","dossier-cultuur"],"acf":[],"author_name":"Coen Verbraak","_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/126291","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/types\/post"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/comments?post=126291"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/126291\/revisions"}],"author":[{"embeddable":true,"name":"Coen Verbraak","href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/users\/1023"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/media?parent=126291"}],"wp:term":[{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/tags?post=126291"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}