
 {"id":120305,"date":"2007-01-20T00:00:00","date_gmt":"2007-01-19T22:00:00","guid":{"rendered":"http:\/\/beta.vn.nl\/literatuur-als-spektakelstuk\/"},"modified":"2007-01-20T00:00:00","modified_gmt":"2007-01-19T22:00:00","slug":"literatuur-als-spektakelstuk","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.vn.nl\/literatuur-als-spektakelstuk\/","title":{"rendered":"Literatuur als spektakelstuk"},"content":{"rendered":"<p>Beschouwing \/ Boekenprogramma\u2019s zijn een lust voor het oog<\/p>\n<p>Literatuur en televisie lijken maar moeizaam samen te gaan. Woord en beeld, studeerkamer en studio, reflectie en show gelden als overzijden met als enige taak elkaar te mijden. Deze stramme opvatting over de onverenigbaarheid van de diepgang van de letteren met de eisen van de beeldcultuur houdt een soepele omgang met literatuur op televisie tegen. Toch zijn er genoeg voorbeelden te noemen van programma\u2019s die van geen tegenstellingen wisten. Zo had je in een ander decennium \u2018Hier is\u2026 Adriaan van Dis\u2019 en later \u2018Zeeman met boeken\u2019. Een programma dat het verdiende tot in lengte der dagen te blijven. Commotie ging samen met de lancering van schrijvers en boeken in het publieke domein. Over de grenzen dwong Marcel Reich-Ranicki met \u2018Das literarische Quartett\u2019 de Duitsers massaal tot thuisblijven en lezen \u2013 maar over dit programma later meer, om in televisietaal te spreken.<\/p>\n<p>Niet een van deze programma\u2019s heeft de kritiek overleefd. Wel werden zij opgevolgd door andere rubrieken, in handen van steeds mindere goden. Het zoeken naar een vorm was overdadig koren op de molen van hun critici. Die vervolgens met venijnig gemak hun geslepen messen diep in het bevreesde vlees van de presentatoren zetten. Het leek op een aanhoudende afrekening \u2013 met in terugblik als enig effect de uitbanning van literatuur van de televisie. Stan de Jong schreef in 2001 in HP\/De Tijd: \u2018Hanneke Groenteman als glijmiddel voor het boekenbedrijf. Toegegeven, een weinig aantrekkelijk beeld. Maar \u201cDe Plantage\u201d is een en al bewondering voor de Schrijver. Dan is \u201cZeeman met boeken\u201d andere koek; dat is volstrekt compromisloos. Auteurs van naam worden aan gort geluld.\u2019<\/p>\n<p>Wat vooral is te betreuren is dat het genre niet de tijd heeft gekregen zich te ontwikkelen. Was het niet voortijdig weggeschreven, hadden de criticasters wat genereuzer tegenover het fenomeen gestaan, dan had zich een vorm kunnen ontwikkelen die recht had kunnen doen aan de wereld van het boek. Ook Sonja Barend heeft veertig jaar nodig gehad om tegen de verdrukking in haar onaantastbare vorm te bereiken. Ik geloof dan ook niet in de dooddoener van achterblijvende kijkcijfers als de werkelijke reden voor het verdwijnen van deze programma\u2019s. Daar is, zoals gezegd, het gericht van de vakgemeenschap aan vooraf gegaan. Gaat het te ver om aan jalousie de metier te denken, aan naijver om het glamoureuze aanzien dat televisie geeft, om de macht die meetbaar is in de abrupte verkoop van boeken of de dodelijke terugval als het commentaar negatief uitvalt? Theo van Gogh schreef over Zeeman: \u201cWij zien de glimlach van de kinderlokker als Harry Potter ter sprake komt. Wij zien iemand die alleen in galmen en superlatieven kan uitleggen waarom \u2019ie iets mooi vindt en die mij thuis tegelijkertijd de indruk geeft dat \u2019ie het begrip \u201cgevoel\u201d slechts van horen zeggen heeft. Wij zien een zwetende kameleon (\u2026)?.\u2019 Van zulke scheldkanonnades maken de omroepbazen dankbaar gebruik om boekenprogramma\u2019s definitief af te voeren \u2013 want ook zij wantrouwen, nee haten, de eruditie, de eigenzinnigheid van de sprekers en hun immanente liefde voor de literatuur. Het moet vooral luchtig en gezellig blijven.<\/p>\n<p>Hoe hoog de gevoelens op kunnen lopen beschrijft de Duitse criticus en televisiepresentator Marcel Reich-Ranicki in zijn autobiografie Mijn Leven. Schrijvers wensten openlijk zijn dood, fantaseerden over gruwelijke ziektes en auto-ongelukken. Martin Walser liet in zijn roman De dood van een criticus de op Reich-Ranicki gebaseerde hoofdpersoon wreed vermoorden door een gekrenkte schrijver. Wie wind zaait weet dat hij storm zal oog\u00adsten, constateert Reich-Ranicki droogjes maar het is meer dan een vingerwijzing dat hij in zijn 1000 Deutsche Gedichte Goethes gedicht Rezensent opnam en zelf van commentaar voorzag. De laatste regel van dat gedicht luidt: \u2018Schlagt ihn tot, den Hund! Er ist ein Rezensent.\u2019 Dit domste gedicht van Goethe, aldus Reich-Ranicki, werd in zijn tijd al heftig becommentarieerd en geparodieerd. En met nauwelijks verholen plezier citeert hij de slotregel van Heinrich Leopold Wagners versie: \u2018Schmeisst ihn Tod, den Hund! Es ist ein Autor der nicht kritisiert will sein.\u2019<\/p>\n<p>Of is het anders en hebben de critici van de boekenrubrieken op televisie gewoon gelijk? Zijn die programma\u2019s werkelijk zo banaal als ze afgeschilderd worden? Voor wie zijn geheugen niet vertrouwt of het gewoon opnieuw wil beleven is er nu alle gelegenheid daar iets aan te doen. Alle tachtig afleveringen van Zeeman met boeken (1994 tot en met 2002) worden herhaald op de site cultura.nps.nl. En, hoe mooi kan het verkeren: het spraakmakende literarische Quartett is nu als boek uitgegeven. De zevenenzeventig uitzendingen van 1998 tot 2001 zijn bijeengebracht in drie dikke delen en omvatten de bespreking van meer dan 375 boeken. Ter herinnering: \u2018Das literarische Quartett\u2019 stond onder leiding van Marcel Reich-Ranicki die niet alleen hoofd boekenbijlage van de Frankfurter Allgemeinen Zeitung was maar ook diverse radio- en televisieprogramma\u2019s op zijn naam had staan. De twee andere vaste panelleden waren Hellmuth Karasek, literatuurcriticus van Der Spiegel en Sigrid L\u00f6ffler, verbonden aan het Oostenrijkse blad Profil. Daarnaast werd het panel per uitzending met een andere gast uit de literaire wereld aangevuld.<\/p>\n<p>Het is eigenlijk niet te geloven dat er geen dvd\u2019s in de boeken zijn gestoken, dat zij niet verlucht zijn met fotopagina\u2019s en dat er geen gerucht van publiek omheen hangt. Televisie is tekst geworden en de consequenties daarvan zijn adembenemend. Het Literarische Quartett als boek laat zich lezen als het script van een toneelstuk waarin vier personages hun gedachten over boeken laten gaan, op elkaar reageren en gaandeweg hun eigen persoonlijkheid vormen. Drama, spanning, scherpe dialogen, catharsis, de ontwikkeling van de sprekers tot round character, het zit er allemaal in.<\/p>\n<p>Twee opmerkingen ter verheldering. Allereerst een bekentenis: ik heb nooit een aflevering van \u2018Das literarische Quartett\u2019 gezien. Voor mij is dus niet de herinnering aan het beeld het uitgangspunt maar de gedrukte tekst. De sprekende personen zijn niet meer dan hun initialen, van hun gebaren, mimiek, stem moet ik mij al lezende een voorstelling vormen. Van de ergernis die dat op televisie kan oproepen heb ik geen enkele last. De opmaak van de trilogie versterkt het scenario-idee: het getinte krantenpapier, de kordate letter, de brede bladspiegel. Maar bovenal is het de transcriptie van de uitzendingen die het \u2019m doet. Interrupties van het publiek, het gelach en boegeroep staan tussen haakjes vermeld, het elkaar in de rede vallen is met onderstrepingen gemarkeerd, wat in het tumult onverstaanbaar is, is aangegeven [unverst\u00e4ndlich]: het zijn regelrechte regieaanwijzingen. Het kan niet anders of de eerste toneelopvoering op basis van deze tekst is binnenkort een feit. In het voorwoord staat niet voor niets dat het lezen van de tekst de \u2018spannende\u2019 discussies scenisch weer tot leven kan brengen.<\/p>\n<p>Natuurlijk is die theatrale enscenering van de kritiek mede het gevolg van de televisieformule. Het panel discussieert live onder leiding van Marcel Reich-Ranicki (MR) over vier tot vijf boeken per uitzending. Om de beurt leidt een van hen het boek in en dan geht es los. De discussie die zich vervolgens ontspint, is nauwelijks voorspelbaar al zijn er wel lijnen te trekken. Zo roept Sigrid L\u00f6ffler (SL) altijd de tegenspraak op van MR. \u2018Laat mij toch een keer uitpraten,\u2019 vraagt zij. \u2018Ongaarne,\u2019 is zijn antwoord. Hellmuth Karasek (HK) en MR zitten elkaar met aanstekelijk plezier en soms op het muggenzifterige af in de haren. Zoals over de vraag of Der Kinoerz\u00e4hler van Hofmann al dan niet een kunstenaarsroman is:<\/p>\n<p>HK: Mijnheer Reich-Ranicki, er zijn critici die voor de Frankfurter Allgemeinen Zeitung schrijven en voor de Miesbacher Boden. Beiden evenwel zijn critici en zo heb je kunstenaars die in Th\u00fcringen werken en kunstenaars die in New York werken. En er zijn slechte kunstenaars in New York en in Th\u00fcringen. Dus vanuit dat perspectief is het een kunstenaarsroman.<\/p>\n<p>MR: Mijnheer Karasek, niets is juister dan uw opmerking. Er zijn inderdaad critici voor de Frankfurter Allgemeinen en voor de Miesbacher Anzeiger. Maar ik houd mij bezig met de critici van de Frankfurter Allgemeinen Zeitung. Die van de Miesbacher Zeitung laat ik graag aan u over.<\/p>\n<p>Hun verbale steekspelen zijn vermakelijk en zelden ongemakkelijk. Dat ligt anders met Sigrid L\u00f6ffler die voortdurend in aanvaring komt met Reich-Ranicki, vooral op het seksuele vlak. Over Philip Roths Sabbatstheater werpt zij bijvoorbeeld op dat het een Alterswerk is dat de seksualiteit bezweert op een manier die niet meer realistisch is te noemen. Laten we wel zijn, voegt zij er aan toe, waarop MR zijn kans schoon ziet en vraagt of zij uit eigen ervaring spreekt. In de gewraakte uitzending van 30 juni 2000 zegt MR dat hij Murakami\u2019s Ten zuiden van de grens een prachtige liefdesroman vindt met sterke erotische passages. SL antwoordt dan snedig dat zij zich geen oordeel aan wil matigen over de passages waaraan hij zich opgeilt maar dat dat wel zal samenhangen met zijn leeftijd. Zijn vileine tegenwerping dat zij niet zoveel ouder is, bezegelt de onverzoenlijke toon. Als vervolgens een door L\u00f6ffler uitverkozen boek door Reich-Ranicki wordt neergesabeld verkiest zij weg te blijven. Zij werd vervangen door Iris Radisch (IR).<\/p>\n<p>Deze dramatiek van de persoonlijke confrontatie komt niet alleen de leesbaarheid van het Quartett ten goede maar bevestigt ook het alles-of-niets-karakter van de debatten. De panelleden streven niet naar consensus, zij willen niet aardig gevonden worden, zij zoeken het persoonlijke standpunt en verdedigen dat te vuur en te zwaard tegenover de ander \u2013 en daarbij laten zij geen middel ongebruikt. \u2018Eindelijk een verstandige opmerking mijnheer Karasek.\u2019 De aloude vorm of vent discussie wordt beslecht in het voordeel van de vent: zowel de persoonlijkheid van de auteur, zijn houding en engagement als die van de panelleden zelf zijn in het geding.<\/p>\n<p>Een geschreven kritiek is gebed in de rust van het ongestoorde oordeel. In Das literarische Quartett snijden vier oordelen dwars door elkaar heen. Soms lopen ze gelijk op maar vaker divergeren ze en het interessante is dat in die caleidoscopische verwarring een veelzijdiger beeld van het boek kan ontstaan. Het gesprek over G\u00fcnter de Bruyns jeugdherinneringen Tussenbalans zwenkt van begrip voor zijn onwetendheid over de nazi\u2019s naar afkeer van zijn lafheid en kleinburgerlijke domheid. Ook over zijn taalgebruik oordeelt ieder anders. Eerlijk, zegt de een. Blond, noemt Sl het tot grote hilariteit van iedereen. Smakeloos blond, herhaalt zij. De dynamiek van het gesprek sleept hen vaak mee en stuurt hun kritische argumentatie. Maar hoe gepassioneerd of grotesk de discussies ook kunnen zijn, zij worden nimmer stupide.<\/p>\n<p>Een criticus, zei Reich-Ranicki in een interview uit 2001, moet om begrijpelijk te zijn overdrijven en \u00fcberspitzen (op de spits drijven). Hellmuth Karasek beweerde in een uitzending van 1994 dat de Franse auteur Weyergans had geprobeerd van een aardappel een peer te maken. Het is de taak van de criticus, aldus Karasek, om die weer tot een aardappel terug te brengen. Dat is precies wat in het Qartett gebeurt: overdrijving en onbarmhartige analyse om recht te doen aan de betekenis van literatuur. Reputaties als die van Grass, B\u00f6ll, Mulisch zijn geen garanties voor loftuitingen. Steeds is het voorliggende boek in het geding en het oordeel daarover kan hard uitvallen. Martin Walsers Die Verteidigung der Kindheit werd door Reich-Ranicki, tegen de bombastische verkoopcijfers in, weggezet als langweilig en geschreven in oninteressant mededelingenproza. Dat hij zich de virulente woede van Walser op zijn hals haalde, nam hij op de koop toe.<\/p>\n<p>Deze soevereine onverstoorbaarheid heeft bij Reich-Ranicki een eigen voorgeschiedenis. In 1987 maakte hij als voorzitter van de Ingeborg Bachmann Prijs mee hoe de schrijver Rainald Goetz voor het oog van de camera met een scheermes een snee in zijn voorhoofd maakte. Het bloed stroomde over z\u2019n gezicht, doordrenkte z\u2019n overhemd en vormde een plas onder z\u2019n stoel. Terwijl de camera\u2019s inzoomden en het publiek als verstijfd toekeek, ging Reich-Ranicki, zoals dat het gebruik was, kritisch op de voorgelezen tekst in alsof er niets aan de hand was. Hij rekte dat zo lang uit dat aanhoudend geroep uit het publiek er pas een eind aan maakte. De cynicus kan hier aan toe voegen dat hun beider naam toen definitief gemaakt was.<\/p>\n<p>Heeft het spektakel van de opvoering tot acceptabele kritiek geleid? Wie Das literarische Quartett leest kan mijns inziens tot geen andere conclusie komen dan dat de beoordeling van hoog niveau en ook nog eens meeslepend levendig is. Het gaat niet om een verfijnde vorm van close reading, eerder is het een vorm van oral criticism zoals je die op een andere manier kent uit de dagboeken van de gebroeders De Goncourt, van Coleridges Table Talk of Goethes Gespr\u00e4che. In de vluchtige improvisatie van de discussie worden er gedachten en oordelen geformuleerd die lang mee gaan. \u2018Wat is het wezen van literatuur?\u2019 vraagt Reich-Ranicki zich af om vervolgens te zeggen: \u2018Het lijden van het individu.\u2019 Om eraan toe te voegen: \u2018En het vreselijke van triviaalliteratuur is dat er geen lijden in voorkomt.\u2019<\/p>\n<p>Maar ook als tijdsdocument is Das literarische Quartett van grote betekenis. Het geeft antwoord op simpele vragen als wat lazen zij, wat vonden zij daarvan? Welke ontdekkingen deden ze? Wilhelm Genazino! Wat bespraken zij niet? Orhan Pamuk, Uwe Timm! De voorbeeldige verantwoording geeft ook nog eens antwoord op elke denkbare vraag over data en plaatsen van uitzending, de redactie, de gasten, de besproken boeken.<\/p>\n<p>De laatste uitzending van \u2018Das literarische Quartett\u2019, op 14 december 2001, vond op uitnodiging van de president van de Bondsrepubliek plaats vanuit zijn Schloss Bellevue in Berlijn. Dat zet de verbeelding in werking. Rau omarmde das Quartett. Had Balkenende in plaats van zijn brief aan Mulisch niet beter Zeeman uit kunnen nodigen om vanuit het Catshuis een nieuwe reeks televisieprogramma\u2019s over boeken te beginnen? Dat was pas een gebaar geweest! En Zeeman had dan kunnen openen met het citeren van Reich-Ranicki\u2019s slotwoorden: \u2018Ik geloof dat in de afgelopen jaren \u00e9\u00e9n ding wel duidelijk geworden is. Televisie en literatuur hoeven geen tegenstanders van elkaar te zijn, zij kunnen elkaar aanvullen en bevruchten.\u2019<\/p>\n<p>Ik zou daar aan willen toevoegen: en zelf weer literatuur worden.<\/p>\n<p>Marcel Reich-Ranicki, \u2018Das Literarische Quartett. Gesamtausgabe aller 77 Sendungen von 1988 bis 2001\u2019, Directmedia Publishing, 1952 pagina\u2019s, \u20ac 49,90<\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Het legendarische televisieprogramma \u2018Das Literarische Quartett\u2019 is nu alle uitzendingen te boek zijn gesteld ook op papier een feest. Wat is het toch jammer dat televisie en literatuur in Nederland zo\u2019n lastige verhouding hebben.<\/p>\n","protected":false},"author":1023,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"content-type":"","footnotes":""},"categories":[293,27],"tags":[],"acf":[],"author_name":"Lex ter Braak","_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/120305"}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/types\/post"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/comments?post=120305"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/120305\/revisions"}],"author":[{"embeddable":true,"name":"Lex ter Braak","href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/users\/1023"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/media?parent=120305"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/categories?post=120305"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/tags?post=120305"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}