
 {"id":123853,"date":"2006-04-08T00:00:00","date_gmt":"2006-04-07T22:00:00","guid":{"rendered":"http:\/\/beta.vn.nl\/te-lekkere-schilderijen-uit-dresden\/"},"modified":"2006-04-08T00:00:00","modified_gmt":"2006-04-07T22:00:00","slug":"te-lekkere-schilderijen-uit-dresden","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.vn.nl\/te-lekkere-schilderijen-uit-dresden\/","title":{"rendered":"Te lekkere schilderijen uit Dresden"},"content":{"rendered":"<p>Beeldende kunst<\/p>\n<p>\u2018Inspiratie zegt me helemaal niets,\u2019 zei Eberhard Havekost in 2000 tegen een verslaggever van het Duitse kunsttijdschrift Art. Van zijn drie schildersmaten Thomas Scheibitz (1967) en Frank Nitsche (1964), is hij, Havekost (1967), de meest uitgesprokene. Inspiratie doet hem aan genialiteit denken, aan goddelijke ingevingen, sublieme kunst. En daar heeft hij dus niets mee. Hij werkt meth\u00f3disch: ontleden, analyseren, losweken, vervreemden. Foto\u2019s die hij zelf maakt of ergens in een tijdschrift vindt, stopt hij in de computer. Met photoshop knutselt hij net zo lang tot hij precies d\u00ede uitsnede, d\u00ede hoek, d\u00ede kleur vindt die het sterielst, het hardst, het meest onaanraakbaar zal overkomen. D\u00e1t schildert hij, in series, het liefst.<\/p>\n<p>Ze komen uit Dresden en staan ferm geworteld in de Duitse realistische schilderstraditie. Ze deelden atelier, opleiding, vakanties, \u2018aha-Erlebnissen\u2019 en succes.  Zes jaar geleden braken ze internationaal door. Jay Joplin vroeg ze voor zijn vermaarde White Cube in Londen. En daarna ging het spul op drift: New York, Londen, Duitsland. Musea en verzamelaars kochten hun werk. Grote tentoonstellingen vielen hen ten deel. Zoals nu in het Stedelijk Museum in Amsterdam, waar een solotentoonstelling van Havekost is te zien.<\/p>\n<p>Zes zalen \u2013 een kwart van de expositieruimte van het museum \u2013 vulde hij met schilderijen, en de eerste kwalificatie die je te binnen schiet bij het doorwandelen van het parcours is: lekker. Lekker geschilderd. Smeu\u00efg. Glad. Niet bangelijk. Met flinke contrasterende kleuren.<\/p>\n<p>Bouwstijgers: grijs. Het plankier daartussen: rood. De staart van een vliegtuig: rood, wit, en zwart waar de schaduw valt. Op de achtergrond gelijkmatig groen gras. Caravans: paars, oranje en rood en lichtblauw. Hogesnelheidstreinen: glanzend rood en grijs, met een balk geel voor de reflectie op de ramen. Een lachend meisje: rood gelakte nagels tegen een wolkenloze blauwe hemel.<\/p>\n<p>Fragmenten zijn \u2018afgemaakt\u2019 met het schildersmes. De nog veel beroemdere nestor uit Dresden, Gerhard Richter, hanteerde het mes ook graag. Aan het eind van een schilderij, als de verf nog niet droog is, met \u00e9\u00e9n gebaar even over de afbeelding schuiven, zodat er een waaierend effect ontstaat, een illusie van snelheid gevat in trage olieverf, de suggestie van onscherpte, alsof de hand die de camera vasthield heeft bewogen tijdens het afdrukken. Het oogt snel en eigentijds. Maar waar gaat het over?<\/p>\n<p>Havekost haalt, zoals gezegd, de informatie voor zijn schilderijen uit foto\u2019s, die hij vindt in kranten, tijdschriften, internet, films etcetera. Daar kun je heel deftig over doen, zoals geprobeerd wordt in de catalogus bij de tentoonstelling. En daar kun je als schilder ook nog eens heel \u2018dubbelzinnig\u2019 de kijker op wijzen \u2013 door letterlijk een aantal camera\u2019s op statief te schilderen. Maar het moet gezegd: welke kunstenaar laat zich tegenwoordig niet informeren door wat hij aan beelden om zich heen ziet? Welke schilder gebruikt tegenwoordig (en ook vroeger: denk aan onze eigen Rob Scholte, denk aan Andy Warhol, aan Gerhard Richter) geen camera bij zijn werk?<\/p>\n<p>Havekost schildert objecten buiten en objecten binnen. Niet alleen gebouwen of stellages, caravans, autowrakken of spiksplinternieuwe vliegtuigen \u2013 maar ook de spullen waar de mens zijn huis mee vult: een plant, het tegelpatroon van een schoorsteenmantel, een vuilnisemmer, een keukenkastje, een boekenrek. Alles vanuit zo\u2019n hoek gefotografeerd en daarna op linnen getransponeerd, dat het af en toe lastig te zeggen is wat w\u00e1t is. Een mengeling van priv\u00e9 en openbaar, abstract en hyper-realistisch. Een beer van een filmposter naast een plastic  meisje \u2013 de dochter van de schilder? \u2013 op de schommel. Een portret van een verminkte soldaat naast een serie glossy autowrakken.<\/p>\n<p>Het is veel, van alles wat \u2013 maar het zegt zo weinig. Havekost tracht het clich\u00e9 te omzeilen door figuren en voorwerpen te \u2018ontpersoonlijken\u2019. Maar ondertussen vervaardigt hij zelf ook clich\u00e9s. Kijk eens  naar zijn portretten \u2013 en zie hoe de kunstenaar faalt: monden, ogen, neus \u2013 de wil is er wel, maar het is allemaal n\u00e9t niet goed getroffen. Havekost tracht een zwaar beladen begrip als inspiratie te bekritiseren. Maar hij uit die kritiek op de makkelijkste van alle makkelijke manieren: door voor te wenden alsof inspiratie niet bestaat.<\/p>\n<p>De vraag blijft daarom: waar gaat dit over? Hoeveel tijd zal eroverheen gaan voordat deze schilderijen hun \u2018lekkere\u2019 sjeu verliezen &#8211; tien jaar, twintig? Nee, Havekost mag zijn methode best handhaven &#8211; maar interessant wordt het pas als hij de confrontatie aangaat met datgene waarvoor hij  bang is: die heilige inspiratie. Dan spreken we verder.<\/p>\n<p>Eberhard Havekost: Harmonie 1997-2005, t\/m 28 mei. Stedelijk Museum CS, Oosterdoksdijk, Amsterdam. Di t\/m zo 10-17u. Cat: 24,50<\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Beeldende kunst \u2018Inspiratie zegt me helemaal niets,\u2019 zei Eberhard Havekost in 2000 tegen een verslaggever van het Duitse kunsttijdschrift Art. Van zijn drie schildersmaten Thomas Scheibitz (1967) en Frank Nitsche (1964), is hij, Havekost (1967), de meest uitgesprokene. Inspiratie doet hem aan genialiteit denken, aan goddelijke ingevingen, sublieme kunst. En daar heeft hij dus niets [&hellip;]<\/p>\n","protected":false},"author":1023,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"content-type":"","footnotes":""},"categories":[27],"tags":[],"acf":[],"author_name":"Lucette ter Borg","_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/123853"}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/types\/post"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/comments?post=123853"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/123853\/revisions"}],"author":[{"embeddable":true,"name":"Lucette ter Borg","href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/users\/1023"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/media?parent=123853"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/categories?post=123853"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/tags?post=123853"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}