
 {"id":115773,"date":"2007-07-10T12:50:00","date_gmt":"2007-07-10T10:50:00","guid":{"rendered":"http:\/\/beta.vn.nl\/michael-boogerd-de-bezetene\/"},"modified":"2007-07-10T12:50:00","modified_gmt":"2007-07-10T10:50:00","slug":"michael-boogerd-de-bezetene","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.vn.nl\/michael-boogerd-de-bezetene\/","title":{"rendered":"Michael Boogerd, de bezetene"},"content":{"rendered":"<div class=\"wpg-element paragraph\">\n<p>14-07-2007<br \/>Door Thijs Niemantsverdriet<\/p>\n<p>Hij viel altijd aan, maar won weinig. Ze noemden hem de \u2018eeuwige tweede\u2019. Toch zorgde Michael Boogerd voor de mooiste Nederlandse wielermomenten van het afgelopen decennium. In oktober stopt hij. Profiel van een romantische coureur.<\/p>\n<p>Michael Boogerd wil een aantrekkelijke wielrenner zijn. Hij ziet er altijd gesoigneerd uit: nieuwe sokjes, verse trui, spierwit stuurlintje, lekkere bandjes. De beentjes uiteraard geschoren. Hij moet mooi op zijn fiets zitten, met souplesse de trappers ronddraaien. Geen gestoemp of gehark. Naar hem kijken, zegt hij, dient een lust voor het oog zijn. <\/p>\n<p>Michael Boogerd wil ook altijd aanvallen tijdens de koers. Afwachten en uit de wind rijden? Niets voor hem. Er moet vol gegaan worden, van start tot finish. De mond wijd open, zodat je al zijn tanden kunt zien. En het liefst ook nog onder helse weersomstandigheden: met vijfendertig graden in het hooggebergte of tijdens een ongenadige plensbui op het vlakke. <\/p>\n<p>Het afgelopen decennium was Michael Boogerd de vaandeldrager van het Nederlandse wielrennen. In zijn dertien seizoenen als coureur zorgde hij voor een aantal onvergetelijke wielermomenten. Zijn eerste Touretappe-overwinning in 1996. Zijn overwinning in de Amstel Gold Race van 1999. En natuurlijk de Tour de France van 2002, toen hij in zijn eentje de zware Alpenetappe naar La Plagne won. Maar zijn onstuimige manier van rijden bezorgde hem ook grote nederlagen. Bijna altijd zat hij van voren, zelden kwam hij als eerste over de meet. \u2018Koersdom,\u2019 noemden ze hem in wielerjargon. Of, in navolging van Joop Zoetemelk, \u2018de eeuwige tweede\u2019. In oktober stopt hij met fietsen. Zijn lichaam begint zoetjesaan te protesteren, zegt hij, en hij is de hysterie rond doping spuugzat. Heeft Michael Boogerd alles uit zijn tengere wielerlijf geperst wat erin zat? <\/p>\n<p><b>Altijd moe<\/b><br \/>Michael Anthonie Boogerd (1972) begon zijn leven niet als wielrenner, maar als wielersupporter. Van zijn broer, welteverstaan. Rini Boogerd was vijf jaar ouder en kon verschrikkelijk hard fietsen. Twee keer werd hij Nederlands kampioen bij de jeugd. Rini zou prof worden, tot grote vreugde van het hele gezin. Want bij de familie Boogerd aan de Obrechtstraat in de Haagse wijk Duinoord stond alles in het teken van fietsen. \u2018Het was een geweldige tijd,\u2019 zegt Ria Boogerd. \u2018Ieder weekend gingen we naar een koers van Rini. Of naar het Zuiderpark, waar getraind werd. \u2019s Winters gingen we naar de baanwedstrijden in Ahoy.\u2019<\/p>\n<p>Op zijn achttiende stopte Rini met fietsen. Hij had geen zin meer in het eindeloze trainen, de wedstrijden. Hij zat op de mts, en hij ging straks lekker een baan zoeken. Klaar. Vader Rien was chagrijnig en teleurgesteld. De sfeer aan tafel was om te snijden. Totdat Michael, dertien jaar oud, de aandacht vroeg. Hij had besloten, zo deelde hij mee, om serieus werk te gaan maken van het fietsen. Verbazing alom. Michael had zich tot dan toe weinig fanatiek betoond met wielrennen. \u2018Als we een stukje gingen fietsen, had hij meestal voor het einde van de straat geen zin meer,\u2019 zegt Rini (veertig inmiddels en nog steeds met geschoren benen). \u2018Maar hij miste de gezelligheid aan tafel, de gesprekken over fietsen. Dat wilde hij terug, dus begon hij ineens te trainen als een gek.\u2019<\/p>\n<p>Hoe meer Michael Boogerd fietste, hoe meer plezier hij erin kreeg. In wedstrijden deed hij weldra mee voor de eerste tien plekken. Vervolgens voor de eerste vijf. Hij won zo nu en dan zelfs. Toch moest hij het vaak afleggen in het slot van de koers. Zijn leeftijdsgenoten waren groot en sterk, met dijbenen als Vlaamse boerenhammen. Boogerd was klein en lichtgebouwd, met tengere, bijna iele beentjes. Bij wielervereniging Westland Wil Vooruit in Naaldwijk vroegen ze zich af of zijn \u2018motortje\u2019 wel groot genoeg was.<\/p>\n<p>Toen Michael Boogerd zestien jaar was deed hij een ontdekking. Samen met zijn vader was hij naar Limburg gereden, voor zijn eerste koers in de heuvels. Twintig keer moesten hij en de andere nieuwelingen de Pietersberg over. \u2018Het was de eerste klim die ik ooit deed,\u2019 vertelt Boogerd. \u2018Maar al bij de eerste ronde dacht ik: is dit nu bergop? Ik reed weg uit het peloton en bleef doorgaan. Bij de finish had ik alle andere renners een rondje gedubbeld en won de koers.\u2019 Aan de meet stond Rien Boogerd te glimmen van trots. Zijn zoon had een specialiteit gevonden: hij kon klimmen.<\/p>\n<p><b>Euforisch gegil<\/b><br \/>Egon van Kessel uit Kerkdriel is een aimabele man van begin vijftig. Twintig jaar is hij nu \u2013 met onderbrekingen \u2013 bondscoach van de Nederlandse junioren. In september 1988 plaatste Van Kessel in wielerbladen een advertentie voor de nationale juniorenselectie. Hij kreeg vijfenveertig reacties. \u2018E\u00e9n brief sprong eruit,\u2019 vertelt Van Kessel, sinds twee jaar ook coach van de beroepsrenners. \u2018Het was een verzorgd pakketje, netjes getypt, er zaten geen fouten in. Qua uitslagen behoorde deze jongen niet tot de toppers. Maar de koersen die hij had gewonnen, waren allemaal in Limburg. Dat betekende dat hij de moeite nam om helemaal van Den Haag naar het zuiden des lands te gaan voor een wedstrijd. Bovendien sprak er een ongelooflijke ambitie uit. Er stond in dat hij de Tour de France wilde winnen!\u2019 De afzender was Michael Boogerd.<\/p>\n<p>Van Kessel besloot de gok te wagen. Dat de brief naderhand niet door Michael getypt bleek te zijn, maar door de vriendin van zijn broer Rini, deed niets af aan zijn goede gevoel.<\/p>\n<p>In zijn eerste wedstrijd als junior in Frankrijk reed Michael Boogerd als een dweil en werd tachtigste. Maar Van Kessel zag dat er iets was wat Boogerd onderscheidde van zijn leeftijdgenoten: een intense beleving van het koersen. \u2018Je hebt fietsers, en je hebt wielrenners. Fietsers kunnen heel hard koersen, maar emotioneel laten ze het afweten. Ze bekijken de sport zakelijk: ik kan hard rijden, denken ze, en daar verdien ik mijn geld mee. Maar wielrenners voelen een diepe verbondenheid met hun sport. Die emotie, dat is \u00e9\u00e9n \u00e0 twee procent van je prestatie. Als je die niet hebt, ben je een minder goede renner. Dan heb je niets om op terug te vallen als het even tegenzit.\u2019 Wielrennen, zegt de Brabander Egon Kessel, is een heel katholieke sport. \u2018Die overweldigende beleving is heel rooms. Het is geen toeval dat katholieke landen als Belgi\u00eb, Spanje en Itali\u00eb zulke grote wielernaties zijn. Michael past helemaal in die traditie. Hij had zo misdienaar kunnen zijn.\u2019<\/p>\n<p>Michael Boogerd kent ook alle namen en verhalen uit de wielerhistorie. In de auto terug van een koers, of \u2019s avonds in bed deed Rien Boogerd eindeloos quizjes met zijn zoons. Wie won het WK van 1956? Wanneer viel Wim van Est in het ravijn? Rien: \u2018Het ging trouwens niet alleen over wielrennen. We deden ook de hoofdsteden van de wereld. Of Elvis, waar ik een enorme fan van ben. Ik zong de eerste paar noten, en dan moesten de jongens raden welk nummer het was.\u2019<\/p>\n<p>In de loop van 1989 ging Boogerd steeds beter rijden, met name als het bergop ging. In zijn tweede juniorenjaar boekte hij zo veel progressie, dat Egon van Kessel besloot de familie Boogerd bij hem thuis in Kerkdriel uit te nodigen. \u2018We hadden geen idee wat hij ging zeggen,\u2019 vertelt Rien Boogerd. \u2018Misschien zou Michael er wel uitgegooid worden.\u2019 Maar in plaats daarvan hield Van Kessel een lofzang op de jonge renner. Michael, zei hij, zou het wel eens heel ver kunnen schoppen. Hij had het in zich om een tweede Joop Zoetemelk te worden: hij kon de Tour de France winnen, of in ieder geval het bergklassement. Voorwaarde was wel dat Boogerd zeven dagen per week zou gaan leven voor het fietsen. Op tijd naar bed, goed eten en drinken, geen gekkigheid. Maar dan konden er schitterende dingen gaan gebeuren. \u2018Wij staan,\u2019 zei Van Kessel tegen Rien en Ria Boogerd, \u2018een keer samen op de Alpe d\u2019Huez.\u2019<\/p>\n<p><b>Tweede zege<\/b><br \/>De villa van Michael Boogerd staat in Kapellen, een paar kilometer ten noorden van Antwerpen. Boogerd doet er niet geheimzinnig over waarom hij in Belgi\u00eb woont: de belastingen. En, in tweede instantie, toch ook wel de wielergekke Vlamingen. \u2018In Belgi\u00eb is een coureur wat in Nederland een voetballer is. Iedereen kent je, ze weten alle koersuitslagen. Als je iets wilt regelen, staan ze allemaal voor je klaar.\u2019<br \/>Michael Boogerd is klein, energiek en hij heeft geen grammetje vet aan zijn lijf. Het is twee weken voor de start van de Tour de France. Boogerd heeft een beetje last van zijn knie. <\/p>\n<p>\u2018In 1994 werd ik beroepsrenner bij de ploeg van Jan Raas,\u2019 vertelt hij. \u2018Toen was ik ineens helemaal op mezelf aangewezen. Ik kreeg kleding en een fiets, en er werd voor vervoer gezorgd. Eens in de zoveel tijd kreeg ik een fax met de plaatsen waar ik moest koersen. Maar verder gaf niemand je een aai over je bol.\u2019 Boogerd had het moeilijk in zijn eerste twee seizoenen als beroeps. De grote mannen reden z\u00f3 verschrikkelijk hard dat hij niet wist waar hij het zoeken moest. Hij viel, hij raakte geblesseerd. De sfeer in de ploeg was niet best. \u2018Soms zat ik jankend op mijn fiets.\u2019<\/p>\n<p>Dat veranderde toen Boogerd in 1996 meeging naar een nieuwe formatie. Jan Raas had Rabobank-topman Herman Wijffels \u2013 zelf een fervent wielerliefhebber \u2013 gestrikt voor een langlopend sponsorcontract. Samen timmerden ze een wielerplan in elkaar. Dat legde, geheel volgens de ethiek van de boerenleenbank, de nadruk op investeren in jonge renners. Bij Michael Boogerd betaalde het zich meteen uit. Op 5 juli 1996 finishte de zesde etappe van de Tour de France in Aix-les-Bains. De regen viel met bakken uit de hemel, er waren die dag veel uitvallers (onder wie een Amerikaan genaamd Lance Armstrong). Een kilometer voor de finish ging Michael Boogerd \u2013 het was zijn eerste Tour \u2013 er met de Spanjaard Melchior Mauri vandoor. In de laatste bocht gleed Mauri uit en knalde in de dranghekken. Boogerd won de etappe. Op de persconferentie stelde hij zich maar even voor: \u2018Ik ben Michael Boogerd, ik ben 24 jaar en dit was mijn tweede zege bij de profs.\u2019<\/p>\n<p><b>Nieuwe held<\/b><br \/>Ineens was Michael Boogerd de hoop voor de toekomst. Dat was hard nodig, want na de glorieuze jaren zeventig en tachtig stond het Nederlandse wielrennen er beroerd voor. Tussen 1975 en 1985 waren er vier Nederlanders wereldkampioen geworden: Joop Zoetemelk, Hennie Kuiper, Gerrie Knetemann en Jan Raas. Acht maal zegevierde een Hollandse coureur in de Tour op Alpe d\u2019Huez. In 1980 won Joop Zoetemelk de Tour de France. Begin jaren negentig deed de ongenaakbare tijdrijder Erik Breukink, zoon van de directeur van de Gazelle-fabriek, het peloton sidderen. Maar de bron was in 1996 aardig opgedroogd. Er was nog maar \u00e9\u00e9n Nederlandse wielerformatie, Breukink zat in zijn nadagen, we moesten het doen met de knoestige sprinter Jeroen Blijlevens. Het Nederlandse wielrennen zat verlegen om een nieuwe held. <\/p>\n<p>Michael Boogerd wilde wel. Na 1996 ging hij elk jaar beter presteren. In de Tour de dopage van 1998 fietste hij de sterren van de hemel. De Tour-karavaan werd geteisterd door dopingschandalen: de Franse politie deed nachtelijke invallen bij de renners en de voltallige Festina-ploeg moest de koers verlaten. Maar Boogerd fietste met de besten mee bergop en werd vijfde in het eindklassement. Langzamerhand begonnen de kenners te geloven in een Tourzege. Het moment was daar: in 1996 was een einde gekomen aan de hegemonie van de Spaanse krachtpatser Miguel Indurain, die vijf keer op rij de Tour had gewonnen. \u2018Op de onttroning van een groot kampioen volgt altijd een overgangsperiode,\u2019 zegt Egon van Kessel. \u2018Dan kunnen renners als Michael ineens de Tour winnen. Wat ook hoopvol stemde, was dat de Tour van 1998 werd gewonnen door Marco Pantani. Een klimmer, en geen tijdrijder, net als Michael.\u2019<\/p>\n<p><b>Geen ploegartsen<\/b><br \/>Jantje Boven uit Delfzijl is al een decennium lang Michael Boogerds trouwste knecht. In de koers houdt hij hem uit de wind, haalt eten en water voor hem bij de ploegleider, of een regenjasje. En hij houdt hem koest: als er na twintig minuten een groepje demarreert en Boogerd wordt ongedurig, zegt Boven tegen hem: \u2018Rustig, jongen, we hebben nog tweehonderd kilometer te gaan.\u2019 Bij een wereldkampioenschap in Verona bereikte Bovens loyaliteit aan Boogerd zijn zenit. Twintig keer moesten de renners over een zware klim heen. Aan de voet nam Boven telkens de bidon van Boogerds fiets, om hem boven weer terug te geven. \u2018Dat scheelde in gewicht. Zo hebben we dat tot twee rondjes voor het einde volgehouden.\u2019<\/p>\n<p>Jantje Boven weet precies wanneer Boogerd zijn goede vorm te pakken heeft: als hij rust uitstraalt. Dan heeft hij dat euforische gevoel in de benen, die perfecte tonus op de spieren. \u2018Tijdens de training,\u2019 zegt Boven, \u2018zit Michael altijd naar beneden te kijken, of zijn benen er wel goed uitzien. Ook wrijft hij de hele tijd over zijn kuiten, of ze wel sterk genoeg voelen.\u2019 Boogerd zelf zegt dat zijn ogen goed moeten staan. \u2018Ik kijk tijdens het seizoen ontzettend veel in de spiegel. Als mijn ogen op een bepaalde manier stralen, dan ben ik sterk.\u2019<br \/>In 1999 had Michael Boogerd zo\u2019n bloedvorm te pakken. In het vroege voorjaar won hij de etappekoers Parijs-Nice, en hij werd tweede in Luik-Bastenaken-Luik. In Limburg won hij de Amstel Gold Race door Lance Armstrong op de Cauberg te verslaan. Dit jaar moest het gebeuren, schreven de kranten: hij zou de Tour de France gaan winnen. Hij was kopman, en de Rabobank organiseerde een uitgebreide reclamecampagne rondom hem, inclusief televisiespotjes met beeldmateriaal uit zijn jeugd. <\/p>\n<p>Allemaal schone schijn, zegt Boogerd nu. Tegen de tijd dat de Tour begon, voelde hij zich helemaal niet meer zo sterk. De Tourorganisatie had besloten dat er geen ploegartsen mee mochten, vanwege de dopingperikelen in 1998. Geert Leinders, de Vlaamse dokter van de Raboploeg, was een vertrouwensman van de renners \u2013 en van Boogerd in het bijzonder. Hij maakte niet alleen zijn vitaminepreparaten klaar of hechtte zijn knie\u00ebn na een valpartij. Hij kwam \u2019s avonds ook langs op zijn hotelkamer, om uitgebreid te praten over het lichaam, de kop en de koers. Dat Leinders niet mee mocht, was gewoonweg klote. \u2018Er was een huisarts, en die had aspirines. Dat was het.\u2019<\/p>\n<p>Vanaf dag \u00e9\u00e9n was het mis met Michael Boogerd. Hij werd honderdzesenveertigste bij de proloog. De volgende dag was de Tourkaravaan aan de Franse Vend\u00e9ekust, bij Nantes. Op het programma stond de Passage du Gois, een steekdam in de Atlantische Oceaan. Twee keer per dag viel de dam droog, dan kon er verkeer overheen. Mooie plaatjes, dacht de Tourorganisatie. Maar ook \u00e9\u00e9n groot glibberparcours van zeewier, algen en kwallen. \u2018Ik was twintig kilometer eerder gevallen,\u2019 vertelt Boogerd. \u2018Tand door m\u2019n lip, helemaal open. Mijn ploeggenoten reden me terug naar het peloton, ik zat al niet lekker op de fiets. Toen zat er een bocht in de dam, met allemaal algen. Ik moest heel even in de rem en boem, daar lag ik weer.\u2019 Boogerd kon verder, maar kwam binnen op vele minuten achterstand van Lance Armstrong, die dat jaar zijn eerste Tour zou winnen. <\/p>\n<p>Boogerd mocht de koers verlaten, maar deed het niet. Met een pijnlijke schouder en onder de schaafwonden stapte hij de volgende dag toch weer op de fiets. En de dag daarna weer. Hij reed door tot Parijs, ook al verging hij van de pijn. Waarom in hemelsnaam? \u2018Ik wilde knokken \u2013 voor mijn ploeg, voor de mensen langs de kant. Ik wilde bewijzen dat ik karakter had. Met name tegenover de journalisten. Ik dacht: die schrijven op een gegeven moment vanzelf wel dat Boogerd een doorzetter is. Achteraf had ik beter kunnen afstappen, want ze bleven me toch iedere dag met de grond gelijk maken.\u2019 Boogerd probeerde het in de Alpen, hij probeerde het in de Pyrenee\u00ebn \u2013 niets lukte. Bij aankomst in Parijs zat hij \u2018mentaal aan de grond\u2019. <\/p>\n<p><b>Obsessie<\/b><br \/>De Tour de France van 1999 was het begin van een aantal ongelukkige jaren. Boogerd voelde zich opgejaagd. De verwachtingen van anderen drukten op hem. In de Tour van 2000 kletterde hij op de een na laatste dag w\u00e9\u00e9r tegen het asfalt en moest naar huis. Hij deed kortaf, was minder spraakzaam. \u2018Ik voelde me klote, ook al was ik de beste wielrenner van Nederland.\u2019 Boogerd trainde als een bezetene, soms wel tien uur per dag. Hij was getrouwd met de weegschaal: zestig kilo moest hij wegen, en geen grammetje meer. \u2018Pas in 2005,\u2019 zegt hij, \u2018heb ik voor het eerst weer het gevoel gehad dat ik echt lekker op de fiets zat.\u2019<\/p>\n<p>Trainen is voor Michael Boogerd altijd een obsessie geweest. Het moet hard (ten minste vijfendertig kilometer in het uur), het moet lang (tweehonderd kilometer per dag), het moet veel (twintigduizend kilometer per jaar), en het moet volgens een vast patroon. \u2018Op onze verjaardag of die van Rini,\u2019 zegt Ria Boogerd, \u2018fietst Michael altijd vanuit Belgi\u00eb naar Den Haag. En op eerste kerstdag komt hij steevast op de fiets. Door het jaar heen komt hij ook regelmatig langs. Laatst zat ik op het balkon, en toen zag ik Michael ineens voorbijrijden. Die komt even een kop koffie drinken, dacht ik. Maar het duurde nog ruim tien minuten voordat hij aanbelde. Zat hij nog niet aan zijn vereiste tijd.\u2019 Klinkt bekend, zegt Steven de Jongh, die regelmatig lange trainingsritten met Michael Boogerd rijdt. \u2018Zes uur trainen is voor ons ook echt zes uur trainen, niet vijf uur en achtenvijftig minuten. Soms zijn we op trainingskamp en zegt de ploegleider twintig minuten voor het einde: jongens, goed gewerkt, jullie mogen terug naar het hotel. Dan pakken Michael en ik nog even die twintig minuten.\u2019<\/p>\n<p><b>Solovlucht<\/b><br \/>Drie jaar na het debacle op de Passage du Gois beleefde Michael Boogerds zijn finest hour in de Tour de France. In zijn favoriete territorium, het hooggebergte. En op de manier die hij zelf het allermooist vindt: met een solovlucht over drie Alpencols van de buitencategorie. <\/p>\n<p>Het was in 2002. Het land verkeerde in ontredderde toestand na de eerste politieke moord sinds 1672. Maar voor de Nederlandse sport was het een prachtjaar. De herenhockeyers wonnen de Champion\u2019s Trophy, Feyenoord  veroverde in De Kuip de UEFA Cup. En in de Tour de France bracht Michael Boogerd de natie in vervoering. Op 24 juli gaat in Les Deux Alpes een honderdentachtig kilometer lange Touretappe van start. Het is bloedheet. Op de Col du Galibier, een reus van een berg in de Franse Alpen, springt Michael Boogerd mee met een groepje gelukszoekers. Het is de eerste beklimming van de dag. Op de Col du Telegraph (klim nummer twee) lost hij zijn medevluchters. Hij rijdt alleen over de Col de la Madeleine (nummer drie) heen. Alles gaat soepel, hij raakt in trance. \u2018Het publiek, ik hoor ze wel, maar ik zie ze niet,\u2019 herinnert hij zich later in HP\/De Tijd. \u2018Bontgekleurde flitsen en rauwe kreten. Ik voel dat ik hard ga. Wat nou \u201cklimmen is afzien en pijn lijden\u201d? Klimmen is een feest.\u2019 Op de laatste klim, zeventien kilometer van gemiddeld zeven procent naar het skioord La Plagne, is de souplesse uit zijn benen verdwenen. Zijn hele lichaam schudt en schokt en doet pijn. Lance Armstrong heeft de achtervolging ingezet en komt iedere kilometer dichterbij. <\/p>\n<p>In de Obrechtstraat hebben Rien en Ria Boogerd de televisie \u00e9n de radio aanstaan. Ze weten niet meer waar ze het moeten zoeken. \u2018Op een gegeven moment,\u2019 zegt Rien, \u2018ging ik uit pure spanning maar onder de douche staan. In de slaapkamer heb ik een schietgebedje gedaan, al geloof ik helemaal niet in God.\u2019 Zijn bede wordt verhoord: op de finish steekt Michael Boogerd \u00e9\u00e9n arm in de lucht en ontbloot zijn tanden voor de grootste grijns uit zijn carri\u00e8re.<\/p>\n<p><b>Geluksventieltje<\/b><br \/>Rien en Ria zijn vreselijk zenuwachtig wanneer Michael koerst. En zo bijgelovig als de neten. Zo heeft Rien jarenlang rondgelopen met een geluksventieltje. \u2018En met het loodje van een rookworst,\u2019 zegt Ria. \u2018Dat vond hij een keer op straat. Het is maar een stukje blik, maar Michael won die dag. Sindsdien is het niet meer uit zijn portemonnee geweken.\u2019<\/p>\n<p>Rien: \u2018En als ik een sjekkie opsteek vlak voor de start, verliest Michael altijd. Dat kan ik dus beter niet doen. Maar ja, meestal kan ik het toch niet laten.\u2019<\/p>\n<p>Ria: \u2018Meen je dat nou, Rien? Het is dat je me dit nu pas vertelt, anders had ik het je al die jaren verboden!\u2019<\/p>\n<p>Qua bijgeloof overtreft Michael Boogerd zijn ouders met gemak. \u2018Voor iedere voorjaarsklassieker volg ik precies hetzelfde schema. Op vrijdag ga ik altijd op dezelfde tijd naar de masseur hier in het dorp. Als mijn benen goed voelen, mag hij ze niet te lang masseren \u2013 anders wrijft hij de kracht eruit. \u2019s Avonds eet ik altijd hetzelfde gerecht: pannenkoeken of penne in wodkasaus. Daarna ga ik in bad om mijn benen te scheren. Op zaterdag ga ik opnieuw naar de masseur en scheer ik nog een keer mijn benen, maar dan onder de douche. Voor de koers trek ik altijd nieuwe sokjes aan, vers uit het plastic. Eerst mijn rechtervoet en dan de linker.\u2019<\/p>\n<p>De zege op La Plagne was de beloning van een nieuwe strategie. Na 1999 had Michael Boogerd besloten dat hij niet langer meedeed voor het klassement in de Tour de France. Lance Armstrong was begonnen aan een houdgreep op het peloton die zeven Tourzeges zou duren. Voor de overige podiumplekken stond een legertje van specialisten klaar, aangevoerd door de Duitser Jan Ullrich, dat zich uitsluitend op die drie weken in juli richtte. Boogerd wilde het hele jaar door vol overgave koersen, van de vroege voorjaarswedstrijden tot en met de Ronde van Lombardije in oktober. Dus verlegde hij zijn aandacht naar de dagzeges. In zijn favoriete wedstrijden, de voorjaarsklassiekers, was hij jaar na jaar zo sterk als een beer. Maar winnen deed hij telkens n\u00e9t niet. Wie zijn klasseringen in de Amstel Gold Race en Luik-Bastenaken-Luik van de afgelopen vijf jaar bekijkt, wordt bijkans bevangen door wanhoop: 3-2-2-3-5, 3-2-2-3-5-7.<\/p>\n<p>Aan Boogerds wilskracht heeft het niet gelegen, zegt Egon van Kessel. \u2018Hij heeft altijd genereus en temperamentvol gekoerst. Maar hij lijdt aan een gebrek aan vertrouwen. Op basis van zijn status had hij andere renners veel meer voor hem kunnen laten rijden. Hij heeft onvoldoende met zijn vuist op tafel geslagen.\u2019 Wielrennen is door en door oneerlijk. \u2018Het is bijna de enige sport waar je kunt winnen zonder de beste te zijn. Door list en bedrog, door je ellebogen te gebruiken kom je aan je zeges. Michael mist die geslepenheid. Hij dacht de koers altijd puur op fysieke kwaliteiten te kunnen winnen.\u2019 <\/p>\n<p>Boogerd beaamt de woorden van zijn vertrouwensman. \u2018Ik heb niet ingezien dat niet iedereen is zoals ik. Ik dacht altijd: als een ploegmaat zegt dat hij niet meer kan, dan is dat ook zo. Zo is het niet. Ik had moeten beseffen dat mensen wel eens een trapje minder deden omdat ze mij de zege niet gunden, of omdat ze voor eigen succes wilden koersen.\u2019 <\/p>\n<p>Maar de belangrijkste reden voor zijn vele tweede plekken is een andere. Hij is, zegt Boogerd, een ouderwetse, romantische coureur. Hij h\u00e1\u00e1t de oortjes die de afgelopen jaren tot de standaarduitrusting van de wielrenner zijn gaan behoren. \u2018Je moet ontsnappen wanneer het moeilijk is. Tijdens de Amstel Gold Race ga je ervandoor op de Eyserbosweg, een demarrage in Parijs-Roubaix pleeg je op een kasseienstrook. Er zijn renners die er tussenuit springen op een lullig moment in de koers. Dat zou ik nooit doen. Daarom heb ik misschien minder gewonnen.\u2019 <\/p>\n<p>Op donderdag 19 april 2007 kondigde  Boogerd aan dat hij ging stoppen. Locatie en tijdstip waren zorgvuldig gekozen: boven op de Cauberg in Valkenburg, vier dagen voor zijn favoriete klassieker, de Amstel Gold Race. De afscheidsboodschap was op papier gezet door zijn vrouw Nerena. \u2018Ik heb altijd gekoerst met mijn hart. Altijd aangevallen. Gewonnen, gestreden, verloren \u2013 helaas, vaak verloren.\u2019 Onderaan de fax had Nerena  geschreven: \u2018Hou het kort en bondig.\u2019 En: \u2018Uitleg komt wel wanneer je echt bent gestopt.\u2019 <\/p>\n<p>Thuis in Kapellen wordt het tijd voor de belangrijkste vraag. Heeft Michael Boogerd ooit zelf geloofd dat hij de Tour de France zou winnen? \u2018Als ik heel eerlijk ben: nee. Maar ik dacht wel dat ik op het podium kon rijden.\u2019 <\/p>\n<p>Dan valt er een ongebruikelijke stilte. \u2018Het belangrijkste,\u2019 zegt Michael Boogerd, \u2018is dat ik altijd een aantrekkelijke wielrenner ben geweest.\u2019<\/p>\n<\/p><\/div>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Hij viel altijd aan, maar won weinig. Ze noemden hem de \u2018eeuwige tweede\u2019. Toch zorgde Michael Boogerd voor de mooiste Nederlandse wielermomenten van het afgelopen decennium. In oktober stopt hij. Profiel van een romantische coureur.<\/p>\n","protected":false},"author":1023,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"content-type":"","footnotes":""},"categories":[151,269,1759],"tags":[783,2733],"acf":[],"author_name":"Thijs Niemantsverdriet","_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/115773"}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/types\/post"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/comments?post=115773"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/115773\/revisions"}],"author":[{"embeddable":true,"name":"Thijs Niemantsverdriet","href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/users\/1023"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/media?parent=115773"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/categories?post=115773"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/tags?post=115773"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}