
 {"id":125843,"date":"2005-10-29T16:24:00","date_gmt":"2005-10-29T14:24:00","guid":{"rendered":"http:\/\/beta.vn.nl\/de-kijker-is-geen-voyeur-parkportretten-van-rineke-dijkstra\/"},"modified":"2005-10-29T16:24:00","modified_gmt":"2005-10-29T14:24:00","slug":"de-kijker-is-geen-voyeur-parkportretten-van-rineke-dijkstra","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.vn.nl\/de-kijker-is-geen-voyeur-parkportretten-van-rineke-dijkstra\/","title":{"rendered":"De kijker is geen voyeur, Parkportretten van Rineke Dijkstra"},"content":{"rendered":"<div class=\"wpg-element paragraph\">\n<p>29-10-2005 <br \/>Door Mischa Cohen<\/p>\n<p>In het Stedelijk Museum is vanaf volgende week een retrospectief van de foto\u2019s van Rineke Dijkstra. Hans Aarsman was ooit haar eerste docent fotografie. Samen met VN keken voorheen meester en leerling naar nieuw werk van Dijkstra \u2013 voor het eerst te zien op deze pagina\u2019s.<\/p>\n<p>Ze zijn op het eerste gezicht tegen\u00adpolen. Rineke Dijkstra (1959) is een van de succesvolste Nederlandse fotografen. Haar portretten \u2013 op groot formaat en in beperkte oplage afgedrukt \u2013 brengen op de internationale kunstmarkt en op veilingen hoge bedragen op. Na een reis langs Europese musea is een retrospectief van haar werk vanaf 4 november te zien in het Stedelijk Museum.<\/p>\n<p>Hans Aarsman (1951) is al weer jaren geleden officieel gestopt als fotograaf \u2013 wat overigens niet wil zeggen dat hij geen foto\u2019s meer maakt. Aarsman, voorstander van \u2018useful photography\u2019, werkt vooral gestaag aan zijn \u2018Aarsman-collectie\u2019, beelden die hij verzamelt van internet en uit kranten en tijdschriften. Foto\u2019s voor een groot publiek, nadrukkelijk g\u00e9\u00e9n kunst.<\/p>\n<p>\u2018Toen ik mijn knipselverzameling onlangs in het Nederlands Fotomuseum had opgehangen, vroeg iemand of de knipsels te koop waren. Toen pas raakte ik ervan doordrongen dat die plaatjes weliswaar in grote oplagen zijn gedrukt, maar nu onvervangbaar zijn en als verzameling uniek. En dat ik ze niet kwijt wil.\u2019<\/p>\n<p>Door zijn eigenzinnige blik is Aarsman behalve collectioneur van knipsels ook editor van fotoseries \u2013 de beelden komen tegenwoordig naar hem toe, in plaats van andersom. Onder anderen Ad van Denderen en Bertien van Manen laten hem meekijken als ze een boek maken. \u2018Die zijn lang op reis geweest, komen terug met honderden foto\u2019s en dan mag ik in een halfuurtje zeggen: die foto lijkt me wel wat, en die.\u2019<\/p>\n<p>Al ligt hun huidige werk ver uit elkaar, de ex-fotograaf en de topfotografe kennen elkaar alweer meer dan twintig jaar \u2013 zo lang geleden is het dat Rineke Dijkstra begon bij de Amsterdamse fotoclub De Moor, waar ze les kreeg van Hans Aarsman. Dijkstra\u2019s eerste, nogal abstracte foto\u2019s van hoogspanningskabels vielen niet in goede aarde bij haar docent. Die lijntjes trek je maar met potlood op papier, vond hij. Rineke Dijkstra: \u2018Hans zei: neem toch eens m\u00e9nsen als onderwerp. Dat durfde ik nog niet \u2013 dus toen ging ik maar mensen van achteren fotograferen, op bankjes. Dat was minder confronterend.\u2019<\/p>\n<p>Ze zijn het erover eens dat je niet te hoogdravend moet zijn over foto\u2019s.<\/p>\n<p>Aarsman: \u2018Fotografie is zelf eigenlijk niets, als medium is het bijna onzichtbaar. Het laat zien hoe de dingen eruit zien als je ze stilzet, meer niet. Als mensen over een foto beginnen, gaat het al gauw over de \u201ckwetsbaarheid\u201d van de geportretteerden en de vastgelegde \u201cverstilling\u201d. Verjaardagspraat die is doorgedrongen in de kunstkritiek.\u2019<\/p>\n<p>Rineke Dijkstra: \u2018Door dit retrospectief moet ik zelf ook terugblikken en uitleg geven. Nuttig natuurlijk, maar mijn werk onder woorden brengen heeft ook nadelen. E\u00e9n: mensen kijken niet meer met hun eigen ogen als ze mijn verhaal krijgen bijgeleverd. Twee: ik houd te weinig tijd over om nieuwe foto\u2019s te maken.\u2019 Liever trekt ze het Vondelpark in, sinds een paar maanden haar jachtterrein. Dat ligt voor de hand: het park strekt zich uit tussen haar huis in Amsterdam-Zuid en haar atelier in een voormalig ziekenhuis in Oud-West. Maar als het zo uitkomt doorkruist ze ook het Parc de la Ciutadella in Barcelona, Tiergarten in Berlijn of Central Park in Manhattan.<\/p>\n<p>Op zoek naar de juiste lokatie en vooral speurend naar geschikte modellen \u2013 ook in deze nieuwe serie kinderen en pubers, zoals op de strandfoto\u2019s die haar wereldwijd erkenning bezorgden. Dijkstra: \u2018Toen ik net begon, fotografeerde ik \u00e1lles. Moeders met dochters, opa\u2019s met kleinkinderen, hele families. Alleen de puberfoto\u2019s bleven overeind.\u2019<\/p>\n<p>Soms zoekt ze dagenlang tevergeefs naar mensen om te portretteren. Het toeval een handje helpen, dat werkt nu eenmaal niet, heeft Dijkstra ondervonden. Ze belde deze zomer haar vriendinnen om hun dochters langs te sturen bij haar lokatie in het park. \u2018Prachtige meisjes, daar niet van. Maar ze kleedden zich speciaal hip aan voor de gelegenheid en ze vroegen meteen aan me: okay, wat is bedoeling, wat moet ik d\u00f3\u00e9n? Nou, niks dus.\u2019<\/p>\n<p>Hans Aarsman: \u2018In deze tijd willen kinderen stuk voor stuk beroemd worden en ze weten heel goed wat daarvoor nodig is: voldoen aan de normen van MTV. Ooit moest je op een \u00adfoto statig zijn, nu sexy.\u2019<\/p>\n<p>Rineke Dijkstra: \u2018Je ziet aan de portretten van August Sander van \u201cgewone\u201d mensen dat die in het begin van de vorige eeuw geen idee hadden van het effect van een foto. En dat geldt ook nog voor de portretten uit de jaren zestig van Diane Arbus. De media\u00adcultuur heeft dat blijvend veranderd. Mensen zijn zich heel erg bewust geworden van zichzelf als beeld.\u2019<\/p>\n<p>Hans Aarsman: \u2018Toch krijg jij je mensen zo ver dat ze erbij staan zoals iemand die bij de haringkar op zijn beurt wacht en zich volstrekt onbespied waant. Of dat ze erg ontspannen poseren, zoals de gymnasiasten in het Vondelpark. Wat is je truc?\u2019<\/p>\n<p>Rineke Dijkstra: \u2018Die heb ik niet, helaas. Ik bewonder mensen die goed kunnen ensceneren, maar zelf ben ik niet zo\u2019n regisseur. Tot op zekere hoogte heb je het in de hand: het licht, de achtergrond, de casting. Verder laat ik het toeval zijn werk doen: hoe meer toevalligheden in een foto, hoe liever het me is. Het gaat mij er uiteindelijk om dat het psychologisch w\u00e1\u00e1r is wat je ziet. Een blik, een houding. Terwijl je een portret maakt, zie je soms in een flits: ja, z\u00f3 ben je. Maar dat kun je niet afdwingen, je kunt alleen maar goed kijken. Ik doe zelf eigenlijk niets.\u2019<\/p>\n<p>Hans Aarsman: \u2018Richard Avedon liet als hij portretten maakte een assistent alles installeren en scherpstellen, hij stond er dan zelf een beetje onge\u00efnteresseerd en half afgewend bij, met een draadontspanner in zijn hand. En dan zei hij: bent u klaar? Pats. Foto. Is dat niet ook wat jij wilt, mensen vastleggen in hun verlegenheid? Op het moment dat ze nog nauwelijks weten wat hun overkomt en ze nog geen pose hebben ingenomen?\u2019<\/p>\n<p>Dijkstra: \u2018Ja, dat probeer ik wel, al zou ik het geen verlegenheid willen noemen, eerder onbevangenheid. Mensen gaan vaak van nature onbewust op een bepaalde manier staan, hun hand op die manier gedraaid, hun been zo geknikt. Mijn grote 4&#215;5 camera is daarbij soms een handicap: dan ben ik net bezig die camera in te stellen en juist op dat moment zie ik dat zo\u2019n meisje perfect staat. Het lukt nooit om dat nog een keer bewust te herhalen. Toch gaat het soms w\u00e9l goed. Op de foto van de jongen en het meisje in het Vondelpark klopt alles. Haar houding, haar rode jurkje en zoals haar vriendje naar haar kijkt.\u2019<\/p>\n<p>Aarsman: \u2018Het zit hem in die hand van het meisje. En dat ze haar hoofd een beetje schuin houdt. Ik denk altijd dat je je dan eerder aangesproken voelt als kijker, zo doen honden dat toch ook?\u2019<\/p>\n<p>Dijkstra: \u2018Ik zag meteen dat ik haar moest hebben&#8230; . Zo\u2019n keuze is nog het beste te vergelijken met een gevoel van verliefdheid, van herkenning. Toen ik haar en haar moeder aansprak, dachten ze dat het om haar kleine zusje ging. Haar heb ik ook gefotografeerd, maar die foto (zie pagina 44, red.) vind ik t\u00e9 mooi. De gezichtsuitdrukking van het meisje is prachtig, maar dat strijklicht is over de top, het bospaadje is uit een sprookje, het springtouw ligt in een keurige lus \u2013 voorlopig vind ik het beeld niet goed genoeg.\u2019 Aarsman: \u2018Toch zou negenennegentig procent van de portretfotografen het een perfecte foto vinden.\u2019<\/p>\n<p>Het succes van Dijkstra\u2019s portretfoto\u2019s en haar herkenbare stijl maken imitaties onvermijdelijk. De hedendaagse strandwandelaar die een beetje cultureel onderlegd is, zal al snel \u2018even een Rineke Dijkstra maken\u2019 van zijn dochter aan de vloedlijn. Derdejaars studenten aan de Fotoacademie Amsterdam krijgen als opdracht: maak een Rineke Dijkstra na. En puberportretten zijn niet meer weg te denken uit de Nederlandse fotografie.<\/p>\n<p>Toch zien Dijkstra en Hans Aarsman weinig van het Rineke Dijkstra-epigonisme, waarvoor Hans den Hartog Jager twee jaar geleden in zijn NRC-artikel \u2018Luie schilders\u2019 waarschuwde. Dijkstra heeft bewondering voor de \u2018superrealistische\u2019 portretten van Koos Breukel en zij volgt ook het werk van C\u00e9line van Balen en Hellen van Meene \u2013 die inderdaad \u00f3\u00f3k kinderen en pubers fotograferen.<\/p>\n<p>Aarsman: \u2018Met die klonen valt het wel mee. Er kiezen nu ongetwijfeld meer fotografen dan vroeger voor pubermeisjes en slungelige jongens. Maar daarmee ben je nog geen navolger. Minstens zo belangrijk als de onderwerpskeuze is de strakke vorm van Rinekes werk: wat betreft soberheid en gebruik van het licht staat ze in een lange, erg Nederlandse traditie \u2013 Vermeer kun je er zo bij denken. Het werk voldoet bovendien aan het idee dat fotografie zo simpel mogelijk moet zijn. Dat het een aanwijskarakter pur sang moet hebben: moet je k\u00edjken, moet je d\u00e1t zien. Dus moet ook de vorm rechttoe rechtaan zijn, precies zoals Rineke dat doet: zet dat wat je wil laten zien maar gewoon in het midden. Niet dat gezeur van \u201cspanning opbouwen\u201d door iets net uit het centrum te plaatsen.\u2019<\/p>\n<p>Kopers van Dijkstra\u2019s werk tellen veel geld neer voor het portret van een stierenvechter, een puber op het strand of een onbekende, pas bevallen naakte vrouw met baby. Vervolgens hangen ze het werk op in hun huiskamer of op kantoor. Aarsman: \u2018Dan heb je toch wel wat uit te leggen. Als je een foto ophangt, een onversneden fragment van de werkelijkheid, ben je veel meer dan bij andere kunst gedwongen iets te zeggen over je relatie met wat er is te zien.\u2019<\/p>\n<p>Een aantal mensen is door Rineke Dijkstra langere tijd gevolgd: legionair Olivier Silva, die zich als jongen meldde bij het Vreemdelingenlegioen en die vocht in Ivoorkust \u2013 hij is nu afgezwaaid, heeft ze gehoord. Dan is er Almerisa, die Dijkstra al vanaf haar zesde portretteert en die inmiddels \u2013 in werkelijkheid en in de indrukwekkende fotoserie \u2013 een metamorfose heeft doorgemaakt van Bosnisch vluchtelingetje tot jonge Nederlandse vrouw. En een Isra\u00eblische tweeling, van wie ze de belangrijke jaren tussen hun twaalfde en hun achttiende vastlegde.<\/p>\n<p>Die series verlossen Hans Aarsman van het beklemmende gevoel \u2018wat m\u00f3\u00e9t ik met die lui\u2019. \u2018Naarmate je iemand langere tijd volgt, wordt het een soort weerzien met familie. Je hebt de illusie dat je zo iemand leert kennen. Afzonderlijke portretten kunnen het meer voyeuristische effect hebben van een vluchtige, niet erg zinvolle blik op een vreemde.\u2019<\/p>\n<p>Rineke Dijkstra: \u2018Dat klinkt alsof je als kijker samen met de fotograaf een negatief oordeel over iemand velt. Volgens mij ligt het niet aan de kijker als hij in de rol van voyeur wordt gedwongen, maar aan de fotograaf. Ik had dat zelf onlangs bij de tentoonstelling Roger Ballen: Heart of Darkness. Ballen laat de inteelt van blank Zuid-Afrika zien, qua onderwerp komt het in de buurt van Diane Arbus, die ook de rand van de samenleving opzocht. Maar Ballen distantieert zich van zijn modellen, en Arbus voelt zich aan hen verwant.\u2019<\/p>\n<p>Aarsman wil veronderstellingen over de betrokkenheid van de fotograaf liever achterwege laten. \u2018Fotografen zijn per definitie niet echt betrokken, ze staan altijd met \u00e9\u00e9n been in de doka, of achter het beeldscherm. Die distantie is ook nodig. Techniek en omstandigheden zijn bepalender dan al dan niet zuivere intenties. Op Ballens foto\u2019s staan de mensen tegen een muur geplakt of het arrestatiefoto\u2019s zijn. Arbus geeft ze veel meer ruimte, hun eigen wereld. Maar misschien waren de huisjes waarin Ballen fotografeerde veel kleiner, of had hij alleen een standaardlens.\u2019<\/p>\n<p>Dijkstra: \u2018Toch is het niet voor niets dat die foto\u2019s van Dianne Arbus je bijblijven, dat is niet alleen door de vorm, de techniek. Het gaat er wel degelijk om \u2013 dat geldt voor Arbus\u2019 foto\u2019s, maar ook voor mijzelf \u2013 dat je bewondering toont of mededogen.\u2019 <\/p>\n<\/p><\/div>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>In het Stedelijk Museum is vanaf volgende week een retrospectief van de foto\u2019s van Rineke Dijkstra. Hans Aarsman was ooit haar eerste docent fotografie. Samen met VN keken voorheen meester en leerling naar nieuw werk van Dijkstra \u2013 voor het eerst te zien op deze pagina\u2019s.<\/p>\n","protected":false},"author":1023,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"content-type":"","ep_exclude_from_search":false,"footnotes":""},"tags":[783],"class_list":["post-125843","post","type-post","status-publish","format-standard","hentry","tag-verhalen"],"acf":[],"author_name":"Mischa Cohen (archief)","_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/125843","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/types\/post"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/comments?post=125843"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/125843\/revisions"}],"author":[{"embeddable":true,"name":"Mischa Cohen (archief)","href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/users\/1023"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/media?parent=125843"}],"wp:term":[{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/tags?post=125843"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}