
 {"id":124353,"date":"2006-03-11T00:00:00","date_gmt":"2006-03-10T22:00:00","guid":{"rendered":"http:\/\/beta.vn.nl\/kunst-is-geen-maizena\/"},"modified":"2006-03-11T00:00:00","modified_gmt":"2006-03-10T22:00:00","slug":"kunst-is-geen-maizena","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.vn.nl\/kunst-is-geen-maizena\/","title":{"rendered":"Kunst is geen ma\u00efzena"},"content":{"rendered":"<p>\u2018Jeder mu\u00df mitmachen\u2019  Joseph Beuys<\/p>\n<p>Kilovrachten educatie en culturele vorming zijn de afgelopen halve eeuw uitgestort over de hoofden van nietsvermoedende tv-kijkers, museumbezoekers en middelbareschoolleerlingen. Rivieren gesproken en geschreven tekst vonden hun weg naar verbijsterde \u2018cultuurconsumenten\u2019. Duizenden uren beeld, kilovrachten papier, en nog kampt het museum met een imagoprobleem. Het is er \u2018saai\u2019 en \u2018duf\u2019 en voor de jongste generaties Nederlanders roept de kunst die er te zien is vooral \u2018onbegrip\u2019 op.<\/p>\n<p>Onder de staatssecretaris voor Cultuur, Medy van der Laan, regent het dirigistische decreten. Er moeten niet alleen m\u00e9\u00e9r mensen aan cultuur deelnemen, ze moeten het liefst allochtoon, jong en multiculti zijn. Want de situatie is deze:  Jong gaat naar  50 Cents, Mary J. Blige of Lange Frans en Baas B. en verkiest de Melkweg, Paradiso, de Heineken Music Hall, of simpelweg de str\u00e1\u00e1t boven het museum voor moderne kunst.  Dat komt, beweren kwade stemmen, omdat de conservatoren \u2013 dat stelletje grijze, hopeloos ouderwetse tempelwachters der cultuur \u2013 jong en allochtoon Nederland niet over de museumdrempel weet te trekken.<\/p>\n<p>Maar liefst 77 procent van de Turken en Marokkanen gaat niet naar het museum. Bij de Surinamers en Antillianen, zo heeft het Sociaal Cultureel Planbureau becijferd, is dat 72 procent, tegenover 38 procent van de Nederlandse bevolking die w\u00e9l gaat.<\/p>\n<p>De kille pracht van deze cijfers aanschouwend, besloot de staatssecretaris dat het zo niet langer kan. Met een voor D66\u2019ers ongebruikelijke zendingsijver heeft Medy van der Laan besloten de allochtonen onder ons te verheffen. Nederland verandert immers in rap tempo van bevolkingssamenstelling, en daar hoort een fris, sprankelend en laagdrempelig aanbod bij in de musea voor moderne en hedendaagse kunst. In het keelsnoerende jargon der cultuurambtenaren, aangevoerd door de vrouw met het meest stormvaste Rozenkruisers-kapsel van Nederland, heet het dat de tijd is gekomen voor \u2018het bevorderen van de culturele diversiteit in musea voor moderne en hedendaagse kunst\u2019.<\/p>\n<p>Bij zo\u2019n mondvol hoort een dito geldbedrag. Onlangs werd bekend dat de Mondriaan Stichting een prijsvraag heeft uitgeschreven om musea te prikkelen allochtonen binnen te halen. Wie aandacht weet te wekken voor \u2018onderwerpen, perspectieven en materi\u00eble uitingen van andere culturen\u2019, mag zich verheugen in een geldbedrag van 500.000 euro.<\/p>\n<p>In het vooruitzicht van een half miljoen harde pietermannen hebben dertien Neder\u00adlandse musea plannen ingediend om \u2013 populistisch gezegd \u2013 het museumbezoek door allochtonen op te krikken.<\/p>\n<p>Men zit niet stil, en dat valt te prijzen.<\/p>\n<p>Maar achter de dynamiek van musea die zich inspannen om nieuw, jong en allochtoon publiek te vinden en \u2013 vooral \u2013 binnen te houden, gaat een drama schuil.<\/p>\n<p>\u2018Herhaalbezoek, brand marketing, mondige bezoeker, verzelfstandiging, legitimatie, feelgood-ervaring, kijkdoos, kenniscentrum, transparantie, publiekstrekker, sponsorwerving, kijkintelligentie, Sandberg-erfe\u00adnis, cultuurprofetenrol, ouderen- en allochtonenparticipatie, vrije rollatorzone, spektakelbehoefte, tekstbordje, verkleutering, beleveniseconomie, elitisme, missie, verlichtingstaak, verpretparkisering, gratis koffie, gratis koffie, crisis, CRISIS en komt het museum nou naar de bezoeker toe of was het andersom?\u2019<\/p>\n<p>Zomaar een greep uit de woorden die ik bijeen dreef na een jaar lang als huisfilosoof aan het Centraal Museum in Utrecht verbonden te zijn geweest. De woordenverzameling werd twee jaar geleden afgedrukt in een  special van het  eerbiedwaardige Boekman, het cahier van de gelijknamige stichting die zich sinds jaar en dag over het sociale wel en wee van de culturele sector buigt. De publicatie inventariseerde \u2013 voor de zoveelste keer \u2013 de crisis waarin het museum voor moderne en hedendaagse kunst zich in zou bevinden en liet vakmensen en buitenstaanders aan het woord.<\/p>\n<p>Lezing van het cahier stemde niet vrolijk.<\/p>\n<p>Men was in de greep van zelftwijfel. Onder\u00adzoek na onderzoek wees uit dat allochtonen, bejaarden en zelfs hoger opgeleiden (tweeverdieners met 0,7 kind en 1,8 auto voor de deur) de moderne en hedendaagse kunst links laten liggen.<\/p>\n<p>W\u00e9\u00e9r moest men constateren dat het naoorlogse ideaal van de cultuurspreiding was mislukt, weer bleken hooggestemde idealen uit de PvdA-koker stukgelopen op de weerbarstige werkelijkheid.<\/p>\n<p>\u2018Museum is wit bolwerk gebleven,\u2019 kopte de Volkskrant van 12 januari jongstleden, om het nog erger te maken. \u2018Zestien jaar allochtonenbeleid\u2019 had weinig tot geen effect gesorteerd voor de cultuurparticipatie. \u2018Nederlander nauwelijks in voor hedendaagse kunst\u2019 en: \u2018Kunst is niet voor iedereen\u2019 tekende dezelfde krant een paar maanden eerder op, na het verschijnen van een rapport in opdracht van de organisatoren van de Kunsttiendaagse, de FKU (Federatie Kunstuitleen) en de Nederlandse Galerie Associatie (NGA).<\/p>\n<p>Meer dan vijftig jaar educatie door goedbedoelende cultuurverheffers en museummedewerkers heeft het tij niet kunnen keren. Hedendaagse kunst blijkt nog steeds een zaak voor een minderheid \u2013 zo\u2019n twintig- \u00e0 dertigduizend man groot, is wel eens becijferd. Dergelijke aantallen zijn koren op de molen van de staatssecretaris en de directeur van de Mondriaan Stichting: het tij dient gekeerd. En als Mohammed niet tot de berg wil komen, dan komt de berg naar Mohammed (of is een dergelijke verwijzing in het huidige gespannen klimaat een belediging?).<\/p>\n<p>Nederland cultuurland is bezig met een \u2013 door de overheid afgedwongen \u2013 herori\u00ebntatie. Men richt zich of gaat zich richten op de bezoeker met een niet-westerse achtergrond en ontwikkelt multiculturele, diverse programma\u2019s, die inspelen op de belangstelling van de nieuwe Nederlander.<\/p>\n<p>Waar ter wereld wordt de museumbezoeker zo gemonitord als in Nederland en waar ter wereld wordt er zo krampachtig omgesprongen met etnische afkomst? Niemand, lijkt het wel, kan ontsnappen aan de regel-, plan- en bedilzucht van de overheid. En dat terwijl we dachten dat Nederland af was.<\/p>\n<p>Niets is minder waar.<\/p>\n<p>Men rept \u2013 de term is door oud-cultuurminister Hedy d\u2019Ancona ge\u00efntroduceerd \u2013 van \u2018maatschappelijke plicht\u2019 en van \u2018collectieve voorzieningen, vanuit gemeenschapsgelden betaald\u2019 die niet uitsluitend voor een blanke elite bedoeld zijn.<\/p>\n<p>En de kunst?<\/p>\n<p>Die zal door middel van \u2018intensieve educatie\u2019 begrijpelijk gemaakt worden.<\/p>\n<p>Is de bemoeienis van de overheid op te vatten als de verwerkelijking van een cultureel horrorscenario of worden de modernekunstmusea terecht geofferd op het hakblok van sociale rechtvaardigheid? En zal het museum van de eenentwintigste eeuw het museum van de moedwillige intellectuele versmurfing zijn?<\/p>\n<p>Een ding is duidelijk: in de optiek van hedendaagse cultuurbeleidsambtenaren is het museum niet langer de beheerder van een boeiende verzameling nationale en internationale kunstschatten die inzicht geeft in wat de fantasie en het beeldend vermogen van kunstenaars vermogen. Laat staan dat het een plek zal zijn die ruimte geeft aan belangeloze schoonheidservaring, woeste verwondering of taai (maar stimulerend) onbegrip.<\/p>\n<p>Nee, het museum wordt een kenniscentrum, waar ruim baan wordt gegeven aan debatten, discussies en laagdrempelige begripsvorming. Een plek waar leuke interactieve dingen te doen zijn en waar je eerst je kind door de ballenbak jaagt en het daarna op topsnelheid een \u2018rondje Bruna van dertig blank\u2019 laat draaien in het Dick Bruna-huis, en vervolgens gaat bijpraten met door het museum in een forum verzamelde kunstenaars, die zichzelf voorstellen als kennisleveranciers die met de doelgroep in \u2018dialoog\u2019 willen gaan om verslag te doen van hun \u2018onderzoek naar het mensdom in zijn socio-urbane context\u2019. Of die \u2018van betekenis willen zijn\u2019 voor zielige mensen in de derde wereld door middel van \u2018metacommentaar\u2019 op de globalisering in het algemeen en Satan Bush in het bijzonder, en last but not least \u2018de onaanvaardbare verprozakkisering van de menselijke ziel\u2019 ter discussie willen stellen.<\/p>\n<p>De kunstenaar als wonderlijke hybride van amateursocioloog en -psycholoog, overeind gehouden door van sociale relevantie bezeten subsidiecommissies \u2013 de rillingen lopen je over de rug.<\/p>\n<p>Natuurlijk, bovenstaande voorstelling van zaken is gechargeerd. Maar is het niet vreemd dat de roep om alles verklarende educatie en \u2018contact\u2019 gehoord wordt in een tijd waarin (jonge) kunstenaars al bijna tien jaar lang aangeven \u2018ge\u00ebngageerd\u2019 werk te willen maken dat sociaal relevant is en \u2018communiceert\u2019 met het publiek?<\/p>\n<p>Waar ging het mis? Waarom maken kunstenaars en tentoonstellingmakers, ondanks hun hang naar engagement geen w\u00e9rkelijk contact met het beoogde grote, multiculturele publiek? Wat denkt de calculerende, shoppende, hyperindividuele, mondige burger &#8211; dat monsterlijk creatuur, geboren uit de karikaturale erfenis van de anti-autoritaire jaren zestig &#8211; in het museum te vinden? En: kan educatie de kloof tussen allochtone kunsthongerige en wit museum overbruggen?<\/p>\n<p>\u2018Check on Friday,\u2019 zou de bekende Amerikaan\u00adse columnist P. J. O\u2019Rourke zeggen. Oftewel: God mag het weten. En als God het niet weet, is er altijd nog wel een staatssecretaris te vinden wier handen jeuken om de afgeknepen culturele sector nog eens flink aan te pakken.<\/p>\n<p>Gevraagd naar de definitie van kunst, antwoordde beeldend kun\u00adstenaar Reinier Lucassen ooit: \u2018Kunst is een onaangepaste vraag met een daarop onaangepast antwoord.\u2019<\/p>\n<p>Het is niet erg waarschijnlijk dat Lucassens reactie in de smaak zou vallen bij de huidige staatssecretaris, die er nu eenmaal alles aan gelegen is begrijpelijke kaders te scheppen voor het begrijpelijke product dat kunst volgens haar dient te zijn. \u2018Onaangepastheid\u2019 is geen pre. Bij het betreden van het museum dient het publiek immers ogenblikkelijk een feelgood-ervaring te krijgen, waarbij het vooral moet worden bediend met beelden en verhalen die inspelen op de eigen \u2013 allochtone, multiculti \u2013 achtergrond en interessen.<\/p>\n<p>Dat is wat je zou je kunnen concluderen uit de door de Mondriaan Stichting uitgeschreven prijsvraag voor de Nederlandse musea. Wie niet voldoet aan de verwachtingen \u2013 het slechten van de drempels voor allochtonen en jongeren, het liefst jonge allochtonen \u2013 kan fikse kortingen verwachten. Maar w\u00e9ten de musea wat de multicultigemeenschap in de grote steden wil zien? Bestaat zo\u2019n gemeenschap?  Wordt \u2018de\u2019 allochtoon wel eens wat gevraagd? En moet dat trouwens? Is het niet veel beter als het museum een tempel blijft in de beste zin van het woord \u2013 een plek waar je rustig en geconcentreerd naar kunst kunt kijken, luisteren of  eventueel interactief kunt reageren op wat zich aan je voordoet zonder verplicht te hoeven babbelen met een kunstenaar of educatief medewerker? Moet het museum niet een voor iedereen toegankelijke plek blijven, waar je wordt \u2018aangeraakt door de muzen\u2019, die je dwingt hoger te reiken of je in ieder geval losrukt van je eigen achtergrond \u2013 precies het tegenovergestelde dus van wat de staatssecretaris met haar plannen beoogt?<\/p>\n<p>Of ben ik niet flexibel genoeg, en weiger ik in te zien dat het museum wel gedwongen is te veranderen? Ben ik een aartsconservatieve, blanke, buikige oude zak als ik schrikbeelden zie opdoemen van Stedelijk Museum-tentoonstellingen, geopend door onze nationale allochtone schaamlap Ali B., of door 50 Cents, Snoop Dogg en De Jeugd van Tegenwoordig, gebroederlijk hand in hand op de elfde verdieping van het Post CS-gebouw?<\/p>\n<p>Het lijkt of in het huidige culturele klimaat, waarin definitief afscheid is genomen van het onderscheid tussen hoge en lage kunst (\u2018Nee echt, een avondje Frans Bauer is mij evenveel waard als de Vijfde van Beethoven. Kijk, Frans zingt \u201cAls je lacht voel je je veel beter\u201d. Nu heeft Beethoven veel moois gemaakt, maar zoiets p\u00fantigs heb ik hem nog nooit horen beweren!\u2019) iedereen de wijze woorden van de vermaarde Willem Sandberg is vergeten.<\/p>\n<p>Gevraagd naar de betekenis van het museum, merkte de zwierige jonkheer \u2013 tussen 1945 en 1962 directeur van het Stedelijk Museum \u2013 op dat het museum \u2018een levenscentrum\u2019 moest zijn\u2019, een plek voor iedereen, van kapper tot hoogleraar, waar iets \u2018te ontdekken\u2019 viel en waar een inspirerende werking van uit moest gaan, een plek waar de bezoeker, vertrouwend op eigen ogen en gevoel, zich zou laten prikkelen door het buitengewone talent van kunstenaars. Tegelijkertijd spoorde de museumdirecteur de bezoeker aan zich niet uitsluitend te verlaten op het oordeel van de \u2018kenners\u2019. Voorlichting en opvoeding van het publiek achtte hij van belang ( niet voor niets liet hij een openbaar toegankelijke bibliotheek inrichten, met leestafel en lopende abonnementen op de belangrijkste kunsttijdschriften), maar van een belerend, didactisch vingertje mocht geen sprake zijn.<\/p>\n<p>Sandbergs opvattingen zijn niet zonder invloed gebleven. In een interview dat ik als huisfilosoof van het Centraal Museum twee jaar geleden afnam met de toenmalige directeur van het Utrechtse museum, zei Sjarel Ex dat het publiek moest worden uitgedaagd. \u2018Het is fascinerend om te zien wat er gebeurt als de bezoeker zijn zekerheden verliest. Je hoopt toch dat mensen een keer loskomen van hun verwachtingen.\u2019<\/p>\n<p>In datzelfde interview benadrukte Ex dat het museum tegemoet dient te komen aan de eisen van een hedendaags publiek dat zich \u2018op een actievere manier tot de kunst verhoudt dan vroeger\u2019. Ex: \u2018Waarom is een stuk uit de collectie een meesterwerk \u2013 of waarom niet? (\u2026) D\u00e1t wil de bezoeker weten. In het verleden werden de uitspraken die het museum deed nauwelijks betwist. Nu is het publiek veel mondiger\u2019. En over de taak van het museum heette het: \u2018Ik zie het (\u2026) museum als een liberale instelling: we geven de bezoeker de mogelijkheid zich zelfstandig op te stellen tegenover de kunst, in de hoop zijn esthetisch en historisch bewustzijn te scherpen.\u2019<\/p>\n<p>Geef toe, dat klinkt een stuk doordachter dan het proza dat de staatssecretaris en zulke bezielde kunstliefhebbers als de PvdA-\u2018cultuurspecialist\u2019 John Leerdam weten af te scheiden. Of ben ik dan weer een hopeloos ouderwetse, blanke geprivilegieerde zak in het bezit van een exclusieve museumjaarkaart als ik zoiets zeg?<\/p>\n<p>Leerdam publiceerde vorig jaar met co-auteurs Jet Bussemaker en Hester Tammes het geschrift De Kracht van Kunst en Kultuur (2005). Bij monde van partijleider Wouter Bos liet de PvdA weten dat het toekomstige beleid erop gericht is \u2018zoveel mogelijk jonge mensen zo vroeg mogelijk met kunst en cultuur in aanraking te laten komen\u2019. Dat zou vooral belangrijk zijn omdat \u2018waardevolle kunst in een pluriforme en levendige cultuur bijdraagt aan (&#8230;) binding, confrontatie, trots, troost en humor.\u2019<\/p>\n<p>Het is een onvervalste proeve van de culturele vaagpraat waar de huidige PvdA patent op heeft. Kunst die helemaal uit zichzelf bijdraagt (Ik dacht al, wat d\u00f3\u00e9t kunst toch eigenlijk?!) aan binding (met wie of wat?)&#8230; vol verwachting klopt ons hart.<\/p>\n<p>Lezer, balt u ook uw humoristisch-socialistische vuistje in pluriforme woede bij deze in kreupelproza gestelde onzin die wel confronterend is maar geen troost biedt? Wees mild: u bevindt zich thans op de ijle hoogvlakte van sociaal-democratische kunstbeschouwing. In goed Nederlands: fasten your seatbelts and buckle up!<\/p>\n<p>Angst regeert museumland. Angst om de door de staatssecretaris in het vooruitzicht gestelde zakken met geld mis te lopen, angst om de toekomst van het museum, angst vanwege het kennelijke onvermogen contact te maken met een nieuw publiek, dat weinig tot geen binding heeft met de geschiedenis van de moderne westerse kunst.<\/p>\n<p>Die angst is niet ongerechtvaardigd. \u2018Moet ik dan minaretten op mijn museum zetten?\u2019 riep de directeur van het Haags Gemeentemuseum, Wim van Krimpen, quasi-wanhopig uit toen hij van Van der Laans plannen hoorde.<\/p>\n<p>Daarmee raakte hij \u2013 ondanks de vrolijk theatrale toonzetting \u2013 een heikel punt. De klacht is dat het moderne kunst-museum voor het merendeel van het publiek (in de grote steden is volgens het CBS eenderde van de bevolking van allochtone herkomst) geen herkenbare verhalen vertelt. Grof gezegd komt het hierop neer: de kunst heeft zich in de loop van de twintigste eeuw opgesloten in het reservaat van de avant-garde, en heeft in haar autistische commentaar op zichzelf (kunst over kunst) of door haar hoge abstractiegraad (concept\/idee\u00ebnkunst) het contact met het grotere publiek verloren.<\/p>\n<p>Tot halverwege de jaren tachtig werd het ongrijpbare, verwarring zaaiende karakter van hedendaagse kunst juist geprezen vanwege haar cutting edge-kwaliteiten (onder het motto \u2018Ik begrijp er niks van, maar ik maak wel deel uit van het avontuur van de kunst\u2019) en van harte ondersteund door museumdirecteuren en wethouders en staatssecretarissen van Cultuur.<\/p>\n<p>Bovendien was er altijd nog een Pierre Janssen (de enthousiasmerende presentator van het tv-programma Kunstgrepen \u2013 diens nerveus wapperende handen en gedreven dictie staan menigeen boven de veertig nog in het geheugen gegrift), of een Saskia Bos van Openbaar Kunstbezit om de verwarring van het publiek in goede banen te leiden en al was het maar een begin van begrip te kweken voor het werk van zulke uiteenlopende kunstenaars als Piet Mondriaan, Picasso, Bas-Jan Ader, Ulay\/Abramovic of Rob Scholte.<\/p>\n<p>En wie geen begrip wilde opbrengen, kon zich altijd nog verlustigen in het schandaal of de schok. Wie herinnert zich niet de commotie rond de eerste CoBrA-tentoonstelling, Sandbergs Dy\u00adla\u00adby en Bewogen beweging, het levende kunstwerk Henk Jurriaans (psycholoog-goeroe van beroep, wiens behandelmethode gestoeld was op de oneliner: \u2018Ik ben okay, jij bent een lul\u2019) of de aankoop door Stedelijk Museum-directeur Wim Beeren van Jeff Koons\u2019 varkentjes, getiteld Ushering in Banality?<\/p>\n<p>De mensen begrepen het wel niet, maar er was in ieder geval een door de politiek gedragen idee dat dat niet erg was. Het museum was er juist om uit te dagen, te prikkelen en het publiek kennis te laten maken met een andere wereld. Zelfs de PvdA was in die jaren nog overtuigd van de waarde van het museum als centre of excellence, getuige een opmerking van de toenmalige Amsterdamse wethouder van Kunst en Cultuur, Han Lammers: \u2018Dat kunst de wereld moet verbeteren, is theologische prietpraat. De kloof tussen het publiek en de kunstenaar die nieuwe vormen introduceert is volstrekt logisch. De functie van het museum is nou juist het waarnemingsvermogen openbreken.\u2019<\/p>\n<p>Wie het museum voor moderne kunst betrad, zou zich losrukken van het negen-tot-vijfbestaan en een andere bewustzijnsdimensie betreden waar fantasie en creativiteit de toon zetten. Op de in de jaren zeventig gestelde eis dat het museum diende \u2018te vermaatschappelijken\u2019 en kunst van \u2018arbeiders en huisvrouwen\u2019 moest tentoonstellen, werd door museumdirecteuren en staf dan ook meestal schouderophalend gereageerd. En zelfs de inspanningen van Van Abbe-directeur Jean Leering en New Babylon-ontwerper Constant om de scheiding tussen kunst en leven te slechten, konden niet verhelpen dat het museum toch vooral museum bleef. Constants aanname dat in een \u2018gerevolutioniseerde maatschappij\u2019 de autonome kunst zou verdwijnen ten gunste van een alles doordringende \u2018creatieve levensdrift\u2019 werd nooit bewaarheid. Leering, kunstkenner en liefhebber pur sang en oprecht gedreven in zijn overtuiging dat \u2018de straat\u2019 het museum binnengehaald moest worden en andersom, moest zelfs het veld ruimen en keerde na zijn vertrek uit het Van Abbe in 1973 en een kort Tropenmuseum-directeurschap niet meer terug in de museumwereld.<\/p>\n<p>De autoriteit van het museum werd dus wel betwist, maar niet aan het wankelen gebracht. Aan educatie in het museum werd veel aandacht besteed, maar niet vanuit de gedachte dat kunst een hapklare, makkelijk verteerbare brok was of in moest spelen op de culturele achtergrond van de bezoekers. Die werden juist uitgedaagd zich tot het buitengewone te verhouden, tot een levenssfeer die zich buiten de dagelijkse ervaring bevond.<\/p>\n<p>Het is veelzeggend dat de activiteiten van Fluxus \u2013 de door George Maciunas in het leven geroepen beweging die hartstochtelijk pleitte v\u00f3\u00f3r het leven in de kunst en tegen het \u2018zielloze objectfetisjisme\u2019 van de musea (\u2018H\u00e9, koffiekopjes kunnen mooier zijn dan fancy beeldhouwwerken!\u2019) \u2013 zich grotendeels buiten de kunsttempels afspeelden.<\/p>\n<p>Er was in die roemruchte jaren na mei 1968 wel een wisselwerking tussen museum en maatschappij (wat kunstenaars maken, draagt onontkoombaar het stempel van de tijd) en er was \u2018intensieve educatie\u2019 gericht op van kunstkennis verstoken groepen. Ook waren er eindeloze, door kunstsjamaan Joseph Beuys geleide Documenta-discussies over de sociale rol en betekenis van de kunstenaar. Diens energie moest de creatieve potentie van allen activeren, opdat de wereld zou veranderen in een door groene Duitse wouden overwoekerd paradijs van naastenliefde, waar burgers elkaar omhoog zouden stuwen in een orgie van sociaal bruikbare scheppingsdrift. Maar het museum bleef \u2013 im grossen Ganzen \u2013 een plek waar schilderijen, sculpturen, tekeningen, video\u2019s en aanverwanten keurig werden uitgestald.<\/p>\n<p>Er waren wel allochtonen (gastarbeiders), maar die deden hun eigen, door PvdA-politici ruimhartig gestimuleerde multiculti-ding in onzichtbare theehuizen en gebedsruimten.<\/p>\n<p>Er was nog geen Diamantbuurt of een met wrekende slagersmessen zwaaiende Moham\u00admed B.<\/p>\n<p>Er was nog geen staatssecretaris of Mon\u00addriaan Stichting die zich over het gestigmatiseerde heil van de allochtoon boog.<\/p>\n<p>Er waren nog geen conservatoren die durfden te reppen van kunstenaars die fungeren \u2018als bruggenbouwers tussen kunst en bezoeker\u2019, die heerlijk nietszeggende zinnetjes in de mond namen als \u2018communicatie staat centraal\u2019 of die de Marokkaan in zichzelf wilden ontdekken.<\/p>\n<p>Het museum toonde wat het van kunsthistorisch belang achtte, zonder zich te bekommeren om zulke vreugdeloze zaken als \u2013 de termen lijken afkomstig uit een vergeeld handboek etnologie \u2013 \u2018culturele diversiteit\u2019 en \u2018perspectieven en materi\u00eble uitingen van andere culturen\u2019.<\/p>\n<p>\u2018Angst\u2019 werd nog niet in kapitalen gespeld. Paternalisme was niet onomstreden: toen staatssecretaris van Cultuur Rick van der Ploeg, ongetwijfeld met de beste bedoelingen, eind jaren negentig decreteerde dat allochtonen en bejaarden per rollatorvriendelijke entree de musea in gejaagd moesten worden, sputterde men, niet al te flink overigens, nog tegen. Nu mogen Tweede-Kamerleden Leerdam en Bussemaker in hun stuntelig geschreven boekje ongestraft beweren dat het onderscheid tussen hoge en lage cultuur tot ongewenste maatschappelijke \u2018distinctie\u2019 leidt, die het \u2018wederzijds begrip tussen verschillende culturen en landen\u2019 tegenhoudt.<\/p>\n<p>Unverfroren beweren de twee dat kunst \u2018ervoor zorgt dat mensen contact met elkaar maken\u2019 en dat de regering kunst en cultuur mag gebruiken als emancipatorisch instrument om spanningen tussen culturen weg te masseren.<\/p>\n<p>Kunst als aanjager van \u2018sociale cohesie\u2019\u2026 brrr. Alleen een geboren politicus kan kunst zo schaamteloos inzetten voor eigen gewin. En: hoe ver moet je wel niet van de kunst af staan om zoiets te beweren? Nooit geweten dat het werk van Armando (Feindbeobachtung), Erik van Lieshout (bekend van zijn schildering van een aan het spit geregen neger boven een vuurtje), Ronald Ophuis (verkrachtingssc\u00e8nes in voetbalkleedkamers), Damien Hirst (haai op sterk water), de Chapman Brothers (penetratie van mensfiguren in alle standen en openingen), Tracey Emin (zelftherapie), Stanley Brouwn (Ja mensen! Een heuse Surinaamse kunstenaar!), Paul McCartney (geestelijk vader van \u2018Kabouter Buttplug\u2019), Wim T. Schippers (bekend van pindakaasvloeren en wilde plannen voor op windhozen door museumgangen rondvliegende andijviestruiken), Jan Schoonhoven (ontroerende, handgemaakte witgeschilderde reli\u00ebfs), Olafur Eliasson (magistrale stralende zon in Tate Modern) of Jeroen Henneman (ontwerper van het Theo van Gogh-gedenkteken) in het teken stond van alle Menschen werden Br\u00fcder. Maar ik schrijf dan ook geen culturele beleidsnota\u2019s die een geperverteerde variant zijn van Job Cohens adagium \u2018dat we de boel een beetje bij elkaar moeten houden\u2019 (wat voor een burgemeester geen onzinnig uitgangspunt is, overigens).<\/p>\n<p>In de kunst gelden heel andere wetten. Dat is het rijk van de ge\u00efnspireerde waanzin, schoonheid en fantasie &#8211; kortom alles wat zich onttrekt aan het nut van het maatschappelijke. Maar daar hebben dichters en kunstenaars als Charles Baudelaire, Marcel Duchamp, Dieter Roth, Sigurdur Gudmundsson en critici als Robert Hughes al het nodige over gezegd.<\/p>\n<p>Turken, Marokkanen, Antillianen en Suri\u00adnamers herkennen te weinig van hun eigen culturele achtergrond  in het huidige aanbod van de musea voor moderne en hedendaagse kunst, betogen de staatssecretaris en haar trouwe slippendrager, de Mondriaan Stichting. Onduidelijk is hoe Turken, Marokkanen, Antillianen en Surinamers daar zelf over denken. Onduidelijk is ook hoe groot de behoefte onder genoemde groepen is om op maat bediend te worden. Willen de zogeheten minderheden wel \u2018cultureel divers\u2019 benaderd worden? En hoe zou dat aanbod er dan uit moeten zien? Hedendaagse kunst op roti-, couscous- of k\u00f6ftebasis? Het kan en het mag, maar het is niet aan de staatssecretaris om daar richting aan te geven. Ook in een etnisch en religieus snel veranderende samenleving zijn het nog steeds de kunstenaars die bepalen welke kant de kunst opgaat. Zo kan ik me niet aan de indruk onttrekken dat er heel wat kunstenaars zijn, ook van allochtone komaf, die liever kunst maken dan werk dat tegemoet komt aan de schreeuw van overheidswege om \u2018culturele diversiteit\u2019.<\/p>\n<p>Die schreeuw zelf verraadt een diep wantrouwen in de kracht van kunst.<\/p>\n<p>Treft de kunst dan helemaal geen blaam? Terecht constateerde NRC Handelsblad- cri\u00ad\u00ad\u00adti\u00adcus Hans den Hartog Jager in zijn openingstoespraak bij de opening van de afgelopen Rotterdam Art Fair, dat de hedendaagse kunst ook zelf deel van het probleem is. Wat te denken van kunstenaars die het publiek tijdens de Biennale van Veneti\u00eb in een zandbak landjepik laten spelen of plaats laten nemen in een Aziatische sweatshop waar het zelf sneakers in elkaar mag zetten opdat het voelt wat het betekent om een onderbetaalde, uitgebuite werknemer in de derde wereld te zijn? Niet alleen de na\u00efviteit van dergelijke acties (het gaat hier om kunst die eigenlijk geen kunst wil zijn maar sociale kritiek &#8211; binnen een onvervalst professionele kunstsetting, lezer, voelt u de wurgende problematiek van dit alles?), ook de tergende ongrijpbaarheid (materi\u00eble vormloosheid) van kunst die maatschappelijk betrokken wil zijn en tot bewustwording wil bijdragen, doet de kijker de das om.<\/p>\n<p>\u2018Het publiek\u2019 is misschien kunstonwetend, maar niet stupide; het voelt op zijn klompen aan dat hedendaagse kunst nauwelijks maatschappelijke impact heeft. Had ze dat wel, dan zou ze agitprop heten of net zulke beroering teweegbrengen als de profeet-bespottende cartoons in de Deense krant Jyllands Posten.<\/p>\n<p>Maatschappijkritiek via kunst is dus ineffectief en cre\u00ebert juist afstand tot het publiek. En ook kunst die zich nauwelijks van het dagelijks leven onderscheidt, roept niet zozeer vragen op als wel verveling en desinteresse. Dieptepunt in deze was Martin Creeds winnende inzending voor de Turner Prize van 2001, die bestond uit het tentoonstellen van een lege zaal, waarvan de plafondlampen om de vijf seconden aan en uit gingen.  Zelfs een begenadigd educator als Pierre Janssen zou het niet zijn gelukt om zoveel samengebalde lamlendigheid aan te prijzen. Geen wonder dat het publiek \u2013 allo- of autochtoon \u2013 zich niet aangesproken voelt.<\/p>\n<p>Na een halve eeuw educatieve inspanningen op alle niveaus kunnen we  constateren dat slechts een kleine minderheid van het cultuurpubliek voor de hedendaagse kunst te paaien valt. Dat zal ook zo blijven, alle deelonderzoeken naar al dan niet bestaande allochtone behoeften ten spijt.<\/p>\n<p>Veelzeggend in deze is de vaststelling door de staf van het Museum Jan Cunen in Oss, in een openbare reactie op de plannen van de Mondriaan Stichting en kennelijk gevoed door eigen ervaring, dat \u2018ook tentoonstellingen van niet-westerse kunstenaars er niet in slagen om een meer cultureel divers publiek te bereiken\u2019.<\/p>\n<p>Om het werk van moderne en hedendaagse kunstenaars te waarderen (of hartstochtelijk af te wijzen), is kennis van zaken nodig, interesse en vooral visuele gevoeligheid. Kennis kan worden verstrekt, interesse eventueel gewekt (door inspirerende vertellers), maar gevoeligheid voor kunst is aangeboren, of je nu wit, zwart, bruin, groen of geel bent. Daar helpt geen overheidsbeleid aan, hoe luid de eis om culturele diversiteit ook klinkt.<\/p>\n<p>Ja mensen, het is hard, maar de dichter-kunstenaar Lucebert had gelijk toen hij zei dat kunst vanzelfsprekend een \u2018zaak voor de elite\u2019 is \u2013 een geestelijke elite, wel te verstaan, waartoe iedereen die de noodzaak voelt om zich in de kunst te verdiepen, toegang moet kunnen krijgen.<\/p>\n<p>Dat allochtonen (zullen we die term vanaf nu schrappen?) er misschien nog jaren over doen om tot die elite toe te treden mag geen reden zijn om toe te geven aan een radeloze angst voor dalende bezoekerscijfers. Sociale emancipatie is een kwestie van geduld, zoals wijze PvdA-mannen in de jaren vijftig al wisten. En ook over het eventuele nut van kunst en cultuur wist men toen nog zinnige dingen te melden. Zo merkte de eigenzinnige cultuursocialist Jacques de Kadt op: \u2018Juist omdat een in hoge mate georganiseerde maatschappij zoveel elementen van gelijkvormigheid, routine, conformisme bevat, omdat ze enorme scharen van \u201cBildungsphilister\u201d voortbrengt en moet voortbrengen, heeft ze meer dan welke andere maatschappij behoefte aan cultuur die haar voor zelfgenoegzaamheid en slaperigheid kan behoeden.\u2019<\/p>\n<p>C\u2019est tout. Geen woord over \u2018sociale cohesie\u2019. De Kadts woorden (afgedrukt in de in 1957 verschenen verzamelbundel Vrijheid en gelijkwaardigheid in de welvaartsstaat. Een toetsing van de naoorlogse ontwikkeling aan socialistische normen) geven nog steeds afdoende antwoord op de vraag waartoe de kunst ons dient. Ze \u00eds simpelweg. In al haar onbegrijpelijke grilligheid, schoonheid en weerbarstigheid bestaat ze bij gratie van de afspraak die we ooit hadden gemaakt dat we \u2018niet bij brood alleen\u2019 willen leven.<\/p>\n<p>Meer legitimatie heeft de kunst niet nodig, hoe hard een carri\u00e8rehongerige staatssecretaris en beleidsmakers ook staan te schreeuwen om \u2018sociale cohesie\u2019.<\/p>\n<p>Kunst is geen ma\u00efzena. \u2018En op gelul kun je niet dansen,\u2019 om maar eens een kernachtige cultuurbeleidsaanbeveling van Amsterdams kersverse nachtburgemeester Chiel van Zelst aan te halen.<\/p>\n<p>Kunst blijft kunst, hoe multiculti de samenleving ook mag zijn.<\/p>\n<p>\u00c1ls er dan helemaal niemand meer naar musea wil komen, ja d\u00e1n zullen we constateren dat het avontuur van de moderne kunst noodzakelijk blank, highbrow en kortstondig is geweest.<\/p>\n<p>Maar dat is weer een ander verhaal.<\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Staatssecretaris Medy van der Laan en haar slippendrager de Mondriaan Stichting willen dat musea hun educatieve inspanningen vergroten en \u2018cultureel divers\u2019 worden. Kunst als aanjager van sociale cohesie \u2013 brrr! Alleen een geboren politicus kan kunst zo schaamteloos inzetten voor eigen gewin.<\/p>\n","protected":false},"author":3380,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"content-type":"","footnotes":""},"categories":[27],"tags":[2255],"acf":[],"author_name":"","_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/124353"}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/types\/post"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/comments?post=124353"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/124353\/revisions"}],"author":[{"embeddable":true,"name":"AndorT","href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/users\/3380"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/media?parent=124353"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/categories?post=124353"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/tags?post=124353"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}