
 {"id":117671,"date":"2007-04-28T00:00:00","date_gmt":"2007-04-27T22:00:00","guid":{"rendered":"http:\/\/beta.vn.nl\/radicaal-van-hart-en-hoofd\/"},"modified":"2007-04-28T00:00:00","modified_gmt":"2007-04-27T22:00:00","slug":"radicaal-van-hart-en-hoofd","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.vn.nl\/radicaal-van-hart-en-hoofd\/","title":{"rendered":"Radicaal van hart en hoofd"},"content":{"rendered":"<p>Beschouwing \/ Nut en nadeel van extreem denken<\/p>\n<p>De geschiedenis van het radicalisme beleeft in deze tijd zijn finest hour. Paul Cliteur verwijt Ian Buruma een radicaal relativist en postmodernist te zijn. Buruma verwijt Cliteur een radicaal en dogmatisch Verlichter te zijn. Op allerlei terreinen moet het elastiek uitgerekt worden in de veronderstelling dat de boodschap anders niet aankomt. In het publieke debat is radicaal taalgebruik gewoon aan het worden, maar het is tegelijk een groot probleem omdat het niet altijd duidelijk is wanneer het gerechtvaardigd is en wanneer een loze provocatie. \u2018Zeggen wat je denkt\u2019 is zowel een vrijbrief voor het uiten van emotionele onzin, als een gelegenheid om eens onomwonden te zeggen hoe het echt zit. En alles daar tussenin.<\/p>\n<p>Het radicalisme heeft in de geschiedenis de ongemakkelijke dubbele status van zegen en ramp. Het was een zegen toen Voltaire radicaal inging tegen de overmacht van de kerkelijke autoriteiten door gewoon te schrijven wat volgens hem geschreven moest worden. Het was een ramp toen het de Jacobijnen tijdens de Franse Revolutie in hun bol sloeg en de Terreur begon, waarmee het heilzame project werd verpest. De filosofen van de Verlichting bevorderden het gebruik van het verstand en het rationalisme in de wetenschap. Maar vijftig jaar later radicaliseerde August Comte het rationalisme en maakte er een heuse religie van, de Culte de la raison. Het rationalisme kwam in een kwade reuk te staan. Nadat Charles Darwin de evolutietheorie en het principe van de natuurlijke selectie had ontwikkeld, kwam Julian Huxley. Hij gaf er zo\u2019n een radicale wending aan dat hij meer weerstand dan sympathie opwekte. Hij wierp zich op als Darwins waakhond en begon de theorie met Paulinische ijver als een heilsleer te verkondigen. De evolutietheorie veranderde voor velen van een wetenschappelijke theorie in een geloof.<\/p>\n<p>Radicalisme is de bereidheid om vergaande consequenties te verbinden aan een manier van denken. Vandaar fundamentalisme en orthodoxie. Vandaar ook het tonen van moed om ergens voor te staan. Vandaar het bestaan van avant-garde, van voorlopers en baanbrekers. Maar vandaar ook utopisten en profeten. Vandaar extremisten en terroristen. Vandaar dat het fris en monter klinkt wanneer iemand \u2018schoon schip maakt\u2019, maar het huiveringwekkend kan zijn wanneer iemand zegt er \u2018de bezem door te halen\u2019.<\/p>\n<p>Typisch voor radicalisme is dat het ene radicalisme het andere oproept. Omdat aanhangers van de islam op terroristische en andere manieren de wereld met een sfeer van angst opzadelen, ontstaan er boeken als The God Delusion van Richard Dawkins, waarin even radicaal als met religieuze ijver wordt gewezen op wat er allemaal niet deugt aan de wereldreligies.<\/p>\n<p>De discussie naar aanleiding van de En\u00adgelse editie van Ian Buruma\u2019s boek Dood van een gezonde roker (Murder in Amsterdam) is een saillant hoofdstuk in de geschiedenis van het verbale radicalisme. Het is meer dan een woordenstrijd, omdat elk woord staat voor re\u00eble, politieke en praktische consequenties. Het debat speelde zich in verschillende kranten af, maar concentreerde zich van februari tot half april op de websites signandsight.com en Perlentaucher.de en werd ingezet door de Franse essayist Pascal Bruckner. Hij verweet Buruma (en in een moeite door Timothy Garton Ash die het boek gunstig had besproken in The New York Review of Books) \u2018postmodernisme\u2019 en \u2018multiculturalisme\u2019 omdat Buruma kritisch was geweest over de vermeende arrogantie en versimpelde visie op de islam van Ayaan Hirsi Ali. Bruckner noemde Buruma en Garton Ash maar liefst \u2018vijanden van de vrijheid\u2019 omdat zij moslims hun geloof en cultuur gunden, als ze geweld en het terrorisme maar veroordeelden.<\/p>\n<p>Buruma en Garton Ash zouden zich ook van de \u2018kleverige retoriek van de goede mens\u2019 bedienen, aangezien ze bereid zijn te praten met \u2018muslims of all stripes\u2019. In Bruckners ogen \u2018capituleren\u2019 Buruma en Garton Ash voor de intimidaties van de islam. In plaats dat ze, zoals hij, radicaal achter de idealen van de Verlichting (democratie, mensenrechten, rechtsstaat) gaan staan, geven ze er de voorkeur aan te opteren voor een \u2018Verlichting-light\u2019.<\/p>\n<p>Het debat is zo hoog opgelopen dat er een clash van radicalismen is ontstaan. Die heeft de typisch moderne vorm van een schijnbaar onmogelijk tegenstelling aangenomen: het relativisme van Buruma wordt door Bruckner beschouwd als hopeloos absoluut en radicaal, wat leidt tot \u2018radicaal relativisme\u2019. En het is waar: Buruma gaat wel erg ver in zijn bereidheid zich op de islam te richten wanneer hij zegt dat we tegenover de islam niet voortdurend met de Verlichting moeten schermen: \u2018Door de dogmatische verdediging van de waarden van de Verlichting zullen het de Europeanen zelf zijn die die waarden uithollen\u2019 (Die Welt van 16 april).<\/p>\n<p>Pascal Bruckner kreeg steun van Paul Cliteur, de aanhanger van een radicale Verlichting en schrijver van Moreel Es\u00adperanto, het boek waarin hij pleit voor een striktere scheiding van Kerk en Staat en voor een \u2018autonome ethiek\u2019, een moraal die niet afkomstig is van bijbelse of goddelijke bevelen, maar het resultaat is van het zelf denken van mensen. Dat zelf denken zou tot een gemeenschappelijke morele taal moeten leiden. Ook al zegt Cliteur in Moreel Esperanto ongeveer hetzelfde als op internet, het boek bevat veel minder sweeping statements en is veel minder polemisch dan hij in het debat met Buruma en Garton Ash is. In zijn verleden als columnist noemde Cliteur de westerse cultuur nog \u2018superieur\u2019 aan de islamitische. Nu heeft hij het niet meer over een hele cultuur, maar alleen over de superioriteit van het Westen ten opzichte van de theocratie\u00ebn en dictaturen in islamitische landen. De rest van de cultuur, die niet altijd een relatie heeft met religie of dictatuur, laat hij nu met rust.<\/p>\n<p>Cliteur cre\u00ebert wel een radicale kloof tussen wat hij multiculturalisten, postmoderne relativisten en pluralisten noemt, en de aanhangers van de radicale Verlichting zoals hij. Hij vindt dat Buruma een relativistische, ja zelfs \u2018nihilistische\u2019 positie inneemt wanneer hij zegt dat de radicale Verlichting niet echt verschilt van de pure islam. Dat zou betekenen, zegt Cliteur, dat de radicale ideoloog van de Islam, Sayyid Qutb, niet zou verschillen van de radicale verlichter Spinoza. Volgens Cliteur hebben de multiculturalisten een veel te genuanceerde kijk op de islam, ze denken dat niet alle moslims de koran letterlijk nemen. Op hun beurt hebben de radicale verlichters volgens de multiculturalisten een versimpelde kijk op de islam (alles draait om de koran en daarin wordt geweld aangemoedigd tegen ongelovigen). Buruma vindt dat Cliteur en Bruckner een \u2018monolitische\u2019 visie hebben op de islam. Voor hen bestaan er geen nuances en geen gradaties in de mate waarin het geloof wordt beleden. Cliteur legt de nadruk op de noodzaak van een basisconsensus, Buruma is radicaal voor het erkennen en respecteren van cultuurverschillen. Cliteur is een warm voorstander van \u2018pluriformiteit\u2019 (\u2018geeft kleur aan onze samenleving\u2019), maar hij is tegen pluralisten, want die denken dat er geen botsende waarden zijn.<\/p>\n<p>Het is veelzeggend dat Cliteur de publieke moraal die voor iedereen zou moeten gelden in Moreel Esperanto vergelijkt met verkeerslichten. Voor iedereen betekent het rode licht hetzelfde. Daarmee vereenvoudigt hij het probleem wel heel drastisch. Verkeerslichten kun je vergelijken met geboden als \u2018niet stelen\u2019, \u2018niet slaan\u2019, \u2018niet doden\u2019 \u2013 alleen een terrorist zal het er niet mee eens zijn. Maar er is zoveel meer in culturen dan deze verboden. En juist dat zorgt voor de dagelijkse botsing van waarden en gebruiken: wanneer die andere cultuur aparte zwembaden voor vrouwen wil, of wanneer in die andere cultuur vrouwen binnen moeten blijven. Als Buruma zegt dat we \u2018af moeten van het idee dat integratie alleen maar aanpassing betekent,\u2019 dan benadrukt hij het bestaan van zulke cultuurverschillen en wil hij ze ook respecteren. Cliteur en Bruckner zien die verschillen juist als mogelijke bronnen van wrijvingen en conflicten, als een mogelijke nieuwe vorm van apartheid. Voor Buruma is \u2018de enige grens die van het geweld\u2019, zoals hij in een interview met De humanist (nr. 5, 2006) zei.<\/p>\n<p>De radicale verschillen tussen Cliteur en Buruma spitsen zich toe op al te openlijke manifestaties van de religie. Cliteur wil de invloed van de religie op de publieke ruimte terugdringen en religie beperken tot een priv\u00e9-aangelegenheid. Buruma vindt dat alles aangegrepen moet worden om mensen te bereiken, desnoods via de moskee. Buruma zegt dat we met de islam moeten leven, Cliteur dat we met mensen moeten leven. Standpunten die zo ver uit elkaar liggen zijn een uitnodiging om te zoeken naar het beste en slechtste van de beide posities. Ik denk dat Cliteur en Buruma allebei te radicaal zijn. Maar het is wel aan het radicalisme te danken dat we nu precies weten hoe de verhoudingen liggen en wat er op het spel staat.<\/p>\n<p>Het is karakteristiek voor deze extreme tijd dat de zeventiende-eeuwse Nederlands\/Engelse filosoof Bernard Mandeville (1670-1733) nu opduikt. Hij was vanwege zijn The Fable of the Bees altijd te vinden in de filosofische encyclopedie\u00ebn, maar zijn werk was maar mondjesmaat in het Nederlands vertaald. Dat nu een begin is gemaakt met de uitgave van zijn werk met de eerste twee delen De wereld gaat aan deugd ten onder en Mensen spreken niet om begrepen te worden is een hartversterker voor deze tijd.<\/p>\n<p>De titels  zeggen het al: Mandeville draaide alles radicaal om. Ondeugd was in zijn ogen een deugd, ego\u00efsme vond hij aanbevelenswaardig, idealisme fataal, geluk voor iedereen niet iets om na te streven en het verstand een machteloos instrument in een lichaam met alle eigenschappen van een wild paard. Geen wonder dat Mandeville, die de filosofie combineerde met een praktijk als arts, met deze duivelse idee\u00ebn bekend stond als Man\u2013devil.<\/p>\n<p>Het radicalisme van Cliteur en Buruma wordt veroorzaakt door de tijd waarin we leven, dat van Mandeville zou je een goed voorbeeld van functioneel of tactisch radicalisme kunnen noemen. Hij beweerde met pesterig cynisme dat het funest zou zijn voor de samenleving als iedereen eerlijk zou worden. Dan zou de hele samenleving instorten: lege gevangenissen, geen werk voor advocaten, geen rechters en reclassering. De wapenindustrie brodeloos, bewakingsfirma\u2019s opgeheven, commerci\u00eble televisiestations aan de bedelstaf (geen crimi\u2019s meer). Ook zei hij dat trots en ijdelheid meer ziekenhuizen hebben gebouwd dan alle nobele aanvechtingen bij elkaar.<\/p>\n<p>Zulke beweringen zijn grotesk, maar er zit ook iets waars in. Het zijn radicale idee\u00ebn die ver boven de werkelijkheid uitstijgen, maar die toch als een spiegel gebruikt kunnen worden, hoe vervormd het beeld ook is dat er in te zien is. Op deze manier werkt veel radicalisme: als een overdrijving die ervoor zorgt dat anderen er ge\u00efnspireerd door worden, maar zelf niet zo ver gaan. Dit is wat Mandeville \u2018private vices, public benefits\u2019 noemt. Het is een model voor de mogelijke effecten van een individueel uitgeleefde passie: wanneer iemand zich radicaal op iets concentreert, met niets of niemand rekening houdt (private vice), ontstaat er mogelijk iets volslagen origineels en unieks. Dat kan als een voorbeeld voor anderen dienen (public benefit). Dit is radicalisme als zegen.<\/p>\n<p>Mandeville is onder meer bekend en berucht omdat hij zijn alter ego Cleomenes in de dialoog Mensen spreken niet om begrepen te worden een pleidooi laat houden voor \u2018self-liking\u2019, hier vertaald als \u2018zelfvoorkeur\u2019. Deze vorm van eigenliefde is een radicale omkering van wat algemeen als gepast wordt gezien, dat weet Mandeville\/Cleomenes maar al te goed. Ze zullen er wel om lachen, zegt hij, maar ondertussen is deze zelfvoorkeur, die nog iets verder gaat dan eigenliefde omdat hij is gekoppeld aan zelfbehoud, \u2018een hartversterker\u2019. Alles wat we doen staat volgens Mandeville in dienst van onszelf, ook al zegt iedereen dat het anders is en dat het niet getuigt van bescheidenheid. In werkelijkheid verdubbelt deze zorg voor zichzelf \u2018ons geluk en montert ons op tegen de dreigende blikken van het noodlot. Zij is de moeder van de hoop en het einddoel en ook het fundament van onze beste wensen. Zij is het sterkste harnas tegen de wanhoop.\u2019<\/p>\n<p>Ook al worden ze niet met name genoemd in deze dialoog tussen Cleomenes en Horatio, in wat hier \u2018zelfvoorkeur\u2019 wordt genoemd komen alle op het eigen zelf gerichte zogenaamde ondeugden samen: egocentrisme, amour propre, ego\u00efsme, individualisme, narcisme en trots. Maar ze worden van hun heilzame kant bezien, als hartversterkers die weerbaar maken. Mandeville verwijdert zich hiermee radicaal van de sympathie voor enige vorm van altru\u00efsme. Maar de paradox is dat dit krasse pleidooi voor eigenliefde ook een \u2018publieke weldaad\u2019 kan zijn: het bevordert natuurlijk allereerst het zelfrespect, maar die kan weer tot gevolg hebben dat men met een ontspannen ziel enig altru\u00efsme ten toon gaat spreiden.<\/p>\n<p>Langs een omweg zegt dit ook iets over de discussie tussen Cliteur en Buruma. Wanneer Buruma er maar op blijft hameren dat we moeten \u2018leven met de islam\u2019 zal op den duur wel duidelijk worden dat het niet de bedoeling kan zijn dat we met een religie gaan leven. Het zal er om gaan dat we met mensen moeten leven, die het liefst niet al zeer te koop lopen met het geloof dat ze belijden.<\/p>\n<p>Met een pleidooi voor zo iets radicaals als eigenliefde moet je niet aankomen bij filosofen die zich over de \u2018levenskunst\u2019 buigen. Levenskunst staat gelijk aan evenwichtigheid, de juiste proporties en voorzichtig dan breekt het lijntje niet. Het is dan ook niet vreemd dat in een boek als Tegen de onverschilligheid. Pleidooi voor een moderne levenskunst van Joep Dohmen de radicale filosofen er van langs krijgen. Vriendschap beschouwt Dohmen als een van de pijlers van de levenskunst. Maar er zijn zwartgallige denkers die in vriendschap niet veel anders hebben gezien dan eigenbelang, zoals de zeventiende-eeuwse Franse moralist La Rochefoucauld: \u2018Wat mensen vriendschap hebben genoemd, is slechts een overeenkomst, een belangengemeenschap, een uitwisseling van goede diensten, een verhouding waarbij de eigenliefde altijd iets hoopt te winnen.\u2019 Of Nietzsche die liefde \u2018een woeste hebzucht\u2019 noemde, of E.M. Cioran die het over vriendschap had als een \u2018subtiele reeks verwondingen\u2019.<\/p>\n<p>Het halfzachte van levenskunstfilosofie is dat altijd wijze, evenwichtige lessen getrokken moeten worden. Zodra de levenskunstfilosoof stuit op radicale denkers zullen die ervan lusten, want dat zijn maar cynici die de menselijke motieven reduceren tot louter eigenbelang. Ze worden niet gezien als unieke denkers, als schrijvers met een gouden pen, als originele geesten met wie je het niet eens hoeft te zijn, maar van wie de vonken in ieder geval bij je kunnen overslaan. Met hun psychologisch en filosofisch ego\u00efsme staan ze voor het radicalisme als zegen omdat ze onafhankelijk kunnen denken en schrijven.<\/p>\n<p>Maar Joep Dohmen kan niet wachten om \u2018Cioran en consorten\u2019 nihilisten te noemen \u2018die niet opgewassen zijn tegen het leven\u2019: \u2018Dat ligt niet aan het leven maar aan hun lafheid\u2019. Volgt een pleidooi voor ware levenskunstige vriendschap, alsof die nog een verdediging zou behoeven, met zinnen als: \u2018In ware vriendschap vind je het juist heerlijk om te geven.\u2019 Of hij citeert iemand anders die hiermee \u2018de kern\u2019 zou raken: \u2018Je wilt het goede doen voor je vriend, en omdat vriendschap wederkerig is, wil je vriend het goed doen voor jou, en wil jij dus via je vriend het goede doen voor jezelf.\u2019 Dohmen is niet in staat om denkers die niet beantwoorden aan zijn ideaal van moderne levenskunst als singuliere figuren te zien, unieke exemplaren met een autonome zeggingskracht, die desnoods niets bij te dragen hebben aan de levenskunst. Hij kan ze zelfs niet zien als negatieve voorbeelden met allure.<\/p>\n<p>Het hedendaagse gewelddadige radicalisme kan er makkelijk toe leiden dat radicalisme in het algemeen wordt verworpen. Dat zou jammer zijn, want radicalisme heeft, zoals gezegd, ook zo zijn zegenrijke varianten. Dat wordt des te duidelijker wanneer je, na je verdiept te hebben in het debat tussen Buruma en Cliteur, terechtkomt in de brave wereld van de levenskunst waarin radicale eenlingen geen plaats krijgen.<\/p>\n<p>Het gevaar van de filosofie van de levenskunst is dat het unieke daarin al snel tot het algemene teruggebracht wordt, om een algemene regel te kunnen stellen. Op deze manier leer je het leven niet kennen via de zegen van de unieke gevallen. Maar unieke gevallen spreken veel meer tot de verbeelding dan brave algemene regels, zoals wordt bewezen door de literatuur. In de nieuwe Encyclopedie van de filosofie van uitgeverij Boom, met praktische brille samengesteld en geschreven door Laurens ten Kate, staat dat tegenwoordige levenskunst \u2018sterk individualistisch van aard is\u2019 en gericht op \u2018de autonome levensgang\u2019 van mensen. Als dat waar is, dan behoren de radicale eenlingen waar Dohmen zich zo aan stoort ook tot het noodzakelijke repertoire.<\/p>\n<p>\u2018Moreel Esperanto. Naar een autonome ethiek\u2019, door Paul Cliteur. De Arbeiderspers, \u20ac 22,50<\/p>\n<p>\u2018Mensen spreken niet om begrepen te worden\u2019, door Bernard Mandeville. Vertaling en toelichting Arne C. Jansen, nawoord F.A. Hayek. Lemniscaat, \u20ac29,95<\/p>\n<p>\u2018Tegen de onverschilligheid. Pleidooi voor een moderne levenskunst\u2019, door Joep Dohmen. Ambo, \u20ac 19,95<\/p>\n<p>\u2018Encyclopedie van de filosofie\u2019, samengesteld door Laurens ten Kate. Boom, \u20ac 54,50<\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Radicale denkers zijn van alle tijden, maar in deze tijd staat \u2018radicaal\u2019 al gauw gelijk aan \u2018gewelddadig\u2019, en niet zonder reden. Toch zou het jammer zijn als radicaliteit alleen als iets negatiefs zou worden beschouwd. Het kan zowel een zegen als een ramp zijn, zoals blijkt uit boeken van Paul Cliteur, Bernard Mandeville en Joep Dohmen.<\/p>\n","protected":false},"author":1023,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"content-type":"","footnotes":""},"categories":[293,27],"tags":[],"acf":[],"author_name":"Carel Peeters","_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/117671"}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/types\/post"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/comments?post=117671"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/117671\/revisions"}],"author":[{"embeddable":true,"name":"Carel Peeters","href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/users\/1023"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/media?parent=117671"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/categories?post=117671"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/tags?post=117671"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}