
 {"id":120119,"date":"2007-01-27T00:00:00","date_gmt":"2007-01-26T22:00:00","guid":{"rendered":"http:\/\/beta.vn.nl\/een-houdini-act-in-uruzgan\/"},"modified":"2007-01-27T00:00:00","modified_gmt":"2007-01-26T22:00:00","slug":"een-houdini-act-in-uruzgan","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.vn.nl\/een-houdini-act-in-uruzgan\/","title":{"rendered":"Een Houdini-act in Uruzgan"},"content":{"rendered":"<p>Wederopbouw<\/p>\n<p>In Uruzgan is het afgelopen jaar een kliniek in brand gestoken. Ook is er een school in vlammen opgegaan. Reden: ze waren met westerse steun gefinancierd. De mensen die er werkten, heulden met de vijand. En dus waren het legitieme doelen voor de Taliban. Juist om die reden, zegt Sylvia Borren van Oxfam Novib, moet het leger zich verre houden van wederopbouwactiviteiten. \u2018Elke school die de militairen neerzetten, wordt een potentieel doelwit. En de kinderen die naar die scholen gaan ook, net als de leerkrachten. Daarom moet het Nederlandse leger zich alleen maar toeleggen op het trainen van militairen en politiemensen. Laat de ontwikkelingsorganisaties de wederopbouw doen.\u2019<\/p>\n<p>Maar Borrens mening wordt op het ministerie van Defensie niet gehoord. Het militaire apparaat, minister Kamp voorop, is juist trots op de nu al behaalde resultaten: van het schoonmaken van Tarin Kowt, het opknappen van een ambulance en het renoveren van de door de Taliban uitgewoonde moskee, tot het aanleggen van bruggen. Luitenant Kolonel Gerard Koot zei in december in Tarin Kowt dat hij \u2018heel goed begreep\u2019 dat Nederlandse ontwikkelingsorganisaties \u2018nog niet\u2019 op grote schaal in Uruzgan actief waren. \u2018Hulpverleners staan op de dodenlijst van de Taliban.\u2019 Maar hij hoopte dat na twee jaar de situatie \u2018zo ver was gestabiliseerd\u2019 dat de ontwikkelingsorganisaties zonder problemen aan de slag zouden kunnen.<\/p>\n<p>Naar buiten toe hebben organisaties als Cordaid en Oxfam Novib tot nu toe met enige afstand gekeken naar de missie in Uruzgan. De verhouding tussen militairen en hulpverleners is altijd gespannen. \u2018De komst van militairen brengt meestal niet veel goeds,\u2019 zo verwoordt Borren de argwaan onder hulpverleners.<\/p>\n<p>Maar de kloof tussen ontwikkelingsclubs en de militairen is niet zo groot als vaak wordt gedacht. Achter de schermen waren er voorafgaand aan de missie naar Uruzgan regelmatig contacten tussen ontwikkelingswerkers en militairen. Directeur Willem van de Put van de organisatie Healthnet heeft alle mobiele nummers van hoge officieren die bij de missie betrokken zijn in zijn adresboekje. Van de Put heeft grote twijfels over het nut van de missie: \u2018Dit is geen wederopbouwmissie, maar een vechtmissie. Het Nederlandse leger is bezig met een Houdini-act.\u2019<\/p>\n<p>Maar nu democratisch is besloten om de soldaten te sturen, probeert Van de Put toch mee te praten over de besteding van hulpgelden in Uruzgan. En de gesprekken met de Defensietop zijn hem tot nu toe alles meegevallen: \u2018Generaal Ton van Loon is een prima kerel.\u2019 De generaal en Van de Put waren het al snel met elkaar eens: de hulporganisaties en het leger kunnen met elkaar overleggen en informatie uitwisselen. Maar dat moet dan in Den Haag of in Kaboel op de ambassade, en zeker niet in het veld. Als de bevolking of de Taliban weet dat er banden bestaan, heb je de poppen aan het dansen, dan worden de hulpverleners als verlengstuk van de militairen gezien.<\/p>\n<p>De pragmatische houding van Van de Put \u2013 twijfels over het nut van de missie, wel praten met militairen, maar tegelijkertijd afstand houden \u2013 is niet ongebruikelijk, zo blijkt uit het rapport Principles and Pragmatism dat afgelopen mei werd gepresenteerd door de hulporganisatie Cordaid. Georg Frerks, hoogleraar conflictpreventie aan de Universiteit van Utrecht, deed onderzoek in Liberia en Afghanistan naar de civiel-militaire samenwerking. Militairen en hulpverleners werken vaak in dezelfde gebieden, dus tegen zijn is geen optie, zo luidt een van de conclusies. Je kunt beter nadenken over de manier waarop je met elkaar omgaat, precies zoals Van de Put doet. Dat gaat niet altijd even makkelijk, aldus directeur Ren\u00e9 Grotenhuis van Cordaid: \u2018Wij voelen ons niet zo thuis in de nabijheid van pantservoertuigen. En militairen vinden onze soort nogal eens amateuristisch en chaotisch.\u2019<\/p>\n<p>Lokale partners<\/p>\n<p>Voorafgaand aan de uitzending van de Nederlandse militairen namen de hulporganisaties het zekere voor het onzekere. Ondanks alle verkennende gesprekken achter de schermen besloten ze de kat uit de boom te kijken. Clubs als Cordaid en Oxfam Novib, die al op beperkte schaal met lokale partners in Uruzgan werkten, zouden die samenwerking voortzetten. Maar van enige vorm van samenwerking met de nieuw aangekomen militairen mocht geen sprake zijn. De situatie is zo onveilig, zei Cordaid-directeur Grotenhuis tijdens een persconferentie, dat een verbinding met de militairen grote risico\u2019s kan opleveren. Grotenhuis wilde niet verder gaan dan het \u2018uitleveren van informatie\u2019.<\/p>\n<p>Maar nu de missie een halfjaar onderweg is, zijn verschuivingen zichtbaar. Nog steeds willen Oxfam Novib en Cordaid niet dat hun lokale medewerkers in het veld worden gezien met militairen. Maar tijdens een bezoek aan Tarin Kowt onlangs (zie VN 03-01-07) bleek dat sommige lokale hulpverleners gewoon naar het militaire kamp gaan voor overleg met de militairen. Sterker nog: het leger verleent financi\u00eble bijstand aan een gezondheidsorganisatie die ook door Healthnet en Cordaid worden gesteund. Hier is inderdaad sprake \u2018van onderlinge afstemming\u2019, laat de woordvoerder van Healthnet weten. Die afstemming wordt niet aan de grote klok gehangen om de plaatselijke hulpverleners niet in gevaar te brengen, maar het gebeurt wel.<\/p>\n<p>En nu gaan de Nederlandse organisaties nog een stapje verder. Cordaid en Healthnet beginnen samen met Save the Children binnenkort \u2013 op beperkte schaal \u2013 met een nieuwe reeks projecten: het opzetten van scholen, uitbreiding van medische hulpverlening en dorpsontwikkeling. Het gaat om een bedrag van zeshonderdduizend euro dat door het ministerie voor Ontwikkelingssamenwerking speciaal is gereserveerd voor van Uruzgan. \u2018Het gaat om kleine stapjes, de absorptie-capaciteit in Uruzgan is beperkt,\u2019 zegt Rene Grotenhuis. \u2018Het is een lastig gebied, het is er onveilig, mensen kunnen er nauwelijks lezen en schrijven. Het is moeilijk om goed opgeleid personeel te vinden dat in Uruzgan wil werken.\u2019<\/p>\n<p>Grotenhuis benadrukt dat Cordaid niet onder eigen naam actief is in Uruzgan, maar werkt via lokale organisaties. \u2018Wat die partners willen, staat voor ons voorop,\u2019 zegt hij. \u2018Zij zaten er toen de militairen kwamen. Nu ze er zijn, proberen we via afstemming en overleg tot de beste resultaten te komen voor de plaatselijke bevolking.\u2019 In maart gaat Grotenhuis naar Afghanistan, en dan wil hij ook \u2018embedded\u2019 een bezoek brengen aan Tarin Kowt. \u2018Ik wil met eigen ogen zien hoe het daar is.\u2019<\/p>\n<p>Link<\/p>\n<p>Voor Willem van de Put van Healthnet gaat dat te ver. Ook al doet hij mee aan het nieuwe project in Uruzgan, dat is nog iets anders dan op bezoek gaan in het legerkamp. \u2018In 2006 zijn zesentwintig hulpverleners vermoord omdat ze zouden samenwerken met de Navo-troepen. Als ik word gezien terwijl ik vanuit een auto van Healthnet in een helikopter van het leger stap, gaan er al snel verhalen dat Healtnet verbonden is met de Navo. Iedereen kent ons in Afghanistan. De mensen denken dat we een Afghaanse organisatie zijn. En dan wordt het link. Ik blijf afstand houden.\u2019<\/p>\n<p>Van de Put gaat het geld dat hij van Ont\u00adwikkelingssamenwerking heeft gekregen gebruiken voor het opzetten van nieuwe projecten in de districten waar het Nederlandse leger niet actief is. \u2018Het klinkt raar, maar die zijn voor ons het veiligst. We gaan daar dorpen in, zoeken naar mensen die in aanmerking komen voor een heel basale medische cursus. Die gaan dan een paar maanden naar Kandahar of Jalalabad waar ze die opleiding kunnen doen en dan brengen we ze weer terug. We zijn op die manier nauwelijks zichtbaar en hebben het Nederlandse leger niet nodig om ons te beschermen.\u2019<\/p>\n<p>Strengst<\/p>\n<p>Oxfam Novib lijkt het strengst in de leer. Zij doet niet mee met de nieuwe projecten in Uruzgan. \u2018Wij vinden dat in Uruzgan de ontwikkelingsdoelstelling ondergeschikt is gemaakt aan de militaire doelstelling,\u2019 zegt directeur Sylvia Borren van Oxfam Novib. \u2018We gaan pas meer in Uruzgan doen als het er veiliger is.\u2019 Borren heeft principi\u00eble bezwaren tegen \u2018de militarisering van de hulp\u2019. Als militairen een school bouwen of een moskee neerzetten, leidt dat tot verdeeldheid onder de bevolking. Als je naar die school of moskee gaat, zal de Taliban dat zien als verraad en wraak nemen. \u2018Als de verhoudingen polariseren, wordt het onveiliger voor de bevolking,\u2019 zegt Borren.<\/p>\n<p>En dat is precies wat er op dit ogenblik in Uruzgan gebeurt. Taliban hangen \u2018nachtbrieven\u2019 op de deur van de moskee\u00ebn, waarin de bevolking wordt opgeroepen niet samen te werken met \u2018de bezetter\u2019 en waarin \u2018verraders\u2019 worden bedreigd met de dood. In november en december zeiden verschillende Afghanen in Uruzgan dat ze als de dood waren dat de Taliban er achter kwamen dat ze met de Navo-militairen samenwerkten. \u2018Mijn keel zal worden doorgesneden,\u2019 zei de aannemer die met Nederlands geld een overheidsgebouw in het dorp Chora had opgeknapt.<\/p>\n<p>Borren is dan ook heel ongelukkig met de uitspraken van minister Henk Kamp van Defensie dat dankzij de inspanningen van de westerse troepen de Afghaanse meisjes nu weer naar school gaan. \u2018Op die manier maak je de schoolgang van die meisjes tot een ideologisch debat. Door er hier zo\u2019n nummer van te maken, reageren de Taliban door meisjes en leerkrachten te vermoorden.\u2019<\/p>\n<p>De militairen in Kamp Holland houden een nauwgezette lijst bij van alle \u2018wederopbouw\u2019-projecten die ze in Uruzgan doen. Zie www.vn.nl<\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Nederlandse hulporganisaties beginnen binnenkort op kleine schaal met nieuwe projecten in Uruzgan. Bij verschillende daarvan vindt al onderlinge afstemming plaats. Kunnen militairen en hulpverleners in \u00e9\u00e9n gebied tegelijkertijd aan wederopbouw doen? Daarover zijn de meningen verdeeld.<\/p>\n","protected":false},"author":1023,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"content-type":"","footnotes":""},"categories":[193,27],"tags":[],"acf":[],"author_name":"Harm Ede Botje","_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/120119"}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/types\/post"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/comments?post=120119"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/120119\/revisions"}],"author":[{"embeddable":true,"name":"Harm Ede Botje","href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/users\/1023"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/media?parent=120119"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/categories?post=120119"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/tags?post=120119"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}