
 {"id":126153,"date":"2005-02-12T09:18:00","date_gmt":"2005-02-12T07:18:00","guid":{"rendered":"http:\/\/beta.vn.nl\/saturday-ian-mcewan\/"},"modified":"2005-02-12T09:18:00","modified_gmt":"2005-02-12T07:18:00","slug":"saturday-ian-mcewan","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.vn.nl\/saturday-ian-mcewan\/","title":{"rendered":"Saturday &#8211; Ian McEwan"},"content":{"rendered":"<div class=\"wpg-element paragraph\">\n<h3>Overleven in tijden van geweld<\/h3>\n<p>12-02-2005<br \/>Door Jeroen Vullings<\/p>\n<\/p><\/div>\n<div class=\"figure--left\">\n<figure id=\"post-126153 media-126153\" class=\"align-none\"><img decoding=\"async\" src=\"https:\/\/www.vn.nl\/wp-content\/uploads\/2005\/02\/26020143-2ea9-443d-b639-2cdab0198852_saturday1.jpg\" alt=\"\" border=\" \/><\/figure>\n<\/div>\n<div class=\"wpg-element paragraph\">\n<p>Ian McEwan schreef een roman over alle dilemma\u2019s van de jongste, door terrorisme getekende geschiedenis. Zijn beste tot nu toe.<\/p>\n<p>De sc\u00e8ne met die ballon. Met hoeveel Ian McEwan-lezers je ook spreekt, steeds blijkt de lange openingssc\u00e8ne van Enduring Love in hun beleving het hoogtepunt van zijn werk. Dat hij in het slot van die roman uit 1997 zijn toevlucht neemt tot een gezochte plot, geldt dan als een klein bezwaar. Die ene machtige sc\u00e8ne, waarin de menselijke conditie schrijnend verbeeld is, torent boven zijn andere inspanningen uit en tilt die zelfs op.<\/p>\n<p>Is die waardering onterecht? Nee. Maar zelf stel ik het indrukwekkende Black Dogs (1992) op gelijke hoogte als de ballonsc\u00e8ne. In die consistente roman liet hij voor het eerst zien dat hij een langere adem heeft dan tot dan toe het geval was in zijn steevast macabere korte verhalen en in opgerekte novelles als The Comfort of Strangers. Bovendien reikt hij in Black Dogs ook in onderwerpskeuze het verst: de roman is een panoramische reflectie over het voorbije laat-twintigste-eeuwse Europa, waarin McEwan de gruwelen onder de nazibezetting, de verblinding van communistische fellow travellers en de val van de Berlijnse Muur moeiteloos in dwingend verband brengt.<\/p>\n<p>Twee hoogtepunten dus: Black Dogs en Enduring Love. Recente publicaties als het lichtgewichtboekje Amsterdam \u2013 waarvoor hij godbetert \u00e9\u00edndelijk maar in dit geval onterecht de Booker Prize kreeg \u2013 en het naar oerdegelijke klassieke Britse fictie neigende Atonement staken daarbij af. Een beetje hetzelfde liedje dus als bij zijn evenzeer getalenteerde generatiegenoten Martin Amis en Julian Barnes: altijd leveren ze kwaliteit, maar te zelden van het niveau van hun grootste romans. London Fields is tenslotte honderdtien procent Amis, zoals England, England Barnes op zijn best toont.<\/p>\n<p>Hoe prettig is het toch, na dit soort frikkerig aandoende classificaties, om door een geliefde auteur in je hemd gezet te worden. De net verschenen roman Saturday is zonder enig beding het boek waarmee Ian McEwan de rest van zijn toch al niet geringe oeuvre overtreft. Zijn beste. Ik zou zeggen: een tien.<\/p>\n<p>Heeft McEwan zichzelf willen emuleren? Met name de openingssc\u00e8ne in Saturday, goed voor zo\u2019n vijftig pagina\u2019s, wekt die indruk. Ontmoet Henry Perowne, een neurochirurg van achtenveertig. Het is zaterdag 15 februari 2003, de dag dat miljoenen Engelsen naar Londen zullen trekken om te demonstreren tegen de oorlog tegen Irak.<\/p>\n<p>Maar zover is het nog niet. De dag is nog niet begonnen, het is nacht. Henry wordt wakker, staat op, loopt naar het raam en ziet iets dat hem angst aanjaagt in de hemel. Eerst denkt hij aan een komeet, maar dan ziet hij dat het een brandend vliegtuig is, dat over de metropool scheert op weg naar Heathrow. Een terroristische aanval, is zijn eerste gedachte, bepaald door de aanslagen van 11 september 2001. Dat Londen het doelwit zal zijn van een islamitische terreuraanslag is een feit, weet hij. Alleen de tijd en de wijze waarop zullen een verrassing zijn.<\/p>\n<p>Belt hij de politie? Is hij in rep en roer? Nee. Hij doet de televisie aan, gaat koffie drinken met zijn zoon die zich net opmaakt om naar bed te gaan, praat wat, stapt dan weer in bed, bedrijft de liefde met zijn vrouw en slaapt vervolgens uit. Het is tenslotte zaterdag, zijn rustdag.<\/p>\n<p>Dat beeld van het gedoemde vliegtuig lijkt de rest van zijn dag (Saturday is een het-leven-uit-een-dag-roman) te kleuren. Sowieso zal die dag in het teken staan van strijd: eerst een botsing met een auto vol onderwereldtypes, daarna een bijna-handgemeen met hun leider, Baxter. Vervolgens een squashwedstrijd met een collega, die beschreven wordt als heus gladiatorengevecht. Daarna een verhitte discussie met zijn uit Parijs weergekeerde dochter Daisy over \u2018Irak\u2019: militair ingrijpen of Saddam zijn moorddadige gang laten gaan? Tenslotte heeft hij een invasie te verduren van zijn huis: Baxter die verhaal komt halen.<\/p>\n<p>Nogal wat actie dus. Maar dan wel verspreid over de tekst, die juist Henry\u2019s viering van het (alledaagse) leven uitbeeldt. Op waarlijk onthaaste wijze: eerst al dat kalme opstaan; later een lange episode waarin hij vis gaat kopen voor het avondlijk familiefeestmaal; vervolgens een bezoek aan zijn demente moeder in het verpleeghuis; ook woont hij een optreden van de band van zijn bluesgitaar spelende zoon bij; daarna volgt nog zijn uitgebreide kooksessie.<\/p>\n<p>Opmerkelijk: McEwan, die ons vroeger zo illusieloos voorging in de zieke en verknipte krochten van het menselijke gedrag, concentreert zich nu op gelukservaringen. Bij muziek, eten, liefde, seks, sport en vooral werk. Hij wil ons moderne leven beschrijven, dat ondanks alle wereldwijde en lokale dreiging ook nog wat moois te bieden heeft. Zelfs het einde is happy. De Perownes beseffen dat ze zijn ontsnapt aan een persoonlijke nachtmerrie en teruggekeerd in hun web van aardige sociale en familiale relaties, \u2018zonder dat zijn ze niets. Ze zijn onder de voet gelopen en gedomineerd door indringers omdat ze niet in staat waren te communiceren en eendrachtig op te treden; nu, uiteindelijk, kunnen ze dat wel.\u2019<\/p>\n<p>Een opmerkelijke, positieve uitkomst, want het met gevoel voor suspense geschreven, knap opgebouwde Saturday lijkt op een onafwendbaar drama af te stevenen. Dat zit \u2019m al in de kleinste details. Zo neuriet Henry het onweerstaanbare oorlogsdeuntje \u2018We\u2019ll meet again, don\u2019t know where, don\u2019t know when\u2019, en ja: zijn agressieve belager herneemt later die dag de confrontatie.<\/p>\n<p>Maar hoe spannend ook, had McEwan het daarbij gelaten dan was Saturday niet d\u00edt complexe onderzoek in romanvorm geworden naar wat ons vandaag beweegt. In het begin van het verhaal refereert hij aan een beroemd gedachtenexperiment, dat van \u2018Schr\u00f6dingers kat\u2019. Het komt erop neer dat die kat in een afgesloten doos zit en levend \u00f3f dood is; dat laatste via door een willekeurig geactiveerd mechaniekje toegediend gif. Totdat de toeschouwer de deksel van de doos haalt, bestaan beide mogelijkheden naast elkaar, in parallelle werelden. De levende of dode kat, ze zijn even werkelijk.<\/p>\n<p>Ook McEwan laat in zijn roman twee parallelle werkelijkheden naast elkaar bestaan: zowel die van ons dagelijks leven, voortgestuwd door werk en de zorg voor vandaag, als een grotere, waarin het gaat over ethische keuzen met wereldwijde gevolgen \u2013 bijvoorbeeld om al of niet Irak te bevrijden. Bij terugbladeren merk je dat het in Saturday wemelt van ethische keuzen, op micro- en macroniveau. Niet alleen die rond Irak, waarbij \u2013 handig voor latere historici \u2013 de pro- en contra-argumenten scherp verwoord nog eens voorbijtrekken. Maar ook, op persoonlijker vlak, als Henry in een stille steeg belaagd wordt door Baxter. Hij diagnosticeert hem direct als een fatale lijder aan de ziekte van Huntington, waar zoals bekend niets tegen te doen is, en besluit zijn overwicht aan medische kennis te gebruiken om aan een pak slaag te ontkomen. Zelfs doet hij het voorkomen dat er voor Baxter kans op genezing bestaat, en in de verwarring die aldus ontstaat, ziet hij gelegenheid het vege lijf te redden. Vast niet in de geest van de oude Hippocrates, maar vanuit menselijk oogpunt een maar al te begrijpelijke handelwijze \u2013 die (vintage McEwan!) hem later toch zal opbreken.<\/p>\n<p>Als een ware trapezeartiest jongleert McEwan vanaf grote hoogte met visies, en allemaal houdt hij ze in de lucht. Dan lezen we weer dat de wereldwijde, door moslimterroristen ge\u00ebntameerde crisis nog zeker honderd jaar zal duren en moeten we ons buigen over de vraag hoe wij en onze (klein)kinderen dan in godsnaam verder moeten leven. Vervolgens lezen we weer dat de wereld niet fundamenteel veranderd is, dat er altijd crises waren en zullen zijn, dat het islamitisch terrorisme net als recente oorlogen, de klimaatverandering, honger, armoede en dergelijke op zijn plaats zal vallen.<\/p>\n<p>Op een gegeven ogenblik wordt het zelfs McEwans hoofdpersoon, de rationalist Henry, te gortig. Zelfs hij, als gulzig verslinder van opinies, commentaren en achtergrondartikelen in de media, bemerkt bij zichzelf slechts twijfel. Hij weet het ook allemaal niet meer. Zo bezien is de opvatting welkom van zoonlief Theo, de bluesgitarist: \u2018Hoe groter je denkt, hoe rottiger het eruitziet.\u2019 \u2018Maar als ik klein denk (\u2026) \u2013 weet je, een meisje dat ik net heb leren kennen, of die song die we met Chas gaan spelen, of snowboarden volgende maand, dan ziet het er geweldig uit. Dus dit wordt mijn motto: denk klein.\u2019<\/p>\n<p>Saturday richt zich dus op de vraag hoe we kunnen overleven, in deze tijden van wereldomspannend geweld. De ironie wil dat Henry steeds rekening houdt met een terroristische aanslag \u2013 ten onrechte: het vliegtuig had gewoon panne. Maar het lokale geweld veronachtzaamt hij. De invasie waar hij in abstracte termen over filosofeert, vindt plaats in zijn woonkamer. De wrange boodschap van dit alles is dat het geweld alomtegenwoordig is en dat daar geen ontsnappen aan is. Niet alleen omdat we allen slachtoffer zijn, maar in zekere zin ook dader: de voor God spelende neurochirurg Henry pleegt met zijn scalpel een invasie in menig brein.<\/p>\n<p>Of is er toch een uitweg en kunnen we ontsnappen aan het alomtegenwoordige geweld? Ter beantwoording van die vraag moeten we n\u00f3g beter naar Henry Perowne kijken.<\/p>\n<p>Deze neurochirurg beziet ieder mens vanuit strikt realistische optiek, met permanent oog voor fysiologisch detail: spieren, beenderen, bloed, aandoeningen. Zijn studie en later zijn werk, waar hij van houdt, hebben hem (inclusief zijn beperkingen) gevormd. Zo heeft hij geen enkel zintuig voor literatuur. Lastig als je een dochter hebt die gelauwerd dichteres is. Onvermoeibaar verstrekt ze hem leestips en even nijver wijdt hij zich aan deze leesplicht. Echt leuk vindt hij het niet. Met name aan magisch realisten heeft hij een broertje dood. Bovenal wil hij de wereld niet heruitgevonden zien, maar verklaard. \u2018De tijden zijn al vreemd genoeg. Waarom dan iets verzinnen?\u2019 En Anna Karenina en Madame Bovary, ach, dat zou hij zelf ook kunnen, meent hij. Als je maar genoeg noteert. Die boeken zijn vooral producten van, ik citeer die minachtende uitdrukking in volle glorie, \u2018steady, workmanlike accumulation\u2019. Nee, het actuele, niet het magische zou de uitdaging moeten zijn.<\/p>\n<p>In Henry\u2019s visie op literatuur leeft McEwan zich enorm uit. Gaat het om een gedicht van de dichter Arnold, vraagt ie: \u2018Arnold wie?\u2019 Erg geestig is hoe hij de po\u00ebzie van zijn jonge dochter Daisy leest. Alles neemt de bezorgde vader letterlijk: wie is die griezel die op een \u2018opgewonden waterkan\u2019 lijkt die een \u2018eigenaardige roos\u2019 nadert? Of die ander die in de douche \u2018als Caruso\u2019 zingt wanneer hij \u2018beide baarden\u2019 met shampoo inwrijft? (Grappig is dat McEwan hier gretig citeert uit de po\u00ebzie van Craig Raine). Maar ook bij deze wat karikaturale benadering van Henry als literatuurconsument geldt dat zijn buitenstaanderperspectief ook heel verfrissend is. Met name in hoe hij het van nijd en achterklap vergeven wereldje van dichters beziet. Onovertroffen is zijn portret van zijn fors drinkende schoonvader, een legendarische dichter.<\/p>\n<p>De literatuur is in Saturday m\u00e9\u00e9r dan Henry\u2019s blinde vlek.<\/p>\n<p>Juist het door deze aartsrealist zo verfoeide magische aspect krijgt een subtiele rehabilitatie. Keer op keer, in gewelddadige situaties waarin de mens de mens een wolf is, sluipt het woord \u2018magie\u2019 al de tekst binnen. Hoe ontsnapt Henry de eerste keer, in dat steegje, aan Baxter? Door zichzelf (in Baxters ogen) magische krachten toe te kennen. Hij is de arts die Baxters ge\u00ebrfde ziekte in harde, plastische termen benoemt. \u2018Ze zijn samen, hij en Perowne, niet in de medische wereld maar in die van de magie.\u2019 Baxter verslapt onmiddellijk. Logisch, als je ziek gemaakt bent, is het onverstandig de sjamaan voor het hoofd te stoten. (Ook later, bij het squashspel, wordt gewag gemaakt van \u2018een magische autoriteit\u2019 van de winnaar.)<\/p>\n<p>Weer later die dag bij de finale confrontatie met Baxter vindt de redding uit die penibele situatie ook plaats door magie. De ten dode opgeschreven Baxter wil Henry terug vernederen. Hij heeft gezichtsverlies geleden in het aangezicht van zijn maten en nu wil hij Henry persoonlijk treffen. Dus beveelt hij Daisy zich uit te kleden. Naakt moet ze een gedicht van haar hand reciteren. En dan gebeurt het ongelooflijke: hij \u2018valt voor de magie\u2019 van de po\u00ebzie, die hem eraan herinnert hoe graag hij wil leven.<\/p>\n<p>Saturday is in eerste en laatste instantie een verhaal over overleven. Niet voor niets leest Henry in het begin van de roman al, op last van Daisy, een biografie van Charles Darwin. Henry overleeft (ook al heeft hij dat niet door) dankzij de literatuur, dankzij het menselijk vermogen meer te zien tussen hemel en aarde dan de werkelijkheid gebiedt, dankzij de beschaving dus.<\/p>\n<p>Daisy meent dat mensen niet kunnen overleven zonder verhalen. Breindokter Henry waant zich het levende tegenbewijs. Maar Saturday geeft hem op sublieme wijze ongelijk. De literatuur heeft glansrijk gewonnen.<\/p>\n<\/p><\/div>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Ian McEwan schreef een roman over alle dilemma\u2019s van de jongste, door terrorisme getekende geschiedenis. Zijn beste tot nu toe.<\/p>\n","protected":false},"author":1023,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"content-type":"","footnotes":""},"categories":[97,177,269],"tags":[3059,783],"acf":[],"author_name":"Jeroen Vullings","_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/126153"}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/types\/post"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/comments?post=126153"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/126153\/revisions"}],"author":[{"embeddable":true,"name":"Jeroen Vullings","href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/users\/1023"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/media?parent=126153"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/categories?post=126153"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/tags?post=126153"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}