
 {"id":126081,"date":"2005-04-09T15:29:00","date_gmt":"2005-04-09T13:29:00","guid":{"rendered":"http:\/\/beta.vn.nl\/kampioen-grote-bek-nederlandkunde-door-belgische-ogen\/"},"modified":"2005-04-09T15:29:00","modified_gmt":"2005-04-09T13:29:00","slug":"kampioen-grote-bek-nederlandkunde-door-belgische-ogen","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.vn.nl\/kampioen-grote-bek-nederlandkunde-door-belgische-ogen\/","title":{"rendered":"Kampioen grote bek. Nederlandkunde door Belgische ogen"},"content":{"rendered":"<div class=\"wpg-element lead-bold\">\n<p>Twee Belgen kijken vol bewondering en verbazing naar Nederland. Wat zijn het een ongelikte beren, die Hollanders, maar wat hebben ze het soms ook goed voor elkaar in hun planningparadijs.<\/p>\n<\/p><\/div>\n<div class=\"wpg-element paragraph\">\n<p>\u2018Ze hebben geen tact.\u2019 Aldus de vader van Geert van Istendael over de Nederlanders. In het lemma \u2018tact\u2019 uit zijn abc-boek over Nederland geeft Van Istendael zijn vader gelijk \u00e9n ongelijk. Het is tekenend voor zijn haat-liefdeverhouding met het land waar hij zijn kinderjaren doorbracht in het toen nog paradijselijke Utrechtse Oog in Al. Tact, licht Van Istendael toe, dat is: \u2018Op het juiste moment je mond kunnen houden. Een vraag niet stellen. In een gezelschap zien wanneer je te veel bent. Je stem dempen. Het zijn stuk voor stuk vaardigheden die de meeste Belgen tot in de finesses beheersen.\u2019 Met de woede die zijn werk zo geestig maakt, haalt hij uit naar de \u2018kampioenen van het woord\u2019, de Nederlanders: \u2018Het onstuitbare babbelen met iedereen over alles, vooral over alles wat met pudeur bedekt wordt gehouden, het kwakend verduidelijken van het eigen beginsel tegen iedere redelijkheid in, het produceren van grote hoeveelheden geluid waar niemand om gevraagd heeft.\u2019 De volte, de broodnodige wending die dit soort apodictische oordelen verteerbaar maakt, blijft gelukkig niet uit, want Van Istendael besluit zijn hoofdstukje met: \u2018Gebrek aan tact kan verfrissend zijn. Verhelderend. Verlossend. Te vaak al heb ik horen jubelen over tactvolle mensen. Ze waren gewoon achterbaks.\u2019<\/p>\n<p>De inkt van Geert van Istendaels Mijn Nederland is nog niet droog, of de in Nederland woonachtige Belgische filosoof Paul Wouters laat Belgi\u00eb-Nederland. Verschil moet er zijn het licht zien. De talrijke overeenkomsten tussen beider observaties over de kloof tussen noord en zuid springen onmiddellijk in het oog. Waar Van Istendael de noorderlingen geniaal betitelt als \u2018de nudisten van het woord\u2019, hoort Wouters de Nederlanders luid en letterlijk communiceren. Met smaak vertelt Wouters de klassieke anekdote over Nederlanders die in een Frans restaurant zo hard zitten te praten dat iedereen zich wild ergert, waarna ze op luide toon de chef bij hun tafel roepen om in gebrekkig Frans de maaltijd te prijzen, de barbaren. Hij noemt de Belg \u2018een meester in contextuele communicatie\u2019, die aan een half woord genoeg heeft, luidruchtigheid verfoeit, en die eigen lof vindt stinken. Soms vergeet Wouters het even, en maakt hij bij zijn Hollandse werkgever een grapje dat getuigt van zelfspot, wat steevast tot onbegrip leidt. Jezelf naar beneden halen, heet dat op de Nederlandse werkvloer, waar het benadrukken van je eigen genialiteit het middel is om je omhoog te werken.<\/p>\n<p>Niet zelden komen Van Istendael en Wouters met precies dezelfde hinderlijke Hollandse gedragspatronen op de proppen. Een daarvan is de vanzelfsprekendheid waarmee de noorderburen menen het enige echte Nederlands te spreken. Van Istendael noemt een gedicht \u2018beestig mooi\u2019 en krijgt als reactie dat Vlamingen toch zo\u2019n beeldend taaltje spreken. Hij grijpt naar de Van Dale en ziet dat \u2018beestig\u2019 er gewoon in staat, zonder vermelding dat het Zuid-Nederlands is. Wouters wil in een mail \u2018sonderen\u2019 hoe zijn collega\u2019s over een bepaalde kwestie denken. Hij ontvangt een verwonderde reactie over het gebruik van dit \u2018Vlaamse\u2019 woord, dat eveneens netjes in de Van Dale staat. Met \u2018geen mens gebruikt dat bij ons\u2019 doet de noorderling de zaak dan af. De Vlaming die een mooi, onbekend woord tegenkomt, is geneigd het nieuwsgierig op te zoeken. De Nederlander heeft zijn oordeel al klaar: hier is of een buitenlander of een snob aan het woord. Het resultaat is, ziet Van Istendael, dat vooral de randstedeling een berooid en schraal Nederlands spreekt en dat boven de Moerdijk \u2018de woordenschat in de opruiming is gegaan onder dwang van mode en turbo\u2019.<\/p>\n<p>Sterk op de zenuwen van de beide zuiderburen werkt ook het morele superioriteitsgevoel van de Hollander. Ze kunnen het allebei niet laten te wijzen op het feit dat, in de woorden van Van Istendael, \u2018Nederland zijn joodse mensen veel sl\u00e9chter beschermd heeft dan menig ander bezet land en zeker dan ieder bezet land in West-Europa\u2019. Wouters schrijft met spot: \u2018Velen van hen meenden al te weten dat de mens over het algemeen geneigd is tot het kwade, maar dat zelfs zij&#8230;\u2019 Fijntjes wijst hij op \u2018de onderdanige manier waarop het Nederlandse gerechtelijke apparaat zich in de oorlogsjaren schikte naar de directieven van de bezetter, terwijl Belgische rechters die directieven vaak met succes aan hun laars lapten\u2019.<\/p>\n<p>Filosoof Wouters, die graag een grote greep doet, oppert stoutmoedig dat de verklaring schuilt in het feit dat de modernisering in Nederland verder gevorderd is dan in Belgi\u00eb. Hier zou, in de vocabulaire van de oude meester Habermas, de spanning tussen leefwereld en systeem sterker voelbaar zijn, omdat de machthebbers met hulp van bureaucraten en experts er beter in geslaagd zijn de maatschappij rationeel en planmatig in te richten. Een teken van die voorsprong is dat de Nederlander meer een ingenieur is, de Belg een bricoleur. \u2018De typische Nederlandse ingenieur is bedreven in het m\u00e1ken van een plan; de typisch Belgische bricoleur is zeer bekwaam in het tr\u00e9kken van zijn plan.\u2019 Het is veelzeggend dat die uitdrukking \u2013 \u2018je plan trekken\u2019 \u2013 Vlaams is en zoiets betekent als: je er slim uit redden. Die improviserende manier van slinks je doeleinden bereiken met lak aan de regeltjes, is in tijden van bezetting wat vruchtbaarder dan de calvinistische trouw aan het gezag. Wat we in een door en door gerationaliseerde samenleving zien gebeuren, diagnosticeert Wouters, \u2018is dat het regime van de tastbaarheid dat van de ontastbare dingen steeds weer wegdrukt\u2019. Vandaar ook dat de Nederlander in de optiek van Wouters een specialist is in dienstverlening, maar niet in klantvriendelijkheid.<\/p>\n<p>Mijn eigen Brugse moeder zou hem gelijk geven. Zij kan er na dertig jaar Nederland nog niet over uit dat menig Nederlandse middenstander om \u00e9\u00e9n over zes met een blik op zijn horloge zegt: de winkel is gesloten. Ja, die verfoeide Hollandse planmatigheid, de heren raken er niet over uitgesproken. Als Van Istendael wrang opmerkt dat molenland Nederland de boot heeft gemist bij de productie van moderne windturbines, verzucht hij: \u2018Ach, het was allemaal weer eens voorbeeldig gepland, gescreend, geprojecteerd, ge-weet-ik-niet-wat-allemaal.\u2019 Het summum van planwoede is de Nederlandse ruimtelijke ordening. Van Istendael laat zich op de vleugels van zijn toorn meevoeren als hij schrijft over de ultieme natte droom van de planners, Almere, \u2018de veralgemeende voorstad\u2019. \u2018Na een uur in Almere wil ik nog maar \u00e9\u00e9n ding: me voor een auto werpen. Maar dat is niet mogelijk, het verkeer in Almere is voorbeeldig aangepakt.\u2019 Even genadeloos schrijft hij de rest van de Nederlandse nieuwbouwwijken af als volkomen voorspelbare droefenis.<\/p>\n<p>Bij alle overeenkomsten in de observaties van Van Istendael en Wouters zijn er ook grote verschillen, allereerst in hun aanpak. Van Istendael gaat, al is het maar door de gekozen vorm van het alfabet, veel impressionistischer te werk dan Wouters. Dat levert tal van prachtige lemma\u2019s op. Amusant is de vergelijkende test van de bitterbal in acht kroegen, met als slotsom: ze mogen \u2018samen met Heineken, geklasseerd worden in de categorie van nationale vergiften\u2019. Mooi en bij vlagen ontroerend zijn Van Istendaels lofzangen op uiteenlopende Hollandse helden als Nescio, Andr\u00e9 Hazes, Aafje Heynis en Alexander Jacobus Kropholler. Wie zegt u? Het is de ontwerper van het toffelemone bureau dat in Van Istendaels werkkamer staat, degelijk ambachtelijk schrijnwerk van \u2018een even groot als miskend architect en meubelontwerper\u2019. De kerken, gebouwen en huizen die Kropholler overal in Nederland neerzette, doorstaan volgens Van Istendael de tand des tijds, blijven mooi en stevig. Waarom is deze zo geniale architect vergeten? Van Istendael verklaart: \u2018De twintigste eeuw heeft zich fataal vergist toen ze de traditie weghoonde en het pad van de voorzichtige verandering verliet en verachtte.\u2019<\/p>\n<p>In dit soort sweeping statements is Van Istendael een meester. Hij is uiterst bedreven in het \u2018luidkeels je mening geven\u2019, volgens hem een wezenskenmerk van de Nederlandse identiteit. Dat is prikkelend en amusant, maar gaat op den duur ook op de zenuwen werken. Is alle naoorlogse Nederlandse architectuur werkelijk even lelijk als verwaand, of heeft Van Istendael niet goed gekeken? Alle lof verdient hij voor het opdelven van tal van schatten uit het Nederlandse cultuurlandschap. Maar een goed oog voor het nieuwe Nederland heeft Van Istendael niet. Zijn Nederland is dat uit zijn jonge jaren, van Bomans tot Ot en Sien, van J.W. van der Hulst tot Boudewijn de Groot. Heerlijk voer voor nostalgici, maar antwoord op de vraag \u2018Nederland, quo vadis?\u2019 krijgen we niet van hem.<\/p>\n<p>Wouters zet zwaarder geschut in om de kern van het culturele verschil tussen Belgen en Nederlanders te raken. Zijn methode is weidse theoretische vergezichten te openen in de hoop dat die een blik vergunnen op het onderscheid in volkskarakters. Gelukkig doet hij dat met de nodige lichtvoetigheid en ironie. Zo presenteert hij in enkele bladzijden Norbert Elias\u2019 civilisatietheorie om die schaamteloos toe te passen op Nederlanders en Belgen. De conclusie: in het noorden zijn ze geciviliseerder dan in het zuiden. In de beschrijvende, niet oordelende betekenis van Elias tenminste. Neem de demping der driften. Vlees mag hier te lande nauwelijks nog lijken op een dier. Of zie de mate waarin Hollanders universele normen en waarden ge\u00efnternaliseerd hebben. Geen land waar zo weinig burgers zeggen bereid te zijn een valse getuigenis af te leggen ten faveure van een vriend die met te hoge snelheid een voetganger aanreed.<\/p>\n<p>Dat zo\u2019n filosofische invalshoek ook dwarse inzichten kan opleveren, laat Wouters zien met zijn waarneming dat het Nederlandse beschavingspeil terugloopt vanuit het perspectief van Elias. Bij civilisatie hoort immers de overgang van \u2018Fremdzwang\u2019 naar \u2018Selbstzwang\u2019. Richtlijnen voor gedrag hoeven we in een moderne samenleving steeds minder opgelegd te krijgen, aangezien we ons uit onszelf gaan voegen naar verinnerlijkte normen. De roep om blauw op straat, handhaving van de regels, zero tolerance en verplichte inburgeringscursussen is zo bezien een uiting van een verlangen terug te keren naar voormoderne tijden.<\/p>\n<p>In zijn \u2018Barbaars besluit\u2019 komt Wouters, al kan hij zich daar in het diepst van zijn gedachten niet bij neerleggen, tot de conclusie dat het beter is Nederlander te zijn. Als hij nuchter alle factoren die van invloed zijn op de geluksbeleving op een rij zet \u2013 van de hoeveelheid corruptie tot de acceptatie van minderheden als homoseksuelen \u2013 blijkt het in Nederland beter vertoeven. Sterk is het positieve verband tussen geluksniveau en een individualistische levensori\u00ebntatie. Omgekeerd is het verband met de machtsafstand tussen gezagsdragers en gewone mensen. Laat Nederland nu zeer hoog scoren op de schaal individualisme, en zeer laag op de meetlat machtsafstand. Als we deze Belg mogen geloven, moeten we dus hopen dat het restauratieprogramma van Balkenende faalt. Niet met opgelegde normen en waarden maar met innerlijke beschaving, iets meer bescheidenheid, een vleugje tact en een hogere gevoeligheid voor het ontastbare is het planningparadijs Nederland te vervolmaken.<\/p>\n<\/p><\/div>\n<p>\u00a0<\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Twee Belgen kijken vol bewondering en verbazing naar Nederland. Wat zijn het een ongelikte beren, die Hollanders, maar wat hebben ze het soms ook goed voor elkaar in hun planningparadijs.<\/p>\n","protected":false},"author":1023,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"content-type":"","footnotes":""},"categories":[47,459,405,457],"tags":[783],"acf":[],"author_name":"Tomas Vanheste","_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/126081"}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/types\/post"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/comments?post=126081"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/126081\/revisions"}],"author":[{"embeddable":true,"name":"Tomas Vanheste","href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/users\/1023"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/media?parent=126081"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/categories?post=126081"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/tags?post=126081"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}