
 {"id":113739,"date":"2007-10-06T00:00:00","date_gmt":"2007-10-05T22:00:00","guid":{"rendered":"http:\/\/beta.vn.nl\/zoet-beleggen-special-groen-geld\/"},"modified":"2007-10-06T00:00:00","modified_gmt":"2007-10-05T22:00:00","slug":"zoet-beleggen-special-groen-geld","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.vn.nl\/zoet-beleggen-special-groen-geld\/","title":{"rendered":"Zoet beleggen; SPECIAL GROEN GELD"},"content":{"rendered":"<p>De duurzaamheidsindex<\/p>\n<p>De AEX kent geen \u2018duurzaamheidsindex\u2019. Plannen die de Vereniging van Be\u00adleg\u00adgers voor Duurzame Ont\u00adwikkeling in 2005 opperde, stierven een stille dood. Uit een onderzoek in opdracht van toenmalig staatssecretaris Karien van Gennip van Economische Zaken bleek dat er nauwelijks behoefte bestond aan een nationale index.<\/p>\n<p>Dat betekent niet dat beleggers met een duurzaam geweten zomaar afgaan op hun onderbuikgevoel. Op de internationale beurzen is duurzaamheid een ingeburgerd begrip. De toonaangevende indices zijn de Dow Jones Sustainability Index en de Britse FTSE4good. Dow Jones werkt samen met Sustainable Asset Management (SAM) om te bepalen of een bedrijf in de duurzame index thuishoort. Dat gaat volgens het best in class-systeem: per sector komt de best presterende tien procent van internationaal opererende, beursgenoteerde bedrijven op de lijst. Volgens de meest recente beoordeling horen vijftien Nederlandse bedrijven in de opsomming van Dow Jones thuis. Vier daarvan zijn supersector leaders oftewel de nummers \u00e9\u00e9n in hun branche (zie kader). Dat is geen slechte score.<\/p>\n<p>Vergrootglas<\/p>\n<p>Maar hoe meet je het, duurzaamheid? Onderzoeksbureaus als SAM hebben daarvoor zo hun methoden. In Nederland is Dutch Sustainability Research (DSR) uit Bunnik een belangrijke partij. DSR is medeoprichter van een internationaal netwerk van soortgelijke instituten, dat ervoor moet zorgen dat bedrijven wereldwijd volgens dezelfde criteria worden beoordeeld. Onderzoekers van DSR spitten jaarverslagen en alle andere beschikbare bedrijfsinformatie van ondernemingen door. Ze kijken naar sociale en ethische aspecten, naar milieu en corporate governance. Wat trekt een bedrijf zich aan van zijn werknemers, van zijn klanten en van de omringende wereld? Het rapport dat daarvan wordt opgesteld, gaat eerst nog naar het bestuur van de onderneming. Met goede argumenten kan het de einduitkomst be\u00efnvloeden.<\/p>\n<p>Van tevoren heeft DSR de belangrijkste duurzame thema\u2019s bepaald. De meeste criteria gelden voor alle bedrijven, een aantal is toegespitst op een specifieke branche. De verschillende themaonderdelen leveren een eindscore op; op die manier legt DSR jaarlijks de hele AEX onder het vergrootglas (zie ?kader).<\/p>\n<p>Dit soort lijstjes biedt de belegger een handvat, niet meer dan dat. Topper ABN Amro uit het DSR-lijstje haalt de pers meestal niet als voorvechter van duurzaam ondernemen. Dat het toch zulke hoge ogen gooit, is te danken aan een relatief transparante bedrijfsvoering, een criterium dat door de meeste onderzoekers hoog wordt aangeslagen. Een bedrijf mag best eens zondigen, als het daar maar eerlijk over is en beterschap belooft.<\/p>\n<p>Afvallers<\/p>\n<p>Nederlandse banken bieden ook duurzame beleggingsfondsen. Die laten zich leiden door een eigen researchafdeling of door onderzoeksbureaus als DSR. De bank bepaalt welke criteria zij belangrijk vindt, DSR levert uitgebreide sector- of bedrijfsprofielen. Maar ook daarmee is duurzaamheid lastig vast te stellen. Meestal wordt eerst een schifting gemaakt: bepaalde sectoren vallen per definitie af, bijvoorbeeld de tabaksindustrie of de wapenindustrie. Uit de toegestane sectoren worden vervolgens koplopers geselecteerd. Zo gaat het bijvoorbeeld bij Triodos, een van de twee \u2018groene\u2019 banken van Nederland. Triodos koopt onderzoeksdata in bij DSR en laat dan de eigen researchafdeling er nog een keer op los om de goede balans te vinden.<\/p>\n<p>Wat het voor de belegger nog ingewikkelder maakt: juist Triodos, dat samen met ASN het complete bestand van duurzame Nederlandse banken vormt, heeft als leidraad dat zo min mogelijk sectoren mogen worden uitgesloten. Liever kijkt de bank naar de activiteiten die een bedrijf ontplooit. Bemoeienis met kernenergie leidt weliswaar tot uitsluiting, maar dat betekent volgens Triodos niet dat je in geen enkel energiebedrijf kunt beleggen. En Philips maakt onderdeeltjes die \u00f3\u00f3k in de defensie-industrie kunnen worden gebruikt, maar dat laat onverlet dat ze duurzame koploper zijn.<\/p>\n<p>Die nuancering siert de bank, maar het kan het voor de belegger juist verwarrend maken. Die weet niet waar hij aan toe is als hij de uitgebreide verantwoording bij de beleggingsfondsen niet bestudeert. Klanten van Triodos kunnen hun geld bij wijze van duurzaam beleggen zelfs in de auto-industrie steken, volgens het principe: auto\u2019s worden toch gemaakt, laat het dan zo duurzaam mogelijk gebeuren. Aandeelhouders kunnen de koers van een bedrijf immers be\u00efnvloeden door gebruik te maken van hun stemrecht.<\/p>\n<p>Tumult<\/p>\n<p>In de meest extreme vorm van duurzaam beleggen wordt die lijn nog verder doorgetrokken. Sommige beleggers kopen het liefst zogenoemde sin stocks of vice funds. Dat betekent dat hun geld naar de slechtst presterende bedrijven gaat, die vervolgens een hoop tumult op hun aandeelhoudersvergadering mogen verwachten. Het motto: bij de slechtst presterende bedrijven valt de meeste duurzaamheidswinst te halen. Deze praktijk komt vooral voor in de Verenigde Staten.<\/p>\n<p>Behalve geld kost het veel tijd om notoire wanpresteerders te \u2018bekeren\u2019. Een bank als Triodos gaat wel graag in discussie. Rosl Veltmeijer, hoofd van de onderzoeksafdeling van de bank, kent minstens \u00e9\u00e9n geval waarin die aanpak succesvol was. Bij een screening bleek dat Deutsche Telekom het in Congo gewonnen coltan in zijn mobieltjes verwerkte. Met de opbrengst van de verkoop van dat erts wordt een rebellenoorlog gefinancierd. Nadat Triodos het bedrijf hiervan op de hoogte had gebracht, besloot het zijn coltan elders in te kopen.<\/p>\n<p>Het voorbeeld illustreert ook hoe gedetailleerd de kennis moet zijn van duurzaamheidonderzoekers. Bovendien, grote, beursgenoteerde bedrijven zijn vaak op zoveel plaatsen en in zoveel bedrijfstakken actief, dat er \u2013 als je lang genoeg zoekt \u2013 altijd wel iets te vinden is. Het belangrijkste vraagstuk voor ge\u00efnteresseerden in duurzaam beleggen is dan ook niet \u2018wil je duurzaam beleggen?\u2019 maar \u2018hoe duurzaam wil je het hebben?\u2019<\/p>\n<p>Wie aan de veilige kant wil zitten, kan terecht bij een beleggingsfonds als het pioniersfonds van Triodos. Dat bestaat niet zonder meer uit bedrijven die goed presteren op het gebied van duurzaamheid, maar uit bedrijven die duurzame activiteiten ontplooien in de biologische landbouw of de productie van zonnecellen, bijvoorbeeld. Of doe als Triodos zelf. De bank belegt voor eigen rekening uit principe niet in beursgenoteerde bedrijven, omdat het bestuur vindt dat \u00e9chte duurzaamheid zich lastig verhoudt met een beursnotering.<\/p>\n<p>Wie scoort het groenst?<\/p>\n<p>De Dow Jones Sustainability Index (DJSI) toont van elke bedrijfstak de tien procent die het best presteert op het gebied van duurzaamheid. Wie de ranglijst in een sector aanvoert, heet \u2018supersector leader\u2019. Die eer valt vier Nederlandse bedrijven ten deel, elk met een eigen claim to fame. Zo scoort Unilever met het \u2018ik kies bewust\u2019-logo om een gezond eetpatroon te stimuleren. TNT gooit hoge ogen met het \u2018driving clean\u2019-beleid dat de CO2-uitstoot van het bedrijf moet terugdringen. Philips ontwikkelt alternatieven voor de energie-ineffici\u00ebnte gloeilamp en Akzo richt zich op een geheel duurzame bedrijfsvoering in de weinig duurzame wereld van de chemie. Wereldwijd wordt ruim 5,5 miljard dollar belegd op basis van de DJSI.<\/p>\n<p>Het Nederlandse DSR op zijn beurt licht de grootste bedrijven in de AEX door en maakt een ranglijst die laat zien hoe de duurzaamheidsprestaties van een onderneming afwijken van de gemiddelde score van bedrijven in dezelfde sector wereldwijd. Op beide lijstjes staan verrassende namen. Bedrijven die actief zijn in sectoren waar duurzaamheid minder aandacht krijgt, komen met weinig inspanningen bovenaan de lijst. Dat geldt bijvoorbeeld voor ABN Amro: de financi\u00eble sector stelt relatief weinig belang in duurzaamheidsvraagstukken.<\/p>\n<p>Dat de lijstjes elkaar niet helemaal overlappen, komt doordat de criteria van DSR iets afwijken van die van SAM, het bureau dat het onderzoek voor de DJSI verricht. SAM hanteert bijvoorbeeld geen uitsluitingscriteria. In internationaal gezelschap kunnen bedrijven die op Nederlands niveau goed presteren daarom toch uit de hoogste tien procent vallen.<\/p>\n<p>Nederlandse bedrijven in de Dow Jones Sustainability Index (\u2018Super Sector Leaders\u2019 in groen (*))<\/p>\n<p>ABN Amro<\/p>\n<p>Aegon<\/p>\n<p>Akzo Nobel *<\/p>\n<p>ASML<\/p>\n<p>Fortis<\/p>\n<p>Heineken<\/p>\n<p>ING<\/p>\n<p>DSM<\/p>\n<p>Philips *<\/p>\n<p>Randstad<\/p>\n<p>Reed Elsevier<\/p>\n<p>TNT *<\/p>\n<p>Unilever *<\/p>\n<p>Wereldhave<\/p>\n<p>Shell<\/p>\n<p>De tien duurzaamste AEX-genoteerde bedrijven volgens Dutch Sustainability Research<\/p>\n<p>ABN AMRO<\/p>\n<p>ING Group<\/p>\n<p>Philips<\/p>\n<p>DSM<\/p>\n<p>Reed Elsevier<\/p>\n<p>Shell<\/p>\n<p>TNT<\/p>\n<p>Fortis<\/p>\n<p>Akzo Nobel<\/p>\n<p>Hagemeyer<\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Wat is duurzaam? De financi\u00eble wereld spreekt liever in groentinten, van donker tot licht, van ronduit duurzaam tot \u2018iets minder slecht dan niet-duurzaam\u2019. Maar hoe meet de gewone belegger de \u2018schoonheid\u2019 van een bedrijf?<\/p>\n","protected":false},"author":1023,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"content-type":"","footnotes":""},"categories":[27],"tags":[],"acf":[],"author_name":"Hidde van den Brink","_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/113739"}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/types\/post"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/comments?post=113739"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/posts\/113739\/revisions"}],"author":[{"embeddable":true,"name":"Hidde van den Brink","href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/users\/1023"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/media?parent=113739"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/categories?post=113739"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.vn.nl\/wpg-api\/wp\/v2\/tags?post=113739"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}