
 {"id":122037,"date":"2006-11-11T00:00:00","date_gmt":"2006-11-10T22:00:00","guid":{"rendered":"http:\/\/beta.vn.nl\/de-beul-onder-je-huid\/"},"modified":"2006-11-11T00:00:00","modified_gmt":"2006-11-10T22:00:00","slug":"de-beul-onder-je-huid","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.vn.nl\/de-beul-onder-je-huid\/","title":{"rendered":"De beul onder je huid"},"content":{"rendered":"<p>Beschouwing \/ Spraakmakend debuut Jonathan Littell<\/p>\n<p>Deze zomer verscheen in Frankrijk bij uitgeverij Gallimard de debuutroman Les bienveillantes (De welwillenden) van Jonathan Littell (1967). Dit meer dan negenhonderd pagina\u2019s tellende boek is sindsdien in Frankrijk voortdurend onderwerp van discussie geweest. De een wenst het zonder aarzeling de Prix Goncourt toe (of hij die heeft gekregen, is bij het ter perse gaan van dit stuk nog niet bekend), een ander deinst terug voor de gruwelen die de lezer al gauw op de huid zitten, weer een ander spreekt van pathos en kitsch. Merkwaardig genoeg valt vrijwel niemand over het perspectief dat de auteur heeft gekozen, dat van een SS-beul, noch over het feit dat de 39-jarige auteur via de romanvorm heeft willen doordringen in het brein van de beulen van het Derde Rijk. Het taboe op literatuur maken van de kampen en de Shoah uit de eerste decennia na de Tweede Wereldoorlog blijkt nu \u2013 definitief \u2013 gedateerd, een fase in een proces van verwerking. Lezers accepteren het perspectief, de mogelijkheid de geschiedenis niet alleen te vertellen via de slachtoffers, de ooggetuigen, en dan liefst op basis van documenten en historisch onderzoek, maar ook via de beulen. Ook accepteren zij het verhaal van iemand die er niet bij is geweest, een romanfiguur ontsproten aan de geest van iemand die er evenmin bij is geweest. Wat voorheen ook andere oorlogs\u00adliteratuur, van Homerus tot Tolstoj, kenmerkte \u2013 eerder het idee van waarachtigheid dan van waarheid \u2013 blijkt in de laatste decennia van de vorige eeuw langzamerhand ook de conventie geworden voor de verbeelding en beschrijving van de Tweede Wereldoorlog en speciaal de Shoah.<\/p>\n<p>Willen wij de herinnering aan de Tweede Wereldoorlog levend houden, dan zullen wij praktisch gesproken ook wel moeten: over enige tijd zijn er geen getuigen meer. Tegelijkertijd is een auteur nooit ontslagen van de historische en literaire plicht tot een hogere vorm van inzicht te komen, een waarachtigheid te installeren in zijn tekst, die maakt dat het beschrevene zonder in alle opzichten historisch juist te zijn toch als waar wordt ervaren. Die waarheid is misschien minder van de feiten dan van de tendensen en essenties, en openbaart zich mogelijkerwijs ook juist via de esthetische werking van de roman. Die waarheid vertrekt weliswaar vanuit de geschiedenis, maar verhoudt zich ook in hoge mate tot de toekomst: welke lering kunnen wij uit de gedragingen van mensen in allerlei omstandigheden trekken?<\/p>\n<p>Tegen de achtergrond van deze fundamentele discussie die decennialang steeds opnieuw is gevoerd als het om kampervaringen en kampliteratuur ging, is Les bienveillantes in alle opzichten een uitzonderlijke onderneming. In de eerste plaats is het een roman, maar de auteur heeft wel zo ongeveer alles gelezen wat relevant is om het idee van waarachtigheid te scheppen. Hele bibliotheken heeft hij verzwolgen, en wie de literatuur over het Derde Rijk en de Shoah enigszins kent, ziet meer dan eens bronnen en onderzoek door het soepele universum van de roman heen steken (Arendt, Goldhagen, Hilberg, Kershaw). Littell las zo\u2019n tweehonderdtwintig boeken die hij bijna maniakaal excerpeerde en ordende op fiches. De roman is niet alleen gebaseerd op historische feiten en gegevens, de roman leeft er zelfs van. Historische werkelijkheid en romanwerkelijkheid zijn bijna maximaal vervlochten. De vele ontmoetingen van de hoofdfiguur Max Aue met historische personen als Heinrich Himmler, Alfred Speer en Adolf Eichmann zijn zeldzaam levensecht. Dit maakt de roman tot een uiterst indringende, meeslepende, maar ook verstikkende belevenis.<\/p>\n<p>Zo mogelijk nog echter dan de menselijke gestalten is het decor dat Littell heeft geschapen: de weergave van plekken en plaatsen, van weersomstandigheden, van het politieke klimaat en de zo typische bureaucratie van het Derde Rijk. Alles heeft substantie, alles is gezien via de boeken en historische verslagen, en van zo\u2019n nadrukkelijke precisie, zo bijna krankzinnig gedocumenteerd dat de roman als het ware aanwezig is als een vriend van lange jaren of een metgezel, van wie je af wilt. De beste delen van de roman, en die beslaan de eerste zeshonderd pagina\u2019s, verankeren zich met weerhaken in je huid en je kunt je er slechts van losscheuren door je los te denken, door een poging te wagen de vragen die de roman oproept te beantwoorden. Het is daarbij bijna een geluk dat de roman niet volmaakt is, en af en toe, zeker naar het einde toe derailleert: daar kan de lezer zich gemakkelijker bevrijden uit de esthetische dimensie en weer vrijuit ademhalen.<\/p>\n<p>Het is in die laatste paar honderd pagina\u2019s dat het totale einde van het Derde Rijk zich voltrekt in een sfeer van verloedering, decadentie, verwarring en waanzin. Meer en meer ontbreekt het overzicht omdat de greep van het totalitaire regime allengs verzwakt en het individuele perspectief van de hoofdpersoon steeds manifester wordt. Zijn neurosen zijn niet langer instrumenteel voor zijn militaire carri\u00e8re en beulswerk, maar beheersen hem zozeer dat hij nauwelijks nog bij machte is te overleven. Die individuele (van getroebleerde seksualiteit doortrokken) waanzin staat weliswaar voor de algehele sfeer van teloorgang, maar is toch aanzienlijk minder beklemmend dan het verbluffende mechaniek van ideologie waarvan de gehele nazistaat doortrokken was, en dat zo lang zo noodlottig wordt opgeroepen door Littell. Wordt de roman in de eerste zeshonderd pagina\u2019s bepaald door het noodlot \u2013 het kan niet anders dan zo \u2013, in de laatste driehonderd is het ook \u2013 en bij vlagen te veel \u2013 het toeval dat de gebeurtenissen bepaalt. Daar verandert de Griekse tragedie soms in een Hollywood-spektakel. Dat doet echter nauwelijks iets af aan de magistrale beheersing van stof, toon en register die Les bienveillantes grotendeels bepaalt en tot een uniek document maakt.<\/p>\n<p>Om nog een reden is het opvallend dat het perspectief van de protagonist Max Aue zo probleemloos wordt geaccepteerd. In de meeste commentaren wordt Aue gekenschetst als een koude beul zonder berouw, alsof hij nauwelijks een ontwikkeling doormaakt en ook in hoge mate gevoelsarm zou zijn. Wie zo schrijven, geven er duidelijk blijk van de roman niet echt (ten einde) te hebben gelezen, en eigenlijk niet eens echt te zijn begonnen: alsof een beul nu eenmaal vanzelfsprekend koud en gevoelsarm is. Als zodanig vertegenwoordigt hij het andere, en \u2013 anders dan wij zelf \u2013 het Kwaad. Max Aue is echter aanzienlijk complexer dan vaak wordt voorgesteld, veel gewoner en menselijker en juist dat maakt hem zo kleverig en zijn perspectief zo intens en verstikkend.<\/p>\n<p>Zoals hij zelf zijn relaas begint: \u2018Men\u00adsenbroeders, laat mij u vertellen hoe het zo gekomen is\u2019, zo is heel de roman een poging de lezer te wijzen op de noodlottigheid van de geschiedenis, waarin waarlijk persoonlijk ingrijpen schaars is en persoonlijke moed ver te zoeken. Hoe schaars zou dat persoonlijke initiatief in uw geval zijn geweest, is de vraag die Aue (Littell) ons voorlegt, zonder zichzelf, zegt hij, vrij te willen pleiten van schuld. Hij is vanaf de eerste pagina een schuldige, en hij sleurt ook de lezer de anus mundi binnen om te zien in hoeverre die daar schone handen houdt. De vergelijking is wellicht een valse, nooit kan iemand bedenken hoe hij in bepaalde onbekende omstandigheden zou handelen, het is echter wel een doeltreffende om de lezer mee te laten leven met een zo crimineel perspectief en en passant in te wijden in het wezen van het nazisme. Bedenk daarbij, zegt Aue, \u2018dat mensen in een oorlog niet alleen het recht om te leven verliezen, maar ook het recht om niet te doden\u2019. Men wordt niet ontslagen van de plicht om niet te doden, maar men verliest het recht, de vrijheid dus, stelt Aue met andere woorden. De roman laat zien \u2013 en onderzoek van onder anderen Hilberg toont dat ook aan \u2013 dat zelfs onder het naziregime die vrijheid in zekere mate bleef bestaan. Aues hele relaas \u2013 na jaren geschreven aan zijn bureau in een Franse kantfabriek \u2013 is ondanks zijn aanvankelijke beweringen een poging de persoonlijke verantwoordelijkheid uiteindelijk te ontkennen en zo bij de levenden te horen. Door te vertellen, en vrijwel niets ongezegd te laten, de gaten in zijn verhaal als het ware aan te wijzen, graaft Aue in dit geval zijn eigen graf. Zijn persoonlijke zwakte en schuld worden allengs evidenter, intussen blijft hij in velerlei opzicht een fascinerend personage (want in laatste instantie dwars en onaangepast).<\/p>\n<p>Het is overigens door het kijken naar de documentaire Shoah van Claude Lanzmann dat Littell op het idee kwam dat het mogelijk is de criminelen te laten spreken. Het is dezelfde Lanzmann die aanvankelijk de roman niet wenste te lezen, maar al gauw erkende dat hij niet een fout in de weergave van historische feiten kon ontdekken.<\/p>\n<p>Als om balans te brengen tegen\u00adover de minutieuze documentatie heeft Littell het literair-esthetische aspect van de roman evenzeer op het hoogste plan willen brengen. Zo is de vertelling (Aues autobiografie) onderhuids ge\u00ebnt op Sophokles\u2019 tragedie Elektra, met Aue als de wrekende Orestes, en heeft Littell de verschillende hoofdstukken \u2013 tamelijk macaber \u2013 de namen gegeven van Europese dansen en muziekstukken (toccata, allemande, menuet, gigue enzovoort). Dat laatste zou een eerbewijs kunnen zijn aan het standaardwerk van Raul Hilberg: The destruction of the European Jews, dat (ironisch) is opgezet zoals Beethovens Symphonie h\u00e9ro\u00efque, met thema\u2019s en variaties, en motieven die als een kandelaber in elkaar grijpen (hoofdstuk 1 verwijst naar hoofdstuk 12, 2 naar 11, 3 naar 10 enzovoort). Maar mij is eerlijk gezegd de roman op zichzelf al literair en tragisch genoeg \u2013 ook zonder Sophokles, ook zonder de muzikale structuur van rust, opbouw en climax. En boeiender dan de muzikale structuur acht ik de beschrijvingen van het militaire en politieke apparaat en het bureaucratische systeem, werelden die Littell met groot literair vernuft tot leven brengt.<\/p>\n<p>Die eerste honderden pagina\u2019s zijn gewoonweg overrompelend, vol van het optimisme dat de soldaten die in Operatie Barbarossa naar het oosten trokken moet hebben vervuld. Het schrijven lijkt een vloeiende, almaar voortgaande tankbeweging. Nergens een hapering, nergens een aarzeling, alsof alles door een onzichtbare hand wordt bestuurd. Overdonderend is het gemak waarmee Littell behalve aan de troepenbewegingen, ook aan weersgesteldheden en de natuur dynamiek en plaats heeft weten te geven, en daarmee ook betekenis. Door Napoleons veldtocht tegen Rusland en Tolstojs beschrijvingen weten wij hoezeer het weer en de natuur van vrienden in vijanden kunnen veranderen. Die vergeten les zingt voor de lezer mee onder het zingen van de motoren, maar is voor de soldaten niet te horen. Essentieel in hun vorming en \u2018filosofie\u2019 is de opoffering van alle twijfel, geloof in de juistheid van hun handelen. Van al hun handelen. Dit impliceert het aanvaarden van alle consequenties van een visie. Die visie, die \u2018Weltanschauung\u2019 is uiteindelijk even slap als de rug van het boek, maar lange jaren zeer bepalend. Op basis van de Weltanschauung scheidde men sterke en zwakke rassen, schiep men een ziek idee van zuiverheid en maakte men gebruik van (quasi)wetenschappelijke theorie\u00ebn ter onderbouwing van allerlei acties. Het is daarom dat Hilberg van de vernietiging van de joden spreekt, een bijna objectieve term, neutraal, mechanisch, voortvloeiend uit een theorie. Man lebt in seiner Sprache: de Duitse taal was in die jaren vergeven van de eufemismen die de persoonlijke verantwoordelijkheid verbloemden. Als Himmler in 1944, als de nederlaag dreigt, in een toespraak de feiten openbaart, betekent dat voor veel officieren een schok. Nu zij de feiten kennen, niet langer bemanteld door ideologie, zijn zij plotseling schuldigen geworden, en is het zaak de getuigen op te ruimen, hetgeen tot een vermenigvuldiging van de misdaad leidt.<\/p>\n<p>Het is zowel in beeldend geschreven theoretische uiteenzettingen als in details dat Littell de kracht en de zwakte van deze Weltanschauung in woorden heeft weten te vangen. Max Aue bevindt zich in de hero\u00efsche hoofdstukken Allemandes I en II achter het Russische front, en maakt als officier deel uit van de Sonderkommando\u2019s, belast met het opruimen van partizanen en, vallend onder dat begrip, alle als inferieur beschouwde personen. Zo maakt hij de eerste executies van Joden mee, en ook neemt hij deel aan de slachting bij Babi Yar, in 1941 nabij Kiev. Als hij op een morgen naar buiten komt om aan het werk te gaan, aarzelt hij of hij gezien de temperatuur een extra trui zal aantrekken. Vervolgens wordt hij door zijn chauffeur langs de oneindige rij naakte mensen gereden die hij ge\u00efnteresseerd en toch onaangedaan bekijkt. Gedurende de eerste dag van de massaslachting bij Babi Yar krijgen de mannen die de executies uitvoeren tussen de middag bloedworst te eten. Heviger dan hun werk ontregelt dit hen, zij weigeren de worst te eten. Ideologie en werkelijkheid blijken daar te botsen.<\/p>\n<p>Later in Stalingrad, waar Aue opdracht heeft het moreel van de troepen te meten, worden Duitse soldaten berecht omdat zij het vlees van Russische soldaten hebben gegeten. Niet hun kannibalisme staat ter discussie maar het feit dat ze het vlees van Untermenschen hebben gegeten. Deze psychopathische hang naar zuiverheid bepaalt niet alleen de ideologie, maar ook het bureaucratische apparaat en Aue zelf. Met de voeten in de drek reiken alle protagonisten naar de verlossing door de ideologie. Als hij van Speer de opdracht krijgt de vernietigingskampen te hervormen en ze economisch nuttig te maken droomt Aue van kampen waarin dood en geboorte elkaar in evenwicht houden. Bij deze opdracht stuit hij echter definitief op de fictie van een gestroomlijnde (objectieve) bureaucratie: allerlei diensten werken elkaar opportunistisch tegen en de Weltanschauung blijkt, zeker in die latere oorlogsjaren, ondergraven door persoonlijke motieven en carri\u00e8risme. De val van het Derde Rijk is niet zozeer die van een legermacht, eerder van een idee, een ideologie, een geloof.<\/p>\n<p>In de laatste hallucinerende sc\u00e8nes, als de Russen voor Berlijn staan, wordt Aue door Hitler persoonlijk gedecoreerd. Het is voor het eerst dat hij de F\u00fchrer zo nabij is, en hem komt de neus van Hitler als tamelijk onarisch voor. Als Hitler hem zijn IJzeren Kruis op de borst spelt, grijpt hij Hitler bij de neus.<\/p>\n<p>Een groteske sc\u00e8ne die tegelijkertijd zijn onaangepastheid openbaart en zijn heilige geloof in een idee. Die tweespalt in zijn karakter maakt hem tot een tragische figuur, en laat tevens zien hoe machtig en gevaarlijk idee\u00ebn kunnen zijn. Het een en het ander, de kleine en de grote geschiedenis, heeft Littell neergezet in een vloed van woorden die geen hinderlijk residu achterlaten, blijkbaar louterend werken.<\/p>\n<p>Jonathan Littell (1967) is de zoon van de Amerikaanse voormalige correspondent van  Newsweek en auteur van spionageromans Robert Littell. Hij groeide deels op in Frankrijk en deed er ook zijn baccalaur\u00e9at. Sinds 1993 werkte hij bij verschillende humanitaire organisaties onder meer in het voormalige Joegoslavi\u00eb, in Tsjetsjeni\u00eb en Afghanistan. Zijn werk aan Les bienveillantes begon hij in 2001.<\/p>\n<p>Na vier jaar studie en bezoeken aan de relevante plekken, schreef hij de roman in vier maanden tijd.<\/p>\n<p>Jonathan Littell, \u2018Les bienveillantes\u2019, Gallimard, 903 pagina\u2019s, \u20ac 23,75. De vertaling zal komend voorjaar bij De Arbeiderspers verschijnen.<\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Een absoluut meesterwerk of dik negenhonderd pagina\u2019s pathos en kitsch?Jonathan Littell is er met zijn debuutroman, waarin hij het perspectief kiest van een menselijke, al te menselijke SS\u2019er, in geslaagd de titel \u2018meest controversi\u00eble Franse schrijver\u2019 van Houellebecq over te nemen.<\/p>\n","protected":false},"author":3380,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"content-type":"","footnotes":""},"categories":[293,27],"tags":[2679],"acf":[],"author_name":"","_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/122037"}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/types\/post"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/comments?post=122037"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/122037\/revisions"}],"author":[{"embeddable":true,"name":"AndorT","href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/users\/3380"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/media?parent=122037"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/categories?post=122037"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/tags?post=122037"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}