
 {"id":124325,"date":"2006-03-11T00:00:00","date_gmt":"2006-03-10T22:00:00","guid":{"rendered":"http:\/\/beta.vn.nl\/annemarie-mol\/"},"modified":"2006-03-11T00:00:00","modified_gmt":"2006-03-10T22:00:00","slug":"annemarie-mol","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.vn.nl\/annemarie-mol\/","title":{"rendered":"Annemarie Mol"},"content":{"rendered":"<p>Bijzonder hoogleraar politieke filosofie<\/p>\n<p>Tijdens mijn studietijd ontstond het beeld dat dokters frontaal tegenover pati\u00ebnten staan. Machtige deskundigen onderdrukken kwetsbare pati\u00ebnten, dat idee. Een \u00admarxistisch model \u2013 een soort klassenstrijd tussen deskundigen en leken.<\/p>\n<p>De oplossing van links was om pati\u00ebnten te organiseren. Liberalen pleitten voor meer keuzemogelijkheden voor pati\u00ebnten.<\/p>\n<p>Maar het vertrekpunt klopt al niet. Pa\u00adti\u00ebnten zijn geen verkapte lijfeigenen van dokters, dat zijn ze nooit geweest ook. Pati\u00ebnten zijn ook geen klanten die iets bij dokters willen kopen. Ze zijn geen baas, maar ook geen knecht. Er is iets anders aan de hand, gezondheidszorg heeft een eigen logica.<\/p>\n<p>Toen ik filosofie en geneeskunde studeerde, rende ik op en neer tussen twee verschillende werelden. De dominante filosofie schuift een mensbeeld naar voren waarin het een morele triomf is om keuzen te maken \u2013 je leven inrichten naar je eigen keuze is het toppunt van ware menselijkheid. Wat ik in het ziekenhuis zag, paste totaal niet bij die fantasie. Het leven in de kliniek is nogal overweldigend, draait om ziekte, ellende, tekort. De meeste filosofen ontbrak het duidelijk aan een besef van vleselijkheid. Maar bij hen kon je w\u00e9l leren dat het ertoe doet in \u00adwelke taal je praat. Dat je taal voor een groot deel bepaalt wat je ziet.<\/p>\n<p>Taal lijkt misschien onschuldig, maar kan met je op de loop gaan. Neem het nu zo populaire woordje \u2018product\u2019. De gezondheidszorg staat onder druk om dat woord te gebruiken voor wat er in de spreekkamer gebeurt. Aan zo\u2019n woord zit een heleboel vast. \u201cProduct\u201d veronderstelt een transactie, het suggereert dat er in een spreekkamer iets van hand tot hand gaat. Dat is een weinig adequaat model. Ik zeg niet dat het nooit past \u2013 als je je oog laat laseren, valt \u201claseren\u201d misschien best als een product zien \u2013 maar in de meeste gevallen slaat zo\u2019n woord de plank mis.<\/p>\n<p>Voor mijn boek heb ik veel diabetesspreekuren bezocht, gepraat met internisten, verpleegkundigen en pati\u00ebnten, gekeken wat er in spreekkamers gebeurt. Wat zou je daar \u201cproduct\u201d moeten noemen? Misschien de insuline die over de toonbank gaat en die het leven van diabetici redt? Zou kunnen. Maar als je zo kijkt, mis je het belangrijkste: dat hulpverleners en pati\u00ebnten een interactie aangaan. Ze praten over hoe je insuline leert inspuiten, hoe je dat goed doet, hoe je schommelingen in je bloedsuikerspiegel het best kunt voorkomen. Dat je goed en regelmatig moet eten, maar dat een taartje af en toe ook moet kunnen \u2013 dat je moet leren leven met je zwakheden. Hoe leid je in de gegeven omstandigheden een zo goed mogelijk leven? D\u00e1\u00e1r hebben hulpverleners en pati\u00ebnten het op het spreekuur over. En daarin hebben ze elk een praktisch aandeel. Als je zo\u2019n praktijk beschrijft als een product of een transactie, dan ontneem je jezelf het zicht op wat er werkelijk gebeurt. Dan dwing je de praktijk in een slecht passende mal.<\/p>\n<p>Onbegrijpelijk dat iedereen, van Hoogervorst tot en met de pati\u00ebntenbeweging, het over \u201ckiezen\u201d heeft. Want de meeste ziekten waarmee de gezondheidszorg te maken heeft, zijn chronisch. Daarbij is niet relevant wat je kiest, maar wat je voor elkaar krijgt. Dat vereist \u201cdokteren\u201d. Zorgen. Niet alleen het warme verzorgen dat traditioneel bij vrouwelijke verpleegsters hoorde. Dokteren is ook: het op de juiste wijze introduceren van medische technieken in het leven met een ziekte.<\/p>\n<p>De pil slikken als je niet zwanger wilt worden, lijkt simpel. Maar de techniek vraagt wel dat je er een tamelijk regelmatig leven voor leidt, anders lukt het niet. Ook een ogenschijnlijk simpel apparaatje als een bloedsuikermeter is nooit \u201ceenvoudig in het gebruik\u201d. Je moet ervoor gaan zitten, je misschien terugtrekken uit een vergadering, je moet de uitslag steeds weer emotioneel verwerken. Zo\u2019n techniek incorporeren in je leven is een hoop gedoe.<\/p>\n<p>Op het diabetesspreekuur snappen ze dat. Daar zeggen ze niet: vandaag begint u met meten en over honderd dagen bespreken we het resultaat. Welnee. Er bestaan minstens twintig soorten bloedsuikermeters, en de diabetesverpleegkundige kijkt welke bij de pati\u00ebnt past. Die mevrouw van tachtig kan dit doosje niet zo goed openmaken, dus is een groot model voor haar handiger. Voor die jongen van vijfentwintig zoeken we een designexemplaar uit waarmee hij voor de dag kan komen. Pati\u00ebnten kunnen de apparaten soms even lenen, kijken of het bevalt. Ze zullen moeten leren met zo\u2019n ding om te gaan. Dat is afstemmen, kalibreren. Van de techniek op de pati\u00ebnt, \u00e9n van de pati\u00ebnt op de techniek. En als het dan in de praktijk toch niet blijkt te werken, zijn er flink wat variabelen die verpleegkundige en pati\u00ebnt aan kunnen pakken. Dat l\u00edjkt gewoon niet op kiezen.<\/p>\n<p>Neem de man die ik in mijn boek mijnheer Martin noem. Hij komt op het spreekuur, krijgt informatie, en \u201ckiest ervoor\u201d om zelf zijn bloedsuikerspiegel te prikken. Maar op het volgende spreekuur blijkt hij helemaal niet gemeten te hebben. Wat moet je dan zeggen? \u201cGoh, hij wilde blijkbaar toch niet echt?\u201d Als dat het enige is dat je als dokter of verpleegkundige te zeggen hebt, ben je een slechte professional. Het echte werk begint dan pas. Het wordt zoeken: waarom lukt het niet? Vindt mijnheer Martin prikken eigenlijk eng? Zou een ander apparaat wel werken? Helpt het om een ander prikritme in te voeren? Afstemmen dus.<\/p>\n<p>Door het gebruik van de term \u201ckiezen\u201d lijkt het net alsof je je lichaam kunt controleren. Je wilt je bloedsuiker omlaag hebben, daar kies je voor, dus eet je met mate, sport je regelmatig. Je doet kortom je best. En dat is mooi, want als je niets doet, ga je dood. Maar \u201cje best doen\u201d is geen garantie voor het bereiken van je doel. Je bloedsuikers kunnen toch gaan zwabberen, omdat er allemaal emotionele dingen gebeuren, of zomaar, zonder duidelijke reden. Ondanks je keuze voor gezond leven.<\/p>\n<p>In de zorg weten ze dat je in zoverre geen keuze hebt dat je moet leren leven met je ziekte. En ze weten ook dat je moet verdragen dat het desondanks mis kan gaan. Pati\u00ebnt zijn vraagt iets heel moeilijks van mensen: daadkracht \u00e9n gelatenheid tegenover je eigen lijden.<\/p>\n<p>Ik vind het erg dat de gezondheidszorg als een markt wordt afgeschilderd. Op de markt verkoopt men producten door te beloven dat ze verlangens bevredigen. In de zorg gaat het niet om verlangens, maar om in leven blijven. Ervaring nummer \u00e9\u00e9n in de spreekkamer is dat je het niet voor het kiezen hebt. Niet omdat de dokter de baas is, maar omdat je lichaam zich grillig gedraagt.<\/p>\n<p>Verlangens zijn eindeloos, en de markt speelt daarop in. Het is dan ook een eigenaardig idee dat je via de markt de kosten zou kunnen terugdringen. Een fabrikant die handig gebruik maakt van het verlangen naar gezondheid, kan goed verdienen. Juist de markt stelt geen grenzen aan verlangens. Je hoeft je verlangens niet te veranderen, je hoeft niet over ze na te denken \u2013 je hoeft ze alleen maar te bevredigen, als je kunt.<\/p>\n<p>De gezondheidszorg spreekt je niet aan op je primaire gevoelens, maar op je bewerkte verstand. Een zieke die een zo goed mogelijk leven wil leiden, moet leren verstandig met zijn verlangens om te gaan. Niet dat genieten slecht is, je leert in de zorg juist om je lichaam te koesteren. Alleen: matigheid kan je leven aangenamer maken. Als je nu matig bent, heb je meer kans om niet al te vlug last te krijgen van nare complicaties. Hulpverleners helpen daarbij. En als er geen hoop meer is op genezing, doen ze geen appel meer op je verlangen naar gezondheid, maar bieden ze je steun en troost. Dat is een indrukwekkend ander verhaal dan dat van de markt.<\/p>\n<p>Het maakt me razend dat \u00e9\u00e9n dominant denkmodel geldt als h\u00e9t westerse denken. Het geseculariseerd protestante, juridische, mannelijke, lichaamsloze, rationele keuzemodel. Politici, managers en quasi-verlichte filosofen doen vaak alsof dat boven alle twijfel verheven is: \u201cWij westerlingen zijn rationeel, wij kiezen.\u201d Dat is misleidend. En dan moet ik in naam van dat westerse model als ge\u00ebmancipeerde vrouw zeker ook nog bang worden voor onbeschaafde \u201canderen\u201d, die \u201chun\u201d vrouwen zouden onderdrukken? Daar heb ik geen zin in. Zo laat ik me niet aanspreken. Want m\u00edjn westerse traditie is er een met oog voor lichamelijkheid, toeval, grilligheid, pech. Waarin zieken mogen bestaan. Waarin we niet de illusie hebben dat we technieken de baas zijn, maar voorzichtig uitproberen wat ze met ons doen. Een traditie van dokteren. Van zorgen.<\/p>\n<p>Annemarie Mol (1958) studeerde wijsbegeerte en geneeskunde in Utrecht en is Socrates-hoogleraar Politieke Filosofie aan de Universiteit Twente. In 1989 promoveerde ze in Groningen op het boek Ziek is het woord niet.<\/p>\n<p>In 2003 publiceerde zij The Body Multiple, waarvoor zij de Ludwig Fleck Prize en de Sociology of Health and Illness Book Prize kreeg. Begin dit jaar verscheen bij Van Gennep haar boek De logica van het zorgen: actieve pati\u00ebnten en de grenzen van het kiezen.<\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Filosoof en medicus Annemarie Mol verdiept zich al twintig jaar in de gezondheidszorg. Onlangs verscheen haar boek \u2018De logica van het zorgen\u2019. Haar conclusie: van \u2018kiezen\u2019 wordt de zorg niet beter, en de pati\u00ebnt al helemaal niet.<\/p>\n","protected":false},"author":3380,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"content-type":"","footnotes":""},"categories":[27],"tags":[2969],"acf":[],"author_name":"","_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/124325"}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/types\/post"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/comments?post=124325"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/124325\/revisions"}],"author":[{"embeddable":true,"name":"AndorT","href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/users\/3380"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/media?parent=124325"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/categories?post=124325"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/tags?post=124325"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}